Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2015:8716

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
02-12-2015
Datum publicatie
10-12-2015
Zaaknummer
C/10/476130 / HA ZA 15-520
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Internationale handelskoop kastanjes. Weens Koopverdrag (CISG) toepasselijk. Toepasselijkheid algemene voorwaarden. Vermelding website op orderbevestiging. Klachttermijn in algemene voorwaarden. Levering 'af fabriek'.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NTHR 2016, afl. 2, p. 104
AR 2015/2497
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team haven en handel

zaaknummer / rolnummer: C/10/476130 / HA ZA 15-520

Vonnis van 2 december 2015

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SCHRIJVERSHOF B.V.,

gevestigd te Oud-Beijerland,

eiseres,

advocaat mr. J.P.M. Borsboom,

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht

F.V. PRODUCCIONES ORIGEN S.L.,

gevestigd te Mercabama, 08040 Barcelona, Spanje,

gedaagde,

advocaat mr. L.M. Ravestijn.

Partijen zullen hierna Schrijvershof en PO genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 17 maart 2015, met veertien producties;

  • -

    de conclusie van antwoord, met twee producties;

  • -

    het tussenvonnis van 26 augustus 2015 waarbij een comparitie van partijen is bevolen;

  • -

    de brief van de advocaat van Schrijvershof van 23 oktober 2015, met één productie;

  • -

    het proces-verbaal van comparitie van 9 november 2015.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De vaststaande feiten

2.1.

Schrijvershof en PO zijn beide actief in de zogenaamde ‘AGF-handel’, de handel in aardappelen, groenten en fruit.

2.2.

Op 22 oktober 2012 sluit Schrijvershof met PO een overeenkomst met betrekking tot de verkoop en levering door Schrijvershof aan PO van 3.180 colli kastanjes (hierna: de Eerste Koopovereenkomst). Schrijvershof stuurt diezelfde dag een orderbevestiging, tegen de inhoud waarvan PO niet protesteert. De factuur voor deze partij kastanjes wordt op 29 oktober 2012 gestuurd naar PO en PO gaat vervolgens over tot betaling van deze factuur.

2.3.

Op 26 oktober 2012 sluit Schrijvershof met PO een overeenkomst met betrekking tot de verkoop en levering door Schrijvershof aan PO van 4.770 colli (18 pallets) kastanjes (hierna: de Tweede Koopovereenkomst). Schrijvershof stuurt diezelfde dag een orderbevestiging, tegen de inhoud waarvan PO niet protesteert.

De 18 pallets kastanjes worden op 28 oktober 2012 bezorgd bij PO in Spanje, nadat zij op 26 oktober 2012 voor vervoer over de weg in ontvangst waren genomen op het fabrieksterrein van Schrijvershof in Oud-Beijerland. Op 29 oktober 2012 stelt PO zich met Schrijvershof in verbinding om te klagen over de gebrekkige kwaliteit van deze partij kastanjes. Naar aanleiding van deze kwaliteitsklachten neemt Schrijvershof van deze partij kastanjes 5 pallets (1.325 colli) kastanjes retour.

Op 14 november 2012 stuurt Schrijvershof PO een factuur voor de resterende 13 pallets (3.445 colli), ten bedrage van € 33.588,75. Van dit factuurbedrag wordt door PO een bedrag van € 11.196,25 betaald.

3 Het geschil

3.1.

Schrijvershof vordert dat de rechtbank bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad PO veroordeelt tot betaling aan Schrijvershof van:

1. een bedrag van € 22.392,50, te vermeerderen met

(a) de overeengekomen vertragingsrente van 1% per maand, althans de in artikel 6:119a BW juncto artikel 6:120 lid 1 BW bedoelde wettelijke handelsrente, althans de in artikel 6:119 BW juncto artikel 6:120 lid 1 BW bedoelde wettelijke rente, vanaf 15 december 2012, althans vanaf 1 april 2015, althans vanaf een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum, tot de dag van de algehele voldoening, en

(b) een bedrag van € 3.350,00, althans een bedrag van € 999,00, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag, ter zake van buitengerechtelijke incassokosten,

en

2. de proceskosten, de vertaalkosten daaronder begrepen, te vermeerderen met

(a) de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na de datum van het in dezen te wijzen vonnis tot de dag van de algehele voldoening, en

(b) de nakosten ten bedrage van € 131,00, indien geen betekening plaatsvindt, dan wel van € 199,00, indien niet binnen veertien dagen na aanschrijving vrijwillig is voldaan aan de bij het vonnis uitgesproken kostenveroordeling en betekening van het vonnis plaatsvindt, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na de datum van betekening van het vonnis tot de dag van de algehele voldoening.

3.2.

Hieraan legt Schrijvershof - kort samengevat - ten grondslag dat PO op grond van de Tweede Koopovereenkomst gehouden is tot betaling van het gehele factuurbedrag van
€ 33.588,75, maar hiervan een bedrag van € 22.392,50 onbetaald heeft gelaten, zelfs nadat zij tot betaling hiervan buiten rechte gesommeerd is.

3.3.

PO voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van Schrijvershof, met veroordeling van Schrijvershof in de proceskosten.

3.4.

Hiertoe voert PO de volgende argumenten aan - samengevat:

  • -

    ook de kwaliteit van de 13 pallets kastanjes die niet door Schrijvershof zijn teruggenomen voldoet niet aan de tussen partijen gemaakte afspraken;

  • -

    onmiddellijk nadat zij de zeer gebrekkige kwaliteit van de kastanjes had geconstateerd, heeft PO geklaagd bij Schrijvershof, waarna Schrijvershof is overgegaan tot het terugnemen van de 5 genoemde pallets kastanjes;

  • -

    PO heeft - binnen de kortst mogelijke termijn - alles in het werk gesteld om voor de overige 13 pallets kastanjes een zo hoog mogelijke prijs te krijgen en heeft uiteindelijk voor deze (gebrekkige) partij een prijs/opbrengst weten te genereren van € 11.196,25; dit bedrag is een redelijke prijs voor deze partij;

  • -

    gelet op de non-conformiteit van deze 13 pallets kastanjes is PO niet gehouden de (volledige) koopprijs te betalen, althans is zij niet gehouden meer te betalen dan genoemd bedrag van € 11.196,25, dat zij reeds aan Schrijvershof heeft voldaan;

  • -

    voor zover PO al enig bedrag aan buitengerechtelijke kosten is verschuldigd, kan dat bedrag niet hoger zijn dan het (maximale) bedrag zoals dat is vastgesteld in de Wet Incassokosten (Wik), derhalve € 998,92; het bepaalde in artikel 74 van het Weens Koopverdrag van 11 april 1980 (Trb. 1985, 61; hierna: CISG) maakt dit niet anders.

4 De beoordeling

4.1.

Aangezien PO buiten Nederland is gevestigd, is sprake van een internationale zaak en dient de rechtbank ambtshalve te onderzoeken of zij internationaal bevoegd is.

De onderhavige zaak is een burgerlijke- of handelszaak in de zin van artikel 1 van de Verordening (EG) Nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (hierna: EEX-Vo) en tevens in de zin van artikel 1 van de Herschikte EEX-Verordening, de Verordening (EU) Nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (hierna: de EEX II-Vo). De EEX II-Vo is in de onderhavige zaak van toepassing omdat deze zaak aanhangig is gemaakt na 10 januari 2015, de dag waarop (de bevoegdheidsregels van) deze verordening van toepassing is (zijn) geworden. De EEX II-Vo is ook formeel, dat wil zeggen, geografisch, gezien van toepassing, nu PO woonplaats heeft in een EEX-Vo-lidstaat (zie artt. 4 en 5 jis 63 EEX II-Vo), namelijk Spanje.

Aangezien PO geen bevoegdheidsverweer heeft gevoerd en dus sprake is van een stilzwijgende forumkeuze voor deze rechtbank, is deze rechtbank (onder meer) op grond van artikel 26 EEX II-Vo bevoegd kennis te nemen van de vorderingen van Schrijvershof.

4.2.

Gelet op genoemd internationaal karakter van deze zaak is vervolgens de vraag aan de orde welk recht van toepassing is op de rechtsverhouding tussen Schrijvershof en PO.

De rechtsverhouding tussen Schrijvershof en PO waar deze zaak betrekking op heeft, is die van een koopovereenkomst tussen handelspartijen met betrekking tot roerende lichamelijke zaken, namelijk kastanjes, in de zin van artikel 1 lid 1 CISG. Aangezien de verkoper, Schrijvershof, en de koper, PO, in verschillende landen gevestigd zijn die beide partij zijn bij de CISG, is dit verdrag op grond van artikel 1 lid 1 onder a CISG op de onderhavige koopovereenkomst van toepassing.

Gesteld noch gebleken is dat in de koopovereenkomst of in de daarop toepasselijke voorwaarden gebruik is gemaakt van de mogelijkheid de toepasselijkheid van de CISG uit te sluiten.

Derhalve is de CISG van toepassing, zoals overigens ook niet in geschil is tussen partijen.

De CISG vormt regelend recht, zodat het partijen bij een koopovereenkomst waarop de CISG van toepassing is vrijstaat af te wijken van het bepaalde in dit verdrag.

4.3.

De vorderingen van Schrijvershof hebben geen betrekking op de 5 pallets kastanjes die zij retour heeft genomen. Om die reden hoeft het standpunt van PO dat zij, voor zover noodzakelijk is, de overeenkomst wenst te ontbinden ten aanzien van deze 5 pallets, niet verder besproken te worden.

4.4.

Het standpunt van PO dat zij wegens de gebrekkige kwaliteit van de resterende 13 pallets kastanjes niet gehouden is tot betaling van de volledige koopprijs van
€ 33.588,75, maar slechts tot betaling van een koopprijs van € 11.196,25, verstaat de rechtbank als een beroep op het in artikel 50 CISG opgenomen recht van de koper op prijsverlaging. Artikel 50 CISG luidt in zijn geheel als volgt:

Indien de zaken niet beantwoorden aan de overeenkomst en ongeacht of de prijs reeds is betaald, kan de koper de prijs verlagen in dezelfde verhouding als waarin de waarde die de feitelijk afgeleverde zaken hadden op het tijdstip van aflevering staat tot de waarde die wel aan de overeenkomst beantwoordende zaken op dat tijdstip zouden hebben gehad. De koper mag de prijs echter niet verlagen, indien de verkoper in overeenstemming met artikel 37 of artikel 48 een tekortkoming in de nakoming van zijn verplichtingen herstelt of indien de koper weigert nakoming door de verkoper in overeenstemming met die artikelen te aanvaarden.

Dat zulk recht van de koper op prijsvermindering wegens non-conformiteit ook is geregeld in de hieronder behandelde algemene voorwaarden van Schrijvershof is gesteld noch gebleken.

4.5.

Zoals volgt uit artikel 50 CISG, is voor een geslaagd beroep van de koper op prijsverlaging in ieder geval vereist dat de zaken niet aan de overeenkomst beantwoorden, anders gezegd, non-conform zijn. In geschil in de onderhavige zaak is of de 13 pallets kastanjes non-conform waren, zoals PO stelt en Schrijvershof betwist.

In afdeling II (artikelen 35-44) van de CISG zijn bepalingen opgenomen met betrekking tot het beantwoorden van de zaken aan de overeenkomst. Artikel 39 CISG betreft de ingebrekestelling. In het eerste lid van dit artikel is bepaald dat de koper het recht verliest om zich erop te beroepen dat de zaken niet aan de overeenkomst beantwoorden, indien hij niet binnen een redelijke termijn nadat hij dit heeft ontdekt of had behoren te ontdekken de verkoper hiervan in kennis stelt, onder opgave van de aard van de tekortkoming. Voor het vaststellen van het moment waarop de koper het gebrek van de zaak had behoren te ontdekken als bedoeld in artikel 39 lid 1 CISG is (mede) van belang het bepaalde in artikel 38 CISG, dat voorschriften bevat voor de termijn van inspectie van de zaken door de koper. Hier van belang is lid 1 van artikel 38 CISG, dat bepaalt dat de koper de zaak binnen een, gelet op de omstandigheden zo kort mogelijke, termijn moet keuren of doen keuren.

Schrijvershof doet in dit verband een beroep op (onderdelen van) artikel 7 van haar Algemene Verkoopvoorwaarden (prod. 1 van Schrijvershof). PO betwist de toepasselijkheid van deze algemene voorwaarden. In dat verband overweegt de rechtbank als volgt.

4.6.

De toepasselijkheid van algemene voorwaarden is niet expliciet in de CISG geregeld. Op grond van artikel 7 lid 2 CISG worden vragen betreffende de door dit verdrag geregelde onderwerpen die hierin niet uitdrukkelijk zijn beslist, opgelost aan de hand van de algemene beginselen waarop het verdrag berust en slechts bij gebreke daarvan in overeenstemming met het krachtens de regels van internationaal privaatrecht toepasselijke recht. Eén van zulke onderwerpen is de vraag of een partij haar toestemming heeft verleend tot het op de koopovereenkomst van toepassing worden van algemene voorwaarden (HR 28 januari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR4837; NJ 2006, 517).

4.7.

Of algemene voorwaarden deel zijn gaan uitmaken van de overeenkomst wordt binnen het raam van de CISG bepaald volgens de regels die gelden voor de totstandkoming en uitleg van overeenkomsten. Behalve op hetgeen is bepaald in artikelen 8 en 9 CISG over verklaringen respectievelijk gewoonten, komt het daarbij aan op de bepalingen van Deel II (Totstandkoming van de overeenkomst), waarvan de kern wordt gevormd door artikelen 14 (aanbod) en 18 (aanvaarding). Dit samenstel van regels brengt mee dat algemene voorwaarden deel uitmaken van de overeenkomst indien partijen ten tijde van het sluiten van de overeenkomst uitdrukkelijk of stilzwijgend met het incorporeren van die voorwaarden in die overeenkomst hebben ingestemd én de wederpartij van de gebruiker van die voorwaarden een redelijke gelegenheid heeft gehad van die voorwaarden kennen te nemen (hof Den Haag 22 april 2014, ECLI:NL:GHDHA:2014:1341).

4.8.

Als onbetwist gesteld is komen vast te staan dat zowel op de orderbevestigingen die Schrijvershof heeft doen uitgaan in het kader van de totstandkoming van beide koopovereenkomsten als op de facturen die zij ter zake van deze overeenkomsten heeft gestuurd verwezen is naar deze algemene voorwaarden door middel van de volgende tekst:

All offers, agreements and sales with us shall be governed by our general terms and conditions only, as registered at the Chamber of Commerce in Rotterdam, the Netherlands, save as expressly agreed otherwise. A copy will be sent to you upon request or can be downloaded at www.schrijvershof.nl. Only Dutch law is applicable.

Gesteld noch gebleken is dat de tekst van de Tweede Koopovereenkomst vervat is in enig schriftelijk stuk. Schrijvershof heeft onbetwist gesteld dat zij in het kader van de totstandkoming van de beide overeenkomsten orderbevestigingen aan PO heeft gestuurd (“Order confirmation”, prod. 3 van Schrijvershof). Het moet er daarom voor worden gehouden dat de Tweede Koopovereenkomst tot stand is gekomen na ontvangst door PO van deze orderbevestiging. Vast staat dat PO tegen deze orderbevestiging geen bezwaar heeft gemaakt. Aangezien, als gezegd, op deze orderbevestiging bovengenoemde verwijzingstekst naar de algemene voorwaarden van Schrijvershof stond vermeld, is de rechtbank dan ook van oordeel dat hier sprake is van algemene voorwaarden die (in ieder geval) ten tijde van het sluiten van de overeenkomst als aanvaard moeten worden beschouwd.

4.9.

Daarmee komt de rechtbank toe aan de beantwoording van vorenbedoelde tweede vraag of PO ten tijde van het sluiten van de Tweede Koopovereenkomst een redelijke gelegenheid heeft gehad om kennis te nemen van de algemene voorwaarden van Schrijvershof. In dat verband overweegt de rechtbank als volgt.

4.10.

Ter zitting is namens PO verklaard dat verwijzing naar een website in beginsel voldoende is maar dat ze in dit geval hadden moeten worden meegestuurd, omdat het praktisch mogelijk was de algemene voorwaarden bij te voegen.

Naar het oordeel van de rechtbank houdt genoemde verwijzingstekst een duidelijke verwijzing in naar een website, namelijk de website www.schrijvershof.nl, en is in die verwijzingstekst ook duidelijk aangegeven dat de algemene voorwaarden van Schrijvershof te raadplegen zijn op en te downloaden van die website. Gesteld noch gebleken is dat de algemene voorwaarden van Schrijvershof ten tijde van het sluiten van de Tweede Koopovereenkomst niet daadwerkelijk te raadplegen waren op deze website. Aldus heeft PO een redelijke mogelijkheid gehad om kennis te nemen van de algemene voorwaarden. Niet valt in te zien op welke grond de verwijzing naar een website onvoldoende zou zijn in gevallen waarin het op zichzelf ook praktisch mogelijk geweest zou zijn de algemene voorwaarden mee te sturen. Vast is derhalve komen te staan dat de algemene voorwaarden van Schrijvershof van toepassing zijn op de Tweede Koopovereenkomst.

4.11.

Niet in geschil is dat PO de partij kastanjes van de Tweede Koopovereenkomst eerst gekeurd heeft op 29 oktober 2012, derhalve na aankomst van deze partij kastanjes bij PO in Spanje, op 28 oktober 2012.

Als gezegd, na deze keuring heeft PO vervolgens op 29 oktober 2012 geklaagd bij Schrijvershof en heeft Schrijvershof op 30 oktober 2012 5 pallets van deze partij retour genomen. Volgens Schrijvershof was zij hiertoe echter niet verplicht maar heeft zij dit uitsluitend gedaan om elke discussie over de kwaliteit van de kastanjes te voorkomen en met het oog op het behoud van de relatie.

Als meest verstrekkende reactie op het verweer van PO dat de 13 pallets kastanjes niet aan de overeenkomst voldeden voert Schrijvershof aan dat PO te laat bij Schrijvershof heeft geklaagd. Schrijvershof beroept zich in dat verband op de in artikel 7 lid 4 van haar algemene voorwaarden opgenomen klachttermijn. Volgens Schrijvershof is bij bederfelijke waar als kastanjes tijdige keuring alleen mogelijk vóór aanvang van het transport en geldt een, in haar woorden, “ultrakorte klachttermijn”, die op 29 oktober 2012 al was verstreken.

Genoemd artikel 7 lid 4 van deze algemene voorwaarden, waarvan de rechtbank hierboven heeft geoordeeld dat zij van toepassing zijn, luidt als volgt:

Artikel 7 Aanvaarding en reclame

[…]

4. Klachten betreffende niet direct zichtbare gebreken dienen zo spoedig mogelijk na constatering schriftelijk te worden gemeld aan Schrijvershof, opdat Schrijvershof in staat wordt gesteld ter plaatse de juistheid van de betreffende klachten te onderzoeken. Wederpartij dient Schrijvershof in staat te stellen de klacht van de Wederpartij op juistheid te controleren. Indien Schrijvershof niet binnen acht uur na levering een schriftelijke klacht van de Wederpartij heeft ontvangen, heeft te gelden dat de tekortkoming en/of het gebrek tijd tijde van de levering niet aanwezig wordt geacht, maar wordt tussen partijen als vaststaand aangenomen dat deze tekortkoming en/of dit gebrek na levering is

ontstaan.

Voor een rechtsgeldig beroep door PO op non-conformiteit van de kastanjes had Schrijvershof dus binnen acht uur na levering van de kastanjes aan PO in het bezit moeten zijn van een schriftelijke klacht van PO. Als onbetwist gesteld door Schrijvershof is komen vast te staan dat op grond van artikel 6 lid 4 van de algemene voorwaarden van Schrijvershof geleverd is ‘af magazijn’, hetgeen ook vermeld staat op de orderbevestiging, en dat dit is geweest op 26 oktober 2012, toen door of namens de door PO ingeschakelde wegvervoerder de kastanjes ten vervoer in ontvangst zijn genomen. Niet in geschil is dat Schrijvershof geen schriftelijke klacht van PO heeft ontvangen binnen acht uur na deze levering. PO kan zich dus in beginsel niet meer beroepen op non-conformiteit van de kastanjes, waaronder de 13 pallets die Schrijvershof niet retour heeft genomen.

4.12.

Volgens PO is hetgeen in artikel 7 van de algemene voorwaarden van Schrijvershof is bepaald met betrekking tot de klachttermijn evenwel onredelijk bezwarend. Zij zou namelijk niet eerder dan na aankomst van de kastanjes in haar magazijn (in Spanje) in staat zijn geweest deze te inspecteren.

4.13.

Het onredelijk bezwarend zijn van een beding in algemene voorwaarden is weliswaar geregeld in de algemene-voorwaardenregeling van de artikelen 6:233-246 BW, maar ingevolge artikel 6:247 lid 2 BW mist deze regeling toepassing op overeenkomsten tussen partijen die handelen in de uitoefening van een beroep op bedrijf maar die niet beide in Nederland gevestigd zijn, ongeacht het recht dat de overeenkomsten beheerst. De CISG, die, als gezegd, van toepassing is op de Tweede Koopovereenkomst, kent geen regeling met betrekking tot het onredelijk bezwarend zijn van een contractuele klachttermijn.

4.14.

De rechtbank begrijpt het hier bedoelde standpunt van PO daarom aldus dat zij meent dat het beroep van Schrijvershof op de klachttermijn naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De rechtbank laat in het midden of de CISG ruimte biedt voor een dergelijk standpunt. Hoe dan ook is in dit geval niet gebleken van omstandigheden op grond waarvan geoordeeld zou moeten worden dat sprake is van onaanvaardbaarheid in de hier bedoelde zin. De rechtbank wijst er op dat het hier gaat om de koop van bederfelijke waar, die af magazijn geleverd is, waarna de kastanjes gedurende twee dagen in opdracht van PO zijn vervoerd, en op welk vervoer Schrijvershof dus geen zicht heeft gehad. Door zonder nadere toelichting te stellen dat de klachttermijn van artikel 7 van de algemene voorwaarden van Schrijvershof onredelijk bezwarend is omdat zij de kastanjes niet eerder dan na aankomst in haar magazijn kon inspecteren, heeft PO in deze omstandigheden daarom niet aan haar stelplicht terzake voldaan.

4.15.

Het beroep door PO op het onredelijk bezwarend zijn van de klachttermijn van artikel 7 van de algemene voorwaarden van Schrijvershof faalt derhalve.

4.16.

Ten overvloede overweegt de rechtbank in dit verband nog als volgt. Schrijvershof heeft bij dagvaarding als productie 5 een van 26 oktober 2012 daterend kwaliteitsrapport (“Quality Inspection Report”) in het geding gebracht met betrekking tot de staat waarin de kastanjes verkeerden op het moment van de levering. In dit rapport, waarvan foto’s van kastanjes deel uitmaken, is aan de onderzochte kastanjes een kwaliteitsscore (“Quality Score”) toegekend van “3”, welke score, naar is vast komen te staan, inhoudt dat de kwaliteit van de kastanjes “acceptabel” is. Tevens is als onbetwist gesteld komen vast te staan dat de scores gerelateerd zijn aan de kwaliteitsklasse en dat een klasse I-product met een score “3”, zoals de onderhavige kastanjes, kwalitatief beter is dan een klasse II-product.

Gelet op dit door PO niet (gemotiveerd) bestreden kwaliteitsrapport bestaat er dan ook geen aanleiding voor de gedachte van PO dat de kastanjes bij levering aan haar op het fabrieksterrein van Schrijvershof al waren aangetast. PO heeft dat wel gesteld, maar zij heeft dat standpunt niet onderbouwd, hetgeen in het licht van het door Schrijvershof overgelegde kwaliteitsrapport wel van haar had mogen worden verwacht.

4.17.

Uit het bovenstaande volgt dat PO geen beroep toekomt op non-conformiteit van de kastanjes. Dit betekent dat zij niet gerechtigd is tot prijsvermindering in de zin van artikel 50 CISG, zodat zij ter zake van de 13 pallets kastanjes die Schrijvershof niet retour heeft genomen ook het gevorderde, nog niet voldane, gedeelte van het factuurbedrag, ad
€ 22.392,50, verschuldigd is. Dit bedrag zal derhalve worden toegewezen.

4.18.

Over genoemde hoofdsom van € 22.392,50 vordert Schrijvershof primair rente van 1% per maand, subsidiair de wettelijke handelsrente en meer subsidiair de wettelijke rente. De door haar primair gevorderde rente baseert zij op artikel 8 lid 3 van haar algemene voorwaarden. Deze bepaling luidt als volgt:

Bij overschrijding van de betalingstermijn is de Wederpartij een boeterente verschuldigd van 1% per maand, onverminderd de overige rechten van Schrijvershof zoals het recht op vergoeding van de buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente.

PO heeft zich tegen deze vordering verweerd met de stelling dat de algemene voorwaarden niet van toepassing zijn. Dat standpunt is onjuist. Het standpunt dat de overeengekomen rente onredelijk bezwarend is, wordt als onvoldoende onderbouwd verworpen

De gevorderde rente van 1% per maand over de hoofdsom van € 22.392,50 zal derhalve worden toegewezen.

4.19.

Ten aanzien van de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten overweegt de rechtbank als volgt.

PO heeft de verschuldigdheid van buitengerechtelijke incassokosten betwist. Schrijvershof heeft in reactie hierop (ter comparitie) slechts verwezen naar de desbetreffende bepaling uit haar algemene voorwaarden en uit de CISG. Zij laat geheel na te stellen uit welke werkzaamheden haar incassohandelingen hebben bestaan en zij heeft ook niet gesteld, laat staan toegelicht, dat en waarom het niet nodig zou zijn dat er daadwerkelijk buitengerechtelijke werkzaamheden hebben plaats gevonden. Schrijvershof heeft dan ook niet voldaan aan haar stelplicht terzake, zodat deze vordering zal worden afgewezen.

4.20.

Als de in het ongelijk gestelde partij zal PO in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten aan de zijde van Schrijvershof worden begroot op:

- dagvaardingskosten € 77,84

- vastrecht € 1.909,00
- salaris advocaat € 1.158,00 (2 punt x tarief € 579,00)
- totaal € 3.144,84.

4.21.

Voor een zelfstandige veroordeling in de nakosten bestaat geen grond, nu de kostenveroordeling ook voor deze nakosten (€ 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat PO niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak) een executoriale titel oplevert.

5 De beslissing

De rechtbank,

veroordeelt PO tot betaling aan Schrijvershof van een bedrag van € 22.392,50, te vermeerderen met de overeengekomen rente van 1% per maand vanaf 15 december 2012 tot de dag van de algehele voldoening;

veroordeelt PO in de proceskosten, die tot aan deze uitspraak aan de zijde van Schrijvershof zijn begroot op € 3.144,84;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. Th. Veling en in het openbaar uitgesproken op 2 december 2015.

901/1980