Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2015:2963

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
08-04-2015
Datum publicatie
28-04-2015
Zaaknummer
C/10/469555 / HA ZA 15-148
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Verstek
Inhoudsindicatie

Medewerking verkoop woning afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie 1

zaaknummer / rolnummer: C/10/469555 / HA ZA 15-148

Vonnis van 8 april 2015

in de zaak van

[eiseres] ,

wonende te [woonplaats],

eiseres,

advocaat mr. S. Verweel-Nauman te Oostvoorne,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats2],

gedaagde,

niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding, met producties,

  • -

    het tegen gedaagde verleende verstek.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

Partijen zijn voormalige echtelieden. Hun huwelijk is ontbonden op 21 november 2013. Zij zijn nog gezamenlijk eigenaar van de voormalige echtelijke woning. De vorderingen van eiseres strekken ertoe de medewerking van gedaagde af te dwingen aan verkoop van deze woning. Uit de stellingen van eiseres volgt echter noch dat partijen afspraken hebben gemaakt over de (wijze van) verdeling van de echtelijke woning noch dat de rechtbank ex artikel 1:185 BW de wijze van verdeling heeft gelast dan wel de verdeling zelf heeft vastgesteld. Hierdoor ontbreekt een juridische grondslag op basis waarvan gedaagde is gehouden zijn medewerking aan de verkoop van de echtelijke woning te verlenen. De vorderingen van eiseres zullen daarom worden afgewezen.

2.2.

Gelet op de relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

wijst de vorderingen af,

3.2.

compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Fiege en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2015.1

1 185/204