Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2014:1486

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
17-02-2014
Datum publicatie
03-03-2014
Zaaknummer
C/10/441986 / KG ZA 14-5
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Beroep op ongeldigheid te laat. Beoordelingsvrijheid aanbestedende dienst.

Wetsverwijzingen
Aanbestedingswet 2012
Aanbestedingswet 2012 2.130
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JAAN 2014/71

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Handel

zaaknummer / rolnummer: C/10/441986 / KG ZA 14-5

Vonnis in kort geding van 17 februari 2014

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiseres],

gevestigd te Werkendam,

eiseres,

advocaat mr. G.L. Weerheim,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE ROTTERDAM,

zetelend te Rotterdam,

gedaagde,

advocaat mr. J.E. Palm.

Partijen zullen hierna [eiseres] en de gemeente genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

de dagvaarding d.d. 7 januari 2014

de mondelinge behandeling d.d. 3 februari 2014

de producties en pleitnotities van [eiseres]

een productie en de pleitnotities van de gemeente.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende bestreden alsmede op grond van de inhoud van de door partijen overgelegde producties, kan in dit kort geding van de volgende feiten worden uitgegaan.

2.1.

De gemeente heeft op 1 oktober 2013 een openbare aanbesteding aangekondigd voor het contracteren van een exploitant voor de nieuw op te richten fietsveerverbinding Kralingen – Feijenoord. Het beschrijvend document luidt voor zover hier van belang:

“(…)

1. Inleiding

(…)

1.3

Definiëring en omvang van de opdracht

1.3.1

Scope

(…)

Het project fiets veerverbinding Kralingen Feijenoord behelst het laten varen van een fietsveer tussen beide deelgemeenten (…).

Het veer heeft als hoofddoel bij te dragen aan een fijnmazig netwerk voor langzaam verkeer tussen de oevers van de Nieuwe Maas. Voor het fietsverkeer verbeteren de reistijden en de omrij factoren als gevolg van de veerverbindingen (…).

1.3.2

Doelstellingen

(…)

Hoofddoelstellingen

De hoofddoelstelling van deze aanbesteding is het contracteren van een opdrachtnemer die een regulier fiets veerdienst uitvoert voor tenminste drie jaar tussen Kralingen en Feijenoord, op basis van de uitgangspunten en eisen van dit beschrijvend document.

(….)

Planningsdoelstellingen

Start dienstregeling van het fietsveer op 1 maart 2014.

1.3.3.

Omvang

(…)

De plafondprijs voor het uitvoeren van de fiets veerdienstregeling voor drie jaar is

€ 1.425.000,00 (…) en bestaat uit de volgende elementen:

De exploitatie van een fiets- voetveer met een minimale bediening van 1 maal per 20 minuten van 7.00 tot 19.00 uur op werkdagen.

Het beschikbaar stellen en onderhouden van één gebruiksklaar ponton dus inclusief loopbrug, spudpalen, wachtvoorziening, radarverklikker en aanleg.

(…)

3 Beoordelingsmethodiek

(…)

3.2

Stap 2: Gunning

De inschrijvingen die succesvol zijn beoordeeld op de selectie-eisen worden beoordeeld aan de hand van de minimumeisen terzake de inschrijving (…) en de subgunningcriteria. Beoordeeld wordt op basis van de economisch meest voordelige inschrijving volgens de principes van Best Value Procurement (…).

(…)

3.2.2

Minimumeisen

Een inschrijving die niet voldoet aan één of meer minimumeisen komt niet voor gunning in aanmerking. De inschrijving dient te voldoen aan de volgende minimumeisen:

1. Compleetheid van de inschrijving (…).

2. Conformiteit van de inschrijving.

De inschrijving dient in overeenstemming te zijn met alle in het beschrijvend document en de overige aanbestedingsdocumentatie vermelde eisen en voorwaarden.

3. Er dient onvoorwaardelijk en ondubbelzinnig voldaan te worden aan de eisen zoals verwoord in bijlage 1 (Programma van Eisen).

4. Tenslotte worden de inschrijvingsprijzen getoetst aan de plafondprijs (…).

3.2.3

Subgunningcriteria

(…)

Welke inschrijver de economisch meest voordelige inschrijving heeft gedaan wordt aan de hand van de volgende subgunningcriteria bepaald:

1. Aanbodscope (40%);

2. Risico- en kansendossier RAVA (25%);

3. Planning (5%)

4. Interview sleutelfunctionaris (30%).

3.2.4

Bij inschrijving te verstrekken kwaliteitsdocumenten

(…)

1 Aanbodscope:

In de aanbodscope dient inschrijver (…) aan te geven:

Welke oplossingsrichting hij heeft voor de gewenste situatie. De oplossingsrichting moet passen binnen hetgeen is omschreven in het Programma van Eisen (…) en de inhoud van de aanbesteding (zie paragraaf 1.3) (…).

Op welke wijze hij de opdracht op hoofdlijnen zal uitvoeren om de doelstellingen van de opdracht (zie paragraaf 1.3) te bereiken.

2 Risico- en kansendossier (RAVA)

Risicodossier:

In het risicodossier dient inschrijver de belangrijkste risico’s ten aanzien van de te gunnen opdracht te identificeren.

In het risicodossier dient de inschrijver geïdentificeerde risico’s naar zijn inzicht te prioriteren en bijbehorende effectieve beheersmaatregelen te noemen (…).

Kansendossier

In het Kansendossier dient de inschrijver de kansen voor de opdracht te identificeren (dit zijn ‘waarde toevoegende opties bovenop de eigen aanbodscope’). Inschrijver dient kort te beschrijven op welke wijze de kans (extra) waarde toevoegt aan de opdracht bovenop de eigen aanbodscope in het kader van het realiseren van de opdracht en doelstellingen. Inschrijver dient ook de geïdentificeerde kansen naar eigen inzicht te prioriteren (…).

(…)

Het risico- en kansendossier (RAVA) wordt beoordeeld als één document, waarvoor inschrijvers één score kunnen behalen.

(…)

3.2.6

Beoordeling algemeen

In onderstaand waarderingsmodel staat, per criterium, de maximaal toe te kennen kwaliteitswaarde vermeld (monetaire waardering van de score). De kwaliteitswaarden leiden tot een fictieve aftrek of bijtelling op de inschrijfsom van inschrijver.

Gunningscriteria en onderlinge verhouding

Plafondprijs (excl BTW)

€ 1.425.000,00

(…)

(…)

(…)

(…)

RAVA

25%

- € 356.250,00

Maximale fictieve aftrek

(…)

(…)

(…)

(…)

Waarderingsmodel

Fictieve aftrek

Fictieve bijtelling

100%

50%

0%

50%

100%

Score

10

8

6

4

2

Onderdeel

Monetaire waardering score

(…)

(…)

(…)

(…)

(…)

(…)

RAVA

-€ 356.250

-€ 178.125

€ 0

€ 178.125

€ 356.250

(…)

(…)

(…)

(…)

(…)

(…)

Bij elke score hoort, per onderdeel c.q. criterium, een monetaire waarde (…).

De score reeks is als volgt:

Scorereeks

Score

Waardering

% fictieve aftrek van of fictieve bijtelling bij inschrijfsom

2

Slecht

100% bijtelling

4

Onvoldoende

50% bijtelling

6

Neutraal (geen meerwaarde)

Geen bijtelling, geen aftrek

8

Goed (aanzienlijke meerwaarde)

50% aftrek

10

Uitmuntend

100% aftrek

3.2.7

Beoordelingscommissie

De beoordelingen worden uitgevoerd door de beoordelingscommissie, bestaande uit meerdere inhoudsdeskundigen, bijgestaan door een inkoopspecialist en een jurist.

3.2.8

Beoordeling van de kwaliteitsplannen

(…)

Beoordeling kwaliteitsplannen

Criteria

Aandachtspunten

Doelstelling aanbestedende dienst

RAVA

Risico- en

Kansendossier

(kwaliteitscriterium)

Identificatie belangrijke risico’s en kansen

Identificatie effectieve beheersmaatregelen

SMART omschreven

Ambitie en inspanning

Risico’s minimaliseren t.b.v. het realiseren van de scope en doelstellingen van de Opdrachtgever. Inschrijver toont met het risico- en kansendossier aan dat hij de scope van de opdracht (en de daarmee samenhangende risico’s) doorgrondt en beheerst en dat hij kansen maximaliseert om waarde toe te voegen aan de doelstellingen van de Opdrachtgever voorbij de aanbodscope

(…)

(…)

(…)

Leden van het beoordelingsteam beoordelen de kwalitatieve documenten onafhankelijk van elkaar en op basis van eigen deskundigheid, waarna binnen het beoordelingsteam de scores en motivaties in consensus worden vastgesteld.

Scores worden toegekend op basis van de aansluiting op hetgeen wordt gevraagd in dit aanbestedingsdocument en in hoeverre de inschrijver dit heeft vertaald in zijn aanbieding.

(…)

3.2.9

Beoordeling door middel van interviews

Inschrijvers van inschrijvingen met een fictieve aftrek (…) voor de kwalitatieve plannen RAVA, Aanbodscope en Planning worden uitgenodigd om de sleutelpersoon deel te laten nemen aan de interviews.

(…)

Aan de hand van het interview wordt beoordeeld in welke mate de sleutelfunctionaris de opdracht geheel doorgrondt en goed kan managen. De vragen zullen hier nadrukkelijk op zijn gericht (…).

Het gehele interview zal op audio worden opgenomen. Het gestelde in het interview maakt integraal onderdeel uit van de inschrijving (…).

(…)”.

2.2.

Het programma van eisen (bijlage 1 bij het beschrijvend document) luidt voor zover hier van belang:

“(…)

Comfort en veiligheid

De opdrachtgever is verantwoordelijk voor fysieke, sociale en nautische veiligheid op het schip conform wetgeving.

(…)”.

2.3.

Een Nota van Inlichtingen d.d. 22 oktober 2013 luidt voor zover hier van belang:

“(…)

Vraag 1

Pagina 27

Bijlage 1 – bediening/Frequentie

Bent u bereid om een eenmansbesturing, hetgeen kan worden betiteld als een veiligheidsonderwerp, te accepteren?

Antwoord vraag 1

Opdrachtgever eist dat de opdrachtnemer voldoet aan de geldende wet en regelgeving (…).

(…)”.

2.4.

[eiseres] heeft tijdig ingeschreven op de onderhavige aanbesteding. Haar inschrijving luidt voor zover hier van belang:

“(…)

Aanbodscope: de oplossingsrichting voor het fietsvoetveer Feijenoord – Kralingen

1 De fietsveerpont

(…)

Gegevens van deze fietsveerpont:

(…)

-voldoet aan de laatste eisen van ILT (divisie scheepvaart);

-beschikt over alle benodigde reddingsmiddelen, inclusief een AED

(…)

(…) Indien nodig wordt er in de spits elke 10 minuten gevaren hiermee verdubbelt de spitscapaciteit naar 1440 fietsen. Mocht het nog drukker worden dan kan de reserveboot structureel (in de spits) ingezet worden.

2 De bemanning

(…) De bemanning is getraind in levensreddende handelingen (inclusief bediening AED), brandbestrijding en beschikken over een certificaat BHV. Bij drukte wordt een extra bemanningslid als kaartverkoper ingezet (…).

(…)

Formulier 5 Risico- en Kansendossier (RAVA)

(…)

Risico 1

Ponton niet gebruiksklaar op 1 maart vanwege ontbreken van één of meer van de vergunningen (…). De aanvraag van de vergunningen is het kritieke pad bij dit project.

Beheersmaatregelen

Onderaannemer gaat de vergunningaanvraag reeds vóór 10 december voorbereiden (…). Onderaannemer zal voor de aanleg van het ponton vooraf onderzoek doen naar mogelijk problemen. Aandachtspunt is het onderzoek naar ‘Niet Geëxplodeerde Explosieven”. (…). Verder is een termijn van 8 weken aangehouden op basis van de veronderstelling dat het ponton in het bestemmingsplan past.

Risico 2

Uitval van overtochten door technische problemen met het schip of uitval van personeel (…).

Beheersmaatregelen

(…) Er wordt gestart met een recent gebouwd schip dat zich al bewezen heeft op andere verbindingen. Goed preventief onderhoud draagt bij aan de bedrijfszekerheid. Varend personeel is zeer betrokken en weet wat te doen bij storingen, ons onderhoudsbedrijf levert de schipper telefonische ondersteuning bij problemen. Mocht er toch iets fout gaan (veiligheidsstoring) dan is er binnen een uur een monteur aanwezig en is er indien nodig op minder dan 2 uur varen een reserveschip beschikbaar.

Wij hebben circa 20 zeer ervaren schippers in dienst (alle woonachtig in de regio) met een zeer laag ziekte verzuim. Bij personele problemen is er zeer snel een vervangende schipper beschikbaar. Er blijven natuurlijk omstandigheden denkbaar waarbij er een vaart uitvalt, bijvoorbeeld een reiziger die onwel aan boord is en die na eerste hulpverlening moeten wachten op een ambulance

(…)

(…)”.

2.5.

Bij e-mail d.d. 6 november 2013 heeft de gemeente [eiseres] uitgenodigd voor het in het beschrijvend document genoemde interview met de sleutelfunctionaris. Dit interview heeft plaatsgevonden op 11 november 2013. Bij dat interview was namens [eiseres] dhr. [x] aanwezig. Een op schrift uitgewerkt verslag van dat interview luidt voor zover hier van belang:

“(…)

Hoe zit het met het rooster van de schippers. Gaan die in ploegendienst werken, je moet van 07.00 uur tot 19.00 varen?

Wij hebben andere pontjes bij het Driehoeksveer (…). De vaart wordt verzorgd door één man, die de hele dag vaart (…).

(…)

Er vaart dus steeds maar één schipper op de boot?

Eén schipper op de boot, ja.

(…)

Het afmeren en dergelijke dat doet de schipper ook allemaal?

Dat doet de schipper (…).

Het zou zo kunnen zij als het heel druk wordt en de kaartverkoop, hangt ervan af hoe je dat proces geregeld hebt, meer tijd kosten en dan is het handig er een kaartverkoper bij te doen. Maar in principe varen al mijn pontjes gewoon met één schipper schrap kaartverkoper.

(…)

Ik heb hier nog het certificaat van het schip en bij artikel 45 staat dat het geschikt is voor éénmansvaart bij mist, dus ook bij mist mag je met dit schip alleen varen. Alleen in de praktijk doen wij er altijd een tweede man bij, gewoon voor de extra zekerheid (…)”.

2.6.

Bij brief d.d. 13 december 2013 heeft de gemeente aan [eiseres] bericht dat zij voornemens is de onderhavige opdracht te gunnen aan Aquabus B.V te Dordrecht (hierna: Aquabus). Deze brief luidt voor zover hier van belang:

“(…)

Op basis van de gunningcriteria heeft u onderstaande resultaten behaald ten opzichte van de inschrijver waaraan wij voornemens zijn de opdracht te gunnen:

Beoordeling kwaliteitscriteria

Aquabus B.V.

[eiseres]OV B.V.

(…)

(…)

(…)

RAVA

10

4

(…)

(…)

(…)

Monetaire waarde

(…)

(…)

(…)

Waarde RAVA

-/- € 356.250

€ 178.125

(…)

(…)

(…)

Totale Monetaire waarde

Inschrijfprijs

€ 1.425.000

€ 860.946

(…)

(…)

(…)

Fictieve inschrijfprijs

€ 641.250

€ 784.071

Ranking

1

2

(…)

Beoordeling aanbodscope

Uw ingediende aanbodscope is door het beoordelingsteam unaniem als goed beoordeeld omdat het voldoet aan hetgeen dat gevraagd is in het beschrijvend document (…).

Beoordeling RAVA

Uw ingediende risico- en kansendossier is door het beoordelingsteam unaniem als onvoldoende beoordeeld omdat u onvoldoende heeft aangetoond met het risico- en kansendossier dat u de scope van de opdracht (en de daarmee samenhangende risico’s) doorgrondt en beheerst. U kwantificeert slechts twee risico’s, het beoordelingsteam mist met name de risico’s en de beheersmaatregelen bij calamiteiten zoals brand, aanvaring, man-over-boord, medische gevallen en hoe u omgaat bij het onwel worden van de schipper als u met slechts één persoon de dienstregeling gaat verzorgen.

(…)”.

2.7.

Een brief van de gemeente aan (de advocaat van) [eiseres] d.d. 30 december 2013 luidt voor zover hier van belang:

“(…)

Naar aanleiding van uw brief van 17 december 2013 (…) willen wij graag reageren op de door u aangehaalde punten inzake afwijzing van (…) [eiseres] (…) voor de nationale aanbesteding “Fiets veerverbinding Kralingen – Feijenoord” (…).

In uw brief geeft u aan dat uit de inschrijving begrepen had moeten worden dat uw cliënte heeft ingeschreven met de wettelijke minimumbemanning, namelijk 1 schipper en 1 machinist/matroos-motordrijver (…). Naast het feit dat dit niet onomstotelijk uit de inschrijving blijkt, heeft uw cliënte in het interview immers aangegeven standaard met 1 schipper te zullen varen en slechts bij drukte een kaartverkoper als extra bemanningslid te zullen inzetten (…).

Uit uw brief moeten wij opmaken dat uw cliënte kennelijk niet aan de beschreven vigerende wet- en regelgeving voldoet en daarmee dus ook niet aan de minimumeisen. Dit betekent op grond van paragraaf 3.2.2 van het beschrijvend document dat de inschrijving überhaupt niet voor gunning in aanmerking komt.

(…)

(…) De beoordelingscommissie heeft het criterium naar aanleiding van de beschrijving als onvoldoende beoordeeld en aan de inschrijving van Aquabus een hogere score toegekend omdat deze een betere en uitgebreidere beschrijving heeft ingediend (…)”.

3 Het geschil

3.1.

[eiseres] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

primair:

  1. de gemeente te gebieden het gunningsvoornemen aan Aquabus in te trekken en [eiseres] toe te laten tot de pre-awardfase,

  2. de gemeente te verbieden te gunnen aan ieder ander dan aan [eiseres],

subsidiair:

  1. de gemeente te gebieden alle gedane inschrijvingen te laten beoordelen door een nieuw, van de gemeente onafhankelijk, extern beoordelingsteam, met inachtneming van hetgeen in dit vonnis wordt bepaald, en

  2. de gemeente te gebieden binnen twee weken na de herbeoordeling een nieuwe beslissing te nemen over de toelating van [eiseres] tot de pre-awardfase,

meer subsidiair:

de gemeente te gebieden over te gaan tot heraanbesteding van de onderhavige opdracht,

uiterst subsidiair:

in goede justitie een passende voorziening te treffen,

primair en (meer/uiterst) subsidiair:

een en ander op straffe van een dwangsom ad € 10.000,-- per dag dat de gemeente in gebreke blijft aan de veroordeling te voldoen, met een maximum van € 250.000,--, en met veroordeling van de gemeente in de proceskosten.

3.2.

De gemeente voert gemotiveerd verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Het spoedeisend belang vloeit reeds uit de aard van de vorderingen van [eiseres] voort. De gemeente heeft het spoedeisend belang bovendien niet betwist.

4.2.

Het meest verstrekkende verweer is het verweer van de gemeente dat de inschrijving van [eiseres] ongeldig is, omdat deze niet aan de geldende wet- en regelgeving voldoet. Uit de aanbodscope en het interview van [eiseres] blijkt volgens de gemeente dat het schip van [eiseres] slechts door één persoon wordt bemand, terwijl op grond van de toepasselijke wet- en regelgeving twee bemanningsleden vereist zijn.

4.2.1.

Vaststaat dat de gemeente zich eerst bij brief d.d. 30 december 2013, derhalve na de voorlopige gunningsbeslissing d.d. 13 december 2013, op het standpunt heeft gesteld dat de inschrijving van [eiseres] ongeldig is. [eiseres] stelt dat deze ongeldigverklaring tardief is.

4.2.2.

In het arrest van 7 december 2012 (LJN: BW9231) heeft de Hoge Raad overwogen dat artikel 6 Wira (thans art. 2.130 Aanbestedingswet 2012) meebrengt dat het een aanbestedende dienst in beginsel niet geoorloofd is om na de in dat artikel bedoelde mededeling (alsnog) te komen met (een) andere (relevante) reden(en) voor de gunningbeslissing. Een uitzondering is alleen gerechtvaardigd in het geval van door de aanbestedende dienst aannemelijk te maken bijzondere redenen of omstandigheden.

Daarvan is in het onderhavige geval niet gebleken. De gemeente heeft bij de beoordeling van de inschrijving van [eiseres] al geconstateerd dat [eiseres] er (kennelijk) van uitgaat dat hij de dienstregeling met slechts één persoon gaat verzorgen. Los van de vraag of die constatering juist is, had de gemeente dus al bij die beoordeling de conclusie kunnen trekken dat de inschrijving van [eiseres] niet aan de geldende wet- en regelgeving zou voldoen en dat de inschrijving van [eiseres] daarom niet geldig zou zijn. Dat heeft zij echter niet gedaan. Onder die omstandigheden acht de voorzieningenrechter het beroep van de gemeente op ongeldigheid van de inschrijving van [eiseres] tardief en zal dit beroep niet inhoudelijk worden getoetst.

4.3.

Tussen partijen is in geschil of (het beoordelingsteam van) de gemeente bij de beoordeling van de inschrijving van [eiseres] op het subgunningscriterium Risico- en kansendossier (RAVA) terecht een score 4 en daarmee een fictieve bijtelling van

€ 178.125,-- op de inschrijfprijs heeft toegekend.

4.3.1.

De voorzieningenrechter stelt voorop dat (het beoordelingsteam van) de gemeente bij het gunningscriterium ‘economisch meeste voordelige inschrijving’ in beginsel een eigen beoordelingsvrijheid heeft, zodat voor de (voorzieningen)rechter een beperkte toetsende rol is weggelegd, mits de aanbestedende dienst objectieve criteria heeft gehanteerd en aan de eisen van transparantie en duidelijkheid is voldaan. Daarnaast mag verwacht worden dat de inschrijver behoorlijk geïnformeerd en normaal oplettend is (HvJ EG 29 april 2004, zaaknr. C-496/66 Succhi di Frutta).

De criteria die de aanbestedende dienst bij de aanbesteding hanteert moeten daarom expliciet in de aanbestedingsstukken zijn vermeld, zodanig dat alle redelijk geïnformeerde en normaal zorgvuldige inschrijvers in staat zijn deze op dezelfde wijze te interpreteren.

4.3.2.

Blijkens de motivering van de gemeente heeft het beoordelingsteam van de gemeente het door [eiseres] ingediende risico- en kansendossier onvoldoende beoordeeld, omdat [eiseres] slechts twee risico’s had gekwantificeerd en het beoordelingsteam met name de risico’s en de beheersmaatregelen bij calamiteiten zoals brand, aanvaring, man-over-boord en medische gevallen mist en hoe [eiseres] omgaat bij het onwel worden van de schipper als zij met slechts één persoon de dienstregeling gaat verzorgen.

[eiseres] betwist dat zij de dienstregeling met één persoon zal uitvoeren. Zij zal opdracht uitvoeren in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving. De minimum vereiste bemanning zal derhalve op het betreffende schip aanwezig zijn. Verder geldt dat voor de elementen brand, aanvaring, man-over-boord en medische gevallen wettelijk is voorgeschreven dat beheersmaatregelen worden getroffen. De beheersmaatregelen bij deze risico’s behoren daardoor reeds tot de technische specificaties. Dit zijn minimumeisen en geen gunningscriteria, aldus [eiseres].

4.3.3.

Met betrekking tot de vraag of de gemeente de door de inschrijvers ingediende risicodossiers ook mocht beoordelen op het al dan niet noemen van veiligheidsrisico’s (brand, aanvaring, man-over-boord en medische gevallen) en de daarbij behorende beheersmaatregelen, oordeelt de voorzieningenrechter dat de gemeente in paragraaf 3.2.8 van het beschrijvend document in vrij algemene bewoordingen de inschrijvers vraagt om in het risico- en kansendossier de belangrijkste risico’s (en kansen) en effectieve beheersmaatregelen te identificeren. Blijkens paragraaf 3.2.8 moeten de inschrijvers daarmee aantonen dat zij de scope van de opdracht (en de daarmee samenhangende risico’s) doorgronden en beheersen.

Gelet daarop en nu het onderwerp van de onderhavige aanbesteding personenvervoer via water betreft, had een behoorlijk geïnformeerde en normaal oplettende inschrijver er naar het oordeel van de voorzieningenrechter rekening mee moeten houden dat de gemeente de door de inschrijvers ingediende risico- en kansendossiers ook zou beoordelen op het al dan niet noemen van veiligheidsrisico’s en de daarbij door de inschrijvers getroffen beheersmaatregelen en de prioriteit die de inschrijvers aan die risico’s geven.

De omstandigheid dat dergelijke beheersmaatregelen ook in de wettelijk vereiste veiligheidsplannen zijn opgenomen en dus onder de minimumeisen vallen, doet daaraan niet af. Blijkens paragraaf 3.2.8 van het beschrijvend document wordt immers niet gevraagd of beheersmaatregelen worden getroffen, maar welke beheersmaatregelen. Denkbaar is dat een inschrijver extra (veiligheids)maatregelen heeft getroffen -al dan niet gerelateerd aan de plaatselijke situatie-, waarmee deze inschrijver zich zou kunnen onderscheiden van een andere inschrijver. Datzelfde geldt voor de prioriteit die een inschrijver aan de (veiligheids)risico’s zou geven.

4.3.4.

Tegen die achtergrond en gelet op de aan de gemeente toekomende beoordelingsvrijheid (zie 4.3.1) was de gemeente bevoegd om de omstandigheid dat [eiseres] geen veiligheidsrisico’s en beheersmaatregelen in haar risico- en kansendossier had genoemd, negatief te beoordelen. De omstandigheid dat [eiseres] bereid was haar veiligheidsplan over te leggen, doet daaraan niet af. Uit het beschrijvend document volgt duidelijk dat de inschrijvers de risico’s en kansen dienden te verwerken in het als bijlage 5 bij het beschrijvend document gevoegde formulier. [eiseres] heeft ook in haar Risico- en Kansendossier niet verwezen naar het veiligheidsplan.

4.3.5.

[eiseres] betwist voorts dat zij dat zij de dienstregeling met één persoon zal uitvoeren. Zij stelt dat zij heeft ingeschreven met de wettelijke minimumbemanning, namelijk 1 schipper en 1 machinist/matroos-motordrijver.

Ter zitting heeft [eiseres] echter verklaard dat zij heeft opengelaten met hoeveel bemanning zij de dienstregeling zou gaan uitvoeren. Indien de fietsveer als bedoeld in de onderhavige aanbesteding door Rijkswaterstaat wordt aangewezen als veerpont in de zin van het Binnenvaartbesluit, volstaat één volledig gekwalificeerde schipper op het fietsveer, aldus [eiseres].

Tegen die achtergrond en nu [eiseres] tijdens het interview met de sleutelfunctionaris (zie 2.5) bovendien heeft verklaard dat haar pontjes in principe met één man varen, kon de gemeente in redelijkheid bij de beoordeling van het door [eiseres] ingediende risico- en kansendossier in aanmerking nemen dat [eiseres] niet heeft aangegeven hoe zij zou handelen in het geval de schipper, als enige bemanningslid op het fietsveer, onwel zou raken.

4.3.6.

Met betrekking tot de score van Aquabus op het subgunningscriterium RAVA heeft de gemeente ter zitting verklaard dat zij Aquabus een hogere score heeft toegekend, omdat de beschrijving van de risico’s en kansen door Aquabus beter en uitgebreider was. De gemeente stelt dat Aquabus meer risico’s en meer (voor de gemeente interessante) kansen heeft beschreven. Voor het geheel heeft de gemeente daarom aan Aquabus de maximale score op het onderdeel RAVA toegekend. Zoals reeds overwogen was de gemeente hiertoe, gelet op de aan de gemeente toekomende beoordelingsvrijheid (zie 4.3.1), bevoegd. Feiten en omstandigheden die tot het oordeel zouden kunnen leiden dat de gemeente in redelijkheid niet tot deze score heeft kunnen komen, zijn gesteld noch gebleken.

Het bezwaar van [eiseres] tegen de toekenning van het maximale aantal te behalen punten aan Aquabus op het onderdeel RAVA, treft derhalve geen doel.

Als behoorlijk geïnformeerde en normaal oplettende inschrijver had [eiseres] bovendien moeten begrijpen dat een uitgebreid beschreven risicodossier beter zou worden beoordeeld dat een summier beschreven risicodossier.

4.4.

Op grond van het voorgaande is voorshands onvoldoende aannemelijk dat de gemeente bij de beoordeling van het onderdeel RAVA van de inschrijving van [eiseres] niet in redelijkheid tot een score 4 met de daarbij behorende fictieve bijtelling heeft kunnen komen. Dat betekent dat de vorderingen van [eiseres] moeten worden afgewezen.

4.5.

[eiseres] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter,

5.1.

wijst de vorderingen af,

5.2.

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van de gemeente begroot op 608,-- aan verschotten en op € 816,-- aan salaris voor de advocaat, vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de vijftiende dag na de datum van dit vonnis,

5.3.

veroordeelt [eiseres] tot betaling van € 131,-- aan nakosten, verhoogd met

€ 68,-- in het geval betekening van de executoriale titel plaatsvindt,

5.4.

verklaart dit vonnis voor wat betreft de veroordeling in de proceskosten en de nakosten uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.F.L. Geerdes en in het openbaar uitgesproken op 17 februari 2014, in tegenwoordigheid van mr. L.A. Bosch, griffier.2083/676