Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2012:BX5209

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
17-07-2012
Datum publicatie
21-08-2012
Zaaknummer
10/005404-92
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Raadkamer
Inhoudsindicatie

Verlenging van TBS met dwangverpleging met twee jaar.

De raadkamer heeft moeten constateren dat het aan de ter beschikking gestelde toegekende verlof met name is ingetrokken als gevolg van de aanvraag tot plaatsing op een longstay afdeling, en daarna ook naar aanleiding van de jegens hem gedane aangifte. De gevolgen hiervan werken overwegend contraproductief ten aanzien van de ter beschikking gestelde. Naarmate de beslissing op de aanvraag dan wel met betrekking tot de aangifte langer op zich laat wachten, kan dit zich in klemmender mate voordoen en de spanning bij hem doen oplopen. De raadkamer acht het zorgelijk dat bij de toetsing van een verlofaanvraag niet meer gekeken lijkt te kunnen worden naar het individuele geval, te meer nu de aangever van het incident stelt weer met verdachte op pad te willen gaan.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht 38d
Wetboek van Strafvordering 509o
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector strafrecht

Parketnummer: 10/005404-92

Datum uitspraak: 17 juli 2012

Beslissing van de rechtbank Rotterdam, meervoudige openbare raadkamer voor strafzaken, op de vordering van de officier van justitie in dit arrondissement tot verlenging van de terbeschikkingstelling met dwangverpleging opgelegd aan:

[Naam], hierna te noemen de ter beschikking gestelde,

geboren op xx-xx-1970 te [geboorteplaats],

verblijvende in Forensisch Psychiatrisch Centrum dr. S. van Mesdag,

Engelse Kamp 5, 9722 AX Groningen (hierna: de kliniek),

raadsman mr. J.M.J.H. Coumans, advocaat te Amsterdam.

PROCEDURE

Bij vonnis van deze rechtbank, uitgesproken op 6 juli 1992, is [naam ter beschikking gestelde] ter beschikking gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege ter zake van poging tot doodslag.

Bij beslissing van het gerechtshof te Arnhem van 5 september 2011 is de terbeschikkingstelling (laatstelijk) verlengd met twee jaar.

Volgens de datumstempel is op 24 mei 2012 is op de griffie van de rechtbank binnengekomen de vordering van het openbaar ministerie als bedoeld in artikel 509o van het Wetboek van Strafvordering, gedateerd 25 mei 2012, met daarbij gevoegd een advies van het hoofd van de inrichting waar de ter beschikking gestelde verblijft van 10 mei 2012 en afschriften van de wettelijke aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van de ter beschikking gestelde over de periode van 8 oktober 2009 tot en met 8 mei 2012.

Het advies strekt ertoe de maatregel te verlengen met twee jaar.

In openbare raadkamer van 17 juli 2012 is de vordering behandeld. De officier van justitie, de ter beschikking gestelde, bijgestaan door zijn raadsman, en de deskundige K. Koster, als klinisch psycholoog werkzaam in de kliniek, zijn gehoord.

De officier van justitie heeft tijdens de behandeling in openbare raadkamer geconcludeerd tot verlenging van de maatregel met twee jaar. De ter beschikking gestelde en de raadsman hebben zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

BEOORDELING

Het verlengingsadvies houdt, voor zover van belang, het volgende in.

Bij de ter beschikking gestelde is sprake van een autismespectrumstoornis, de stoornis van Asperger, waarbij onder sterke druk en stress tijdelijke psychotische decompensatie mogelijk is. Met name doen zich problemen voor in de communicatie, de sociale interactie, de structuur en planning, de spanningsregulatie, met sensorische prikkeling (met name bij geluiden) en met overprikkeling in het algemeen. Ook is er preoccupatie met vrouwen. Dit alles maakt de draagkracht zeer beperkt.

Sinds 16 oktober 2003 verblijft de ter beschikking gestelde in de kliniek. Door intensieve behandeling en inzet van medicatie is een redelijke mate van stabilisatie bereikt. De ter beschikking gestelde heeft zich een aantal copingvaardigheden eigen gemaakt die hem helpen spanningen niet verder op te doen lopen. Hij heeft ook de mogelijkheid om zich op eigen verzoek te laten separeren als het stressniveau te hoog oploopt. Verder wordt door middel van het structureel voeren van gesprekken met diverse betrokkenen en het gebruik van medicatie geprobeerd om decompensatie te voorkomen.

In november 2011 gaf de ter beschikking gestelde aan naar de longstay te willen, waarna is besloten om dit aan te vragen. De behandeldruk komt hiermee te vervallen, waarmee hij hoopt rust te vinden. Een gevolg van de aanvraag van de longstaystatus is dat het begeleid verlof dat de ter beschikking gestelde genoot, door het Ministerie is ingetrokken op grond van het verloftoetsingskader. Dit heeft bij hem tot spanning en onrust geleid.

Hij heeft op 21 maart 2012 zijn mentor meerdere keren tegen het hoofd geslagen. Er is hiervan aangifte gedaan. Uit de wettelijke aantekeningen blijkt dat de betreffende mentor heeft ervaren dat de ter beschikking gestelde zeer zijn best doet om in samenwerking met het personeel de afspraken na te komen, die er zijn om spanningen en agressie te reguleren Er bestaat een goede samenwerking tussen hen. Toch bleek er een keer ruimte voor een misinschatting, waardoor het incident kon gebeuren. De mentor en de ter beschikking gestelde hebben daarover met elkaar gesproken, waarbij de mentor heeft laten weten geen rancune tegen de ter beschikking gestelde te hebben, maar hem wel verantwoordelijk te houden voor het incident. De mentor geeft daarbij aan zonder veel aarzeling en met goede afspraken, zo weer met hem op pas te willen gaan. Op 2 april 2012 is opnieuw begeleid verlof aangevraagd, maar een besluit hierover laat waarschijnlijk op zich wachten gezien de lopende aangifte.

Ondanks de langdurige behandeling is het niet gelukt het delictrisico tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen. Een reëel behandelperspectief om delictgevaar te verminderen wordt niet meer aanwezig geacht en het risico op agressieve incidenten blijft onveranderd aanwezig. In het afgelopen jaar is intensief gezocht naar een passend uitstroomtraject en een passende vervolgvoorziening in het kader van de Wet BOPZ. Alle benaderde instellingen hebben het verzoek tot opname van de ter beschikking gestelde afgewezen.

Geadviseerd wordt om de terbeschikkingstelling met dwangverpleging met twee jaar te verlengen.

De deskundige heeft tijdens de behandeling in openbare raadkamer het verlengingsadvies toegelicht en heeft daarbij verklaard dat de stukken voor de aanvraag van de longstaystatus zijn verzonden naar het Ministerie van Justitie. De kliniek stuurt aan op een plaatsing in De Corridor. De regel dat de verloven gelijk worden ingetrokken als er een aanvraag voor een plaatsing in de longstay wordt ingediend, is nieuw en werkt in casu contraproductief. Het heeft geen relatie met de risico’s. Het verlof gaf de ter beschikking gestelde juist iets om naartoe te leven en contact met de buitenwereld te behouden. Het de ter beschikking gestelde rustiger dat het besluit is genomen om de longstaystatus aan te vragen.

De ter beschikking gestelde heeft in openbare raadkamer nog verklaard dat hij graag geplaatst wil worden in de longstay omdat hij behandelmoe is. Hij wil rust.

Gelet op het voorgaande wordt aangenomen dat de geestesgesteldheid van de ter beschikking gestelde, die (mede) aanleiding en oorzaak vormde voor het delict, nog in zodanige mate aanwezig is dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de maatregel eist met twee jaar.

De vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege zal daarom worden toegewezen.

Hoewel de duur van de terbeschikkingstelling na verlenging een periode van vier jaar (verder) te boven gaat, is verlenging niettemin mogelijk nu de maatregel is opgelegd ter zake van een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor een of meer personen.

De raadkamer heeft moeten constateren dat het aan de ter beschikking gestelde toegekende verlof met name is ingetrokken als gevolg van de aanvraag tot plaatsing op een longstay afdeling, en daarna ook naar aanleiding van de jegens hem gedane aangifte. De gevolgen hiervan werken overwegend contraproductief ten aanzien van de ter beschikking gestelde. Naarmate de beslissing op de aanvraag dan wel met betrekking tot de aangifte langer op zich laat wachten, kan dit zich in klemmender mate voordoen en de spanning bij hem doen oplopen. De raadkamer acht het zorgelijk dat bij de toetsing van een verlofaanvraag niet meer gekeken lijkt te kunnen worden naar het individuele geval, te meer nu de aangever van het incident stelt weer met verdachte op pad te willen gaan.

BESLISSING

De rechtbank:

verlengt de aan de ter beschikking gestelde opgelegde terbeschikkingstelling met verpleging met 2 (twee) jaar.

Deze beschikking is gegeven door

mr. Van der Bijl-de Jong, voorzitter,

en mrs. Laukens en Jordaan, rechters,

in tegenwoordigheid van Van der Heijde, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 17 juli 2012.

De oudste rechter en de jongste rechter zijn buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.

Tegen deze beslissing kan het openbaar ministerie binnen veertien dagen na de uitspraak en de ter beschikking gestelde binnen veertien dagen na betekening daarvan hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Arnhem.