Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2011:BR6484

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
10-08-2011
Datum publicatie
01-09-2011
Zaaknummer
328567 / HA ZA 09-1052
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vervolgvonnis in zaak over "schijnfacturen" van Kamer van Koophandel; misleiding en inbreuk op merk-, auteurs- en handelsnaamrechten; groepsaansprakelijkheid. Verbeuren dwangsommen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

Zaak-/rolnummer: 328567 / HA ZA 09-1052

Uitspraak: 10 augustus 2011

VONNIS van de meervoudige kamer in de zaak van:

de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

KAMER VAN KOOPHANDEL NEDERLAND,

gevestigd te Woerden,

advocaat: mr O.F.A.W. van Haperen,

eiseres,

- tegen -

1. de vennootschap naar Belgisch recht

gevestigd te Antwerpen, België,

advocaat eerst mr R.W.J.M. te Pas,

thans niet langer vertegenwoordigd,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

KANTOOR VOOR KLANTENSERVICE B.V.,

gevestigd te 's-Gravenhage,

advocaat eerst mr R.W.J.M. te Pas,

thans niet langer vertegenwoordigd,

3. [gedaagde 3]

wonende te Winschoten,

advocaat eerst mr R.W.J.M. te Pas,

thans niet langer vertegenwoordigd,

4. [gedaagde 4]

wonende te Antwerpen, België,

advocaat eerst mr R.W.J.M. te Pas,

thans niet langer vertegenwoordigd,

5. [gedaagde 5]

wonende te Heerhugowaard,

advocaat: mr drs A.J.F. Gonesh,

6. [gedaagde 6]

wonende te 's-Gravenhage,

advocaat eerst mr R.W.J.M. te Pas,

thans niet langer vertegenwoordigd,

7. [gedaagde 7]

wonende te Winschoten,

advocaat: mr drs S. Bharatsingh,

gedaagden.

Eiseres wordt hierna aangeduid als "Kamer van Koophandel"; gedaagden samen worden aangeduid als "Kantoor voor Klanten c.s.", gedaagde sub 1 als "Kantoor voor Klanten" en gedaagde sub 2 als "Kantoor voor Klantenservice".

1. Het verdere verloop van het geding

1.1

De rechtbank heeft kennis genomen van het in deze zaak gewezen vonnis van 30 juni 2010 en de daaraan ten grondslag liggende stukken.

1.2

Ter rolle van 11 augustus 2010 heeft de advocaat van Kantoor voor Klanten, Kantoor voor Klantenservice, [gedaagde 3] (gedaagde sub 3), [gedaagde 4] (gedaagde sub 4) en [gedaagde 6] (gedaagde sub 6) zich onttrokken; er heeft zich voor hen geen nieuwe advocaat gesteld.

Voor [gedaagde 5] (gedaagde sub 5) en [gedaagde 7] (gedaagde sub 7) heeft zich een andere advocaat gesteld.

1.3

[gedaagde 5] en [gedaagde 7] hebben ieder een nadere conclusie genomen.

Kamer van Koophandel heeft een nadere conclusie van antwoord met producties (154 tot en met 159) genomen.

1.4

Bij vonnis van 17 november 2010 heeft de rechtbank de pleidooiverzoeken van [gedaagde 5] en [gedaagde 7] afgewezen.

2. De verdere beoordeling

inleiding

2.1

In het vonnis van 30 juni 2010 was de zaak naar de rol verwezen voor het bij nadere conclusie door partijen verstrekken van verdere informatie op een aantal in dat vonnis genoemde punten.

[gedaagde 5] en [gedaagde 7] hebben op enkele van die punten enige informatie gegeven. De andere gedaagden hebben geen informatie meer verstrekt.

Kamer van Koophandel heeft op de door de rechtbank aangegeven punten informatie gegeven, onder overlegging van zes producties.

De verzochte informatie heeft voornamelijk betrekking op de vraag of en in hoeverre Kantoor voor Klanten c.s. hebben voldaan aan de bevelen van de voorzieningenrechter in diens vonnis van 9 april 2009 en of in dat verband dwangsommen zijn verbeurd. Verder betreft de informatie een aantal van de in deze bodemprocedure gevorderde bevelen.

De betreffende punten zullen hierna de revue passeren.

domeinnamen

2.2

Het gaat hier ten eerste om het gegeven bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot het binnen 5 dagen na betekening van het vonnis verschaffen van een overzicht van alle door of ten behoeve van hem/haar geregistreerde domeinnamen die de aanduiding “kvk” en/of “handelsregister” en/of “register” en/of “kantoor voor klanten” bevatten, onder opgaaf van de houder van deze domeinnaam en bewijsstukken waaruit dit blijkt (zie dictum vonnis voorzieningenrechter onder 6; deze bodemprocedure vordering onder II; vonnis 30 juni 2010 onder 5.84/5.87).

2.3

Kamer van Koophandel heeft als producties 86 en 87 diverse stukken overgelegd met daarin verschillende lijsten van domeinnamen. Kennelijk - als onweersproken gesteld door Kamer van Koophandel - waren deze stukken aan Kamer van Koophandel toegezonden op 23 april 2009 en 14 mei 2009.

Deze stukken roepen tal van vragen op, zoals ook gesignaleerd door Kamer van Koophandel (vgl. conclusie van repliek onder 4-7, akte vermeerdering van eis [verbeurde dwangsommen] onder 27-29 en nadere conclusie van antwoord onder 18-23), waarover echter door Kantoor voor Klanten c.s. geen inhoudelijke nadere informatie is gegeven.

Wel kan uit deze stukken worden opgemaakt dat grote aantallen domeinnamen (volgens Kamer van Koophandel in totaal 198) zijn geregistreerd door [gedaagde 3], ofwel op eigen naam ofwel op naam van KVK Benelux Corporation of Eagles B.V. Door Kantoor voor Klanten c.s. is dat ook niet gemotiveerd weersproken. Uit de overgelegde stukken en de stellingen van partijen - ook van Kamer van Koophandel in de nadere conclusie van antwoord - blijkt niet voldoende duidelijk dat ook door andere gedaagden domeinnamen als hier bedoeld zijn geregistreerd (er worden in de stukken nog enkele andere registreerders genoemd die niet nader zijn aangeduid, zoals Tucows Inc., die echter kennelijk wel in verband staat met [gedaagde 3], vgl. prods. 41, 104, 107 en 157).

De rechtbank gaat daarom ervan uit dat alle domeinnamen waar het hier om gaat zijn geregistreerd door [gedaagde 3] en in elk geval niet door een andere gedaagde. Het ligt dan voor de hand aan te nemen dat het hiervoor genoemde bevel van de voorzieningenrechter tot het verschaffen van een overzicht zich alleen richt tot [gedaagde 3]. Verwezen wordt in dit verband ook naar de overweging van de voorzieningenrechter dat de verzochte dwangsommen slechts toewijsbaar zijn ten aanzien van die personen die het in hun macht hebben om te doen waartoe de dwangsom hen beoogt te bewegen en/of om na te laten hetgeen waarvan de dwangsom hen beoogt te weerhouden (zie het vonnis van de voorzieningenrechter onder 4.11).

2.4

Het vonnis van de voorzieningenrechter is betekend op 9 april 2009. Het overzicht diende uiterlijk op 14 april 2009 te zijn verschaft. Het overzicht dat op 23 april 2009 is verstrekt was derhalve acht dagen te laat. Daardoor heeft [gedaagde 3] een dwangsom verbeurd van

€ 80.000,- (acht dagen à € 10.000,-). Omdat [gedaagde 3] ook al dwangsommen had verbeurd tot een bedrag van € 50.000,- (zie het vonnis van 30 juni 2010 onder 5.77), is daarmee het maximum van door hem te verbeuren dwangsommen van € 100.000,- bereikt. In hoeverre [gedaagde 3] ook na 23 april 2009 in gebreke bleef om aan dit bevel te voldoen kan onbesproken worden gelaten.

Andere gedaagden hebben in verband met dit bevel geen dwangsommen verbeurd.

2.5

Het gaat ten tweede om:

(a) het gegeven bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot doorhaling (en niet opnieuw registreren) van alle door Kantoor voor Klanten c.s., op hun naam of ten behoeve van hen geregistreerde domeinnamen - met uitzondering van de domeinnamen 'kvkhandelsregister.nl', 'kvkhandelsregister.com', 'kvkregister.nl', 'kvkregister.com' - die identiek zijn aan of overeenstemmen met enig door Kamer van Koophandel geregistreerd merk of door haar gebruikte handelsnaam, daaronder mede begrepen de hierna te noemen domeinnamen:

tradingregister.nl;

tradingregister.com;

handels-register.nl;

handelsregisteronline.nl;

mijn-kvk.nl;

mijnkvk.nl;

onlinehandelsregister.nl;

kvkhandelsregister.biz;

kvkregister.biz;

kvkregister.net;

kvkhandelsregister.net;

kantoorvoorklantenservice.nl;

Kvkregister.info;

Kvkhandelsregister.info;

en om de advocaat van eiseres onverwijld documenten te doen toekomen waaruit deze doorhalingen blijken;

(zie dictum vonnis voorzieningenrechter onder 4; deze bodemprocedure vordering onder II; vonnis 30 juni 2010 onder 5.80/5.81);

en

(b) het gevorderde bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot doorhaling (en niet opnieuw registreren) in de betreffende domeinnamenregisters van alle door Kantoor voor Klanten c.s., op hun naam of ten behoeve van hen geregistreerde inbreukmakende domeinnamen die identiek zijn aan of overeenstemmen met enig door Kamer van Koophandel geregistreerd merk of gebruikte handelsnaam en die direct of indirect nog in handen van Kantoor voor Klanten c.s. zijn,

waaronder maar niet uitsluitend:

online-handelsregister.com

online-handelsregister.info

kvkregister.co.uk

kvkregister.info

kvkbenelux.com

en om de advocaat van Kamer van Koophandel onverwijld de documenten te doen toekomen waaruit deze doorhalingen blijken;

(zie deze bodemprocedure vordering onder I - F; vonnis 30 juni 2010 onder 5.52).

2.6

Kamer van Koophandel stelt dat twee gedaagden niet of niet tijdig hebben voldaan aan het bevel tot doorhaling van de voorzieningenrechter, te weten [gedaagde 3] en [gedaagde 6] (akte vermeerdering eis [verbeurde dwangsommen] onder 14 ev.; nadere conclusie van antwoord onder 15).

Ten aanzien van [gedaagde 3] stelt Kamer van Koophandel dat drie domeinnamen nog steeds op diens naam staan geregistreerd. Zoals blijkt uit het hiervoor overwogene, is het maximum van door [gedaagde 3] te verbeuren dwangsommen bereikt, wat betekent dat een onderzoek of [gedaagde 3] het door de voorzieningenrechter gegeven bevel tot doorhaling wel of niet tijdig heeft opgevolgd achterwege kan blijven.

Ten aanzien van [gedaagde 6] stelt Kamer van Koophandel dat [gedaagde 6]/Enliven.nl nog steeds optreedt als 'hostende partij' van de domeinnaam 'kvkbenelux' en als zodanig de mogelijkheid had om zijn diensten te staken waardoor deze domeinnaam niet meer bruikbaar was. Kantoor voor Klanten c.s. voeren aan dat [gedaagde 6] geen houder is van deze domeinnaam en dat hij als host de domeinnaam niet kan doorhalen. Uit de overgelegde informatie (prods. 106 en 157) blijkt dat deze domeinnaam is geregistreerd op naam van Tucows Inc. en dat Enliven.nl staat vermeld als 'name server'.

Niet blijkt, noch kan zonder verdere informatie - die ontbreekt - worden aangenomen dat [gedaagde 6] bij machte is om te zorgen voor doorhaling van deze domeinnaam. Dat betekent dat niet kan worden geoordeeld dat [gedaagde 6] dit bevel van de voorzieningenrechter niet is nagekomen en uit dien hoofde dwangsommen heeft verbeurd.

2.7

In deze procedure vordert Kamer van Koophandel onder I - F opnieuw een bevel tot doorhaling van alle inbreukmakende domeinnamen, waarvan vijf domeinnamen met name worden genoemd.

Bij pleidooi heeft Kantoor voor Klanten c.s. erkend dat deze vijf domeinnamen nog dienden te worden doorgehaald (pleitnota mr Roderburg onder 36). Er zouden daarmee problemen zijn. Ondanks het verzoek om informatie daarover is niet nader aangegeven waaruit die problemen zouden bestaan. Kamer van Koophandel heeft (met prods. 156 en 157) aannemelijk gemaakt dat deze domeinnamen in oktober 2010 nog niet waren doorgehaald. Afgaande op deze producties kan echter tevens worden aangenomen dat de 'expiration date' van deze registraties inmiddels is verstreken. Gelet hierop en nu Kamer van Koophandel niet heeft aangegeven dat zij nu nog een specifiek belang erbij heeft dat in deze bodemprocedure opnieuw de doorhaling van deze domeinnamen wordt bevolen, zal de rechtbank de vordering daartoe afwijzen.

2.8

Het gaat ten derde om:

(a) het gegeven bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot het binnen 7 dagen na betekening van het vonnis overdragen van de domeinnamen 'kvkhandelsregister.nl', 'kvkhandelsregister.com', 'kvkregister.nl', 'kvkregister.com', voor zover zij houder zijn van deze domeinnaam, aan Kamer van Koophandel en daartoe iedere medewerking te verlenen, dan wel, voor zover deze domeinnamen door SIDN onttrokken zijn, binnen voornoemde termijn iedere medewerking te verlenen die nodig is om voornoemde domeinnamen over te dragen aan Kamer van Koophandel en/of op haar naam te stellen;

(zie dictum vonnis voorzieningenrechter onder 5; deze bodemprocedure vordering onder II; vonnis 30 juni 2010 onder 5.82/5.83);

en

(b) het gevorderde bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot het overdragen van de domeinnamen "kvkregister.com" en "kvkhandelsregister.com" aan Kamer van Koophandel;

(zie deze bodemprocedure vordering onder I - G; vonnis 30 juni 2010 onder 5.52).

2.9

De rechtbank leidt uit de stellingen van partijen af dat de domeinnamen 'kvkhandelsregister.nl' en 'kvkregister.nl' zijn overgedragen aan Kamer van Koophandel en dat ten aanzien daarvan geen dwangsommen worden gevorderd. Het gaat alleen nog om de domeinnamen 'kvkhandelsregister.com' en 'kvkregister.com', die kennelijk beide waren geregistreerd door [gedaagde 3]. Blijkens productie 107 stonden deze op 12 november 2009 nog op naam van Tucows Inc. Blijkens productie 157 zijn deze domeinnamen inmiddels (11 oktober 2010) "available". Geconcludeerd kan worden enerzijds dat [gedaagde 3] deze twee domeinnamen niet tijdig heeft overgedragen en anderzijds dat deze namen nu vrij zijn en dus niet meer kunnen of behoeven te worden overgedragen. Omdat het maximum van door [gedaagde 3] te verbeuren dwangsommen is bereikt, verbeurt deze door het niet tijdig voldoen aan dit bevel geen dwangsommen. De vordering dat in deze bodemprocedure opnieuw de overdracht van deze twee domeinnamen wordt bevolen zal de rechtbank afwijzen.

handelsnamen

2.10

Het gaat hier om het gevorderde bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot doorhaling (en niet opnieuw registreren) in het handelsregister van alle door hen, op hun naam of ten behoeve van hen geregistreerde inbreukmakende handelsnamen die identiek zijn aan of overeenstemmen met enig door Kamer van Koophandel geregistreerd merk of gebruikte handelsnaam en die direct of indirect nog in handen van Kantoor voor Klanten c.s. zijn en om de advocaat van Kamer van Koophandel onverwijld de documenten te doen toekomen waaruit deze doorhalingen blijken; (zie deze bodemprocedure vordering onder I - F).

2.11

Zoals volgt uit hetgeen is overwogen in het vonnis van 30 juni 2010 onder 5.8 en 5.13, maakt het gebruik als handelsnaam van "Kantoor voor Klanten" en "Kantoor voor Klantenservice" inbreuk op de merkrechten en handelsnaamrechten van Kamer van Koophandel.

Kamer van Koophandel baseert deze vordering tot doorhaling op de stelling dat "Kantoor voor Klantenservice" nog steeds in het handelsregister is geregistreerd als handelsnaam van Kantoor voor Klantenservice B.V., wat zij heeft onderbouwd met een uittreksel d.d. 1 december 2009 (prod. 102). Kantoor voor Klanten c.s. hebben deze vordering niet (gemotiveerd) betwist, zodat deze toewijsbaar is als hierna te vermelden.

Blijkens dat uittreksel is [gedaagde 7] enig aandeelhouder en bestuurder van die vennootschap. Het bevel tot doorhaling richt zich daarom alleen tot [gedaagde 7].

merken

2.12

Het gaat hier ten eerste om het gegeven bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot het binnen 5 dagen na betekening van het vonnis verschaffen van een overzicht van alle door of ten behoeve van hem/haar geregistreerde merken die de aanduiding “kvk” en/of “handelsregister” en/of “register” en/of “kantoor voor klanten” bevatten en een overzicht van alle door of ten behoeve van hem/haar geregistreerde beeldmerken die identiek zijn aan of overeenstemmen met enig door eiseres geregistreerd (beeld)merk, onder opgaaf van de houder van deze (beeld)merken en bewijsstukken waaruit dit blijkt; (zie dictum vonnis voorzieningenrechter onder 6; deze bodemprocedure vordering onder II; vonnis 30 juni 2010 onder 5.84/5.87).

2.13

Kennelijk heeft de raadsman van Kantoor voor Klanten c.s. op 14 mei 2009 opgegeven dat er door Kantoor voor Klanten c.s. niet meer merken waren geregistreerd dan de merken 'Kantoor voor klantenservice' (inschrijvingsnummer 0849776) en 'Kantoorvoorklantenregister' (inschrijvingsnummer 1163897). Niet is gesteld of gebleken dat deze opgave onjuist was.

Deze twee merken waren beide gedeponeerd door en op naam van [gedaagde 3] (respectievelijk op 24 juli 2008 en 14 juli 2008; zie prods. 101 en 100). De rechtbank leidt uit hetgeen door partijen is aangevoerd af dat Kamer van Koophandel al ten tijde van de kortgedingprocedure met deze twee merkdepots bekend was. Tegen deze achtergrond moet het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar worden geacht dat Kantoor voor Klanten c.s. en in het bijzonder andere gedaagden dan [gedaagde 3] dwangsommen zouden hebben verbeurd doordat de mededeling dat er geen andere dan de reeds bekende merkinschrijvingen waren later dan vijf dagen na betekening van het kortgedingvonnis is gedaan. De daartoe strekkende vordering zal worden afgewezen.

2.14

Het gaat ten tweede om het gegeven bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot doorhaling binnen 7 dagen na betekening van het vonnis van alle door hen of op hun naam geregistreerde woord- en/of beeldmerken, die identiek zijn aan of overeenstemmen met enig door Kamer van Koophandel geregistreerd merk of door haar gebruikte handelsnaam, waaronder mede begrepen het woord/beeldmerk 'Kantoor voor Klantenservice' en om de advocaat van Kamer van Koophandel onverwijld documenten te doen toekomen waaruit deze doorhaling blijkt;

(zie dictum vonnis voorzieningenrechter onder 3; deze bodemprocedure vordering onder II; vonnis 30 juni 2010 onder 5.76/5.78).

2.15

Nu de twee merken waren gedeponeerd door en op naam van [gedaagde 3], moet worden aangenomen dat alleen hij - en niet ook [gedaagde 7] als aandeelhouder en bestuurder van Kantoor voor Klantenservice B.V. - het in zijn macht had voor doorhaling van de merkinschrijvingen te zorgen. Uit de overgelegde producties valt af te leiden dat de doorhaling te laat heeft plaatsgevonden. Ter zake van het merk 'Kantoor voor klantenservice' is in het vonnis van 30 juni 2010 onder 5.77 al geoordeeld dat [gedaagde 3] een dwangsom heeft verbeurd van

€ 50.000,-. Omdat het maximum van door [gedaagde 3] te verbeuren dwangsommen is bereikt, verbeurt deze door het niet tijdig voldoen aan dit bevel ter zake van het merk 'Kantoorvoorklantenregister' geen dwangsommen.

De vordering ten aanzien van [gedaagde 7] zal worden afgewezen.

accountantsverklaring

2.16

Het gaat hier om:

(a) het gegeven bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot het binnen 21 dagen na betekening van het vonnis overleggen van een verklaring van een (door Kamer van Koophandel aan te wijzen en door Kantoor voor Klanten te betalen) onafhankelijke registeraccountant, waaruit blijkt, voor zover mogelijk:

a. hoeveel “nepfacturen” in totaal zijn verzonden;

b. hoeveel “nepfacturen” thans nog in omloop zijn;

c. hoeveel “nepfacturen” gepland waren om verzonden te worden;

(zie dictum vonnis voorzieningenrechter onder 7; deze procedure vordering onder II;

vonnis 30 juni 2010 onder 5.88/5.90).

en

(b) het gevorderde bevel aan Kantoor voor Klanten c.s. tot afdracht van een verklaring van een (door Kamer van Koophandel aan te wijzen en door Kantoor voor Klanten c.s. te betalen) onafhankelijk registeraccountant, waaruit blijkt:

1. hoeveel 'nepfacturen' in totaal zijn verzonden,

2. hoeveel 'nepfacturen' thans nog in omloop zijn,

3. hoeveel 'nepfacturen' gepland waren om verzonden te worden,

4. welke inbreukmakende handelsnamen en/of domeinnamen nog direct of indirect op naam

van Kantoor voor Klanten c.s. staan dan wel waar Kantoor voor Klanten c.s. direct of

indirect zeggenschap of beschikking over hebben,

5. alle activiteiten, verdiensten, winst en omzet die het gevolg zijn van de gepleegde

inbreuken dan wel onrechtmatige daad;

(zie deze bodemprocedure vordering onder I - E; vonnis van 30 juni 2010 onder 5.51).

2.17

Uit de stellingname van Kamer van Koophandel blijkt dat zij niet de hand heeft willen houden aan de in het kortgedingvonnis gestelde termijn voor het overleggen van een accountantsverklaring. Kamer van Koophandel stelt dat zij op 17 augustus 2009 een concept-opdrachtbevestiging heeft ontvangen van Kantoor voor Klanten c.s.voor de aanstelling van een registeraccountant en dat zij een registeraccountant heeft aangewezen. Verder stelt zij dat vervolgens Deloitte, die blijkbaar opdracht had gekregen van Kantoor voor Klanten BVBA, op 23 maart 2010 aan de raadsman van Kamer van Koophandel een concept van haar eerste bevindingen heeft doen toekomen.

Een definitief rapport is kennelijk nooit opgemaakt.

Volgens [gedaagde 5] en [gedaagde 7] was Kantoor voor Klanten (zij spreken abusievelijk van Kamer van/voor Klanten) niet in staat om het door de registeraccountant in rekening gebrachte bedrag van € 15.000,- te betalen.

2.18

De door deze partijen bedoelde concept-rapportage is niet in het geding gebracht.

In de door Kamer van Koophandel overgelegde reactie daarop van haar raadsman

(prod. 155) staat dat het rapport naar zijn algemene indruk geen nieuwe feiten aan het licht brengt en dat de gedane vaststellingen min of meer overeenkomen met hetgeen bij hem en Kamer van Koophandel reeds bekend was op grond van de door hen vergaarde en van de officier van justitie (uit het strafrechtelijk onderzoek) verkregen stukken.

[gedaagde 5] en [gedaagde 7] voeren aan dat de conceptverklaring een waarheidsgetrouwe weerspiegeling geeft van de werkelijkheid en de feiten weergeeft.

Gelet op het voorgaande is niet gebleken dat het concept-rapport niet beantwoordde aan het bevel van de voorzieningenrechter en in het licht van het geheel van de gebleken omstandigheden acht de rechtbank het onvoldoende duidelijk geworden dat Kantoor voor Klanten c.s. ter zake van het overleggen van een accountantsverklaring dwangsommen hebben verbeurd.

2.19

Door Kamer van Koophandel is niet behoorlijk gemotiveerd aangegeven welk belang zij nu nog heeft bij het in deze bodemprocedure onder I - E gevorderde, zodat dit zal worden afgewezen.

overige vorderingen

2.20

Hierna zullen tevens de uitspraken worden gedaan die al waren aangekondigd in het vonnis van 30 juni 2010 (zie onder 5.49, 5.50, 5.53, 5.69 en 5.73).

2.21

De op te leggen dwangsommen worden slechts verbeurd door die personen die het in hun macht hebben om te doen waartoe de dwangsom hen beoogt te bewegen dan wel na te laten hetgeen waarvan de dwangsom hen beoogt te weerhouden.

2.22

De gevorderde uitvoerbaarverklaring bij lijfsdwang van het kortgedingvonnis van 9 april 2009, met verlof tot tenuitvoerlegging van de lijfsdwang zal worden afgewezen.

Lijfsdwang dient alleen te worden toegepast als uiterste middel, indien aannemelijk is dat toepassing van een ander dwangmiddel - zoals een dwangsom - onvoldoende uitkomst zal bieden en bovendien het belang van de schuldeiser toepassing daarvan rechtvaardigt (zie

art. 587 Rv).

Niet blijkt, noch is op dit moment aannemelijk dat de door de voorzieningenrechter onder 1 en 2 gegeven bevelen - kort gezegd - om zich te onthouden van verdere inbreuken op de rechten van Kamer van Koophandel, zijn overtreden of dreigen te worden overtreden en dat bedreiging met lijfsdwang terzake geboden is.

Naar het oordeel van de rechtbank is voorts - in het bijzonder waar het gaat om de overige bevelen van de voorzieningenrechter onder 3 tot en met 7 - niet voldaan aan het tweede vereiste, nu niet duidelijk is geworden dat het belang van Kamer van Koophandel bij toepassing van dit dwangmiddel voldoende opweegt tegen het belang van de betreffende gedaagde dat daartoe niet wordt overgegaan.

2.23

De proceskosten ter zake van de vorderingen ter zake van verbeurde dwangsommen en uitvoerbaarverklaring bij lijfsdwang zullen worden gecompenseerd, nu partijen met betrekking daartoe over en weer op bepaalde punten in het ongelijk worden gesteld.

3. De beslissing

De rechtbank

I.

(a) verklaart voor recht dat Kantoor voor Klanten c.s., onrechtmatig handelend in groepsverband, inbreuk hebben gemaakt op de merkrechten, de auteursrechten en de handelsnaamrechten van Kamer van Koophandel;

(b) verklaart voor recht dat Kantoor voor Klanten c.s., ieder voor zich, hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade die het gevolg is van de inbreuken gepleegd op de merkrechten, de auteursrechten en de handelsnaamrechten van Kamer van Koophandel;

(c) beveelt Kantoor voor Klanten c.s., ieder voor zich, om iedere inbreuk op de merkrechten, de auteursrechten en de handelsnaamrechten van Kamer van Koophandel - waaronder de namen "KvK" en "Handelsregister", de KvK-logo's, het briefpapier en de website van Kamer van Koophandel en ieder ander identiek of gelijkaardig teken, afbeelding of woord - direct of indirect, binnen drie dagen na betekening van dit vonnis te staken en gestaakt te houden;

(d) beveelt Kantoor voor Klanten c.s., ieder voor zich, om ieder gebruik van de aanduiding "Kantoor voor Klanten" dan wel "Kantoor voor Klantenservice" en ieder ander identiek of gelijkaardig teken, direct of indirect, binnen drie dagen na betekening van dit vonnis te staken en gestaakt te houden;

(e) beveelt [gedaagde 7] om - voor zover dat nog niet is gebeurd - binnen 30 dagen na betekening van dit vonnis de in het handelsregister voor Kantoor voor Klantenservice B.V. geregistreerde handelsnaam 'Kantoor voor Klantenservice B.V.' door te halen en deze niet opnieuw te registreren;

(f) veroordeelt ieder van Kantoor voor Klanten c.s. die het aangaat tot betaling aan Kamer van Koophandel van een dwangsom van € 500,- per gedaagde voor iedere keer dan wel elke dag dat deze in gebreke blijft om te voldoen aan de hiervoor onder (c), (d) en (e) gegeven bevelen, met een maximum aan te verbeuren dwangsommen per gedaagde van € 100.000,-;

(g) veroordeelt Kantoor voor Klanten c.s., hoofdelijk, aldus dat voor zover door één of meer van hen is betaald de anderen zijn gekweten, tot betaling aan Kamer van Koophandel van

€ 401.836,72, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW vanaf 1 februari 2009 tot de dag van voldoening;

(h) veroordeelt Kantoor voor Klanten c.s., hoofdelijk, aldus dat voor zover door één of meer van hen is betaald de anderen zijn gekweten, tot betaling aan Kamer van Koophandel van

€ 75.000,-, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW vanaf de derde dag na betekening van het vonnis tot de dag van voldoening;

II

(a) verklaart voor recht dat door [gedaagde 3] een bedrag van € 100.000,- aan dwangsommen is verbeurd;

(b) veroordeelt [gedaagde 3] om binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis aan Kamer van Koophandel een bedrag te betalen van € 100.000,-;

III

(a) verklaart de bevelen en veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

(b) compenseert de proceskosten voor de onder 2.23 bedoelde vorderingen aldus dat iedere partij haar eigen kosten draagt;

(c) ontzegt het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mrs Van Zelm van Eldik, Scheffers en Verkerk.

Uitgesproken in het openbaar.

10/1278/544