Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2010:BN0807

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
09-07-2010
Datum publicatie
09-07-2010
Zaaknummer
354446 / KG ZA 10-455
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Het districtsbestuur heeft een nieuw besluit genomen aangaande het uit de competitie nemen per direct van het 1e zondagelftal van Xerxes.

Het nieuwe besluit is gebaseerde op 'meerdere keren schuldig zijn bevonden aan geweld jegens anderen' in de zin van artikel 33 lid 1 sub c van het Reglement Wedstrijden Amateur Veldvoetbal.

Dat deze maatregel alleen tegen een elftal dat zich aan recidive heeft schuldig gemaakt kan worden opgelegd, volgt niet uit voornoemd artikel 33 RWAV.

De KNVB heeft een nieuw besluit genomen, nu de voorzieningenrechter bij haar tussenvonnis d.d. 10 juni 2010 heeft geoordeeld dat het districtsbestuur bij haar eerder genomen besluit het beginsel van hoor en wederhoor niet heeft nageleefd. De KNVB, meer in het bijzonder het districtsbestuur van de KNVB, heeft bij dit nieuwe besluit het beginsel van hoor en wederhoor toegepast.

Nu de nieuw genomen beslissing van de KNVB naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar is, zal de vordering van Xerxes, die ziet op het weer in competitie nemen van voornoemd elftal, worden afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

Zaak-/rolnummer: 354446 / KG ZA 10-455

Uitspraak: 9 juli 2010 (na tussenvonnis d.d. 10 juni 2010)

VONNIS in kort geding in de zaak van:

de rechtspersoonlijkheid bezittende

vereniging XERXES DZB,

gezeteld te Rotterdam,

eiseres,

advocaat mr. F.L. van der Eerden,

- tegen -

de rechtspersoonlijkheid bezittende vereniging

KONINKLIJKE NEDERLANDSE VOETBALBOND,

gevestigd te Zeist,

gedaagde,

advocaat mr. H.J.A. Knijff.

Eiseres wordt hierna aangeduid als “Xerxes” en gedaagde wordt hierna aangeduid als “KNVB”.

1 Het verloop van het geding

De voorzieningenrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken:

- dagvaarding d.d. 19 mei 2010;

- producties 1 tot en met 10 zijdens Xerxes;

- pleitaantekeningen van mr. H.J.A. Knijff d.d. 27 mei 2010;

- producties 1 tot en met 7 zijdens KNVB;

- het (tussen)vonnis d.d. 10 juni 2010, waarvan de inhoud als hier geheel herhaald en ingelast wordt beschouwd;

- besluit d.d. 24 juni 2010 van de KNVB (als bijlage aan dit vonnis gehecht) met bijlagen;

- pleitnotities van mr. F.L. van der Eerden;

- productie 11 zijdens Xerxes.

De raadslieden van partijen hebben de respectieve standpunten toegelicht ter zitting van

27 mei 2010 en 2 juli 2010. Tijdens de tweede zitting heeft mr. H.J.A. Knijff zich doen

vervangen door de advocaat mevr. mr. M.B. Kerkhof.

2 De verdere beoordeling

In dit kort geding wordt van de volgende vaststaande feiten uitgegaan.

2.1

In het vonnis van 10 juni 2010 is onder meer het volgende overwogen:

“4.3

Het betreft hier een, naast het tuchtrechtelijk traject, bestaande bevoegdheid van het districtsbestuur van de KNVB, waarbij overigens het districtsbestuur van de KNVB bij schrijven d.d. 4 augustus 2005 aan de besturen van de verenigingen ressorterend onder district West II (zie 2.4) heeft aangege-ven pas na een uitspraak van de tuchtcommissie en/of commissie van beroep (eventueel) tot het ne-men van dergelijk verzwarende maatregelen te zullen overgaan. De bevoegdheid van het districtsbe-stuur tot het opleggen van een bestuurlijke maatregel staat los van de tuchtrechtelijke procedure van de KNVB. Voorzover Xerxes haar vordering derhalve onderbouwt met een verwijzing naar de hand-leiding tuchtzaken amateurvoetbal (zie onder 3.2.1 en 3.2.2) kunnen deze stellingen onbesproken blijven, nu de reglementen met betrekking tot de tuchtrechtspraak toepassing missen.

4.4

Het besluit van 26 april 2010 is een besluit van een orgaan van de rechtspersoon de KNVB.

Als uitgangspunt geldt dat een dergelijk besluit door de voorzieningenrechter slechts marginaal kan worden getoetst. Op grond van artikel 2:15 sub b Burgerlijk Wetboek (BW) is een besluit van een orgaan van een rechtspersoon vernietigbaar wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid die door artikel 2:8 BW worden geëist. Bij de beoordeling hiervan dient tot uitgangspunt dat alleen ernstige gebreken kunnen meebrengen dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is als het besluit in stand blijft. Schending van

het beginsel van hoor en wederhoor heeft - bij een kwestie als hier aan de orde - naar voorlopig oor-deel te gelden als een dergelijk ernstig gebrek, zeker nu het een besluit betreft waarbij een sanctie wordt opgelegd en kennelijk een met voldoende waarborgen omklede bezwaar- c.q. beroepsprocedu-re ontbreekt. Dat het districtsbestuur Xerxes met het oog op het te nemen besluit van 26 april 2010 niet specifiek heeft gehoord is ter zitting namens de KNVB erkend. Dat Xerxes voorafgaande aan het besluit door de KNVB voldoende is gewaarschuwd maakt niet dat aldus voldoende toepassing zou zijn gegeven aan het beginsel van hoor- en wederhoor.

4.5

Het besluit van het districtsbestuur van de KNVB heeft voor Xerxes in het algemeen en voor het eer-ste zondag seniorenelftal van Xerxes in het bijzonder, vergaande nadelige

consequenties. Xerxes had dan ook in de gelegenheid dienen te worden gesteld zich daadwerkelijk te verdedigen tegen de tegen haar ingebrachte feiten en omstandigheden, die hebben geleid tot het be-sluit. Het districtsbestuur van de KNVB is kennelijk zelf ook die mening toegedaan, nu zij in haar schrijven d.d. 4 augustus 2005 aan de besturen van de verenigingen ressorterend onder district West II schrijft:“Een vereniging die bij een molestatie of andere gewelddadige handelingen betrokken is (waaronder begrepen ernstige bedreigingen) wordt, afhankelijk van de schriftelijke verklaringen, opgeroepen voor een onderhoud met de molestatiecommissie.” (zie onder 2.4).

De voorzieningenrechter houdt het er voorts voor dat het districtsbestuur niet, althans onvoldoende, de overwegingen van de commissie van beroep in de tuchtzaak heeft meegewogen, nu de beslissing van die commissie dateert van 27 april 2010.

Dat die beslissing van de commissie van beroep bij de beoordeling behoort te worden betrokken volgt uit de brieven van 4 augustus en 8 december 2005 (zie 2.4 en 2.5).

4.6

In het licht van het essentiële beginsel van hoor en wederhoor kon het districtsbestuur niet tot zijn besluit komen zonder Xerxes te horen. Gelet hierop moet er thans van uitgegaan worden dat het be-sluit van 26 april 2010 in rechte geen stand houdt. Dat betekent evenwel niet dat de vordering van Xerxes thans zonder meer toewijsbaar zou zijn. Dat zou slechts het geval kunnen zijn wanneer vast-gesteld zou kunnen worden dat het betreffende besluit niet zou zijn genomen wanneer het wel op deugdelijke wijze tot stand zou zijn gekomen. Dat die situatie zich voordoet is de voorzieningenrech-ter vooralsnog niet gebleken.

Rekening houdend met de belangen van beide partijen brengt het voorgaande met zich dat thans eerst door het districtsbestuur van de KNVB een nieuw besluit genomen zal dienen te worden. In dat kader dient - ondermeer - hetgeen Xerxes onder 3.2.1 en 3.2.2 heeft aangevoerd - met uitzondering van hetgeen verwijst naar de handleiding tuchtzaken amateurvoetbal (zie 4.4) - aan de orde te worden gesteld. Daarnaast dient de vraag aan de orde te komen of het deelnemen aan collectief wangedrag van meerdere spelers en begeleider, waar het besluit op is gebaseerd, valt onder de definitie van ge-weld waar artikel 33 lid 1 sub c van het Reglement Wedstrijden Amateur Veldvoetbal opziet.

4.7

De procedure zal worden aangehouden tot 2 juli 2010 te 10.00 uur, waarbij de voorzieningenrechter ervan uitgaat dat uiterlijk vier dagen daaraan voorafgaand door het districtsbestuur van de KNVB op deugdelijke wijze een nieuw besluit is genomen en aan Xerxes kenbaar is gemaakt. Het districtsbe-stuur van de KNVB dient daarbij inzichtelijk te maken hoe zij de door Xerxes opgeworpen argumen-ten heeft gewogen.

Ter zitting zullen partijen nog de gelegenheid krijgen met betrekking tot het nieuwe besluit hun standpunten naar voren te brengen.

4.8

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.”

De voorzieningenrechter blijft bij deze overwegingen. Anders dan Xerxes ter terechtzitting van 2 juli 2010 heeft betoogd missen de reglementen tuchtrechtspraak in deze directe toe-passing, waarbij overigens zij opgemerkt - gelet op het feit dat het districtsbestuur van de KNVB volgens vast beleid de conclusies en bevindingen van deze tuchtrechtspraak betrekt bij haar op grond van artikel 33 lid 1 onder c van het Reglement Wedstrijden Amateur Veldvoetbal (hierna: RWAV) te nemen besluit - dat tuchtrechtelijke beslissingen indirect van invloed kunnen zijn op de door het districtsbestuur te nemen beslissing op grond van artikel 33 lid 1 onder c RWAV.

2.2.1

Ter uitvoering van voormeld (tussen)vonnis d.d. 10 juni 2010 van de voorzieningenrechter van deze rechtbank heeft het districtsbestuur West II (verder: het districtsbestuur) van de KNVB op 16 juni 2010 een hoorzitting belegd. Op deze hoorzitting waren aanwezig:

- namens Xerxes: [a ] (voorzitter), [b ] (penningmeester) en

[c] (verenigingslid en juridisch adviseur);

- namens KNVB West II: [d ] (voorzitter), [e ] (bestuurslid en portefeuille-

houder wedstrijdzaken), [f] (juridisch medewerker KNVB), [g ] (districtsmanager) en [h]

(managementassistente).

2.2.2

Het districtsbestuur van de KNVB heeft bij de aanvang van de hoorzitting zijn besluit van

26 april 2010, waartegen de vordering van Xerxes zich in eerste instantie richt, ingetrokken.

2.2.3

Het districtsbestuur van de KNVB heeft bij de aanvang van de hoorzitting tevens Xerxes in kennis gesteld van het feit dat het voornemens is op grond van artikel 33 lid 1 sub c RWAV het besluit te nemen om Xerxes zondag 1 alsnog definitief uit de competitie 2009/2010 te

nemen en daarbij aangegeven op grond van welke overwegingen zij tot dit voornemen is

gekomen.

2.2.4

Daarna is de hoorzitting gehouden waarbij het bestuur van Xerxes is gehoord.

Van deze hoorzitting is door het districtsbestuur van de KNVB een verslag opgemaakt, dat zich bij de stukken bevindt.

2.3.1

Op 24 juni 2010 heeft het districtsbestuur van de KNVB een nieuw besluit genomen, dat als bijlage aan dit vonnis is gehecht. Dit besluit luidt:

“Gelet op voormelde feiten en omstandigheden, alsmede op de aard en ernst van het voorval bij onder-havige wedstrijd is het Districtsbestuur van oordeel dat zij conform het gestelde in artikel 33 lid 1 sub c RWAV dient over te geen tot het per direct uit de competitie nemen van het Xerxes zondag 1 elftal in het seizoen 2010/’11 zal worden ingedeeld in de 4e klasse zondagcompetitie.”

2.3.2

Het districtsbestuur van de KNVB heeft dit besluit gebaseerd op ‘meerdere keren schuldig zijn bevonden aan geweld jegens anderen’ in de zin van artikel 33 lid 1 onder c van het RWAV.

Deze recidive kan, anders dan Xerxes heeft betoogd, zien op verschillende elftallen binnen

de vereniging.

Het bestuur heeft dit besluit gemotiveerd. Voor de motivering wordt verwezen naar het besluit dat aan dit vonnis is gehecht.

2.4.1

Op 2 juli 2010 is de behandeling in het kort geding voortgezet, waarbij thans het (hernieuwde) besluit van 24 juni 2010 voorligt. Gelet op hetgeen is overwogen onder 4.4 van voormeld tus-senvonnis (zie 2.1) kan de voorzieningenrechter ook dit besluit slechts marginaal toetsen.

2.4.2

Blijkens het verslag van de hoorzitting heeft het districtsbestuur van de KNVB Xerxes in de gelegenheid gesteld om haar visie omtrent de gang van zaken ten tijde van de door de KNVB georganiseerde competitiewedstrijd d.d. 14 maart 2010 in de derde klasse West II tussen

het eerste zondag seniorenelftal van Xerxes en het eerste zondag elftal van DEHMusschen

te geven.

Het besprokene is vastgelegd in een schriftelijk verslag.

Aldus heeft het districtsbestuur van de KNVB zorgvuldig het beginsel van hoor en wederhoor toegepast.

2.4.3

Marginaal toetsend heeft het districtsbestuur van de KNVB haar oordeel voldoende onder-bouwd. Meer in het bijzonder heeft dit bestuur kunnen oordelen dat sprake is geweest van

“het meerdere keren schuldig zijn bevonden aan geweld jegens anderen”in de zin van artikel

33 lid 1 onder c RWAV.

Bij brief van 15 december 2008 van het districtsbestuur aan Xerxes is Xerxes gewaarschuwd dat bij een volgend incident waarbij sprake zou zijn van geweld het bestuur één of meer elftal-len uit de competitie zou kunnen halen. Dat op 14 maart 2010 sprake is geweest van geweld staat voldoende vast, waarbij zij aangetekend dat onder dit begrip ook verbaal geweld wordt verstaan. (De voorzieningenrehter verwijst in dit verband naar de nummers 21 en 22 van het standaardwedstrijdformulier van de KNVB).

Dat een maatregel als de onderhavige alleen tegen een elftal dat zich aan recidive heeft schul-dig gemaakt kan worden opgelegd, zoals Xerxes stelt, volgt niet uit artikel 33 RWAV.

De waarschuwing die Xerxes had ontvangen en de daarbij opgelegde ‘proeftijd’ gold de

gehele vereniging.

2.4.4

Nu ook overigens niet is gebleken dat de beslissing van het districtsbestuur van de KNVB

naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, zal de vordering van

Xerxes worden afgewezen.

2.5

Gelet op de wijze waarop het eerdere besluit d.d. 26 april 2010 van het districtsbestuur van de KNVB tot stand is gekomen, zullen de proceskosten tussen partijen worden gecompenseerd zoals hierna vermeld.

3. De beslissing

De voorzieningenrechter,

wijst af het gevorderde;

compenseert de proceskosten aldus dat partijen de eigen kosten dragen.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.F.L. Geerdes, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. H.C. Fraaij, griffier.

Uitgesproken in het openbaar.

1862/676