Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2010:BL6487

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
25-02-2010
Datum publicatie
04-03-2010
Zaaknummer
330950 - HA ZA 09-1427
Rechtsgebieden
Civiel recht
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Erfzaak - voorschieten kosten crematie in Suriname - bewijs bestaan geldleningen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

Zaak-/rolnummer : 330950 / HA ZA 09-1427

Uitspraak: 25 februari 2010

VONNIS van de enkelvoudige kamer in de zaak van:

[naam eiseres],

wonende te Den Haag,

eiseres,

advocaat mr. V.K.S. Budhu Lall,

- tegen -

1. [naam gedaagde 1]

2. [naam gedaagde 2]

in hun hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordigers van de minderjarige [naam minderjarige]

beiden wonende te [woonplaats] ,

gedaagden,

advocaat mr. A.K. Ramdas.

Partijen worden hierna aangeduid als "eiseres" respectievelijk "gedaagden".

1 Het verloop van het geding

De rechtbank heeft kennis genomen van de volgende stukken:

- dagvaarding d.d. 18 mei 2009 en de door eiseres overgelegde producties;

- conclusie van antwoord;

- vonnis d.d. 16 september 2009, waarbij een comparitie van partijen is gelast;

- proces-verbaal van de comparitie van partijen, gehouden op 5 februari 2010;

- de ter voorbereiding op de comparitie van partijen bij brieven van 20 en 21 januari 2010 aan de zijde van eiseres in het geding gebrachte producties;

- de ter voorbereiding op de comparitie van partijen bij brief van 3 februari 2010 aan de zijde van gedaagden in het geding gebrachte productie.

2 De vaststaande feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, gelet ook op de in zoverre niet betwiste inhoud van in het geding gebrachte producties, staat tussen partijen - voorzover van belang - het volgende vast:

2.1

Eiseres is de zus van gedaagde sub 1. Gedaagden zijn met elkaar gehuwd.

2.2

Op 1 maart 2007 is een broer van eiseres en gedaagde sub 1, Sieuwradj [familienaam] (hierna: Sieuwradj) in Nederland overleden. Sieuwradj is in Suriname gecremeerd. [naam minderjarige], geboren 28 maart 1997, is enig erfgenaam van Sieuwradj (hierna: [voornaam minderjarige]). De moeder van [voornaam minderjarige] was eerder overleden op 9 mei 2004.

2.3

Op 29 juli 2004 heeft Sieuwradj ten overstaan van notaris mr. P.F.W. Sebök te 's-Gravenhage gedaagden als voogd aangewezen over de minderjarige(n) waarover hij ten tijde van zijn overlijden het gezag zou uitoefenen. Gedaagden oefenen sinds december 2007 gezamenlijk de voogdij uit over [voornaam minderjarige].

2.4

In augustus 2005 is Sieuwradj met [voornaam minderjarige] geëmigreerd naar Suriname. Zijn woning in Den Haag werd op zijn verzoek door eiseres verhuurd. De huurpenningen werden gestort op girorekening 804595 ten name van eiseres echter geheel ten behoeve van Sieuwradj. In september 2007 heeft eiseres over het door haar gevoerde beheer over deze rekening rekening en verantwoording afgelegd aan gedaagden q.q. (in hun hoedanigheid als wettelijke vertegenwoordigers van [voornaam minderjarige]).

2.5

In januari 2007 is Sieuwradj, na een hersenbloeding, naar Nederland gevlogen en hier in het ziekenhuis opgenomen. [voornaam minderjarige] is in Suriname achtergebleven.

3 De vordering

De vordering luidt - verkort weergegeven - om bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad gedaagden q.q. te veroordelen aan eiseres te betalen een bedrag van € 10.351,87, met rente en kosten.

4 Het verweer

De conclusie van antwoord strekt tot afwijzing van de vordering, met veroordeling bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad van eiseres in de kosten van het geding.

5 De beoordeling

5.1

Het door eiseres gevorderde bedrag bestaat uit een aantal onderdelen die hieronder elk afzondelijk zullen worden behandeld.

5.2.1

Het grootste deel van de vordering bestaat uit kosten die eiseres heeft gemaakt ten behoeve van de crematie van Sieuwradj in Suriname. Alvorens hier nader op in te gaan, geldt het volgende. Volgens eiseres was het de uitdrukkelijke wens van Sieuwradj om in Suriname gecremeerd te worden en na familieberaad is besloten deze wens te respecteren. De vraag of gedaagden al dan niet bij dat familieberaad waren betrokken, kan in het midden blijven nu ter gelegenheid van de comparitie van partijen door gedaagde sub 2 is verklaard dat zij het ermee eens zouden zijn geweest Sieuwradj in Suriname te cremeren. Gedaagde sub 1 is ook zelf aanwezig geweest bij de crematie in Suriname. Bovendien staat als onbetwist vast dat eiseres eerst tijdens de crematieplechtigheden kennis kreeg van het feit dat Sieuwradj gedaagden had aangewezen als voogden voor het geval hij mocht komen te overlijden. Niet kan worden volgehouden dat eiseres bij het nemen van het besluit de crematie in Suriname te laten plaatsvinden, toestemming had moeten vragen aan gedaagden in hun hoedanigheid van (overigens toen nog slechts beoogd) voogd. Daarenboven kreeg de voogdijbenoeming pas in december 2007 zijn beslag. Betwist wordt nog bij gebrek aan wetenschap dat het de uitdrukkelijke wens van Sieuwradj was in Suriname te worden gecremeerd. Dit is echter wel aannemelijk nu Sieuwradj zich met [voornaam minderjarige] in Suriname had gevestigd en [voornaam minderjarige] in Suriname achterbleef toen Sieuwradj voor een ziekenhuisopname naar Nederland kwam.

5.2.2

Als niet dan wel onvoldoende betwist staat vast dat eiseres ter zake van de door Aakhri Bidaai Uitvaartverzorging gemaakte uitvaartkosten een bedrag van € 4.530,65 uit eigen zak heeft betaald. Dit bedrag komt ten laste van de erfenis, zodat dit onderdeel van de vordering voor toewijzing gereed ligt.

5.2.3

Daarnaast vordert eiseres ter zake van de crematiekosten een bedrag van € 256,47. Dit betreft de roodstand van girorekening 804595 per 31 juli 2007, de rekening waarop de huurpenningen van de woning van Sieuwradj werden gestort. Eiseres stelt dat dit negatieve saldo is ontstaan door een opname van € 1.500,-- op 2 maart 2007 voor kosten die in Suriname nog zouden moeten worden gemaakt voor de plechtigheden. Van deze kosten heeft eiseres een bedrag van € 1.196,21 gespecificeerd. De rest heeft zij in Suriname uitgegeven aan kleinere kosten, waarvan geen bonnetjes aanwezig zijn. Gedaagden betwisten deze uitgaven voor zover niet met stukken onderbouwd. Volgens eiseres betreft dit gebruikelijke kosten, zoals boodschappen en een hindoe priester. Wat daar ook van zij, eiseres heeft reeds in september 2007 rekening en verantwoording afgelegd over het beheer van de gelden op deze rekening. Het gaat niet aan daar nu nog op terug te komen. Ook dit onderdeel van de vordering kan worden toegewezen.

5.3

Met betrekking tot de vlucht van Sieuwradj naar Nederland in december 2006 (met begeleidster) stelt eiseres een bedrag van € 1.396,-- voor de vliegtickets en € 15,-- voor de reisverzekering aan hem te hebben voorgeschoten. Ter onderbouwing van haar stelling verwijst eiseres naar de opname van € 1.300,-- die zij op 13 december 2006 van girorekening 804595 heeft gedaan. Deze stelling gaat echter hierom al niet op, omdat op deze rekening de huurpenningen van Sieuwradj werden gestort en deze opname reeds is begrepen in meergenoemde rekening en verantwoording en dus uiteindelijk mede de roodstand heeft veroorzaakt. De visie van gedaagden op dit punt behoeft dan ook geen bespreking.

5.4

Ter zake van het ziekbed en het sterfbed van Sieuwradj heeft eiseres betaald voor televisiehuur € 28,50 en € 75,25, advertentiekosten overlijdensadvertentie in Suriname

€ 30,-- en omroepbericht radiostation Amor € 20,--, in totaal € 153,75. Gedaagden stellen zich op het standpunt dat eiseres deze kosten zonder overleg met hen als wettelijk vertegenwoordigers van [voornaam minderjarige] heeft gemaakt, zodat deze kosten voor rekening van eiseres dienen te blijven. Deze stelling gaat uiteraard niet op voor de kosten van televisiehuur, omdat Sieuwradj toen nog in leven was. Voor wat betreft de advertentiekosten en het omroepbericht geldt hetgeen hiervoor onder 5.2.1. ten aanzien van de (beoogde) voogdij is overwogen. Dit onderdeel van de vordering kan derhalve worden toegewezen.

5.5.1

Eiseres vordert uit hoofde van geldleningen aan Sieuwradj in totaal € 4.000,--. Zij stelt daartoe te hebben aangewend de opnames van haar eigen rekening bij de Fortis Bank op 27 april 2006 van € 1.500,-- en € 500,--, op 7 juni 2006 van € 5.000,--, op 28 juni 2006 van € 1.000,-- en op 17 oktober 2006 van € 500,--. Onjuist is de stelling van gedaagden dat van enige lening geen sprake kan zijn bij gebrek aan schriftelijke overeenkomsten. Leningen kunnen ook mondeling worden aangegaan en kunnen met alle middelen rechtens aannemelijk worden gemaakt, ook met een reconstructie van geldstromen.

5.5.2

Tegenover de betwisting door gedaagden heeft eiseres ter onderbouwing van haar stelling dat zij geld voor Sieuwradj meegaf aan betrouwbare mensen die naar Suriname afreisden, verklaringen in het geding gebracht van [Namen vijf getuigen]. Dat deze, voor een deel zelfs handgeschreven - verklaringen niet zijn vergezeld van fotokopieën van identiteitsbewijzen brengt niet mede dat zij niet als bewijs kunnen dienen. [Naam getuige 1] is nota bene een van de in Suriname wonende broers van eiseres en gedaagde sub 1, bij wie Sieuwradj inwoonde. Eiseres zegt feitelijk meer dan € 4.000,-- aan Sieuwradj te hebben geleend, maar zegt uit bewijsnood haar vordering tot dit bedrag te beperken.

5.5.3

Opgeteld hebben deze getuigen het voor wat betreft 2006 dan over de volgende bedragen:

[Naam getuige 1] € 2.300,--

[Naam getuige 2] € 3.000,--

[Naam getuige 3] € 2.500,--

[Naam getuige 4] € 2.200,--

[Naam getuige 5] € 2.500,--

_________

Totaal € 12.500,--

In 2006 heeft eiseres blijkens de in het geding gebrachte giroafschriften in totaal € 7.900,-- opgenomen van girorekening 804595, de rekening waarop de huurpenningen van Sieuwradj werden gestort. De opname van 13 december 2006 van € 1.300,-- moet daarvan af worden gehaald nu eiseres, zoals hiervoor onder 5.3 is overwogen, dit bedrag heeft aangewend voor de vliegtickets e.d. Resteert aan opnames € 6.600,--. Samen met de opnames van de eigen Fortis Bank rekening maakt dat € 10.600,--. In 2006 is dus meer naar Suriname gebracht dan van beide rekeningen tezamen opgenomen. Dat geld moet derhalve elders vandaan zijn gekomen. Eiseres wijst in dit verband op een door haar beheerd geldpotje op het werk, waar zij uit leende als iemand naar Suriname vertrok. Dit laatste is door gedaagden niet betwist.

5.5.4

Dat het bedrag van in totaal € 4.000,-- schenkingen zouden zijn, zoals gedaagden suggereren, is niet aannemelijk, nu eiseres gezien het vorenstaande zelfs geld op het werk moest lenen om voor Sieuwradj mee te geven. Daaruit blijkt immers dat zij over onvoldoende liggende gelden beschikte.

5.5.6

Uit het hiervoor overwogene kan worden afgeleid dat eiseres inderdaad geld aan Sieuwradj heeft geleend en dat zij tot het bedrag van € 4.000,-- een vordering heeft op de nalatenschap. Of Sieuwradj nu wel of niet over enig inkomen in Suriname beschikte doet niet ter zake, nu het doel van een lening niet relevant is voor de vraag óf er sprake is van een lening. De wijze waarop eiseres een en ander in het vat heeft gegoten verdient evenwel niet de schoonheidsprijs.

5.6

Samengevat heeft eiseres derhalve nog uit de nalatenschap van Sieuwradj te vorderen:

- begrafeniskosten € 4.530,65

- roodstand giro 804595 € 256,47

- ziek- en sterfbed € 153,75

- geldleningen € 4.000,--

_________

Totaal € 8.940,87

De vordering zal voor dat bedrag worden toegewezen.

5.7

Wettelijke rente is pas verschuldigd als gedaagden in verzuim zijn en daarvan is thans nog geen sprake. Deze vordering zal dan ook worden afgewezen.

5.8

Omdat partijen familie van elkaar zijn en het onderhavige geschil uit die familieverhouding voortvloeit, zullen de proceskosten worden gecompenseerd.

6 De beslissing

De rechtbank,

veroordeelt gedaagden in hun hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordigers van [naam minderjarige] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan eiseres betalen het bedrag van € 8.940,87 (zegge: achtduizendnegenhonderdveertig euro en zevenentachtig eurocent;

compenseert de proceskosten aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.L. de Gruijl-van Benthem.

Uitgesproken ter openbare terechtzitting.