Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2009:BK7007

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
23-10-2009
Datum publicatie
18-12-2009
Zaaknummer
339061 /KG ZA 09-1006
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Nakoming betalingsverplichting uit overeenkomst, uitleg overeenkomst.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

Zaak-/rolnummer: 339061 /KG ZA 09-1006

Uitspraak: 23 oktober 2009

VONNIS in kort geding in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

handelmaatschappij Steffex B.V.,

gevestigd te Zutphen,

eiseres,

advocaat mr. G. Noordam,

- tegen -

de naamloze vennootschap

Kuehne + Nagel N.V.,

gevestigd te Rotterdam,

gedaagde,

advocaat mr. F.J.H. Krumpelman.

Partijen worden hierna aangeduid als “Steffex” respectievelijk “Kuehne + Nagel”.

1 Het verloop van het geding

De voorzieningenrechter heeft kennisgenomen van de volgende stukken:

- dagvaarding d.d. 6 oktober 2009 met producties 1-15;

- fax d.d. 13 oktober 2009 van mr. Boonk met aanvullende productie 16;

- pleitnotities van mr. Boonk;

- 2 faxen d.d. 13 oktober 2009 van mr. Krumpelman met producties 1-2;

- pleitnotities van mr. Krumpelman.

De raadslieden van partijen hebben de respectieve standpunten toegelicht ter zitting van 15 oktober 2009.

2 Vaststaande feiten

2.1

Kuehne + Nagel heeft aan Steffex een “Offerte voor zeevrachtzendingen vanuit Asia Paci-fic” d.d. 20 mei 2009 met tarieflijst toegezonden. Deze offerte is door Steffex aanvaard.

2.2

Steffex en Kuehne + Nagel hebben naar aanleiding van de offerte als bedoeld onder 2.1 aanvullende afspraken gemaakt, die Steffex in een (bevestigings-)brief van 11 juni 2009 aan Kuehne + Nagel heeft vastgelegd. Deze brief is door Kuehne + Nagel voor akkoord onder-tekend. In de brief van 11 juni 2009 staat, voor zover hier relevant:

“• Zoals aangegeven in jullie offerte liggen de prijzen vast tot 1.2.2010. (B/L datum). Deze prijzen gaan per direct in ondanks het feit dat Steffex momenteel betere prijzen heeft tot 1 juli van 2009. Te-ven staat Steffex garant voor het feit dat we via deze weg overeenkomen dat alle lifestyle containers vanaf heden tot 1.2.2010 bij Kuehne + Nagel zullen worden geboekt.

• In ruil hiervoor krijgt heel Steffex een prijsbescherming naar boven.

• Onder bescherming naar boven wordt zowel door Steffex als Kuehne + Nagel het volgende ver-staan: Indien Steffex in de periode van 1 juli 2009 tot 1 februari 2010 betere tarieven krijgt van an-dere rederijen en/of forwarders dan zal Kuehne + Nagel tarieven naar eenzelfde niveau aanpassen tegen dezelfde condities dan in offerte van 20.05.2009 vermeld. Indien tarieven in dit geval niet wor-den aangepast dan staat het Steffex vrij om van eerdere afspraken af te wijken. Echter wanneer tarie-ven bij andere partijen (marktprijzen) naar boven gaan dan blijven de tarieven van Kuehne + Nagel in de offerte van 20.05.2009 gehandhaafd voor Steffex.”

2.3

Op de tussen Steffex en Kuehne + Nagel gesloten overeenkomst zijn de zogenoemde “Fenex-voorwaarden” van toepassing verklaard.

2.4

Op 20 juli 2009, 31 juli 2009, 14 augustus 2009, 31 augustus 2009 en 2 oktober 2009 heeft Kuehne + Nagel aangepaste tarieflijsten aan Steffex toegestuurd. In deze tarieflijsten zijn de tarieven per keer met verschillende toeslagen verhoogd.

2.5

Bij e-mailbericht van 14 augustus 2009 schrijft Kuehne + Nagel aan Steffex, voor zover van belang:

“De vrachtniveaus worden dermate opgeschroefd dat wij de verschillen niet langer voor eigen reke-ning alleen kunnen nemen.

Derhalve moeten wij ons beroepen op een overmacht situatie en helaas ook onze overeenkomsten richting onze klanten aan de ontstane markt situatie aanpassen.

(…)

In de huidige marktsituatie moeten wij ons tevens conformeren aan tarief geldigheid periodes van max. 1 kalendermaand voor het basis zeevracht tarief.

Realistische tarieven voor langlopende periodes zijn momenteel niet aan de orde.”

2.6

Bij e-mailbericht van 19 augustus 2009 bericht Steffex aan Kuehne + Nagel, onder meer:

“Naar aanleiding van ons gesprek op 30 Juli jl. heeft u ons via [persoon 1] bevestigd dat de 180 containers voor de oude prijs, dus zonder de $ 85,-/tue Emergency buker toeslag berekend zou-den worden,

Afgelopen vrijdag werden wij opnieuw onaangenaam verrast met een verdere verhoging van deze Emergency bunker toeslag plus een verdere verhoging van de PPS per 15 augustus. Wij gaan er van uit dat dit dus niet voor de afgesproken 180 containers geldt. En dat onze afspraak als zodanig blijft staan.

Ook willen wij U er nogmaals op wijzen dat we en verdere medewerking verwachten in het versche-pen van onze containers vanuit het V.O. voor de overeengekomen tarieven.”

3 Het geschil

3.1

Steffex heeft gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Kuehne + Nagel te veroordelen tot nakoming van haar verbintenissen uit de overeenkomst van 11 juni 2009, waaronder in het bijzonder het -tot 1 februari 2010- zonder vertraging conform deze overeenkomst ver-voeren of doen vervoeren van de betrokken containers van Steffex, tegen de tarieven opge-nomen in de offerte van 20 mei 2009 met een betalingstermijn van dertig dagen en dien-overeenkomstig te factureren, een en ander op straffe van een dwangsom van € 25.000,00 voor elke dag of gedeelte daarvan dat Kuehne + Nagel met de voldoening aan deze veroor-deling in gebreke blijft, met veroordeling van Kuehne + Nagel in de kosten van de procedu-re.

3.2

Steffex heeft -naast voornoemde feiten- het navolgende aan haar vordering ten grondslag gelegd.

3.2.1

Omdat de transportkosten een belangrijke component vormen van de uiteindelijke (ver)koopprijs van de vervoerde zaken, was het voor Steffex van groot belang dat zij de transportkosten vooraf voor een bepaalde periode kon vastleggen.

3.2.2

Tussen partijen is de afspraak gemaakt dat prijsverhogingen in de markt -al dan niet onder de noemer “toeslagen”- niet aan Steffex zouden worden doorberekend. Kuehne + Nagel dient deze afspraak na te komen. Kuehne + Nagel komt geen recht op opschorting toe.

3.2.3

Kuehne + Nagel kan geen beroep doen op artikel 2 van de Fenex-voorwaarden, omdat par-tijen in afwijking van dit artikel uitdrukkelijk zijn overeengekomen dat een eventuele stij-ging van marktprijzen niet aan Steffex zou worden doorberekend.

3.2.4

Steffex mocht ervan uitgaan dat de in de offerte d.d. 20 mei 2009 opgenomen lijst van uitge-sloten toeslagen limitatief was. Zij mocht dan ook verwachten dat er naderhand niet meer of andere toeslagen bij haar in rekening zouden worden gebracht.

3.3

Kuehne + Nagel heeft -kort weergegeven- het navolgende tegen de vordering aangevoerd.

3.3.1

Kuehne + Nagel betwist dat Steffex een spoedeisend belang heeft bij haar vordering omdat zij haar containers nog steeds door Kuehne + Nagel doet vervoeren en zij daarvoor ook de door Kuehne + Nagel gevraagde prijs betaalt. Van opschorting aan de zijde van Kuehne + Nagel is geen sprake. De veroordeling tot nakoming van de overeenkomst kan dan ook niet slagen. Er bestaat alleen een dispuut over de financiële afrekening.

3.3.2

Tussen partijen is een prijsbescherming afgesproken over de tarieven. Een prijsbescherming ter zake van toeslagen is niet tussen partijen overeengekomen. De aanvullende toeslagen vallen niet onder de tussen partijen overeengekomen tarieven.

3.3.3

Op grond van artikel 2 van de overeengekomen Fenex-voorwaarden kunnen prijzen door de expediteur worden gewijzigd. Het staat Kuehne + Nagel op grond van dit artikel dan ook vrij om de aanvullende toeslagen aan Steffex door te berekenen. Het zou ook niet redelijk zijn indien deze toeslagen geheel voor rekening en risico van Kuehne + Nagel zouden ko-men.

4 De beoordeling

4.1

Voldoende aannemelijk is geworden dat Steffex een spoedeisend belang heeft bij haar vor-dering. Voorshands is voldoende gebleken dat Kuehne + Nagel uitsluitend bereid is de con-tainers van Steffex te doen vervoeren tegen een hogere prijs dan oorspronkelijk tussen par-tijen is overeengekomen. Steffex heeft er belang bij op korte termijn te weten of zij gehou-den is deze hogere prijs te betalen, nu voldoende aannemelijk is geworden dat zij in het be-vestigende geval op korte termijn moet beslissen of zij de hogere kosten aan haar afnemers zal doorberekenen.

4.2

Voldoende gebleken is dat Steffex met Kuehne + Nagel in zee is gegaan omdat zij bij Kuehne + Nagel haar transportkosten vooraf voor een bepaalde periode kon vastleggen. Steffex had daar belang bij omdat de transportkosten een aanzienlijk deel van de uiteindelij-ke (ver-)koopprijs van te vervoeren zaken uitmaken. Kuehne + Nagel was hiervan op de hoogte. Tussen partijen is overeengekomen dat de tarieven bij mogelijke prijsstijgingen zouden blijven gehandhaafd. Steffex mocht er dan ook op vertrouwen dat de tarieven als opgenomen in de offerte van 20 mei 2009 ongewijzigd zouden blijven, althans niet aan stij-ging onderhevig zouden zijn tot in ieder geval 1 februari 2010.

4.3

Het staat binnen dit kort geding niet ter discussie dat de kosten voor zeevervoer na 20 mei 2009 aanzienlijk zijn gestegen door (nieuwe) toeslagen die in de loop der tijd door de rede-rijen zijn ingevoerd. Voor het antwoord op de vraag of Steffex aanspraak kan maken op de tussen partijen overeengekomen “prijsbescherming naar boven” moet worden nagegaan of ook deze toeslagen vallen onder het begrip “tarieven” als bedoeld in de brief van 11 juni 2009. Steffex is van oordeel dat zulks het geval is, terwijl Kuehne + Nagel meent dat deze toeslagen buiten dit begrip en aldus buiten de bedongen prijsbescherming vallen.

4.4

In de offerte van 20 mei 2009 is een prijslijst opgenomen. Direct onder deze prijslijst staat vermeld: “Bovenstaand tarief is exclusief de volgende variabele toeslagen”. Daaronder staat een zestal toeslagen vermeld, waarvan vier (waaronder bunkertoeslag) met de toevoeging “in-clusief”. Hieruit wordt voorshands afgeleid dat in de prijslijst van 20 mei 2009 genoemde tarieven kennelijk ook toeslagen zijn begrepen. Vanaf de offerte van 31 juli 2007 staat onder de prijslijsten opgenomen: “Bovenstaand tarief is inclusief de volgende variabele toeslagen”, waarna een zevental toeslagen wordt genoemd. Ook hieruit wordt afgeleid dat onder het door Kuehne + Nagel gehanteerde begrip “tarief” volgens de eigen bewoordingen van Kuehne + Nagel ook toeslagen zijn inbegrepen, tenzij anders aangegeven. Het ligt daarom niet voor de hand aan te nemen dat de toeslagen die inmiddels tot een prijsstijging hebben geleid, niet onder het begrip “tarief” als bedoeld in de brief van 11 juni 2009 zouden vallen.

Nu de toegenomen toeslagen leiden tot hogere tarieven en Steffex op grond van de met Kuehne + Nagel gemaakte prijsafspraken een prijsbescherming naar boven heeft, mogen deze hogere tarieven naar voorlopig oordeel tot in februari 2010 niet bij Steffex in rekening worden gebracht.

4.5

Daarnaast is niet gebleken dat Kuehne + Nagel Steffex erop heeft gewezen dat naast de lijst met toeslagen als vermeld op de offerte van 20 mei 2009 mogelijk ook andere toeslagen in rekening zouden worden gebracht. Indien en voor zover Kuehne + Nagel in de toekomst ook andere toeslagen in rekening had willen brengen, had zij op dat punt een voorbehoud moe-ten maken. Nu zij zulks heeft nagelaten, mocht Steffex er naar voorlopig oordeel op ver-trouwen dat zij naast de op de offerte van 20 mei 2009 vermelde toeslagen niet met nog an-dere toeslagen geconfronteerd zou worden en had zij zeker niet bedacht hoeven zijn op dif-ferentiatie binnen één soort toeslag (waarbij de voorzieningenrechter doelt op het onder-scheid tussen “Bunker Charge Far East (BUC)” en “Emergency Bunker Surcharge (EBUC)”).

4.6

Uit de overgelegde e-mailwisseling tussen Steffex en Kuehne + Nagel kan voorshands niet meer worden afgeleid dan dat Steffex bij Kuehne + Nagel erop heeft aangedrongen dat ten aanzien van 180 containers de oude prijsafspraken zouden worden nagekomen. Uit deze e-mailwisseling kan naar voorlopig oordeel niet worden afgeleid dat Steffex ten aanzien van andere (nog te vervoeren) containers wel zou hebben ingestemd met een verhoging van de tarieven. Kuehne + Nagel heeft zulks onvoldoende aannemelijk gemaakt.

4.7

Op de tussen partijen gesloten overeenkomst zijn de Fenex-voorwaarden van toepassing verklaard. Artikel 2 van deze Fenex-voorwaarden geeft een expediteur, in dit geval Kuehne + Nagel, de bevoegdheid de overeengekomen prijzen te wijzigen. Deze bepaling is strijdig met de tussen partijen geldende bepaling dat de overeengekomen prijzen tot 1 februari 2010 niet zouden stijgen. Het is thans dan ook de vraag welke bepaling in de rechtsverhouding tussen Steffex en Kuehne + Nagel prevaleert. Voor de beantwoording van die vraag komt het aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepaling ter zake de prijsbescherming naar boven mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten.

Partijen hebben bij het aangaan van de overeenkomst er doelbewust voor gekozen om (in afwijking van artikel 2 van de Fenex-voorwaarden) een bepaling op te nemen waarin zij zijn overeengekomen dat de oorspronkelijk geldende prijzen tot 1 februari 2010 niet zouden stij-gen. Toepassing van artikel 2 van de Fenex-voorwaarden zou dan ook geheel voorbij gaan aan hetgeen partijen bij het aangaan van de overeenkomst hebben beoogd. Nu de prijsbe-scherming onderwerp van gesprek tussen partijen is geweest, mocht Steffex ervan uitgaan dat hetgeen zij ter zake zijn overeengekomen voor partijen bindend zou zijn.

Naar voorlopig oordeel dient de bepaling ter zake van de prijsbescherming (naar boven) dan ook te prevaleren boven de algemene bepaling van artikel 2 van de Fenex-voorwaarden. Voorshands wordt derhalve aangenomen dat Kuehne + Nagel geen beroep toekomt op laatstgenoemde bepaling. Het staat haar dan ook niet vrij om de oorspronkelijk overeenge-komen prijzen op grond van artikel 2 van de Fenex-voorwaarden naar boven toe te wijzigen.

4.8

Het is indenkbaar dat de nieuw in het leven geroepen toeslagen zwaar op het bedrijfsresul-taat van Kuehne + Nagel drukken. Evenwel valt niet in te zien waarom de gevolgen daar-van, gelet op de tussen partijen gemaakte harde prijsafspraken, (gedeeltelijk) voor risico en rekening voor Steffex zouden moeten komen en op Steffex zouden kunnen worden afge-wenteld. Vooralsnog is daartoe geen deugdelijke rechtsgrond gesteld.

4.9

Gebleken is dat Kuehne + Nagel uitsluitend bereid is de containers van Steffex te doen ver-voeren op basis van de door haar verhoogde -meest recente- tarieven. Gelet op het hiervoor overwogene wordt echter voorshands geoordeeld dat Kuehne + Nagel gehouden is de con-tainers te laten vervoeren op basis van de oorspronkelijk bij offerte van 20 mei 2009 over-eengekomen tarieven en toeslagen, behoudens de toeslagen die in die offerte niet als inclu-sief zijn aangeduid. Nu Kuehne + Nagel dit thans nalaat te doen, schiet zij toerekenbaar te-kort in de nakoming van de met Steffex gesloten overeenkomst. Steffex heeft dan ook recht op en belang bij veroordeling van Kuehne + Nagel tot nakoming van haar verbintenissen uit deze overeenkomst. Het gevorderde zal dan ook worden toegewezen, met dien verstande dat Kuehne + Nagel uitsluitend veroordeeld zal worden tot het doen vervoeren van de contai-ners van Steffex. Op Kuehne + Nagel rust immers geen contractuele verplichting de contai-ners zelf te vervoeren. Het gedeelte van de vordering dat erop ziet dat Kuehne + Nagel de containers zonder vertraging moet (laten) vervoeren, wordt eveneens afgewezen, nu Kuehne + Nagel voor het doen vervoeren afhankelijk is van factoren die buiten haar schuld tot ver-traging kunnen leiden (zoals weersomstandigheden en omstandigheden bij de rederijen), zodat een dergelijke verplichting niet aan Kuehne + Nagel kan worden opgelegd.

4.10

De gevorderde dwangsom zal op na te melden wijze worden toegewezen.

4.11

Kuehne + Nagel wordt als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de kosten van de procedure.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter,

veroordeelt Kuehne + Nagel tot nakoming van haar verbintenissen uit de overeenkomst van 11 juni 2009, waaronder in het bijzonder het -tot 1 februari 2010- conform deze overeen-komst doen vervoeren van de containers van Steffex tegen te factureren tarieven zoals op-genomen in de offerte van 20 mei 2009, met handhaving van een betalingstermijn van dertig dagen, een en ander op straffe van een dwangsom van € 10.000,00 per dag of gedeelte daar-van dat Kuehne + Nagel in gebreke blijft met voldoening van deze veroordeling voor wat betreft het doen vervoeren van de containers tegen voorbedoelde tarieven, met een maxi-mum van € 250.000,00;

veroordeelt Kuehne + Nagel in de kosten van dit kort geding, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Steffex bepaald op € 334,25 aan verschotten en op € 816,00 aan salaris voor de advocaat;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.F.L. Geerdes, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. L. van Gulick, griffier.

Uitgesproken in het openbaar.

2021/676