Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2009:BJ2036

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
07-04-2009
Datum publicatie
09-07-2009
Zaaknummer
307767 / HA ZA 08-1323
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bewijsopdracht verzekeraar van haar stelling dat verzekerde haar meldings- en inlichtingenplicht ingevolge artikel 7:941 BW heeft geschonden. Schaderapport expert verzekeraar biedt onvoldoende houvast om anderszins dekking onder de verzekering te weigeren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

Zaak-/rolnummer: 307767 / HA ZA 08-1323

Uitspraak: 7 april 2009

VONNIS van de enkelvoudige kamer in de zaak van:

[eiseres],

gevestigd te Kessel,

eiseres,

advocaat mr. J. Kneppelhout,

- tegen -

de naamloze vennootschap ALLIANZ NEDERLAND SCHADEVERZEKERING N.V.,

gevestigd te Rotterdam,

gedaagde,

advocaat mr. R.B. Gerretsen.

Partijen worden hierna aangeduid als "[eiseres]" respectievelijk "Allianz".

1 Het verloop van het geding

De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:

- dagvaarding d.d. 9 mei 2008 en de door [eiseres] overgelegde producties;

- conclusie van antwoord, met één productie;

- tussenvonnis van deze rechtbank d.d. 10 december 2008, waarbij een comparitie van partijen is gelast;

- proces-verbaal van de comparitie van partijen, gehouden op 23 februari 2009;

- de ter gelegenheid van de comparitie van partijen door partijen overgelegde producties.

2 De vaststaande feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, gelet ook op de in zoverre niet betwiste inhoud van de in het geding gebrachte producties, staat tussen partijen - voorzover van belang - het volgende vast:

2.1 [eiseres] heeft sinds 3 december 1987 een doorlopende Construction All Risks-verzekering (hierna: de CAR-verzekering) bij Allianz. Bij de CAR-verzekering horen de Bouw-/Montageverzekering Verzekeringsvoorwaarden BMV 01 (hierna: BMV) die - voor zover relevant - als volgt luiden:

“Artikel 8

Verplichtingen van de verzekerde

(…)

8.4 Verplichtingen van de verzekerde bij schade

Zodra verzekerde kennis draagt van een schade onder deze verzekering dan wel een omstandigheid welke tot schade onder deze verzekering zou kunnen leiden is hij verplicht: (…)

8.4.5 alle beschadigde delen voor inspecties c.q. expertises te bewaren (…)

Artikel 9

Bijzondere voorschriften ten aanzien van schadepreventie

(…)

9.2 Weersinvloeden

Eventueel in aanvulling op het bestek en/of andere van toepassing zijnde verwerkings-/werkvoorschriften dienen voorzorgsmaatregelen te worden getroffen teneinde schade te voorkomen als gevolg van weersinvloeden die op grond van het jaargetijde en de weersverwachting redelijkerwijs zijn te verwachten. (…)

Artikel 10

Niet nakoming

10.1 Verplichtingen

Onverminderd het bepaalde in de elders in deze polis opgenomen specifieke bepalingen verliest de verzekerde zijn recht op schadevergoeding indien in geval van schade blijkt dat niet is voldaan aan de verplichtingen zoals vermeld in deze polis en indien en voor zover door het niet nakomen van deze verplichtingen de belangen van de maatschappij zijn geschaad. (…)

Artikel 24

Aanvullende uitsluitingen

(…)

24.9 Ondeugdelijk proces

Niet verzekerd is schade aan (een deel van) het werk als direct gevolg van een ondeugdelijk vormings,- vervaardigings- of bewerkingsproces (inclusief nabehandeling, droog- en/of uithardingstijd) van in het werk te realiseren (onder)delen, tenzij sprake is van een gebeurtenis waarvan de oorzaak geheel is gelegen buiten het proces en waarmee verzekerde in redelijkheid geen rekening kon of behoefde te houden. (…)”

2.2 Medio mei 2004 is [eiseres] begonnen met de bouw van Villa Stalberg aan de [adres] (hierna: de villa). Onder de werkzaamheden van [eiseres] viel onder meer het aanbrengen van het stucwerk in de villa. De villa is op 11 april 2005 opgeleverd.

2.3 Toen [eiseres] op 10 mei 2005 nog enkele opleveringswerkzaamheden in de villa aan het uitvoeren was, heeft het stucwerk op de plafonds van de tuinkamer, panoramakamer en de keuken, die allen zijn gelegen op de begane grond van de villa, losgelaten.

2.4 [eiseres] heeft per e-mail van 11 mei 2005 om 22.20 uur gemeld aan zijn verzekeringstussenpersoon dat stucwerk heeft losgelaten.

2.5 Een schade-expert van het expertisebureau Vanderwal & Joosten heeft in opdracht van Allianz de villa bezocht om de schade aan het stucwerk te onderzoeken. Haar bevindingen heeft zij in het schaderapport van 28 juli 2005 opgenomen waarin - voor zover relevant - het volgende is vermeld:

“OORZAAK

Ten tijde van onze inspectie was het loslatende stucwerk reeds verwijderd en opnieuw aangebracht. Wij hebben dus niet kunnen vaststellen of er sprake was van geen dan wel onvoldoende hechting en of de ontbrekende/onvoldoende hechting vanaf het begin aanwezig is geweest.

Bij verzekerde bestaat het vermoeden dat door de droge omstandigheden in de winter (toen het stucwerk aangebracht werd) de droging van het natte stucwerk te slecht was. Andere mogelijkheden zijn een te sterk of te zwak zuigende ondergrond, een onjuiste voorbehandeling van de ondergrond of een onjuist stucmengsel. (…)

GEVOLGEN, HERSTEL EN/OF MAATREGELEN

(…)

Het stucwerk tegen het plafond van de ‘tuinkamer’, de ‘panoramakamer’ en de keuken moet verwijderd en opnieuw aangebracht worden. Daarnaast moeten alle aangetaste vlakken (zowel de plafonds als de aanliggende wanden) opnieuw gesausd worden. De in de plafonds aanwezige roosters en lampen moeten gedemonteerd en hermonteerd worden.

Ten behoeve van de werkzaamheden moeten enige maatregelen genomen worden ter bescherming van de vloeren en de inboedel en zal er schoongemaakt moeten worden. (…)”

2.6 [eiseres] heeft Allianz tevergeefs verzocht de door haar geleden schade in verband met het loslaten van het stucwerk te vergoeden op grond van de CAR-verzekering.

3 De vordering

De gewijzigde vordering luidt - verkort weergegeven - om bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad Allianz te veroordelen tot betaling aan [eiseres] van het bedrag van € 15.382,62 (zijnde € 18.305,31 - € 2.922,69) aan schadevergoeding, het bedrag van € 3.814,51 aan wettelijke rente van 1 maart 2006 tot en met 10 mei 2008, het bedrag van € 904,- aan buitengerechtelijke incassokosten, vermeerderd met wettelijke rente over de twee eerstgenoemde bedragen en proceskosten.

Tegen de achtergrond van de vaststaande feiten heeft [eiseres] aan de vordering de volgende stellingen ten grondslag gelegd:

3.1 [eiseres] heeft schade geleden in verband met het loslaten van het stucwerk in de villa en heeft mitsdien recht op uitkering van haar schade onder de CAR-verzekering. De schade betreft de volgende posten:

afdekken en inpakken vloeren/meubels/tape/afdekrollen en afsteken plafond € 2.494,50

opnieuw stuken plafond, fijn schuurwerk € 3.927,00

texwerk wanden en plafond € 4.692,92

opnieuw schuren parketvloer € 1.012,00

d-hermonteren luchtbehandelingsroosters incl. inregelen € 237,00

elektra d-hermonteren spots € 300,00

poetsploeg 1 dag, 5 mensen € 1.666,00

------------

totaal € 14.329,42

+ 7% algemene kosten € 1.003,05

+ CAR-verzekering 0,35 % € 50,15

------------

totaal € 15.382,62

3.2 Het schadebedrag van € 15.382,62 moet worden vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 maart 2006. Het bedrag aan rente tot en met 10 mei 2006 bedraagt € 3.814,51.

3.3 Voorts heeft [eiseres] recht op vergoeding van de door haar gemaakte buitenrechtelijke kosten die op grond van Rapport Voorwerk II moeten worden bepaald op het bedrag van

€ 904,-.

4 Het verweer

Het verweer strekt tot afwijzing van de vordering, met veroordeling van [eiseres] bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad in de kosten van het geding.

Tegen de achtergrond van de vaststaande feiten heeft Allianz daartoe het volgende aangevoerd:

4.1 De in het schaderapport beschreven mogelijke oorzaken voor het loslaten van het stucwerk in de villa zijn op grond van artikel 24.9 BMV niet gedekt onder de CAR-verzekering. Volgens [eiseres] zou het loslaten van het stucwerk mogelijk veroorzaakt zijn door vorst. Dit is echter zeer onaannemelijk. Bovendien is vorst als schadeoorzaak op grond van artikel 9.2 BMV niet gedekt onder de CAR-verzekering. Mitsdien wordt de door [eiseres] geleden schade niet gedekt onder de CAR-verzekering.

4.2 Nu de schade-expert de oorzaak van het loslaten van het stucwerk niet heeft kunnen vaststellen aangezien het stucwerk ten tijde van haar bezoek aan de villa reeds was hersteld, heeft [eiseres] niet voldaan aan haar meldings- en inlichtingenplicht ingevolge artikel 7:941 BW en artikel 8.4.5 BMV. Allianz is hierdoor in een redelijk belang geschaad omdat onderzoek naar de schadeoorzaak niet meer mogelijk was door toedoen van [eiseres]. Ook als gevolg hiervan is Allianz niet gehouden tot het verlenen van dekking onder de CAR-verzekering.

4.3 De omvang van de door [eiseres] gestelde schadeposten ‘opnieuw stuken plafond, fijn schuurwerk’ en ‘poetsploeg 1 dag, 5 mensen’ wordt betwist. Voorts wordt betwist dat Allianz een vergoeding is verschuldigd voor de schadepost ‘opnieuw schuren parketvloer’. Dit betreft een apart evenement onder de CAR-verzekering. De schade houdt niet rechtstreeks verband met de schade aan het stucwerk maar is het gevolg van het opnieuw aanbrengen van het stucwerk. De schade valt onder het eigen risico dat geldt voor ieder evenement afzonderlijk en komt reeds daarom niet voor vergoeding in aanmerking. Tot slot wordt betwist dat over alle schadeposten een percentage van 7 % algemene kosten kan worden geheven.

5 De beoordeling

5.1 Tussen partijen is met name in geschil of de schade die [eiseres] heeft geleden als gevolg van het loslaten van het stucwerk in de villa is gedekt onder de CAR-verzekering.

5.2 Allianz heeft aangevoerd dat zij niet gehouden is dekking te verlenen op grond van de CAR-verzekering aangezien [eiseres] haar meldings- en inlichtingenplicht ingevolge artikel 7:941 BW alsmede artikel 8.4.5 BMV heeft geschonden. Hiertoe voert zij aan dat ten tijde van het bezoek van de schade-expert op 13 mei 2005 aan de villa al het beschadigde stucwerk was verwijderd van de plafonds en nieuw stucwerk reeds was aangebracht. [eiseres] heeft deze stelling gemotiveerd betwist. Volgens haar heeft de schade-expert de villa op 12 mei 2005 bezocht en werd er tijdens dat bezoek door werknemers van [eiseres] nog stucwerk van het plafond afgestoken. Ter onderbouwing hiervan verwijst zij naar een verklaring die is ondertekend door een aantal van haar medewerkers. De schade-expert was mitsdien wel in staat om het beschadigde stucwerk te onderzoeken, aldus [eiseres]. Gelet op de betwisting van [eiseres], kan de rechtbank thans niet de juistheid van de stelling van Allianz vaststellen. Nu Allianz zich op de rechtsgevolgen van haar stelling beroept, draagt zij de bewijslast daarvan.

5.3 Indien Allianz slaagt in haar bewijsopdracht staat vast dat [eiseres] het beschadigde stucwerk reeds voor het bezoek van de schade-expert aan de villa had verwijderd en nieuw stucwerk had aangebracht. Daarmee staat tevens vast dat [eiseres] de meldings- en inlichtingenplicht die op haar rustte, heeft geschonden. Tussen partijen is niet in geschil dat Allianz op grond daarvan in een redelijk belang is geschaad nu zij niet meer de oorzaak van de schade kan vaststellen.

5.4 [eiseres] heeft zich in haar conclusie van antwoord op het standpunt gesteld dat de oorzaak van de schade nog had kunnen worden vastgesteld door de schade-expert door het afgestoken stucwerk, dat achtergelaten zou zijn in speciebakken buiten de villa, te onderzoeken. Ter comparitie heeft Allianz aangevoerd dat zij op grond van dit onderzoek niet had kunnen vaststellen wat de exacte oorzaak van het hechtingsprobleem was en welke laag van het stucwerk precies had losgelaten, hetgeen door [eiseres] niet is betwist, waardoor dit is vast komen te staan. Voornoemde stelling van [eiseres] moet mitsdien worden gepasseerd. Dit leidt tot het oordeel dat Allianz een geslaagd beroep op de artikelen 7:941 BW en 8.4.5 jo 10.1 BMV kan doen wanneer zij slaagt in haar bewijsopdracht. Zij is in dat geval niet gehouden de door [eiseres] geleden schade te vergoeden op grond van de CAR-verzekering.

5.5 Indien Allianz niet slaagt in haar bewijsopdracht, is komen vast te staan dat Allianz wel in staat was om de schade aan het stucwerk te onderzoeken. Mitsdien kan Allianz dan geen geslaagd beroep doen op de artikelen 7:941 BW en 8.4.5 jo 10.1 BMV. In dat geval komt de rechtbank toe aan het verweer van Allianz dat zij niet gehouden is dekking te verlenen aan [eiseres] onder de CAR-verzekering op grond van het feit dat de schade te wijten is aan een ondeugdelijk productieproces, waarop artikel 24.9 BMV ziet, danwel dat de schade het gevolg is van weersinvloeden op grond waarvan artikel 9.2 dekking uitsluit. [eiseres] betwist deze stelling van Allianz. De rechtbank overweegt hierover als volgt.

5.6 Volgens Allianz zijn er blijkens het schaderapport mogelijke oorzaken voor het loslaten van het stucwerk aan te wijzen, welke oorzaken zijn gelegen in een ondeugdelijk productieproces. Ter gelegenheid van de comparitie heeft de schade-expert verklaard dat zij haar schaderapport heeft gebaseerd op het gegeven dat alle stuclagen hadden losgelaten van het plafond. Dit zou zij hebben vernomen van de opzichter van het bouwproject. Volgens [eiseres] heeft echter enkel de toplaag van het stucwerk losgelaten. Ter comparitie heeft de schade-expert verklaard dat het loslaten van enkel de toplaag een andere oorzaak kan hebben dan wanneer alle stuclagen hebben losgelaten. Deze oorzaak kan van buiten af komen en - zo begrijpt de rechtbank - is dan niet gelegen in een ondeugdelijk productieproces. De onduidelijkheid over de exacte schade aan het stucwerk roept de vragen op of het schaderapport op de juiste uitgangspunten is gebaseerd, of de mogelijk genoemde oorzaken nog steeds van toepassing zijn danwel of zij alle mogelijke schadeoorzaken dekken. Door deze gerezen twijfels zal de rechtbank het rapport niet bij de beoordeling van de oorzaak van de schade aan het stucwerk tot uitgangspunt nemen.

5.7 Terzake de stelling van Allianz, dat het loslaten van het stucwerk gelegen is in een ondeugdelijk productieproces, is voorts het volgende van belang. Volgens [eiseres] kan geen sprake zijn van een ondeugdelijk productieproces gelet op het feit dat de gehele villa is gestucd door hetzelfde bedrijf, dezelfde partij stuc is gebruikt, hetzelfde mengsel is gebruikt, dezelfde voor- en nabehandeling is betrokken en het stucwerk in de rest van de villa in tact is gebleven. Volgens Allianz valt tegen deze stelling allereerst in te brengen dat het zou kunnen zijn dat de plafonds op de begane grond niet zijn voorgestreken, terwijl dat in de rest van de villa wel is gebeurd. Dit zou hechtingsproblemen kunnen veroorzaken. Voorts heeft Allianz in dit kader aangevoerd dat het stucmateriaal niet in één keer wordt klaar gemaakt. Ook hierin kan bij de plafonds op de begane grond een fout zijn gemaakt, terwijl dat niet is gebeurd in de rest van het huis. [eiseres] heeft hiertegen aangevoerd dat het niet erg aannemelijk is dat dergelijke fouten zijn gemaakt. Daarenboven geldt volgens [eiseres] dat, zelfs al zouden de plafonds niet zijn voorgestreken, de kans op schade als gevolg hiervan erg klein is. Hetgeen door [eiseres] is aangevoerd, is door Allianz niet betwist, zodat dit is vast komen te staan. Dit leidt tot het oordeel dat Allianz haar stelling, dat sprake is van een ondeugdelijk productieproces, na de betwisting daarvan door [eiseres], niet voldoende gemotiveerd heeft onderbouwd, zodat deze zal worden gepasseerd.

5.8 Hetgeen Allianz ter comparitie heeft aangevoerd terzake het niet deugdelijk zijn van het stucwerk ten tijde van de oplevering, leidt niet tot een ander oordeel nu deze stelling van Allianz niets zegt over de oorzaak van het loslaten van het stucwerk op 10 mei 2005.

5.9 Tussen partijen was ter comparitie niet (meer) in geschil dat niet aannemelijk is dat vorst de oorzaak is van het loslaten van het stucwerk, gelet op het feit dat de villa ten tijde van het stucen geïsoleerd en wind- en waterdicht was.

5.10 Op grond van het vorengaande is de rechtbank van oordeel dat de stelling van Allianz dat de oorzaak van de schade aan het stucwerk niet gedekt wordt door de artikelen 9.2 danwel 24.9 BMV moet worden gepasseerd.

5.11 Wanneer Allianz niet slaagt in haar bewijsopdracht heeft [eiseres] mitsdien op grond van de CAR-verzekering recht op vergoeding van de schade die zij geleden heeft als gevolg van het loslaten van het stucwerk in de villa. De rechtbank zal voor dat geval eerst [eiseres] en vervolgens Allianz bij (antwoord)conclusie na enquête de gelegenheid geven hun terzake de schade ingenomen stellingen nader toe te lichten en te onderbouwen.

5.12 In afwachting van de bewijslevering houdt de rechtbank iedere andere beslissing aan.

6 De beslissing

De rechtbank,

alvorens verder te beslissen,

draagt Allianz op te bewijzen dat ten tijde van het bezoek van de schade-expert op 13 mei 2005 aan de villa al het beschadigde stucwerk was verwijderd van de plafonds en nieuw stucwerk reeds was aangebracht;

bepaalt dat indien Allianz dit bewijs wil leveren door het doen horen van getuigen, deze zullen worden gehoord in het gebouw van deze rechtbank voor de rechter mr. M. Witkamp;

bepaalt dat de advocaat van Allianz binnen twee weken na vonnisdatum aan de rechtbank - sector civiel recht, afdeling planningsadministratie, kamer E 12.43, Postbus 50954, 3007 BR Rotterdam - opgave moet doen van de voor te brengen getuigen en de verhinderdata van de betrokkenen aan zijn zijde in de maanden mei, juni en juli en dat de advocaat van [eiseres] binnen dezelfde periode opgave moet doen van de verhinderdata van de betrokkenen aan zijn zijde in dezelfde periode, waarna dag en uur van de verhoren zullen worden bepaald;

bepaalt dat het aan de hand van de opgaven vastgestelde tijdstip, behoudens dringende redenen, niet zal worden gewijzigd;

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Witkamp.

Uitgesproken in het openbaar.

2054/1582