Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2009:BH5452

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
11-02-2009
Datum publicatie
11-03-2009
Zaaknummer
300072 / HA ZA 08-266
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHSGR:2011:BR2400, Meerdere afhandelingswijzen
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Beroep op vernietigbaarheid koopovereenkomst, geestelijke stoornis, algemene voorwaarden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

Zaak-/rolnummer: 300072 / HA ZA 08-266

Uitspraak: 11 februari 2009

VONNIS van de enkelvoudige kamer in de zaak van:

[eiser],

wonende te [woonplaats],

eiser in conventie,

verweerder in reconventie,

advocaat mr. R.H. Kuiper,

- tegen -

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DIVANO & DIVANI B.V.,

gevestigd te Capelle aan den IJssel,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. J.G.M. Roijers.

Partijen worden hierna aangeduid als "[eiser]" respectievelijk "Divano & Divani".

1 Het verloop van het geding

De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:

- dagvaarding d.d. 18 januari 2008 en de door [eiser] overgelegde producties;

- conclusie van antwoord in conventie, tevens conclusie van eis in

reconventie, met producties;

- conclusie van repliek in conventie, tevens conclusie van antwoord in

reconventie;

- conclusie van dupliek in conventie, tevens conclusie van repliek in

reconventie;

- conclusie van dupliek in reconventie, met productie.

2 De vaststaande feiten in conventie en in reconventie

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, gelet ook op de in zoverre niet betwiste inhoud van de in het geding gebrachte producties, staat tussen partijen - voorzover van belang - het volgende vast:

2.1 [eiser] heeft op 4 september 2006 een koopovereenkomst met Divano & Divani gesloten onder ordernummers 67758 en 67760 met betrekking tot meubels en meubelaccessoires voor een totaalbedrag van € 60.268,-- (hierna: de koopovereenkomst), (productie 1 bij dagvaarding).

2.2 De door [eiser] ondertekende schriftelijke overeenkomsten/facturen d.d. 4 september 2006 vermelden dat de algemene voorwaarden van de Centrale Branche Vereniging Wonen (hierna: de algemene voorwaarden) van toepassing zijn.

Artikel 12 van de algemene voorwaarden luidt als volgt:

“Lid 1

Bij annulering van de overeenkomst door de afnemer is deze een schadevergoeding

verschuldigd van 30 procent van hetgeen de afnemer bij de uitvoering van de overeenkomst

had moeten betalen, tenzij partijen bij het sluiten van de overeenkomst anders zijn overeengekomen. Het percentage als bedoeld in de vorige zin bedraagt 50 procent indien de annulering van een overeenkomst door afnemer geschiedt terwijl de afnemer er al van kennis is gesteld dat de op- of aflevering of een deel ervan indien het een deellevering betreft kan plaatsvinden.

Lid 2

De in het vorige lid genoemde percentages zijn vaststaand, tenzij de ondernemer kan bewijzen dat zijn schade groter is of de afnemer aannemelijk kan maken dat de schade kleiner is.”

2.3 [eiser] heeft bij de aankoop op 4 september 2006 en op 14 en 20 september 2006 bedragen van respectievelijk € 800,--, € 2.500,-- en € 12.500,--

(in totaal derhalve € 15.800,--) in mindering voldaan op de koopsom.

2.4 [eiser] leidt aan een bipolaire stoornis (manisch-depressieve stoornis).

Op 31 augustus 2006 is hij vrijwillig opgenomen in de kliniek van GGZ Delfland te Schiedam. Op 7 september 2006 is [eiser] op grond van een gerechtelijke inbewaringstelling (IBS) in de gesloten afdeling van deze kliniek geplaatst (productie 4 bij dagvaarding).

2.5 Een medische verklaring aangaande [eiser] van [persoon 1], GGZ-arts, d.d. 20 oktober 2006 (productie 3 bij dagvaarding) luidt - voor zover relevant - als volgt:

“(…)

Bij deze verklaar ik dat bovengenoemd persoon al jaren bekend is bij ondergetekende

wegens een manische stoornis. U werd poliklinisch een aantal keer gezien en wegens de ernst van de stoornis werd u op d.d. 31 augustus 2006 vrijwillig opgenomen in onze kliniek. U was duidelijk manisch en had in de periode hiervoor heel veel geld uitgegeven in een kort tijdsbestek. U was toen niet in staat goed met geld om te gaan en steeds was u hiermee bezig.

Dit leidde zelfs tot gedwongen opname in de gesloten afdeling 17 van GGZ Delfland te Schiedam op d.d. 7 september 2006, wegens gebrek van inzicht in uw gedrag en handelen.

U was al bij opname wilsonbekwaam door uw psychische stoornis.(…)”

2.6 [eiser] heeft bij brief van 26 september 2006 (productie 5 bij dagvaarding) aan Divano & Divani medegedeeld dat hij de nog te leveren zaken, wegens financiële moeilijkheden, niet kan afnemen. Tevens heeft hij Divano & Divani verzocht het reeds aan haar betaalde bedrag van € 15.800,-- aan hem terug te betalen.

2.7 Bij brief van 18 oktober 2006 (productie 6 bij dagvaarding) heeft Divano & Divani [eiser] onder meer het volgende bericht:

“(…)Op al onze verkopen zijn de algemene verkoopvoorwaarden van de Centrale Branche Vereniging Wonen van toepassing. Deze zijn u bij het aangaan van de koopovereenkomst ter hand gesteld en u heeft voor ontvangst getekend. In deze algemene voorwaarden is opgenomen dat u bij annulering 30% annuleringskosten verschuldigd bent. Op uw verzoek zullen wij de orders annuleren en u de annuleringskosten als volgt in rekening brengen.

Orderwaarde order 67758 60.268,00

Orderwaarde order 67760 2.869,00

63.137,00

30% hiervan 18.941,10

U heeft reeds aanbetaald 15.800,00

Nog van u te ontvangen 3.141,10

Wij verzoeken u dit bedrag aan ons over te maken waarna wij u schriftelijk zullen bevestigen dat de orders zijn geannuleerd.(…)”

2.8 Bij brief van 9 november 2006 aan Divano & Divani (productie 7 bij dagvaarding) heeft de raadsman van [eiser] de buitengerechtelijke vernietiging van de overeenkomst ingeroepen wegens het bestaan van een geestelijke stoornis ten tijde van de aankoop van de meubels en meubelaccessoires. Tevens heeft de raadsman verzocht het reeds door [eiser] betaalde bedrag terug te betalen.

2.9 Divano & Divani heeft niet met deze buitengerechtelijke vernietiging ingestemd en is evenmin overgegaan tot terugbetaling.

3 De vordering in conventie

De vordering luidt - verkort weergegeven - om bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

1. primair te verklaren voor recht dat de koopovereenkomst is vernietigd, subsidiair deze te vernietigen;

2. Divano & Divani te veroordelen om aan [eiser] tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 16.728,80, vermeerderd met de wettelijke rente;

3. Divano & Divani te veroordelen in de kosten van de procedure.

Tegen de achtergrond van de vaststaande feiten heeft [eiser] aan de vordering de volgende stellingen ten grondslag gelegd:

3.1 [eiser] leed ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst aan een geestelijke stoornis in de zin van artikel 3:34 BW en was daardoor niet in staat zijn wil te bepalen, zodat de overeenkomst vernietigbaar is. [eiser] heeft op 9 november 2006 de buitengerechtelijke vernietiging van de koopovereenkomst ingeroepen.

3.2 Voor zover geoordeeld wordt dat de koopovereenkomst nog niet is vernietigd, vordert [eiser] subsidiair de vernietiging van de koopovereenkomst.

3.3 Divano & Divani dient de door haar ontvangen voorschotten ad € 15.800,-- terug te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 24 november 2006.

3.4 [eiser] heeft aanspraak op vergoeding van de door hem gemaakte buitengerechtelijke incassokosten ten bedrage van € 928,80.

4 Het verweer in conventie

Het verweer strekt tot afwijzing van de vordering, met veroordeling bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad van [eiser] in de kosten van het geding.

Divano & Divani heeft daartoe het volgende aangevoerd:

4.1 De aankoop van de meubelen door [eiser] was geen gevolg van een geestelijke stoornis aan de zijde van [eiser]. Er is sprake van een perfecte koopovereenkomst.

4.2 Als wordt vastgesteld dat sprake is van een ontbreken van de wil, beroept Divano & Divani zich subsidiair op artikel 3:35 BW. Divano & Divani mocht er gezien de omstandigheden gerechtvaardigd op vertrouwen dat [eiser] de koopovereenkomst wilde aangaan.

5 De vordering in reconventie

De vordering luidt - verkort weergegeven - om bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

1. [eiser] te veroordelen tot nakoming van de koopovereenkomst, meer in het bijzonder de regeling inzake annulering van de koopovereenkomst, hetgeen inhoudt dat [eiser] na verrekening met reeds betaalde voorschotten € 3.141,10 verschuldigd is, vermeerderd met de wettelijke rente hierover;

2. [eiser] te veroordelen in de kosten van deze procedure.

Aan deze vordering heeft Divano & Divani naast hetgeen in conventie als verweer is aangevoerd, de volgende stellingen ten grondslag gelegd:

5.1 [eiser] heeft de koopovereenkomst geannuleerd. Op grond van artikel 12 van de algemene voorwaarden heeft Divano & Divani aanspraak op annuleringskosten ten bedrage van € 18.941,--, zijnde 30 % van de koopsom. [eiser] heeft reeds een bedrag van

€ 15.800,-- aan voorschotten voldaan, zodat hij na verrekening nog een bedrag van

€ 3.141,10 dient te voldoen.

5.2 Divano & Divani heeft voorts aanspraak op de wettelijke rente over € 3.141,10.

6 Het verweer in reconventie

Het verweer strekt tot afwijzing van de vordering, met veroordeling van Divano & Divani in de kosten van het geding.

Naast hetgeen [eiser] in conventie heeft betoogd, heeft hij daartoe het volgende aangevoerd:

6.1 De algemene voorwaarden zijn niet op de overeenkomst van toepassing, zodat Divano & Divani geen aanspraak heeft op de annuleringsvergoeding als bepaald in artikel 12 van deze voorwaarden.

6.2 Divano & Divani heeft [eiser] geen mogelijkheid geboden om van de voorwaarden kennis te nemen in de zin van artikel 6:233 onder b BW en artikel 6:234 BW.

Aldus komt [eiser] een beroep toe op de vernietigbaarheid van de algemene voorwaarden, althans van het beding als opgenomen in artikel 12 van de voorwaarden.

6.3 Uit artikel 6:237 aanhef en sub i BW volgt bovendien dat artikel 12 van de algemene voorwaarden onredelijk bezwarend is. Zo [eiser] geen rechtstreeks beroep toekomt op de bepalingen in de grijze lijst, is er ruimte voor reflexwerking.

6.4 Artikel 12 van de algemene voorwaarden kan aangemerkt worden als een boetebeding als bedoeld in artikel 6:91 BW. Artikel 3 lid 3 van de Richtlijn betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten bepaalt dat een in algemene voorwaarden opgenomen boetebeding als oneerlijk kan worden aangemerkt.

6.5 De gefixeerde annuleringsvergoeding houdt geen verband met enige werkelijk door Divano & Divani geleden schade of door haar gemaakte kosten.

6.6 Onverkorte toepassing van artikel 12 van de algemene voorwaarden is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar.

7 De beoordeling

in conventie

7.1 [eiser] legt aan zijn vordering ten grondslag dat hij de koopovereenkomst heeft gesloten onder invloed van een geestelijke stoornis en dat de koopovereenkomst derhalve op grond van artikel 3:34 BW vernietigbaar is. Ter onderbouwing van zijn stellingen, verwijst [eiser] naar een verklaring van zijn behandelend arts [persoon 1], alsmede naar de last tot inbewaringstelling (producties 3 en 4 bij dagvaarding).

Divano & Divani voeren aan dat uit de overgelegde stukken niet zonder meer blijkt dat [eiser] ook ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst op 4 september 2006 in een manische fase van zijn manisch-depressieve stoornis verkeerde en dat hieruit evenmin blijkt dat als gevolg van die stoornis zijn wil ontbrak tot het aangaan van de koopovereenkomst.

Uit voornoemde brief van GGZ-arts [persoon 1], als hiervoor weergegeven onder 2.3,

volgt dat [eiser] in de periode vóór de vrijwillige opname van 31 augustus 2006 manisch was en dat hij als gevolg daarvan heel veel geld had uitgegeven. ‘Dit leidde zelfs tot een gedwongen opname’ op ‘7 september 2006, wegens gebrek van inzicht in uw gedrag en handelen’, zo schrijft [persoon 1] in deze brief aan [eiser].

De rechtbank leidt uit deze brief, in combinatie met de aankoop op 4 september 2006 van een flinke hoeveelheid meubels en meubelaccessoires voor een (relatief) hoog bedrag, het bewijsvermoeden af dat [eiser] ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst op 4 september 2006 leed aan en handelde onder invloed van een manische stoornis.

Divano & Divani zal in de gelegenheid worden gesteld tegenbewijs te leveren tegen dit vermoeden.

7.2 Indien Divano & Divani slaagt in dit tegenbewijs, zal de vordering in conventie worden afgewezen. Slaagt zij niet in het leveren van dit tegenbewijs, dan is het beroep van Divano & Divani op artikel 3:35 BW (gerechtvaardigd vertrouwen) aan de orde.

Divano & Divani stelt dat een eventuele geestelijke stoornis voor haar niet kenbaar was. Daartoe voert zij onder meer aan dat [eiser] vaker meubelen bij haar heeft gekocht, dat hij voorafgaand aan de koopovereenkomst de winkel van Divano & Divano meerdere malen heeft bezocht, zodat sprake was van een weloverwogen aankoop en dat zijn dochter op 4 september 2006 bij de koop aanwezig was en dat zij geen opmerking over de geestesvermogens van haar vader heeft gemaakt, terwijl dat wel in de rede had gelegen als er sprake van een stoornis was.

[eiser] heeft gemotiveerd betwist dat de stoornis niet kenbaar voor Divano & Divani was, stellende dat het aanzienlijke aankoopbedrag van de meubels ad € 63.137,-- aanleiding had moeten zijn om te twijfelen aan zijn geestesvermogens. Bovendien heeft de verkoopster van de winkel gesproken met zijn dochter en haar medegedeeld dat [eiser] erg in de war was en dat het niet goed met hem ging, aldus [eiser].

Gezien de gemotiveerde betwisting door [eiser], rust op Divano & Divani, die zich op de rechtsgevolgen daarvan beroept, de bewijslast ter zake van haar beroep op het gerechtvaardigd vertrouwen in de zin van artikel 3:35 BW. Uit proceseconomische overwegingen zal Divano & Divani reeds nu tot dit bewijs worden toegelaten.

7.3 Indien Divano & Divani niet slaagt in dit bewijs, zal de vordering in conventie worden toegewezen en de vordering in reconventie worden afgewezen. Slaagt zij wel in dit bewijs, dan zal de vordering in conventie worden afgewezen en zal moeten worden beoordeeld of de reconventionele vordering toewijsbaar is. De rechtbank overweegt te dien aanzien nu reeds als volgt.

in reconventie

7.4 In reconventie twisten partijen voornamelijk over de algemene voorwaarden, waarop Divano & Divani haar reconventionele vordering baseert.

7.5 [eiser] betwist de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden.

Bij de beantwoording van de vraag of de algemene voorwaarden van toepassing zijn, dienen de maatstaven te worden gehanteerd die in het algemeen gelden bij de totstandkoming van overeenkomsten. De toepasselijkheid van algemene voorwaarden kan aldus worden aangenomen indien zij door de gebruiker is voorgesteld en door de wederpartij is aanvaard. Hierbij is het niet noodzakelijk dat de wederpartij de inhoud van de algemene voorwaarden kende. Voldoende is dat vóór of bij het sluiten van de overeenkomst naar de algemene voorwaarden is verwezen.

In onderhavige zaak is op de door [eiser] ondertekende schriftelijke koopovereenkomst vermeld dat de algemene voorwaarden van toepassing zijn. Daarnaast zijn de voorwaarden aan de overeenkomst geniet, zo staat als onweersproken tussen partijen vast (thans in het midden latend of dit voor, bij of na het sluiten van de overeenkomst gebeurde). Bovendien is [eiser], na ontvangst van de algemene voorwaarden, zonder protest tot uitvoering van de overeenkomst overgegaan. Immers, hij heeft na zijn eerste aanbetaling bij het sluiten van de koopovereenkomst nadere aanbetalingen verricht. Door op deze wijze te handelen moet [eiser] worden geacht stilzwijgend met de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden akkoord te zijn gegaan.

7.6 Vervolgens dient te worden beoordeeld of het beroep van [eiser] op vernietigbaarheid van de algemene voorwaarden om reden dat Divano & Divani hem geen redelijke mogelijkheid zou hebben geboden om er kennis van te nemen, slaagt. Divano & Divani zou de algemene voorwaarden pas na het sluiten van de koopovereenkomst aan de factuur hebben geniet, aldus [eiser].

Divano & Divani betwist dit en stelt zich op het standpunt dat zij de algemene voorwaarden tijdig aan [eiser] ter hand heeft gesteld, te weten voor het aangaan van de koopovereenkomst.

De gebruiker heeft aan de wederpartij de in artikel 6:233 sub b BW bedoelde mogelijkheid

- te weten een redelijke mogelijkheid om van de algemene voorwaarden kennis te nemen - in ieder geval geboden, indien hij de voorwaarden voor of bij het sluiten van de overeenkomst aan de wederpartij ter hand stelt (6:234 aanhef en onder a BW). Dit betekent dat wanneer de algemene voorwaarden eerst na het sluiten van de koopovereenkomst aan de koopovereenkomst zijn geniet, geen redelijke mogelijkheid tot kennisname is geboden, zodat de algemene voorwaarden vernietigbaar zijn.

Aldus ligt een bewijsopdracht in de rede. Gezien de gemotiveerde betwisting door Divano & Divani, rust op [eiser], die zich op de rechtsgevolgen van zijn stelling beroept, de bewijslast dat Divano & Divani hem niet een redelijke mogelijkheid heeft geboden om van de algemene voorwaarden kennis te nemen. [eiser] zal eveneens uit proceseconomische redenen reeds nu het bewijs daarvan worden opgedragen.

7.7 Nu de mogelijkheid bestaat dat partijen in het kader van de te verstrekken bewijsopdrachten dezelfde getuigen willen doen horen, kan het zinvol zijn de enquêtes gelijktijdig te laten plaatsvinden. De rechtbank geeft partijen in overweging om in onderling overleg tot afstemming daarvan te komen.

7.8 In voorkomend geval is aan de orde of het annuleringsbeding als vervat in artikel 12 van de algemene voorwaarden is aan te merken als een beding dat wordt vermoed onredelijk bezwarend te zijn ingevolge het bepaalde in artikel 6:237 aanhef en sub 1 BW.

Een beroep op het vermoeden dat een beding onredelijk bezwarend is in de zin van artikel 6:237 BW komt toe aan natuurlijke personen die niet mede handelen ten behoeve van een beroep of bedrijf.

Enerzijds is de overeenkomst op verzoek van [eiser] op naam gesteld van de besloten vennootschap in oprichting ‘[bedrijf 1]’ - welke vennootschap overigens uiteindelijk niet is opgericht. Dat leidt ertoe dat [eiser] hij het sluiten van de koopovereenkomst niet handelde als een natuurlijke persoon. Anderzijds lijkt de aard en de inhoud van de overeenkomst, te weten de aankoop van meubels en meubelaccessoires die volgens de omschrijving lijken te zijn bedoeld voor privégebruik in plaats van bedrijfs-/of kantoorinrichting, de conclusie te rechtvaardigen dat geen sprake was van bedrijfsmatig handelen door [eiser]. De maatstaf is immers de bedoeling van de handelende wederpartij, in dit geval [eiser]. Dat de bedoeling van [eiser] was om deze zaken voor privégebruik te bestemmen wordt ondersteund door de omstandigheid dat het privé-adres van [eiser] staat vermeld als afleveradres en dat de aanbetalingen door [eiser] van zijn privé-rekening zijn gedaan.

Partijen hebben zich ten aanzien van het vorengaande thans nog onvoldoende specifiek uitgelaten, zodat de rechtbank in dit stadium volstaat met een voorlopig oordeel. Partijen zullen bij conclusie na (al dan niet gehouden enquête) zich hierover nader kunnen uitlaten.

Uitgaande van voornoemd voorshandse oordeel komt de rechtbank tot de voorlopige conclusie dat [eiser] een met een consument vergelijkbare positie innam en dat hem mitsdien een beroep toekomt op de reflexwerking van artikel 6:237 BW, hetgeen erop neerkomt dat de omstandigheid dat een annuleringsbeding als het onderhavige op de grijze lijst voorkomt meeweegt bij de toetsing van de open norm van artikel 6:233 sub a BW.

Naar het - nogmaals voorlopige - oordeel van de rechtbank is het onderhavige annuleringsbeding vernietigbaar indien en voorzover het een redelijke vergoeding van voor de door Divano & Divani geleden verlies en gederfde winst te boven gaat, daarbij aansluitend op het criterium van artikel 6:237 aanhef en sub i BW.

Gelet op het voorgaande is het uit een oogpunt van proces-economie wellicht praktisch als Divano & Divani bij gelegenheid van voornoemde conclusiewisseling haar schade nader specificeert en met bewijsstukken onderbouwt.

7.9 Het debat tussen partijen ten aanzien van de vraag of het annuleringsbeding als vervat in artikel 12 van de algemene voorwaarden is aan te merken als een (oneerlijk) boetebeding is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende uitgekristalliseerd. Partijen zijn in de gelegenheid dit debat - voor zover nog van belang - verder te voeren bij voornoemde nadere conclusies.

in conventie en in reconventie

7.10 In afwachting van de bewijslevering zal de rechtbank iedere verdere beslissing aanhouden.

8 De beslissing

De rechtbank,

alvorens verder te beslissen,

in conventie:

- laat Divano & Divani toe tot het leveren van tegenbewijs tegen de voorshands bewezen geachte stelling dat [eiser] ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst op 4 september 2006 leed aan en handelde onder invloed van een manische stoornis;

- draagt Divano & Divani op feiten en omstandigheden te bewijzen waaruit kan worden afgeleid dat zij erop mocht vertrouwen dat [eiser] de koopovereenkomst d.d. 4 september 2006 wilde aangaan;

in reconventie:

- draagt [eiser] op te bewijzen dat Divano & Divani de algemene voorwaarden pas na het sluiten van de koopovereenkomst ter hand heeft gesteld;

in conventie en in reconventie:

bepaalt dat indien partijen dit bewijs willen leveren door het doen horen van getuigen, deze zullen worden gehoord in het gebouw van deze rechtbank voor de rechter mr. E. Mentink;

bepaalt dat de advocaten van partijen binnen twee weken na vonnisdatum aan de rechtbank - sector civiel recht, afdeling planningsadministratie, kamer E 12.43, Postbus 50954, 3007 BR Rotterdam - opgave moeten doen van de voor te brengen getuigen en de verhinderdata van de betrokkenen aan hun zijde in de maanden april, mei en juni 2009, waarna dag en uur van de verhoren zullen worden bepaald;

bepaalt dat het aan de hand van de opgaven vastgestelde tijdstip, behoudens dringende redenen, niet zal worden gewijzigd.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Mentink.

Uitgesproken in het openbaar.

1995/1581