Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2008:BD6888

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
19-06-2008
Datum publicatie
10-07-2008
Zaaknummer
308975/KG ZA 08-533 en 309026/KG ZA 08-536
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Vordering tot afgifte goederen onder cognossement, derde-cognossementhouders te goeder trouw, uitoefenen 'lien', freigth prepaid clausule, onrechtmatig uitgegeven cognossementen, betaling vracht, belangenafweging.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

Uitspraak: 19 juni 2008

VONNISSEN in kort geding in de zaak van:

zaak-/rolnummer: 308975/KG ZA 08-533

1. de vennootschap naar Belgisch recht SOCONORD S.A.,

gevestigd te Brussel, België,

2. de vennootschap naar Egyptisch recht AGIBA PETROLEUM CO.,

gevestigd te Cairo, Egypte,

3. de vennootschap naar Egyptisch recht PETROGULF MSIR CO.,

gevestigd te Cairo, Egypte,

eiseressen,

procureur mr. B.S. Janssen,

advocaat mr. M.J. Hajdasinski,

- tegen -

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ONEGO SHIPPING & CHARTERING B.V.,

gevestigd te Albrandswaard, kantoorhoudende te Rhoon,

gedaagde,

procureur mr. M. Verhagen,

advocaat mr. A. Jumelet,

alsmede in de zaak van:

zaak-/rolnummer 309026/KG ZA 08-536

1. de vennootschap naar Engels recht PETROLEUM PIPE COMPANY LTD.,

gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,

2. de vennootschap naar Egyptisch recht GENERAL PETROLEUM CO.,

gevestigd te Cairo, Egypte,

3. de vennootschap naar Egyptisch recht SCIMITAR PRODUCTION EGYPT LTD.,

gevestigd te Cairo, Egypte,

eiseressen,

procureur mr. B.S. Janssen,

advocaat mr. M.J. Hajdasinski,

- tegen -

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ONEGO SHIPPING & CHARTERING B.V.,

gevestigd te Albrandswaard, kantoorhoudende te Rhoon,

gedaagde,

procureur mr. M. Verhagen,

advocaat mr. A. Jumelet,

Eiseressen worden hierna ieder afzonderlijk aangeduid als “Soconord”, “Agiba”, “Petro-gulf”, “Petroleum Pipe Company”,“General Petroleum”, “Scimitar” en tezamen als “eiseres-sen.” Gedaagde wordt hierna aangeduid als “Onego”.

1 Het verloop van het geding

De voorzieningenrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken:

- dagvaardingen met producties d.d. 12 juni 2008;

- pleitnotities van mr. Hajdasinski;

- pleitnotities en producties van mr. Jumelet.

De raadslieden van partijen hebben de respectieve standpunten toegelicht ter zitting van 16 juni 2008.

Aangezien de doelmatigheid is gediend met een gezamenlijke behandeling zijn beide gedin-gen, die ook overigens verknocht zijn, gelijktijdig behandeld en worden zij ook gelijktijdig berecht.

2 De feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, gelet ook op de in zoverre niet betwiste inhoud van in het geding gebrachte producties, staat tussen partijen - voor zover van belang - het volgende vast.

2.1

Soconord heeft vier partijen zogeheten OCTB Seamless Pipes gekocht op basis CIF voor een bedrag van US$ 3.387.575,=. Daarvan heeft zij 181 bundels buizen verkocht aan Petro-gulf en overige buizen aan Agiba. Petroleum Pipe Company heeft 1106 bundels buizen Seamless Pipes gekocht op basis CIF voor een bedrag van US$ 2.000.000,=.

2.2

Voornoemde goederen zijn in Shanghai, China, aan boord van het m.s. “Onego Forester”, hierna ook ‘het schip’ genoemd, geladen, waarna het schip koers heeft gezet naar Alexan-drië, Egypte.

Ter zake van de exploitatie van het schip zijn, voor zover thans bekend en van belang, de volgende overeenkomsten gesloten.

2.2.1

Onego heeft met de eigenaar van het schip op 2 april 2007 een zogenaamde ‘Time charter’ gesloten, inhoudende de tijdbevrachting van het schip voor een bepaalde periode.

Op grond van deze overeenkomst is Onego een zekere tijdvracht aan de eigenaar van het schip verschuldigd.

In de ‘time charter’ op basis van het NYPE-formulier is in artikel 23, voor zover thans van belang, het volgende opgenomen:

“23. Liens

The owners shall have a lien upon all cargoes an all sub-freights and/or sub-hire for any amounts due under this Charter Party, including general average contributions, and the Charterers shall have a lien on the Vessel for all monies paid in advance and not earned, and any overpaid hire or excess deposit to be returned at once.

(…)”

Onego heeft (bij e-mail d.d. 4 juni 2008) met German Lines Ltd. UK een zogeheten ‘trip time charter’ gesloten, waarop door middel van een ‘recap’ (recapitulation) hetgeen op grond van voornoemde ‘time charter’ tussen Onego en de eigenaar van het schip is overeen-gekomen, van toepassing is verklaard op de rechtsverhouding tussen Onego en German Li-nes Ltd.

German Lines Ltd. is op grond van de ‘trip time charter’ vracht aan Onego verschuldigd.

2.3

De “Onego Forester” is een in Gibraltar geregistreerd zeeschip. Het schip vaart onder de vlag van Gibraltar. De kapitein is in dienst bij de eigenaar van het schip.

2.4

Voor het vervoer van de buizen zijn door de agent van German Lines Ltd, in Shanghai, na-mens German Lines Ltd., cognossementen d.d. 26 april 2008 afgegeven met de volgende nummers:

- SSH06655 (Petrogulf);

- SSH06660 ( Agiba);

- SSH06661 (Agiba);

- SSH06656 (Agiba);

- SSH06662 (General Petroleum/Scimitar);

- SSH06663 (General Petroleum/Scimitar);

- SSH06664 (General Petroleum/Scimitar).

German Lines Ltd. is de vervoerder onder deze cognossementen. De cognossementen vallen niet als kapitienscognossementen aan te merken.

Op deze cognossementen is een “freight prepaid” clausule opgenomen.

Petrogulf, Agiba en General Petroleum/Scimitar zijn de (feitelijke) houders van deze cog-nossementen

2.5

De m.s. ‘Onego Forester’ ligt sinds 2 juni 2008 voor anker op volle zee voor de kust van Alexandrië.

3 Het geschil

3.1

Soconord, Agiba en Petrogulf vorderen, kort gezegd, na wijziging van eis ter zitting, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Onego primair te veroordelen de goederen, zoals vermeld in de cognossementen SSH06655, SSH06660, SSH06661 en SSH06656 d.d. 26 april 2008, na het wijzen van dit vonnis, althans na betekening, vrij te geven aan Agiba en Petrogulf tegen presentatie van de originele cognossementen SSH06660, SSH06661, SSH06656 d.d. 26 april 2008 door Agiba en SSH06655 d.d. 26 april 2008 door Petrogulf te Alexandrië, Egypte, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,= per dag of dag-deel, subsidiair, Onego te veroordelen om de m.s. ‘Onego Forester’ de haven van Alexan-drië te laten binnenvaren op straffe van een dwangsom van €10.000,= per dag of dagdeel, meer subsidiair, Onego te verbieden om koers te zetten naar een andere haven dan Alexan-drië, Egypte, en daar tot lossing van de goederen over te gaan, op straffe van een dwangsom van € 10.000,= per dag of dagdeel en Onego te veroordelen tot betaling aan Soconord van US$ 3.387.575,= als voorschot op haar schade, met veroordeling van Onego in de proces-kosten.

3.2

Petroleum Pipe Company, General Petroleum en Scimitar vorderen, kort gezegd, na wijzi-ging van eis ter zitting, bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Onego primair te veroordelen de goederen zoals vermeld in de cognossementen SSH06662, SSH06663 en SSH06664 d.d. 26 april 2008 na het wijzen van dit vonnis, althans na betekening, vrij te geven aan General Petroleum althans Scimitar tegen presentatie van de originele cognossementen SSH06662, SSH06663 en SSH06664 d.d. 26 april 2008 door General Petroleum althans Scimitar te Alexandrië, Egypte, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,= per dag of dagdeel, subsidiair Onego te veroordelen om de m.s. ‘Onego Forester’ de haven van Alexandrië te laten binnenvaren op straffe van een dwangsom van €10.000,= per dag of dagdeel, meer subsidiair, Onego te verbieden om koers te zetten naar een andere haven dan Alexandrië, Egypte, en daar tot lossing van de goederen over te gaan op straffe van een dwangsom van € 10.000,= per dag of dagdeel en Onego te veroordelen tot betaling aan Pe-troleum Pipe Company van US$ 2.000.000,= als voorschot op haar schade, met veroorde-ling van Onego in de proceskosten.

3.3

Eiseressen leggen, kort gezegd, aan de vorderingen ten grondslag dat de door Onego gestel-de “lien” niet kan worden tegengeworpen aan Agiba, Petrogulf, General Petroleum en Sci-mitar, derde-cognossementhouders te goeder trouw. Daarnaast mochten zij er van uitgaan dat reeds voor de vracht en charterhuur was betaald, gelet op de mededeling op de cognos-sementen en de mate’s receipts.

Onego heeft de goederen van German Lines Ltd. geaccepteerd met de kennelijke bedoeling om de afgifte van de goederen later in Alexandrië te blokkeren.

Een dispuut tussen Soconord en Onego regardeert Agiba, Petrogulf, General Petroleum en Scimitar niet.

Soconord is afhankelijk van de betaling door Agiba, Petrogulf, General Petroleum en Scimi-tar voor de buizen. Soconord leidt schade.

3.4

Onego voert gemotiveerd verweer strekkende tot, primair, de onbevoegdverklaring van de voorzieningenrechter te Rotterdam, subsidiair tot afwijzing van de vorderingen.

Daartoe voert zij aan dat de Nederlandse rechter niet bevoegd is van dit geschil kennis te nemen, nu geen sprake is van een onrechtmatige daad in Nederland. Zo al sprake is van een onrechtmatige daad dient deze naar vreemd recht beoordeeld te worden.

De cognossementen zijn onbevoegd uitgegeven door German Lines Ltd., de vervoerder on-der de cognossementen, namelijk in strijd met de tussen Onego en German Lines Ltd. ge-maakte afspraken, voordat laatstgenoemde de door haar verschuldigde vracht had betaald. German Lines Ltd. is in verzuim ten aanzien van haar verplichting tot vrachtbetaling aan Onego. Op grond van artikel 23 van de time charter (zie hiervoor 2.2), kan Onego een ‘lien’ uitoefenen op de partijen buizen aan boord van het schip totdat zij in ieder geval een reële bijdrage in de vervoerkosten heeft ontvangen. Ook Onego is gedupeerd door de wanpresta-tie van German Lines Ltd. Onego handelt daarom niet onrechtmatig.

Tussen Onego en geen van de eiseressen bestaat een contractuele verhouding.

Soconord en Petroleum Pipe Company lijden geen schade; de goederen zitten nog in het schip en niet is gebleken dat de kopers niet zullen betalen voor de buizen.

4 De beoordeling

4.1

Onego stelt zich op het standpunt dat de Nederlandse rechter niet bevoegd is kennis te ne-men van het onderhavige geschil.

Ter zitting hebben eiseressen medegedeeld dat het gevorderde zo dient te worden begrepen dat Onego, gevestigd in Nederland, de eigenaar en/of kapitein van het schip zodanig dient te instrueren dat hij de goederen op vertoon van de cognossementen aan de cognossementhou-ders zal vrijgeven. Derhalve dient de gevorderde voorziening, het geven van de instructie ten kantore van Onego, in Nederland te worden getroffen, aldus eiseressen.

De voorzieningenrechter begrijpt daaruit dat ook de gevorderde dwangsom dienovereen-komstig aangepast dient te worden gelezen.

De voorzieningenrechter acht zich bevoegd van het onderhavige geschil kennis te nemen. Voldoende is dat de plaats van vestiging van Onego in Nederland ligt en dat feitelijk de ge-vorderde instructie aan de eigenaar en/of kapitein zal geschieden op c.q. vanuit het kantoor van Onego te Rhoon.

4.2

Waar het een vordering betreft die er op neerkomt dat een in Nederland gevestigde Neder-landse partij onrechtmatig handelt door na te laten een bepaalde instructie (vanuit Neder-land) te geven zal de voorzieningenrechter het Nederlands recht toepassen.

4.3

Ter beantwoording van de vraag of Onego gehouden is (de eigenaar en/of kapitein van het schip instructie te geven) de goederen vrij te geven aan (enige van) eiseressen, wordt het volgende overwogen.

Nu eiseressen ter zitting hebben erkend dat de cognossementen niet als kapiteinscognosse-menten vallen aan te merken en nu gesteld noch gebleken is dat tussen (enige van) eiseres-sen en Onego een contractuele rechtsverhouding bestaat, komt naar voorlopige oordeel het primair noch het subsidiair gevorderde voor toewijzing in aanmerking.

Bij gebreke van enige verplichting van Onego als vervoerder ten opzichte van (enige van) eiseressen (onder de cognossementen) komen de op vervoerderschap (onder de cognosse-menten) gegronde vorderingen tot vervoeren van de partijen buizen naar c.q. afleveren van de partijen buizen in de bestemmingshaven Alexandrië niet voor toewijzing in aanmerking.

4.4

Ten aanzien van het meer subsidiair gevorderde wordt het volgende overwogen.

Onego handelt door zich te beroepen op een haar contractueel toekomende ‘lien’ voorshands niet zonder meer onrechtmatig jegens eiseressen nu voorshands aannemelijk is dat Onego eveneens is gedupeerd door wanprestatie van German Lines Ltd. en nu verhaal op German Lines Ltd. moeilijk lijkt. Voorshands is niet aannemelijk geworden dat Onego de goederen in Shanghai heeft laten inladen met de kennelijke bedoeling om aflevering in Alexandrië te blokkeren en zo betaling te verkrijgen.

De omstandigheid dat de door of namens German Lines Ltd. uitgegeven cognossementen de clausule “freight prepaid” bevatten doet aan het bovenstaande niet af, nu Onego niet als ver-voerder onder de cognossementen kan worden aangemerkt en voorshands niet onaanneme-lijk is dat German Lines Ltd. in haar verhouding ten opzichte van Onego niet gerechtigd was zodanige cognossementen uit te geven.

Bij gebreke van nauwkeurig inzicht in de relatie tussen Onego en German Lines Ltd., wordt voorshands aangenomen dat Onego met German Lines Ltd in de ‘trip time charter’ heeft afgesproken dat het schip zou varen van Shanghai naar Alexandrië en van daaruit naar Spanje. Tegen die achtergrond zou Onego mogelijk wanprestatie plegen jegens German Li-nes Ltd. indien zij de eigenaar c.q. kapitein onder de time charter thans zou verzoeken naar een andere haven te varen dan zij contractueel met German Lines Ltd. is overeengekomen. Weliswaar levert de enkele wanprestatie van Onego ten opzichte van German Lines Ltd. op zichzelf nog geen onrechtmatige daad van Onego jegens (enige van) de eiseressen op, maar onder bijkomende omstandigheden zou zodanige wanprestatie wel onrechtmatig jegens deze kunnen zijn.

Zodanige bijkomende omstandigheid vormt het evidente belang van (enige van) de eiseres-sen bij het afleveren van de partijen buizen in Alexandrië. Voldoende aannemelijk is dat (enige van) de eiseressen aanzienlijke schade zullen lijden indien de partijen buizen niet in Alexandrië, althans in Egypte, maar in een ander land zullen worden gelost. Onego is met die dreigende schade bekend, al was het maar door dit kort geding.

Onder deze omstandigheden is voldoende aannemelijk dat Onego, indien zij het schip naar een andere haven doet varen dan zij contractueel met German Lines Ltd. is overeengeko-men, onrechtmatig jegens (enige van) eiseressen handelt, mede in aanmerking nemende dat German Lines Ltd. weinig recht van spreken lijkt te hebben en de belangen van eiseressen evident zijn.

De voorzieningenrechter laat in het midden of in Egypte een beroep op een ‘lien’ kan slagen dan wel of een ‘lien’ op volle zee kan worden uitgeoefend. In het kader van een afweging van voornoemde belangen, acht de voorzieningenrechter het treffen van een ordemaatregel noodzakelijk, waarbij een zeker evenwicht is gezocht tussen enerzijds het beroep op de

‘lien’ door Onego en het oplopen van schade voor eiseressen anderzijds.

Gelet op het voorgaande wordt het Onego verboden om de eigenaar en/of de kapitein te in-strueren een andere haven aan te doen en te lossen dan tussen Onega en German Lines Ltd. op grond van de ‘trip time charter’ is overeengekomen, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom die in goede justitie wordt vastgesteld op € 200.000,--, .

4.5

Soconord en Petroleum Pipe Company vorderen betaling van schadevergoeding ter grootte van de koopprijs van de buizen.

Ter zake een geldvordering in kort geding geldt het volgende. Een dergelijke vordering komt voor toewijzing in kort geding in aanmerking indien die vordering, mede gelet op de spoedeisendheid en het restitutierisico, voldoende aannemelijk is.

Soconord en Petroleum Pipe Company hebben geen van beide hun vordering nader onder-bouwd, zodat deze voorshands onvoldoende aannemelijk is geworden.

Evenmin is gebleken van een spoedeisend belang bij deze vordering, op grond waarvan de vordering eveneens dient te worden afgewezen.

4.6

De vordering wordt toegewezen als hierna in het dictum opgenomen. De voorzieningenrech-ter ziet aanleiding om de proceskosten te compenseren.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter,

in het kort geding met zaak- en rolnummer 308975/KG ZA 08-533

verbiedt Onego de eigenaar en/of kapitein van het m.s. ‘Onego Forester’ te instrueren een andere haven aan te doen en te lossen dan tussen Onega en German Lines Ltd. op grond van de ‘trip time charter’ is overeengekomen, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 200.000,--;

compenseert de proceskosten in dier voege dat ieder der partijen de eigen kosten draagt;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde;

en in het kort geding met zaak- en rolnummer 309026/KG ZA 08-536

verbiedt Onego de eigenaar en/of kapitein van het m.s. ‘Onego Forester’ te instrueren een andere haven aan te doen en te lossen dan tussen Onega en German Lines Ltd. op grond van de ‘trip time charter’ is overeengekomen, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 200.000,--;

compenseert de proceskosten in dier voege dat ieder der partijen de eigen kosten draagt;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.F.L. Geerdes, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. E.F. van Beusekom, griffier.

Uitgesproken in het openbaar.

1739/676/1928