Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2006:AW5118

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
13-04-2006
Datum publicatie
27-04-2006
Zaaknummer
650535
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Eiseres legt aan haar vordering een onrechtmatige daad ten grondslag, namelijk een brand aan een auto tengevolge waarvan schade is ontstaan aan een deel van de aan haar toebehorende zaak aan de Kaatstraat 1-73 te Utrecht. Gedaagde treedt op als verzekeraar voor de verzekeringnemer Multi Lease B.V., eigenaresse van de betreffende auto. Naar verkeersopvattingen komt volgens eiseres de ontstane schade voor risico van de eigenaar van de Citroën.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector kanton

VONNIS

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

De Elf Provinciën B.V.,

gevestigd te Maarssen,

eiseres bij exploot van dagvaarding van 8 juli 2005,

gemachtigde: mr. A.M.J. Driessens-Kuijpers te Wijk bij Duurstede,

tegen

de naamloze vennootschap

Allianz Nederland N.V.,

gevestigd te Rotterdam,

gedaagde,

gemachtigde: Maas-Delta deurwaarders te Rotterdam.

Partijen hierna te noemen “De Elf Provinciën” respectievelijk “Allianz”.

1. Het verdere verloop van het proces

De kantonrechter heeft kennis genomen van de volgende processtukken:

? tussenvonnis d.d. 13 oktober 2005 en de daaraan ten grondslag liggende processtukken;

? conclusie van antwoord in de hoofdzaak;

? conclusie van repliek tevens vermindering van eis in de hoofdzaak met producties;

? conclusie van dupliek met producties.

2. Het geschil

2.1. De Elf Provinciën heeft na vermindering van eis gevorderd, uitvoerbaar bij voorraad, dat Allianz zal worden veroordeeld om tegen algeheel bewijs van kwijting aan De Elf Provinciën te betalen een bedrag van € 2.847,20, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2005 tot aan de dag der algehele voldoening, en in de kosten van deze procedure.

Aan haar vordering legt zij ten grondslag een onrechtmatige daad bestaande uit een brand aan een auto tengevolge waarvan schade is ontstaan aan een deel van de aan De Elf Provinciën toebehorende zaak aan de Kaatstraat 1-73 te Utrecht. Allianz treedt op als verzekeraar voor de verzekeringnemer Multi Lease B.V., eigenaresse van de betreffende auto: merk Citroën, type Xsara Picasso met kenteken 13-JV-NK, hierna te noemen de “Citroën”. Naar verkeersopvattingen komt volgens De Elf Provinciën de ontstane schade voor risico van de eigenaar van de Citroën.

2.2. Allianz heeft de vordering van De Elf Provinciën gemotiveerd betwist en geconcludeerd tot afwijzing ervan. Meer in het bijzonder heeft zij gesteld dat er geen sprake is van een onrechtmatige daad die aan de eigenaar van de Citroën zou kunnen worden toegerekend. Tevens betwist Allianz de hoogte van de vordering en de gevorderde buitengerechtelijke kosten

3. De beoordeling

3.1. De kantonrechter gaat uit van de volgden vaststaande feiten:

? Op 11 april 2003 is er ten gevolge van brand aan de Citroën schade ontstaan aan een deel van de aan De Elf Provinciën toebehorende parkeergarage aan de Kaatstraat 1-73 te Utrecht.

? Volgens het rapport van expertise van CED Bergweg is de enige plausibele en sluitende verklaring voor het ontstaan van de brand gelegen in een eigen gebrek van de Citroën zelf namelijk een kortsluiting in een van de elektrische/ elektronische componenten van de motorruimte.

? Ten tijde van de brand was de Citroën zeven maanden oud.

Tot zover de relevante vaststaande feiten.

3.2. In het onderhavige geschil is de vraag aan de orde of Allianz jegens De Elf Provinciën aansprakelijk is op grond van artikel 6:162 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek en de schade aan de parkeergarage als gevolg van een eigen gebrek van de Citroën aan de eigenaar van de Citroën (en daarmee Allianz) kan worden toegerekend krachtens verkeersopvattingen. De kantonrechter maakt uit de stellingen en de overgelegde producties van De Elf Provinciën op dat zij daarmee bedoelt dat door met de Citroën aan het verkeer deel te nemen, het niet denkbeeldige risico bestaat dat zich een gebrek in de Citroën manifesteert waardoor schade aan anderen kan worden toegebracht. De gevolgen van deze daad – ook indien dit gelegen is in een plotseling optredend en zelfs voordien verborgen gebrek – kunnen in redelijkheid niet voor rekening van De Elf Provinciën gebracht worden, aldus De Elf Provincieën.

3.3. De kantonrechter kan in het midden laten of het parkeren van een voertuig in een publieke parkeergarage ook deelname aan het verkeer is zoals Allianz heeft betwist. Voertuigen zijn voorzien van elektrische installaties die bijvoorbeeld gevaar van kortsluiting of van vonkafgifte met zich brengen. Dit is een in het maatschappelijk verkeer op zich aanvaard risico. Van de eigenaar/ bestuurder van een voertuig kan niet gezegd worden dat hij door het enkele feit van het rijden met een aldus uitgerust en in het maatschappelijk verkeer aanvaard voertuig dat op een onverwacht moment een verborgen gebrek kan vertonen waaruit brand kan ontstaan, een eenzijdig risico in het leven roept dat uitgaat boven het algemene risico dat het algemeen aanvaarde gemotoriseerde wegverkeer met zich brengt. Op grond van verkeersopvattingen kan dan ook niet zonder meer aangenomen worden dat het risico van de schade als gevolg van zo’n gebrek voor rekening en risico van de eigenaar/ bestuurder komt. Zie in dat verband ook Gerechtshof Arnhem, NJF 2005, 311.

3.4. Het bovenstaande zou anders kunnen zijn als de onderhavige brand bijvoorbeeld het gevolg was van gebrek aan onderhoud van de Citroën. Nu de Citroën slechts zeven maanden oud was, is een dergelijke uitzondering uit te sluiten. Ook gesteld noch gebleken is dat er sprake is van bijzondere omstandigheden met betrekking tot het gedrag of de persoon van de bestuurder van de Citroën, welke omstandigheden er bijvoorbeeld op zouden kunnen wijzen dat door dit gedrag eenzijdig een risico in het leven is geroepen dat uitgaat boven het algemeen aanvaarde risico dat met deelname aan het verkeer samenhangt.

3.5. Op grond van vorenstaande overwegingen komt de kantonrechter tot het oordeel dat er geen verkeersopvattingen zijn die in het onderhavige geval meebrengen dat de gestelde schade dient te worden toegerekend aan de eigenaar van de Citroën, en daarmee Allianz, en dit ongeacht de vraag of de Citroën “deelnam aan het verkeer”. Ook overigens is gesteld noch gebleken dat de eigenaar van de Citroën schuld heeft aan de ontstane schade.

3.6. Het vorenstaande brengt met zich dat de vordering van De Elf Provinciën moet worden afgewezen en dat De Elf Provinciën als de in het ongelijk gestelde partij de kosten van dit geding dient te dragen.

4. De beslissing

De kantonrechter:

wijst de vordering van de De Elf Provinciën af;

veroordeelt De Elf Provinciën in de kosten van deze procedure, aan de zijde van Allianz vastgesteld op € 350,00 aan salaris voor haar gemachtigde.

Dit vonnis is gewezen door mr. K.L. van Zetten en uitgesproken ter openbare terechtzitting.