Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROE:2009:BK2848

Instantie
Rechtbank Roermond
Datum uitspraak
21-10-2009
Datum publicatie
10-11-2009
Zaaknummer
141796 / FA RK 09-903
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Artikel 1:230 BW adoptie; verzoek tot adoptie van het ongeboren kind.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT

Sector civielrecht

Zaaknummer: 141796 / FA RK 09-903

Beschikking van 21 oktober 2009 betreffende adoptie

in de zaak van:

[adoptant],

hierna ook te noemen adoptant,

wonende te [woonplaats], [adres],

advocaat: mr. M.H.W. Clijsen.

Als belanghebbenden merkt de rechtbank - naast de betreffende minderjarige

[minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2009 - aan:

[de moeder], partner van adoptant,

hierna ook te noemen de moeder van het kind,

eveneens wonende te [woonplaats], [adres].

1. Het verloop van de procedure, de vaststelling en de overwegingen

1.1. Het verzoek d.d. 30 juni 2009 houdt in dat de rechtbank de adoptie zal uitspreken van het ongeboren kind van [de moeder].

1.2. [de moeder], partner van adoptant, heeft ingestemd met het verzoek tot adoptie.

1.3. Het verzoek tot adoptie is ingediend vóór de geboorte van de minderjarige met daarbij het uitdrukkelijke verzoek de adoptie uit te spreken van het ongeboren kind.

Artikel 230, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt – voor zover hier van belang – dat indien het kind is geboren binnen de relatie van de ouder en de adoptant en de adoptie voor de geboorte van het kind is verzocht, deze terugwerkt tot het tijdstip van geboorte van het kind. Door er in te voorzien dat de adoptie terugwerkt tot en met het tijdstip van geboorte van het kind kan, blijkens de memorie van toelichting, op deze wijze zoveel mogelijk gelijkstelling worden bereikt met de situatie door erkenning of met van rechtswege ontstaan ouderschap. De adoptie kan zelfs vóór de geboorte van het kind gevolgen hebben. In dit verband verwijst de wetgever in de memorie van toelichting naar het bepaalde in artikel 1:2 BW. De memorie van toelichting op genoemd artikel gaat ervan uit dat een adoptie door de vrouwelijke partner van de moeder vóór de geboorte van het te adopteren kind kan worden verzocht en, gelet op artikel 1:2 BW, na diens geboorte kan worden uitgesproken ook als de verzoekster intussen zou zijn overleden.

Uit niets blijkt dat de wetgever heeft beoogd een adoptie uit te spreken vóór het tijdstip van geboorte van het kind. Ook een grammaticale interpretatie laat deze uitleg niet toe.

Indien het verzoek tot adoptie vóór de geboorte van het kind is ingediend dient een beslissing op het verzoek door de rechtbank pas dan te worden gegeven als de geboorteakte van het betreffende kind is ontvangen. De rechtbank overweegt daartoe dat een behoorlijke identificatie van het adoptief kind slechts gewaarborgd kan worden indien de naam en de overige geboortegegevens van het kind (zoals vermeld in de geboorteakte) in de adoptiebeschikking staan vermeld.

1.4. Bij brief, met bijlage, van 28 september 2009 heeft de raadsvrouwe van adoptant het verzoek – desgevraagd – aangepast in die zin dat is verzocht dat de rechtbank de adoptie zal uitspreken van het kind [minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2009, zulks met ingang van het tijdstip van de geboorte.

1.5. De rechtbank stelt vast dat op [geboortedatum] 2009 uit de affectieve relatie van adoptant en haar partner van gelijk geslacht is geboren [minderjarige]. De zwangerschap is ontstaan middels kunstmatige inseminatie. De donorovereenkomst is bij het verzoekschrift overgelegd.

1.6. Op grond van de bij het verzoekschrift overgelegde bescheiden staat vast dat:

- het verzoekschrift is reeds voor de geboorte van het kind is ingediend en het kind aldus minderjarig is,

- het kind niet is een kleinkind van adoptant,

- adoptant ten minste achttien jaren ouder dan het kind is,

- geen der ouders het verzoek tegenspreekt,

- het kind is geboren uit de relatie van de moeder met een levensgezel van gelijk geslacht,

- [de moeder], zijnde de partner van adoptant, alleen het gezag over het kind heeft.

1.7. De rechtbank is van oordeel dat het verzoek tot adoptie kan worden toegewezen nu de adoptie in het kennelijk belang van het kind is en aan de voorwaarden door artikel 1:228 BW gesteld is voldaan.

De rechtbank zal de adoptie uitspreken en bepalen dat de adoptie terugwerkt tot het tijdstip van de geboorte van het kind.

2. De beslissing

De rechtbank:

2.1. spreekt de adoptie uit van het kind [minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2009 door [adoptant],

wonende te [woonplaats], [adres].

Deze beschikking is gegeven door mr. P.C.G. Brants en ter openbare terechtzitting van

21 oktober 2009 uitgesproken, in tegenwoordigheid van de griffier.

DT

Tegen deze uitspraak kan beroep worden ingesteld door indiening van een beroepschrift bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch door verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze uitspraak is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van deze uitspraak; door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening van de uitspraak of nadat de uitspraak hun op andere wijze bekend is geworden.