Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROE:2008:BD3971

Instantie
Rechtbank Roermond
Datum uitspraak
03-06-2008
Datum publicatie
16-06-2008
Zaaknummer
190192 \ CV EXPL 07-1333
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Gedaagde is aansprakelijk voor de schade die de gemeente heeft geleden aan een afzetpaal nabij de supermarkt Lidl op de markt te Maasbracht. De schade is het gevolg van een aanrijding met die paal. De gemeente heeft de schade laten herstellen en declareert bij gedaagde een nota van Janssen de Jong B.V. tot een bedrag van EUR 612,37. Gedaagde is van mening dat dit bedrag onredelijk hoog is en betaalt slechts EUR 338,79. De gemeente vordert het resterende gedeelte van gedaagde. De kantonrechter schakelt een deskundige in die de door de gemeente geleden schade begroot op een bedrag van EUR 361,52. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag van EUR 22,73 aan de gemeente. De kantonrechter is van oordeel dat er in dit geval sprake is van nodeloos door de gemeente gemaakte kosten en veroordeelt de gemeente in de proceskosten, waaronder ook de kosten van het deskundigenonderzoek.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 6
Burgerlijk Wetboek Boek 6 162
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JA 2008/120
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROERMOND

Sector kanton

Zaaknummer: 190192 \ CV EXPL 07-1333

Vonnis van de kantonrechter te Roermond d.d. 3 juni 2008

in de zaak van:

De publiekrechtelijke rechtspersoon de Gemeente Maasgouw, voorheen de gemeente Maasbracht, zetelende te Maasbracht,

eiseres,

gemachtigde: dw. W.H.M. van Eijsden,

tegen:

[gedaagde], wonende te [adres],

gedaagde,

gemachtigde: Adviesbureau Viana B.V..

Partijen worden hierna de gemeente en [gedaagde] genoemd.

1. Het verloop van de procedure

1.1. Dit blijkt uit het navolgende:

- de inleidende dagvaarding met producties;

- de conclusie van antwoord met producties;

- de conclusie van repliek met producties;

- de conclusie van dupliek;

- het tussenvonnis van 23 oktober 2007;

- de akte van [gedaagde];

- de akte van de gemeente;

- het tussenvonnis van 15 januari 2008;

- het rapport van de deskundige d.d. 29 maart 2008;

- de conclusie na deskundigenbericht van de gemeente

- de conclusie na deskundigenbericht van [gedaagde].

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De vaststaande feiten

2.1. Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, kan van de volgende vaststaande feiten worden uitgegaan:

[gedaagde] erkent de aansprakelijkheid voor de schade die de gemeente heeft geleden als gevolg van de op 24 maart 2005 plaats gevonden hebbende aanrijding waarbij schade is ontstaan aan gemeente eigendom. Het betreft een afzetpaal nabij de supermarkt Lidl op de Markt te Maasbracht.

3. Het geschil

3.1. De gemeente heeft op gronden als omschreven in de dagvaarding gevorderd, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] te veroordelen tot betaling van een bedrag van EUR 452,08, vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van EUR 612,37 vanaf 4 september 2006 tot aan de voldoening, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.

Als grondslag voor haar vordering stelt de gemeente samengevat het navolgende.

[gedaagde] is aansprakelijk voor de kosten die de gemeente heeft moeten maken om de beschadiging van de betreffende afzetpaal te herstellen.

[gedaagde] heeft verweer gevoerd.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De verdere beoordeling van het geschil

bestuursbesluit en bevoegdheid tot het voeren van het rechtsgeding

4.1. Bij tussenvonnis van 23 oktober 2007 heeft de kantonrechter het niet ontvankelijkheidverweer van [gedaagde] reeds verworpen aangezien uit het bij repliek overgelegde besluit blijkt dat door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maasbracht ondermeer toestemming wordt verleend voor het voeren van een rechtsgeding. Vervolgens stelt [gedaagde] dat een besluit van de gemeente Maasgouw ontbreekt. De kantonrechter heeft [gedaagde] er vervolgens op gewezen dat ingevolge de Wet algemene regels herindeling alle rechten en verplichtingen na datum van de herindeling van rechtswege worden voortgezet door cq. overgaan op de nieuwe gemeente. De kantonrechter blijft hierbij.

de schade

4.2. Bij tussenvonnis van 23 oktober 2007 heeft de kantonrechter reeds overwogen dat [gedaagde] stelt dat de gestelde schade uitzonderlijk hoog is en de overlegde nota van Janssen B.V. betrekking heeft op meerdere werkzaamheden dan alleen de betreffende afzetpaal. [gedaagde] heeft daarbij gewezen op de schadebeperkingverplichting van de gemeente. [gedaagde] heeft in verband met de door de gemeente geleden schade een bedrag van EUR 338,79 betaald. De gemeente weerspreekt het verweer van [gedaagde] uitdrukkelijk.

4.3. Bij meergenoemd tussenvonnis van 23 oktober 2007 heeft de kantonrechter overwogen dat de door de gemeente opgevoerde schade wel uitzonderlijk hoog is, gelet op de door [gedaagde] overgelegde foto’s van het uit de grond gereden paaltje. De kantonrechter heeft daarbij tevens rekening gehouden met de in geding gebrachte factuur van Janssen B.V., welke in elk geval doet vermoeden dat deze factuur betrekking heeft op meer werkzaamheden dan alleen het herstellen van het in deze zaak bedoelde schadegeval. Of de schade met een bedrag van Eur 338,79 vergoed is, zoals uit het verweer van [gedaagde] zou kunnen worden geconcludeerd, kan de kantonrechter niet beoordelen.

4.3. Vervolgens heeft de kantonrechter overwogen dat voor de vaststelling van de schade een deskundige kan worden ingeschakeld, teneinde een begroting te maken van het in redelijkheid vast te stellen bedrag, dat is gemoeid met het vervangen van de omver gereden afzetpaal. De kantonrechter heeft partijen gewezen op de kosten die een dergelijk onderzoek voor partijen met zich brengt en welke kosten het bedrag van de schade aan de paal naar alle waarschijnlijkheid enkele malen zullen overschrijden.

4.4. [gedaagde] heeft bij akte gesteld dat een deskundigenonderzoek prematuur voorkomt gelet op het geringe bedrag dat tussen partijen in geschil is. De gemeente heeft geconcludeerd tot inschakeling van een deskundige. Aangezien partijen niet tot een gezamenlijk voorstel voor een deskundige zijn gekomen heeft de kantonrechter de heer Ir. F.A. van de Kant, [adres] tot deskundige benoemd.

deskundigenrapport

4.5. Bij deskundigenbericht van 29 maart 2008 heeft Ir. F.A. van de Kant zijn rapport van bevindingen van het uitgevoerde onderzoek uitgebracht. De deskundige begroot de door de gemeente geleden schade, waarvoor [gedaagde] aansprakelijk is op een bedrag van EUR 361,52. Bij conclusie na deskundigenbericht heeft de gemeente geconcludeerd zich te schikken in het deskundigenrapport. [gedaagde] heeft bij conclusie na deskundigenbericht gesteld dat zijn stelling door de deskundige wordt bevestigd en de vordering van de gemeente daarom dient te worden afgewezen met veroordeling van de gemeente in de proceskosten.

4.6. De kantonrechter neemt het advies van de deskundige over waarmee het bedrag van de schade aan gemeente eigendom, waarvoor [gedaagde] aansprakelijk is, komt vast te staan op een bedrag van EUR 361,52. Vast staat dat [gedaagde] reeds een bedrag van EUR 338,79 aan de gemeente heeft betaald inzake het onderhavige schadegeval, zodat voor toewijzing in aanmerking komt een bedrag van EUR 22,73.

proceskosten

4.7. De kantonrechter is van oordeel dat er in het onderhavige geval sprake is van nodeloos door de gemeente aangewende kosten. De kantonrechter bepaalt daarom dat de door de gemeente gemaakte kosten voor het voeren van deze procedure en de kosten van het deskundigenonderzoek voor rekening van de gemeente zijn. De gemeente zal worden veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van [gedaagde], waaronder het door [gedaagde] betaalde voorschot ten behoeve van het deskundigenonderzoek.

4.8. De kantonrechter zal dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaren.

5. De beslissing

5.1. Veroordeelt [gedaagde] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de gemeente te betalen een bedrag van EUR 22,73 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 september 2006 tot aan de voldoening.

5.2. Veroordeelt de gemeente in de proceskosten aan de zijde van [gedaagde] gevallen en tot aan dit vonnis begroot op EUR 675,00, zijnde EUR 300,00 aan salaris voor de gemachtigde en EUR 375,00 wegens voorschot deskundigenonderzoek.

5.3. Verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.

5.4. Wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.F. van Dooren, kantonrechter, en ter openbare civiele terechtzitting op 3 juni 2008 uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.