Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROE:2008:BD1953

Instantie
Rechtbank Roermond
Datum uitspraak
16-04-2008
Datum publicatie
20-05-2008
Zaaknummer
07 / 1635 AKW K1
Rechtsgebieden
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Aanvraag kinderbijslag

Geen sprake van gemotiveerde weerlegging van de in bezwaar aangedragen argumenten en geen kenbare heroverweging in het besluit op bezwaar. Ter zitting aangegeven dat dit te maken heeft met een nieuwe welbewuste keuze van de Sociale Verzekeringsbank. In die omstandigheden geen aanleiding voor het in stand laten van de rechtsgevolgen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ROERMOND

enkelvoudige kamer voor bestuursrechtelijke zaken

UITSPRAAK

Procedurenr. : 07 / 1635 AKW K1

Inzake : [eiser], wonende te [woonplaats], eiser,

tegen : de Sociale Verzekeringsbank, te Amstelveen, verweerder.

Datum en aanduiding van het bestreden besluit:

de brief d.d. 19 september 2007,

kenmerk: ROBB.nr.175205/175234/175236/175237.

Datum van behandeling ter zitting: 12 maart 2008.

I. PROCESVERLOOP

Bij het in de aanhef van deze uitspraak genoemde besluit heeft verweerder een viertal bezwaren van eiser tegen besluiten waarbij het recht op kinderbijslag geheel of gedeeltelijk is geweigerd, ongegrond verklaard.

Tegen dat besluit is bij deze rechtbank beroep ingesteld.

De door verweerder ter uitvoering van artikel 8:42 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) ingezonden stukken en het verweerschrift zijn in afschrift aan de gemachtigde van eiser gezonden.

Bij faxbericht van 10 maart 2008 heeft de gemachtigde van eiser te kennen gegeven zich als gemachtigde terug te trekken.

Het beroep is behandeld ter zitting van de rechtbank op 12 maart 2008. Eiser is niet verschenen. Verweerder heeft zich ter zitting doen vertegenwoordigen door J.A.J. Groenendal.

II. OVERWEGINGEN

Eiser is gehuwd en heeft een viertal kinderen, te weten [kind A] met geboortedatum [...] 1999, [kind B] met geboortedatum [...] 2001, [kind C] met geboortedatum [...] 2002 en [kind D] met geboortedatum [...] 2006.

De echtgenote van eiser woont in Marokko.

Op de aanvraag voor kinderbijslag heeft verweerder bij besluiten van 25 mei 2007, voor zover hier van belang, over het eerste kwartaal van 2006 geen kinderbijslag toegekend, over het derde en vierde kwartaal van 2006 alleen voor [kind C] als thuiswonend kind kinderbijslag toegekend en voor het eerste kwartaal van 2007 geen kinderbijslag toegekend.

Het bezwaar tegen deze beschikkingen is door verweerder bij besluit van 19 september 2007 ongegrond verklaard.

Eiser voert in beroep aan dat de bestreden beschikking berust op een onjuiste feitelijke grondslag en onvoldoende is gemotiveerd. Eiser heeft wel degelijk bijgedragen geleverd aan het levensonderhoud van alle kinderen en ten onrechte neemt verweerder het standpunt in dat de kinderen niet bij eiser hebben verbleven.

De rechtbank dient op basis van de aangevoerde beroepsgronden te beoordelen of het bestreden besluit in strijd is met het geschreven of ongeschreven recht dan wel met enig algemeen rechtsbeginsel. De rechtbank overweegt dienaangaande als volgt.

Ingevolge artikel 7:12 van de Awb dient een beslissing op bezwaar te berusten op een deugdelijke motivering, die bij de bekendmaking van de beslissing wordt vermeld.

De rechtbank is van oordeel dat het bestreden besluit niet voldoet aan de eisen die door artikel 7:12 juncto 3:46 en 3:47 van de Awb daaraan worden gesteld. Het besluit bevat slechts een herhaling van hetgeen in de primaire besluiten is overwogen. Niet alleen blijkt op geen enkele wijze welke gronden eiser tegen de primaire besluiten heeft aangevoerd, maar met name wordt met geen woord gerept over argumenten waarmee de aangevoerde bezwaren naar de mening van verweerder worden weerlegd. Van een kenbare heroverweging is dan ook niet sprake. Ook in het verweerschrift dat in het kader van deze procedure door verweerder is ingezonden ontbreekt een motivering voor de rechtmatigheid van het besluit en wordt enkel terugverwezen naar het (ongemotiveerde) bestreden besluit.

De rechtbank is gelet op het vorenstaande van oordeel dat het beroep van eiser op een motiveringsgebrek in het bestreden besluit slaagt en dat het besluit wegens strijd met artikel 7:12 van de Awb voor vernietiging in aanmerking komt.

Daarnaar gevraagd ter zitting heeft verweerders gemachtigde verklaard dat deze wijze van motiveren van een beslissing op bezwaar een nieuwe, welbewuste keuze is van de Sociale Verzekeringsbank. Er wordt naar gestreefd om voortaan besluiten op bezwaar in “Jip-en-Janneke-taal” op te stellen.

De rechtbank stelt evenwel vast dat ook een motivering in heroverweging in “Jip-en-Janneke-taal” ontbreekt. Daarenboven zal, -wat er verder ook zij van deze taal-, ook een in deze taal opgestelde motivering aan de eisen van artikel 7:12 van de Awb dient te voldoen.

De rechtbank ziet, gelet op het volledig ontbreken van een (kenbare) heroverweging, geen aanleiding om te bezien of er gronden zijn om de rechtsgevolgen in stand te laten.

Gelet op de gegrondheid van het beroep zal de rechtbank, met gebruikmaking van de haar in artikel 8:75 van de Awb gegeven bevoegdheid, op de hierna aangegeven wijze verweerder veroordelen in de proceskosten die eiser redelijkerwijs heeft moeten maken in verband met de behandeling van dit beroep.

Bij de vaststelling van de kosten met toepassing van het bepaalde in het Besluit proceskosten bestuursrecht is voor de in aanmerking te nemen proceshandelingen 1 punt toegekend en is het gewicht van de zaak bepaald op gemiddeld, hetgeen correspondeert met de wegingsfactor 1.

De rechtbank zal beslissen zoals in rubriek III weergegeven.

III. BESLISSING

De rechtbank Roermond;

gelet op het bepaalde in de artikelen 8:70, 8:72, 8:74 en 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht;

verklaart het beroep gegrond en vernietigt het bestreden besluit;

bepaalt dat verweerder een nieuw besluit neemt met inachtneming van het gestelde in deze uitspraak;

veroordeelt verweerder in de kosten van de beroepsprocedure bij de rechtbank, aan de zijde van eiser begroot op € 322,00 (zijnde de kosten van rechtsbijstand) te vergoeden door verweerder;

bepaalt dat verweerder aan eiser het door deze gestorte griffierecht ten bedrage van € 39,00 volledig vergoedt.

Aldus gedaan door mr. L.M.J.A. barones van Hövell tot Westerflier-Dassen in tegenwoordigheid van mr. C.H.M. Bartholomeus als griffier en in het openbaar uitgesproken op 16 april 2008

Voor eensluidend afschrift:

de wnd. griffier:

Verzonden op:16 april 2008

MD

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de datum van verzending van deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Ingevolge artikel 6:5 van de Awb bevat het beroepschrift een of meer grieven tegen de uitspraak en moet een afschrift van de uitspraak bij het beroepschrift worden overgelegd.