Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2021:2727

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
24-06-2021
Datum publicatie
08-07-2021
Zaaknummer
9251052 \ CV EXPL 21-1307
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Verstek. overlast, ontruiming woning

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

Zaaknummer : 9251052 \ CV EXPL 21-1307

Vonnis in kort geding van 24 juni 2021

in de zaak van

de stichting STICHTING VIVERION,
gevestigd en kantoorhoudende te Lochem,

eisende partij, hierna te noemen Viverion,

gemachtigde: mr. M.J. Jeths,

tegen

[gedaagde] ,
wonende te [woonplaats] , [gemeente] ,

gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde] ,

niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 9 juni 2021 met producties,
- de aanvullende producties van 15 juni 2021,

- de via een Skype verbinding gehouden mondelinge behandeling van 17 juni 2021.

[gedaagde] is niet verschenen, tegen hem is verstek verleend.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Tussen Viverion en [gedaagde] bestaat met ingang van 26 februari 2018 een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd met betrekking tot de woning aan [het adres]
, [woonplaats] (hierna: de woning).

2.2.

Op de huurovereenkomst zijn de Algemene huurvoorwaarden woonruimte Viverion van 1 januari 2009 van toepassing.

2.3.

Viverion ontvangt al geruime tijd klachten van omwonenden, inhoudende dat [gedaagde] ernstige (geluids)overlast veroorzaakt.

Viverion heeft de overlastklachten geregistreerd en deze registraties als producties in het geding gebracht.

In de geregistreerde overlastmeldingen staat onder andere, voor zover van belang:

‘Dossier, dhr [gedaagde] . [het adres] [woonplaats] .

Donderdag 10 december 2020 :

Informatie ontvangen dat dhr [gedaagde] een medewerker van [naam bouwbedrijf] in zijn woning heeft bedreigd met oa een mes (…) Vervolgens pakte [gedaagde] een mes uit zijn keukenlade en legde deze demonstratief op zijn eettafel neer en zei: “Ik hoop voor je dat je levend de woning kan verlaten” of woorden van gelijke strekking.
(…)

4 januari 2021:

(…) Melding van (…) overlast over [nummer]

6 januari 2021:
(…)Bij deze wil een klacht indienen over mijn buurman aan de [het adres] in [woonplaats] . Hierover heb ik ook al contact met de politie gehad en deze man is jullie ook al wel bekend. Toch wil ik jullie even laten weten dat hij mijn woongenot zeer op de proef stelt.

  • -

    Hij heeft altijd zijn raam van de woonkamer open staan, hierdoor vaak overlast van rare muziek/tv die veel te hard staat. Ook ’s avonds en ’s nachts.

  • -

    (…)

  • -

    Hij loopt soms in zijn pyjama of met blote bast en in een boxershort over straat

  • -

    Laat zijn motor achter het huis of auto voor het huis lange tijd stationair draaien zonder iets te doen

  • -

    (…)

  • -

    Hij gooit met dingen uit zijn tuin op auto’s van anderen

  • -

    Hij aait bomen

  • -

    (…)

  • -

    Hij schreeuwt naar je en maakt rare gebaren als ik bij mijn voordeur (bij hem aan de overkant) sta.

  • -

    Heel triest maar een oudere dame bij mij aan de overkant is doodsbang voor hem, durft de achterdeur niet meer open te laten overdag.

  • -

    Intimideert mensen

(…)

10 januari 2021:

(…) Vrijdagavond heb ik wederom enorme overlast van mijn buurman op [nummer] ervaren. (…)

21 januari 2021:

(…) [gedaagde] van [nummer] is bij mevrouw (…) langs geweest. Hij is hierbij de woning binnen gedrongen. (…)

26 januari 2021:

(…) Melding overlast (…)

Zondag 31 januari 2021 :
(…)Bij deze wil u even laten weten dat ik afgelopen nacht (zaterdag op zondag) om 0.45 de politie weer eens heb gebeld i.v.m. geluidsoverlast bij mijn buurman.

Hij had de radio weer heel hard aanstaan en zoals altijd zijn raam open,. De muziek stond zo hard dat ik er wakker van werd. (…)

4 februari 2021 :

(…) Bij deze wil ik u laten weten dat ik afgelopen nacht (…) de politie weer eens heb gebeld i.v.m. geluidsoverlast bij mijn buurman. (…)


19 februari 2021 :
(…) Maar zonet sprak ik de dochter van mijn buurvrouw over meneer [gedaagde] . Wat blijkt nu? Er zijn veel meer buren die overlast hebben, zeker ook de mevrouw die naast hem woont op [nummer.] .
Maar zij durven de politie niet te bellen, want ze zijn doodsbang voor hem!
Het schijnt dat hij bij [nummer.] zelf een keer het huis is binnen gedrongen. En hij schijnt regelmatig naakt door en om het huis te lopen (…) Het is toch verschrikkelijk als je zo bang voor je buurman bent dat je niet eens de politie durft te bellen?? Vannacht en de nacht ervoor was er trouwens weer ernstige overlast. Deze week is het sowieso bar en boos (…)’.

2.4.

Viverion heeft [gedaagde] bij brieven van 27 januari 2021 en 1 februari 2021 gesommeerd de overlast te stoppen en zich als een goed huurder te gaan gedragen.

2.5.

Er is reeds een bodemprocedure aanhangig gemaakt bij deze rechtbank, bekend onder zaaknummer 9207183 CV EXPL 21-1127, waarin onder meer ontbinding van de huurovereenkomst wordt gevorderd. De zaak staat op de rol van 29 juni 2021 voor conclusie van antwoord aan de zijde van [gedaagde] .

2.6.

Op 5 maart 2021 is [gedaagde] gedwongen opgenomen in een gesloten GGZ-instelling te Enschede.

2.7.

Op 27 mei 2021 is [gedaagde] weer teruggekeerd naar zijn huurwoning. Viverion heeft nadien wederom meerdere overlastmeldingen van omwonenden van [gedaagde] ontvangen. Die overlastmeldingen zijn bij brief van 15 juni 2021 aan de rechtbank toegezonden.

3 Het geschil

3.1.

Viverion vordert - samengevat - dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] veroordeelt om binnen zeven dagen na betekening van het te wijzen vonnis de woning te ontruimen, en deze onder afgifte van sleutels ter vrije beschikking aan Viverion te stellen, waarbij Viverion wordt gemachtigd de ontruiming zo nodig zelf te doen uitvoeren op kosten van [gedaagde] , met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten en de nakosten.

3.2.

[gedaagde] is niet verschenen en heeft geen verweer gevoerd tegen de vordering van Viverion.

4 De beoordeling

4.1.

Bij de dagvaarding zijn de voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht genomen.

4.2.

Het vereiste spoedeisend belang is, gelet op de aard van de vorderingen en het daaromtrent door Viverion gestelde, aanwezig. Dit betekent dat de vordering van
Viverion inhoudelijk kan worden behandeld.

4.3.

De kantonrechter stelt voorop dat een bij voorlopige voorziening bevolen ontruiming een ingrijpende en meestal onomkeerbare maatregel is. Gezien de ernst van de gevolgen voor de betrokken huurder kan daarom een ontruiming bij wijze van voorlopige voorziening slechts worden uitgesproken, indien het voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter (wanneer zijn oordeel wordt gevraagd) de huurder tot ontruiming zal veroordelen. De kantonrechter is van oordeel dat dat het geval is en zij motiveert dat als volgt.

4.4.

De door Viverion in de dagvaarding ingenomen stellingen vinden steun in de bij de dagvaarding overgelegde producties. Daaruit blijkt dat er over het gedrag van [gedaagde] door omwonenden structureel diverse klachten en zorgen zijn geuit. De aard van de klachten betreffen onder meer (geluids)overlast, zowel overdag als ‘s nachts, bestaande uit harde muziek en geschreeuw, het vertonen van verward gedrag op straat, intimiderend gedrag richting omwonenden en het langdurig stationair laten draaien van zijn motorvoertuigen.

Uit de klachten volgt ook dat de omwonenden bang zijn voor [gedaagde] . [gedaagde] heeft de door Viverion opgesomde klachten en standpunten niet weersproken.

4.5.

Het is naar het oordeel van de kantonrechter voldoende aannemelijk geworden dat [gedaagde] zich niet als een goed huurder heeft gedragen. De gedragingen aan de zijde van [gedaagde] zijn dusdanig ernstig, dat aannemelijk is dat de bodemrechter de huurovereenkomst zal ontbinden. De vordering tot ontruiming komt de kantonrechter ook niet onrechtmatig of ongegrond voor en behoort daarom te worden toegewezen. De kantonrechter ziet in de persoonlijke omstandigheden van [gedaagde] wel aanleiding de ontruimingstermijn op twee weken te stellen, zodat hij nog wat tijd heeft om andere woonruimte te zoeken.

4.6.

De vordering van Viverion om haar te machtigen om de ontruiming zo nodig zelf uit te voeren, wordt afgewezen. De wet schrijft namelijk voor dat de gedwongen ontruiming gebeurt door een deurwaarder. Een machtiging voor Viverion om zelf te zorgen voor de ontruiming zou in strijd met deze regel zijn. Als [gedaagde] de woning niet zelf verlaat, dan zal Viverion zich tot een deurwaarder moeten wenden om [gedaagde] te dwingen de woning te ontruimen. Aangezien Viverion dus al mogelijkheden heeft om de ontruiming af te dwingen, zal haar vordering dienaangaande bij gebrek aan belang worden afgewezen.

4.7.

Nog een laatste opmerking tot slot. Zowel in de inleidende dagvaarding als tijdens de mondelinge behandeling heeft Viverion naar voren gebracht dat zij, mits de medische toestand van [gedaagde] het toelaat en het verantwoord is, [gedaagde] een andere woning aan wil bieden op basis van een eenmalig aanbod en op basis van een tijdelijke laatste kans huurovereenkomst, met daaraan verbonden strikte woonbegeleiding en voorwaarden. De kantonrechter gaat er vanuit dat Viverion, onder de voorwaarden zoals door Viverion gesteld, invulling zal geven aan die toezegging.

4.8.

[gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van deze procedure worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Viverion worden tot op heden begroot op

€ 126,00 aan griffierecht, € 106,01 aan explootkosten en € 498,00 aan salaris gemachtigde. De kantonrechter begroot de nakosten op € 124,00.

5 De beslissing

De kantonrechter in kort geding

5.1.

veroordeelt [gedaagde] om binnen twee (2) weken na betekening van dit vonnis de woning met aanhorigheden aan De [het adres] , [woonplaats] , te ontruimen en te verlaten met al degenen die zich daar bevinden en al hetgeen zich daarin bevindt, en de woning, onder afgifte van sleutels, ter vrije beschikking aan Viverion te stellen,

5.2.

veroordeelt [gedaagde] in de kosten van deze procedure tot op heden aan de zijde van Viverion begroot op € 730,01, waaronder € 498,00 wegens het salaris van de gemachtigde, en begroot de nakosten tot op heden aan de zijde van Viverion op € 124,00 (0,5 punt x liquidatietarief met een maximum van € 124,00),

5.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.


Dit vonnis is gewezen door mr. A.A. Smit, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 24 juni 2021.