Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2018:834

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
14-03-2018
Datum publicatie
19-03-2018
Zaaknummer
C/08/214360 / KG ZA 18-51
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Eigenaren, zorginstelling en feitelijke bewoner van een appartement veroordeeld tot ontruiming i.v.m. ernstige overlast door feitelijke bewoner. Eiseressen zijn de VvE en bovenbuurvrouw, tegen wie de overlast met name is gericht. Vordering gebaseerd op onrechtmatig handelen, omdat er geen contractuele relatie bestaat tussen eiseressen en gedaagden. Veroordeling bewindvoerder q.q. tot ontruiming, maar straat- en contactverbod opgelegd aan de onder bewind gestelde zelf, omdat dit persoonlijk en niet vermogensrechtelijk van aard is.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

zaaknummer / rolnummer: C/08/214360 / KG ZA 18-51

Vonnis in kort geding van 14 maart 2018

in de zaak van

1. de vereniging

VERENIGING VAN EIGENAREN FLATGEBOUW “BOERHAEVELAAN”,

statutair gevestigd te Almelo,

2. [eiseres 2],

wonende te Almelo,

eiseressen,

advocaat mr. D.F. Briedé te Almelo,

tegen

1 [gedaagde 1] ,

wonende te Almelo,

gedaagde,

niet verschenen,

2. [gedaagde 2],

wonende te Almelo,

gedaagde,

niet verschenen,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid MENZ.NU B.V.,

gevestigd te Almelo,

gedaagde,

niet verschenen,

4. [gedaagde 4],

wonende te Almelo,

gedaagde,

advocaat mr. K. ter Mors te Almelo,

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ANTONIUS BEWINDVOERING B.V., in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [gedaagde 4],

gevestigd te Enschede,

gedaagde,

verschenen bij mevrouw [A] , aldaar werkzaam.

Eiseressen zullen hierna de VvE en [eiseres 2] genoemd worden. Gedaagden zullen [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu, [gedaagde 4] en Antonius Bewindvoering genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaardingen van 21 en 23 februari 2018 met producties,

  • -

    de mondelinge behandeling gehouden op 8 maart 2018,

  • -

    de pleitnota van mr. Briedé,

  • -

    de pleitnota van mr. Ter Mors.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

De VvE is de vereniging van eigenaren van het appartementencomplex aan de Boerhaavelaan 2 tot en met 30 te Almelo en stelt zich het beheer over het gebouw en de daarbij behorende gemeenschappelijke zaken ten doel.

2.2.

[eiseres 2] is eigenaresse van het appartement aan de [adres 1] op de derde verdieping van het appartementencomplex.

2.3.

[gedaagde 1] en [gedaagde 2] zijn de eigenaren van het appartement aan de [adres 2] op de tweede verdieping van het appartementencomplex, precies onder dat van [eiseres 2] . Zij verhuren of stellen anderszins hun appartement ter beschikking aan Menz.nu, een zorginstelling, die op haar beurt het appartement aan [gedaagde 4] verhuurt/ter beschikking stelt.

2.4.

De appartementseigenaren, en in het bijzonder [eiseres 2] , ervaren vanaf 2015 (ernstige) overlast van [gedaagde 4] in de vorm van (onder andere) geluidsoverlast en hinderlijk, vervuilend en onzedelijk gedrag.

2.5.

De VvE en [eiseres 2] hebben hiervan herhaaldelijk melding gedaan bij [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu, waarbij hen is verzocht maatregelen tegen [gedaagde 4] te nemen.

Dit heeft niet tot verbetering van de situatie geleid.

2.6.

De goederen die toebehoren aan [gedaagde 4] zijn onder bewind gesteld, met benoeming van Antonius Bewindvoering tot bewindvoerder.

3 Het geschil

3.1.

De VvE en [eiseres 2] vorderen samengevat - bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

Primair:

  1. [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu en [gedaagde 4] te bevelen het appartement aan de [adres 2] te (7607 PW) Almelo binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen, met machtiging van de VvE om de ontruiming zo nodig op kosten van [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu en [gedaagde 4] via de deurwaarder te doen uitvoeren, desnoods met behulp van de sterke arm;

  2. [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu te verbieden [gedaagde 4] , na ontruiming, opnieuw toe te laten in het appartement, op straffe van een dwangsom;

Subsidiair:

3. [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu te gebieden om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis tegen [gedaagde 4] een ontruimingsvordering in te stellen, op straffe van een dwangsom;

Meer subsidiair:

4. Aan [gedaagde 4] gedragsaanwijzingen op te leggen en te bepalen dat hij geen overlast mag veroorzaken in de meest brede zin van het woord, op straffe van een dwangsom;

Zowel primair, subsidiair en meer subsidiair:

5. [gedaagde 4] te verbieden om zich te begeven op de eerste en derde verdieping van het appartementencomplex Boerhaavelaan 2 tot en met 30 en contact op te nemen met [eiseres 2] , op straffe van een dwangsom en met machtiging aan de VvE en [eiseres 2] om met behulp van de sterke arm van politie en justitie de tenuitvoerlegging van dit vonnis te bewerkstelligen indien [gedaagde 4] in gebreke blijft aan voornoemde verboden gehoor te geven, althans een zodanige beslissing te nemen als de voorzieningenrechter juist acht;

6. [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu en [gedaagde 4] in de proceskosten te veroordelen.

3.2.

De VvE en [eiseres 2] hebben bij afzonderlijk exploot van 23 februari 2018

Antonius Bewindvoering, in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [gedaagde 4] , gedagvaard. Waar hierboven in 3.1. “ [gedaagde 4] ” staat dient, zo volgt uit de pleitnota van mr. Briedé, te worden gelezen: “ [gedaagde 4] , althans Antonius Bewindvoering, in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [gedaagde 4] ”.

3.3.

De VvE en [eiseres 2] leggen - samengevat - aan hun vorderingen ten grondslag

(in aanvulling op wat hierboven bij de feiten is weergegeven) dat [gedaagde 1] en [gedaagde 2] als appartementseigenaren de reglementen van de VvE hebben na te leven en ervoor verantwoordelijk zijn dat hun eventuele huurders dat ook doen. Dit hebben zij nagelaten. [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu handelen onrechtmatig door de VvE en [eiseres 2] bloot te stellen aan overlast van [gedaagde 4] en deze overlast te laten voortduren, zonder enige actie te nemen om deze te beëindigen. Er is diverse keren melding gemaakt van de overlast bij [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu. Ook [gedaagde 4] zelf is per brief, aan hem overhandigd door de politie, op zijn gedrag aangesproken. Door [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu is toegezegd dat er met [gedaagde 4] gepraat zal worden en dat er gewerkt wordt aan een vrijwillig vertrek van [gedaagde 4] uit het appartement. Ondertussen gaat de overlast onverminderd door. De situatie ter plaatse is onhoudbaar en daar moet een einde aan komen. De VvE en [eiseres 2] vorderen daarom ontruiming van het appartement en beroepen zich daarbij op de uitspraak van deze rechtbank van 30 augustus 2010 (ECLI:NL:RBALM:2010:BN5621) waarbij een door een VvE in een soortgelijke situatie gevorderde ontruiming is toegewezen.

3.4.

Mr. Ter Mors heeft namens [gedaagde 4] - samengevat - aangevoerd dat [gedaagde 4] zich niet herkent in de door de VvE en [eiseres 2] gestelde overlast. Hij is nooit op zijn gedrag aangesproken en rauwelijks gedagvaard, zodat de VvE en [eiseres 2] in de proceskosten veroordeeld dienen te worden. De zaak leent zich niet voor een kort geding. In een bodemprocedure dienen onder ede getuigen te worden gehoord. De gevorderde dwangsom is buitenproportioneel. [gedaagde 4] is bereid zich te houden aan het onder 4 en 5 gevorderde en is op zoek naar een andere woning, aldus mr. Ter Mors.

3.5.

Door Antonius Bewindvoering is ter zitting, in aanvulling op wat mr. Ter Mors heeft aangevoerd, opgemerkt dat zij is aangesteld om de financiële zaken van [gedaagde 4] waar te nemen, terwijl in dit kort geding persoonlijke zaken centraal staan.

3.6.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

Verstekverlening

4.1.

Bij de dagvaarding zijn ten opzichte van de niet verschenen gedaagden de bij de wet voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht genomen, zodat tegen hen verstek zal worden verleend. (Ook) voor hen geldt dit vonnis als een vonnis op tegenspraak.

Ontruiming

4.2.

In een kort geding is een vordering tot ontruiming slechts toewijsbaar indien voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter de vordering eveneens toewijst en indien van de eisende partij niet kan worden gevergd dat deze de uitkomst van een bodemprocedure afwacht.

4.3.

Een bijzonderheid die zich in deze zaak voordoet, is dat de ontruimingsvordering niet is ingesteld door een verhuurder tegen een huurder, op grond van schending van één of meer bepalingen in de huurovereenkomst, maar door een VvE en een individuele appartementseigenaar binnen een appartementencomplex waar de feitelijke bewoner van het appartement, dat eigendom is van twee andere appartementseigenaren, overlast veroorzaakt. Tussen de partijen in deze procedure bestaat geen contractuele relatie, met uitzondering van de reglementen die gelden tussen de VvE enerzijds en [gedaagde 1] en [gedaagde 2] anderzijds. De VvE en [eiseres 2] hebben hun vorderingen gegrond op onrechtmatig handelen.

4.4.

De overlast door [gedaagde 4] en de onrechtmatigheid daarvan jegens de VvE en [eiseres 2] is naar het oordeel van de voorzieningenrechter ruimschoots voldoende aannemelijk gemaakt. Bij de dagvaarding is een omvangrijke hoeveelheid verklaringen van appartementseigenaren, processen-verbaal van aangiften, meldingen aan [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu en zelfs camerabeelden waarop de gedragingen van [gedaagde 4] zijn vastgelegd in het geding gebracht, die blijk geven van jarenlange, stelselmatige en ernstige overlast, zodanig dat de appartementseigenaren, en in het bijzonder [eiseres 2] , tegen wie de overlast met name is gericht, dat niet langer hoeven te dulden. Daar tegenover staat slechts de ongemotiveerde ontkenning van de overlast door [gedaagde 4] , op grond waarvan niet tot een ander oordeel kan worden gekomen.

4.5.

Hoewel in dit kort geding onduidelijk is gebleven op grond van welk recht of titel [gedaagde 4] het betreffende appartement bewoont (omdat de partijen die daarover opheldering kunnen geven niet ter zitting verschenen zijn), ziet de voorzieningenrechter aanleiding om aansluiting te zoeken bij het arrest van de Hoge Raad van 16 oktober 1992 (NJ 1992, 167), waarin is bepaald dat voor een verhuurder (waarmee [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu in dit geval gelijk worden gesteld), op grond van hetgeen in het maatschappelijk verkeer betaamt, jegens omwonenden een verplichting kan bestaan alles te doen wat in zijn vermogen ligt om de stoornis te beëindigen, waaronder ontruiming. Of er daadwerkelijk sprake is van een (onder)verhuursituatie tussen [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu en [gedaagde 4] kan in het midden blijven. Voldoende aannemelijk is dat [gedaagde 4] met instemming van [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu in het appartement [adres 2] verblijft en dat zij dus ook in staat zijn om die situatie te beëindigen.

4.6.

Hoewel de door [gedaagde 4] veroorzaakte overlast veelvuldig onder de aandacht van [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu is gebracht, hebben zij zich kennelijk aan deze door de Hoge Raad omschreven verantwoordelijkheid onttrokken. Uit de in het geding gebrachte

(e-mail)correspondentie komt een beeld naar voren van overlast die in ernst en frequentie toeneemt, maar door [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu onvoldoende serieus is genomen. Geen van hen heeft adequate maatregelen genomen, of zelfs ook maar het voornemen daartoe uitgesproken.

4.7.

Van de VvE en [eiseres 2] kan niet worden verwacht dat zij in dit geval genoegen nemen met het voeren van gesprekken en het aansturen op een vrijwillig vertrek door [gedaagde 4] uit het appartement. De opstelling van [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu levert dan ook, op grond van hetgeen in het maatschappelijk verkeer betaamt, tegenover de VvE en [eiseres 2] een ongeoorloofde inbreuk op hun rechten op. In de rechtsverhouding tussen de VvE en [gedaagde 1] en [gedaagde 2] komt daar nog bij dat [gedaagde 1] en [gedaagde 2] , volgens de onweersproken gebleven stellingen van de VvE en [eiseres 2] , in strijd handelen met het algemeen en huishoudelijk reglement, door hun appartement zonder toestemming van de VvE in gebruik te geven aan [gedaagde 4] , en [gedaagde 4] niet te laten conformeren aan de reglementen.

4.8.

Op [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu rust ingevolge het hiervoor genoemde arrest van de Hoge Raad de verplichting om effectief op te treden tegen [gedaagde 4] . Het enige wat dit geval effectief wordt geacht, gelet op de vele pogingen die de VvE en [eiseres 2] de afgelopen jaren tevergeefs hebben genomen om de overlast te stoppen, is de ontruiming van het appartement [adres 2] en een verbod om [gedaagde 4] na ontruiming opnieuw toe te laten in het appartement op straffe van een dwangsom. De voorzieningenrechter sluit hiermee aan bij de door de VvE en [eiseres 2] aangehaalde uitspraak van deze rechtbank van 30 augustus 2010. Het primair gevorderde zal worden toegewezen, met dien verstande dat de gevorderde dwangsom zal worden gemaximeerd tot € 50.000,00.

Straat- en contactverbod

4.9.

Mr. Ter Mors heeft namens [gedaagde 4] aangevoerd dat hij bereid is zich te houden aan het onder 5. gevorderde straat- en contactverbod, zodat ook die vordering wordt toegewezen, inclusief de daaraan gekoppelde dwangsom, die eveneens zal worden gemaximeerd tot € 50.000,00. Of [gedaagde 4] , die onder bewind staat, financieel in staat zal zijn tot betaling van dwangsommen is de vraag, maar dit laat onverlet dat van het opleggen van een dwangsom het signaal uitgaat dat het veroorzaken van verdere overlast richting [eiseres 2] niet zonder consequenties mag blijven. Gelet op de eisen van proportionaliteit worden de verboden opgelegd voor de duur van één jaar.

Gevolgen van het ingestelde bewind

4.10.

Omdat [gedaagde 4] onder bewind staat rijst tenslotte de vraag of [gedaagde 4] of Antonius Bewindvoering, in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [gedaagde 4] , veroordeeld dient te worden tot ontruiming en aan welke partij het straat- en contactverbod op straffe van een dwangsom dient te worden opgelegd.

4.11.

Ingevolge artikel 1:441 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) geldt dat tijdens het bewind de bewindvoerder de rechthebbende (in dit geval [gedaagde 4] ) in en buiten rechte vertegenwoordigt met betrekking tot handelingen die de onder bewind staande goederen betreffen. De bewindvoerder treedt in dat geval in eigen naam en voor rekening van de rechthebbende op als formele procespartij. Onder ‘goederen’ worden ingevolge

artikel 3:1 BW zaken en vermogensrechten verstaan. Ingevolge artikel 3:6 BW zijn vermogensrechten onder meer rechten die er toe strekken de rechthebbende stoffelijk voordeel te verschaffen.

Ten aanzien van de ontruiming

4.12.

Het recht van gebruik en bewoning van een woning is een vermogensrecht, omdat het ertoe strekt aan [gedaagde 4] stoffelijk voordeel te verschaffen. De voorzieningenrechter verwijst in dit verband naar het arrest van de Hoge Raad van 7 maart 2014 (ECLI:NL:HR:2014:525). Antonius Bewindvoering, in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [gedaagde 4] , dient daarom tot ontruiming te worden veroordeeld, waarbij de voorzieningenrechter opmerkt dat dit niets afdoet aan het feit dat [gedaagde 4] als materiële procespartij aan de ontruiming gebonden is.

Ten aanzien van het straat- en contactverbod

4.13.

Anders ligt dit bij het straat- en contactverbod, dat in sterk overwegende mate persoonlijk van aard is. Dat de dwangsom hier een vermogensrechtelijk element aan toevoegt, doet daar naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet aan af. De voorzieningenrechter zal daarom aan [gedaagde 4] zelf het straat- en contactverbod opleggen, op straffe van een dwangsom.

Proceskosten

4.14.

[gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu en Antonius Bewindvoering, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde 4] , zullen als de (grotendeels) in het ongelijk gestelde partijen in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van de VvE en [eiseres 2] worden begroot op:

- dagvaarding € 267,85 (voor twee dagvaardingen, inclusief BTW)

- griffierecht € 626,00

- salaris advocaat € 816,00

Totaal € 1.709,85.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

verleent verstek tegen [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu,

5.2.

veroordeelt [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu en Antonius Bewindvoering, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde 4] , om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis het appartement aan het adres [adres 2] te (7607 PW) Almelo te ontruimen en machtigt de VvE om de ontruiming zo nodig op kosten van [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu en Antonius Bewindvoering, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde 4] , door de deurwaarder te doen uitvoeren, desnoods met behulp van de sterke arm,

5.3.

verbiedt [gedaagde 1] , [gedaagde 2] en Menz.nu om [gedaagde 4] na ontruiming opnieuw toe te laten in het appartement aan het adres [adres 2] te Almelo, op straffe van een dwangsom van € 500,00 per dag of gedeelte van de dag dat zij hieraan niet voldoen, tot een maximum van € 50.000,00 is bereikt,

5.4.

verbiedt [gedaagde 4] om zich gedurende één jaar na betekening van dit vonnis op de eerste en derde verdieping van het appartementencomplex Boerhaavelaan 2 t/m 30 op te houden/te bevinden en contact op te nemen met [eiseres 2] , op straffe van een dwangsom van € 500,00 per overtreding, tot een maximum van € 50.000,00 is bereikt, en machtigt [eiseres 2] om met behulp van de sterke arm van politie en justitie de tenuitvoerlegging van dit vonnis te bewerkstelligen indien [gedaagde 4] in gebreke blijft aan de voornoemde verboden gehoor te geven,

5.5.

veroordeelt [gedaagde 1] , [gedaagde 2] , Menz.nu en Antonius Bewindvoering, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde 4] , in de proceskosten, aan de zijde van de VvE en [eiseres 2] tot op heden begroot op € 1.709,85,

5.6.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.7.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. W.K.F. Hangelbroek en in het openbaar uitgesproken op 14 maart 2018.1

1 type: coll: