Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2018:811

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
16-03-2018
Datum publicatie
16-03-2018
Zaaknummer
08/730696-17 en 08/770312-17 (P) (t.t.z. gevoegd)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank Overijssel veroordeelt een 22-jarige jongeman tot een gevangenisstraf van 365 dagen waarvan 349 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar met algemene en bijzondere voorwaarden voor mishandeling en bezit van kinderpornografische en dierenpornografische afbeeldingen. Daarnaast moet de man een bedrag van ruim 2500 euro aan schadevergoeding aan zijn slachtoffers betalen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Strafrecht

Meervoudige kamer

Zittingsplaats Almelo

Parketnummers: 08/730696-17 en 08/770312-17 (P) (t.t.z. gevoegd)

Datum vonnis: 16 maart 2018

Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum 1] 1995 in [geboorteplaats] ,

wonende in [adres] .

1 Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van

2 maart 2018.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie

mr. C.Y. Huang en van wat door verdachte en zijn raadsman mr. J. Eliya, advocaat te Hengelo (O), naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

parketnummer 08/770312-17:

feit 1: een gewoonte heeft gemaakt van het in bezit hebben, verwerven en verspreiden van kinderpornografische afbeeldingen;

feit 2: dierenpornografie in bezit heeft gehad

en

parketnummer 08/730696-17:

[slachtoffer 1] heeft mishandeld.

Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:

parketnummer 08/770312-17

1.

hij

in of omstreeks de periode van 01 mei 2016 tot en met 08 mei 2017

te Enschede en/of Kampen, in elk geval in Nederland,

meermalen, althans eenmaal (telkens)

(een) (hoeveelheid) afbeelding(en), te weten (een) (aantal) foto('s) en/of

(een)(aantal) video('s) en/of (een)(aantal) film(s)

en/of (een) gegevensdrager(s) bevattende (een) afbeelding(en) te weten een

computer (Notebook Packerd Bell) en/of een mobiele telefoon (Galaxy Note 3)

heeft

verspreid en/of

verworven en/of

in bezit gehad en/of

zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking

van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn,

waarbij (telkens) (onder meer) een persoon die kennelijk de leeftijd van

achttien jaar nog niet had bereikt, te weten [slachtoffer 2] (geboren [geboortedatum 2]

2003) was betrokken of schijnbaar was betrokken;

welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit

(onder meer):

het oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren met de penis en/of (een)

vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of de mond/tong van het lichaam van

een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en/of

het vaginaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een

persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt met (een)

vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp

en/of

het vaginaal penetreren van het eigen lichaam door een persoon die kennelijk

de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt met (een) vinger(s)/hand en/of

een voorwerp

(bestandsna(a)m(en):

[bestandsnaam 1] (foto 1 in toonmap), large.png (foto 6 in toonmap),

^ [bestandsnaam 2] (foto 8 in toonmap)

en/of

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of de

borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft

bereikt met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) en/of

de mond/tong

en/of

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of de

borsten van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van

18 jaren nog niet heeft bereikt met (een) vinger(s)/hand en/of de mond/tong

en/of

het betasten en/of aanraken van de eigen geslachtsdelen en/of de billen en/of

de borsten door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet

heeft bereikt met (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en)

(bestandsna(am(en): [bestandsnaam 3] (foto 2 in toonmap),

[bestandsnaam 4] (foto 7 in toonmap)

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die

kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij

deze perso(o)n(en) gekleed is/zijn en/of opgemaakt is/zijn en/of

poseert/poseren in een omgeving en/of met (een) voorwerp(en) (eventueel

aanvullen met soort voorwerp) en/of in (een)(erotisch getinte) houding(en)

(op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen

en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende

afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen

en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of

de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de

afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten

en/of billen in beeld gebracht worden

(waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

(bestandsna(a)m(en):

^ [bestandsnaam 5] (foto 4 in toonmap),

[bestandsnaam 6] (foto 5 in toonmap),

^ [bestandsnaam 7] (foto 9 in toonmap)

en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het lichaam van een

perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben

bereikt

en/of

het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht/lichaam van een

perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben

bereikt

(bestandsna(a)m(en):

^ [bestandsnaam 8] (foto 3 in toonmap)

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt;

art 240b lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 240b lid 2 Wetboek van Strafrecht

2.

hij op of omstreeks 08 mei 2017 te Kampen, in de gemeente Kampen, in elk geval

in Nederland,

(een) afbeelding(en) en/of (een) film- videofragment(en) en/of (een)

gegevensdrager(s), te weten een mobiele telefoon (Galaxy note 3) in bezit

heeft gehad, bevattende een aantal film- videofragmenten, terwijl op die

afbeelding(en) en/of (een) film- videofragment(en) (een) ontuchtige

handeling(en) zichtbaar is/zijn waarbij een mens en een dier is/zijn betrokken

of schijnbaar is/zijn betrokken, welke ontuchtige handeling(en) bestond(en)

uit (onder meer) - zakelijk weergegeven -

* het in de mond nemen van een stijve penis van een paard door één meer

vrouwen en/of

* het ejaculeren door een paard in de mond en/of over/in het gezicht van één

of meer vrouwen en/of

* het in de mond nemen van een stijve penis van een hond door één of meer

vrouwen en/of

* het vaginaal en/of anaal penetreren van een vrouw door een hond en/of een

paard/pony;

en

parketnummer 08/730696-17

hij op of omstreeks 16 september 2017 te IJsselmuiden, gemeente Kampen,

[slachtoffer 1] heeft mishandeld door haar eenmaal of meermalen tegen haar

hoofd en/of gezicht te slaan en/of te stompen.

3 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 De bewijsoverwegingen

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte een gewoonte heeft gemaakt van het verwerven en in bezit hebben van kinderpornografische afbeeldingen, zoals tenlastegelegd onder 1 van parketnummer 08/770312-17, gelet op de onder verdachte aangetroffen kinderpornografische afbeeldingen en de bekennende verklaring van verdachte. De officier van justitie acht niet bewezen dat verdachte een gewoonte heeft gemaakt van het verspreiden van kinderpornografische afbeeldingen en vordert vrijspraak van dat onderdeel. De officier van justitie acht feit 2 van parketnummer 08/770312-17 eveneens wettig en overtuigend bewezen gelet op de onder verdachte aangetroffen dierenpornografie en de bekennende verklaring van verdachte. De officier van justitie acht tenslotte het onder parketnummer 08/730696-17 tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen gelet op het proces-verbaal van aangifte en de bekennende verklaring van verdachte.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft ten aanzien van het bewijs geen inhoudelijk verweer gevoerd.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van de tenlastegelegde feiten op grond van de volgende bewijsmiddelen, waarbij de rechtbank - nu verdachte deze feiten heeft bekend en door of namens hem geen vrijspraak is bepleit - conform artikel 359, derde lid, laatste volzin van het Wetboek van Strafvordering (Sv), zal volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen.

Parketnummer 08/770312-17 1

Feit 1

- het proces-verbaal van de terechtzitting van 2 maart 2018, voor zover inhoudende de bekennende verklaring van verdachte, als bedoeld in artikel 359, derde lid laatste volzin Sv;

- het proces-verbaal van beschrijven beeldmateriaal van verbalisant [verbalisant] van 1 augustus 2017, met bijlagen I tot en met III, pagina’s 190 tot en met 201.

Evenals de officier van justitie acht de rechtbank niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte een gewoonte heeft gemaakt van het verspreiden van kinderpornografisch materiaal, zodat de rechtbank verdachte van dat onderdeel vrijspreekt.

Feit 2

- het proces-verbaal van de terechtzitting van 2 maart 2018, voor zover inhoudende de bekennende verklaring van verdachte, als bedoeld in artikel 359, derde lid laatste volzin Sv;

- het proces-verbaal van beschrijven beeldmateriaal van verbalisant [verbalisant] van 1 augustus 2017, met bijlagen I tot en met III, pagina’s 190 tot en met 201.

Parketnummer 08/730696-17 2

- het proces-verbaal van de terechtzitting van 2 maart 2018, voor zover inhoudende de bekennende verklaring van verdachte, als bedoeld in artikel 359, derde lid laatste volzin Sv;

- het proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer 1] van 18 september 2017, pagina 8.

4.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van voornoemde bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen dat:

Parketnummer 08/770312-17

1.

hij

in de periode van 1 mei 2016 tot en met 8 mei 2017

in Nederland,

meermalen telkens

(een) afbeelding(en), te weten (een) foto(’s) en/of film(s)

en gegevensdragers bevattende afbeeldingen, te weten een

computer (Notebook Packerd Bell) en een mobiele telefoon (Galaxy Note 3)

heeft

verspreid en/of

verworven en

in bezit gehad en

zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking

van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen zichtbaar zijn,

waarbij telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van

achttien jaar nog niet had bereikt, te weten onder andere [slachtoffer 2] (geboren [geboortedatum 2]

2003) was betrokken of schijnbaar was betrokken;

welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het oraal en vaginaal en anaal penetreren met de penis en/of (een)

vinger(s)/hand en/of een voorwerp en/of de mond/tong van het lichaam van

een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en

het vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon door een

persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt met (een)

vinger(s)/hand en een voorwerp

en

het vaginaal penetreren van het eigen lichaam door een persoon die kennelijk

de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt met (een) vinger(s)/hand en

een voorwerp

en

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en de billen en de

borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft

bereikt met de penis en/of (een) vinger(s)/hand en/of een voorwerp en/of

de mond/tong

en

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en de billen en de

borsten van een persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van

18 jaren nog niet heeft bereikt met (een) vinger(s)/hand en/of de mond/tong

en

het betasten en/of aanraken van de eigen geslachtsdelen en de billen en

de borsten door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet

heeft bereikt met (een) vinger(s)/hand en/of een voorwerp

en

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van personen die

kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet hebben bereikt, waarbij

deze personen opgemaakt zijn en

poseren in een omgeving en met voorwerpen en in een (erotisch getinte) houding

(op een wijze) die niet bij hun leeftijd passen

en (waarna) door het camerastandpunt en de (onnatuurlijke) pose en

de wijze van kleden van deze personen en de uitsnede van de

afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten

en billen in beeld gebracht worden

(waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

en

het masturberen bij en/of ejaculeren op het lichaam van een

persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en

het houden van een penis bij het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

van welk verwerven en in bezit hebben hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt;

2.

hij op 8 mei 2017 te Kampen, in de gemeente Kampen, in elk geval

in Nederland,

afbeeldingen en film-/videofragmenten en een

gegevensdrager, te weten een mobiele telefoon (Galaxy note 3) in bezit

heeft gehad, bevattende afbeeldingen en film-/videofragmenten, terwijl op die

afbeeldingen en film-/videofragmenten ontuchtige handelingen zichtbaar zijn waarbij een mens en een dier zijn betrokken of schijnbaar zijn betrokken, welke ontuchtige handelingen bestonden

uit - zakelijk weergegeven -

* het in de mond nemen van een stijve penis van een paard door vrouwen en

* het ejaculeren door een paard in de mond en/of over/in het gezicht van

vrouwen en

* het in de mond nemen van een stijve penis van een hond door

vrouwen en

* het vaginaal en/of anaal penetreren van een vrouw door een hond en/of een

paard/pony.

Parketnummer 08/730696-17

hij op 16 september 2017 te IJsselmuiden, gemeente Kampen,

[slachtoffer 1] heeft mishandeld door haar meermalen tegen haar

hoofd te slaan en te stompen.

De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.

De rechtbank heeft de eventueel in de tenlastelegging voorkomende schrijffouten verbeterd in de bewezenverklaring. Verdachte wordt hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.

5 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld in de artikelen 240b, 254a en 300 van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op:

parketnummer 08/730696-17

het misdrijf: mishandeling

en

parketnummer 08/770312-17

feit 1:

het misdrijf: een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verspreiden en

het misdrijf: een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken,

verwerven en in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt;

feit 2:

het misdrijf: een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij een mens en een dier zijn betrokken, in bezit hebben.

6 De strafbaarheid van verdachte

De verdediging stelt zich op het standpunt dat verdachte dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging, omdat de strafbare feiten hem niet kunnen worden toegerekend. De verdediging verwijst daarvoor naar het rapport van gz-psycholoog Driessen van 8 januari 2018. Uit dit rapport volgt evenwel niet dat verdachte de strafbare feiten in het geheel niet kunnen worden toegerekend. De deskundige adviseert om verdachte de strafbare feiten in verminderde mate toe te rekenen. Er zijn derhalve naar het oordeel van de rechtbank geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor de bewezenverklaarde feiten.

7 De op te leggen straf of maatregel

7.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden waarvan 9 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van

3 jaren, met aftrek van voorarrest en met als bijzondere voorwaarden de voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd.

7.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft de rechtbank primair verzocht om aan verdachte een voorwaardelijke taakstraf van niet meer dan 50 uren op te leggen. Subsidiair heeft de verdediging verzocht een voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen.

7.3

De gronden voor een straf of maatregel

Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren is gekomen. De rechtbank acht daarbij het volgende van belang.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het verwerven van nieuw kinderpornografisch materiaal. Verdachte deed dit door via een chatsite die is bedoeld voor 12- tot 17-jarigen contact te leggen met een 13-jarig meisje, dat op dat moment kampte met psychische problemen. Het is een feit van algemene bekendheid dat foto’s en films lange tijd op internet blijven circuleren en dat de psychische gevolgen voor de slachtoffers groot en langdurig kunnen zijn. Voorts wordt de seksuele ontwikkeling van deze jonge kinderen verstoord, doordat zij worden blootgesteld aan de lusten van volwassenen en aldus niet op een manier die bij hun leeftijd past in aanraking komen met seksualiteit. Uit de ter zitting afgelegde verklaring van de moeder van [slachtoffer 2] blijkt dat [slachtoffer 2] psychologische hulp heeft moeten inroepen, onder andere omdat het strafbare handelen van verdachte het herstel van haar eetstoornis in de weg stond en zij suïcidaal is. Naast het strafbare handelen van verdachte ten aanzien van [slachtoffer 2] heeft verdachte met het aanwezig hebben (verzamelen) van bestaand materiaal bijgedragen aan de aanwezigheid van een afzetmarkt voor kinderporno en aldus bijgedragen aan de schade die dat veelal bij jonge kinderen veroorzaakt. Verdachte heeft zich onvoldoende rekenschap gegeven van die gevolgen en is uitsluitend bezig geweest met het bevredigen van zijn eigen seksuele behoeftes ten koste van anderen. Dat rekent de rechtbank hem aan.

Verdachte heeft zich daarnaast schuldig gemaakt aan mishandeling. Dergelijke delicten brengen niet alleen het slachtoffer pijn toe, maar versterken de in de maatschappij bestaande gevoelens van onrust, angst en onveiligheid.

Uit de justitiële documentatie van verdachte blijkt dat hij niet eerder is veroordeeld wegens strafbare feiten.

Uit de over verdachte opgemaakte Pro Justitia rapportage van drs. M.J.C.M. Driessen van

8 januari 2018 komt het volgende naar voren.

Bij verdachte is sprake van een aandachtsdeficiëntie-/hyperactiviteitsstoornis met een gecombineerd beeld, waarbij het symptoomcluster hyperactiviteit/impulsiviteitsfactor het zwaarst lijkt te wegen. Deze diagnose heeft belangrijke impact op de cognitieve mogelijkheden en beperkingen van verdachte. Van deze stoornis was ook sprake ten tijde van het tenlastegelegde en er bestaat een verband tussen de stoornis en het tenlastegelegde. Contextuele factoren speelden echter ook een rol, te weten verdachtes afwijzingsproblematiek in de liefde, zijn cognitieve falen in het MBO 3 volwassenenonderwijs en het gemis aan toezicht op zijn doen en laten bij zijn ouders thuis. Verdachte zocht en vond chattend en porno surfend op internet een uitlaatklep voor zijn seksuele spanningen alsmede een surrogaat liefdespartner in een ouder ogend, sociaal-emotioneel getroebleerd 13-jarig meisje, met wie verdachte virtuele seksuele contacten aanging en onderhield. Ten tijde van het tenlastegelegde was bij verdachte sprake van een nonchalante, onvoorzichtige, onnadenkende en risico nemende houding. De aan de ADHD stoornis gerelateerde impulsiviteit en gebrekkige inhibitie kunnen het

volhardende karakter van het porno surfen en het sekschatten mede verklaren. Gelet op het verband tussen de genoemde kenmerken van de ADHD stoornis en het tenlastegelegde wordt geadviseerd om verdachte de tenlastegelegde feiten in verminderde mate toe te rekenen.

Het recidiverisico wordt als laag tot matig ingeschat. Specifieke risicofactoren zijn thrillseeking, relationele beperkingen, onvoldoende toezicht en controle op het doen en laten en aan de ADHD stoornis gerelateerde impulsiviteit en inhibitie. Geadviseerd wordt om verdachte extramuraal forensisch-poliklinisch te behandelen bij Trajectum in Zwolle, waar verdachte begeleiding en behandeling van zijn seksueel grensoverschrijdende gedrag kan krijgen.

Uit het reclasseringsrapport van 2 februari 2018 blijkt dat verdachte zijn afspraken met de reclassering nakomt. Hoewel hij in het begin moeilijk te doorgronden leek, is er thans sprake van contactgroei. Verdachte is leerbaar, gemotiveerd en ontvankelijk voor behandeling. De reclassering adviseert om een (gedeeltelijk) voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen met als bijzondere voorwaarden een meldplicht, een ambulante behandelverplichting met de mogelijkheid tot een korte klinische opname voor de duur van maximaal zeven weken indien de reclassering dat nodig acht, een contactverbod met de benadeelde [slachtoffer 2] , de verplichting om zich te onthouden van activiteiten die gericht zijn op het verkrijgen van kinderporno of het anderszins seksueel getint communiceren met minderjarigen en de verplichting om medewerking te verlenen aan onaangekondigde controles door de politie van digitale gegevensdragers op kinderporno en/of seksueel getinte gesprekken met minderjarigen.

De rechtbank maakt de conclusies van de deskundige tot de hare en stelt vast dat de bewezenverklaarde feiten in verminderde mate aan verdachte kunnen worden toegerekend. Ook het advies van de deskundige omtrent behandeling van verdachtes problematiek, dat nader is uitgewerkt in het reclasseringsadvies van 2 februari 2018, zal de rechtbank overnemen in de vorm van bijzondere voorwaarden bij de op te leggen straf. Verdachte heeft verklaard mee te willen werken aan de geadviseerde voorwaarden, en de noodzaak daarvan in te zien.

De rechtbank acht, gelet op de aard en de ernst van de feiten, het blanco strafblad van verdachte, zijn jeugdige leeftijd en de noodzaak tot behandeling van zijn problematiek, passend en geboden een gevangenisstraf voor de duur van 365 dagen, waarvan 349 dagen voorwaardelijk, met aftrek van voorarrest, met een proeftijd van drie jaren en de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering in haar advies van 2 februari 2018.

8 De schade van benadeelden

8.1

De vorderingen van de benadeelde partijen

Parketnummer 08/770312-17

[slachtoffer 2] heeft zich als benadeelde partij gevoegd in dit strafproces. De benadeelde partij vordert verdachte te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding van € 2.000,00 wegens immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. Ter zake proceskosten heeft de benadeelde een vergoeding van een bedrag van € 650,00 wegens kosten van rechtsbijstand verzocht.

Parketnummer 08/730696-17

[slachtoffer 1] heeft zich als benadeelde partij gevoegd in dit strafproces. De benadeelde partij vordert verdachte te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding van € 700,00 wegens immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd.

8.2

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie concludeert tot toewijzing van de vorderingen van de benadeelde partijen [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] , te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum waarop het strafbare feit waarop die vordering betrekking heeft is gepleegd.

8.3

Het standpunt van de verdediging

Parketnummer 08/770312-17

De verdediging stelt zich op het standpunt dat de benadeelde [slachtoffer 2] niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar vordering, omdat die vordering onvoldoende is onderbouwd. De raadsman voert daartoe aan dat er geen betalingsbewijs van de advocaatkosten is verstrekt en dat de advocaatkosten te hoog en niet noodzakelijk zijn, aangezien de benadeelde kosteloos bijstand van Slachtofferhulp had kunnen krijgen of in aanmerking had kunnen komen voor een toevoeging zodat slechts € 143,00 verschuldigd zou zijn geweest voor rechtsbijstand van een advocaat. Tevens is het gestelde causaal verband tussen de huidige psychische klachten van [slachtoffer 2] en het strafbare feit onvoldoende onderbouwd, mede in aanmerking genomen dat de benadeelde [slachtoffer 2] in de periode voorafgaand aan het strafbare feit al kampte met psychische klachten.

Parketnummer 08/730696-17

De verdediging stelt zich op het standpunt dat de benadeelde [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar vordering, omdat die vordering onvoldoende is onderbouwd. De verdediging verzoekt de rechtbank subsidiair om rekening te houden met de beperkte financiële middelen van verdachte en meer subsidiair om in het geval dat de schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd geen dan wel slechts een dag vervangende hechtenis te bevelen.

8.4

Het oordeel van de rechtbank

Parketnummer 08/770312-17

Door de gebezigde bewijsmiddelen en de behandeling op de terechtzitting is komen vast te staan dat verdachte door het bewezenverklaarde feit rechtstreeks schade heeft toegebracht aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] . Ten aanzien van de gevorderde immateriële schadevergoeding overweegt de rechtbank dat de benadeelde als gevolg van het bewezenverklaarde psychisch letsel heeft opgelopen en daarvoor onder behandeling staat van een kinderpsycholoog en EMDR-therapie volgt. Gelet op het vorenstaande zal de rechtbank een bedrag van € 2.000,- ter vergoeding van immateriële schade toewijzen.

Nu ter terechtzitting geen bijzondere omstandigheden zijn gebleken waarom afgeweken zou moeten worden van het liquidatietarief, is de rechtbank van oordeel dat voor de vaststelling van de proceskosten wegens kosten rechtsbijstand het liquidatietarief kanton dient te worden gehanteerd, waarbij het bedrag van de te liquideren kosten afhankelijk is van de verrichte werkzaamheden, welke worden gewaardeerd in punten. In de onderhavige zaak heeft de raadsman de benadeelde partij bijgestaan bij het invullen van het schadeformulier, welke handeling met een punt wordt gewaardeerd. Ook is een kantoorgenoot van de raadsman ter terechtzitting verschenen en heeft zij mondeling de vordering toegelicht, welke handeling eveneens met een punt wordt gewaardeerd. De geldswaarde in hoofdsom ligt onder

de € 2.500,00 zodat tarief IV geldt (een tarief van € 150,00 per punt). In totaal komt daarmee in aanmerking een vergoeding van de kosten van rechtsbijstand tot een bedrag van € 300,00. De rechtbank zal dat bedrag toekennen en het verzoek voor het overige niet-ontvankelijk verklaren.

Parketnummer 08/730696-17

Door de gebezigde bewijsmiddelen en de behandeling op de terechtzitting is komen vast te staan dat verdachte door het bewezenverklaarde feit rechtstreeks schade heeft toegebracht aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] . De rechtbank is van oordeel dat een bedrag van

€ 500,00 naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid en gelet op hetgeen in vergelijkbare zaken is toegewezen, als geleden schade van immateriële aard toewijsbaar is. De rechtbank zal de vordering van immateriële schade in zoverre toewijzen en de benadeelde voor het overige niet-ontvankelijk verklaren.

8.5

De schadevergoedingsmaatregel

De benadeelde partijen hebben verzocht en de officier van justitie heeft gevorderd de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

De rechtbank zal de maatregel als bedoeld in artikel 36f Sr opleggen, aangezien verdachte jegens de benadeelde partijen naar burgerlijk recht (mede) aansprakelijk is voor de schade die door de feiten is toegebracht.

9 De toegepaste wettelijke voorschriften

De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 14a, 14b, 14c en 57 Sr.

10 De beslissing

De rechtbank:

bewezenverklaring

- verklaart bewezen dat verdachte de tenlastegelegde feiten heeft begaan, zoals hierboven omschreven;

- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;

strafbaarheid feit

- verklaart de bewezenverklaarde feiten strafbaar;

- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:

parketnummer 08/730696-17:

het misdrijf: mishandeling;

parketnummer 08/770312-17:

feit 1:

het misdrijf: een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verspreiden en

het misdrijf: een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken,

verwerven en in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt;

feit 2: het misdrijf: een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij een mens en een dier zijn betrokken, in bezit hebben;

strafbaarheid verdachte

- verklaart verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;

straf

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 365 dagen;

- bepaalt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte van 349 dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de proeftijd van 3 jaren de navolgende voorwaarden niet is nagekomen:

- stelt als algemene voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, Sr, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich gedurende de proeftijd op uitnodiging meldt bij Reclassering Nederland, op de door de reclassering te bepalen tijdstippen, zo frequent en zo lang deze instelling dat nodig acht;

- zich ambulant laat behandelen bij Trajectum of een soortgelijke instelling, ter beoordeling van de reclassering, indien en zo lang als de reclassering dit noodzakelijk acht, ook indien die behandeling inhoudt een korte klinische opname voor de duur van zeven weken ten behoeve van crisis, detoxificatie, stabilisatie, observatie en/of diagnostiek, als de reclassering dit noodzakelijk acht. De veroordeelde zal zich houden aan de regels die door of namens de leiding van de polikliniek zullen worden gegeven;

- op geen enkele wijze contact opneemt en/of onderhoudt met [slachtoffer 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2003, zo lang de reclassering dit nodig acht;

- zich onthoudt van:

- het seksueel getint communiceren met minderjarigen;

- gedrag dat is gericht op een digitale omgeving waarin kinderpornografisch materiaal kan worden verkregen;

- gedrag dat is gericht op een digitale omgeving waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt gecommuniceerd;

- meewerkt aan onaangekondigde controles door de politie van digitale

gegevensdragers op kinderporno en/of seksueel getinte gesprekken met minderjarigen.

De reclassering bepaalt in overlegt met de politie in welke gevallen en op welke wijze

een controle plaatsvindt;

- draagt deze reclasseringsinstelling op om toezicht te houden op de naleving van de

voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

- bepaalt dat de tijd die de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in

verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de

gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht;

Schadevergoeding

parketnummer 08/730696-17

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] van een bedrag van € 500,00 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 16 september 2017;

- veroordeelt verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering;

- legt de maatregel op dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezenverklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 500,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 16 september 2017 ten behoeve van de benadeelde, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de duur van 10 dagen zal worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis laat de betalingsverplichting onverlet;

- bepaalt dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als verdachte aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen;

- bepaalt dat de benadeelde partij: [slachtoffer 1] voor het overige deel van de vordering niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

parketnummer 08/770312-17:

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] van een bedrag van € 2.000,00 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 september 2016;

- veroordeelt verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op € 300,00, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering;

- legt de maatregel op dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezenverklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 2.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 september 2016 ten behoeve van de benadeelde, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de duur van 30 dagen zal worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis laat de betalingsverplichting onverlet;

- bepaalt dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als verdachte aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen;

- bepaalt dat de benadeelde partij: [slachtoffer 2] voor het overige deel van de vordering niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

opheffing bevel voorlopige hechtenis

- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.M. Rikken, voorzitter, mr. C.C.S. Koppes en

mr. H. Bloebaum, rechters, in tegenwoordigheid van mr. N. Wilmink, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2018.

Bijlage bewijsmiddelen

Leeswijzer

Deze bijlage maakt deel uit van het vonnis en bevat de bewijsmiddelen.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de regiopolitie Oost-Nederland met nummer [nummer 1] genaamd ‘ [naam] ’. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.

2 Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de regiopolitie Oost-Nederland met nummer [nummer 2] . Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.