Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2018:4413

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
13-11-2018
Datum publicatie
19-11-2018
Zaaknummer
6824252 \ CV EXPL 18-1159
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Eiser vordert gedaagde tot betaling van een bedrag i.v.m. het aangaan van een overeenkomst. Eiser heeft zich bediend van opzettelijk gedane onjuiste mededeling als bedoeld in art. 3:44 BW en dat levert bedrog op, op grond waarvan de overeenkomst door gedaagde kan worden vernietigd.

Vordering afgewezen

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJF 2019/13
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

Zaaknummer : 6824252 \ CV EXPL 18-1159

Vonnis van 13 november 2018

in de zaak van

de besloten vennootschap TRADEMARK OFFICE B.V.,
gevestigd en kantoorhoudende te Heerhugowaard,

eisende partij, hierna te noemen Trademark Office,

gemachtigde: Norrad Incasso B.V. ,

tegen

de besloten vennootschap REKOS B.V.,
gevestigd en kantoorhoudende te Almelo,

gedaagde partij, hierna te noemen Rekos,

gemachtigde: J. Kulpe, bedrijfsleider van Rekos.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de conclusie van antwoord

- de conclusie van repliek

- de conclusie van dupliek.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

2.1.

De vordering

Trademark Office vordert Rekos te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 638,94, inclusief rente ad € 17,99 en buitengerechtelijke kosten ad € 80,99, vermeerderd met rente en kosten.

Kort gezegd voert zij hiertoe aan dat zij met Rekos een overeenkomst is aangegaan betreffende het leveren van een TLD Domeinnaam. Trademark Office heeft de TLD Domeinnaam aan Rekos geleverd voor een periode van 10 jaar. Rekos blijft volgens Trademark Office ten onrechte in gebreke met betaling van de hieruit voortgevloeide factuur van € 539,96 incl. btw. Er is een rechtsgeldige overeenkomst tussen partijen tot stand gekomen en er is een korte bandopname gemaakt van de overeenkomst. Anders dan Rekos stelt is door Trademark Office in het gesprek enkel medegedeeld dat er bij Trademark Office signalen zijn binnengekomen dat er een partij is die geïnteresseerd is geraakt in de betreffende domeinnaam. Er is geen sprake van een verkooptruc en Rekos heeft een redelijke termijn gekregen om na te denken over de overeenkomst, Rekos is na enige tijd teruggebeld.

2.2.

Het verweer

Rekos heeft verweer gevoerd en gevraagd de overeenkomst nietig te verklaren of om Trademark Office te verplichten tot een minnelijke oplossing te komen.

Rekos werd op 5 september 2017 door Trademark Office gebeld met het verhaal dat een concurrent van Rekos de domeinnaam rekos.org wilde claimen en dat Rekos gelijk moest beslissen om de domeinnaam zelf te claimen. Dat klonk aannemelijk en Rekos is in eerste instantie akkoord gegaan met de overeenkomst. Rekos kwam er echter al snel achter dat het om een slimme verkooptruc van Trademark Office ging. Rekos heeft diezelfde dag nog gebeld met Trademark Office dat zij er van af zien en dat ze zich voelde beetgenomen. Anders dan Trademark Office stelt heeft zij niet geprobeerd een oplossing te bereiken, er werd alleen maar dreigende juridische taal gebruikt. Rekos heeft als producties meegestuurd artikelen over de handelwijze van Trademark Office en dat er zelfs een collectieve actie van bedrijven jegens Trademark Office is of is geweest.

3 Beoordeling

3.1.

Trademark Office probeert via telefonische acquisitie domeinnamen aan klanten te verkopen. Volgens Trademark Office heeft zij in het telefoongesprek met Rekos enkel meegedeeld dat er bij haar signalen zijn binnengekomen dat er een partij is die geïnteresseerd is geraakt in de betreffende domeinnaam. Volgens Rekos heeft Trademark Office in het verkoopgesprek meegedeeld dat een concurrent van Rekos de domeinnaam rekos.org wilde claimen en dat ze gelijk moesten beslissen zodat Rekos de domeinnaam kon claimen. Trademark Office legt slechts een transcriptie van een deel van het door haar opgenomen telefoongesprek over, enkel het deel waarin Rekos uiteindelijk akkoord gaat met de overeenkomst, terwijl bij telefonische acquisitie niet zelden belangrijker is wat in het telefoongesprek daaraan voorafgaand is gezegd.

3.2.

De kantonrechter is ambtshalve op de hoogte van recente beslissingen in procedures door Trademark Office begonnen tegen ondernemers, waarin het ging om vergelijkbare gevallen (Rechtbank Oost-Brabant, ECLI:NL:RBOBR:2018:3291, Rechtbank Limburg, ECLI:NL:RBLIM:2018:9147). Hoe de mededeling van Trademark Office ook precies heeft geluid, de strekking van de mededeling van Trademark Office in het telefoongesprek is dat zij weet dat een derde (een concurrent) geïnteresseerd is in een domeinnaam die lijkt op de domeinnaam die partijen al hebben en dat partijen diezelfde dag moeten beslissen of zij die domeinnaam willen claimen voor de derde dat kan doen.

Ook na het verweer van Rekos dat er sprake is van een slimme verkooptruc stelt Trademark Office niet dat er werkelijk een derde geïnteresseerd was, en dat blijkt ook nergens uit. De kantonrechter gaat er met Rekos van uit dat Trademark Office zich in dit geval heeft bediend van een opzettelijk gedane onjuiste mededeling als bedoeld in art. 3: 44 BW, en dat levert bedrog op, op grond waarvan de overeenkomst door Rekos kan worden vernietigd.

Trademark Office heeft niet betwist dat Rekos diezelfde dag nog contact heeft opgenomen dat Rekos zich voelde beetgenomen en ze van de overeenkomst af wilden. De kantonrechter ziet dat als een beroep op de vernietigbaarheid van de overeenkomst, en dat beroep wordt gehonoreerd. De vordering van Trademark Office wordt daarom afgewezen.

3.3.

Trademark Office dient, als de in het ongelijk gestelde partij, de proceskosten te betalen.

4. De beslissing

De kantonrechter

4.1.

Wijst de vordering van Trademark Office af.

4.2.

Veroordeelt Trademark Office in de kosten van de procedure, aan de zijde van Rekos begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. P.L. Alers, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 13 november 2018.