Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2018:2358

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
22-05-2018
Datum publicatie
09-07-2018
Zaaknummer
6288077 \ CV EXPL 17-5680
Rechtsgebieden
Arbeidsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Werkgever op Bonaire vordert onder meer schadevergoeding wegens het niet in acht nemen van de opzegtermijn (7:672 BW) van een inmiddels (weer) in Nederland woonachtige voormalig werknemer. Nederlandse rechter is bevoegd (Interregionale zaak) en Nederlands recht is van toepassing (rechtskeuze).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2018-0801
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Zwolle

Zaaknummer : 6288077 \ CV EXPL 17-5680

Vonnis van 22 mei 2018

in de zaak van

de besloten vennootschap KRAGT BOER MANAGMENT B.V., H.O.D.N. SCOOTERS BONAIRE,
gevestigd en kantoorhoudende te Kralendijk,

eisende partij, hierna te noemen Scooters Bonaire,

gemachtigde: mr. W.P. Bouma,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde] ,

gemachtigde: mr. P.H. Rappa.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 15 augustus 2017

- de conclusie van antwoord in conventie en conclusie van eis in reconventie;

- de conclusie van repliek in conventie en conclusie van antwoord in reconventie;

- de conclusie van dupliek in conventie en conclusie van repliek in reconventie;

- de conclusie van dupliek in reconventie.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Scooters Bonaire verhuurt en verkoopt scooters en fietsen op Bonaire. Tevens verricht zij reparaties aan scooters en fietsen en exporteert zij scooteronderdelen over de gehele Antillen.

2.2.

Via een wervingsactie in Nederland is Scooters Bonaire in contact gekomen met [gedaagde] . Op 29 september 2016 heeft [gedaagde] per e-mail een concept arbeidsovereenkomst getekend retour gezonden aan Scooters Bonaire, waarna partijen deze overeenkomst op 3 november 2016 in Bonaire hebben getekend. In de overeenkomst staat onder meer vermeld:

De medewerker treedt met ingang van 4 november 2016 in dienst van de werkgever voor de duur van 1 jaar in de functie van algemeen medewerker en eindigt zonder opzegging op 3 november 2017. Het dienstverband is op full time basis. (40 uur per week).

De arbeidsovereenkomst kan echter tussentijds en derhalve door ieder der partijen worden opgezegd, en zulks onverminderd de gronden voor een ontslag op grond van dringende redenen danwel ontbinding van de arbeidsovereenkomst. In geval van deze beëindiging zal er een opzeggingstermijn van twee maand in acht worden genomen.

Uw salarisgrondslag bedraagt 1.350,00 (USD, kantonrechter) netto per maand. (…)

De ticketkosten en verblijfskosten van de éérste 2 weken worden, indien de werknemer binnen een jaar ontslag neemt, volledig terug betaald aan werkgever door werknemer. Deze kosten zijn Euro 1932.50 = USD 2164.40. (…)

2.3.

Per 4 november 2016 is [gedaagde] in dienst getreden bij Scooters Bonaire. Op 15 november 2016 hebben partijen een overeenkomst van geldlening gesloten, waarbij Scooters Bonaire aan [gedaagde] een bedrag van USD 625,00 heeft geleend voor de borg van een appartement en USD 312,50 voor de huur van bedoeld appartement voor de periode 15 november 2016 tot 1 december 2016. Tevens hebben partijen afgesproken dat het totaalbedrag ad USD 937,50 zal worden afgelost in zes termijnen van USD 156,25 met ingang van 1 december 2016 en uiterlijk eindigend op 1 mei 2017. Op de lening stond ten tijde van de dagvaarding nog een bedrag open van € 597,29.

2.4.

Op 3 januari 2017 heeft [gedaagde] zich ziek gemeld bij Scooters Bonaire. Op 6 januari 2017 is [gedaagde] naar een huisarts gegaan. [gedaagde] geeft vervolgens aan dat hij op 9 januari 2017 weer op het werk zal verschijnen. Op 9 januari 2017 bericht [gedaagde] per Whatsapp aan Scooters Bonaire dat hij niet meer komt werken en dat Scooters Bonaire hem maar ontslag moet geven. Op 11 januari 2017 vindt nog een gesprek tussen partijen plaats, maar [gedaagde] is niet meer komen werken.

2.5.

Bij brief van 20 januari 2017 heeft de gemachtigde van Scooters Bonaire aan [gedaagde] bericht dat sprake is van werkweigering en hij heeft [gedaagde] dringend verzocht om uiterlijk maandag 23 januari 2017 weer te verschijnen op de werkvloer.

2.6.

Vervolgens bericht de gemachtigde van Scooters Bonaire bij brief van 23 januari 2017 aan [gedaagde] dat sprake is van ongeoorloofd werkverzuim, zodat zijn dienstbetrekking per direct wordt beëindigd op grond van een dringende reden. Tevens maakt Scooters Bonaire in die brief aanspraak op een schadevergoeding gelijk aan het in geld vastgestelde loon voor de tijd dat de dienstbetrekking bij regelmatige beëindiging had behoren voort te duren. Dit betreft een bedrag van USD 13.500,00, zijnde € 12.901,38.

3 Het geschil

in conventie

3.1.

Scooters Bonaire vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag ad € 15.567,10 (bestaande uit € 597,29 wegens de openstaande lening, € 2.068,43 voor ticket- en verblijfskosten en € 12.901,38 wegens het niet in acht nemen van de opzegtermijn), te vermeerderen met de wettelijke rente, de buitengerechtelijke incassokosten ad € 930,67 en de proceskosten.

3.2.

[gedaagde] voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

in reconventie

3.4.

[gedaagde] vordert samengevat - afgifte van gereedschappen (drie koffers c.q. kratten) die zich nog in Bonaire althans onder Scooters Bonaire bevinden dan wel een schadevergoeding ter hoogte van de waarde van de gereedschappen ad € 2.838,50.

3.5.

Scooters Bonaire voert aan dat zij de koffers met gereedschap nog in haar bezit heeft, maar dat zij deze pas wenst terug te sturen na betaling van haar vordering en onder vergoeding van de verzendkosten.

3.6.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

in conventie

Bevoegde rechter en toepasselijk recht

4.1.

Nu Scooters Bonaire op de BES-eilanden (Bonaire) gevestigd is en haar vordering uit dien hoofde een interregionaal karakter draagt, dient allereerst de vraag te worden beantwoord of de Nederlandse rechter bevoegd is van de vordering kennis te nemen. De kantonrechter beantwoordt die vraag bevestigend. Bij gebreke van rechtsregels omtrent de rechtsmacht van de Nederlandse rechter in interregionale zaken moeten de bevoegdheidsbepalingen die in Nederland gelden voor zaken met een internationaal karakter analoog worden toegepast (Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:HR:2014:1063). Op grond van analoge toepassing van artikel 4 van Verordening (EU) nr. 1215/2012 (EEX-Vo 2012) is de Nederlandse rechter bevoegd, nu [gedaagde] woonachtig is in Nederland.

4.2.

In de dagvaarding heeft Scooters Bonaire vermeld dat zij voor Nederlands recht heeft gekozen en [gedaagde] heeft zich vervolgens eveneens op het Nederlandse recht beroepen. De rechtbank begrijpt daaruit, en uit de op de grotendeels op het Nederlandse (proces)recht gebaseerde stellingen van partijen, dat partijen voor de toepasselijkheid van het Nederlandse recht hebben gekozen. Bij conclusie van dupliek in reconventie lijkt Scooters Bonaire zich overigens plots op het standpunt te stellen dat het “BES-(arbeids)recht” van toepassing zou zijn, maar daaraan gaat de kantonrechter gelet op de eerder gedane keuze voor Nederlands recht als tardief voorbij.

Ticket- en verblijfskosten en geldlening

4.3.

Ten aanzien van de vordering uit hoofde van de geldlening heeft [gedaagde] zich gerefereerd aan het oordeel van de kantonrechter. Hetzelfde geldt voor de vordering uit hoofde van de arbeidsovereenkomst tot terugbetaling van de ticket- en verblijfskosten van de eerste twee weken. Scooters Bonaire heeft deze vorderingen voldoende onderbouwd, zodat deze als onbetwist zullen worden toegewezen tot het gevorderde bedrag van € 2.665,72.

Schadevergoeding

4.4.

Voorts vordert Scooters Bonaire schadevergoeding wegens het niet in acht nemen van de opzegtermijn zoals opgenomen in de arbeidsovereenkomst. [gedaagde] heeft erkend dat hij de arbeidsovereenkomst (per direct) heeft opgezegd in januari 2017 en daarmee staat vast dat hij zich niet heeft gehouden aan de in de arbeidsovereenkomst opgenomen (tussentijdse) opzegtermijn van twee maanden. Naar Nederlands recht geldt een opzegtermijn voor de werknemer van één maand (artikel 7:672 lid 4 BW), maar daarvan mag schriftelijk worden afgeweken met een maximum van zes maanden (lid 7). Aldus geldt dat [gedaagde] rekening had moeten houden met een opzegtermijn van twee maanden. Op grond van artikel 7:672 lid 10 BW is [gedaagde] om die reden een vergoeding verschuldigd gelijk aan het loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging had behoren voort te duren. Anders dan Scooters Bonaire kennelijk betoogt had in dit geval een regelmatige tussentijdse opzegging van de arbeidsovereenkomst kunnen plaatsvinden met in achtneming van twee maanden en niet (enkel) per het einde dienstverband op 3 november 2017. Het vorenstaande betekent dat [gedaagde] een vergoeding is verschuldigd van twee maandsalarissen ad USD 1.350,00 (€ 1.290,14) per maand en niet van tien maandsalarissen, zoals door Scooters Bonaire is gevorderd. De kantonrechter ziet - mede gelet op de beperking van de matigingsbevoegdheid in artikel 7:672 lid 11 BW - geen aanleiding om de vergoeding te matigen tot minder dan twee maandsalarissen. Gelet op het vorenstaande zal een bedrag van € 2.580,28 als vergoeding worden toegewezen.

Conclusie

4.5.

Concluderend zal de kantonrechter een bedrag van (€ 2.580,28 + € 2.665,72=) € 5.246,00 toewijzen, te vermeerderen met de wettelijke rente zoals gevorderd.

Buitengerechtelijke kosten en proceskosten

4.6.

Scooters Bonaire maakt voorts aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is nu het verzuim na 1 juli 2012 is ingetreden. De gevorderde vergoeding komt niet voor toewijzing in aanmerking, nu niet gebleken is dat in de aanmaning aan [gedaagde] een betalingstermijn van 14 dagen is gegeven ingaande de dag na ontvangst daarvan, zoals vereist door artikel 6:96 lid 6 BW. In dit verband wordt verwezen naar de uitspraak van de Hoge Raad van 25 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2704.

4.7.

[gedaagde] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Omdat een aanzienlijk deel van het gevorderde bedrag wordt afgewezen, begroot de kantonrechter de proceskosten aan de zijde van Scooters Bonaire op basis van het toegewezen bedrag op € 1.071,05:

 € 500,00 voor salaris gemachtigde (2 punten x tarief € 250,00)

 € 101,05 voor explootkosten

 € 470,00 voor griffierecht (in plaats van € 939,00 zoals in rekening gebracht).

in reconventie

4.8.

[gedaagde] heeft in reconventie de teruggave van de door hem naar Bonaire verzonden gereedschapskoffers gevorderd althans de vergoeding van de waarde daarvan. De kantonrechter stelt vast dat Scooters Bonaire vanaf het begin aan [gedaagde] (schriftelijk) te kennen heeft gegeven dat hij de koffers kan komen ophalen dan wel dat Scooters Bonaire voor verzending wil zorgdragen tegen vergoeding van de kosten en betaling van haar vordering.

4.9.

[gedaagde] heeft ervoor gekozen om terug te keren naar Nederland en zijn koffers met gereedschap achter te laten, zonder Scooters Bonaire conform de contracten schadeloos te stellen. Wel is het zo dat hij als eigenaar recht heeft op teruggave van zijn eigendom, waartegen Scooters Bonaire zich overigens ook niet heeft verweerd. De kantonrechter zal dan ook de vordering tot afgifte van de koffers toewijzen, maar onder de voorwaarde dat [gedaagde] zorgt voor betaling vooraf van de verzendkosten van een door hem gekozen verzendwijze. Partijen lijken van mening te verschillen over de vraag hoeveel en welke koffers door [gedaagde] zijn achtergelaten. [gedaagde] stelt zich op het standpunt dat het gaat om de twee koffers waarvan Scooters Bonaire een foto als productie 13 bij conclusie van repliek in conventie en antwoord in reconventie heeft overgelegd, maar ook om een koffer met een dopsleutelset van het merk KS Tools. Scooters Bonaire heeft niet betwist dat deze koffer ook in haar bezit is, zodat de kantonrechter de vordering tot afgifte van drie koffers met gereedschap zal toewijzen zoals hierna vermeld.

4.10.

In het vorenstaande - waarbij de vordering van [gedaagde] wordt toegewezen maar Scooters Bonaire zich terecht op opschorting heeft beroepen - ziet de kantonrechter aanleiding de proceskosten tussen partijen in reconventie te compenseren in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

5 De beslissing

De kantonrechter

in conventie

5.1.

veroordeelt [gedaagde] aan Scooters Bonaire te betalen een bedrag van

€ 5.246,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 juni 2017 tot de dag van

algehele voldoening;

5.2.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, tot op heden aan de zijde van Scooters Bonaire begroot op € 1.071,05;

5.3.

verklaart dit vonnis in conventie uitvoerbaar bij voorraad;

5.4.

wijst het meer of anders gevorderde af;

in reconventie

5.5.

veroordeelt Scooters Bonaire tot afgifte van gereedschappen (de twee koffers zoals zichtbaar op de foto van productie 13 bij conclusie van repliek in conventie en antwoord in reconventie en de koffer met een dopsleutelset van het merk KS Tools) die zich nog onder Scooters Bonaire bevinden, onder de voorwaarde dat [gedaagde] de verzendkosten van de door hem gekozen verzendwijze vooraf aan Scooters Bonaire voldoet;

5.6.

compenseert de proceskosten tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;

5.7.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.J.S. Groeneveld-Koekkoek, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 22 mei 2018. (SG)