Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2017:817

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
25-01-2017
Datum publicatie
21-02-2017
Zaaknummer
C/08/189247 / HA ZA 16-322
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

CMR. Rome I en vervoerder, afwijzing beroep op schuldeisersverzuim.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
S&S 2017/63
NTHR 2017, afl. 3, p. 158
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

zaaknummer: C/08/189247 / HA ZA 16-322

Vonnis van 25 januari 2017

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WETRON TRANSPORT & LOGISTICS B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te Weert,

eisende partij,

hierna te noemen Wetron,

advocaat: mr. M.M.M. Rooijen te Weert,

tegen

de vennootschap naar Engels recht

CHINEURRUS IMPORT & EXPORT LIMITED,

gevestigd en kantoorhoudende te Doncaster, Verenigd Koninkrijk,

gedaagde partij,

hierna te noemen Chineurrus,

advocaat: mr. M.B. Beerentsen te Zwolle.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis d.d. 12 oktober 2016 waarbij een comparitie van partijen is gelast;

  • -

    de akte overlegging producties van de zijde van Wetron, d.d. 12 januari 2017;

  • -

    het proces-verbaal van de comparitie d.d. 12 januari 2017.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Voor zover van belang kunnen de volgende feiten als vaststaand worden aangenomen.

2.2.

Wetron is een onderneming die zich toelegt op goederenvervoer over de weg.

2.3.

Chineurrus is een niet-gespecialiseerde groothandel in (niet-)consumentenartikelen.

2.4.

Wetron heeft werkzaamheden verricht voor Chineurrus, uit hoofde van mondelinge

vervoersovereenkomsten tussen Wetron en Chineurrus, ten bewijze waarvan vrachtbrieven in kopie zijn overgelegd aan de rechtbank. De betreffende vrachtbrieven zijn opgemaakt volgens de standaard van het Verdrag betreffende de overeenkomst tot internationaal vervoer van zaken over de weg van 19 mei 1956 (Convention Relative au Contrat de Transport International de Marchandises par Route) hierna kortweg aangeduid als CMR.

2.5.

De te vervoeren goederen zijn afgeleverd ter bestemming.

2.6.

Naast het uitvoeren van transporten heeft Wetron goederen om-/overgeladen voor Chineurrus.

3 De vordering

Wetron vordert dat de rechtbank bij vonnis, zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

Chineurrus veroordeelt om binnen 7 dagen na dagtekening, althans betekening van het in dezen te wijzen vonnis, aan Wetron tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen een bedrag van € 34.307,37 in hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over dit bedrag te rekenen vanaf het verstrijken van de betaaltermijn van de onderscheidenlijke facturen;

Chineurrus veroordeelt om binnen 7 dagen na dagtekening, althans betekening van het in dezen te wijzen vonnis, aan Wetron tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen een bedrag van € 1.788,- uit hoofde van buitengerechtelijke incassokosten;

Chineurrus veroordeelt in de kosten van deze procedure met bepaling dat indien Chineurrus het bedrag aan proceskosten niet heeft voldaan binnen 14 dagen na dagtekening, althans betekening van het in dezen te wijzen vonnis, Chineurrus vanaf de 15de dag over het bedrag aan proceskosten de wettelijke rente is verschuldigd, zulks tot aan de dag der voldoening.

4 Het standpunt van Wetron

4.1.

Chineurrus heeft in totaal 19 facturen van Wetron, uit de periode 5 augustus 2011 tot

en met 3 oktober 2011, tot een bedrag van € 34.307,37, ondanks herhaaldelijke sommatie, waarvan de laatste dateert van 8 maart 2016, niet voldaan. Het betreft de volgende facturen:

Factuur 174163 d.d. 25-08-2011 t.b.v. € 11240,81 (dossiernummer: 662310)

Factuur 174310 d.d. 29-08-2011 t.b.v. € 2250,81 (dossiernummer: 664778)

Factuur 174501 d.d. 01-09-2011 t.b.v. € 4495,00 (dossiernummer: 663376)

Factuur 174729 d.d. 06-09-2011 t.b.v. € 2250,81 (dossiernummer: 667945)

Factuur 174730 d.d. 06-09-2011 t.b.v. € 2250,81 (dossiernummer: 670117)

Factuur 175188 d.d. 13-09-2011 t.b.v. € 1011,50 (dossiernummer: 670572)

Factuur 175465 d.d. 19-09-2011 t.b.v. € 2250,81 (dossiernummer: 670558)

Factuur 175551 d.d. 19-09-2011 t.b.v. € 2237,56 (dossiernummer: 670559)

Factuur 175552 d.d. 19-09-2011 t.b.v. € 2237,56 (dossiernummer: 671400)

Factuur 417712 d.d. 05-08-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417713 d.d. 05-08-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417717 d.d. 12-08-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417718 d.d. 15-08-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417723 d.d. 22-08-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417728 d.d. 22-08-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417766 d.d. 29-08-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417774 d.d. 05-09-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417775 d.d. 05-09-2011 t.b.v. € 416,50

Factuur 417828 d.d. 03-10-2011 t.b.v. € 333,20

4.2.

Voor wat betreft de facturen waaraan (hierboven) een dossiernummer is gekoppeld, betreft dit het nummer van het interne dossier binnen Wetron waarmee de vervoersovereenkomst wordt uitgevoerd. Binnen die dossiers zitten de CMR-vrachtbrieven welke betrekking hebben op het uitgevoerde vervoer. De vrachtbrieven zijn als productie in het geding gebracht.

4.3.

Wetron heeft haar transportwerkzaamheden conform de vervoersovereenkomsten, ten bewijze waarvan de CMR-vrachtbrieven gelden, uitgevoerd. Artikel 8:29 BW bepaalt dat de vracht is verschuldigd na aflevering van de zaken ter bestemming. De vrachtbetaling is niet afhankelijk gemaakt van de ontvangst van de (originele) CMR-vrachtbrief. Chineurrus is derhalve gehouden tot betaling van de betreffende facturen.

4.4.

Niet alle door Wetron verzonden facturen zien op het daadwerkelijke vervoer. De overige hierboven vermelde facturen betreffen werkzaamheden die door Wetron zijn uitgevoerd voorafgaand aan het transport en zien op het fysiek overladen van de goederen op de door Wetron gebruikte transportmiddelen, waartoe Wetron bijvoorbeeld extra personeel heeft moeten inhuren. Op de betreffende facturen is dit aangeduid met de term omladen.

De op de vrachtbrieven vermeldde colli zijn door Wetron afgeleverd bij de afnemers van Chineurrus. Uit niets blijkt dat het aantal vervoerde colli al dan niet als gevolg van omlaadwerkzaamheden niet zou kloppen.

4.5.

Wetron heeft aantoonbaar en herhaaldelijk buitengerechtelijke werkzaamheden verricht teneinde betaling te verkrijgen van haar openstaande vorderingen. Conform de BIK-staffel bedragen de buitengerechtelijke incassokosten een bedrag van € 1.788,-.

5 Het standpunt van Chineurrus

5.1.

Chineurrus betwist de (volledige) verschuldigdheid van de facturen waarvan Wetron betaling vordert en verzoekt de rechtbank de vorderingen van Wetron niet ontvankelijk te verklaren dan wel af te wijzen, met veroordeling van Wetron in de (na)kosten van het geding, uitvoerbaar bij voorraad.

5.2.

Chineurrus heeft de facturen van Wetron met de volgende nummers abusievelijk voldaan op een verkeerd rekeningnummer:

174163 d.d. 25-08-2011 t.b.v. € 11240,81

174310 d.d. 29-08-2011 t.b.v. € 2250,81

5.3.

De facturen van Wetron met de volgende nummers heeft Chineurrus, blijkens een door haar opgestelde kasopstelling, reeds voldaan:

417712 d.d. 05-08-2011 t.b.v. € 416,50

417713 d.d. 05-08-2011 t.b.v. € 416,50

417717 d.d. 12-08-2011 t.b.v. € 416,50

417718 d.d. 15-08-2011 t.b.v. € 416,50

417723 d.d. 22-08-2011 t.b.v. € 416,50

417728 d.d. 22-08-2011 t.b.v. € 416,50

5.4.

Ten aanzien van de facturen met de volgende nummers meent Chineurrus dat Wetron haar werkzaamheden niet correct heeft uitgevoerd:

174501 d.d. 01-09-2011 t.b.v. € 4495,00

174729 d.d. 06-09-2011 t.b.v. € 2250,81

174730 d.d. 06-09-2011 t.b.v. € 2250,81

175188 d.d. 13-09-2011 t.b.v. € 1011,50

175465 d.d. 19-09-2011 t.b.v. € 2250,81

175551 d.d. 19-09-2011 t.b.v. € 2237,56

175552 d.d. 19-09-2011 t.b.v. € 2237,56

417766 d.d. 29-08-2011 t.b.v. € 416,50

417774 d.d. 05-09-2011 t.b.v. € 416,50

417775 d.d. 05-09-2011 t.b.v. € 416,50

417828 d.d. 03-10-2011 t.b.v. € 333,20

5.5.

Voor wat betreft de onbetaalde facturen, waarvan Wetron thans betaling vordert, geldt dat Wetron de desbetreffende originele CMR-vrachtbrieven niet heeft overhandigd aan Chineurrus, dan wel niet door de ontvanger getekende en gestempelde CMR’s heeft overhandigd, of dat er door Wetron geen tellijsten aan Chineurrus zijn overhandigd of dat de containers veel te laat zijn afgeleverd.

5.6.

Een vervoersopdracht is namelijk eerst volledig naar behoren afgewerkt indien niet alleen de goederen correct op de plaats van bestemming zijn afgeleverd, maar ook nadat de opdrachtgever de originele en voor haar bestemde ingevulde, gestempelde en getekende CMR-vrachtbrieven in haar bezit heeft. Kopieën voldoen niet. De originele vrachtbrieven zijn vereist om bij de fiscus teveel betaalde invoerrechten terug te kunnen vorderen.

5.7.

Nu Wetron met betrekking tot deze openstaande facturen de onderliggende vervoersopdrachten nog niet goed en volledig heeft uitgevoerd, is er sprake van schuldeisersverzuim aan de zijde van Wetron.

5.8.

Dat betekent dat Wetron geen betaling kan vorderen van de facturen, geen aanspraak kan maken op vertragingsrente, alsook niet op vergoeding van buitengerechtelijke kosten, dan wel op vergoeding van kosten betreffende de door haar gelegde beslagen ten laste van Chineurrus.

6 De beoordeling

6.1.

Vooropgesteld overweegt de rechtbank ambtshalve dat het CMR dwingendrechtelijk van toepassing is op iedere overeenkomst voor – kort gezegd – het grensoverschrijdend vervoer van goederen over de weg (artikel 1 CMR), zo ook op de vervoersovereenkomsten zoals gesloten tussen partijen, nu voldaan is aan de vereisten van artikel 1 CMR.

6.2.

Ten aanzien van die aspecten van de rechtsverhouding(en) tussen partijen die niet door het CMR worden geregeld, wordt op grond van artikel 5 van de Verordening (EG)
nr. 593/2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (hierna aangeduid als: Rome I), bij gebrek aan een rechtskeuze gemaakt door partijen
(artikel 3 Rome I), de overeenkomst beheerst door het recht van het land waar de vervoerder zijn gewone verblijfplaats heeft en – onder meer wanneer – de plaats van ontvangst ook in dat land is gelegen (artikel 5 Rome I). Rome I is van toepassing op overeenkomsten gesloten na de datum van inwerkingtreding van het verdrag, te weten 17 december 2009
(artikel 28 Rome I), hetgeen kan worden vastgesteld ten aanzien van de in geschil zijnde vervoersovereenkomsten.

6.3.

Aangezien Wetron (is gevestigd en) kantoor houdt in Nederland en de betreffende goederen hier te lande ter vervoer in ontvangst zijn genomen, beoordeelt de rechtbank de stellingen van partijen – waar aangewezen – in het licht van het BW.

6.4.

Chineurrus heeft ter onderbouwing van haar verweer dat zij enkele facturen reeds heeft betaald, overgelegd een bankafschrift d.d. 4 oktober 2011 waaruit blijkt dat op
30 september 2011 een spoedbetaling groot € 13.491,62 is gedaan ten name van Wetron. Voornoemd bedrag is samengesteld uit de openstaande bedragen van € 11240,81 (factuur 174163 d.d. 25-08-2011) en € 2250,81 (factuur 174310 d.d. 29-08-2011).

Chineurrus erkent echter dat abusievelijk een onjuist rekeningnummer is ingevoerd, als gevolg waarvan Wetron de betaling nimmer heeft ontvangen en dat daarmee de betreffende vorderingen van Wetron op Chineurrus nog dienen te worden voldaan.

6.5.

Voor wat betreft de overige door Chineurrus genoemde bedragen, die reeds zouden zijn voldaan, is de rechtbank van oordeel dat de door Chineurrus opgestelde kasopstelling daartoe onvoldoende verificatoire waarde heeft.

Chineurrus heeft ter comparitie aangevoerd dat het haar, als gevolg van de opheffing van haar bankrekening door de ING-bank, niet is gelukt bankafschriften ter zake te verkrijgen.

Naar het oordeel van de rechtbank moet voornoemd gebrek in de onderbouwing van het verweer van Chineurrus, dat zij de betreffende facturen zou hebben betaald, voor haar rekening en risico blijven.

6.6.

Ten aanzien van het beroep door Chineurrus op schuldeisersverzuim door Wetron, als gevolg waarvan Chineurrus een aantal facturen niet heeft voldaan, overweegt de rechtbank als volgt.

6.7.

Vooropgesteld zij dat voor het ontstaan van schuldeisersverzuim op grond van
art. 6:59 BW is vereist dat de schuldeiser tekort schiet ten aanzien van een eigen verbintenis jegens de schuldenaar, zijn tekortkoming aan de schuldeiser is toe te rekenen en de schuldenaar gebruik maakt van zijn opschortingsrecht. Een eerste voorwaarde voor opschorting is derhalve dat Wetron een opeisbare verbintenis niet is nagekomen.

6.8.

In dit verband moet de vraag worden beantwoord of het aan Chineurrus overhandigen van de betreffende vrachtbrieven deel uitmaakt van de vervoersovereenkomst en een ontbrekende vrachtbrief derhalve reden kan zijn voor Chineurrus om de voldoening van een factuur op te schorten.

6.9.

De rechtbank stelt bij de beantwoording van die vraag voorop dat de vrachtbrief een bescheid is dat dient tot bewijs van de vervoersovereenkomst en de voorwaarden die daarbij gelden. De afwezigheid, de onregelmatigheid of het verlies van de vrachtbrief tast noch het bestaan noch de geldigheid aan van de vervoersovereenkomst (artikel 4 CMR).

6.10.

Daarnaast kan een vrachtbrief het belang dienen dat de met de in- en uitvoer gemoeide fiscaliteiten correct kunnen worden verwerkt door de afzender. Dat belang is echter niet van dien aard dat het moet worden geacht een aspect te zijn van de verbintenis die het onderwerp vormt van de vervoersovereenkomst op grond waarvan de ten vervoer aangeboden goederen tijdig en in de staat waarin de vervoerder ze heeft ontvangen ter bestemming dienen te worden afgeleverd (vgl. artikel 17 CMR en artikelen 8:1095 BW, 8:1096 BW).

In zoverre kan een ontbrekende vrachtbrief geen geldige reden zijn voor Chineurrus om de voldoening van een factuur van Wetron op basis van de betreffende vervoersovereenkomst op te schorten. Reeds daarom kan het beroep van Chineurrus op opschorting niet slagen.

6.11.

Voor zover Chineurrus aanvoert dat Wetron containers te laat zou hebben afgeleverd, heeft Chineurrus deze stelling niet nader onderbouwd – in zijn algemeenheid, noch in het bijzonder voor wat betreft de verantwoordelijkheid van Wetron ter zake.

6.12.

Voorts gelet op het feit dat enerzijds Wetron ter comparitie heeft aangegeven nooit enig commentaar van Chineurrus te hebben vernomen in de zin dat het aantal vervoerde colli niet zou kloppen en anderzijds Chineurrus ter comparitie haar betwisting van de juistheid van de facturen slechts heeft gestaafd met de opmerking dat de tellijsten er dan wel niet bijgezeten zullen hebben, en het haar in dit geschil ook overigens niet om ontbrekende colli’s te doen is geweest, doch om het feit dat zij geen originele CMR-vrachtbrieven heeft ontvangen na afronding van een transport, is de rechtbank van oordeel dat Chineurrus onvoldoende gemotiveerd de verschuldigdheid van de facturen met betrekking tot de overige werkzaamheden heeft betwist.

6.13.

De vorderingen van Wetron zullen dan ook worden toegewezen, met veroordeling van Chineurrus in de kosten van het geding.

6.14.

De gevorderde buitengerechtelijke kosten zijn niet inhoudelijk betwist en bovendien voldoende aannemelijk en niet onredelijk. Zij zullen daarom eveneens worden toegewezen.

7 De beslissing


De rechtbank:

I. Veroordeelt Chineurrus om binnen 14 dagen na dagtekening van dit vonnis, aan Wetron
tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen een bedrag van € 34.307,37 in
hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over de afzonderlijke
factuurbedragen, te rekenen vanaf de vervaldata van de onderscheidenlijke facturen;

II. Veroordeelt Chineurrus om binnen 14 dagen na dagtekening van dit vonnis, aan Wetron tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen een bedrag van € 1.788,- uit hoofde van buitengerechtelijke incassokosten;

III. Veroordeelt Chineurrus in de kosten van deze procedure, aan de zijde van Wetron
begroot op € 2.008,35 wegens verschotten en op € 1.447,5 (2,5 punt maal tarief III,
zijnde € 579,--, van het Liquidatietarief rechtbanken en gerechtshoven) wegens salaris
van haar advocaat, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de 15e dag na
dagtekening van dit vonnis indien Chineurrus het bedrag aan proceskosten niet heeft
voldaan binnen 14 dagen na dagtekening van dit vonnis, zulks tot aan de dag der
voldoening.

IV. Wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Aksu en in het openbaar bij vervroeging uitgesproken op 25 januari 2017 in tegenwoordigheid van de griffier.