Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2017:3722

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
28-09-2017
Datum publicatie
02-10-2017
Zaaknummer
6196083 \ CV EXPL 17-4615
Formele relaties
Einduitspraak: ECLI:NL:RBOVE:2017:3723
Rechtsgebieden
Arbeidsrecht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Vordering tot tewerkstelling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2017-1191

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Enschede

Zaaknummer : 6196083 \ CV EXPL 17-4615

Vonnis in kort geding van 28 september 2017

in de zaak van

[eiser]
wonende te [woonplaats] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser] ,

gemachtigde: mr. A.A. Lieman-Bambach

verbonden aan Stichting Achmea Rechtsbijstand,

kantoorhoudende te Apeldoorn,

tegen

de stichting Stichting Zeker Zorg,
gevestigd en kantoorhoudende te Enschede,

gedaagde partij,

hierna te noemen: Zeker Zorg,

gemachtigde: mr. N.B.P. Arets,

verbonden aan D.A.S. Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringsmaatschappij N.V.

1 De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

1.1.

de namens [eiser] betekende dagvaarding van 3 augustus 2017, waarbij [eiser] een vordering heeft ingesteld tot het treffen van een voorlopige voorziening en Zeker Zorg heeft opgeroepen ter zitting in kort geding te verschijnen.

1.2.

Zeker Zorg heeft ter voorbereiding van de mondelinge behandeling nog producties in het geding gebracht.

1.3.

De vordering is behandeld ter zitting van donderdag 14 september 2017.

[eiser] is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde mr. Lieman-Bambach.

Zeker Zorg, vertegenwoordigd door haar directeur [X] , is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde mr. Arets.

1.4.

[eiser] heeft zijn standpunt laten toelichten door zijn gemachtigde.

De gemachtigde van Zeker Zorg heeft tegen de vordering verweer gevoerd en daarbij gebruik gemaakt van pleitaantekeningen.

De griffier heeft van hetgeen ter zitting is besproken aantekeningen gemaakt.

1.5.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[eiser] , geboren [1974] , is op 12 mei 2014 in dienst getreden bij Zeker Zorg. De laatste functie die [eiser] vervulde is die van Persoonlijk Begeleider, met een salaris van € 2.964,00 bruto per maand, exclusief emolumenten.

2.2.

Bij brief van 5 mei 2017 heeft Zeker Zorg [eiser] op non-actief gesteld. Zeker Zorg schrijft, voor zover hier van belang:

[… .]

Op dit moment doen wij nader onderzoek naar uw gedragingen als werknemer. Gedurende dit onderzoek stellen wij u met behoud van loon, op non actief.

Tot nader order is het u nadrukkelijk verboden contact op te nemen met cliënten, collega’s, of andere betrokkenen bij Stichting Zeker Zorg of haar cliënten. [… .]

2.3.

Bij brief van 17 mei 2017 deelt Zeker Zorg aan [eiser] mede, voor zover hier van belang:

[… .] Vijf mei bent u op non actief gesteld. Op dit moment zijn wij bezig met aanvullend onderzoek. Wij delen u bij deze mede dat het onderzoek nog niet is afgerond en uw op non actief stelling voortduurt. [… .]

2.4.

Op 8 juni 2017 deelt de gemachtigde van [eiser] aan de gemachtigde van Zeker Zorg het navolgende mede, voor zover hier van belang:

[… .] Cliënt [… .] is inmiddels reeds een ruime maand vanaf 5 mei 2017 vrijgesteld van werkzaamheden zonder dat hem duidelijk is welke reden hier aan ten grondslag ligt.

[… .] van een goed werkgever [wordt] verwacht dat hij zijn werknemers duidelijkheid verschaft. [… .]

Namens cliënt geef ik u dan ook aan dat hij niet akkoord gaat met nog langer uitstel tot 19 juni 2017. [… .]

2.5.

Op 16 augustus 2017 heeft Zeker Zorg een verzoekschrift ingediend om de arbeidsovereenkomst tussen partijen te ontbinden.

2.6.

Bij beschikking van 28 september 2017 heeft de kantonrechter het voornemen geuit de arbeidsovereenkomst te ontbinden met ingang 1 november 2017, onder toekenning aan [eiser] van onder meer een billijke vergoeding. Zeker Zorg is in de gelegenheid gesteld uiterlijk vrijdag 13 oktober 2017 te 16:00 uur haar verzoek in te trekken door middel van een schriftelijke verklaring gericht aan de rechtbank Overijssel, team kanton en handelsrecht, te Enschede.

3 Het geschil

3.1.

[eiser] vordert - samengevat – primair Zeker Zorg te veroordelen hem te werk te stellen in de functie van persoonlijk begeleider, subsidiair hem te werk te stellen in een functie die gelijkwaardig is aan zijn huidige functie en niet tijdelijk van aard is, zulks op straffe van een op te leggen dwangsom.

3.2.

Zeker Zorg concludeert - samengevat - tot afwijzing van de vordering.

4 De beoordeling

4.1.

Zoals in de feiten aangegeven heeft de kantonrechter bij beschikking van 28 september 2017 zijn voornemen geuit om de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met ingang van 1 november 2017 te ontbinden, zulks onder toekenning van een vergoeding.

4.2.

Bij deze beschikking is Zeker Zorg in de gelegenheid gesteld haar verzoek uiterlijk vrijdag 13 oktober 2017 te 16:00 uur in te trekken.

4.3.

Voor het geval Zeker Zorg haar verzoek niet tijdig intrekt, zal de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst eindigen per 1 november 2017. Naar het oordeel van de kantonrechter is het niet in het belang van partijen dat [eiser] voor de tijdsspanne gelegen tussen heden en 1 november 2017 (gedwongen) terugkeert op de werkvloer bij Zeker Zorg.

4.4.

Zulks is anders indien Zeker Zorg haar verzoek tijdig intrekt. In dat geval heeft Zeker Zorg kennelijk ‘eieren voor haar geld kozen’ en staat een terugkeer van [eiser] niets meer in de weg. In dat geval zal de kantonrechter de primaire vordering van [eiser] toewijzen, onder de voorwaarde dat Zeker Zorg haar verzoek onder zaaknummer 6229670 EJ VERZ 17-270 tijdig heeft ingetrokken.

4.5.

Het moge duidelijk zijn dat een terugkeer van [eiser] alleen kans van slagen heeft indien hetgeen tussen partijen is voorgevallen in een stevig gesprek dan wel in een mediationtraject wordt uitgesproken. Reden waarom de kantonrechter partijen hiervoor een termijn zal gunnen en de tewerkstelling van [eiser] met ingang van maandag 30 oktober 2017 te 09:00 uur zal toewijzen.

4.5.

De medegevorderde dwangsom komt de kantonrechter bovenmatig voor en zal worden beperkt tot een bedrag van € 250,00 voor elke dag dat Zeker Zorg in gebreke blijft aan de veroordeling te voldoen tot een maximum van € 25.000,00.

4.6.

De kantonrechter zal de proceskosten tussen partijen compenseren als hierna te vermelden.

5 De beslissing in kort geding

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt Zeker Zorg om [eiser] uiterlijk 30 oktober 2017 te 09:00 uur te werk te stellen in de functie van persoonlijk begeleider, zulks onder de voorwaarde dat Zeker Zorg haar verzoek tot ontbinding van de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst, onder zaaknummer 6229670 EJ VERZ 17-270, tijdig heeft ingetrokken;

5.2.

veroordeelt Zeker Zorg tot betaling van een bedrag van € 250,00 voor elke dag dat Zeker Zorg in gebreke blijft aan voornoemde veroordeling te voldoen, tot een maximum van € 25.000,00;

5.3.

compenseert de kosten in dier voege dat iedere partij haar eigen kosten draagt;

5.4.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

5.5.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. U. van Houten, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 28 september 2017.