Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2017:3478

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
01-09-2017
Datum publicatie
07-09-2017
Zaaknummer
08/770138-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Voor het in het bezit hebben en/of verspreiden van pornografische afbeeldingen van minderjarigen, veroordeelt de rechtbank Overijssel een 48-jarige man tot 20 maanden gevangenisstraf waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. Daarnaast moet de man een bedrag van 2000 euro aan schadevergoeding betalen aan de benadeelde partij.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Rechtbank Overijssel

Afdeling Strafrecht

Meervoudige kamer

Zittingsplaats Almelo

Parketnummer: 08/770138-17 (P)

Datum vonnis: 1 september 2017

Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1969 in [geboortedatum] ,

nu verblijvende in Justitieel Complex Zaanstad.

1 Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 18 augustus 2017.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. C.H. Huang en van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw mr. K.M. Kuipers- Ten Voorde, advocaat te Hengelo, naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

De verdenking komt er kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte een gewoonte heeft gemaakt van het hebben, verwerven en verspreiden van kinderpornografische afbeeldingen.

Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat:

hij in of omstreeks de periode van 01 juli 2016 tot 11 april 2017

in de gemeente Enschede, althans in Nederland,

meermalen, althans eenmaal

telkens

239, althans een of meerdere afbeeldingen, - en/of een of meerdere gegevensdragers, te weten een

Samsung GSM mini S3 en/of twee, althans een of meer computer(s), merk Acer, bevattende

afbeeldingen, te weten 158, althans een of meer foto's en/of 81, althans een of meer films\video's -

van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien

jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken

heeft

verworven,

verspreid,

in bezit gehad en/of

zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking

van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

welke voornoemde seksuele gedraging(en) — zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een penis, vinger(s)/hand(en), voorwerp(en) en/of mond/tong oraal en/of vaginaal en/of

anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en/of

het met de/een voorwerp(en) en/of mond/tong vaginaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en/of

het met de/een vinger(s)/hand(en) en/of voorwerp(en) vaginaal penetreren van het lichaam bij zichzelf

terwijl die persoon de kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

(bestandnaam: [foto 1] , foto nummer 6 in de toonmap)

en/of

het met de/een penis, vinger(s)/hand(en) en/of mond/tong betasten en/of aanraken van de

geslachtsdelen en/of de billen en/of de borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

en/of

het met de/een vinger(s)/hand(en) betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

en/of

het met de/een vinger(s)/hand(en) betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of borsten bij zichzelf terwijl die persoon de kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

(bestandnaam: [foto 2] , foto nummer 7 in de toonmap)

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze perso(o)n(en) gekleed is/zijn en/of opgemaakt is/zijn en/of poseert/poseren in een omgeving en/of met (een) voorwerp(en) en/of in (een)(erotisch getinte) houding(en) (op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen

en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten en/of billen in beeld gebracht worden

(waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

(bestandnaam: [foto 3] , foto nummer 2 in de toonmap)

en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het lichaam van een perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt

en/of

het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht/lichaam van een perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt, terwijl op dat gezicht/lichaam een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is,

(waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

(bestandnaam: [foto 4] , foto nummer 11 in de toonmap)

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

3 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 De bewijsoverwegingen

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard, nu verdachte heeft bekend dat hij seksuele afbeeldingen heeft ontvangen en verstuurd. Omdat verdachte gedurende in ieder geval de tenlastegelegde periode kinderporno heeft vergaard, verspreid en in zijn bezit heeft gehad, kan ook worden bewezen dat hij daarvan een gewoonte heeft gemaakt.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft gesteld dat voor wat betreft het aantal afbeeldingen bewezen kan worden dat verdachte een aantal van 161 afbeeldingen in zijn bezit heeft gehad. De overige afbeeldingen had hij verwijderd en daar kon hij niet eenvoudig bij. Voorts heeft de raadsvrouw gesteld dat onvoldoende is gebleken van een zodanige duur, frequentie en intensiteit van het gebruik van de kinderpornografische afbeeldingen dat kan worden gesproken van een ‘gewoonte’, zodat verdachte van dat deel dient te worden vrijgesproken.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

4.3.1

De hoeveelheid afbeeldingen

Uit het dossier blijkt dat een aantal van 114 foto’s en 47 films daadwerkelijk aanwezig en voor verdachte toegankelijk waren. Het overige aantal van 44 foto’s en 34 video’s waren verwijderd en verdachte kon daar niet bij zonder speciaal daarvoor bestemde software. Verdachte beschikte niet over deze software, zodat niet kan worden gesteld dat hij deze afbeeldingen bewust in zijn bezit had. De rechtbank zal de verdachte dan ook vrijspreken van het in het bezit hebben van die foto’s en video’s.

4.3.2 ‘

Een gewoonte’

Verdachte heeft bekend over een langere periode met meerdere meisjes contact te hebben gehad. Ook bekent hij gedurende die periode met betrekking tot de afbeeldingen meerdere handelingen te hebben verricht, te weten het verspreiden, verwerven en ook het weer verwijderen van (een deel) van die afbeeldingen.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op de periode waarin en de intensiteit waarmee verdachte zich hiermee bezig heeft gehouden er sprake is van het een gewoonte maken van het verspreiden, verwerven en bezitten van kinderporno.

4.3.3.

De bewijsmiddelen

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde op grond van de volgende bewijsmiddelen, waarbij de rechtbank – nu verdachte dit feit heeft bekend en door of namens hem geen vrijspraak is bepleit – conform artikel 359, derde lid, laatste volzin van het Wetboek van Strafvordering (Sv), zal volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen.1

1. het proces-verbaal van de terechtzitting van 18 augustus 2017, voor zover inhoudende de bekennende verklaring van verdachte, als bedoeld in artikel 359, derde lid laatste volzin Sv;

2. het proces-verbaal van beschrijven, beoordelen en onderzoek data van verbalisant [verbalisant 1] van 19 juni 2017, met bijlagen I tot en met III, pagina’s 193 tot en met 202;

3. het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant 2] van 2 februari 2017, pagina’s 46 en 47.

4.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de genoemde bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen dat:

hij in de periode van 1 juli 2016 tot 11 april 2017 in Nederland, telkens 161 afbeeldingen, - en/of meerdere gegevensdragers, te weten een Samsung GSM mini S3 en twee computers, merk Acer, bevattende afbeeldingen, te weten 114 foto’s en 47 video's - van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken heeft verworven, verspreid, in zijn bezit heeft gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, welke voornoemde seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven – bestonden uit:

het met de penis, vinger(s)/hand(en), voorwerp(en) en mond/tong oraal en vaginaal en anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en het met de/een voorwerp(en) vaginaal penetreren van het lichaam van een ander persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt en het met de/een vinger(s)/hand(en) en voorwerp(en) vaginaal penetreren van het lichaam bij zichzelf terwijl die persoon de kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en

het met de/een penis, vinger(s)/hand(en) en mond/tong betasten en/of aanraken van de

geslachtsdelen en de billen en de borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

en het met de/een vinger(s)/hand(en) betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en de billen van een ander persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

en het met de/een vinger(s)/hand(en) betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en de billen en borsten bij zichzelf terwijl die persoon de kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt

en

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze perso(o)n(en) gekleed is/zijn en opgemaakt is/zijn en poseert/poseren in een omgeving en in (een)(erotisch getinte) houding(en) (op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen en waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen

en (waarna) door het camerastandpunt en de (onnatuurlijke) pose en de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en de uitsnede van de afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en borsten en billen in beeld gebracht worden, waarbij de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

en

het masturberen boven/bij en ejaculeren op het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en het houden van een stijve penis bij/naast het gezicht/lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, terwijl op dat gezicht een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is, waarbij de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

van welk misdrijf hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

De rechtbank heeft de in de tenlastelegging voorkomende schrijffouten verbeterd in de bewezenverklaring. Verdachte wordt hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.

De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.

5 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld in artikel 240b van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

Het bewezenverklaarde levert op het misdrijf: een afbeelding en/of een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verspreiden, vervaardigen en in bezit hebben en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt.

6 De strafbaarheid van verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor het bewezenverklaarde feit.

7 De op te leggen straf of maatregel

7.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden, waarvan 9 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren en met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. Aan het voorwaardelijke strafdeel dienen als bijzondere voorwaarden te worden verbonden de meldplicht, een ambulante behandeling, opname in een instelling voor beschermd/begeleid wonen, verdachte dient mee te werken aan een zinvolle dagbesteding en verdachte dient zich te onthouden van gedragingen via internet gericht op seksueel getint communiceren met minderjarigen en het verwerven van kinderpornografisch materiaal.

7.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft verzocht aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf gelijk aan het aantal dagen dat verdachte in voorarrest heeft gezeten met daarnaast een voorwaardelijke straf, waaraan de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden dienen te worden verbonden.

7.3

De gronden voor een straf of maatregel

Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van de verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen.

Verdachte heeft via een chatsite, die is bedoeld voor op 12- tot 17-jarigen, contact gelegd met de 13-jarige [naam 1] . Hij chatte onder het USER ID [gebruikersnaam] en maakte zich bekend als de 12-jarige [naam 2] . De profielfoto die hij hierbij gebruikte was een foto van een meisje dat aan die leeftijd zou kunnen voldoen. Deze foto zou hij volgens eigen zeggen hebben gekregen via een ander chatcontact, waarschijnlijk met een volwassen man.

[naam 1] is een meisje dat, zoals meer pubers, onzeker is over haar lichaam en van die onzekerheid heeft verdachte op geraffineerde wijze misbruik gemaakt. Zo vraagt hij haar foto’s van haar naakte lichaam te sturen en als zij haar twijfel uit, zegt hij toe de foto’s direct te wissen, waarmee tevens de vraag om nieuwe foto’s noodzakelijk wordt. Haar anorexia stimuleert hij door op een ontvangen foto te reageren met de woorden “hoe magerder, hoe beter”. Hij maakt haar wijs dat ze haar depressiviteit kan verminderen door met zichzelf te spelen en geconfronteerd met haar seksuele onwetendheid stelt hij haar gerust door te zeggen wat zij moet doen voor de camera. Na enige tijd kruipt hij ook als de 15-jarige broer van [naam 2] achter de computer en wekt in die hoedanigheid met verhalen over zijn misvormde penis medelijden bij [naam 1] . Als het [naam 1] op enig moment toch duidelijk wordt dat het verdachte is die schuil gaat achter de naam [naam 2] , moet [naam 1] dulden naar zijn penis te kijken en stuurt hij haar daarvan foto’s. Door het dwingende en manipulatieve gedrag van verdachte zit [naam 1] in de tang van verdachte. Dankzij de moeder van [naam 1] , die de gedragsveranderingen bij [naam 1] ziet en de telefoon van haar dochter onderzoekt, komt verdachte in beeld bij de politie. Bij zijn aanhouding levert verdachte twee laptops en een telefoon uit aan de politie, waarop meer chats, foto’s en filmpjes van minderjarige meisjes worden aangetroffen.

Verdachte heeft vanuit het Huis van Bewaring zijn vriendin nog opdracht gegeven een USB-stick te vernietigen. Dit is echter niet gelukt, omdat zijn inmiddels ex-vriendin via de broer van verdachte de USB-stick met kinderpornografisch materiaal heeft ingeleverd bij de politie.

Verdachte heeft niet alleen nieuw kinderpornografisch materiaal verworven, maar ook met het aanwezig hebben (verzamelen) van bestaand materiaal bijgedragen aan het voortduren van strafbare feiten en bijbehorende gevolgen.

Het is een feit van algemene bekendheid dat foto’s en films lange tijd op internet blijven circuleren en dat de psychische gevolgen van de slachtoffers groot en langdurig kunnen zijn. Voorts wordt de seksuele ontwikkeling van jonge kinderen verstoort, doordat zij worden bloot gesteld aan de lusten van volwassenen en niet leeftijdsconform kunnen ontdekken. Uit de slachtofferverklaring en de toelichting daarop ter zitting door de moeder van [naam 1] blijkt dat [naam 1] zowel psychologische als psychiatrische hulp heeft moeten inroepen, onder andere omdat zij nog magerder werd en suïcidaal is. Verdachte is in 1995 veroordeeld voor een zedendelict en heeft bij de politie, als ook ter zitting, verklaard dat wat hij gedaan heeft fout is.

Verdachte heeft ook verklaard dat hij -chattend achter zijn computer- zich er niet bewust van is geweest dat hij strafbaar handelde. Hij verwijst daarbij meermalen naar zijn gebrekkige inlevingsvermogen en emotionele ontwikkeling. De rechtbank overweegt dat deze beperkingen weliswaar zijn vastgesteld bij verdachte en ook gebleken zijn ter zitting, maar dat zijn gedrag en door hemzelf oprecht genoemde spijt moeilijk zijn te rijmen met de eerdere veroordeling van verdachte, de klaagzang over zijn eigen ellende en zijn poging een USB-stick te laten vernietigen.

In het voordeel van verdachte zal de rechtbank rekening houden met het feit dat verdachte heeft meegewerkt aan een psychologisch rapport door het NIFP. Psycholoog

[deskundige] heeft in het rapport van 12 juni 2017 geconcludeerd dat bij verdachte is sprake van een ontwikkelingsstoornis op verschillende gebieden. Verstandelijk functioneert hij op zwakbegaafd niveau en in sociaal-emotioneel opzicht op een kinderlijk niveau. Daarnaast is reeds vanaf zijn kindertijd sprake van een aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit. Verder is er sprake van een exhibitionismestoornis, waarbij hij seksueel opgewonden raakt door het tonen van zijn genitaliën aan pre-puberale kinderen. Ten slotte lijdt verdachte aan een conversiestoornis, waardoor hij bij heftige emoties, zoals angst, verdriet of woede plotseling kan vallen en/of het bewustzijn kan verliezen. De combinatie van zwakbegaafdheid, sociaal-emotioneel op een kinderlijk niveau functioneren en de aandachtstekortstoornis maakt dat verdachte de neiging heeft impulsief te handelen, grenzen niet goed in te schatten en de gevolgen van zijn handelen niet goed te overzien. Het gedrag van verdachte lijkt niet zo zeer te zijn ingegeven doordat hij zich seksueel aangetrokken voelt tot kinderen, maar doordat het voor hem makkelijker is om met kinderen contacten aan te gaan dan met volwassenen. De psycholoog komt op grond hiervan tot de conclusie dat de feiten verdachte in mindere mate zijn toe te rekenen.

De rechtbank neemt deze conclusie over. Ook het advies van de psycholoog, dat nader is uitgewerkt in de reclasseringsadviezen van 1 en 7 augustus 2017, zal de rechtbank overnemen in de vorm van bijzondere voorwaarden bij de op te leggen straf. Verdachte heeft verklaard mee te willen werken aan de geadviseerde behandeling en begeleiding, alsmede de controle van zijn computer, en de noodzaak daarvan in te zien.

De rechtbank komt uiteindelijk tot een hogere straf dan door de officier geëist, omdat in die eis naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende recht wordt gedaan aan de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder die zijn begaan, zoals hiervoor overwogen. Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van tweeëneenhalf jaar zou vanuit dat oogpunt passend zijn. De verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte matigt die straf en de bereidheid van verdachte tot behandeling en begeleiding maken de straf deels voorwaardelijk. Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van twintig maanden, waarvan tien maanden voorwaardelijk, passend en geboden is.

8 De schade van benadeelden

8.1

De vordering van de benadeelde partij

[benadeelde] , heeft zich als benadeelde partij gevoegd in dit strafproces. De benadeelde partij vordert verdachte te veroordelen om schadevergoeding te betalen tot een totaalbedrag van € 3.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. Dit bedrag wordt wegens immateriële schade gevorderd.

Daarnaast heeft de benadeelde partij een bedrag van € 871,20 aan proceskosten (kosten rechtsbijstand) gevorderd.

8.2

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat het gevorderde aan proceskosten in zijn geheel kan worden toegewezen. Het bedrag aan immateriële schade kan deels worden toegewezen, waar de hoogte naar redelijkheid dient te worden bepaald.

8.3

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich met betrekking tot het immateriële deel van de vordering op het standpunt gesteld dat dit deel onvoldoende is onderbouwd, zodat de benadeelde partij daarom niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. De raadsvrouw heeft daartoe aangevoerd dat uit het dossier blijkt dat aangeefster met meerdere mannen seksuele contacten had, zodat niet gesteld kan worden dat verdachte psychisch letsel heeft opgelopen naar aanleiding van het contact dat zij met verdachte had. Daarnaast heeft de raadsvrouw gesteld dat het gevorderde bedrag buitensporig hoog is en niet overeenkomstig de smartengeldklapper ANWB. Met betrekking tot de gevorderde proceskosten merkt de raadsvrouw op dat een factuur of andere onderbouwing ontbreekt.

8.4

Het oordeel van de rechtbank

Door de gebezigde bewijsmiddelen en de behandeling op de terechtzitting is komen vast te staan dat verdachte door het bewezenverklaarde feit rechtstreeks schade heeft toegebracht aan de benadeelde partij. De immateriële schade is onvoldoende betwist en voldoende onderbouwd en aannemelijk. De rechtbank is van oordeel dat de omvang van de immateriële schade naar redelijkheid en billijkheid vastgesteld moet worden op € 2.000,00, te vermeerderen met de verschuldigde wettelijke rente vanaf de datum waarop het strafbare feit is gepleegd. De rechtbank zal de vordering tot dit bedrag toewijzen en voor het overige niet-ontvankelijk verklaren. De benadeelde partij kan de vordering in zoverre slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter.

De rechtbank overweegt dat zij de kosten voor rechtsbijstand die door de benadeelde partij zijn gemaakt, op dezelfde wijze zal begroten als dat gebeurt in civiele zaken. De rechtbank hanteert het Liquidatietarief kanton, waarbij het bedrag van de te liquideren kosten afhankelijk is van de verrichte werkzaamheden, welke worden gewaardeerd in punten. In de onderhavige zaak heeft de raadsman de benadeelde partij bijgestaan bij het invullen van het schadeformulier, welke handeling met 1 punt wordt gewaardeerd. De vergoeding bedraagt ingevolge Liquidatietarief kanton € 150,00. De rechtbank zal de vordering onder de post proceskosten tot zover toewijzen en voor het overige niet-ontvankelijk verklaren.

8.5

De schadevergoedingsmaatregel

De officier van justitie heeft gevorderd de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

De rechtbank zal de maatregel als bedoeld in artikel 36f Sr opleggen, aangezien verdachte jegens de benadeelde partij naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het feit is toegebracht, met dien verstande dat deze maatregel niet wordt opgelegd terzake de gevorderde proceskosten nu deze kosten niet kunnen worden aangemerkt als schade die rechtstreeks voortvloeit uit het bewezenverklaarde strafbare feit.

9 De toegepaste wettelijke voorschriften

De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d en 27 Sr.

10 De beslissing

De rechtbank:

bewezenverklaring

- verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;

- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij;

strafbaarheid feit

- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;

- verklaart dat het bewezenverklaarde het volgende strafbare feit oplevert:

het misdrijf: een afbeelding en/of een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verspreiden, vervaardigen en in bezit hebben en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt;

strafbaarheid verdachte

- verklaart verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;

straf

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 20 (twintig) maanden;

- bepaalt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte van 10 (tien) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechtbank kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de proeftijd van 3 (drie) jaren de navolgende voorwaarden niet is nagekomen:

- stelt als algemene voorwaarden dat verdachte:

- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, Sr, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarden dat verdachte:

- zich gedurende de proeftijd meldt bij Reclassering Nederland, Wibautstraat 12 in Amsterdam op de door de reclassering te bepalen tijdstippen, zo frequent en zo lang deze instelling dat nodig acht;

- zich ambulant laat behandelen bij een forensische polikliniek in de buurt waar hij gaat wonen, zulks ter beoordeling van de reclassering, indien en zo lang als de reclassering dit noodzakelijk acht. Verdachte zal zich dan houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven;

- zal verblijven in een instelling voor begeleid en/of beschermd wonen, te weten bij HVO Querido locatie Aalbersestraat te Amsterdam, of een soortgelijke instelling, en daar zal verblijven zolang de reclassering dat nodig acht;

- zal meewerken aan het vinden en behouden van een structurele en zinvolle dagbesteding;

- zich zal onthouden van gedragingen via/op internet gericht op seksueel getinte communicatie met minderjarigen en het verwerven van kinderpornografisch materiaal. Toezicht op de gegevensdragers van verdachte dient te worden uitgevoerd door de beschermd wonen instelling dan wel de reclassering of de politie;

- draagt deze reclasseringsinstelling op om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

- bepaalt dat de tijd die de verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht;

schadevergoeding

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [benadeelde] van een bedrag van € 2.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 11 april 2017;

- veroordeelt verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op € 150,00, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering;

- legt de maatregel op dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezenverklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 2.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 11 april 2017 ten behoeve van de benadeelde, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de duur van 30 dagen zal worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis laat de betalingsverplichting onverlet;

- bepaalt dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als verdachte aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen;

- bepaalt dat de benadeelde partij: [benadeelde] , voor een deel van € 1.000,00 niet-ontvankelijk is in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.T.C. Jordaans, voorzitter, mr. S.K. Huisman en mr. S.H. Peper, rechters, in tegenwoordigheid van H.J. Seuters, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 1 september 2017.

Buiten staat

Mrs. Peper en Jordaans zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit pagina’s uit het dossier van de politie-eenheid Oost-Nederland met nummer PL0600-2016442265. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.