Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2016:2974

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
13-07-2016
Datum publicatie
28-07-2016
Zaaknummer
08/963509-13 en 08/963004-14 (gev. tzt.) (P) (LP)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Twee mannen uit Albanië en één uit Litouwen zijn door de rechtbank Overijssel voor mensenhandel veroordeeld tot celstraffen van 1 jaar, 2 jaar en 9 maanden en 3 jaar. De mannen dwongen vrouwen uit Litouwen om te werken als prostituee in onder meer Alkmaar, Amsterdam, Haarlem, Utrecht en Den Haag. Onderzoek Cloak.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mensenhandel, gepleegd jegens een Litouwse vrouw. Verdachte heeft haar persoonlijke vrijheid zo sterk ingeperkt dat zij niet in vrijheid kon beslissen of zij wel of niet in de prostitutie wilde (blijven) werken. Hij heeft geen enkele rekening gehouden met de gevolgen van zijn handelen voor het slachtoffer.

De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van één jaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Overijssel

Afdeling Strafrecht

Zittingsplaats Zwolle

Parketnummers: 08/963509-13 en 08/963004-14 (gev. tzt.) (P) (LP)

Datum vonnis: 13 juli 2016

Vonnis (promis) op tegenspraak van de rechtbank Overijssel, meervoudige kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte]

geboren op 11 [geboortedag] te [geboorteplaats] (Albanië),

zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,

volgens eigen opgave ter terechtzitting wonende te [adres 1], [woonplaats], Italië.

1 Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 15 maart 2016, 21 juni 2016, 22 juni 2016 en 29 juni 2016. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. H.J. Timmer en van hetgeen door de verdachte en diens raadsman mr. M.A.M. Pijnenburg, advocaat te Amsterdam, naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan:

08/963509-13: (medeplegen van) mensenhandel jegens [slachtoffer 1];

08/963004-14: (medeplegen van) mensenhandel jegens [slachtoffer 2].

Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte, dat:

08/963509-13:

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode oktober 2011 tot en met 17 september 2013 te Den Haag en/of Amsterdam en/of Amsterdam Zuidoost en/of Alkmaar en/of (elders) in Nederland (telkens) en/of Italië en/of Litouwen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

-een ander, te weten [slachtoffer 1], door (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie en/of door misleiding, heeft geworven en/of vervoerd en/of overgebracht en/of gehuisvest en/of opgenomen, met het oogmerk van (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 1]

en/of

(sub 1)

-die [slachtoffer 1] door (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overzicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie en/of dor misleiding heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) en/of

(sub 4)

-opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 1] en/of

(sub 6)

-die [slachtoffer 1] door (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie en/of door misleiding heeft gedwongen dan wel bewogen verdachte en/of verdachtes mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van haar, [slachtoffer 1], seksuele handeling(en) met of voor (een) derde(n),

(sub 9)

immers heeft verdachte en/of verdachtes mededader(s) (telkens)

-die [slachtoffer 1] naar haar werkplek(ken) gebracht en/of laten brengen of van haar werkplek(ken) opgehaald en/of laten ophalen en/of

-die [slachtoffer 1] als prostituee laten werken en/of toegezien of laten toezien op (een minimum aan) (de) werktijd(en) (en daarmede (aan) (de) inkomsten) van die [slachtoffer 1] als prostituee en/of

-die [slachtoffer 1] (verder) in de gaten gehouden of in de gaten laten houden en/of

middels bel-/sms-contact gecontroleerd en/of gedirigeerd en/of die [slachtoffer 1] niet toegestaan met anderen dan verdachte en/of zijn mededader(s) te bellen en/of die [slachtoffer 1] geen beltegoed te geven zodat ze niet met anderen kon bellen en/of (aldus) de

keuze-/bewegingsvrijheid van die [slachtoffer 1] als prostituee ingeperkt of laten inperken en/of

-misbruik gemaakt van de ontredderde toestand/positie waarin voornoemde [slachtoffer 1] verkeerde, aangezien die [slachtoffer 1] de Nederlandse taal niet machtig was en/of

-die [slachtoffer 1] als prostituee laten werken en (het) door die [slachtoffer 1] met/in de prostitutie verdiende geld geheel of gedeeltelijk onder zich genomen/gehouden en/of door die [slachtoffer 1] aan hem, verdachte, en/of zijn mededader(s) doen afstaan en/of doen afdragen en/of

-die [slachtoffer 1] wijs te maken en/of verteld dat verdachte en/of zijn mededader(s) geld voor haar spaarde(n) en/of

-met die [slachtoffer 1] een liefdesrelatie aangegaan en/of

-die [slachtoffer 1] als prostituee laten werken zonder condoom;

08/963004-14:

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 2009 tot en augustus 2010 te Den Haag, en/of Amsterdam en/of Amsterdam Zuidoost en/of Alkmaar en/of Utrecht en/of elders in Nederland (telkens) en/of Italië en/of Litouwen te tezamen en in vereniging met een

ander of anderen, althans alleen,

- een ander, te weten [slachtoffer 2], door (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie en/of door misleiding, heeft geworven en/of vervoerd en/of

overgebracht en/of gehuisvest en/of opgenomen, met het oogmerk van (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 2]

en/of

(sub 1)

- die [slachtoffer 2] heeft aangeworven en/of medegenomen met het oogmerk die [slachtoffer 2]

in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van (een) seksuele handeling(en) met of voor (een) derde(n) tegen betaling en/of

(sub 3)

- die [slachtoffer 2] door (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie en/of door misleiding heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) en/of

(sub 4)

- opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 2] en/of

(sub 6)

- die [slachtoffer 2] door (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie en/of door misleiding heeft gedwongen dan wel bewogen verdachte en/of verdachtes mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van haar, [slachtoffer 2], seksuele handeling(en) met of voor (een) derde(n),

(sub 9)

immers heeft verdachte en/of verdachtes mededader(s) (telkens)

-die [slachtoffer 2] vanuit Litouwen naar/in Nederland overgebracht/vervoerd, althans voor haar een busticket geregeld en/of althans haar opgehaald en/of haar (vervolgens) aldaar ondergebracht of laten onderbrengen, althans voor haar (een) verblijfplaats/onderdak geregeld of laten regelen, en/of

-voor die [slachtoffer 2] (een) werkplek(ken) geregeld en/of laten regelen en/of

-die [slachtoffer 2] naar haar werkplek(ken) gebracht en/of laten brengen of van haar werkplek(ken) opgehaald en/of laten ophalen en/of

-die [slachtoffer 2] als prostituee laten werken en/of toegezien of laten toezien op (een minimum aan) (de) werktijd(en) (en daarmede (aan) (de) inkomsten) van die [slachtoffer 2] als prostituee en/of

-die [slachtoffer 2] bewogen een abortus te laten plegen en/of alvorens die [slachtoffer 2] een abortus mocht plegen veel moest werken om de abortus terug te verdienen en/of

-die [slachtoffer 2] aangespoord onbeschermde seks te hebben en/of

-die [slachtoffer 2] (verder) in de gaten gehouden of in de gaten laten houden en/of middels bel-/sms-contact gecontroleerd en/of gedirigeerd en/of (aldus) de keuze-/bewegingsvrijheid van die [slachtoffer 2] als prostituee ingeperkt of laten inperken en/of

-misbruik gemaakt van de ontredderde toestand/positie waarin voornoemde [slachtoffer 2] verkeerde, aangezien die [slachtoffer 2] de Nederlandse taal niet machtig was en/of

-die [slachtoffer 2] als prostituee laten werken en (het) door die [slachtoffer 2] met/in de prostitutie verdiende geld geheel of gedeeltelijk onder zich genomen/gehouden en/of door die [slachtoffer 2] aan hem, verdachte, en/of zijn mededader(s) doen afstaan en/of doen afdragen.

3 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld terzake het met parketnummer 08/963509-13 sub 1, 4, 6 en 9 ten laste gelegde feit (met uitzondering van het medeplegen) en het met parketnummer 08/963004-14 sub 1, 3, 4, 6 en 9 ten laste gelegde feit (met uitzondering van het medeplegen) tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden met aftrek van voorarrest en toewijzing van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 100.000,- met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

4 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

5 De beoordeling van het bewijs

Deze paragraaf bevat het oordeel van de rechtbank over de vraag of de tenlastegelegde feiten bewezenverklaard kunnen worden of dat daarvan moet worden vrijgesproken. In het geval de rechtbank tot een bewezenverklaring komt, steunt de beslissing dat verdachte de feiten heeft begaan op de inhoud van bewijsmiddelen die als bijlage aan het vonnis zijn gehecht en daarvan op die wijze deel uitmaken. Deze bewijsmiddelen bevatten dan de redengevende feiten en omstandigheden op grond waarvan de rechtbank de overtuiging heeft gekregen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.

5.1

De standpunten van de officier van justitie en de verdediging

Ten aanzien van het onder parketnummer 08/963509-13 ten laste gelegde concludeert de officier van justitie tot bewezenverklaring op grond van onder meer een proces-verbaal van bevindingen, de verklaring van [getuige] d.d. 25 september 2013, diverse tapgesprekken en sms-berichten.

Ten aanzien van het onder parketnummer 08/963004-14 ten laste gelegde concludeert de officier van justitie tot bewezenverklaring op grond van onder meer het intakegesprek van [slachtoffer 2] d.d. 30 augustus 2010, de verklaringen van [slachtoffer 2], een politiecontrole d.d. 19 oktober 2009, een mutatie van de Belastingdienst, een proces-verbaal bevindingen inbeslagneming en informatie van de Italiaanse autoriteiten.

De verdediging heeft vrijspraak bepleit van het onder parketnummer 08/963004-14 ten laste gelegde, omdat de verklaringen van [slachtoffer 2] onvoldoende betrouwbaar en innerlijk tegenstrijdig zijn en niet worden ondersteund door objectief en betrouwbaar bewijsmateriaal.

De verdediging heeft vrijspraak bepleit van het met parketnummer 08/963509-13 ten laste gelegde, omdat er geen bewijsmateriaal is waaruit blijkt dat er sprake is van handelingen, dwangmiddelen of het oogmerk van uitbuiting.

5.2

De bewijsoverwegingen van de rechtbank

08/963509-13:

Dwangmiddelen

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte jegens [slachtoffer 1] gebruik heeft gemaakt van het dwangmiddel misbruik maken van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht. Er was sprake van een ongelijkwaardige relatie. Verdachte begon met [slachtoffer 1] een liefdesrelatie, controleerde haar middels bel-/sms-contact, gaf haar instructies hoeveel geld ze aan klanten moest vragen, en gaf haar geen beltegoed zodat ze niet met anderen dan verdachte kon bellen en perkte zo haar keuze-/bewegingsvrijheid in. Daarnaast sprak [slachtoffer 1] de taal niet, waardoor zij naar eigen zeggen niet weg kon op het moment dat ze erachter kwam welk werk ze moest doen. Nu verdachte gebruik heeft gemaakt van voornoemd ongeoorloofd middel is voor een bewezenverklaring niet van belang of [slachtoffer 1] al dan niet heeft ingestemd met het werken in de prostitutie. Door het gebruik van dit dwangmiddel is [slachtoffer 1] in een uitbuitingssituatie beland.

Tenlastegelegde sub 1

Verdachte heeft [slachtoffer 1] voorts vervoerd van en naar haar werkplekken, terwijl er ten aanzien van [slachtoffer 1] sprake is van het oogmerk van uitbuiting. Oogmerk veronderstelt tenminste een noodzakelijkheidsbewustzijn ten aanzien van het gevolg en is bij mensenhandel gelegen in het verkrijgen van financieel gewin. Dat verdachte het oogmerk van uitbuiting had, leidt de rechtbank af uit de omstandigheid dat verdachte zorgdroeg voor controle en toezicht op de prostitutiewerkzaamheden en op de verdiensten daaruit en dat verdachte [slachtoffer 1] in vele tapgesprekken dwong langer te werken indien zij aangaf te willen stoppen.

De rechtbank is derhalve van oordeel dat verdachte door middel van het dwangmiddel misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht [slachtoffer 1] heeft vervoerd met het oogmerk [slachtoffer 1] seksueel uit te buiten.

Tenlastegelegde sub 4

Gelet op het hiervoor overwogene is de rechtbank van oordeel dat verdachte [slachtoffer 1] met het dwangmiddel misbruik maken van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht heeft bewogen om zich in Nederland beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard.

Tenlastegelegde sub 6

Ten aanzien van sub 6 overweegt de rechtbank als volgt. Uit de bewijsmiddelen volgt dat

[slachtoffer 1] werkzaam is in de prostitutie en dat verdachte zeggenschap heeft over haar werkzaamheden en haar werktijden in de prostitutie. De rechtbank is van oordeel dat verdachte het beheer heeft over haar verdiensten. Uit diverse tapgesprekken volgt dat verdachte informeert bij [slachtoffer 1] naar haar verdiensten tot dat moment en dat hij haar aanspoort meer te werken op momenten dat zij aangeeft te willen stoppen. Voorts gaf verdachte haar instructies hoeveel geld ze aan klanten moest vragen. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat [slachtoffer 1] in een situatie is terecht gekomen die niet gelijk is aan de omstandigheden waarin een mondige prostituee in Nederland pleegt te verkeren en dat zij derhalve in een uitbuitingssituatie is beland.

Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1].

Tenlastegelegde sub 9

Gelet op het hiervoor overwogene is de rechtbank van oordeel dat verdachte [slachtoffer 1] met het dwangmiddel misbruik maken van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht heeft bewogen hem te bevoordelen uit de opbrengst van de seksuele handelingen van die [slachtoffer 1] met een derde.

Medeplegen

De rechtbank is van oordeel dat het medeplegen niet wettig en overtuigend kan worden bewezen.

08/963004-14:

Volgens het tweede lid van artikel 342 Wetboek van Strafvordering (hierna Sv) - dat de tenlastelegging in haar geheel betreft en niet een onderdeel daarvan - kan het bewijs dat een verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van één getuige. Deze bepaling strekt ter waarborging van de deugdelijkheid van de bewijsbeslissing, in die zin dat zij de rechter verbiedt tot een bewezenverklaring te komen ingeval de door één getuige gereleveerde feiten en omstandigheden op zichzelf staan en onvoldoende steun vinden in ander bewijsmateriaal. De vraag of aan het bewijsminimum van artikel 342, tweede lid, Sv is voldaan, laat zich niet in algemene zin beantwoorden, maar vergt een beoordeling van het concrete geval.

De rechtbank constateert dat het dossier geen onafhankelijke en objectieve bewijsmiddelen bevat die de essentiële punten van de verklaring van [slachtoffer 2] ondersteunen. De rechtbank acht derhalve het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen. Gelet op het voorgaande dient verdachte van het tenlastegelegde te worden vrijgesproken.

5.3

De conclusie

De rechtbank acht niet bewezen wat aan de verdachte het met parketnummer 08/963004-14 is tenlastegelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.

De rechtbank is door de inhoud van de wettige bewijsmiddelen tot de overtuiging gekomen, dat de verdachte het met parketnummer 08/963509-13 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij in de periode oktober 2011 tot en met 17 september 2013 te Den Haag en Amsterdam,

-een ander, te weten [slachtoffer 1], door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht heeft vervoerd, met het oogmerk van (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 1] en

(sub 1)

-die [slachtoffer 1] door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht heeft bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (van seksuele aard) en

(sub 4)

-opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de (seksuele) uitbuiting van die [slachtoffer 1] en

(sub 6)

-die [slachtoffer 1] door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht heeft bewogen verdachte te bevoordelen uit de opbrengst van haar, [slachtoffer 1], seksuele handelingen met of voor (een) derde(n),

(sub 9)

immers heeft verdachte (telkens)

-die [slachtoffer 1] naar haar werkplekken gebracht en van haar werkplekken opgehaald en

-die [slachtoffer 1] als prostituee laten werken en toegezien op de werktijden (en daarmede de inkomsten) van die [slachtoffer 1] als prostituee en

-die [slachtoffer 1] middels bel-/sms-contact gecontroleerd en gedirigeerd en die [slachtoffer 1] niet toegestaan met anderen dan verdachte te bellen en die [slachtoffer 1] geen beltegoed te geven zodat ze niet met anderen kon bellen en (aldus) de

keuze-/bewegingsvrijheid van die [slachtoffer 1] als prostituee ingeperkt en

-die [slachtoffer 1] als prostituee laten werken en het door die [slachtoffer 1] met/in de prostitutie verdiende geld geheel of gedeeltelijk onder zich genomen/gehouden en door die [slachtoffer 1] aan hem, verdachte doen afdragen en

-met die [slachtoffer 1] een liefdesrelatie aangegaan.

De rechtbank heeft de eventueel in de tenlastelegging voorkomende schrijffouten verbeterd in de bewezenverklaring. Verdachte wordt hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.

De rechtbank acht niet bewezen wat aan de verdachte met parketnummer 08/963509-13 meer of anders is tenlastegelegd, zodat zij hem daarvan zal vrijspreken.

6 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld bij artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht (hierna Sr). Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op:

08/963509-13:

het misdrijf: mensenhandel.

7 De strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor het bewezenverklaarde feit.

8 De op te leggen straf of maatregel

8.1

De gronden voor een straf of maatregel

Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van de verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. Ook neemt de rechtbank de volgende factoren in aanmerking.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mensenhandel, gepleegd jegens een Litouwse vrouw. Mensenhandel, een vorm van moderne slavernij, is een ernstig strafbaar feit. Verdachte heeft door het gebruik van een dwangmiddel haar persoonlijke vrijheid zo sterk ingeperkt dat zij niet in vrijheid kon beslissen of zij wel of niet in de prostitutie wilde (blijven) werken c.q. seksuele handelingen wilde verrichten met (een) derde(n). Verdachte heeft geen enkele rekening gehouden met de gevolgen van zijn handelen voor de psychische en lichamelijke integriteit van het slachtoffer. Op geen enkel moment heeft verdachte getoond dat hij inzicht heeft in de laakbaarheid van zijn handelen. Integendeel, verdachte houdt vol dat hij zich niet aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

In het nadeel van verdachte heeft de rechtbank gelet op het uittreksel uit het ECRIS (European Criminal Records Information System) van 27 augustus 2013 waaruit blijkt dat verdachte zich eerder in Italië onder meer heeft schuldig gemaakt aan delicten die verband houden met prostitutie.

De rechtbank is van oordeel dat oplegging van een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van hierna te noemen duur passend en geboden is.

9 De schade van benadeelden

9.1

De vordering van de benadeelde partij

[slachtoffer 2] (met als gemachtigde mr. A. Koopsen, domicilie kiezende op het Advocatenkantoor Oudegracht te Alkmaar) heeft zich voorafgaand aan het onderzoek op de zitting, op de wettelijk voorgeschreven wijze als benadeelde partij gevoegd in dit strafproces. De benadeelde partij vordert veroordeling van de verdachte tot betaling van in totaal

€ 100.000,- (honderdduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. Deze schade bestaat uit de volgende posten:

  • -

    € 10.000,- immateriële schade;

  • -

    € 90.000,- materiële schade.

Ook heeft de benadeelde partij gevraagd een schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] dient niet-ontvankelijk te worden verklaard, nu verdachte zal worden vrijgesproken van het met parketnummer 08/963004-14 ten laste gelegde.

10 De toegepaste wettelijke voorschriften

De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 10, 27 en 27a Sr.

11 De beslissing

De rechtbank:

vrijspraak/bewezenverklaring

  • -

    verklaart niet bewezen dat verdachte het met parketnummer 08/963004-14 tenlastegelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;

  • -

    verklaart bewezen, dat verdachte het met parketnummer 08/963509-13 tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;

  • -

    verklaart niet bewezen wat aan verdachte met parketnummer 08/963509-13 meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;

strafbaarheid

  • -

    verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;

  • -

    verklaart dat het bewezenverklaarde het volgende strafbare feit oplevert:
    08/963509-13: het misdrijf: mensenhandel;

  • -

    verklaart verdachte strafbaar voor het met parketnummer 08/963509-13 bewezenverklaarde;

straf

  • -

    veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van één jaar;

  • -

    beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a Sr bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

schadevergoeding

- bepaalt dat de benadeelde partij: [slachtoffer 2] (met als gemachtigde mr. A. Koopsen, domicilie kiezende op het Advocatenkantoor Oudegracht te Alkmaar) niet-ontvankelijk is in haar vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

opheffing bevel voorlopige hechtenis

- heft het -geschorste- bevel tot voorlopige hechtenis op.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.M.M. Bordenga, voorzitter, mr. J.H.W.R. Orriëns-Schipper en mr. G. Edelenbos, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.C. van Druten, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2016.

Bijlage bewijsmiddelen

Leeswijzer

Deze bijlage maakt deel uit van het vonnis en bevat de bewijsmiddelen.

Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit bladzijden uit het dossier van de Dienst Landelijke Recherche, Team 1 met nummer 26130063Z (Cloak). Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.

1. Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 1] en [verbalisant 2] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 17 september 2013 gesloten proces-verbaal nummer 30-4300438, inhoudende de verklaring van [slachtoffer 1], zakelijk weergegeven, onder meer inhoudende1:

V: Spreek je Nederlands?

A: lk versta een beetje maar dat is niet veel.

V: Is dat voldoende om hier in Nederland te communiceren ?

A: Niet echt (…)

A: Misschien was ik wel teruggegaan op het moment toen ik ontdekte wat voor een werk ik moest doen, maar ik sprak geen Engels, geen Nederlands (…)

A: lk ben begonnen met werken in de [straat 1]. lk heb in beide straten in Den Haag gewerkt. (…)

V: Waar werk je nu?

A In Amsterdam op de [adres 2] (…) lk werk daar nu langer dan een jaar.

V: Heb je voordat je in Amsterdam ging werken, ook op andere plekken gewerkt?

A: In Den Haag en in Amsterdam in de [straat 1]. (…) Ik werk zes of zeven dagen. Soms vijf. (…) Met mijn vriend bel ik een, twee of drie keer per dag. (…) [verdachte] bel ik alleen met de iPhone. (…) lk ga met de metro naar het werk en soms brengt mijn vriend mij daar naartoe. Hij brengt mij met de auto. (…) De auto stond op mijn naam. Ik betaalde de verzekering en [verdachte] reed erin. (…)

2. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven2:

Datum/tijdstip gesprek: 3-2-2013 17:13:25

[slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) (sh) BUM Moeder:

[slachtoffer 1]: ok dan, moeder, ik moet mijn beltegoed sparen. En als mijn vriend terugkomt, zal ik je niet van dit nummer bellen maar van dat ander. Van dat nummer waar ik toen een bericht van naar je heb gestuurd.

3. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven3:

Datum/tijdstip gesprek: 12-3-2013 9:53:44

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM NNM8441

NNM8441: ze doen het voor 50 en niet voor 100. (…)

[slachtoffer 1]: Nee. 100!

NNM8441: Voor 100 doen ze het? Ik dacht, normaal gesproken, dat het in de kont 50 kost.

[slachtoffer 1]: ik had zelfs klanten die me daarvoor 150 gaven.

NNM8441: ah, zie je: je vroeg te veel geld.

[slachtoffer 1]: Moet ik alles gaan doen voor weinig geld?

NNM8441: nee, het is niet weinig, 50 is normaal. 100 is veel. (…)

NNM8441: (…) Dan moet je eerst 100 vragen en als ze het niet willen geven, kun je minder vragen. Ik weet dat het 50 kost.

4. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven4:

Datum/tijdstip gesprek: 14-3-2013 16:55:11

NNM8441 BUM [slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1])

NNM8441: Hoe gaat het? (…) Heb je 500 verdiend?

[slachtoffer 1]: nee

NNM8441: je hebt nog twee uur.

5. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven5:

Datum/tijdstip gesprek: 17-3-2013 16:08:30

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM NNM8441

[slachtoffer 1]: ik heb het anaal gedaan en ik kreeg 200!

NNM8441: zo dan, zo moet het.

[slachtoffer 1]: inderdaad.

NNm8441: goed zo, baby.

[slachtoffer 1]: ik zei toch dat ik klanten heb die mij hiervoor 100 geven hij wilde natuurlijk zonder condoom en dat was 50 extra, en 50 voor zoals altijd. dus.

NNm8441: mhm. goed dan.

6. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven6:

Datum/tijdstip gesprek: 18-3-2013 8:37:05

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM Moeder:

[slachtoffer 1]: natuurlijk is het kind boos, ik ben nu op het werk, ik heb mijn beltegoed nog niet opgewaardeerd want ik wil niet dat mijn vriend ziet dat ik het beltegoed opwaardeer. vanavond, na het werk ga ik snel naar een winkel en koop ik beltegoed.

Moeder: zo zo, wat is hij aan het klieren

7. Een geschrift, te weten de uitwerking van een SMS-bericht, inhoudende, zakelijk weergegeven7:

Datum/tijdstip gesprek: 22-3-2013 15:25:07

Getapte: [slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1])

[slachtoffer 1] SMSU NNM8441:

Ik heb zelfs 2 keer zonder condoom alles voor 50 gedaan.

8. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven8:

Datum/tijdstip gesprek: 26-3-2013 16:04:57

NNM8441 BUM [slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1])

[slachtoffer 1]: ik wilde je sturen dat er helemaal geen werk is.

NNM8441: baby, wacht nou even, zonnetje. je hebt nog drie uur. misschien komt het nog.

[slachtoffer 1]: ik heb al drie uur niet gewerkt.

NNM8441: ik weet het, baby, maar wat moeten we? (…)

NNM8441: we moeten kijken voor een andere plek. (…)

9. Een geschrift, te weten de uitwerking van een SMS-bericht, inhoudende, zakelijk weergegeven9:

Datum/tijdstip gesprek: 28-3-2013 18:00:39

[slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) SMSU NNM8441:

Baby, wees niet boos, maar ik ga me klaar maken om naar huis te gaan.

10. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven10:

Datum/tijdstip gesprek: 29-3-2013 17:01:06

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM NNM8441:

NNM8441 vraagt hoe het met [slachtoffer 1] gaat. Ze zegt dat ze vanaf 13.30 uur niet meer heeft gewerkt. Geen een klant heeft ze gehad. (…)

[slachtoffer 1] zegt dat er een vrouw is die helemaal niet heeft gewerkt.

NNM8441: dan moeten we naar een andere plaats gaan.

11. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven11:

Datum/tijdstip gesprek: 5-4-2013 12:40:21

31-06-30139692 (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) aan 370-9999-67901746 (de rechtbank begrijpt Moeder)

Ik ook en nog schrijven. verdorie, mijn Facebook en One heeft die verwijderd, zodat niemand mij en ik niemand kan schrijven.

12. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven12:

Datum/tijdstip gesprek: 8-4-2013 10:12:46

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) bun NNman 8018

Zij zegt dat zij zeven dagen per week werkt vanaf half negen - negen uur 's morgens en dat zij normaal tot zes uur 's avonds aan het werk is.

13. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven13:

Datum/tijdstip gesprek: 19-5-2013 13:35:56

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM [verdachte] (sh) (de rechtbank begrijpt [verdachte])

[verdachte] zegt dat hij niets aan het doen is en vraagt hoe het met [slachtoffer 1] gaat.

[slachtoffer 1] zegt dat ze voor de kamer voor twee dagen heeft verdiend en nog 300 voor zichzelf.

[verdachte] vindt het goed.

14. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven14:

Datum/tijdstip gesprek: 28-5-2013 9:56:28

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM Moeder (sh)

[slachtoffer 1] vloekt en zegt dat ze met niemand contact mag hebben. (…) Ze zegt dat ze voor de rest niets ziet behalve het werk en het huis. Moeder zegt dat ze inderdaad leeft alsof in een gevangenis. [slachtoffer 1] is het daar eens. (…)

[slachtoffer 1]: Ik zit altijd maar tussen vier muren.

Moeder: inderdaad, kindje, ik had al een voorgevoel dat het zo is.

15. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven15:

Datum/tijdstip gesprek: 28-5-2013 13:34:01

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM [verdachte] (sh) (de rechtbank begrijpt [verdachte])

[slachtoffer 1] vraagt wat [verdachte] aan het doen is.

[verdachte] zegt dat hij op haar aan het wachten is vlakbij de plek waar ze altijd afspreken. [slachtoffer 1] moet lopen zoals altijd en dan zal ze hem zien staan.

16. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven16:

Datum/tijdstip gesprek: 3-6-2013 10:36:14

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM [verdachte] (sh) (de rechtbank begrijpt [verdachte])

[slachtoffer 1]: mag ik vandaag voor de kamer verdienen en daarna naar huis gaan?

[verdachte]: oke.

[slachtoffer 1]: maar serieus ik wil meteen naar huis gaan nadat ik voor de kamer heb verdiend.

[verdachte]: oke, baby. stuur me een bericht en dan kom ik je ophalen.

[slachtoffer 1]: maar, ben je niet boos?

[verdachte]: nee, baby.

[slachtoffer 1]: dan is het goed.

17. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven17:

Datum/tijdstip gesprek: 6-6-2013 15:29:50

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM [verdachte] (sh) (de rechtbank begrijpt [verdachte]):

[verdachte] vraagt [slachtoffer 1] wat ze aan het doen is.

[slachtoffer 1] zegt dat ze bij het raam staat.

[verdachte]: vertel me nou wat je wilt 1 dag werken en 2 dagen thuis zitten? vertel me?

[slachtoffer 1]: waarom?

[verdachte]: hoezo wil je nu al naar huis? en niet werken?

[slachtoffer 1]: oke, ik blijf tot 7 uur.

18. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven18:

Datum/tijdstip gesprek: 14-6-2013 13:26:26

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM [verdachte] (sh) (de rechtbank begrijpt [verdachte]):

[slachtoffer 1] zucht dat ze er genoeg heeft van het wachten. Ze zegt dat alle mensen die haar kant op komen, lopen snel weg. [verdachte] zegt dat ze moet dansen.

19. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven19:

Datum/tijdstip gesprek: 1-8-2013 15:31:32

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) BUM [verdachte] (sh) (de rechtbank begrijpt [verdachte]):

[verdachte]: Heb je misschien 7 verdiend?

[slachtoffer 1]: wil je dan 700?

[verdachte]: misschien heb je meer?

[slachtoffer 1]: dat zou je wel willen.

(…) [slachtoffer 1]: ha! wil je dat ik 700 verdien?

[verdachte]: hoezo wil ik? Ik vraag het.

20. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven20:

Datum/tijdstip gesprek: 3-8-2013 15:35:00

[slachtoffer 1] (sh) (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) WGD [verdachte] (sh) (de rechtbank begrijpt [verdachte])

[verdachte] vraagt hoe het gaat.

(…)

[verdachte] vertelt dat [naam] zei dat [slachtoffer 1] goed werk heeft (…)

[slachtoffer 1] zegt dat het niet waar is, want ze verdient maar 300 euro per dag. (…)

[slachtoffer 1] zegt dat ze al naar huis zou willen.

[verdachte] zegt dat [slachtoffer 1] nog even moet wachten.

21. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven21:

Datum/tijdstip gesprek: 5-8-2013 15:10:08

[slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) bum [verdachte] (de rechtbank begrijpt [verdachte])

[slachtoffer 1]: ja.. wil je mij misschien komen halen?

(…) [verdachte]: Kan misschien wat later?

[slachtoffer 1]: Ik voel mij heel slecht, baby...

[verdachte]: Wat is er?

[slachtoffer 1]: Ik voel mij heel slecht...

[verdachte]: Wat heb je?

[slachtoffer 1]: lk ben misselijk...

(…) [slachtoffer 1]: Maar vandaag heb ik toch achthonderd bij elkaar gemaakt

[verdachte]: Oh, goede beweging..

[slachtoffer 1]: lk voel mij heel erg slecht, ik wil naar huis,

[verdachte]: Dan moet ik uitstellen...

22. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven22:

Datum/tijdstip gesprek: 19-8-2013 16:40:04

[slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1]) bum [verdachte] (de rechtbank begrijpt [verdachte])

[verdachte] vraagt hoe het gaat.

[slachtoffer 1] vertelt dat ze net een klant had voor 30 euro.

23. Een geschrift, te weten de uitwerking van tapgesprekken, inhoudende, zakelijk weergegeven23:

Datum/tijdstip gesprek: 16-9-2013 17:15:06

[verdachte] (de rechtbank begrijpt [verdachte]) bum [slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt [slachtoffer 1])

[slachtoffer 1] zegt dat zij geen klanten heeft. [verdachte] zegt dat zij nog even moet wachten, misschien komt iemand nog.

24. Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 3] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 22 november 2013 gesloten proces-verbaal van bevindingen nummer 30-482330, zakelijk weergegeven, onder meer inhoudende24:

(…) de telecommunicatie, welke werd gevoerd via een internetverbinding op het adres [adres 3], Amsterdam Zuidoost (ip-adres [IP-adres]), is opgenomen en bekeken. Op het voornoemde adres verbleven gedurende de onderzoeksperiode [slachtoffer 1], [geboortedag]-1990 te [geboorteplaats] (Litouwen) en [verdachte], [geboortedag]-1977 te [geboorteplaats] (Albanie).

Uit de opgenomen en uitgekeken internetsessies blijkt dat met behulp van de internetaansluiting op het adres [adres 3], Amsterdam Zuidoost op nagenoeg dagelijkse basis onder meer webpagina's van de website [website] worden bezocht. Op de website [website] is algemene informatie te vinden over prostitutie en prostitutiebezoek in Nederland. Daarnaast delen bezoekers van prostituees hun ervaringen (zogenaamde reviews) in het forumgedeelte.

25. Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 3] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 12 november 2013 gesloten proces-verbaal van bevindingen, nummer 30-485371, betreffende het vervoer van prostituee [slachtoffer 1] door [verdachte], zakelijk weergegeven, onder meer inhoudende25:

(…) de telecommunicatie van diverse telefoonnummers en IMEI-nummers, in gebruik bij [verdachte], geboren op [geboortedag]-1977 te [geboorteplaats] (Albanie) en [slachtoffer 1], geboren [geboortedag]-1990 te [geboorteplaats] (Litouwen) is opgenomen en afgeluisterd. (…) Uit de inhoud van de gesprekken die zijn gevoerd middels deze telefoonnummers en IMEI-nummers kan worden opgemaakt dat voornoemde [verdachte], ook wel [verdachte] (fonetisch) wordt genoemd, nagenoeg dagelijks prostituee [slachtoffer 1] vervoert vanaf haar werkplek aan de [adres 4] danwel [adres 2] te Amsterdam naar hun gezamenlijke woonadres aan het [adres 3], [postcode] te Amsterdam Zuidoost. Daartoe is door mij, verbalisant, onderzoek gedaan naar de opgenomen en afgeluisterde telefoongesprekken die zijn gevoerd in de periode van 01-04-2013 t/m 14-05-2013.

Uit deze gesprekken blijkt dat [slachtoffer 1] doorgaans aan het einde van de middag c.q. begin van de avond telefonisch contact heeft met [verdachte]. [verdachte] en [slachtoffer 1] spreken dan over de locatie waar [verdachte] [slachtoffer 1] ophaalt. (…)

Aan de hand van de gesprekken die worden gevoerd vanaf 23-04-2013 kan worden opgemaakt dat [slachtoffer 1] vanaf die dag weer aan het werk in Nederland is en dat [verdachte] zonder voertuig terug is gekeerd uit Italië. Van 23-04-2013 t/m 11-05-2013 vinden er tussen [slachtoffer 1] en [verdachte] geen gesprekken plaats over het ophalen van [slachtoffer 1] door [verdachte]; kennelijk omdat [verdachte] geen voertuig tot zijn beschikking heeft. Pas op 06-05-2013 geeft hij aan dat hij voor een (nieuwe) auto gaat kijken. Dat resulteert uiteindelijk, gezien de onderstaande gesprekken, in de aanschaf van een zwarte Mercedes Benz, type ML die hij op 11-05-2013 voor het eerst in Nederland in gebruik neemt. (…)

26. Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 4] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 12 november 2013 gesloten proces-verbaal nummer 30-468610, betreffende een proces-verbaal van bevindingen betreffende bedragen notitieblok en tapgesprekken, zakelijk weergegeven, onder meer inhoudende26:

Op dinsdag 17 september 2013 vond er in het kader van onderzoek Cloak een doorzoeking plaats in de woning te [adres 3] te Amsterdam. De bewoners van deze woning zijn [verdachte], geboren op [geboortedag] 1977 en [slachtoffer 1], geboren op [geboortedag] 1990. Tijdens deze doorzoeking is onder andere een notitieblok inbeslaggenomen (ibncode: WI062.02.02.001).

De notities in dit blok zijn voornamelijk opgemaakt in de Litouwse taal en zijn vertaald. Op één pagina staan achtereenvolgens de maanden oktober, november, december, januari, maart, april, mei, juni, juli en augustus opgesomd. Achter deze maanden staan getallen genoteerd. Op enkele andere pagina's zijn onder andere de maanden juli, augustus en september genoemd met daaronder de dagen van de maand met daarachter getallen. Tot dinsdag 17 september, de dag van de doorzoeking, zijn er getallen ingevuld. Op een pagina in het notitieblok staat de naam [slachtoffer 1] in het Russisch geschreven. (…)

Uit de opgenomen en afgeluisterde gesprekken blijkt dat [slachtoffer 1] meerdere malen aangeeft hoeveel zij tot dat moment heeft verdiend. Tenminste in de volgende gevallen komen de in de afgetapte gesprekken genoemde bedragen direct overeen met de in het notitieblok genoteerde getallen.

Op 4 augustus 2013 omstreeks 16:54 uur wordt het toestel met IMEI-nummer [IMEI-nummer], in gebruik bij [slachtoffer 1], gebeld door telefoonnummer [telefoonnummer], in gebruik bij [verdachte]. In dit gesprek zegt [slachtoffer 1] onder andere:

dat ze die 500 heeft verdiend, dat het rustig is en dat ze naar huis wil gaan.

In het notitieblok staat bij 4 augustus het getal 500 vermeld.

Op 5 augustus 2013 omstreeks 15:10 uur wordt vanaf het toestel met IMEI-nummer [IMEI-nummer], in gebruik bij [slachtoffer 1], uitgebeld naar telefoonnummer [telefoonnummer]

[telefoonnummer], in gebruik bij [verdachte]. In dit gesprek zegt zij onder andere:

Maar vandaag heb ik toch achthonderd bij elkaar gemaakt.

In het notitieblok staat bij 5 augustus het getal 800 vermeld.

Op 21 augustus 2013 om 16:16 uur wordt vanaf het toestel met IMEI-nummer

[IMEI-nummer], in gebruik bij [slachtoffer 1], uitgebeld naar telefoonnummer [telefoonnummer]

[telefoonnummer], in gebruik bij [verdachte]. In dit gesprek zegt zij onder andere:

dat ze net voor de kamer heeft omgezet.

In het notitieblok staat bij 21 augustus het getal 150 vermeld.

Uit kwitanties (ibncode: WI062.02.06.002), die tijdens eerdergenoemde zoeking inbeslaggenomen zijn, blijkt dat de kamerhuur van het pand [adres 2] te Amsterdam 130 euro per dienst bedroeg, tevens verklaart [slachtoffer 1] dit.

De opmerking van [slachtoffer 1] dat zij "net voor de kamer heeft omgezet” stemt hiermee dus overeen.

(…) Uit bovenstaande blijkt dat er in enkele gevallen een directe overeenkomst is tussen de in de tapgesprekken genoemde bedragen en de getallen in het notitieblok. Het vermoeden bestaat dat [slachtoffer 1] in het notitieblok haar inkomsten bijhield die zij door haar werkzaamheden als prostituee verkreeg.

27. Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 5] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 24 september 2013 gesloten proces-verbaal nummer 30-437154, betreffende de observatie op 12 september 2013, zakelijk weergegeven, onder meer inhoudende27:

Op donderdag 12 september 2013 heb ik gebruik makend van een technisch hulpmiddel, namelijk een videocamera en -recorder, observatie verricht op perceel [adres 2] te Amsterdam, zijnde een prostitutiepand, Die dag, omstreeks 09.13 uur, is genoemde kamer in gebruik door een vrouw, namelijk de ons bekende prostituee:

[slachtoffer 1], geboren op [geboortedag] 1990 te [geboorteplaats] (Litouwen), verblijvende [adres 3] te Amsterdam.

OBSERVATIE

Ze staat achter de deur van kamer [nummer], die voor een groot gedeelte bestaat uit een raam, te bereiken vanaf de openbare weg, de [straat 2]. Die dag heeft zij meerdere personen toegelaten tot deze kamer, kennelijk klanten die gebruik maakten van haar diensten als prostituee. Bij het uitkijken van de beelden heb ik de volgende waarnemingen gedaan:

Te 11.00 uur: een blanke man met grijs haar en een bril, gekleed in een zwarte jas gaat bij [slachtoffer 1] naar binnen, Te 11.15 uur verlaat hij het pand en neemt zij opnieuw plaats achter het raam.

Te 12.24 uur: een blanke man gekleed in een wit t-shirt en zwarte bodywarmer gaat bij [slachtoffer 1] naar binnen. Te 12.36 uur verlaat hij het pand en neemt zij opnieuw plaats achter het raam.

Te 12.53 uur een blanke man met grijs haar en een zonnebril, gekleed in een beige jas en

spijkerbroek gaat bij [slachtoffer 1] naar binnen. Te 13.08 uur verlaat hij het pand en neemt zij opnieuw plaats achter het raam.

Te 13.12 uur een blanke kale man gekleed in een wit met rood geruit overhemd en spijkerjas gaat bij [slachtoffer 1] naar binnen. Te 14.54 uur verlaat hij het pand en neemt zij opnieuw plaats achter het raam.

Te 14.57 uur een blanke man met grijs haar gekleed in een donkerblauwe jas gaat bij [slachtoffer 1]

[slachtoffer 1] naar binnen. Te 15.22 uur verlaat hij het pand en neemt zij opnieuw plaats achter het raam.

Te 17.59 uur wordt de observatie beëindigd.

TELECOMMUNICATIE

Die dag te 10.34 uur (TTO1 — TA19) wordt [verdachte] gebeld door [slachtoffer 1]. In dit gesprek vertelt [slachtoffer 1] onder andere dat ze nog geen één klant heeft gehad.

Die dag te 12.45 uur (TTO1 — TA19) belt [verdachte] naar [slachtoffer 1]. In dit gesprek vertelt [slachtoffer 1] onder andere dat ze 50 vraagt en nog geen één klant heeft gehad.

Die dag te 17.09 uur (TTO1 TA19) wordt [verdachte] gebeld door [slachtoffer 1], In dit gesprek vertelt [slachtoffer 1] onder andere dat vier klanten heeft gehad. De vierde klant bleef een uur en dertig minuten. Bij hem heeft zij driehonderd opgehaald.

Die dag te 18.20 uur (TTO1 — TA19) wordt [verdachte] gebeld door [slachtoffer 1]. In dit gesprek vertelt [slachtoffer 1] onder andere dat ze nog twee klanten heeft gehad en vierhonderd heeft gedaan.

28. Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 6] en [verbalisant 7] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 14 november 2013 gesloten proces-verbaal nummer 30-471906, inhoudende de verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven, onder meer inhoudende28:

Het ontwikkelde zich zo dat ik een relatie begon met [slachtoffer 1]. (…) [slachtoffer 1], ging vlak na aankomst hier in Nederland in de prostitutie werken. Dus toen ik hier kwam werkte [slachtoffer 1] al als prostituee. (…) Ik zocht [slachtoffer 1] op haar werkplek. Daar had ik seks met haar. Dat was als zij aan het werk was. [slachtoffer 1] en [getuige] (…) werkten op dat moment samen in Den Haag. Dat was dus toen ik terug kwam in Nederland eind 2011. (…) Dat was in het prostitutiegebied in Den Haag. (…) Wij zijn gevlucht voor [getuige] naar het appartement in [wooncomplex], in Amsterdam Zuidoost. (…) Wij verhuisden eind november begin december 2011 naar [wooncomplex]. (…) lk denk dat ik in februari 2012 weer terug kwam in Nederland. Ik hield contact met haar via de telefoon. (…)

29. Het door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 6] en [verbalisant 7] in de wettelijke vorm opgemaakt en op 21 november 2013 gesloten proces-verbaal nummer 30-477608, inhoudende de verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven, onder meer inhoudende29:

Met [slachtoffer 1] was de communicatie heel moeilijk in het begin. Zij sprak geen Russisch, geen Italiaans. Een beetje Engels. (…) Soms werkte [slachtoffer 1] 7 dagen (…). (…) V: Hoe reisde [slachtoffer 1] van en naar haar werkadres? A. (…) Soms bracht ik haar als ik met haar was in Nederland. (…)

1 Zaaksdossier C02 (1); Pagina 218 e.v.

2 Ordner C02 (2); Pagina 735

3 Ordner C02 (2); Pagina 750

4 Ordner C02 (2); Pagina 861

5 Ordner C02 (2); Pagina 752

6 Ordner C02 (2); Pagina 791

7 Ordner C02 (2); Pagina 754

8 Ordner C02 (2); Pagina 796

9 Ordner C02 (2); Pagina 674

10 Ordner C02 (2); Pagina 871

11 Ordner C02 (2); Pagina 739

12 Ordner C02 (1); Pagina 236

13 Ordner C02 (1); Pagina 239

14 Ordner C02 (1); Pagina 245

15 Ordner C02 (2); Pagina 835

16 Ordner C02 (1); Pagina 238

17 Ordner C02 (2); Pagina 719

18 Ordner C02 (2); Pagina 763

19 Ordner C02 (2); Pagina 698

20 Ordner C02 (2); Pagina 897

21 Ordner C02 (1); Pagina 503

22 Ordner C02 (1); Pagina 768

23 Ordner C02 (2); Pagina 734

24 Ordner C02 (1); Pagina 452 e.v.

25 Ordner C02 (1); Pagina 488 e.v.

26 Ordner C02 (1); Pagina 496 e.v.

27 Ordner C02 (1); Pagina 534 e.v.

28 Ordner C02 (2); Pagina 647 e.v.

29 Ordner C02 (2); Pagina 657 e.v.