Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2015:5717

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
23-11-2015
Datum publicatie
23-12-2015
Zaaknummer
96/161177/15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Hondenpoep in Hengelo. Verdachte kreeg er een strafbeschikking voor, waartegen verdachte verzet heeft ingesteld. Dat de hond gepoept heeft en dat die poep niet is opgeruimd staat duidelijk in het proces-verbaal. Toch spreekt de kantonrechter verdachte vrij omdat de tekst van de tenlastelegging de tekst van de strafbeschikking volgt die, zoals ook uit het dossier al blijkt, verkeerd gesteld is. Voor de beschuldiging zoals die in de tenlastelegging staat, is geen bewijs.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK Overijssel

Sector Kanton Enschede

Parketnummer : 96/161177/15

Volgnummer : 35

Uitspraak : 23 november 2015

De kantonrechter te Enschede heeft het volgende schriftelijk vonnis gewezen in de strafzaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1988 te [geboorteplaats]

wonende aan de [adres] ,

De kantonrechter te Enschede;

gezien de in het strafdossier aanwezige stukken;

gelet op het onderzoek ter openbare terechtzitting van 9 november 2015

gehoord de officier van justitie in zijn vordering;

gelet op hetgeen door de verdachte ter verdediging is aangevoerd;

Overweegt:

Verdachte heeft een strafbeschikking gedateerd 18 mei 2015 gekregen van € 140 vermeerderd met € 7 administratiekosten voor een gedraging die in de strafbeschikking is aangeduid als: als eigenaar of houder van een hond er niet voor zorgen dat deze hond zich niet van uitwerpselen ontdoet op; een andere (dan) door het College aangewezen plaats.

Daartegen heeft verdachte tijdig verzet ingediend.

Volgens de oproeping als bedoeld in artikel 257f, derde lid, Wetboek van Strafvordering is haar ten laste gelegd dat

zij, op of omstreeks 1 mei 2015, te Hengelo, als eigenaar of houder van een hond er niet voor heeft gezorgd dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdeed op een andere dan door het college van burgemeester en wethouders aangewezen plaats, te weten de Mozartlaan;

(Artikel 2:58 lid 1 sub c Algemene Plaatselijke Verordening Hengelo

2014)

Het proces-verbaal vermeldt als locatie: Mozartlaan binnen een als zodanig aangeduide bebouwde kom., een weg zijnde een voor het openbaar verkeer openstaande weg.

De verbalisant verklaart:

“Ik zag dat op bovengenoemde locatie een hond poepte op een andere dan het college aangewezen plaats, namelijk op het gazon, en dat de verdachte de uitwerpselen niet opruimde.”

Verdachte heeft in haar verzetschrift gesteld “dat geen sprake was van poepen maar plassen. Als er gepoept wordt dan ruim ik dat op. Ik heb daar altijd zakjes voor bij me; deze keer ook. Jullie moeten maar bewijzen dat de hond gepoept had. De boete is ook erg hoog gelet op mijn inkomen.”

Ter zitting heeft verdachte dit verweer herhaald en nader toegelicht.

De kantonrechter heeft er ter zitting op gewezen dat artikel 2.58 van de Algemene Plaatselijke Verordening Hengelo 2014 als volgt luidt.

Artikel 2:58 Verontreiniging door honden

1. De eigenaar of houder van een hond is verplicht ervoor te zorgen dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet:

a. op een gedeelte van de weg dat bestemd is of mede bestemd voor het verkeer van voetgangers;

b. op een voor het publiek toegankelijke en

kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide;

c. op een andere door het college aangewezen plaats.

2 […]

De kantonrechter heeft de officier van justitie gevraagd hoe de tekst van dit eerste lid, in het bijzonder wat daarin onder c staat zich verhoudt tot de in de tenlastelegging genoemde tekst. Waaruit blijkt dat honden op het gazon in de Mozartlaan niet mogen poepen?

De officier van justitie heeft na enige nadenken geantwoord dat de tekst van de tenlastelegging en de tekst van de APV naar haar mening goed op elkaar aansluiten. Zij heeft geconcludeerd tot vernietiging van de strafbeschikking en tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde en tot het opleggen van een boete van € 140.

De kantonrechter heeft bepaald na twee weken schriftelijk vonnis te wijzen om één en ander nog eens rustig te kunnen overdenken. Hij overweegt nu als volgt.

De tenlastelegging lijkt het woordje “een” te missen tussen “dan” en “door”. Door de ingewikkelde zinsconstructie is de kantonrechter ook na ampele overweging niet duidelijk wat voor soort plaatsen het College zou hebben aangewezen volgens de steller van de tenlastelegging. Waren dat nu plaatsen waar juist wel of juist niet gepoept kon worden? Hoe dan ook, de tenlastelegging gaat uit van een door het College aangewezen plaats. Zo een plaats is er niet, althans de officier van justitie heeft geen besluit genoemd waarin er één staat en de kantonrechter is ook ambtshalve (en na kennisname van www.overheid.nl) niet bekend met enig uitvoeringsbesluit van het College.

De verbalisant schrijft in de hierboven aangehaalde tekst van hem overigens al even krom als de steller van de tenlastelegging. Hij haalt in het p-v wel artikel 2.58 APV 2014 aan maar niet enig besluit waarin het College een plaats aanwijst. Hoe het gazon van de Mozartlaan in artikel 2.58 APV Hengelo 2014 past wordt dan ook uit zijn proces-verbaal niet duidelijk. Ook hij denkt kennelijk niet na bij wat hij opschrijft.

De conclusie kan er maar één zijn, namelijk dat verdachte wordt vrijgesproken.

Rechtdoende:

Vernietigt de opgelegde strafbeschikking;

Spreekt verdachte van de tenlastegelegde gedraging vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. F.C. Berg, kantonrechter, en op 23 november 2015 in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.