Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2014:7082

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
11-09-2014
Datum publicatie
12-02-2015
Zaaknummer
08.770210-13 (P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank Overijssel veroordeelt een 28-jarige man tot een gevangenisstraf van 30 maanden en het betalen van een schadevergoeding van ruim 3000 euro wegens het verkrachten van een jonge vrouw in haar woning in Zwolle.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Rechtbank Overijssel

Afdeling Strafrecht

Zittingsplaats Zwolle

Parketnummer: 08.770210-13 (P)

Datum vonnis: 11 september 2014

Vonnis (promis) op tegenspraak van de rechtbank Overijssel, meervoudige kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie tegen:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1986 te [geboorteplaats] (Angola),

geen vaste woon- of verblijfplaats hier te lande.

1 Het onderzoek op de terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 28 augustus 2014. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. C.Y. Huang en van hetgeen door de uitdrukkelijk gemachtigde raadsvrouw van de verdachte, mr. L. Pieters, advocaat te Zwolle, naar voren is gebracht.

2 De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

[slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van handelingen die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam.

Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte, dat:

hij op of omstreeks 22 augustus 2013 in de gemeente Zwolle door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van (een) handeling(en) die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte zijn penis en/of één of meer vingers in de vagina en/of anus en/of mond van die [slachtoffer] geduwd en/of gebracht en

bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte toen daar:

- die [slachtoffer] (met kracht) heeft vastgepakt en/of opgetild en/of op de rug heeft (mee)genomen en/of naar een/de (logeer— en/of woon)kamer heeft getild en/of gebracht en/of gedragen en/of op een bed en/of op de grond heeft gegooid en/of geduwd en/of gelegd en/of de deur van die (logeer- en/of woon)kamer op slot heeft gedraaid en/of dicht heeft gedaan, althans heeft afgesloten en/of (vervolgens)

- nadat die [slachtoffer] tegen hem, verdachte, gilde/schreeuwde dat hij van haar af moest blijven, tegen die [slachtoffer] heeft gezegd: “Je moeder is er niet, die is nog op school, anders was ze al lang uit haar slaapkamer gekomen”, althans woorden van gelijke aard of strekking en/of (vervolgens)

- boven op die [slachtoffer] is gaan liggen en/of (vervolgens)

- die [slachtoffer] (met kracht) heeft vastgepakt en/of overeind heeft getrokken en/of heeft meegetrokken naar de wc en/of de wc heeft ingetrokken en/of op de toiletpot heeft gezet en/of gedrukt en/of geduwd, althans heeft gedwongen op de toiletpot te gaan zitten en/of de deur van de wc op slot heeft gedraaid en/of dicht heeft gedaan, althans heeft afgesloten en/of

- (met kracht) een hand en/of een of meer vingers via de bovenkant van de onderbroek, in de onderbroek van die [slachtoffer] heeft gestoken en/of geduwd en/of (vervolgens)

- nadat die [slachtoffer] tegen hem, verdachte, gilde/schreeuwde dat hij de

deur van de wc open moest doen en hij, verdachte, hieraan gevolg had gegeven en zij, [slachtoffer], de wc was ontvlucht en de badkamer was ingelopen en/of ingevlucht (vervolgens) die [slachtoffer] achterna is gelopen de badkamer in en/of de deur van de badkamer op slot heeft gedraaid en/of dicht heeft gedaan, althans heeft afgesloten en/of (vervolgens)

- die [slachtoffer] (met kracht) op haar rug op de badkamervloer heeft gegooid en/of geduwd en/of gedrukt en/of gelegd, althans heeft gedwongen op haar rug op de badkamervloer te gaan liggen en/of (vervolgens)

- (met kracht) de rok van die [slachtoffer] omhoog en/of uit heeft getrokken en/of de korte broek en/of onderbroek van die [slachtoffer] naar beneden en/of uit heeft getrokken en/of (vervolgens)

- bovenop die [slachtoffer] is gaan liggen en/of

- meermalen, althans éénmaal, voorbij is gegaan aan het verbale en non verbale

verzet van die [slachtoffer],

en/of (aldus) voor die [slachtoffer] een bedreigende situatie heeft

doen ontstaan;

althans, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou

kunnen volgen, subsidiair, terzake dat:

hij op of omstreeks 22 augustus 2013 in de gemeente Zwolle, door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handeling(en), bestaande uit:

- het voelen aan en/of betasten van de de vagina en/of borsten en/of billen

van die [slachtoffer] en/of

- het kussen van/in de borsten en/of nek en/of

- het door die [slachtoffer] (met beide handen) laten vastpakken van en/of voelen aan en/of betasten van en/of trekken aan zijn, verdachtes, penis

en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging

met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) uit het onverhoeds gewelddadig

- (met kracht) vastpakken en/of optillen en/of op de rug (mee)nemen en/of naar een/de (logeer- en/of woon)kamer tillen en/of brengen en/of dragen en/of op een bed en/of op de grond gooien en/of duwen en/of leggen van die [slachtoffer] en/of het op slot draaien en/of dicht doen, althans afsluiten van die (logeer- en/of woon)kamerdeur en/of (vervolgens)

- nadat die [slachtoffer] tegen hem, verdachte, gilde/schreeuwde dat hij van haar af moest blijven, tegen die [slachtoffer] gezegd: ‘Je moeder is er niet, die is nog op school, anders was ze al lang uit haar slaapkamer gekomen, althans woorden van gelijke aard of strekking en/of (vervolgens)

- gaan liggen op die [slachtoffer] en/of (vervolgens)

- (met kracht) vastpakken en/of overeind trekken en/of meetrekken van die [slachtoffer] naar de wc en/of op de toiletpot zetten en/of duwen en/of

drukken van die [slachtoffer], althans dwingen van die [slachtoffer] op de

toiletpot te gaan zitten en/of op slot draaien en/of dicht doen, althans afsluiten van die wc deur en/of

- (met kracht) steken en/of duwen van een hand en/of een of meer vingers, via de bovenkant van de onderbroek, in de onderbroek van die [slachtoffer] en/of

(vervolgens)

- nadat die [slachtoffer] tegen hem, verdachte, gilde/schreeuwde de (afgesloten) deur van de wc te openen, waaraan hij, verdachte, gevolg gaf, waarop die [slachtoffer] de wc ontvluchtte en de badkamer invluchtte, achterna lopen van die [slachtoffer] de badkamer in en/of op slot draaien en/of dichtdoen, althans afsluiten van de deur van de badkamer en/of

(vervolgens)

- (met kracht) gooien en/of leggen van die [slachtoffer] op de badkamervloer

en/of (vervolgens)

- (met kracht) omhoog- en/of uittrekken van de rok van die [slachtoffer]

en/of naar beneden- en/of uittrekken van de onderbroek van die [slachtoffer]

[slachtoffer] en/of (vervolgens)

- gaan liggen op die [slachtoffer] en/of

- meermalen, althans éénmaal, voorbij gegaan aan het verbale en non verbale

verzet van die [slachtoffer];

3 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd de veroordeling van verdachte ter zake het ten laste gelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, met aftrek van het voorarrest en toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

4 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

5 De beoordeling van het bewijs

Deze paragraaf bevat het oordeel van de rechtbank over de vraag of het tenlastegelegde feit bewezenverklaard kan worden of dat daarvan moet worden vrijgesproken. In het geval de rechtbank tot een bewezenverklaring komt, steunt de beslissing dat verdachte het feit heeft begaan op de inhoud van bewijsmiddelen die als bijlage aan het vonnis zijn gehecht en daarvan op die wijze deel uitmaken. Deze bewijsmiddelen bevatten dan de redengevende feiten en omstandigheden op grond waarvan de rechtbank de overtuiging heeft gekregen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.

5.1

De feiten die niet ter discussie staan

De rechtbank constateert dat de onderstaande feiten bij de behandeling van de zaak op de terechtzitting niet ter discussie hebben gestaan.

Verdachte heeft op 22 augustus 2013 in het huis van aangeefster seksueel contact gehad met aangeefster.

5.2

De standpunten van de officier van justitie en de verdediging

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard. De officier van justitie heeft haar standpunt gebaseerd op de hiervoor weergegeven vaststaande feiten en verder op het gegeven dat het onderzoek van Forensische Opsporing en het Nederlands Forensisch Instituut de verklaringen van aangeefster ondersteunen. Zo is er in diverse bemonsteringen van aangeefster, onder andere bij en tussen de schaamlippen, diep vaginaal en rondom de anus, DNA met het DNA-profiel van verdachte gevonden.
Daarnaast baseert zij zich daarbij op het gegeven dat meerdere getuigenverklaringen de verklaringen van aangeefster ondersteunen. Een buurman van aangeefster heeft in de ochtend van 22 augustus 2013 een meisje horen gillen/schreeuwen en de vriend, schoonzus en moeder van aangeefster verklaren dat aangeefster hun direct na het gebeuren, in zeer emotionele toestand, heeft geïnformeerd over het voorval. Voorts blijkt uit WhatsApp gesprekken tussen aangeefster en verdachte niet dat aangeefster iets had of wilde met verdachte. Uit de WhatsApp berichten tussen aangeefster en haar vriendin blijkt wel dat ze niet alleen met verdachte wilde zijn.

De raadsvrouw heeft integrale vrijspraak bepleit. Hiertoe heeft ze aangevoerd dat vaststaat dat er sprake is geweest van seksuele handelingen tussen haar cliënt en aangeefster maar dat niet kan worden uitgesloten dat de gang van zaken zoals deze volgens aangeefster heeft plaatsgevonden toch anders is geweest aangezien haar verklaring op meerdere punten vraagtekens oplevert.

De raadsvrouw bepleit verder dat er geen sprake is geweest van een ‘dwangmiddel’ in de zin van geweld, andere feitelijkheid of bedreiging daarvan en dat er geen sprake is geweest van (strafbare) dwang. De seksuele handelingen zouden vrijwillig hebben plaatsgevonden.

5.3

De bewijsoverwegingen van de rechtbank

De rechtbank constateert dat ter discussie staat de vraag of de seksuele handelingen tussen verdachte en aangeefster onder dwang en met gebruik van een of meer dwangmiddelen heeft plaatsgevonden. Deze vraag beantwoordt de rechtbank bevestigend op basis van de volgende bewijsmiddelen: de aangifte, het proces-verbaal verhoor verdachte, het rapport DNA-onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut, het proces-verbaal sporenonderzoek forensische opsporing, het proces-verbaal onderzoek whatsapp gesprekken, het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 1], het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 2], het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 3], het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 4], waarvan de inhoud in de bijlage bij dit vonnis is weergegeven.

De raadsvrouw heeft aangevoerd dat de vraag of er sprake was van (strafbare) dwang ontkennend beantwoord dient te worden. De rechtbank volgt de raadsvrouw hierin niet.

Aangeefster heeft voor en tijdens het delict te kennen gegeven dat ze liever niet alleen met verdachte in huis wilde zijn. Dit heeft zij in de ochtend voorafgaand aan de delictpleging tegen haar moeder, [getuige 1], gezegd en via WhatsApp aan haar vriendin [naam] bericht.

Tijdens een face time gesprek tussen aangeefster en [getuige 3], een vriend van aangeefster, is [getuige 3] getuige van een gespannen sfeer tussen aangeefster en de verdachte. Ze schreeuwde tegen de verdachte dat hij haar huis uit moest en dat ze het tegen haar moeder zou vertellen. Daarnaast zag hij dat aangeefster huilde en in zich in een shocktoestand bevond.

Ook de schoonzus van aangeefster, [getuige 2], heeft verklaard dat aangeefster na het delict helemaal in paniek was en tegen haar heeft gezegd dat ze was verkracht.

Dat aangeefster is gedwongen tot het ondergaan van seksuele handelingen wordt daarnaast ondersteund door het gegeven dat een buurman in de ochtend van 22 augustus 2013 een meisje hoorde gillen of schreeuwen.

De verdachte heeft zich door middel van de volgende dwangmiddelen aan het slachtoffer vergrepen. Hij heeft haar opgetild en op de grond gelegd, is boven op haar gaan liggen, heeft haar vastgepakt en de wc ingetrokken, de deur op slot gedaan en daar met zijn vingers aan haar vagina gezeten. Toen het slachtoffer de wc was ontvlucht en de badkamer was ingegaan heeft hij haar vervolgens op de rug op de badkamervloer gelegd haar kleding uit- en naar beneden getrokken en is boven op haar gaan liggen.

Verdachte bekent weliswaar niet expliciet dat hij ín de vagina van het slachtoffer is geweest, maar -wellicht ten overvloede- dit blijkt naast de aangifte ook uit het onderzoek waarbij diep vaginaal DNA is aangetroffen van verdachte.

De rechtbank acht op grond van bovenstaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan.

5.4

De conclusie

De rechtbank is door de inhoud van de wettige bewijsmiddelen tot de overtuiging gekomen, dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op 22 augustus 2013 in de gemeente Zwolle door geweld of andere feitelijkheden [slachtoffer] heeft gedwongen tot het ondergaan van handelingen die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte zijn penis en vingers in de vagina van die [slachtoffer] geduwd en/of gebracht en bestaande dat geweld of die andere feitelijkheden hierin dat verdachte toen daar:

- die [slachtoffer] heeft vastgepakt en opgetild en op de rug heeft (mee)genomen en naar een kamer heeft getild en gedragen en op een bed en op de grond heeft gelegd en de deur van die kamer heeft dichtgedaan en

- nadat die [slachtoffer] tegen hem, verdachte, schreeuwde tegen die [slachtoffer] heeft gezegd: “Je moeder is er niet, die is nog op school, anders was ze al lang uit haar slaapkamer gekomen”, en

- boven op die [slachtoffer] is gaan liggen en

- die [slachtoffer] heeft vastgepakt en heeft meegetrokken naar de wc en de wc heeft ingetrokken en heeft gedwongen op de toiletpot te gaan zitten en de deur van de wc op slot heeft gedraaid, en

- vingers in de onderbroek van die [slachtoffer] heeft gestoken en vervolgens

- nadat die [slachtoffer] tegen hem, verdachte, schreeuwde dat hij de

deur van de wc open moest doen en hij, verdachte, hieraan gevolg had gegeven en zij, [slachtoffer], de wc was ontvlucht en de badkamer was ingelopen vervolgens die [slachtoffer] achterna is gelopen de badkamer in en/of de deur van de badkamer dicht heeft gedaan, en vervolgens

- die [slachtoffer] op haar rug op de badkamervloer heeft gelegd, en vervolgens

- de rok van die [slachtoffer] omhoog heeft getrokken en de korte broek en onderbroek van die [slachtoffer] naar beneden en/of uit heeft getrokken en vervolgens

- bovenop die [slachtoffer] is gaan liggen en

aldus voor die [slachtoffer] een bedreigende situatie heeft doen ontstaan.

6 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar gesteld bij artikel 242 Sr. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert op:

het misdrijf

verkrachting.

7 De strafbaarheid van de verdachte

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. De rechtbank oordeelt daarom dat verdachte strafbaar is voor het bewezenverklaarde feit.

8 De op te leggen straf of maatregel

8.1

De gronden voor een straf of maatregel

Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met de aard en de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van de verdachte zoals die uit het dossier en tijdens de behandeling ter terechtzitting naar voren zijn gekomen. Ook neemt de rechtbank de volgende factoren in aanmerking.

De rechtbank heeft bij de bepaling van de straf de geldende oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) als uitgangspunt genomen. Het LOVS geeft als oriëntatiepunt voor straftoemeting ten aanzien van verkrachting een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.

De rechtbank overweegt dat sprake is van strafverzwarende omstandigheden. Het gaat om verkrachting van een jonge vrouw in de veiligheid van haar eigen huis. Het slachtoffer is meerdere malen in verschillende ruimtes van het huis verkracht. Dit levert een ernstige inbreuk op haar lichamelijke integriteit op. Voorts weegt de rechtbank in strafverzwarende zin mee dat het slachtoffer door haar jonge leeftijd waarschijnlijk nog jarenlang de psychische gevolgen van het delict zal ondervinden

De rechtbank heeft meegewogen dat bovenstaande strafverzwarende factoren van toepassing zijn op het geheel aan bewezenverklaarde feiten.

De rechtbank heeft acht geslagen op het feit dat verdachte geen relevante documentatie heeft op het gebied van zedendelicten.

Wat betreft de feiten en omstandigheden waaronder deze zijn begaan, heeft de rechtbank in het bijzonder acht geslagen op het volgende.

Verdachte bevond zich 22 augustus 2013 op uitnodiging van het slachtoffer in haar huis. Verdachte heeft het slachtoffer op het moment dat er verder niemand in het huis aanwezig was, verkracht. De verdachte heeft een zodanig bedreigende situatie gecreëerd voor het slachtoffer dat ze zich gedwongen voelde de seksuele handelingen te ondergaan en geen mogelijkheid zag de situatie te ontvluchten.

Een dergelijk delict betekent niet alleen een forse inbreuk op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer, maar zorgt daarnaast ook maatschappelijk voor gevoelens van onrust en onveiligheid. Voorts is het algemeen bekend dat slachtoffers van zeden delicten vaak zeer lange tijd psychische gevolgen ondervinden van hetgeen hen is aangedaan. Ook wordt het vertrouwen in anderen aangetast. Verdachte is hiervoor verantwoordelijk.

Alles afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden passend. De tijd die de verdachte voor deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, zal bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf geheel in mindering worden gebracht.

9 De schade van benadeelden

9.1

De vordering van de benadeelde partij

[slachtoffer], wonende te [adres 1], heeft zich voorafgaand aan het onderzoek op de zitting, op de wettelijk voorgeschreven wijze als benadeelde partij gevoegd in dit strafproces. De benadeelde partij vordert veroordeling van de verdachte tot betaling van in totaal

€ 5.683,05, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. Deze schade bestaat uit de volgende posten:

  • -

    reiskosten € 48,96;

  • -

    medische kosten € 37,09;

  • -

    gederfd inkomen € 233,00;

  • -

    immateriële schade gedeeltelijk en tot op heden € 5.364,00.

Ook heeft de benadeelde partij gevraagd een schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

Naar het oordeel van de rechtbank is de benadeelde partij in haar vordering deels ontvankelijk.

Door de gebezigde bewijsmiddelen en de behandeling op de terechtzitting is komen vast te staan dat de verdachte door het bewezenverklaarde feit rechtstreeks schade heeft toegebracht aan het slachtoffer. Het is een feit van algemene bekendheid dat het bewezenverklaarde feit een sterk negatieve invloed kan hebben op het (psychisch) welbevinden van een slachtoffer.

De opgevoerde materiële schade ten bedrage van € 48,96,- te weten de reiskosten, is tegen die achtergrond aannemelijk en met de door de benadeelde partij overgelegde en ter terechtzitting mondeling toegelichte stukken voldoende onderbouwd.

De rechtbank is van oordeel dat ter vergoeding van de immateriële schade voor onderhavig delict, met alle daaruit voortvloeiende gevolgen voor het slachtoffer, een bedrag van

€ 3.000,- gerechtvaardigd is. De rechtbank zal de immateriële schade dan ook tot dat bedrag matigen. Het gederfde inkomen van de broer van het slachtoffer van € 233,- betreft naar het oordeel van de rechtbank geen rechtstreekse schade. De opgevoerde medische kosten ten bedrage van € 37,09 en de reiskosten ten bedrage van € 48,96,-, zijn onvoldoende onderbouwd. Het in de gelegenheid stellen van de benadeelde partij om haar stellingen alsnog nader te onderbouwen leidt tot een onaanvaardbare vertraging van de strafrechtelijke procedure, zodat de rechtbank de benadeelde partij ten aanzien van deze schadeposten niet-ontvankelijk zal verklaren. De benadeelde partij kan de vordering in zoverre slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter.

De rechtbank zal het gevorderde daarom toewijzen voor een bedrag van € 3.048,96, inclusief de van rechtswege verschuldigde wettelijke rente vanaf de datum waarop het strafbare feit is gepleegd. Daarnaast zal de rechtbank verdachte veroordelen tot betaling van de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt of zal maken voor rechtsbijstand en de executie van dit vonnis.

9.2

De schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank zal hierbij de maatregel als bedoeld in artikel 36f Sr opleggen, aangezien de verdachte jegens het slachtoffer naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het feit is toegebracht.

10 De toegepaste wettelijke voorschriften

De hierna te nemen beslissing berust op de hiervoor genoemde wetsartikelen. Daarnaast berust deze beslissing op de artikelen 10 en 27 Sr.

11 De beslissing

De rechtbank:

vrijspraak/bewezenverklaring

  • -

    verklaart bewezen, dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;

  • -

    verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij;

strafbaarheid

  • -

    verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;

  • -

    verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:
    verkrachting;

  • -

    verklaart verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;

straf

  • -

    veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 30 maanden;

  • -

    bepaalt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht;

schadevergoeding

  • -

    bepaalt dat de benadeelde partij: [slachtoffer], wonende te [adres 1], voor een deel van € 2.634,09 niet-ontvankelijk is in haar vordering, en dat de benadeelde partij de vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

  • -

    veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer] van een bedrag van € 3.048,96 (zegge: drieduizend achtenveertig euro en zesennegentig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 augustus 2013;

  • -

    veroordeelt de verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering;

  • -

    legt de maatregel op dat veroordeelde verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 3.048,96 ten behoeve van de benadeelde, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de tijd van 40 dagen zal worden toegepast;

  • -

    bepaalt dat als veroordeelde heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als veroordeelde aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen;

Dit vonnis is gewezen door mr. F.E.J. Goffin , voorzitter, mr. B.T.C. Jordaans en mr. E. Leentjes, rechters, in tegenwoordigheid van A.A. Geertsema, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 11 september 2014.

Buiten staat

Mr. E. Leentjes is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage bewijsmiddelen

Leeswijzer

Deze bijlage maakt deel uit van het vonnis en bevat de bewijsmiddelen.

Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, zijn dit bladzijden uit het dossier van de regiopolitie IJsselland Team Zwolle-Oost met registratienummer PL04RE 2013070612. Tenzij hieronder anders wordt vermeld, wordt steeds verwezen naar bladzijden van een in de wettelijke vorm, door daartoe bevoegde personen, opgemaakt proces-verbaal.

De aangifte van [slachtoffer] d.d. 23 augustus 2013 (pag. 30, 35 tot en met 38 en 40 tot en met 42) waarbij zij onder meer het volgende heeft verklaard:

(…) plaats delict: [adres 2]

Pleegdatum/tijd: Tussen donderdag 22 augustus te 10:00 en donderdag 22 augustus te 12:00 (…)

Toen tilde hij mij op en zat ik op zijn rug. Hij tilde mij op zijn rug naar de woonkamer. (…) We zijn toen naar de logeerkamer gelopen. Daar legde hij mij neer. (…) Toen ik schreeuwde dat hij van mij af moest blijven. Hij zei “je moeder is er niet, die is nog op school anders was ze allang uit haar slaapkamer gekomen.” (…) Hij zette mij voor de logeerstapelbed. Hij deed de deur dicht. (…) Wij lagen op de grond. Hij lag boven op mij. Toen lukte het hem op een gegeven moment wel om op het bed te komen. (…) [verdachte] pakte mij vast en legde mij op de grond. (…) Toen trok hij mij mee naar de wc. (…) bij mijn armen. (…) Hij trok mij de wc in. (…) Ik moest gaan zitten hij ging met zijn vingers in mijn ondergoed. (…) Ik zat op het deksel van het toilet. (…) Hij ging met zijn hand via de bovenkant van het broekje naar mijn vagina. Eerst voelde hij daar en daarna ging hij met zijn vinger naar binnen in mijn vagina. (…) Wij in de wc waren en hij de wc op slot deed. Toen deed hij zijn kleren uit. (…) Ik schreeuwde tegen [verdachte] dat hij de deur open moest doen. En hij deed de deur toen open. (…) Ik was de badkamer ingegaan. (…) toen kwam [verdachte] er aan. Hij kwam de badkamer binnen en deed de deur op slot. (..) Toen legde hij mij weer neer. Ik lag op mijn rug. (…) Hij trok mijn rok omhoog. Hij deed mijn korte broek en mijn onderbroek naar beneden. (…) Toen ging hij met zijn vingers er weer in. (…) Toen hij zijn vingers uit mijn vagina haalde, pakte hij met zijn hand zijn penis en deed die gelijk in mijn vagina. (…) Toen voelde ik dat zijn penis er een beetje in zat. (…) [verdachte] lag over mij heen. (…) Toen hij in de deuropening stond, duwde ik hem naar buiten en deed ik deur achter hem dicht. (…) [getuige 2] belde. (…) Ik was in paniek, ik huilde en riep. (…) Mijn moeder belde me. (…) Ik kon niet vertellen wat er was, ik huilde alleen maar en zei dat ze naar huis moesten komen. (…) Ik herinner mij nu ook nog dat ik met [getuige 3] contact had via Facetime terwijl [verdachte] nog in de woning was. (…);

Het proces-verbaal van verhoor verdachte, d.d. 24 augustus 2013 (pag. 152, 156 tot en met 158) waarbij hij onder meer het volgende heeft verklaard:

(…) O: We willen donderdag 22 augustus 2013 nog een keer van het begin tot het einde met je doornemen. (…) Ik pak haar. Zij kneep mij, dus ik kneep haar ook. (…) Ik kneep haar zo, het klopt dat ik haar in haar zij kneep. (…) Toen wij bij haar kamer waren, hebben wij elkaar aangeraakt. Ze zei toen iets van dat zij dat tegen haar moeder zou zeggen. (…) Als je mij nu vraagt of [slachtoffer] en ik seks hebben gehad, zeg ik je dat dat zo is. (…) Ik heb aan haar vagina gezeten. (…) Met de vingers. (…)

Het proces-verbaal van verhoor verdachte, d.d. 30 augustus 2013 (pag. 174) waarbij hij onder meer het volgende heeft verklaard:

(…) V: Waar jullie aan elkaar hebben gezeten, heb je aangewezen. De werkkamer, de slaapkamer met stapelbed en de badkamer. A: Ja. (…) V: Badkamer op de grond? A: Misschien wel. (…)

Het herzien NFI-rapport van onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van de aangifte van een zedenmisdrijf in Zwolle op 22 augustus 2014 waarin onder meer het volgende is gerapporteerd:

(…) DNA-onderzoek:

Onderzoeksset zedendelicten ZAAC3541NL van de verdachte [verdachte]

(…)

- ZAAC3541NL#02 Li Lies

- ZAAC3541NL#03 Schaamstreek

- ZAAC3541NL#04 Penis rug

(…)

- ZAAC3541NL#07 Eikel

(…)

Onderzoeksset zedendelicten ZAAC4014NL van het slachtoffer [slachtoffer]

Sperma(vloeistof), speeksel en/of bloed

Bemonsteringen uit de onderzoeksset zedendelicten ZAAC4014NL zijn microscopisch onderzocht op de aanwezigheid van spermacellen en/of onderzocht op de aanwezigheid van sperma(vloeistof), speeksel en/of bloed.

- ZAAC4014NL#01 Buitenkant grote schaamlippen nat

(…)

- ZAAC4014NL#03 Kleine schaamlippen nat

- ZAAC4014NL#04 Kleine schaamlippen droog

- ZAAC4014NL#05 Tussen kleine schaamlippen

- ZAAC4014NL#06 Diep vaginaal

- ZAAC4014NL#07Rondom anus nat

- ZAAC4014NL#08 Rondom anus droog

(…)

- ZAAC4014NL#11 Hals + borsten nat

- ZAAC4014NL#12 Hals + borsten droog
(…)

Resultaten, interpretatie en conclusie:

(…)

SIN

Beschrijving DNA profiel/celmateriaal kan afkomstig zijn van

Matchkans DNA-profiel

Onderzoeksset zedendelicten ZAAC3541NL van de verdachte [verdachte]

(…)

ZAAC3541NL#02 Li Lies

ZAAC3541NL#07 Eikel

DNA- Hoofdprofiel van een man verdachte [verdachte]

DNA-Nevenprofiel van minimaal één persoon slachtoffer [slachtoffer]

n.v.t.

niet berekend, gezien de overige resultaten

ZAAC3541NL#03

Schaamstreek

ZAAC3541NL#04

Penis rug

DNA-mengprofiel van een man en een vrouw

Verdachte [verdachte] en slachtoffer [slachtoffer]

Kleiner dan één op één miljard (betreft afgeleid DNA-profiel)

(…)

Onderzoeksset zedendelicten ZAAC4014NL van het slachtoffer [slachtoffer]

(…)

ZAAC4014NL#01, #03 tot en met #08 met sperma

DNA-profiel van sperma

Verdachte [verdachte]

Kleiner dan één op één miljard

(…)

ZAAC4014NL#11

milde lysisfractie

(…)

DNA-mengprofiel van een man en een vrouw

Slachtoffer [slachtoffer] en verdachte [verdachte]

(…)

Kleiner dan één op één miljard (betreft afgeleid DNA-profiel

(…)

ZAAC4014NL#12

milde lysisfractie

(…)

DNA-profiel van een man

Verdachte [verdachte]

(…)

Kleiner dan één op één miljard

(…)

Toelichting:

2. ZAAC3541NL#03 en ZAAC3541NL#04: Van het DNA in deze bemonstering is een DNA-mengprofiel verkregen waarin DNA-kenmerken zichtbaar zijn van ten minste twee personen, waarvan minimaal één man en één vrouw. Er zijn in dit DNA mengprofiel geen aanwijzingen verkregen voor de aanwezigheid van celmateriaal van meer dan twee personen. Onder de aanname dat deze bemonstering celmateriaal bevat dat afkomstig is van de verdachte [verdachte] (zie toelichting 1) en onder de aanname dat de bij het vergelijkend DNA onderzoek betrokken DNA-kenmerken afkomstig zijn van een man en een vrouw, is het DNA-proflel van

de vrouwelijke celdonor afgeleid. Het DNA-profiel van het slachtoffer [slachtoffer]

ZAAC4O14NL#14 matcht met dit afgeleide DNA-profiel.

4. ZAAC4014NL#01 en ZAAC4041NL#02: Van het sperma in de bemonsteringen ZAAC4014NL#01 tot en met #08 is een (on)volledig DNA-profiel verkregen van een man. Het DNA-profiel van de verdachte [verdachte] RAAS0980NL matcht met deze DNA-profielen. Dit betekent dat de bemonsteringen ZAAC4014NL#01 tot en met #08 sperma bevatten dat afkomstig kan zijn van de verdachte [verdachte].

6. ZAACC4014NL#11 milde lysisfractie: Van het DNA In deze bemonstering is een DNA-mengprofiel verkregen waarin DNA-kenmerken zichtbaar zijn van ten minste twee personen, waarvan minimaal één man en één vrouw. Er zijn in dit DNA mengprofiel geen aanwijzingen verkregen voor de aanwezigheid van celmateriaal van meer dan twee personen. Onder de aanname dat deze bemonstering celmateriaal bevat dat afkomstig is van het slachtoffer (zie toelichting 5) en onder de aanname dat de bij het vergelijkend DNA-onderzoek betrokken DNA-kenmerken afkomstig zijn van een man en een vrouw, is het DNA-profiel van de

mannelijke celdonor afgeleid. Het DNA-profiel van de verdachte [verdachte] RAAS0980NL matcht met dit afgeleide DNA-profiel.

7. ZAAC4014NL#12 milde lysisfractie: In het DNAprofiel van het celmateriaal in de milde lysisfractie van deze bemonstering zijn enkele pieken zichtbaar die matchen met DNA-profiel van het slachtoffer [slachtoffer] ZAAC4O14NL#14.

Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 4] d.d. 22 augustus 2013 (pag. 63) waarbij hij onder meer het volgende heeft verklaard:

(…) Op donderdag 22 augustus 2013 was ik gewoon thuis. (…) [adres 3].

(…) Tussen 10:00 en 11:00 hoorde ik wel iemand gillen of schreeuwen. Het klonk als een meisje. (…);

Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] d.d. 22 augustus 2013 (pag. 67) waarbij zij onder meer het volgende heeft verklaard:

(…) Vandaag zat ik met de zusters van de kerk en mijn schoonmoeder in de V en D in Zwolle. (…) Ik heb toen [slachtoffer] gebeld, ik belde haar om 11:32 uur op en ze nam helemaal hysterisch op. ze vertelde dat [verdachte] haar had opgetild ze was helemaal in paniek. (…) Ik liep naar [slachtoffer] toe en ze begon gelijk te huilen en ze zei “Hij heeft me verkracht”. (…);

Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 1] d.d. 27 augustus 2013 (pag. 89 en 90) waarbij zij onder meer het volgende heeft verklaard:

(…) Ik was om 8:55 uur weggegaan (…) 22 augustus 2013 (…) Ze zei; “ik wil niet met hem alleen thuis zijn”. (…) Toen ik thuis kwam heeft zij mij verteld, dat ze was aangerand. (…) Ik begreep van [slachtoffer] dat ze wel gepenetreerd was. (...) Haar strakke kort legging, een corrigerende broekje, was uit. (…) Bij het uittrekken van dit broekje, is haar slip ook uitgegaan. (…) Ze vertelde dat hij haar had geroepen. Vervolgens had hij haar opgepakt naar een andere kamer met een bed. (…) [slachtoffer] heeft mij toen verteld dat ze eerst naar het logeerkamertje was gebracht en toen naar de wc en naar de badkamer. (…)

Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 3] d.d. 11 september 2013 (pag. 113, 114, ) waarbij hij onder meer het volgende heeft verklaard:

(…) Ik was aan het bellen met haar die dag. (…) Ze vertelde mij dat er een man bij haar thuis was. (…) Later belde ze mij. Ze was een beetje in shock toestand. Ze vertelde dat er iets gebeurd was en dat hij haar had aangeraakt. (…) En toen vroeg ik haar of ze echt verkracht was. Toen zei ze “ja dat is echt gebeurd”. (…) Die man was nog binnen. Ik hoorde haar schreeuwen: “ga uit mijn huis. ik ga het vertellen tegen mijn moeder. Ga uit mijn huis, ga uit mijn huis”. (…) Toen was ze heel stress. (…) Ze praatte heel snel. Ik zag dat ze huilde en haar gezicht en haar make up waren anders. (…) Pas toen ze zei “ik weet niet of hij in mij is klaargekomen” toen snapte ik wat ze bedoelde. (…) Ze zei iets over dat ze was weggerend. Ze vertelde dat hij haar op bed had gegooid. Dat het te warm was. Dat hij haar ergens anders naar toe had gesleurd. Ze had het over de wc en over de badkamer. (…);


Het proces-verbaal van bevindingen onderzoek whatsapp gesprekken d.d. 14 november 2013 (pag. 127) waarin [verbalisant], zedenrechercheur van Regiopolitie IJsselland, onder meer het volgende heeft gerelateerd:

(…) op 22 augustus 2013 vanaf 07:40 uur (+2 uur) had [slachtoffer] whatsapp contact met het nummer 06-[nummer 1], het nummer dat in gebruik was bij haar vriendin [naam]. [slachtoffer] vraagt aan [naam] of ze wil komen omdat ze alleen met die [verdachte] is. (…)
Op 22 augustus 2013 vanaf 10:02 uur (+2 uur) had [slachtoffer] whatsapp contact met het nummer 06-[nummer 2], het nummer van de verdachte. Ze zegt dan dat ze de politie gaat bellen. (…)
Op 22 augustus 2013 vanaf 18:38 uur (+ 2 uur) had [slachtoffer] whatsapp contact met het nummer 06-[nummer 3]. Ze zegt dan dat ze verkracht is. (…)

Uit onderzoek van de DVD blijkt dat [slachtoffer] op 22 augustus 2013 via Facetime contact heeft gehad met [e-mail]. Dit betreft [getuige 3]. (…).