Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2013:CA1173

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
24-05-2013
Datum publicatie
28-05-2013
Zaaknummer
C/08/138403 / KG ZA 13-142
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Afwijzing van de vorderingen, omdat het systeem van de wet de voorzieningenrechter geen ruimte geeft om in aanvulling op het op 25 mei 2013 eindigende huisverbod een voorziening te treffen, die materieel neerkomt op een verlenging daarvan.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

zaaknummer: C/08/138403 / KG ZA 13-142

datum vonnis: 24 mei 2013

Vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Overijssel, rechtdoende in kort geding, in de zaak van:

[eiseres],

wonende te [plaats],

eiseres,

advocaat: mr. D. Beuving te Wierden,

tegen

[gedaagde],

wonende te [plaats],

gedaagde, niet verschenen.

1. Het procesverloop

1.1. Gedaagde is te dienende dage niet in rechte verschenen, waarna tegen hem verstek is verleend.

1.2 Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is de dagvaarding op de juiste wijze betekend, aangezien eiseres heeft voldaan aan de door de voorzieningrechter nader gestelde voorwaarden, namelijk gedaagde telefonisch (laten) inlichten dat de behandeling ter zitting op 24 mei 2013 om 14.00 uur zal plaatsvinden en het op de hoogte (laten) stellen van de reclasseringsambtenaar van gedaagde van deze zitting. Daarnaast heeft de deurwaarder ook nog telefonisch contact gehad met gedaagde om hem mee te delen dat de zitting op eerdergenoemd(e) dag en tijdstip zal plaatsvinden. Dit betekent dat bij de dagvaarding de wettelijke formaliteiten bij de dagvaarding in acht genomen.

1.3. Eiseres heeft gevorderd als vermeld in de dagvaarding.

1.4. De zaak is behandeld ter terechtzitting van 24 mei 2013. Ter zitting zijn verschenen: eiseres vergezeld door mr. D. Beuving. De vordering is toegelicht.

1.5. Het vonnis is bepaald op vandaag.

2. De beoordeling van het geschil en de motivering van de beslissing

2.1. Het gevorderde door eiseres kan naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter niet worden toegewezen, omdat er een wettelijke grondslag voor ontbreekt.

2.2. Artikel 2 van De Wet Tijdelijk Huisverbod biedt onder bepaalde feiten en omstandigheden een mogelijkheid om een huisverbod op te leggen. Gedaagde is kennelijk een huisverbod opgelegd.

2.3. Ingevolge artikel 9 van de Wet Tijdelijk Huisverbod is het mogelijk om het huisverbod te verlengen tot ten hoogste vier weken nadat het is opgelegd, indien de dreiging van het gevaar, of het ernstige vermoeden daarvan, zich voortzet.

2.4. In het onderhavige geval is er kennelijk geen aanleiding geweest om het huisverbod te verlengen. Tegen de weigering om het huisverbod te verlengen heeft eiseres geen rechtsmiddelen aangewend. Het huisverbod eindigt op 25 mei 2013.

2.5. Met inachtneming van het vorenstaande is de voorzieningenrechter van oordeel dat het systeem van de wet hem geen ruimte geeft om in aanvulling op het op 25 mei 2013 eindigende huisverbod een voorziening te treffen, die materieel neerkomt op een verlenging daarvan.

2.6. Eiseres zal als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van dit geding worden veroordeeld.

De beslissing

De voorzieningenrechter:

I. wijst de vorderingen af.

II. Veroordeelt eiseres in de kosten van deze procedure, tot op heden aan de zijde van gedaagde begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. W.K.F. Hangelbroek, voorzieningenrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 mei 2013 in tegenwoordigheid van de griffier.