Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2013:3005

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
23-10-2013
Datum publicatie
12-12-2013
Zaaknummer
C-07-206255 - HA ZA 13-32
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Terugvordering van niet juist bestede dan wel niet verantwoorde financiële bijdragen ter tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van een fractie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Zwolle

zaaknummer / rolnummer: C/07/206255 / HA ZA 13-32

Vonnis in verzet van 23 oktober 2013

in de zaak van

de Stichting

STICHTING FRACTIEONDERSTEUNING SP IN DE PROVINCIALE STATEN VAN OVERIJSSEL,

gevestigd te Almelo,

eiseres,

gedaagde in het verzet,

advocaat mr. F.J.M. Raaijmakers te Tilburg,

tegen

[B] ,

wonende te [plaats 2],

gedaagde,

eiser in het verzet,

advocaat mr. J.H. van Meurs te Kampen.

Partijen zullen hierna de Stichting en [B] genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis van 6 maart 2013

  • -

    het proces-verbaal van comparitie van 14 mei 2013

  • -

    de akte van de Stichting

  • -

    de akte van [B].

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

De Stichting heeft onder andere tot doel het faciliteren van de politieke activiteiten van de Statenfractie van de Socialistische Partij (SP) in de provincie Overijssel.

2.2.

[B] was in de zittingsperiode van maart 2003 tot maart 2007, alsmede van maart 2007 tot september 2007 voorzitter van de SP-fractie in de Provinciale Staten van Overijssel.

2.3.

Op basis van de verordening Ambtelijke Bijstand en Fractieondersteuning Provincie Overijssel 2003, ontvangen de fracties van partijen die in de Provinciale Staten vertegenwoordigd zijn, jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van de fractie. Achteraf moet door de fractie verantwoording worden afgelegd over de wijze waarop de subsidie is besteed.

2.4.

Na accountantscontroles heeft de provincie vastgesteld dat met betrekking tot de zittingsperiode 2003-2007, alsmede met betrekking tot het jaar 2007 (vanaf maart 2007), een groot bedrag niet, althans niet juist was besteed en/of verantwoord en terugbetaald diende te worden. De provincie heeft het standpunt ingenomen dat de individuele statenleden verantwoordelijk en aansprakelijk zijn voor de besteding, verantwoording en eventuele terugbetaling.

3 Het geschil

3.1.

De Stichting heeft in de verstekprocedure gevorderd dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis [B] zal veroordelen tot betaling van € 50.803,95 te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 1 maart 2009, alsmede tot betaling van een bedrag van € 1.785,00 aan buitengerechtelijke kosten en voorts gedaagde zal veroordelen in de kosten van de procedure, waaronder de nakosten ex artikel 237 lid 4 Rv.

3.2.

Bij het verstekvonnis zijn de vorderingen van de Stichting grotendeels toegewezen en is [B] veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 50.803,95, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag met ingang van 13 november 2012 tot de dag van volledige betaling. Daarnaast is [B] veroordeeld in de proceskosten, aan de zijde van de Stichting tot de dag van de uitspraak begroot op in totaal € 2.784,12, vermeerderd met een bedrag van € 131,00 voor nakosten, zonder dat betekening van dit vonnis heeft plaatsgehad, verhoogd met een bedrag van € 68,00 indien en voor zover de veroordeelde partij niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan de veroordeling zal hebben voldaan en het vonnis om die reden is betekend. Dit vonnis is tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het meer of anders gevorderde is afgewezen.

3.3.

[B] heeft bij verzetdagvaarding gevorderd dat het verstekvonnis wordt vernietigd en dat de vorderingen van de Stichting alsnog worden afgewezen.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Het verzet is tijdig en op de juiste wijze ingesteld, zodat [B] in zoverre in zijn verzet kan worden ontvangen.

4.2.

Na de comparitie van partijen heeft de Stichting bij akte - uitvoerig en onderbouwd met bewijsstukken - betoogd dat [B] onrechtmatig heeft gehandeld door gelden van de Stichting aan te wenden voor persoonlijk gebruik.

4.3.

Bij antwoordakte heeft [B] verklaard dat hij, gelet op de overgelegde bankafschriften, geen nader verweer zal voeren tegen de ingestelde vordering. Dit betekent dat de rechtbank zal uitgaan van de juistheid van de stellingen van de Stichting en het verstekvonnis op grond van het vorenstaande zal bekrachtigen.

4.4.

[B] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van het verzet worden verwezen. De kosten worden aan de zijde van de SP begroot op:

- salaris advocaat € 1.341,00 (1,5 punten × tarief € 894,00)

Totaal €  1.341,00

5 De beslissing

De rechtbank

5.1.

bekrachtigt het door deze rechtbank op 2 januari 2013 onder zaaknummer / rolnummer 204459 / HA ZA 12-279 gewezen verstekvonnis,

5.2.

veroordeelt [B] in de kosten van de verzetprocedure, aan de zijde van de Stichting tot op heden begroot op € 1.341,00,

5.3.

verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.N. Bartels en in het openbaar uitgesproken op 23 oktober 2013.