Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOVE:2013:1187

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
01-07-2013
Datum publicatie
02-07-2013
Zaaknummer
13/1334
Rechtsgebieden
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Verzoekster in strijd gehandeld met voorwaarde 3 van de gedoogverklaring; verweerder heeft kunnen over gaan tot het opleggen van een tijdelijke sluiting van de coffeeshop gedurende 1 maand.

Wetsverwijzingen
Opiumwet 13b
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Bestuursrecht

Zittingsplaats Zwolle

Registratienummer : Awb 13/1334

Bestreden besluit : 17 juni 2013

Datum zitting : 28 juni 2013

Proces-verbaal van de op de zitting door de voorzieningenrechter gedane mondelinge uitspraak in de zaak tussen:

[verzoeker],

wonende te Steenwijkerwold, verzoekster,

gemachtigde: mr. G.A. de Boer,

en

de burgemeester van Steenwijkerland, verweerder,

alsmede

[derde belanghebbende] derde partij,

gemachtigde: mr. F. Postma.

Na sluiting van het onderzoek ter zitting doet de rechtbank onmiddellijk mondeling uitspraak.13/1334

Beslissing

De voorzieningenrechter

- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Overwegingen

1.

Verzoekster exploiteert een coffeeshop onder de naam Coffeeshop Alien op het perceel Gasthuisstraat 11 te Steenwijk. Op 12 november 2012 heeft verweerder aan verzoekster een gedoogverklaring afgegeven voor de verkoop van softdrugs vanuit deze coffeeshop.

Aan de gedoogverklaring zijn voorwaarden verbonden.

2.

Ingevolge artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet is de burgemeester bevoegd tot toepassing van bestuursdwang indien in woningen of lokalen en dan wel in of op bij woningen of zodanige lokalen behorende erven een middel als bedoeld in lijst I of II wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is.

In het Coffeeshopbeleid gemeente Steenwijkerland 2012 (het beleid) heeft verweerder de vestiging van coffeeshops geregeld. Hierin is bepaald dat in de gemeente Steenwijkerland één coffeeshop mag zijn. Het beleid bevat regels over de eisen waaraan de coffeeshop dient te voldoen. Ook regelt het beleid in welke gevallen handhavend wordt opgetreden en door wie. Bij de beleidsnota behoort een zogenaamde handhavingsmatrix. Hierin worden verschillende soorten overtredingen onderscheiden: overlast1, overtreding overige voorwaarden, overtreding AG-criteria en overtreding HJ-criteria.

Bij een eerste overtreding van de overige voorwaarden volgt een waarschuwing. Een tweede overtreding binnen een jaar levert tijdelijke sluiting van 1 maand op.

4.

Op 30 januari 2013 heeft verweerder verzoekster een waarschuwing gegeven in verband met het niet naleven van de voor de coffeeshop geldende openingstijden.

Op 1 mei 2013 heeft verweerder geconstateerd dat de achterdeur van de coffeeshop van ca. 16.00 tot 17.30 uur openstond. Waargenomen is dat om 16.10 uur een persoon naar buiten kwam, op een meegebrachte stoel ging zitten en om 16.25 uur weer naar binnen ging. Om 16.55 uur deed een andere persoon hetzelfde. Deze ging rond 16.58 weer naar binnen.

Verweerder stelt dat sprake is van overtreding van een aan de gedoogbeschikking verbonden voorwaarde.

Het gaat om voorwaarde 3: de toegang tot de coffeeshop is gesitueerd aan de voorzijde van de gasthuisstraat 11. De uitgang aan de achterzijde mag alleen in noodgevallen worden gebruikt als nooduitgang/vluchtdeur.

Van belang is ook dat in voorwaarde 4 staat dat de achtertuin van het pand Gasthuisstraat 11 uitsluitend te gebruiken is voor privédoeleinden door de bewoners van het pand.

5.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat uit voorwaarde 3 volgt dat de achterdeur alleen in geval van nood mag worden gebruikt. Het openen van de achterdeur voor het houden van een pauze, zoals dat door een toezichthouder op 1 mei 2013 is geconstateerd, is dan ook niet toegelaten. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verzoekster heeft gehandeld in strijd met voorwaarde 3 van de gedoogverklaring. Verweerder is dan ook bevoegd handhavend op te treden.

Gelet op het bepaalde in de handhavingsmatrix heeft verweerder kunnen overgaan tot het opleggen van een tijdelijke sluiting van de coffeeshop gedurende 1 maand.

De voorzieningenrechter acht een sluitingsduur van 1 maand, mede gelet op het bepaalde in het beleid en de belangen van de derde partij en andere omwonenden, niet onevenredig.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal dat door mr. A. Oosterveld, voorzieningenrechter, en mr. P.A.M. Spreuwenberg als griffier, is ondertekend.

Afschrift verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.