Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2021:1499

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
19-03-2021
Datum publicatie
01-04-2021
Zaaknummer
9023006 EJ VERZ 21-71
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

beschikking handlichting

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel Recht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

Zaaknummer: 9023006 EJ VERZ 21-71

Beschikking van 19 maart 2021

in de zaak van:

Jan Fille Johannes Victor Roosen,

geboren op 23 augustus 2004,

wonende te ‘s-Hertogenbosch,

verzoeker,

hierna te noemen: Jan.

1 Het verloop van de procedure

1.1

In het dossier zitten de volgende processtukken:

- het verzoekschrift tot handlichting met bijlagen, ingekomen ter griffie op 28 januari 2021;

- de e-mail van 10 februari 2021 van de moeder van Jan, te weten: Maria Elisabeth Johanna Janssen.

1.2

Op 12 maart 2021 heeft een mondelinge behandeling (zitting) plaatsgevonden. In verband met de coronamaatregelen heeft de zitting via een skypeverbinding plaatsgevonden. Aan deze zitting heeft Jan deelgenomen samen met zijn moeder. Tijdens de zitting heeft Jan zijn verzoek toegelicht en vragen van de kantonrechter beantwoord. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat besproken is.

1.3

Tot slot is een datum bepaald waarop de beschikking zal worden gegeven.

2 Het verzoek

2.1

Jan (geboren op 23 augustus 2004) wenst bevoegdheden te verwerven van een meerderjarige. De reden hiervoor is dat Jan, naast het volgen van zijn opleiding, een eigen bedrijf wil uitoefenen met betrekking tot de in- en verkoop van tools gereedschap en alles wat daarmee samenhangt. Het betreft een eenmanszaak. Op 1 februari 2021 heeft hij zijn bedrijf ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Uit het uittreksel Handelsregister volgt dat hij als handelsnaam “XtremeTools Benelux” hanteert en dat de activiteiten zich richten op “Handelsbemiddeling in machines, technische benodigdheden, schepen en vliegtuigen, tussenhandel in gereedschap”. Tijdens de zitting heeft Jan toegelicht dat hij al enige tijd ervaring heeft opgedaan bij het bedrijf van zijn broer, die soortgelijke onderneming drijft. Ook zijn broer heeft destijds handlichting verkregen. Zijn moeder heeft tijdens de zitting verklaard dat zij Jan zeker in het begin zal ondersteunen waar nodig. Dit geldt ook voor de boekhouder die werkzaam is voor de moeder van Jan.

2.2

Meer in het bijzonder wenst Jan de volgende bevoegdheden te verkrijgen:

- het openen en beheren van een zakelijke rekening;

- het afsluiten van een telefoonabonnement;

- het aanschaffen van een pinautomaat;

- het sluiten van overeenkomsten tot een bedrag van € 10.000,00.

2.3

De moeder van Jan heeft ingestemd met het verzoek tot handlichting. Zij heeft het verzoekschrift mee ondertekend en tijdens de zitting heeft zij nogmaals ingestemd.

3 De beoordeling

3.1

Op grond van artikel 1:235 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) wordt aan een minderjarige handlichting toegekend indien de minderjarig de leeftijd van zestien jaren heeft bereikt. In het tweede lid van artikel 1:235 BW staat dat de handlichting niet wordt verleend tegen de wil van de ouders voor zover deze het gezag over de minderjarige uitoefenen. Bij de beoordeling van het verzoek moet de kantonrechter zich laten leiden door het belang van de minderjarige en beoordelen of de gevraagde handlichting verantwoord is.

3.2

De kantonrechter stelt vast dat Jan de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt. Verder stelt de kantonrechter vast dat het gezag over Jan alleen toekomt aan zijn moeder en dat zijn moeder met het verzoek heeft ingestemd. Daarnaast heeft de kantonrechter tijdens de zitting vastgesteld dat Jan begrijpt welke verantwoordelijkheden het drijven van eenmanszaak met zich meebrengen en dat hij zich ervan bewust is welke risico’s hij loopt. Gelet op het voorgaande, de inhoud van het verzoekschrift en de toelichting ter zitting, is voldaan aan hetgeen bepaald is in artikel 1:235 BW. Daarom is de kantonrechter van oordeel dat het gevraagde verzoek tot handlichting kan worden toegewezen.

3.3

De kantonrechter wijst voor de goede orde nog wel op het bepaalde in het derde lid van artikel 1:235 BW, waarin is bepaald dat de minderjarige door de handlichting niet bekwaam wordt tot het beschikken over registergoederen, effecten of door hypotheek gedekte vorderingen.

3.4

Met betrekking tot de publicatieplicht wordt het volgende overwogen. In artikel 1:237 BW is bepaald dat de beschikking waarbij de handlichting is verleend bekend gemaakt moet worden in de Staatscourant en twee in de beschikking aan te wijzen dagbladen. De bedoeling van de wetgever daarbij is geweest dat op die manier zo veel mogelijk personen kennis kunnen nemen van de handlichting. Omdat tegenwoordig echter de toegang tot internet voor iedereen beschikbaar is, geeft de publicatie van de handlichting op het internet hetzelfde, zo niet een ruimer effect dan voornoemde in de wet voorgeschreven wijze van publicatie in twee aan te wijzen dagbladen. Omdat de Staatscourant op internet beschikbaar is en publicatie kosteloos is, kan daarmee naar het oordeel van de kantonrechter worden volstaan. Daarnaast zal er publicatie plaatsvinden van de niet geanonimiseerde beschikking op www.rechtspraak.nl.

3.5

Jan zal er overigens rekening mee moeten houden dat de verleende handlichting niet eerder geldt dan dat de publicatie een feit is.

4 De beslissing

De kantonrechter:

4.1

verleent aan Jan Fille Johannes Victor Roosen, geboren op 23 augustus 2004, handlichting tot het zelfstandig verrichten van rechtshandelingen die nodig zijn om zijn bedrijf met betrekking tot in- en verkoop van gereedschap uit te kunnen oefenen en alles wat daarmee samenhangt, waaronder:

- het openen en beheren van een zakelijke rekening;

- het afsluiten van een telefoonabonnement;

- het aanschaffen van een pinautomaat;

- het sluiten van overeenkomsten tot een bedrag van € 10.000,00;

4.2

bepaalt dat deze beschikking (door de griffier) zal worden gepubliceerd in de (digitale) Staatscourant en op www.rechtspraak.nl.

Deze beschikking is gegeven door mr. E. Loesberg, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 19 maart 2021.