Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2020:2623

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
14-05-2020
Datum publicatie
18-05-2020
Zaaknummer
C/01/355766 / KG ZA 20-96
Formele relaties
Herstelde uitspraak: ECLI:NL:RBOBR:2020:2480
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Kort geding. Herstelvonnis: In de tekst van de rectificatie zijn abusievelijk aanhalingstekens weggelaten.

De zin De verkoper van HIT Profit heeft bij de digitale ondertekening van een contract namens een klant gebruik gemaakt van een digitaal gegenereerde handtekening in handschriftstijl.

Wordt gewijzigd in:

De verkoper van HIT Profit heeft bij de digitale ondertekening van een contract ‘namens een klant’ gebruik gemaakt van een digitaal gegenereerde handtekening in handschriftstijl.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel Recht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

zaaknummer / rolnummer: C/01/355766 / KG ZA 20-96

Herstelvonnis van 14 mei 2020

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HIT MKB B.V.,

gevestigd te Tilburg,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HIT ENERGIE B.V.,

gevestigd te Tilburg,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HIT SPORTS B.V.,

gevestigd te Oisterwijk,

eiseressen in conventie,

verweersters in reconventie,

advocaat mr. T.M. Schraven te Tilburg,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SCHOLT ENERGY CONTROL B.V.,

gevestigd te Valkenswaard,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SCHOLT ENERGY HOLDING B.V.,

gevestigd te Valkenswaard,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SCHOLT ENERGY TRADING B.V.,

gevestigd te Valkenswaard,

gedaagden in conventie,

eiseressen in reconventie,

advocaat mr. J.S. Bierens te 's-Gravenhage.

Partijen zullen hierna Hit c.s. en Scholt Energy c.s. genoemd worden.

1 Het verzoek tot verbetering

1.1.

Bij brief van 6 mei 2020 heeft mr. Bierens namens Scholt Energy c.s. de voorzieningenrechter verzocht om verbetering van het op 6 mei 2020 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat de tekst van de rectificatie wordt aangepast. Volgens Scholt Energy c.s. bevat de zin ‘De verkoper van HIT Profit heeft bij de digitale ondertekening van een contract namens een klant gebruik gemaakt van een digitaal gegenereerde handtekening in handschriftstijl’ een kennelijke onjuistheid, omdat daarin wordt gesproken over een beweerdelijk handelen ‘namens’ de klant, wat ten onrechte suggereert dat uit het vonnis volgt dat daarvoor een volmacht bestond.

1.2.

De voorzieningenrechter heeft Hit c.s. in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij brief van 8 mei 2020 heeft mr. Schraven namens Hit c.s. aan de voorzieningenrechter bericht tegen inwilliging van dat verzoek het volgende bezwaar te hebben. Door het woord ‘namens’ wordt niet automatisch gesuggereerd dat sprake is van een volmacht. Er is geen sprake van een kennelijke fout en ook geen reden om de rectificatietekst opgenomen in het vonnis van 6 mei 2020 te veranderen.

2 De beoordeling

2.1.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat in het vonnis van 6 mei 2020 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. Met de onder overweging 1.1. geciteerde zin uit de rectificatie is teruggegrepen naar de volgende zin uit de e-mail d.d. 3 februari 2020 van Scholt Energy c.s. zelf: “Een eigen verkoper van HIT Profit blijkt het contract ‘namens de klant’ digitaal te hebben ondertekend, met gebruik van een valse handtekening.” (zie overweging 2.14 uit het vonnis van 6 mei 2020)

Abusievelijk zijn in de rectificatie de aanhalingstekens – ‘namens een klant’ – weggelaten.

De voorzieningenrechter zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter

3.1.

bepaalt dat nr. 7.1. van het op 6 mei 2020 tussen Hit c.s. en Scholt Energy c.s. gewezen vonnis, waar staat

“Op 3 februari 2020 stuurde ik je een e-mail met betrekking tot de handelspraktijken van HIT Profit. In die e-mail heb ik een onjuiste bewering gedaan. De rechtbank heeft geoordeeld dat ik daarmee onrechtmatig heb gehandeld en heeft mij bevolen om deze onjuiste bewering te rectificeren.

De verkoper van HIT Profit heeft bij de digitale ondertekening van een contract namens een klant gebruik gemaakt van een digitaal gegenereerde handtekening in handschriftstijl. De bewering dat die verkoper de handtekening van de klant heeft geknipt en geplakt uit een eerder door de klant gedeeld document, is dus niet juist.”,

wordt gewijzigd in

“Op 3 februari 2020 stuurde ik je een e-mail met betrekking tot de handelspraktijken van HIT Profit. In die e-mail heb ik een onjuiste bewering gedaan. De rechtbank heeft geoordeeld dat ik daarmee onrechtmatig heb gehandeld en heeft mij bevolen om deze onjuiste bewering te rectificeren.

De verkoper van HIT Profit heeft bij de digitale ondertekening van een contract ‘namens een klant’ gebruik gemaakt van een digitaal gegenereerde handtekening in handschriftstijl. De bewering dat die verkoper de handtekening van de klant heeft geknipt en geplakt uit een eerder door de klant gedeeld document, is dus niet juist.”,

3.2.

bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 14 mei 2020 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 6 mei 2020,

3.3.

gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 6 mei 2020 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.

Dit vonnis is gewezen door mr. E. Loesberg en in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2020.