Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2019:6686

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
18-11-2019
Datum publicatie
21-11-2019
Zaaknummer
C/01/350222 / KG ZA 19-546
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Kort geding
Inhoudsindicatie

Hoewel er onmiskenbaar overeenkomsten zijn, zijn er verschillen die bij een gedegen visuele observatie in het oog springen. Geen sprake van een overeenstemmende totaalindruk. Inbreuk op auteursrechten niet aan de orde.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel Recht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

zaaknummer / rolnummer: C/01/350222 / KG ZA 19-546

Vonnis in kort geding van 18 november 2019

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SATELLIET MEUBELEN B.V.,

gevestigd te Breda,

2. de vennootschap onder firma

[eiseres 2] ,

gevestigd te [woonplaats] ,

3. [eiser 3],

wonende te [woonplaats] ,

eisers,

advocaten mrs. W.J.H. Leppink en M. Poulus te Rotterdam,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DE AREND WAARDENBURG B.V.,

gevestigd te Waardenburg (gemeente West Betuwe),

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BONSOVA B.V.,

gevestigd te Ammerzoden (gemeente Maasdriel),

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HORECA MEUBILAIR ROTTERDAM B.V.,

gevestigd te Berkel en Rodenrijs (gemeente Lansingerland),

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PROJECT MEUBILAIR APELDOORN B.V.,

gevestigd te Apeldoorn,

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HORECA MEUBILAIR EINDHOVEN HME B.V.,

gevestigd te Eindhoven,

6. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HORECA MEUBILAIR BREDA HMB B.V.,

gevestigd te Breda,

gedaagden,

advocaten mrs. M.E. Verwoert en N. Blom te Amsterdam.

Partijen zullen hierna Satelliet c.s. en De Arend c.s. (enkelvoud) genoemd worden. Daar waar nodig zullen Satelliet c.s. afzonderlijk worden aangeduid als Satelliet, [eiseres 2] en [eiser 3] .

1 De procedure

1.1.

Het verloop blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 20 september 2019 met producties 1 tot en met 16;

  • -

    de brief van 23 oktober 2019 van mr. Blom met producties 1 tot en met 16;

  • -

    de brief van mr. Poulus van 24 oktober 2019 met producties 17 tot en met 20;

  • -

    de faxbrief van mr. Poulus van 24 oktober 2019;

  • -

    de brief van 25 oktober 2019 van mr. Blom met producties 17 tot en met 19;

  • -

    de mondelinge behandeling van 28 oktober 2019 te 14.00 uur;

  • -

    de pleitnota van mrs. Leppink en Poulus namens Satelliet c.s.;

  • -

    de pleitnota van mrs. Verwoert en Blom namens De Arend c.s..

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

Partijen

2.1.

Satelliet en De Arend c.s. zijn bedrijven die zich bezig houden met horecameubilair, projectmeubilair en terrasmeubilair in de hospitalitysector.

2.2.

De Arend Waardenburg BV is een groothandel in bedrijfsmeubelen en houdt zich bezig met de inrichting van restaurants, hotels en vakantieparken. Zij kan worden gezien als de hoofdvestiging van een organisatie die zich naar buiten toe presenteert onder de

(handels-)naam De Arend; gedaagden sub 2 tot en met 6 zijn binnen deze formule actief en ingeschreven als zelfstandige ondernemingen. De Arend c.s. heeft buiten Nederland maar binnen de Europese Unie nog een (zelfstandige) vestiging te weten in Duitsland.

De 25.25 van Satelliet c.s.

2.3.

In opdracht van Satelliet heeft [eiser 3] , als ontwerper en vennoot verbonden aan ontwerpbureau [eiseres 2] in 2013 een stoel ontworpen, de 25.25. De naam is afgeleid van de diameter van het bij dit ontwerp gehanteerde buizenframe (25mm bij 25mm). Voor de commerciële exploitatie hebben Satelliet en [eiseres 2] een licentieovereenkomst gesloten op 31 oktober 2013.

2.4.

De 25.25 ziet er vanaf de zijkant en voorzijde in de kleur wit als volgt uit:

De Iwan-stoelen van De Arend c.s.

2.5.

De Arend c.s. werkt samen met een grote meubelproducent [naam] in Guangzhou, China. [naam] heeft De Arend c.s. onder meer stoelen geleverd in de Iwan-serie vanaf 2004.

2.6.

In 2019 heeft De Arend c.s. de Iwan 2.19 in Nederland op de markt gebracht. Deze stoel ziet er van de zijkant en de voorzijde als volgt uit in de witte uitvoering:

Sommatie

2.7.

Op 1 juli 2019 heeft Satelliet c.s. een sommatiebrief aan De Arend c.s. gestuurd, waarbij De Arend c.s. is aangemaand om – kort gezegd - elke vorm van commerciële exploitatie van de Iwan 2.19 te staken en gestaakt te houden omdat de Iwan 2.19 inbreuk maakt op de auteursrechtelijk beschermde ontwerp van de 25.25 en De Arend c.s. met de commerciële exploitatie van de Iwan 2.19 de rechten van Satelliet als auteursrechtelijk exploitant van de 25.25 schendt. Satelliet c.s. heeft in haar sommatie daarnaast nog een aantal met de gestelde inbreuk samenhangende vorderingen gedaan. De Arend c.s. heeft aan de sommatie geen gehoor gegeven.

3 Het geschil

3.1.

Satelliet c.s. vordert dat de voorzieningenrechter bij vonnis in kort geding voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

3.1.1.

De Arend c.s. ieder voor zich zal veroordelen om met onmiddellijke ingang na betekening van dit vonnis, iedere inbreuk op de intellectuele eigendomsrechten van Satelliet c.s., meer in het bijzonder in het lichaam van de dagvaarding genoemde auteursrechten van Satelliet c.s. op de 25.25 alsook het onrechtmatig handelen jegens Satelliet c.s. in de gehele Europese Unie te staken en gestaakt te houden, meer in het bijzonder door het in de Europese Unie (doen) verkopen, te (doen) aanbieden, (doen) leveren, (doen) gebruiken, dan wel in voorraad (doen) hebben van de inbreukmakende stoel en/of iedere andere stoel die dezelfde totaalindruk heeft als de 25.25 en daardoor een onrechtmatige verveelvoudiging is van de 25.25 te staken en gestaakt te houden;

3.1.2.

De Arend c.s. ieder voor zich te veroordelen om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, op kosten van De Arend c.s. alle inbreukmakende stoelen die zich bevinden in de vestigingen van De Arend c.s., of in een vestiging van een andere onderneming die tot dezelfde groep als De Arend c.s. behoort, daar in de betreffende vestiging apart te plaatsen en voorzien van een waarmerk, een en ander onder toezicht van een gerechtsdeurwaarder die daarvan een rapport opstelt en toezendt aan de advocaat van Satelliet c.s., op kosten van De Arend c.s., ter afwachting van vernietiging daarvan;

3.1.3.

De Arend c.s. ieder voor zich te veroordelen om uiterlijk binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis, te doen toekomen een schriftelijke door een gediplomeerde, onafhankelijke administrateur gecontroleerde en gewaarmerkte opgave te doen van:

  1. de volledige namen en adressen van alle (rechts-)personen in binnen- en buitenland aan wie De Arend c.s. een of meer exemplaren van de inbreukmakende stoel hebben aangeboden en verkocht en/of geleverd;

  2. de volledige namen en adressen van alle (rechts-)personen en tussenpersonen die betrokken zijn geweest bij de productie van de inbreukmakende stoel;

  3. de afnemers (voor zover bekend), alsmede de verkochte aantallen, nummers, prijzen, leverdata en afleveradressen van de inbreukmakende stoelen, zulks gerangschikt per afnemer, onder overlegging van kopieën van de daarop betrekking hebbende facturen en onder mededeling van adres(sen), e-mailadres(sen), telefoon- en faxnummer(s) van de afnemers;

  4. e bij De Arend c.s. nog aanwezige voorraad van de inbreukmakende stoelen onder vermelding van de locatie(s) waar de inbreukmakende stoelen zich bevinden en welke hoeveelheden zich op welke locatie bevinden;

  5. de met de inbreukmakende stoelen gemaakte omzet en winst, alsmede de verschillende ter berekening van de winst op de omzet in mindering gebrachte kostenposten, voorzien van duidelijke en gedetailleerde schriftelijke bewijsstukken van iedere kostenpost;

  6. al hetgeen De Arend c.s. overigens bekend is omtrent de herkomst en de distributiekanalen van de inbreukmakende stoelen, vergezeld van alle daarop betrekking hebbende stukken, meer in het bijzonder de (volledige) namen, adressen, e-mailadressen, telefoonnummers van andere bij de verhandeling van de inbreukmakende stoelen betrokken (rechts-)personen, zoals de voormannen van hun leveranciers;

3.1.4.

De Arend c.s. ieder voor zich te veroordelen om uiterlijk binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis om aan iedere afnemer die bij een van De Arend c.s. tien of meer exemplaren van de inbreukmakende stoel hebben afgenomen een bericht te sturen, op briefpapier van De Arend, met uitsluitend de navolgende tekst:

“BELANGRIJKE MEDEDELING

Bij vonnis van [DATUM VONNIS] heeft de (fungerend) voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant, locatie ’s-Hertogenbosch geoordeeld dat de Iwan 2.19 een ongeoorloofde nabootsing is van een stoel (de ’25.25’) die door Satelliet Meubelen B.V. op de markt wordt gebracht.

Wij wijzen u erop dat iedere verdere verkoop van de Iwan 2.19 en ieder commercieel gebruik van de Iwan 2.19 een inbreuk vormt op de rechten van Satelliet. De verkoop van de Iwan 2.19 hebben wij dan ook direct gestaakt. Voor informatie over de stoel 25.25 kunt u contact opnemen met Satelliet Meubelen B.V.

[Eventueel: Excuses voor het ongemak.]

Met vriendelijke groet,

De directie van De Arend”

3.1.5.

De Arend c.s. ieder voor zich te veroordelen tot betaling aan Satelliet c.s. van een dwangsom van € 10.000,-- ineens en € 2.500,-- voor elke overtreding c.q. niet-nakoming van hetgeen hierboven onder 3.1.1. en/of 3.1.2. en/of 3.1.3. is vermeld alsmede € 2.500,-- voor elke dag waarop de overtreding c.q. niet-nakoming voortduurt of – zulks ter keuze van Satelliet c.s. - € 2.500,-- voor iedere inbreukmakende stoel waarmee een veroordeling van dit vonnis wordt overtreden c.q. niet wordt nagekomen;

3.1.6.

De Arend c.s. ieder voor zich te veroordelen in de kosten van het geding ex artikel 1019h Rv., te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf zeven dagen na betekening van dit vonnis;

3.1.7.

de termijn voor het instellen van een eis in de hoofdzaak conform artikel 1019h Rv. vast te stellen op zes maanden na dit vonnis.

3.2.

Satelliet c.s. legt daaraan ten grondslag de stelling dat De Arend c.s. met het op de markt brengen van de Iwan 2.19 inbreuk maakt op de aan de 25.25 verbonden auteursrechten van Satelliet c.s.. Behalve inbreuk op auteursrechten stelt Satelliet c.s. tevens dat de Iwan 2.19 een slaafse nabootsing is van de 25.25. hetgeen onrechtmatig is jegens Satelliet c.s..

3.3.

De Arend c.s. voert verweer.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Het spoedeisend belang bij de vorderingen is gegeven, omdat de gestelde auteursrechtinbreuk een voortdurend karakter heeft en Satelliet c.s. in beginsel een spoedeisend belang heeft om aan die onrechtmatige toestand een einde te maken.

4.2.

De vorderingen van Satelliet c.s. zijn in kort geding alleen toewijsbaar, als voldoende aannemelijk is dat de rechter in een eventuele bodemprocedure de vorderingen eveneens zou toewijzen.

4.3.

Door De Arend c.s. wordt erkend1 dat de 25.25 kan worden aangemerkt als een auteursrechtelijk beschermd werk, ondanks het feit dat de 25.25 – in de visie van De Arend c.s. - bestaat uit een verzameling van – op zichzelf - onbeschermde elementen.

Mede in het licht van hetgeen De Arend c.s. heeft aangevoerd omtrent de historische ontwerpontwikkelingen van stoelen die passen binnen de stijl waartoe ook de onderhavige stoelen kunnen worden gerekend is de voorzieningenrechter er niet van overtuigd geraakt dat bij de 25.25 elementen zijn toegepast die op zichzelf voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komen.

Tussen partijen is ook niet in geschil dat de auteursrechten op de 25.25 toebehoren aan Satelliet c.s..

4.4.

De vraag die voorligt is of de Iwan 2.19 stoel van De Arend c.s. inbreuk maakt op de 25.25 stoel van Satelliet c.s..

4.5.

Voor beantwoording van de vraag of sprake is van inbreuk op de auteursrechten van Satelliet c.s. is bepalend of de totaalindruk van beide stoelen overeenstemt, waarbij de auteursrechtelijk beschermde elementen van de 25.25 stoel bepalend zijn en in ogenschouw dient te worden genomen dat het hanteren van een bepaalde stijl niet auteursrechtelijk beschermd is en het voortborduren daarop dientengevolge ook niet als auteursrechtinbreuk kan worden bestempeld.

4.6.

De Arend c.s. hebben gemotiveerd betwist dat van een auteursrechtinbreuk sprake is, aangezien de stoelen teveel van elkaar verschillen. Voor de beoordeling op dit punt is de totaalindruk van (de elementen van) beide stoelen bepalend.

Bij een eerste, globale vergelijking valt op dat de beide stoelen onmiskenbaar gelijkenis met elkaar vertonen waar het betreft de stijl, materiaalkeuze, kleurstelling en dimensionering. De toets van de totaalindruk gaat evenwel verder dan deze louter eerste, globale indruk. Bij een nadere aanschouwing en vergelijking van de beide stoelen springen, behalve de onmiskenbare overeenkomsten, een aantal verschillen in het oog die hun invloed doen gelden op de totaalindruk.

Een in het oog springend element van de 25.25 is de wijze waarop de textileen rug- en zitbekleding is bevestigd. Deze wijze van bevestiging is sterk afwijkend van de manier waarop de rug- en zitbekleding is bevestigd bij de Iwan 2.19. Het textileen in de Iwan 2.19 is immers deels in de buis verwerkt, waardoor slechts de helft van de buis nog maar zichtbaar is. Bij de 25.25 is voor de bevestiging van het textileen gebruik gemaakt van een extra opzetstuk aan de achterzijde van de rugleuning en de onderzijde van het zitvlak waardoor het gehele buizenframe rondom het textileen aan de rugleuning en het zitvlak volledig zichtbaar in het zicht blijft. Daardoor is het verticale deel van het buizenframe van de bovenzijde van de rugleuning tot aan de onderzijde van het zitvlak in de 25.25 één vloeiende lijn van 25 millimeter breed, daar waar de lijn van die buis in de Iwan 2.19 voor een smaller deel zichtbaar is ter plaatse waar het textileen in de buis bevestigd is. Het ‘lijnenspel’ van de Iwan 2.19 wordt met andere woorden telkens onderbroken ter plaatse van de bekleding. Dit visuele effect van de verschillende wijzen van bevestiging van het textileen wordt verder versterkt doordat de bekleding van het zitgedeelte van de 25.25 ogenschijnlijk doorloopt in de bekleding van de rugleuning waarmee de bekleding het lijnenspel van het frame volgt en versterkt, terwijl de onderbreking van het lijnenspel van het frame van de Iwan 2.19 door de wijze van bevestiging van de bekleding juist verder wordt geaccentueerd doordat er tussen de rug- en de zitbekleding een opening is gelaten van circa 10 cm.

Verder valt direct op dat de ontwerpers van de stoelen een verschillende keuze hebben gemaakt ten aanzien van de armleuning. Waar de armleuning van de 25.25 een ogenschijnlijk constructief, massief en daardoor robuust verbindingselement vormt tussen de voorpoot en het frame van de rugleuning draagt het houtelement in de armleuning van de Iwan 2.19 evident een louter decoratief karakter. Daar komt bij dat – waar de 25.25 consequent voor de toegepaste kokerbalken in het frame een maatvoering hanteert van 25mm – 25mm – bij de armleuning van de Iwan 2.19 een bredere maatvoering is toegepast waarbij het bovenliggende deel van de armsteun niet in 25mm maar in 30mm is uitgevoerd.

Ook ten aanzien van de wijze waarop het frame voor het zitgedeelte is geconstrueerd hebben de ontwerpers van de stoelen verschillende keuzes gemaakt. Bij de 25.25 is gebruik gemaakt van platte gebogen latten tussen het zitgedeelte terwijl bij de Iwan 2.19 er voor is gekozen om de verbindingsbuis tussen de voorstoelpoten in een lichte buiging onder het zitgedeelte door te laten lopen en waarop de buizen rusten waartussen de bekleding is bevestigd. De verschillen zijn niet alleen technisch van aard maar geven – bij een frontaalaanzicht - ook een andere aanblik.

Tot slot valt bij een vergelijking van de beide stoelen ‘en profil’ op dat de 25.25 door de naar voren omhooglopende armleuning en de schuin naar voren uitstekende voorpoten een enigszins achteroverliggende stand krijgt (‘luie stoel’). De Iwan 2.19 ontbeert dit karakter door de nagenoeg rechtstaande voorpoten en de haakse hoek die deze vormen met de armleuning, terwijl dit ook gevolgen heeft voor de vorm van de rechthoek die gevormd wordt door de armleuning, voorpoot, buis zitgedeelte en buis rugleuning.

4.7.

Samenvattend wordt geoordeeld dat, hoewel er onmiskenbaar overeenkomsten zijn aan te wijzen in de vergelijking tussen de beide stoelen, welke overigens in niet onbelangrijke mate zijn terug te voeren het feit dat de beide stoelen deel uitmaken van dezelfde stijlfamilie, de hiervoor beschreven verschillen bij een gedegen visuele observatie dermate in het oog springen dat niet kan worden gezegd dat sprake is van een overeenstemmende totaalindruk. De conclusie luidt dan ook dat voorshands moet worden aangenomen dat een inbreuk op de auteursrechten van Satelliet c.s. niet aan de orde is.

4.8.

Ten aanzien van de stelling van Satelliet c.s. dat tevens sprake is van slaafse nabootsing geldt het volgende. Bij de beoordeling van een vordering op grond van slaafse nabootsing geldt als uitgangspunt dat het een ieder in beginsel vrij staat om zijn industriële producten een zo groot mogelijke deugdelijkheid en bruikbaarheid mee te geven. Het is daarbij niet verboden gebruik te maken van de inspanningen, inzichten en/of kennis van concurrenten, voor zover die inspanningen, inzichten en/of kennis tot uitdrukking is gebracht in de door die concurrenten vervaardigde producten, zelfs niet indien daardoor bij het publiek verwarring zou kunnen ontstaan. De bescherming tegen slaafse nabootsing is gelegen in een verbod om verwarring te stichten door na te bootsen op punten waar dat voor de deugdelijkheid en bruikbaarheid van het product niet nodig is. Bij de beoordeling is derhalve van belang of sprake is van het nodeloos veroorzaken van verwarringsgevaar.

4.9.

Gelet op het hiervoor overwogene in het kader van de auteursrechtelijke bescherming kan Satelliet c.s. niet worden gevolgd in haar stelling dat De Arend c.s. nodeloos verwarringsgevaar creëert doordat zij zonder aan de deugdelijkheid en bruikbaarheid afbreuk te doen bij het ontwerp van de Iwan 2.19 een andere weg had kunnen inslaan. De Arend c.s. heeft immers, anders dan Satelliet c.s. stelt, andere keuzes gemaakt bij de Iwan 2.19 door op bepaalde elementen de stoel anders vorm te geven c.q. te construeren. Ter zake verwijst de voorzieningenrechter naar hetgeen hij hiervoor omtrent die verschillen heeft opgemerkt.

4.10.

Bovendien is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat De Arend c.s. verwarring sticht. Voor die vaststelling dient te worden uitgegaan van het gemiddelde publiek en is relevant dat het publiek beide producten meestal niet naast elkaar ziet. Satelliet c.s. heeft haar stellingen dienaangaande in zoverre onvoldoende onderbouwd. Op grond van het hiervoor overwogene is naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter dan ook geen sprake van slaafse nabootsing.

4.11.

Het voorgaande leidt tot de slotsom dat de door Satelliet c.s. gevraagde voorzieningen zullen worden geweigerd. Hetgeen De Arend c.s. overigens nog als verweer heeft aangevoerd kan gelet hierop verder onbesproken blijven.

4.12.

Satelliet c.s. zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Partijen hebben overeenstemming bereikt over de kosten, met dien verstande dat zij wensen aan te sluiten bij de maximale advocaatkosten van € 15.000,--. De voorzieningenrechter komt, daarvan uitgaande, op de volgende begroting van de kosten aan de zijde van De Arend c.s.:

- griffierecht 639,00

- overige kosten 0,00

- salaris advocaat 15.000,00

Totaal € 15.639,00

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

wijst de vorderingen af,

5.2.

veroordeelt Satelliet c.s. in de proceskosten, aan de zijde van De Arend c.s. tot op heden begroot op € 15.639,00,

5.3.

verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,

Dit vonnis is gewezen door mr. W. Schoorlemmer en in het openbaar uitgesproken op 18 november 2019.

1 Vide randnummer 33 van de pleitnota van De Arend c.s.