Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2018:5892

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
28-11-2018
Datum publicatie
28-11-2018
Zaaknummer
880815-17 en 881172-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Met iemand jonger dan 12 jaar handelingen plegen die mede bestaan uit het binnendringen van het lichaam.

Kinderporno in bezit hebben, meermalen gepleegd.

Met iemand jonger dan 16 jaar buiten echt ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd.

Grooming.

Gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek van voorarrest.

TBS met voorwaarden.

Vorderingen van de benadeelde partijen integraal toegewezen incl. wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Strafrecht

Parketnummers: 01/880815-17 en 01/881172-17 (ter terechtzitting gevoegd)

Datum uitspraak: 28 november 2018

Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [1984] ,

wonende te [woonplaats] , [adres] ,

thans gedetineerd te: Vught PPC.

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 14 november 2018.

Op deze zitting heeft de rechtbank de tegen verdachte, onder de hiervoor genoemde parketnummers, aanhangig gemaakte zaken gevoegd.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht.

De tenlastelegging.

De zaken zijn aanhangig gemaakt bij dagvaardingen van respectievelijk 27 december 2017 (gewijzigd op de terechtzitting van 4 april 2018) en 11 oktober 2018 (gewijzigd op de terechtzitting van 14 november 2018). Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

parketnummer 01/880815-17

1.

hij op of omstreeks 11 oktober 2017 te Valkenswaard, met [slachtoffer 1] , geboren op [2008] ,

die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, een of meer handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] ,

te weten het duwen en/of brengen en/of houden van zijn, verdachtes, vinger(s) en/of penis en/of een voorwerp in de anus van die [slachtoffer 1] , in elk geval uit het anaal penetreren van die [slachtoffer 1] en/of het knijpen in en/of wrijven over en/of betasten van de billen van die [slachtoffer 1] ;

Subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of

zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 11 oktober 2017 te Valkenswaard, met [slachtoffer 1] , geboren op [2008] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten

het knijpen in en/of wrijven over en/of betasten van de billen en/of de anus van die [slachtoffer 1] ;

2.

hij op of omstreeks 14 oktober 2017 te Valkenswaard, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, telkens afbeeldingen, te weten foto's en/of een video en/of een film en/of gegevensdragers, bevattende afbeeldingen, te weten een notebook computer van het merk Acer, type Aspire 5610 [goednummer 1256231] en/of een tablet van het merk Asus [goednummer 1256237],

van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken,

in bezit heeft gehad

welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een penis oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of

het met de/een penis en/of voorwerp en/of mond/tong oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

[de in de toonmap opgenomen afbeelding(en) met de bestandsna(a)m(en): [bestand 1] , beschreven in het proces-verbaal nummer 45 met documentcode 20171102.1248.6160

[bestand 2] , beschreven in het proces-verbaal nummer 47 met documentcode 201720171117.1408.6160]

en/of

het met de/een vinger/hand betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en/of borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of

het met de/een vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en/of borsten van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

[de in de toonmap opgenomen afbeelding(en) met de bestandsna(a)m(en): [bestand 3] , beschreven in het proces-verbaal nummer 47 met documentcode 201720171117.1408.6160]

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of met een voorwerp en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/films nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die persoon in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

[de in de toonmap opgenomen afbeelding(en) met de bestandsna(a)m(en): [bestand 4] , beschreven in het proces-verbaal nummer 45 met [bestand 5] , beschreven in het proces-verbaal nummer 47 met documentcode 201720171117.1408.6160];

met parketnummer 01/881172-17

1.

hij op of omstreeks 06 mei 2017 te Uden en/of Valkenswaard,

in elk geval in Nederland,

met [slachtoffer 2] , geboren op [2008] , die toen de leeftijd van zestien

jaren nog niet had bereikt,

buiten echt,

een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd,

door die [slachtoffer 2] ontuchtige handelingen te laten verrichten, te weten

- het zich geheel of gedeeltelijk ontkleden en/of

- het geheel en/of gedeeltelijk naakt aannemen van poses en/of

- het maken van naaktafbeeldingen van zichzelf (van onder meer zijn

geslachtsdeel en/of billen en/of anus),

welke naaktafbeeldingen door die [slachtoffer 2] (telkens) middels de applicatie

Playstation Messenger, in elk geval door middel van een geautomatiseerd werk

en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst, werden verzonden aan en

ter kennis kwamen van verdachte;

2.

hij meerdere, althans een, tijdstippen in of omstreeks de periode van

30 april 2017 tot en met 12 september 2017 te Valkenswaard, in elk geval in

Nederland, meermalen, althans eenmaal,

telkens

afbeeldingen, te weten foto's

en/of (een) gegevensdrager(s) bevattende afbeeldingen,

van seksuele gedragingen , waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van

achttien jaar nog niet had bereikt,

te weten [slachtoffer 2] , geboren op [2008] ,

is betrokken of schijnbaar is betrokken,

heeft verworven en/of

in bezit heeft gehad en/of

zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking

van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft

welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die

kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon

gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of met een

voorwerp en/of in een (erotisch getinte) houding

(op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen

en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende

afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet

en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de

wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/films

nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de anus en/of billen van die

persoon in beeld gebracht worden,

(waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking

heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling;

[de in de toonmap opgenomen afbeelding(en), zoals omschreven in het

proces-verbaal van bevindingen met proces-verbaalnummer 2017200757-25 en

in dat proces-verbaal aangeduid als:

- Afbeelding 1 (met [bestand 6] , toonmap p. 136)

- Afbeelding 2 (met [bestand 7] , toonmap p. 137)

- Afbeelding 3 (met [bestand 8] , toonmap p. 138)

- Afbeelding 3a (met [bestand 9] , toonmap p. 139)

- Afbeelding 4 (afkomstig uit het chatgesprek van 12 september 2017, toonmap

p. 140)]

3.

hij op meerdere, althans een, tijdstippen in of omstreeks de periode van

28 april 2017 tot en met 26 september 2017 te Valkenswaard en/of Uden en/of

elders in Nederland,

door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een

communicatiedienst, te weten door het uitwisselen van (tekst)berichten

(chatten) en/of door met elkaar te spreken door middel van een audioverbinding

via het Playstation Network en/of een Playstation Messenger app en/of door

gebruikmaking van een (mobiele) telefoon, in elk geval door communicatie via

het internet en/of een telefonieverbinding,

(telkens) [slachtoffer 2] , geboren op [2008] , van wie hij, verdachte,

wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren

nog niet had bereikt,

een ontmoeting heeft voorgesteld met het oogmerk een of meer ontuchtige

handelingen, met die [slachtoffer 2] te plegen en/of een afbeelding van een seksuele

gedraging waarbij die [slachtoffer 2] is betrokken te vervaardigen,

terwijl verdachte enige handeling heeft ondernomen gericht op het

verwezenlijken van die ontmoeting, door (telkens)

- concrete afspraken te maken met die [slachtoffer 2] om hem op een bepaalde datum en

tijdstip en locatie te ontmoeten en/of

- meerdere, althans een, adressen van en/of nabij de locatie van die

ontmoeting in te stellen op zijn, verdachtes, navigatiesysteem en/of

- zich naar de woonplaats van die [slachtoffer 2] en/of de afgesproken locatie te

begeven en/of

- nader (telefonisch) contact te hebben met die [slachtoffer 2] om nadere afspraken te

maken en/of instructies te geven te geven over de locatie van die ontmoeting

en/of

- die [slachtoffer 2] daadwerkelijk te ontmoeten;

4.

hij op meerdere, althans een, tijdstippen in of omstreeks de periode van

28 april 2017 tot en met 26 september 2017 te Uden, in elk geval in Nederland,

(telkens) met [slachtoffer 2] , geboren op [2008] die toen de leeftijd

van zestien jaren nog niet had bereikt,

(telkens) buiten echt,

een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten

het voelen aan en/of wrijven over en/of knijpen in de (ontblote) billen van

die [slachtoffer 2] en/of het betasten van de penis van die [slachtoffer 2] en/of het aftrekken

van de penis van die [slachtoffer 2] en/of het laten betasten en/of laten aftrekken van

zijn, verdactes, penis door die [slachtoffer 2] en/of het duwen en/of houden van zijn,

verdachtes, (met ondergoed bedekte) penis tegen de (met ondergoed bedekte)

billen van die [slachtoffer 2] en/of het daarbij maken van heen en weer gaande

bewegingen en/of het likken aan de penis van die [slachtoffer 2] .

Voor zover in de tenlastelegging kennelijke verschrijvingen voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.

De formele voorvragen.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaardingen geldig zijn. De rechtbank is bevoegd van het ten laste gelegde kennis te nemen en de officier van justitie kan in de vervolging worden ontvangen. Voorts zijn er geen gronden gebleken voor schorsing van de vervolging.

Bewijswaardering.

Het standpunt van de verdediging.

parketnummer 01/880815-17

De raadsman heeft aangevoerd dat het onder 1 primair ten laste gelegde seksueel binnendringen van het lichaam van [slachtoffer 1] niet wettig bewezen kan worden verklaard, zodat verdachte van dit onderdeel behoort te worden vrijgesproken.

Het onder 1 subsidiair en het onder 2 ten laste gelegde kan wettig en overtuigend bewezen worden verklaard.

parketnummer 01/881172-17

Alle feiten kunnen wettig en overtuigend bewezen worden verklaard, aldus de raadsman.

Het standpunt van de officier van justitie.

De officier van justitie acht alle feiten wettig en overtuigend bewezen.

Het oordeel van de rechtbank.

parketnummer 01/880815-17, onder 1 primair

De verdediging heeft betoogd dat niet bewezen kan worden verklaard dat sprake is geweest van het seksueel binnendringen van het lichaam van [slachtoffer 1] , nu verdachte hem enkel over de rug en billen heeft gewreven.

Het subsidiaire feit kan wettig en overtuigend bewezen worden.

De rechtbank overweegt als volgt.

De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het seksueel binnendringen van het lichaam van [slachtoffer 1] .

Op woensdag 11 oktober 2017 omstreeks 18.45 uur ontving de politie Oost Brabant de melding dat de 8-jarige [slachtoffer 1] een half uur daarvoor was meegelokt door een man naar een natuurgebied achter de Dommel en daar seksueel zou zijn misbruikt. Onderweg naar het adres van [slachtoffer 1] werd de melding aangevuld dat de man daarbij met zijn vingers in het poepgat zou hebben gezeten.

[slachtoffer 1] heeft in het studioverhoor, dat daags na de ontmoeting tussen hem en verdachte heeft plaatsgevonden, samengevat gezegd dat hij met verdachte is meegelopen naar een bosje nabij de Dommel. Hij moest daar zijn kleding naar beneden doen, omdat er volgens verdachte beestjes op hem zaten, verdachte zou die beestjes er af vegen. De verdachte heeft ter terechtzitting van 14 november 2018 erkend dat er geen beestjes waren, maar dat dat een smoes was geweest om [slachtoffer 1] aan te kunnen raken. De rechtbank stelt vast dat [slachtoffer 1] daarover dan ook geloofwaardig heeft verklaard.

Verder heeft [slachtoffer 1] gezegd en uitgebeeld dat en hoe hij gebukt voorover moest staan en dat verdachte hem bij de achterkant van de nek had beetgepakt. Verdachte zou onder meer hebben gezegd: “’t maakt mij niet uit als je wordt geprikt, maar dan krijg je wel zo’n grote bult”. [slachtoffer 1] heeft verder verklaard dat verdachte hem op de zijkant van zijn billen heeft geknepen, dat dat een beetje pijn deed, maar ook dat hij in het midden van zijn billen is aangeraakt en verdachte daarover met zijn vinger heeft gewreven. Dit deed een beetje pijn omdat verdachte dat best hard deed. Het stopte op een gegeven moment toen het beestje was afgeveegd. Hij was aangeraakt op het plekje waar poep uit komt. Als hem door de politieambtenaar wordt gevraagd of het (een beetje) erin is of erop of anders, antwoordt [slachtoffer 1] : “erop”.

De moeder van [slachtoffer 1] heeft in haar aangifte van 13 oktober 2017 verklaard dat [slachtoffer 1] , na het medisch-forensisch onderzoek dat bij hem was gedaan, had gezegd dat ze met een wattenstaafje in zijn achterste waren geweest en dat dat niet zo’n pijn deed als toen bij die meneer. Ook verklaart zij dat [slachtoffer 1] heeft verteld dat hij zijn broek naar beneden moest doen, van de man moest bukken en dat de man met zijn vingers in de anus van [slachtoffer 1] is geweest. [slachtoffer 1] voelde ook pijn bij zijn poepgat en [slachtoffer 1] zei dat de man dat hard deed en dat het zeer deed.

De rechtbank hecht geloof aan de verklaring van [slachtoffer 1] en acht deze betrouwbaar. Daaruit volgt dat de rechtbank er geen geloof aan hecht dat de handelingen die verdachte beschrijft niet meer inhielden dan het enkel maken van vegende bewegingen over de rug en billen van [slachtoffer 1] , nu dit niet strookt met (of uit te leggen is in het licht van) de verklaring van [slachtoffer 1] dat hij moest bukken, dat de man hem toen in het midden van zijn billen aanraakte en dat dit gepaard ging met pijn. De rechtbank weegt voorts in haar oordeel mee dat verdachte korte tijd voor zijn ontmoeting met [slachtoffer 1] tweemaal een ontmoeting heeft gehad met een minderjarig jongetje, en dat verdachte heeft erkend dat hij zijn (met ondergoed bedekte) penis tegen de (met ondergoed bedekte) billen van dat jongetje heeft gehouden, daarbij heen en weer gaande bewegingen heeft gemaakt en aan de penis van de jongetje heeft gelikt (parketnummer 01/881172-17, feit 4). Deze ontmoetingen waren door verdachte geïnitieerd en waren kennelijk ingegeven door zijn behoefte om zijn seksuele fantasieën te verwezenlijken. De rechtbank ziet deze ontmoetingen niet als losstaande gebeurtenissen, maar in onderling verband met dit feit.

De rechtbank acht komen vast te staan dat verdachte bij het betasten van de anus van [slachtoffer 1] ook (daarmee) de anus is binnengedrongen. De rechtbank leidt dit af uit de pijn - waarover [slachtoffer 1] heeft verklaard - waarmee dit gepaard ging. Dat [slachtoffer 1] (bij de politie) niet in directe bewoordingen heeft gezegd dat verdachte met zijn vinger(s) in de anus van [slachtoffer 1] is geweest doet niet af aan de betrouwbaarheid van zijn verklaring, maar laat zich verklaren door de jeugdige leeftijd van [slachtoffer 1] en daarmee gepaard gaande schroom om het anders te duiden.

Op grond van het voorgaande, in onderling verband en samenhang beschouwd acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het lichaam van [slachtoffer 1] seksueel is binnengedrongen.

conclusie.

Het met parketnummer 01/880815-17, onder 1 primair ten laste gelegde is wettig en overtuigend bewezen.

Bewezenverklaring zonder nadere motivering.

Het met parketnummer 01/880815-17 onder 2 en het met parketnummer 01/881172-17 onder 1, 2, 3 en 4 ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard.

De bewezenverklaring.

In bijlage I heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het met parketnummer 01/880815-17, onder 1 primair ten laste gelegde heeft begaan.

In bijlage II heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en nadien geen vrijspraak is bepleit. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het met parketnummer 01/880815-17 onder 2 en het met parketnummer 01/881172-17 onder 1, 2, 3 en 4 ten laste gelegde heeft begaan.

De verdachte heeft de bewezen verklaarde feiten op die wijze begaan dat:

parketnummer 01/880815-17

1.

hij op 11 oktober 2017 te Valkenswaard, met [slachtoffer 1] , geboren op [2008] , die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten het duwen van zijn, verdachtes, vinger(s) in de anus van die [slachtoffer 1] en het knijpen in en wrijven over en betasten van de billen van die [slachtoffer 1] ;

2.

hij op 14 oktober 2017 te Valkenswaard, gegevensdragers, te weten een notebook computer van het merk Acer, type Aspire 5610 [goednummer 1256231] en een tablet van het merk Asus [goednummer 1256237], bevattende afbeeldingen en een video van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit heeft gehad, welke seksuele gedragingen

- zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een penis oraal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en

het met de/een penis oraal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

[de in de toonmap opgenomen afbeeldingen en een video met de bestandsnamen: [bestand 1] , beschreven in het proces-verbaal nummer 45 met documentcode 20171102.1248.6160

[bestand 10] , beschreven in het proces-verbaal nummer 47 met documentcode 201720171117.1408.6160]

en

het met de hand aanraken van het geslachtsdeel van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

[de in de toonmap opgenomen afbeeldingen met de bestandsnaam: [bestand 3] , beschreven in het proces-verbaal nummer 47 met documentcode 201720171117.1408.6160]

en

het naakt (laten) poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon poseert in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn leeftijd past en/of waarbij nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, van die persoon in beeld gebracht wordt, waarbij de afbeelding aldus telkens een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

[de in de toonmap opgenomen afbeeldingen met de bestandsnamen: [bestand 4] , beschreven in het proces-verbaal nummer 45 met [bestand 5] , beschreven in het proces-verbaal nummer 47 met documentcode 201720171117.1408.6160].

met parketnummer 01/881172-17

1.

hij op 6 mei 2017 te Valkenswaard, met [slachtoffer 2] , geboren op [2008] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, door die [slachtoffer 2] ontuchtige handelingen te laten verrichten, te weten

- het zich geheel of gedeeltelijk ontkleden en

- het geheel en/of gedeeltelijk naakt aannemen van poses en

- het maken van naaktafbeeldingen van zichzelf (van onder meer zijn

geslachtsdeel en billen en anus),

welke naaktafbeeldingen door die [slachtoffer 2] (telkens) middels de applicatie Playstation Messenger, werden verzonden aan en ter kennis kwamen van verdachte;

2.

hij in de periode van 30 april 2017 tot en met 12 september 2017 te Valkenswaard, (een) gegevensdrager(s) bevattende afbeeldingen, van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten [slachtoffer 2] , geboren op [2008] , is betrokken, heeft verworven en in bezit heeft gehad

welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon poseert in een (erotisch getinte) houding

(op een wijze) die niet bij zijn leeftijd past en waarbij nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de anus en billen van die persoon in beeld gebracht worden, (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling;

[de in de toonmap opgenomen afbeeldingen, zoals omschreven in het proces-verbaal van bevindingen met proces-verbaalnummer 2017200757-25 en in dat proces-verbaal aangeduid als:

- Afbeelding 1 (met [bestand 6] , toonmap p. 136)

- Afbeelding 2 (met [bestand 7] , toonmap p. 137)

- Afbeelding 3 (met [bestand 8] , toonmap p. 138)

- Afbeelding 3a (met [bestand 9] , toonmap p. 139)

- Afbeelding 4 (afkomstig uit het chatgesprek van 12 september 2017, toonmap p. 140)]

3.

hij in de periode van 28 april 2017 tot en met 26 september 2017 te Valkenswaard en Uden,

met gebruikmaking van een communicatiedienst, te weten door het uitwisselen van (tekst)berichten (chatten) en door met elkaar te spreken door middel van een audioverbinding via het Playstation Network en een Playstation Messenger app en door

gebruikmaking van een (mobiele) telefoon, (telkens) [slachtoffer 2] , geboren op [2008] , van wie hij, verdachte, wist dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt,

een ontmoeting heeft voorgesteld met het oogmerk ontuchtige handelingen, met die [slachtoffer 2] te plegen, terwijl verdachte enige handeling heeft ondernomen gericht op het verwezenlijken van die ontmoeting, door

- concrete afspraken te maken met die [slachtoffer 2] om hem op een bepaalde datum en tijdstip en locatie te ontmoeten en

- meerdere, adressen van en/of nabij de locatie van die ontmoeting in te stellen op zijn, verdachtes, navigatiesysteem en

- zich naar de woonplaats van die [slachtoffer 2] en de afgesproken locatie te begeven en

- nader (telefonisch) contact te hebben met die [slachtoffer 2] om nadere afspraken te maken en

- die [slachtoffer 2] daadwerkelijk te ontmoeten;

4.

hij in de periode van 28 april 2017 tot en met 26 september 2017 te Uden, met [slachtoffer 2] , geboren op [2008] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten het houden van zijn, verdachtes, (met ondergoed bedekte) penis tegen de (met ondergoed bedekte)

billen van die [slachtoffer 2] en het daarbij maken van heen en weer gaande bewegingen en het likken aan de penis van die [slachtoffer 2] .

De bewijsmiddelen worden slechts gebezigd met betrekking tot het feit waarop zij in het bijzonder betrekking hebben.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

De strafbaarheid van het feit.

Het bewezen verklaarde levert op de in de uitspraak vermelde strafbare feiten.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

De strafbaarheid van verdachte.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. Verdachte is daarom strafbaar voor hetgeen bewezen is verklaard.

Oplegging van straf en maatregel.

De eis van de officier van justitie.

De officier van justitie heeft een gevangenisstraf voor de duur van 4 jaar, met aftrek van voorarrest, alsmede oplegging van de maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden geëist.

Een kopie van de vordering van de officier van justitie is aan dit vonnis gehecht.

Het standpunt van de verdediging.

De verdediging heeft benadrukt dat verdachte ziek is. Er wordt enerzijds tbs geëist vanwege het geconstateerde zeer hoge recidiverisico. Anderzijds is verdachte een first offender. De geëiste combinatie van gevangenisstraf en tbs betekent een straf van minimaal 8 jaar en dat vindt de verdediging in dit geval te veel.

Het oordeel van de rechtbank.

Bij de beslissing over de straf die aan verdachte dient te worden opgelegd heeft de rechtbank gelet op de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan. Bij de beoordeling van de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten betrekt de rechtbank het wettelijke strafmaximum en de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. Daarnaast houdt de rechtbank bij de strafbepaling rekening met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het plegen van seksuele handelingen met twee minderjarige jongetjes, waaronder mede het seksueel binnendringen bij één van de jongetjes. Door deze wijze van handelen heeft verdachte een grove inbreuk gemaakt op de persoonlijke integriteit van de slachtoffertjes. Het is een feit van algemene bekendheid dat seksueel misbruik van minderjarigen bij hen tot psychische schade kan leiden. Dat kan niet alleen resulteren in geschonden vertrouwen naar volwassenen, maar kan zich ook uiten als het betreffende jonge slachtoffer in de fase komt waarin seksuele contacten met leeftijdsgenoten aan de orde kunnen zijn. Het behoeft daarom geen nader betoog dat de handelwijze van verdachte als verwerpelijk moet worden gekwalificeerd en dat kan worden aangenomen dat de slachtoffertjes een nadelige invloed van de gebeurtenis hebben en eventueel zullen ervaren. Bovendien is duidelijk dat de feiten een grote impact hebben gehad op de ouders en de directe omgeving van de slachtoffertjes. Verdachte heeft zich met name laten leiden door zijn eigen seksuele gevoelens en verlangens.

Daarnaast heeft verdachte één van de minderjarige jongetjes aangezet tot het maken van naaktfoto’s van zichzelf en het versturen van deze foto’s aan hem (verdachte), waarbij verdachte aanwijzingen en instructies gaf (grooming). Dit kinderpornografisch materiaal, alsmede een nog grotere collectie kinderpornografisch materiaal, heeft verdachte in zijn bezit gehad. Door kinderporno in zijn bezit te hebben heeft verdachte bijgedragen aan het in stand houden van deze zeer grove schending van de belangen van die minderjarigen.

GZ-psycholoog M. van Heteren heeft op 30 oktober 2018 een (aanvullend) rapport over verdachte opgemaakt. Dit rapport houdt - voor zover hier van belang - het volgende in:

Bij betrokkene is sprake van drie ziekelijke stoornissen, hij lijdt aan pedofilie (niet exclusieve type), hij heeft een depressieve stemmingsstoornis en hij heeft een psychotrauma stressor gerelateerde stoornis. Hiernaast heeft betrokkene laag gescoord op de eerder afgenomen IQ-test. Deze score komt niet overeen met zijn scholingsniveau en de klinische indruk. Mogelijk dat de stressvolle situatie in mei 2018 de lage score heeft veroorzaakt. Thans is het beter te spreken van zwakbegaafdheid. Dit was ten tijde van het ten laste gelegde ook het geval en de ziekelijke stoornis en/of gebrekkige ontwikkeling van de

geestvermogens van betrokkene beïnvloedde zijn gedragskeuzes en gedragingen ten tijde van het ten laste gelegde. Er wordt geadviseerd het ten laste gelegde betrokkene verminderd toe te rekenen.

Betrokkene heeft een beperkte sociale coping en beperkte probleem oplossingsvaardigheden, samenhangend met intelligentie en wordingsgeschiedenis. Hij

neigt ertoe door de stemmingsstoornis zich op zichzelf terug te trekken waardoor hij seks

zowel als troost en als schuldgevoel oproepend ervaart. Er is via de actuariële risicotaxatie

een hoog risico.

Betrokkene die nog nooit is behandeld voor de pedofilie is gebaat bij een combinatie van

cure (behandeling) care (zorg) en control (externe controle), zoals dit is omschreven bij de

zorgprognose. Hij zal eerst en vooral zijn pedofilie moeten analyseren en accepteren om

daarna een zeden programma aan te gaan. Daarnaast is de traumatisering in de

jeugd via EMDR en voortzetting van de huidige medicatie van belang. Er zal gestart moeten

worden in een klinische setting van een hoog beveiligingsniveau zonder toegang tot internet.

Als juridisch behandelkader wordt een maatregel van tbs met voorwaarden geadviseerd

met als een van de voorwaarden, een klinische behandeling zoals eerder genoemd.

Psychiater C.J. van Gestel heeft op 28 oktober 2018 een (aanvullend) rapport over verdachte opgemaakt. Dit rapport houdt - voor zover hier van belang - het volgende in:

Ondergetekende acht het nog altijd wenselijk betrokkene een behandeling aan te bieden vanuit een zorgprogramma voor seksueel grensoverschrijdend gedrag. Deze behandeling dient uiteraard aan zijn niveau te worden aangepast. Daarnaast zal werk gemaakt moeten worden van een goede resocialisatie, gericht op wonen, dagbesteding en netwerk. De geschetste aanpak kan best klinisch starten (zonder hoge beveiligingsnoodzaak) en zal op termijn ambulant kunnen zijn, aanvankelijk naast beschermd of begeleid wonen. Omdat ondergetekende het recidiverisico inmiddels niet meer als ‘hoog’, maar als ‘zeer hoog’ inschat, zal de totale intensiteit en duur van het te doorlopen traject van betrokkene groter zijn dan ten tijde van de vorige rapportage werd ingeschat.

Ondergetekende ziet nu de noodzaak, ondanks de bereidwilligheid van betrokkene behandeling te accepteren, zich aan voorwaarden te houden en samen te werken met een toezichthouder, de geschetste aanpak aan hem op te leggen in het kader van een terbeschikkingstelling met voorwaarden. Dit kader biedt de mogelijkheid ook een langdurig behandeltraject beter te borgen dan bijzondere voorwaarden, zelfs als deze gelden in de loop van een verlengde proeftijd. Bovendien biedt dit kader de mogelijkheid om bij een stroevend traject te overwegen of aan betrokkene alsnog dwangverpleging moet worden opgelegd. In het kader van bijzondere voorwaarden zou op dat moment alleen een detentie het zeer hoge risiconiveau nog kunnen mitigeren.

In hun eerdere rapporten van respectievelijk 24 mei 2018 en 30 mei 2018 hadden de genoemde deskundigen reeds vastgesteld dat verdachte lijdende is aan een ziekelijke stoornis en een gebrekkige ontwikkeling die bestonden ten tijde van het ten laste gelegde en geadviseerd het ten laste gelegde in verminderde mate aan verdachte toe te rekenen.

Op 30 oktober 2018 heeft Reclassering Nederland een aanvullend rapport omtrent verdachte opgesteld. De reclassering adviseert positief over tbs met voorwaarden en zij acht de volgende voorwaarden:

- standaard voorwaarden bij toezicht tbs;

- meldplicht bij reclassering;

- opname in een zorginstelling;

- ambulante behandeling;

- begeleid wonen of maatschappelijke opvang;

- contactverbod;

- vermijden contact met minderjarigen, en

- vermijden kinderporno,

noodzakelijk teneinde het risicomanagement adequaat te kunnen inrichten.

De rechtbank neemt de bovenstaande conclusies en adviezen over.

De rechtbank acht gelet op de ernst van de feiten een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden passend en geboden. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd.

Voorts onderschrijft de rechtbank de conclusie dat oplegging van de terbeschikkingstelling met voorwaarden noodzakelijk is.

De rechtbank overweegt dat is voldaan aan de formele voorwaarden om de maatregel van terbeschikkingstelling op te leggen. De bewezenverklaarde feiten betreffen misdrijven

waarop naar wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaar of meer is gesteld (of betreft een misdrijf als vermeld in artikel 37a Sr) en dat de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel vereist. Voorts merkt de rechtbank op dat het misdrijven betreft die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van meerdere personen. De totale duur van de maatregel kan daarom een periode van vier jaar te boven gaan.

Aan verdachte zal gelet op het voorgaande terbeschikkingstelling met voorwaarden worden opgelegd.

De vorderingen van de benadeelde partijen.

In het geding hebben zich gevoegd als benadeelde partijen:

- [benadeelde partij 1] (de moeder van [slachtoffer 1] ), ter zake van parketnummer 01/880815-17, feit 1, en

- [benadeelde partij 2] (de moeder van [slachtoffer 2] ), ter zake van parketnummer 01/881172-17, feiten 1, 2, 3 en 4.

De [benadeelde partij 1] vordert een bedrag van € 5.127,86, bestaande uit een bedrag van € 627,86 aan materiële schade en een bedrag van € 4.500,- aan immateriële schade. [benadeelde partij 2] vordert een bedrag van € 4.810,74, bestaande uit een bedrag van € 310,74 aan materiële schade en een bedrag van € 4.500,- aan immateriële schade.

Beide vorderingen te vermeerderen met de wettelijke rente van de pleegdatum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van de officier van justitie.

De officier van justitie heeft aangevoerd dat beide vorderingen geheel kunnen worden toegewezen, met toewijzing van de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van de verdediging.

De raadsman is van oordeel dat beide vorderingen voor toewijzing in aanmerking komen in het geval de rechtbank eveneens tot een bewezenverklaring komt van het met parketnummer 01/880815-17 onder 1 primair ten laste gelegde feit. Als de rechtbank het primaire feit niet bewezen acht dient daarmee rekening gehouden te worden met betrekking tot de hoogte van het toe te wijzen bedrag.

Beoordeling. De rechtbank acht de vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2] geheel toewijsbaar, nu is komen vast te staan dat aan de benadeelde partijen door de bewezen verklaarde strafbare feiten, rechtstreeks schade is toegebracht en de gevorderde bedragen aan schadevergoeding de rechtbank ook overigens niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen en bovendien door de verdachte niet zijn weersproken.

De vordering van de [benadeelde partij 1] wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 oktober 2017 en de vordering van [benadeelde partij 2] met de wettelijke rente vanaf 28 april 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partijen tot op heden begroot op nihil.

Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Schadevergoedingsmaatregel.

De rechtbank zal voor de toegewezen bedragen tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat schadevergoeding aan de slachtoffers bevordert, vermeerderd met de wettelijke rente zoals hiervoor genoemd.

Beslag.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft aangevoerd dat de goederen met nummers 1, 4, 5, 7 en 9 van de beslaglijst onttrokken dienen te worden aan het verkeer.

De goederen onder de nummer 2, 3 en 6 kunnen worden teruggegeven aan de rechthebbende en het onder 8 genoemde goed dient verbeurd verklaard te worden.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft aangevoerd dat het onder 8 genoemde goed aan verdachte dient te worden teruggegeven.

Het oordeel van de rechtbank

verbeurdverklaring.

De rechtbank is van oordeel dat het in het dictum nader te noemen inbeslaggenomen voorwerp vatbaar is voor verbeurdverklaring, omdat - zoals blijkt uit het onderzoek ter terechtzitting - dit een voorwerp is met behulp waarvan de feiten zijn begaan of voorbereid en dit voorwerp ten tijde van het begaan van de feiten aan verdachte toebehoorde.

onttrekking aan het verkeer.

De rechtbank is van oordeel dat de in het dictum nader te noemen inbeslaggenomen voorwerpen vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer, omdat - zoals blijkt uit het onderzoek ter terechtzitting - dit voorwerpen zijn met betrekking tot welke de feiten zijn begaan.

teruggave.

De rechtbank zal de teruggave gelasten van het in het dictum nader te noemen inbeslaggenomen voorwerp aan degene die redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt, nu naar het oordeel van de rechtbank het belang van strafvordering zich niet meer verzet tegen de teruggave van het inbeslaggenomen goed.

Toepasselijke wetsartikelen.

De beslissing is gegrond op de artikelen:

33, 33a, 36b, 36c, 36f, 37a, 38, 38a, 57, 244, 247, 248 Wetboek van Strafrecht.

DE UITSPRAAK

De rechtbank:

verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven.

verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij.

het bewezen verklaarde levert op de misdrijven:

t.a.v. 01/880815-17 feit 1 primair: met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam. t.a.v. 01/880815-17 feit 2: een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben. t.a.v. 01/881172-17 feit 1: met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen. t.a.v. 01/881172-17 feit 2: een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, vervaardigen/in bezit hebben. t.a.v. 01/881172-17 feit 3: met gebruikmaking van een communicatiedienst een ontmoeting voorstellen aan een persoon van wie hij weet dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, met het oogmerk ontuchtige handelingen te plegen met die persoon, welk voorstel tot ontmoeting is gevolgd door enige handeling gericht op het verwezenlijken van die ontmoeting. t.a.v. 01/881172-17 feit 4: met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen. verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

legt op de volgende straffen en maatregel.

t.a.v. 01/880815-17 feit 1 primair, feit 2, 01/881172-17 feit 1, feit 2, feit 3,

feit 4: gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek overeenkomstig artikel 27

Wetboek van Strafrecht.

terbeschikkingstelling met voorwaarden.

stelt daarbij de navolgende voorwaarden betreffende het gedrag van de terbeschikkinggestelde:

  • -

    de ter beschikking gestelde maakt zich niet schuldig aan een strafbaar feit;

  • -

    de ter beschikking gestelde werkt mee aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder andere in dat de ter beschikking gestelde:

- zich meldt op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat nodig is;

- een of meer vingerafdrukken laat nemen en een geldig identiteitsbewijs laat zien. Dit is nodig om de identiteit van de ter beschikking gestelde vast te stellen;

- zich houdt aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om de ter beschikking gestelde te helpen bij het naleven van de voorwaarden;

- helpt de reclassering aan een actuele foto waarop zijn gezicht herkenbaar is. Deze foto is nodig voor opsporing bij ongeoorloofde afwezigheid;

- meewerkt aan huisbezoeken;

- de reclassering inzicht geeft in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners;

- zich niet vestigt op een ander adres zonder toestemming van de reclassering;

- meewerkt aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die contact hebben met de ter beschikking gestelde, als dat van belang is voor het toezicht.

  • -

    als de reclassering dat nodig acht, werkt de ter beschikking gestelde mee aan een time-out in een Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC), FPK of FPA of andere instelling. Deze time-out duurt maximaal 7 weken, met de mogelijkheid van verlenging met nog eens maximaal 7 weken, tot maximaal 14 weken per jaar;

  • -

    de ter beschikking gestelde gaat niet naar het buitenland of naar de Nederlandse Antillen, zonder toestemming van het Openbaar Ministerie;

  • -

    de ter beschikking gestelde laat zich opnemen in een FPK, FPA of een soortgelijke zorginstelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De ter beschikking gestelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Het innemen van medicijnen kan onderdeel zijn van de behandeling. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt de ter beschikking gestelde mee aan de indicatiestelling en plaatsing;

  • -

    de ter beschikking gestelde laat zich behandelen door een nader te bepalen zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling start aansluitend aan de klinische behandeling. De behandeling duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De ter beschikking gestelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Het innemen van medicijnen kan onderdeel zijn van de behandeling;

  • -

    de ter beschikking gestelde verblijft in een nader te bepalen instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De ter beschikking gestelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld;

  • -

    de ter beschikking gestelde heeft of zoekt op geen enkele wijze - direct of indirect - contact met het minderjarige slachtoffer [slachtoffer 2] en het minderjarige slachtoffer [slachtoffer 1] , zolang de reclassering dit verbod nodig vindt;

  • -

    de ter beschikking gestelde zoekt op geen enkele wijze contact met minderjarigen. Hij vermijdt deze contacten;

  • -

    de ter beschikking gestelde onthoudt zich op welke wijze dan ook van:

- het seksueel getint communiceren met minderjarigen;

- gedrag dat is gericht op een digitale omgeving waarin kinderpornografisch materiaal kan worden verkregen;

- gedrag dat is gericht op een digitale omgeving waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt gecommuniceerd, en

de ter beschikking gestelde bespreekt tijdens de gesprekken met de reclassering hoe hij denkt dit gedrag te voorkomen. Het toezicht op deze voorwaarde kan onder andere bestaan uit controles van computers en andere apparatuur. De ter beschikking gestelde werkt mee aan controle van digitale gegevensdragers tijdens een huisbezoek.

beslist ten aanzien van de voorwerpen, geplaatst op de lijst van inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen als volgt:

- verklaart verbeurd als bijkomende straf voor feit 1, primair (met parketnummer: 01/880815-17):

- iPhone Apple G1257940 (voorwerp 9).

- verklaart onttrokken aan het verkeer:

- ASUS Tablet G1256219 (voorwerp 1);

- SAMSUNG G1256219 (voorwerp 2);

- Nokia G1256234 (voorwerp 3);

- ACER Aspire G1256231 (voorwerp 4);

- PLAYSTATION Sony G1256230 (voorwerp 5);

- PLAYSTATION Sony G1256233 (voorwerp 7).

- gelast de teruggave aan degene die redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt van:

- TOMTOM Navigatie G1256232.

beslist ten aanzien van de vorderingen van de benadeelde partijen als volgt:

t.a.v. 01/880815-17 feit 1, primair:

maatregel van schadevergoeding van € 5.127,86 subsidiair 60 dagen hechtenis.

legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] (namens het slachtoffer [slachtoffer 1] van een bedrag van € 5.127,86 (zegge: vijfduizend honderd en zevenentwintig euro en achtenzestig cent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 60 (zestig) dagen hechtenis, bestaande uit een bedrag van € 627,86 aan materiële schade en een bedrag van € 4.500,- aan immateriële schade. De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op.

Het totale bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 11 oktober 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] :

wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij [benadeelde partij 1] van een bedrag van

€ 5.127,86 (zegge: vijfduizend honderd en zevenentwintig euro en achtenzestig cent), bestaande uit een bedrag van € 627,86 aan materiële schade en een bedrag van € 4.500,- aan immateriële schade. Het totale toegewezen bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 11 oktober 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

veroordeelt verdachte in de kosten door de benadeelde partij gemaakt tot op heden begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.

indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat te vervallen.

t.a.v. parketnummer 01/881172-17, feiten 1, 2, 3 en 4:

maatregel van schadevergoeding van € 4.810,74 subsidiair 58 dagen hechtenis.

legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] (namens het slachtoffer [slachtoffer 2] van een bedrag van

€ 4.810,74 (zegge: vierduizend achthonderd en tien euro en vierenzeventig cent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 58 (achtenvijftig) dagen hechtenis, bestaande uit een bedrag van € 310,74 aan materiële schade en een bedrag van € 4.500,- aan immateriële schade. De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op.

Het totale bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 april 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] :

wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij [benadeelde partij 2] van een bedrag van € 4.810,74 (zegge: vierduizend achthonderd en tien euro en vierenzeventig cent), bestaande uit een bedrag van € 310,74 aan materiële schade en een bedrag van € 4.500,- aan immateriële schade.

Het totale toegewezen bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 april 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

veroordeelt verdachte in de kosten door de benadeelde partij gemaakt tot op heden begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.

indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat te vervallen.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. R.M.L. Heemskerk-Pleging, voorzitter,

mr. R.J. Bokhorst en mr. M. de Vries, leden,

in tegenwoordigheid van mr. G. van de Luijtgaarden, griffier,

en is uitgesproken op 28 november 2018.