Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2018:279

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
19-01-2018
Datum publicatie
19-01-2018
Zaaknummer
SHE 17/3550
Rechtsgebieden
Bestuursprocesrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Een carnavalsvereniging en een partycentrum hebben allebei verzocht om een carnavalstent te mogen plaatsen gedurende dezelfde periode (carnaval 2018) op dezelfde plaats. De carnavalsvereniging heeft de daarvoor benodigde evenementenvergunning van de burgemeester gekregen, het partycentrum niet. Het partycentrum heeft daar bezwaar tegen gemaakt en verzoekt om een voorlopige voorziening te treffen. Daarover gaat deze procedure.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Zittingsplaats ‘s-Hertogenbosch

Bestuursrecht

zaaknummers: SHE 17/3550 en SHE 18/17

uitspraak van de voorzieningenrechter van 19 januari 2017 in de zaken tussen

Partycentrum De Cranehoeve, te Gastel, De Cranehoeve

(gemachtigde: mr. drs. C.R. Jansen),

en

de burgemeester van de gemeente Cranendonck, de burgemeester

(gemachtigde: P. Brands).

Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen: Carnavalsvereniging “De Pintewippers” te Gastel, De Pintewippers

(gemachtigde: mr. ing. M.Th.M. Zusterzeel).

Procesverloop

In zaak 18/17

Bij besluit van 22 november 2017 (bestreden besluit 1) heeft de burgemeester aan De Pintewippers een evenementenvergunning verleend voor het organiseren van verschillende feesten in een tent tijdens de carnavalsperiode van 2018 in Gastel.

De Cranehoeve heeft tegen het bestreden besluit 1 bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter van deze rechtbank verzocht om hangende dat bezwaar een voorlopige voorziening te treffen die zou moeten inhouden dat het bestreden besluit 1 wordt geschorst of een andere passende maatregel wordt getroffen.

in zaak 17/3550

Bij besluit van 20 december 2017 (bestreden besluit 2) heeft de burgemeester geweigerd De Cranehoeve een evenementenvergunning te verlenen voor het organiseren van verschillende feesten in een tent tijdens de carnavalsperiode van 2018 in Gastel.

De Cranehoeve heeft tegen het bestreden besluit 2 bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter van deze rechtbank verzocht om hangende dat bezwaar een voorlopige voorziening te treffen die zou moeten inhouden dat het bestreden besluit 2 wordt geschorst of een andere passende maatregel wordt getroffen.

in beide zaken

De zitting in beide zaken heeft plaatsgevonden op 17 januari 2018. De gemachtigden van partijen zijn naar de zitting gekomen. Verder zijn namens De Cranehoeve naar de zitting gekomen [naam] en [naam] . Namens De Pintewippers is naar de zitting gekomen [naam] .

Overwegingen

De feiten

1.1.

De Cranehoeve is vennootschap onder firma die handelt onder de naam Partycentrum De Cranehoeve. De Cranehoeve is gelegen aan het Sint Cornelisplein 2 in Gastel. Vennoten van De Cranehoeve zijn [naam] ( [naam] ) en [naam] . De Pintewippers is een (carnavals)vereniging met volledige rechtsbevoegdheid, gevestigd in Gastel. [naam] ( [naam] ) is de voorzitter van De Pintewippers.

1.2.

In het verleden hebben De Cranehoeve en De Pintewippers een vorm van samenwerking gekend tijdens het organiseren van de festiviteiten rondom carnaval. Daarbij werden de benodigde vergunningen steeds verleend aan De Pintewippers. Op enig moment is er tussen De Cranehoeve en De Pintewippers onenigheid ontstaan, waardoor verdere samenwerking niet meer mogelijk was.

1.3.

Bij aanvraagformulier, gedateerd 30 juni 2017, heeft [naam] namens De Pintenwippers gevraagd om een evenementenvergunning. De bedoeling is om op 31 januari 2018 te starten met de opbouw, het evenement te houden op 4 februari 2018 van 17.00 uur tot 01.30 uur (receptie), op 9 februari 2018 van 21.00 uur tot 01.00 uur (bouwersbal), op 10 februari 2018 van 17.00 uur tot 19.00 uur (Heilige mis) en op 11 februari 2018 van 14.00 uur tot 01.30 uur (optocht(bal)), en het terrein op 15 februari 2018 op te leveren. Het evenement zal plaatsvinden in een tent van 15 x 30 meter en er zal een podium van 4 x 4 meter worden geplaatst. Er worden 1000 bezoekers verwacht. Tijdens het evenement zal er mechanische muziek door een DJ worden gedraaid en licht alcoholhoudende dranken worden verkocht. Er zal beveiliging en EHBO bij het evenement aanwezig zijn. De buurt zal met een brief op de hoogte worden gebracht van het evenement.

1.4.

Bij aanvraagformulier, gedateerd 29 september 2017, heeft [naam] namens De Cranehoeve gevraagd om een evenementenvergunning. De bedoeling is om op 31 januari 2018 om 10.00 uur te starten met de opbouw, het evenement te houden op 4 februari 2018 van 18.00 uur tot 01.00 uur (receptie), op 9 februari 2018 van 21.00 uur tot 01.30 uur (bouwersbal) en op 11 februari 2018 van 12.30 uur tot 01.00 uur (optochtbal), en het terrein op 14 februari 2018 om 15.00 uur op te leveren. Het evenement zal plaatsvinden in een tent van 15 x 30 meter. Er worden 1000 bezoekers verwacht. Tijdens het evenement zal er versterkte carnavalsmuziek worden gedraaid en licht alcoholhoudende dranken worden verkocht. Er zal beveiliging en EHBO bij het evenement aanwezig zijn. De buurt zal met flyers op de hoogte worden gebracht van het evenement en het evenement zal worden aangekondigd met een artikel in de krant.

1.5.

Vervolgens heeft de burgemeester op 22 november 2017 het bestreden besluit 1 en op 20 december 2017 het bestreden besluit 2 genomen.

Omvang van deze procedures

2. Tijdens de zitting is duidelijk geworden dat deze voorlopige voorzieningprocedures alleen zien op de verlening van de evenementenvergunning aan De Pintewippers en op de weigering van een evenementenvergunning aan De Cranehoeve. Er zijn ook dossiers aangelegd tegen drie andere besluiten van de gemeente (die zagen op verschillende ontheffingen ten behoeve van het evenement, verleend aan De Pintewippers), maar dat aanleggen is ten onrechte gebeurd. De gemachtigde van De Cranehoeve heeft desgevraagd gesteld dat hij alleen in de zaken die de evenementenvergunning betreffen, een voorlopige voorziening heeft bedoeld in te dienen (en dat zijn ook de enige zaken waarin griffierecht door hem is voldaan).

Karakter van deze procedure: een voorlopige voorziening

3. Het gaat hier om verzoeken om een voorlopige voorziening. Uitgangspunt van de wet is dat het maken van bezwaar de werking van een besluit niet opschort (artikel 6:16 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). Met andere woorden: het besluit blijft van kracht ook als er bezwaar tegen is gemaakt. Die hoofdregel kan worden doorbroken door het treffen van een voorlopige voorziening. De mogelijkheid daartoe is geregeld in artikel 8:81 van de Awb. In dat artikel is verwoord dat als tegen een besluit bezwaar is gemaakt, de voorzieningenrechter op verzoek een voorlopige voorziening kan treffen als onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. De Cranehoeve moet dus goede redenen hebben die maken dat hij de beslissing op zijn bezwaarschrift niet kan afwachten en een uitzondering op de hoofdregel dat het bezwaar de uitvoering van het besluit niet schorst, rechtvaardigen. Een voorlopige voorziening heeft – zoals de term al zegt – het karakter van een tussenmaatregel, in afwachting van de beslissing op bezwaar. De beoordeling die de voorzieningenrechter maakt, is dus voorlopig van aard en de rechtbank die in een later stadium in een eventuele bodemprocedure over de zaak beslist, is niet aan het oordeel van de voorzieningenrechter gebonden.

Onverwijlde spoed?

4.1.

De Cranehoeve heeft een evenementenvergunning aangevraagd voor het organiseren van carnavalsevenementen in een tent op het Sint Cornelisplein in Gastel en daarbij vermeld dat hij wil beginnen met opbouwen op 31 januari 2018 en dat 4 februari 2018 de eerste dag van de evenementen is. De Pintewippers hebben een evenementenvergunning aangevraagd met hetzelfde doel, voor dezelfde plaats en voor ongeveer dezelfde periode. De Cranehoeve wil voorkomen dat er een onomkeerbare situatie ontstaat als de behandeling van de bezwaarschriften plaatsvindt nadat de evenementen al hebben plaatsgevonden.

4.2.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat De Cranehoeve aannemelijk heeft gemaakt dat en waarom zij niet kan wachten tot de burgemeester heeft beslist op de bezwaren. Anders dan de gemachtigde van De Pintewippers is de voorzieningenrechter niet van oordeel dat het belang van De Cranehoeve een louter financieel belang inhoudt; de bestreden besluiten hebben niet als onderwerp een financiële verplichting of aanspraak. Er is dus sprake van ‘onverwijlde spoed’ in de zin van artikel 8:81 van de Awb.

Overwegingen

in beide zaken

5.1.

De burgemeester heeft in het bestreden besluit 1 overwogen dat er geen weigeringsgronden als bedoeld in artikel 1:8 van de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Cranandonck van toepassing zijn en dat daarom, in lijn met vorige jaren, de evenementenvergunning aan De Pintewippers kan worden verleend.

5.2.

Bij het bestreden besluit 2 heeft de burgemeester de door De Cranehoeve gevraagde evenementenvergunning geweigerd omdat er, in lijn met vorige jaren, al een evenementenvergunning aan De Pintewippers is verleend voor het houden van een carnavalsevenement op dezelfde locatie en periode als waarvoor De Cranehoeve de evenementenvergunning heeft aangevraagd. Het is planologisch niet mogelijk om twee tenten van minimaal 200 m2 op het Sint Cornelisplein te plaatsen. Ook zou dit mogelijk problemen opleveren voor de openbare veiligheid. Op grond van artikel 1:8, aanhef en onder b, van de APV kan een evenementenvergunning worden geweigerd met het oog op de openbare veiligheid. Die weigeringsgrond acht de burgemeester in dit geval van toepassing.

5.3.

De Cranehoeve heeft aangevoerd dat de redenen die de burgemeester aanvoert om de evenementenvergunning aan De Pintewippers te gunnen, niet kunnen worden gevolgd omdat die redenen ook van toepassing zijn op De Cranehoeve. De redenen die de burgemeester geeft voor het weigeren van de evenementenvergunning aan De Cranehoeve maken niet dat de evenementenvergunning in plaats van aan De Cranehoeve aan De Pintewippers moet worden verleend. Verder is de reden die de burgemeester aan de weigering ten grondslag heeft gelegd, niet terug te voeren op één van de in artikel 1:8 van de APV genoemde weigeringsgronden. Volgens De Cranehoeve is de hier aan de orde zijnde evenementenvergunning een schaarse vergunning. Daarom moet de burgemeester meerdere gegadigden de gelegenheid bieden om mee te dingen naar deze evenementenvergunning.

6.1.

De voorzieningenrechter oordeelt als volgt.

6.2.

Uit vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling, zie bijvoorbeeld de uitspraken van 6 april 2011 (ECLI:NL:RVS: 2011:BQ0298) en 8 februari 2012 (ECLI:NL:RVS:2012:BV3184) volgt dat de bevoegdheid van de burgemeester tot het verlenen van een evenementenvergunning een discretionaire bevoegdheid is, waarbij aan hem een ruime mate van beleidsvrijheid toekomt.

De burgemeester kan en mag daarbij alleen rekening houden met de belangen als vermeld in artikel 1:8 van de APV. Andere belangen kunnen in beginsel geen grond vormen voor weigering van de vergunning.

6.3.

In artikel 1:8 van de APV zijn de weigeringsgronden neergelegd. Bepaald is dat de vergunning of ontheffing door het bevoegd gezag of het bevoegde bestuursorgaan kan worden geweigerd in het belang van:

a. de openbare orde;

b. de openbare veiligheid;

c: de volksgezondheid;

d. de bescherming van het milieu.

Het beleid is neergelegd in het Handboek Evenementen Gemeente Cranendonck van oktober 2012. In paragraaf 4.3.1. is onder het kopje “De openbare veiligheid” het volgende bepaald:

“Bij openbare veiligheid gaat het niet over het ordelijk verloop, maar om feitelijke situaties die ontstaan. Een evenementenvergunning kan worden geweigerd indien de veiligheid van deelnemers, toeschouwers en andere betrokkenen in het gedrang is. De organisator moet de veiligheid van deze partijen kunnen garanderen. Is er in beginsel een grote kans dat de openbare veiligheid niet kan worden gewaarborgd, maar worden er door de organisator voldoende maatregelen getroffen zodat de veiligheid wordt vergroot tot een acceptabele niveau, kan de vergunning alsnog worden verstrekt. Op advies van politie, brandweer, GHOR of een andere adviserende instantie kan de vergunning eveneens worden geweigerd.”

6.4.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder in redelijkheid heeft kunnen vinden dat het verlenen van de evenementenvergunning aan De Pintewippers niet in strijd is met een of meer van de weigeringsgronden als bedoeld in artikel 1:8 van de APV. De voorzieningenrechter stelt verder vast dat nu er door twee partijen aanvragen gedaan zijn om eenzelfde evenementenvergunning voor dezelfde plaats en periode, sprake is van concurrerende aanvragen. De burgemeester heeft tijdens de zitting uiteengezet waarom de evenementenvergunning is verleend aan De Pintewippers en niet aan De Cranehoeve. De aanvraag van de Pintewippers was eerder, maar dat is op zichzelf niet doorslaggevend. Ook van belang is volgens de burgemeester dat De Pintewippers naar diens oordeel de meest aangewezen partij is omdat zij al jaren ervaring heeft met het organiseren van de vele festiviteiten rondom carnaval in Gastel. De burgemeester acht het maatschappelijk belang van carnaval in Gastel zeer groot en wil er dan ook zeker van zijn dat er daadwerkelijk een carnavalstent geplaatst wordt. De Cranehoeve heeft in het verleden, ondanks dat aan haar daartoe een evenementenvergunning was gegund, tijdens de kermis geen tent geplaatst. De burgemeester wil voorkomen dat zo’n situatie zich met carnaval opnieuw voordoet.

6.5.

De voorzieningenrechter is, de beoordelingsvrijheid die de burgemeester bij de verlening van evenementenvergunningen toekomt in aanmerking genomen, van oordeel dat de burgemeester met het voorgaande voldoende heeft gemotiveerd waarom de evenementenvergunning aan De Pintewippers is verleend. Anders dan De Cranehoeve heeft betoogd, is hier ook geen sprake van een zogenaamde schaarse vergunning. Het gaat niet om een situatie waarin sprake is van een vooraf kenbaar, beperkt aantal beschikbare vergunningen. Het staat De Cranehoeve immers vrij om op hetzelfde moment op een andere daartoe geschikte locatie een vergelijkbaar evenement te organiseren. Dat zij ervoor kiest om dat niet te doen (zij vreest geen inkomsten te zullen genereren omdat de inwoners van Gastel in dat geval niet haar evenement, maar het evenement dat door De Pintewippers op het Sint Cornelisplein wordt georganiseerd, zullen bezoeken), doet daar niet aan af.

6.6.

De voorzieningenrechter is dus van oordeel dat het bestreden besluit 1 niet onrechtmatig voorkomt.

6.7.

Over het bestreden besluit 2 overweegt de voorzieningenrechter het volgende. De burgemeester heeft de aanvraag om een evenementenvergunning van De Cranehoeve – het hierboven gegeven oordeel over de rechtmatigheid van bestreden besluit 1 in aanmerking genomen – in redelijkheid kunnen weigeren op grond van artikel 1:8, aanhef en onder b, van de APV. Daartoe heeft de burgemeester kunnen overwegen dat het opbouwen en plaatsen van twee tenten op exact dezelfde locatie in dezelfde periode kan leiden tot problemen die de openbare veiligheid in gevaar brengen. In dit verband heeft de burgemeester erop gewezen dat bij de inrichting van het terrein vanwege de schaalgrootte en het garanderen van de bereikbaarheid door hulpdiensten is voorzien in één standplaats voor een feesttent waar een evenement gehouden kan worden. Anders dus dan De Cranehoeve meent, is de weigering dus wel terug te voeren op een in artikel 1:8 van de APV genoemde weigeringsgrond.

6.8.

De voorzieningenrechter is dus van oordeel dat ook het bestreden besluit 2 niet onrechtmatig voorkomt.

6.9.

Beide bestreden besluiten komen niet onrechtmatig voor en zullen naar verwachting stand houden in de bezwaarprocedure. De voorzieningenrechter ziet gelet daarop, gelet op de betrokken belangen, geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen. De verzoeken worden daarom afgewezen.

6.10.

Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken tot het treffen van een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Lie, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van P.L.M.M. Mulders, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 19 januari 2017.

griffier voorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.