Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2015:7551

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
16-12-2015
Datum publicatie
18-01-2017
Zaaknummer
C-01-278839 - HA ZA 14-387
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

verdeling huwelijksgoederengemeenschap

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel Recht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

zaaknummer / rolnummer: C/01/278839 / HA ZA 14-387

Vonnis van 16 december 2015

in de zaak van

[eiseres conventie/verweerster reconventie] ,

wonende te [woonplaats] ,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. A.J.M. Mertens te Weert,

tegen

1 [gedaagde conventie/eiser reconventie] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde in conventie

eiser in reconventie

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ALVI BEHEER B.V.,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

gedaagde in conventie

advocaat mr. I.J.M. Gelissen te Roermond.

Partijen zullen hierna [eiseres conventie/verweerster reconventie] , [gedaagde conventie/eiser reconventie] en Alvi Beheer genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis van 30 juli 2014;

  • -

    het proces-verbaal van comparitie van 26 november 2014;

  • -

    de akte na comparitie van [gedaagde conventie/eiser reconventie] van 24 december 2014;

  • -

    de antwoordakte van [eiseres conventie/verweerster reconventie] van 28 januari 2015.

1.2.

Ter comparitie heeft de rechtbank de zaak naar de rol verwezen voor een akte na comparitie terzake de vraag of de aanspraken van [gedaagde conventie/eiser reconventie] uit hoofde van de stamrecht overeenkomst met Alvi Beheer aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] verknocht zijn. De rechtbank stelt vast dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] in haar antwoordakte niet alleen op dit punt is ingegaan, maar ook op de andere geschilpunten. De rechtbank is met [gedaagde conventie/eiser reconventie] van oordeel dat de antwoordakte voor wat betreft deze andere geschilpunten in strijd is met de goede procesorde en buiten beschouwing moet blijven. Ten aanzien van deze andere geschilpunten is het processuele debat namelijk met het sluiten van de comparitie van partijen geëindigd. De antwoordakte van [eiseres conventie/verweerster reconventie] wordt in zoverre geweigerd.

1.3.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Partijen waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen. Bij beschikking van de rechtbank Roermond van 19 oktober 2011 is de echtscheiding uitgesproken. Deze echtscheidingsbeschikking is op 9 november 2011 ingeschreven in de registers van de Burgerlijke Stand.

2.2.

Tussen partijen is een geschil ontstaan over de omvang van de te verdelen huwelijksgoederengemeenschap en de wijze waarop voornoemde gemeenschap moet worden verdeeld.

3 Het geschil

in conventie

3.1.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] vordert – zakelijk weergegeven – dat de rechtbank de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap zal verdelen volgens de door [eiseres conventie/verweerster reconventie] voorgestane wijze. Voorts vordert [eiseres conventie/verweerster reconventie] dat de rechtbank [gedaagde conventie/eiser reconventie] veroordeelt tot afstorting van een deel van de in Alvi Beheer opgebouwde pensioen- en stamrechten onder een door [eiseres conventie/verweerster reconventie] aan te wijzen verzekeringsmaatschappij. [eiseres conventie/verweerster reconventie] vordert tot slot dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] wordt veroordeeld in de proceskosten.

3.2.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

in reconventie

3.3.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] vordert – zakelijk en verkort weergegeven – dat de rechtbank de verdeling van de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap vaststelt conform de door hem voorgestane wijze. [gedaagde conventie/eiser reconventie] vordert voorts dat de rechtbank bepaalt dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] de helft van de eigenaarslasten van de voormalige echtelijke woning dient te dragen en dat zij tevens een gebruiksvergoeding aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] verschuldigd is vanwege het gebruik van deze woning. [gedaagde conventie/eiser reconventie] vordert daarnaast dat de rechtbank bepaalt dat partijen beiden hoofdelijk aansprakelijk zijn terzake het doorlopend krediet bij de Rabobank en bepaalt dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] haar aandeel in de schadevergoedingsvordering op het St. Jans Gasthuis en op Kasteel Beaxem heeft verbeurd. [gedaagde conventie/eiser reconventie] vordert tot slot dat het door [eiseres conventie/verweerster reconventie] gedurende de huwelijkse periode opgebouwde ouderdomspensioen wordt verevend.

3.4.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

In verband met hun onderlinge verwevenheid zullen de vorderingen in conventie en in reconventie hierna zoveel mogelijk gezamenlijk worden besproken. De rechtbank zal in het onderstaande puntsgewijs de verschillende geschilpunten bespreken.

De voormalige echtelijke woning

4.2.

Tot de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap behoort de voormalige echtelijke woning. Tussen partijen is niet in geschil dat de woning moet worden toebedeeld aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] onder de voorwaarde dat de hypotheekhouder [gedaagde conventie/eiser reconventie] ontslaat uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de op de woning rustende hypothecaire geldlening. Op de comparitie van partijen hebben partijen afgesproken dat zij een taxatie zouden laten uitvoeren door een aan Hendriks Makelaars verbonden makelaar. Partijen zijn voorts overeengekomen dat, in het geval [eiseres conventie/verweerster reconventie] niet kan bewerkstelligen dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] wordt ontslagen uit voornoemde hoofdelijke aansprakelijkheid, aan voornoemde makelaar een gezamenlijke verkoopopdracht wordt verstrekt, waarbij de makelaar partijen bindend zou adviseren over de te hanteren vraag- en laatprijs (waarbij partijen zich het recht van een contra-taxatie hebben voorbehouden).

4.3.

De rechtbank zal partijen in de gelegenheid stellen zich bij akte uit te laten over de vraag of reeds duidelijk is of de woning aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] kan worden toebedeeld of dat deze dient te worden verkocht aan een derde.

Eigenaarslasten van de woning

4.4.

De rechtbank is van oordeel dat de eigenaarslasten van de woning door partijen gelijkelijk moeten worden gedragen. Ten aanzien van de stelling van [eiseres conventie/verweerster reconventie] dat deze vordering in strijd is met de redelijkheid en billijkheid oordeelt de rechtbank als volgt: Tussen partijen staat vast dat er bij vaststelling van de door [gedaagde conventie/eiser reconventie] te betalen kinder- en partneralimentatie bij de berekening van zijn draagkracht vanuit is gegaan dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] de volledige eigenaarslasten voor zijn rekening zou nemen. De rechtbank is, anders dan [eiseres conventie/verweerster reconventie] , van oordeel dat dit niet betekent dat de gehele vordering van [gedaagde conventie/eiser reconventie] dient te worden afgewezen. Wel brengt dit naar het oordeel van de rechtbank met zich dat in het geval [gedaagde conventie/eiser reconventie] , indien er bij de berekening van de draagkracht van [gedaagde conventie/eiser reconventie] en de behoefte van [eiseres conventie/verweerster reconventie] wél van uit was gegaan dat ieder de helft van de eigenaarslasten zou voldoen een hogere kinder- en/of partneralimentatie aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] had moeten voldoen, dit verschil in mindering moet worden gebracht op de vordering van [gedaagde conventie/eiser reconventie] op [eiseres conventie/verweerster reconventie] uit hoofde van de eigenaarslasten. Partijen mogen zich bij akte uit laten over de hoogte van voornoemd verschil.

4.5.

De rechtbank zal [gedaagde conventie/eiser reconventie] tevens in de gelegenheid stellen bij akte een onderbouwd overzicht (met de achterliggende betalingsbewijzen) in het geding te brengen van de door hem betaalde eigenaarslasten vanaf de door hem gestelde ingangsdatum 19 april 2011. [gedaagde conventie/eiser reconventie] zal daarbij tevens moeten aangeven welk bedrag aan (voorlopige) hypotheekrenteaftrek door hem is genoten.

Gebruiksvergoeding

4.6.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft gevorderd dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] wordt veroordeeld om per 25 augustus 2010, de datum waarop hij de woning heeft verlaten, een gebruiksvergoeding te betalen. De rechtbank oordeelt op dit punt als volgt.

4.7.

Op grond van artikel 1:81 BW zijn echtgenoten elkaar getrouwheid, hulp en bijstand verschuldigd en dienen zij elkander het nodige te verschaffen. Deze verplichting geldt tot het moment dat het huwelijk door de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand wordt ontbonden. Dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] in aanloop naar de echtscheidingsprocedure de woning heeft verlaten en partijen niet meer samenwoonden, maakt niet dat deze verzorgingsplicht niet meer geldt en dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] over de periode tot aan de ontbinding van het huwelijk een gebruiksvergoeding aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] verschuldigd is geworden. Over de periode tot en met 9 november 2011 is [eiseres conventie/verweerster reconventie] derhalve géén gebruiksvergoeding aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] verschuldigd geworden.

4.8.

Ná 9 november 2011 is [eiseres conventie/verweerster reconventie] wel een gebruiksvergoeding aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] verschuldigd geworden. Na de ontbinding van het huwelijk zijn namelijk de artikelen uit titel 7 van boek 3 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing en geldt dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] naar vaste jurisprudentie op grond van artikel 3:169 BW een gebruiksvergoeding aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] verschuldigd is. [eiseres conventie/verweerster reconventie] woont namelijk in de woning en heeft daardoor het exclusieve genot van de woning, terwijl deze aan beide partijen in eigendom toebehoort en zij derhalve in beginsel beiden recht hebben op het gebruik en genot van de woning. Deze gebruiksvergoeding moet worden vastgesteld aan de hand van de redelijkheid en billijkheid en met inachtneming van alle omstandigheden van het geval.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft gevorderd [eiseres conventie/verweerster reconventie] te veroordelen tot een gebruiksvergoeding van 4% over zijn aandeel in de overwaarde van de woning.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] is [gedaagde conventie/eiser reconventie] een gebruiksvergoeding verschuldigd geworden. Met [eiseres conventie/verweerster reconventie] , acht de rechtbank, gelet op de marktomstandigheden in de onderhavige periode waarover de vergoeding dient te worden berekend, een vergoeding van 4% niet in overeenstemming met een zakelijke vergoeding en evenmin redelijk. Daar staat tegenover dat gemeld percentage tegemoet komt aan de behoefte aan rechtszekerheid. De andere, in de jurisprudentie voorkomende percentages hebben naar het oordeel van de rechtbank een enigszins willekeurig karakter. Mede vanuit het oogpunt van rechtszekerheid, zal de rechtbank voor de berekening van de vergoeding dan ook uitgaan van een percentage gelijk aan de wettelijke rente.

De rechtbank zal partijen in de gelegenheid stellen een afschrift van het taxatierapport en een opgave van de hypotheekschuld in het geding te brengen, zodat de rechtbank kan bepalen over welk bedrag [eiseres conventie/verweerster reconventie] [gedaagde conventie/eiser reconventie] een gebruiksvergoeding verschuldigd is geworden.

Schuld aan Alvi Beheer

4.9.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft zich op het standpunt gesteld dat partijen een lening zijn aangegaan bij Alvi Beheer ad € 20.000,00 voor de bouw van een serre bij de voormalige echtelijke woning. Ter comparitie heeft [gedaagde conventie/eiser reconventie] verklaard dat er naast voornoemd bedrag van € 20.0000,00 ook nog een bedrag van € 18.000,00 door Alvi Beheer is uitgeleend ten behoeve van de kosten van de architect. [eiseres conventie/verweerster reconventie] betwist het bestaan van deze twee geldleningen.

4.10.

De rechtbank stelt vast dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft erkend dat een bedrag van € 18.000,00 door Alvi Beheer aan partijen is overgemaakt en dat er vervolgens gedurende een aantal jaren vanuit de gezamenlijke bankrekening van partijen bedragen zijn overgemaakt naar Alvi Beheer met als omschrijving “rente lening I”.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft gesteld dat er geen sprake was van een lening in verband met de aanbouw van de serre, maar van een zogenaamd kasrondje (waarbij de vennootschap het door de aandeelhouder ter volstorting van de aandelen betaalde bedrag weer aan de aandeelhouder terugbetaald) dat boekhoudkundig is verantwoord als een lening.

Zelfs als de rechtbank veronderstellenderwijs uitgaat van de juistheid van de stelling van [gedaagde conventie/eiser reconventie] dat sprake was van een kasrondje, neemt dit niet weg dat er door [gedaagde conventie/eiser reconventie] en [eiseres conventie/verweerster reconventie] voor een bedrag van €18.000,00 een lening is aangegaan bij Alvi Beheer. Dit is een gemeenschapsschuld die door beide partijen gelijkelijk moet worden gedragen. De rechtbank verwerpt de stelling van [gedaagde conventie/eiser reconventie] dat partijen voornoemde geldlening van € 18.000,00 na verkoop van de woning aan Alvi Beheer dienen terug te betalen, nu [gedaagde conventie/eiser reconventie] daarvoor geen grondslag heeft aangevoerd.

Het bestaan van de andere overeenkomst van geldlening ad € 20.000,00 is naar het oordeel van de rechtbank niet komen vast te staan. Er zijn geen stukken overgelegd (zoals bijvoorbeeld een overeenkomst van geldlening of een schuldbekentenis of bankafschriften waaruit de betaling van de hoofdsom of rente blijkt) waar uit het bestaan van deze overeenkomst van geldlening blijkt. [gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft weliswaar gesteld dat partijen deze lening in hun belastingaangiftes hebben opgenomen, maar deze belastingaangiftes zijn niet in het geding gebracht. De rechtbank verwerpt dan ook de stelling van [gedaagde conventie/eiser reconventie] dat er naast de hiervoor besproken geldlening van €18.000,00, ook nog een geldlening van €20.000,00 door de gemeenschap is aangegaan bij Alvi Beheer.

Doorlopend krediet

4.11.

Tussen partijen is niet in geschil dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] een doorlopend krediet hebben afgesloten bij De Lage Landen en een bedrag van in totaal € 50.000,00 hebben opgenomen. De rechtbank verwerpt de stelling van [eiseres conventie/verweerster reconventie] dat het doorlopend krediet zonder nadere verrekening moet worden toebedeeld aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] en dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] haar terzake dient te vrijwaren. Er is namelijk sprake van een gemeenschapsschuld die door beide partijen gelijkelijk moet worden gedragen. Dat een deel van dit doorlopend krediet (een bedrag van € 36.000,00) door [eiseres conventie/verweerster reconventie] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] is uitgeleend aan Alvi Beheer, betekent namelijk niet dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] als aandeelhouder en bestuurder van Alvi Beheer deze schuld (of een gedeelte daarvan) alleen zou moeten dragen.

De vordering van [gedaagde conventie/eiser reconventie] om de schuld uit hoofde van voornoemd doorlopend krediet bij helfte te verdelen, zal evenwel bij eindvonnis worden afgewezen, nu de rechtbank zonder medewerking van de schuldenaar schulden niet kan verdelen.

4.12.

De schuld uit hoofde van het doorlopend krediet is een gemeenschapsschuld en derhalve dienen de rentelasten van het doorlopend krediet door de gemeenschap (en na ontbinding van het huwelijk gelijkelijk door [eiseres conventie/verweerster reconventie] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] ) te worden gedragen. De rechtbank verwerpt dan ook de stelling van [eiseres conventie/verweerster reconventie] dat de gemeenschap in de huwelijkse periode ten onrechte de rente heeft betaald over het bedrag van € 36.000,00 dat door partijen aan Alvi Beheer is doorgeleend. [eiseres conventie/verweerster reconventie] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] waren deze rente verschuldigd aan De Lage Landen en hadden eventueel, afhankelijk van de met Alvi Beheer gemaakte afspraken, op hun beurt weer recht op een rentevergoeding van Alvi Beheer over het aan Alvi Beheer uitgeleende bedrag van € 36.000,00.

Levensverzekering en overlijdensrisicoverzekering

4.13.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft een overlijdensrisicoverzekering afgesloten bij Paerel Leven N.V.. De rechtbank verwerpt de stelling van [gedaagde conventie/eiser reconventie] dat deze polis alleen tot uitkering komt indien [gedaagde conventie/eiser reconventie] komt te overlijden. Uit het door [eiseres conventie/verweerster reconventie] overgelegde polisblad blijkt namelijk dat in het geval [gedaagde conventie/eiser reconventie] op de einddatum van de verzekering niet is overleden ‘het eventueel aanwezige saldo in het premiedepot’ wordt uitgekeerd. Partijen zullen zich bij akte mogen uitlaten over deze te verwachten waarde c.q. de waarde van deze polis.

4.14.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft zich op het standpunt gesteld dat partijen beschikken over een levensverzekering bij Interpolis en dat zij, gelet op de hoogte van de premie, aanneemt dat deze verzekering niet enkel een risicoverzekering betreft, maar een bepaalde waarde vertegenwoordigt. De rechtbank verwerpt deze stelling, nu deze op geen enkele wijze is onderbouwd. Het had op de weg van [eiseres conventie/verweerster reconventie] gelegen om, bijvoorbeeld door navraag te doen bij Interpolis, gemotiveerd te stellen dat deze polis (die overigens volgens [gedaagde conventie/eiser reconventie] niet meer bestaat) een bepaalde waarde heeft.

Banksaldi

4.15.

Ten aanzien van de verdeling van de banksaldi oordeelt de rechtbank als volgt. Op grond van vaste rechtspraak is de datum van ontbinding van het huwelijk de peildatum voor de omvang en de vaststelling van de huwelijksgoederengemeenschap en is, tenzij partijen een andere peildatum overeenkomen of de redelijkheid en billijkheid een andere peildatum vordert, de datum van feitelijke verdeling de peildatum voor de waarde van de tot de huwelijksgoederengemeenschap behorende goederen.

Een banksaldo is een vorderingsrecht op de bank. De hoogte van het banksaldo kan door latere bij- of afschrijvingen wijzigen, maar de waarde van voornoemd vorderingsrecht op de bank per datum ontbinding huwelijk wijzigt door deze latere bij- of afschrijvingen niet. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de banksaldi per 9 november 2011 moeten worden verdeeld.

4.16.

Uit de door [eiseres conventie/verweerster reconventie] als productie 22 overgelegde brief van de Rabobank blijkt dat het saldo van de bankrekening met nummer [rekeningnummer] op 9 november 2011 € 82,96 credit was en het saldo op de bankrekening met nummer [rekeningnummer] € 1.429,30 credit. De rechtbank zal voornoemde bankrekeningen, die op naam van [eiseres conventie/verweerster reconventie] staan, toedelen aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] en bij eindvonnis bepalen dat zij uit hoofde van overbedeling een bedrag van € 756,13 (1/2 x (€ 82,96 + € 1.429,30)) aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] dient te voldoen.

4.17.

De rechtbank zal [gedaagde conventie/eiser reconventie] in de gelegenheid stellen bij akte onderbouwd (door middel van bankafschriften of een verklaring van de bank) aan te geven wat de hoogte was van de banksaldi op 9 november 2011 van de bankrekeningen die op dat moment op zijn naam stonden.

Rekening-courant Alvi Beheer

4.18.

Ook ten aanzien van het rekening-courantkrediet met Alvi Beheer moet als peildatum 9 november 2011 worden gehanteerd. [eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft namelijk niet gesteld dat de redelijkheid en billijkheid een andere peildatum vordert. [gedaagde conventie/eiser reconventie] had in zijn conclusie van antwoord in conventie tevens conclusie van eis in reconventie nog het standpunt ingenomen dat het redelijk was om uit te gaan van peildatum 25 augustus 2010, nu [eiseres conventie/verweerster reconventie] nadien geen bemoeienis meer met Alvi Beheer heeft gehad, maar heeft daar op comparitie de voorwaarde aan verbonden dat de rechtbank ook voor de banksaldi 25 augustus 2010 als peildatum zou hanteren.

4.19.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft zich – zakelijk weergegeven – op het standpunt gesteld dat het gelet op het feit dat er ná 25 augustus 2010 door [gedaagde conventie/eiser reconventie] een bedrag van € 58.423,21 ten laste is gebracht van het rekening-courant krediet terwijl hij in die periode een salaris genoot van € 42.227,00 exclusief onkostenvergoeding, niet anders kan dan dat er door [gedaagde conventie/eiser reconventie] lichtvaardig schulden zijn gemaakt in de zin van artikel 1:164 BW en dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] gehouden is de schade die de huwelijksgoederengemeenschap daardoor heeft geleden aan de gemeenschap te vergoeden.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft ter comparitie betoogd dat zijn netto-inkomen in deze periode € 500,00 per maand bedroeg, terwijl de door hem te betalen kinder- en partneralimentatie alleen al een bedrag van € 1.153,00 bedroeg. [gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft betoogd dat dit de reden was dat er in voornoemde periode grote bedragen zijn geleend van Alvi Beheer.

4.20.

De rechtbank zal [gedaagde conventie/eiser reconventie] in de gelegenheid stellen bij akte een onderbouwd overzicht in het geding te brengen van: i. de ontwikkeling van de rekening-courantschuld in de periode 25 augustus 2010 tot en met 9 november 2011, ii. zijn financiële lasten over voornoemde periode en iii. zijn inkomen over voornoemde periode. [eiseres conventie/verweerster reconventie] mag daar bij antwoordakte op reageren.

4.21.

De rechtbank zal de beslissing op de vraag op welke wijze de aandelen Alvi Beheer moeten worden verdeeld en haar beslissing op de vraag of de aanspraken van [gedaagde conventie/eiser reconventie] uit hoofde van de stamrechtovereenkomst met Alvi Beheer aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] zijn verknocht aanhouden totdat in rechte vaststaat wat de hoogte is van de rekening-courantschuld aan Alvi Beheer en hoe deze rekening-courantschuld is ontstaan.

Spaargeld kinderen

4.22.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft onbetwist gesteld dat het geld op de gezamenlijke spaarrekening van dochter [dochter 1] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] en het geld op de gezamenlijke spaarrekening van dochter [dochter 2] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] spaargeld van dochter [dochter 1] respectievelijk dochter [dochter 2] was.

Uit de door [eiseres conventie/verweerster reconventie] in het geding gebrachte bankafschriften blijkt dat het saldo op voornoemde spaarrekening in 2008 is overgeboekt naar de gezamenlijke bankrekening van partijen.

Ouders dienen als een goed bewindvoerder het bewind over het vermogen van hun kinderen te voeren en [gedaagde conventie/eiser reconventie] en [eiseres conventie/verweerster reconventie] zijn in dat kader gehouden het aan deze spaarrekening onttrokken bedrag aan de kinderen terug te betalen. De vordering van [eiseres conventie/verweerster reconventie] om [gedaagde conventie/eiser reconventie] te veroordelen aan ieder van de kinderen een bedrag van € 3.500,00 terug te betalen zal desondanks worden afgewezen, nu deze vordering niet door [eiseres conventie/verweerster reconventie] pro se kan worden ingesteld, maar enkel als vertegenwoordiger van de kinderen.

Inboedel

4.23.

Partijen twisten over de verdeling van de inboedel. [eiseres conventie/verweerster reconventie] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] hebben beiden een inboedellijst overgelegd met daarop ongeveer 350 inboedelgoederen. [eiseres conventie/verweerster reconventie] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] hebben weliswaar aangegeven welke inboedelgoederen zij graag toebedeeld wensen te krijgen, maar zij hebben beide niet aangegeven over welke inboedelgoederen overeenstemming bestaat en over welke inboedelgoederen partijen nog van mening verschillen. De rechtbank zal [eiseres conventie/verweerster reconventie] in de gelegenheid stellen bij akte aan te geven:

  1. welke goederen volgens beide partijen aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] moeten worden toebedeeld;

  2. welke goederen volgens beide partijen aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] moeten worden toebedeeld;

  3. over welke goederen nog geen overeenstemming bestaat.

Bij de goederen in deze laatste categorie zal [eiseres conventie/verweerster reconventie] moeten aangeven welke goederen volgens haar aan haar moeten worden toebedeeld en welke goederen aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] . [gedaagde conventie/eiser reconventie] mag hierop bij antwoordakte reageren.

4.24.

De rechtbank is met [gedaagde conventie/eiser reconventie] van oordeel dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] [gedaagde conventie/eiser reconventie] een kopie moet verstrekken van alle digitale foto’s. [gedaagde conventie/eiser reconventie] dient [eiseres conventie/verweerster reconventie] daartoe een usb stick of andere digitale gegevensdrager te overhandigen.

Auto’s

4.25.

Tussen partijen is niet in geschil dat de Audi A6 moet worden toebedeeld aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] en dat de Ford Ka moet worden toebedeeld aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] . Vervolgens is de vraag voor welk bedrag [gedaagde conventie/eiser reconventie] door deze verdeling wordt overbedeeld.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft onweersproken gesteld dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] sinds zijn vertrek uit de echtelijke woning het exclusieve gebruik heeft van de Audi A6. De rechtbank is van oordeel dat, als al geen sprake is van een feitelijke verdeling, op grond van de redelijkheid en billijkheid 25 augustus 2010 als peildatum voor de waarde van de Audi A6 moet worden gehanteerd. De rechtbank zal partijen in de gelegenheid stellen bij akte (bijvoorbeeld met een verklaring van een garagebedrijf) aan te geven wat de waarde van de Audi A6 was op 25 augustus 2010.

De waarde van de Ford Ka wordt gesteld op het aankoopbedrag van € 1.900,00. Tussen partijen is namelijk niet in geschil dat de Ford Ka is gekocht ná 25 augustus 2010 en dat de auto altijd exclusief bij [eiseres conventie/verweerster reconventie] in gebruik is geweest.

Tussen partijen is niet in geschil dat de aankoopprijs van € 1.900,00 is gefinancierd met de verkoopopbrengst van een tot de huwelijksgemeenschap behorende Mercedes Van ad € 1.000,00 en dat het restant van € 900,00 is betaald vanaf een bankrekening die op naam van [gedaagde conventie/eiser reconventie] stond. De rechtbank verwerpt de stelling van [gedaagde conventie/eiser reconventie] dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] hem in dat kader nog een bedrag van € 900,00 verschuldigd is. Deze bankrekening stond weliswaar op naam van [gedaagde conventie/eiser reconventie] , maar nu op het moment van aankoop van de Ford Ka de huwelijksgoederengemeenschap nog niet was ontbonden, behoorde het banksaldo op voornoemde bankrekening niet tot het privévermogen van [gedaagde conventie/eiser reconventie] , maar tot het gemeenschapsvermogen.

Eenmanszaak TokTok

4.26.

Tot de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap behoort de handelsvoorraad van de door [eiseres conventie/verweerster reconventie] gedreven eenmanszaak TokTok. [eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft onweersproken gesteld dat de webshop is opgeheven en er geen bedrijfsactiviteiten meer plaatsvinden. De rechtbank zal gelet daarop deze handelsvoorraad niet aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] toedelen, maar gelijkelijk tussen partijen verdelen.

De rechtbank zal bij eindvonnis bepalen dat de goederen die op de als productie 4 bij conclusie van antwoord in conventie tevens conclusie van eis in

reconventie overgelegde goederenlijst staan opgesomd in de categorieën “afsprakenmaker”, “baby-artikelen”, “blokken/duwkarren”, “buro / schrijven / kleuren”, “decoratie”, “diversen”, “educatief”, “gastvrouwcadeau” en “sieraden”, zonder verrekening van de waarde daarvan, aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] worden toebedeeld en dat de overige goederen, zonder verrekening van de waarde daarvan, aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] worden toebedeeld. De rechtbank is daarbij uitgegaan van de door partijen gestelde inkoopprijs van deze goederen.

Belastingaanslagen

4.27.

De rechtbank zal partijen in de gelegenheid stellen gemotiveerd aan te geven welke belastingrestituties zij na 9 november 2011 nog hebben ontvangen terzake de huwelijkse periode en welke belastingschulden die betrekking hebben op huwelijkse periode na 9 november 2011 nog door hen zijn voldaan.

Verrekenposten [eiseres conventie/verweerster reconventie]

4.28.

De rechtbank stelt vast dat tussen partijen niet in geschil is dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] [eiseres conventie/verweerster reconventie] een bedrag van € 515,32 dient te betalen terzake kinderbijslag en een bedrag van € 176,00 terzake kindgebonden budget. De rechtbank zal bij eindvonnis dienovereenkomstig beslissen.

4.29.

Tussen partijen is nog in geschil vanaf welke datum [gedaagde conventie/eiser reconventie] kinder- en partneralimentatie dient te betalen: 1 augustus 2011, zoals [eiseres conventie/verweerster reconventie] stelt, of 25 augustus 2011, zoals [gedaagde conventie/eiser reconventie] stelt. De rechtbank stelt vast dat in de beschikking voorlopige voorzieningen van 25 augustus 2011 geen ingangsdatum is opgenomen voor de kinder- en partneralimentatie. Op grond van artikel 822 Rv. is derhalve de datum van de beschikking, 25 augustus 2011, de ingangsdatum van de door [gedaagde conventie/eiser reconventie] te betalen kinder- en partneralimentatie.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft gesteld dat hij in oktober 2011 een te hoog bedrag aan kinder- en partneralimentatie heeft betaald en heeft terzake een beroep op verrekening gedaan. [gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft geen betalingsbewijzen overgelegd ter onderbouwing van zijn verrekenvordering. [eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft deze verrekenvordering echter niet stellig betwist, maar ter comparitie verklaard dat zij moet nakijken of [gedaagde conventie/eiser reconventie] in oktober 2011 te veel kinder- en partneralimentatie heeft betaald. De rechtbank zal partijen daarom in de gelegenheid stellen zich hier bij akte nader over uit te laten.

Verrekenposten [gedaagde conventie/eiser reconventie]

4.30.

[gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft zich op het standpunt gesteld dat hij zeer veel betalingen voor [eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft verricht, onder andere verzekeringspremies voor de echtelijke woning en verzekeringspremies voor de Ford Ka, en dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] hem in dat kader nog een bedrag van € 9.232,24 verschuldigd is. [gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft ter onderbouwing van zijn vordering verwezen naar een als productie 7 overgelegde spreadsheet met daarbij een chronologisch overzicht van alle betalingen. De rechtbank is van oordeel dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] per post (of per categorie kosten) had moeten aangeven wat voor kosten het betreft en waarom deze kosten door [eiseres conventie/verweerster reconventie] (dan wel de gemeenschap) moeten worden gedragen. [gedaagde conventie/eiser reconventie] had tevens de achterliggende betalingsbewijzen moeten overleggen.

De rechtbank is van oordeel dat de eigenaarslasten van de woning (zoals ook gevorderd door [gedaagde conventie/eiser reconventie] ) voor rekening van beide partijen komen. De rechtbank heeft in het voorgaande reeds geoordeeld dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] zich bij akte gemotiveerd mag uitlaten over de hoogte van deze kosten.

De rechtbank is voor het overige van oordeel dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] zijn vordering onvoldoende gemotiveerd heeft onderbouwd. De rechtbank zal deze vordering derhalve, behoudens het door [eiseres conventie/verweerster reconventie] erkende bedrag van € 1.274,50 (waarin is inbegrepen de verzekeringspremie voor de Ford Ka), bij eindvonnis afwijzen.

Schadevergoeding

4.31.

[eiseres conventie/verweerster reconventie] was als vrijwilligster werkzaam bij Stichting Kasteel Baexem en heeft daar als gevolg van een val over een trap letselschade aan haar pink opgelopen. [eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft terzake een vaststellingsovereenkomst gesloten met voornoemde stichting, de bestuurders van de stichting en de verzekeraar van de stichting. Deze vaststellingsovereenkomst luidt –– voor zover van belang – als volgt: “(…) Chartis betaalt aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] een bedrag groot €8.000,-- (zegge: achtduizend euro) ter afdoening van alle schade hoegenaamd immaterieel alsmede ter voorkoming en afdoening van eventuele verdere claims betreffende materiële schade inclusief de buitengerechtelijke kosten door [eiseres conventie/verweerster reconventie] geleden / of nog te lijden ter zake vermeldt. (…)”. Tussen partijen is in geschil of deze schadevergoeding aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] is verknocht. [eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft zich op het standpunt gesteld dat sprake is van een schadevergoeding voor immateriële schade en dat de schadevergoeding daarom aan haar is verknocht. [gedaagde conventie/eiser reconventie] heeft zich op het standpunt gesteld dat sprake is van een gefixeerde schadevergoeding en dat deze niet aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] is verknocht.

4.32.

De rechtbank stelt voorop dat volgens vaste rechtspraak een aanspraak op vergoeding van immateriële schade verknocht is aan [eiseres conventie/verweerster reconventie] , nu deze schadevergoeding naar zijn aard bestemd is om te dienen als compensatie voor het leed dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] als gevolg van het ongeval heeft en zal ondergaan. De rechtbank stelt vast dat hier echter sprake is van een zogenaamde lump sum die ziet op zowel de materiële als op de immateriële schade.

De rechtbank zal [eiseres conventie/verweerster reconventie] , mede gelet op de aard van het letsel en de bewoordingen van de vaststellingsovereenkomst, in de gelegenheid stellen om (bijvoorbeeld aan de hand van de inleidende dagvaarding in de procedure tegen de stichting kasteel Baexem en de correspondentie in het kader van de schikkingsonderhandelingen met de verzekeraar) nader te onderbouwen welk deel van voornoemde lump sum vergoeding betrekking heeft op de immateriële schade en welk deel betrekking heeft op de materiele schade.

4.33.

De rechtbank verwerpt thans reeds het standpunt van [gedaagde conventie/eiser reconventie] dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] haar aandeel in de schadevergoeding heeft verbeurd. Het enkele feit dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] zich op het standpunt stelt dat de schadevergoeding aan haar is verknocht en daarom in de dagvaarding geen melding heeft gemaakt van voornoemde schadevergoeding, brengt namelijk nog niet met zich dat sprake is van het opzettelijk verzwijgen, zoek maken of verbergen van een bestanddeel van de gemeenschap in de zin van artikel 3:194 lid 2 BW.

4.34.

In voornoemde akte zal [eiseres conventie/verweerster reconventie] zich ook gemotiveerd uit moeten laten over de stand van zaken in de kwestie van de mogelijke schadevordering op het St. Jans Gasthuis. [eiseres conventie/verweerster reconventie] zal ten aanzien van deze vordering ook moeten aangeven of sprake is van een schadevordering terzake vergoeding van materiele of immateriële schade.

Pensioenverevening

4.35.

Tussen partijen is niet in geschil dat de gedurende de huwelijkse periode opgebouwde pensioenen moeten worden verevend. [eiseres conventie/verweerster reconventie] heeft zich op het standpunt gesteld dat zij bij het pensioenfonds van [gedaagde conventie/eiser reconventie] al melding heeft gemaakt van de scheiding en een verzoek tot pensioenverevening heeft ingediend.

Ter comparitie hebben partijen afgesproken dat [eiseres conventie/verweerster reconventie] en [gedaagde conventie/eiser reconventie] in het kader van de verevening van het door [eiseres conventie/verweerster reconventie] opgebouwde pensioen het formulier ‘mededeling van scheiding in verband met verdeling van ouderdomspensioen’ zullen ondertekenen en dat [gedaagde conventie/eiser reconventie] dit formulier vervolgens aan het pensioenfonds van [eiseres conventie/verweerster reconventie] zal toezenden. De rechtbank zal bij eindvonnis dienovereenkomstig beslissen.

De rechtbank merkt daarbij volledigheidshalve op dat in het geval de pensioenverzekeraar van [eiseres conventie/verweerster reconventie] zich op het standpunt stelt dat dit formulier te laat (want niet binnen twee jaar na echtscheiding) is ingediend en [gedaagde conventie/eiser reconventie] derhalve geen rechtstreekse aanspraak op de pensioenverzekeraar van [eiseres conventie/verweerster reconventie] verkrijgt, [eiseres conventie/verweerster reconventie] na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd gehouden is het aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] toekomend deel van haar ouderdomspensioen aan [gedaagde conventie/eiser reconventie] te voldoen.

4.36.

De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan.

5 De beslissing

De rechtbank

in conventie en in reconventie

5.1.

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 13 januari 2016 voor het nemen van een akte door [eiseres conventie/verweerster reconventie] over hetgeen is vermeld onder de rechtsoverwegingen 4.3 (echtelijke woning), 4.4 (verschil kinder- en partneralimentatie) 4.8 (overwaarde woning), 4.23 (inboedel), 4.27 (belastingen), 4.32 (lump sum schadevergoeding) en 4.34 (schadevordering op St. Jans Gasthuis) waarna [gedaagde conventie/eiser reconventie] op de rol van vier weken daarna een antwoordakte kan nemen,

5.2.

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 13 januari 2016 voor het nemen van een akte door [gedaagde conventie/eiser reconventie] over hetgeen is vermeld onder de rechtsoverwegingen 4.5 (eigenaarslasten echtelijke woning en hypotheekrenteaftrek), 4.13 (overlijdensrisicoverzekering), 4.20 (rekening-courantschuld Alvi Beheer), 4.25 (waarde Audi A6), 4.27 (belastingen) en 4.29 (verrekenpost alimentatie oktober 2011), waarna [eiseres conventie/verweerster reconventie] op de rol van vier weken daarna een antwoordakte kan nemen,

5.3.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J.A. Donkersloot en in het openbaar uitgesproken op 16 december 2015.