Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2015:6613

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
20-11-2015
Datum publicatie
20-11-2015
Zaaknummer
01/879176-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Voor het plegen van achttien gekwalificeerde diefstallen uit woningen, auto's en vanaf [bedrijfs]terreinen in de regio Eindhoven, word verdachte veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee jaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Parketnummer: 01/879176- 15 [verdachte]

Strafrecht

Parketnummer: 01/879176-15

Datum uitspraak: 20 november 2015

Verkort vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1960,

wonende te [woonplaats] , [adres]

thans gedetineerd te: P.I. HvB Grave (Unit A + B).

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 15 juni 2015, 4 september 2015 en 6 november 2015.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht.

De tenlastelegging.

De zaak is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 18 mei 2015.

Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting van 4 september 2015 is gewijzigd, is aan verdachte ten laste gelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 27 januari 2015 te Mierlo, gemeente Geldrop-Mierlo, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf/nabij perceel Heezerweg 7 aldaar een bladblazer en/of een heggeschaar, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 1074]

2.

hij op of omstreeks 27 januari 2015 te Oost West en Middelbeers, gemeente Oirschot, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf perceel Heikant 4 aldaar een sleutel van een loader, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 1114]

3.

hij op of omstreeks 29 januari 2015 te Oirschot tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een bij een bosgbied aan de Eindhovensedijk staande bestelauto heeft weggenomen twee jerrycans met diesel, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 1142]

4.

hij op of omstreeks 29 januari 2015 te Helmond tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een op parkeerplaats Het Witven aan de 5e Boslaan aldaar staande personenauto (Ford Focus) heeft weggenomen een of meer tassen en/of schoenen en/of een weegschaal en/of een standaard van een navigatiesysteem TomTom, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak, verbreking (het inslaan van een ruit van die personenauto) en / of inklimming;[proces-verbaal pagina 1182]

5.

hij op of omstreeks 29 januari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf een aan de Locatellistraat staande bestelauto (Dodge Ram 1500) twee koffers met een boormachine en/of een slagschroefmachine en/of ander gereedschap, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 1225]

6.

hij op of omstreeks 03 februari 2015 te Mierlo, gemeente Geldrop-Mierlo, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit de woning en/of perceel Heezerweg 26 heeft weggenomen sieraden en/of computerapparatuur en/of een televisie en/of een beveiligingscamera en/of foto- en filmapparatuur en/of een telefoon en/of een wasmand en/of een zaagmachine en/of een kluissleutel en/of (vanuit een schuur bij die woning) een of meer rijzadels en/of een paardendeken en/of andere paardrij-attributen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak, verbreking en / of inklimming;[proces-verbaal pagina 1260]

7.

hij op of omstreeks 03 februari 2015 te Oirschot tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een aan de Eindhovensedijk geparkeerde personenauto (Opel Astra) heeft weggenomen een of meer tassen en/of kledingstukken en/of schoenen en/of een portemonnee en/of geld en/of een rijbewijs en/of een identiteitskaart, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 7] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak, verbreking (inslaan van een ruit van die personenauto) en / of inklimming;[proces-verbaal pagina 1469]

8.

hij op of omstreeks 11 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit een op een parkeerterrein aan de Landsardseweg staande bestelauto (Ford Transit) een rugzak en/of een IPAD en/of een notebook (merk HP) en/of een GoPro camera en/of een SD-kaart en/of een GSM (Samsung), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 8] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 1631]

9.

hij op of omstreeks 20 februari 2015 te Nuenen, gemeente Nuenen Ca, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf een nieuwbouwproject aan de Europalaan aldaar een boormachine en/of twee schroefmachines en/of een decoupeerzaag, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 9] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 1695]

10.

hij op of omstreeks 20 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een aan de Anconalaan geparkeerde bestelauto (Citroën Jumper) heeft weggenomen een kettingzaag, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak, verbreking (inslaan van een ruit van die bestelauto) en / of inklimming;[proces-verbaal pagina 1722]

11.

hij in of omstreeks de periode van 22 februari 2015 tot en met 23 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een in een weiland aan de Esp staande zeecontainer en/of een schaftkeet heeft weggenomen rijzadels en/of paardrijzweepjes en/of andere paardrij-attributen en/of een bosmaaier en/of een kachel en/of een aggregaat, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak, verbreking en / of inklimming;[proces-verbaal pagina 1744]

12.

hij op of omstreeks 24 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit/vanaf een aan de Rooijakkersstraat staande bestelauto (Citroën) twee bladblazers, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 1981]

13.

hij op of omstreeks 24 februari 2015 te Wintelre, gemeente Eersel, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een aan de Merenweg staande schaftkeet heeft weggenomen een voorwerp met oranje handvatten, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 11] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak, verbreking (openbreken van een deur van die schaftkeet) en / of inklimming;[proces-verbaal pag. 2005]

Subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of

zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 24 februari 2015 te Wintelre, gemeente Eersel, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een aan de Merenweg staande schaftkeet weg te nemen geld en/of goederen van zijn/hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 11] en/of een of meer anderen, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en zich daarbij de toegang tot die schafkeet te verschaffen en/of die/dat weg te nemen geld en/of goederen van zijn/hun gading onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen een deur van die schaftkeet heeft opengebroken en/of die schaftkeet heeft doorzocht, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;[proces-verbaal pagina 2005]

14.

hij op of omstreeks 25 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit/vanaf een aan de Grote Beekstraat staande bestelauto (Citroën Jumper) twee bladblazers, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 2035]

15.

hij op of omstreeks 25 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een aan de Koenraadlaan staande bestelauto (Ford Transit) heeft weggenomen een of meer koffers met boormachines en/of een schroefmachine en/of een decoupeerzaag, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 12] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak, verbreking (inslaan van een ruit van die bestelauto) en / of inklimming ;[proces-verbaal pagina 2060]

16.

hij op of omstreeks 25 februari 2015 te Son en Breugel tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit/vanaf een op de Eindhovenseweg staande bestelauto (Volkswagen LT) een of meer sleutels, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 13] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 2091]

17.

hij op of omstreeks 03 maart 2015 te Best, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een bladblazer (merk Husqvarna) en/of een slijpmachine/doorslijper (merk Husqvarna) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die bladblazer en/of slijpmachine/doorslijper wist(en), althans redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;[proces-verbaal pagina 2112 en 2142]

Subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of

zou kunnen leiden:

A.

hij op of omstreeks 26 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit/vanaf een op de Amazonenlaan staande bestelauto (Citroën Jumper) een bladblazer (merk Husqvarna), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 10] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);[proces-verbaal pagina 2112]

B.

hij op of omstreeks 26 februari 2015 te Best tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit/vanaf een op de Mecklenburgweg staande bestelauto (Volkswagen LT) een slijpmachine/doorslijper (merk Husqvarna), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 14] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s).[proces-verbaal pagina 2142]

Ten gevolge van een kennelijke schrijffout in de tenlastelegging begaan staat in de derde regel van het onder 3 ten laste gelegde feit “bosgbied” vermeld in plaats van “bosgebied” en in de sub 4 ten laste gelegde feit “Boslaan” vermeld in plaats van “Bosweg”. De rechtbank herstelt deze schrijffouten en leest telkens het laatste in plaats van het eerste. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

Voor zover in de tenlastelegging andere taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

De formele voorvragen.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding geldig is. De rechtbank is bevoegd van het ten laste gelegde kennis te nemen.

Door de raadsman is als verweer gevoerd dat de officier van justitie geheel of partieel niet-ontvankelijk dient te worden verklaard omdat het baken onder de auto van medeverdachte [medeverdachte 1] is geplaatst op 19 december 2014 en eerst op 29 januari 2015 een constatering werd gedaan die op een tenlastelegging is uitgedraaid. Als er anderhalve maand gebruik is gemaakt van een baken zonder dat er constateringen zijn gedaan van strafbare feiten, is er geen sprake meer van een rechtmatig onderzoek. Ook is volgens de raadsman door de politie en het openbaar ministerie disproportioneel gehandeld door op zoek te gaan naar strafbare feiten om de verdenkingen jegens verdachte rond te krijgen.

De rechtbank is van oordeel dat de door de raadsman gegeven onderbouwing niet de conclusie rechtvaardigt dat er sprake is van onregelmatigheden in het opsporingsonderzoek, zodat diens standpunt geen niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie oplevert. De rechtbank verwerpt dan ook het verweer van de raadsman. De officier van justitie kan in de vervolging worden ontvangen. Voorts zijn er geen gronden gebleken voor schorsing van de vervolging.

Vrijspraak.

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan verdachte onder 13 primair en 17 primair is ten laste gelegd, zodat de verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken.

De bewezenverklaring.

De rechtbank acht, op grond van de feiten en omstandigheden die zijn vervat in de bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen, dat

1. hij op 27 januari 2015 te Mierlo, gemeente Geldrop-Mierlo, tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf/nabij perceel Heezerweg 7 aldaar een bladblazer en een heggenschaar, toebehorende aan [slachtoffer 1] ;

2. hij op 27 januari 2015 te Oost West en Middelbeers, gemeente Oirschot, tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf perceel Heikant 4 aldaar een sleutel van een loader, toebehorende aan [slachtoffer 2] ;

3. hij op 29 januari 2015 te Oirschot tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een bij een bosgebied aan de Eindhovensedijk staande bestelauto heeft weggenomen twee jerrycans met diesel toebehorende aan [slachtoffer 3] ;

4. hij op 29 januari 2015 te Helmond tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een op parkeerplaats Het Witven aan de 5e Bosweg aldaar staande personenauto (Ford Focus) heeft weggenomen tassen en schoenen en/of een weegschaal en een standaard van een navigatiesysteem TomTom, toebehorende aan [slachtoffer 4] , waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft en/of de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak (het inslaan van een ruit van die personenauto);

5. hij op 29 januari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf een aan de Locatellistraat staande bestelauto (Dodge Ram 1500) twee koffers met een boormachine en een slagschroefmachine en ander gereedschap, toebehorende aan [slachtoffer 5] ;

6. hij op 03 februari 2015 te Mierlo, gemeente Geldrop-Mierlo, tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit de woning en/of vanuit een schuur bij die woning Heezerweg 26 heeft weggenomen sieraden en computerapparatuur en een televisie en een beveiligingscamera en foto- en filmapparatuur en een telefoon en een wasmand en een zaagmachine en een kluissleutel en rijzadels en een paardendeken en andere paardrij-attributen, toebehorende aan [slachtoffer 6] , waarbij verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak;

7. hij op 03 februari 2015 te Oirschot tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een aan de Eindhovensedijk geparkeerde personenauto (Opel Astra) heeft weggenomen tassen en kledingstukken en schoenen en een portemonnee en geld en een rijbewijs en een identiteitskaart, toebehorende aan [slachtoffer 7] , waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft en/of de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak (inslaan van een ruit van die personenauto);

8. hij op 11 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit een op een parkeerterrein aan de Landsardseweg staande bestelauto (Ford Transit) een rugzak en een IPAD en een notebook (merk HP) en een GoPro camera en een SD-kaart en een GSM (Samsung), toebehorende aan [slachtoffer 8] ;

9. hij op 20 februari 2015 te Nuenen, gemeente Nuenen Ca, tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf een nieuwbouwproject aan de Europalaan aldaar een boormachine en twee schroefmachines en een decoupeerzaag, toebehorende aan [slachtoffer 9]

10. hij op 20 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een aan de Anconalaan geparkeerde bestelauto (Citroën Jumper) heeft weggenomen een kettingzaag toebehorende aan [slachtoffer 10] waarbij verdachte en zijn mededader de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak (inslaan van een ruit van die bestelauto);

11. hij in de periode van 22 februari 2015 tot en met 23 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een in een weiland aan de Esp staande zeecontainer en/of een schaftkeet heeft weggenomen rijzadels en paardrijzweepjes en andere paardrij-attributen en een bosmaaier en een kachel en een aggregaat, toebehorende aan anderen dan aan verdachte en zijn mededaders, waarbij verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak;

12. hij op 24 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf een aan de Rooijakkersstraat staande bestelauto (Citroën) twee bladblazers toebehorende aan [slachtoffer 10] ;

13. subsidiair hij op 24 februari 2015 te Wintelre, gemeente Eersel, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een aan de Merenweg staande schaftkeet weg te nemen geld en/of goederen van hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 11] en/of een of meer anderen, en zich daarbij de toegang tot die schafkeet te verschaffen door middel van braak, met zijn mededader, een deur van die schaftkeet heeft opengebroken en die schaftkeet heeft doorzocht, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

14. hij op 25 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf een aan de Grote Beekstraat staande bestelauto (Citroën Jumper) twee bladblazers, toebehorende aan [slachtoffer 10] ;

15. hij op 25 februari 2015 te Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een aan de Koenraadlaan staande bestelauto (Ford Transit) heeft weggenomen koffers met boormachines en een schroefmachine en een decoupeerzaag, toebehorende aan [slachtoffer 12] , waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak (inslaan van een ruit van die bestelauto);

16. hij op 25 februari 2015 te Son en Breugel tezamen en in vereniging met een ander met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf een op de Eindhovenseweg staande bestelauto (Volkswagen LT) sleutels, toebehorende aan [slachtoffer 13] ;

17. subsidiair A.

hij op 26 februari 2015 te Eindhoven met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf een op de Amazonenlaan staande bestelauto (Citroën Jumper) een bladblazer (merk Husqvarna) toebehorende aan [slachtoffer 10] ;

B.

hij op 26 februari 2015 te Best met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen uit/vanaf een op de Mecklenburgweg staande bestelauto (Volkswagen LT) een slijpmachine/doorslijper (merk Husqvarna) toebehorende aan [slachtoffer 14] .

De bewijsmiddelen worden slechts gebezigd met betrekking tot het feit waarop zij in het bijzonder betrekking hebben.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

De strafbaarheid van het feit.

Het bewezen verklaarde levert op de in de uitspraak vermelde strafbare feiten.

Er zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

De strafbaarheid van verdachte.

Er zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. Verdachte is daarom strafbaar voor hetgeen bewezen is verklaard.

Oplegging van straf en/of maatregel.

De eis van de officier van justitie.

Ten aanzien van de feiten 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13 primair, 14, 15, 16 en

17 primair:

Een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, met aftrek voorarrest.

Teruggave van de inbeslaggenomen voorwerpen (zoals op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen vermeld) aan de rechtmatige eigenaars. De eigenaars hebben de voorwerpen inmiddels al terug en zijn als bewaarder aangesteld.

Ten aanzien van de vorderingen van de benadeelde partijen:

- [slachtoffer 7] (feit 7): gehele toewijzing tot een bedrag van € 127,=

- [slachtoffer 15] (feit 11): toewijzing tot een bedrag van € 15.290,= met afwijzing van het restant van de vordering, nu de kachel en het aggregaat weer zijn teruggegeven aan de benadeelde partij.

- [slachtoffer 16] (feit 11): gehele toewijzing tot een bedrag van € 469, 35.

- [slachtoffer 17] (feit 11): gehele toewijzing tot een bedrag van € 373,35.

- [slachtoffer 18] (feit 11): gehele toewijzing tot een bedrag van € 502,90.

- [slachtoffer 11] (feit 13 primair): niet ontvankelijk verklaring omdat niet blijkt dat de gemachtigde ook daadwerkelijk gemachtigd was door de [slachtoffer 11] .

- [slachtoffer 13] (feit 16): toewijzing tot een bedrag van € 852,52 en niet-ontvankelijk verklaring voor het restant van de vordering.

Voor zover een gehele of gedeeltelijke toewijzing is gevorderd, vordert de officier van justitie tevens hoofdelijke veroordeling van verdachte samen met zijn mededader(s).

Een kopie van de vordering van de officier van justitie is aan dit vonnis gehecht.

Het oordeel van de rechtbank.

Bij de beslissing over de straf die aan verdachte dient te worden opgelegd heeft de rechtbank gelet op de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan. Bij de beoordeling van de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten betrekt de rechtbank het wettelijke strafmaximum en de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. Daarnaast houdt de rechtbank bij de strafbepaling rekening met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende ten nadele van verdachte in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich met zijn medeverdachte(n) schuldig gemaakt aan diefstallen, veelal vanaf of vanuit bestelauto’s, een woninginbraak, auto-inbraken, een inbraak in een zeecontainer en schaftkeet en een poging tot inbraak in een schaftkeet. Verdachte heeft bij het plegen van de feiten gehandeld uit puur winstbejag en heeft zich niets aangetrokken van de belangen van de slachtoffers.

Diefstallen als de onderhavige veroorzaken overlast en schade. Door toedoen van verdachte en zijn medeverdachten zijn niet alleen mensen hun dierbare bezittingen ontnomen, maar zijn ook bedrijven gedupeerd. Verdachte en zijn medeverdachte(n) gingen zonder schroom te werk en braakhandelingen werden daarbij geenszins geschuwd. Niet alleen in de nachtelijke uren, maar vooral op klaarlichte dag, namen zij weg wat op hun pad kwam. En konden ze de buit vervolgens niet gebruiken of te gelde maken, werd deze gewoon ergens gedumpt. Hun werkwijze getuigt van een brutale mentaliteit, waaruit minachting spreekt voor andermans eigendom. Zelfs het privé-domein van een woning heeft hen niet weerhouden. De woning is bij uitstek de plaats waar men zich veilig moet kunnen voelen. Een inbraak in de woning veroorzaakt gevoelens van angst en onveiligheid bij de bewoners in het bijzonder en in de samenleving in het algemeen. Daarnaast brengt een woninginbraak voor de benadeelden materiële schade en overlast met zich mee. Verdachte heeft zich van dit alles niets aangetrokken. Hij heeft zich enkel laten leiden door financiële motieven.

Kijkend naar de persoon van verdachte, houdt de rechtbank voorts in het nadeel van verdachte rekening met de omstandigheid dat verdachte eerder voor soortgelijke feiten werd veroordeeld tot onvoorwaardelijke gevangenisstraffen.

Bij haar beslissing over de strafsoort en de hoogte van de straf heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij de binnen de zittende magistratuur ontwikkelde oriëntatiepunten. De oriëntatiepunten dienen als vertrekpunt bij het bepalen van de straf.

De rechtbank acht uit een oogpunt van vergelding en ter beveiliging van de maatschappij een vrijheidsbeneming van lange duur op zijn plaats.

De rechtbank zal een lichtere straf opleggen dan de door de officier van justitie gevorderde straf, nu de rechtbank van oordeel is dat de straf die de rechtbank zal opleggen de ernst van het bewezen verklaarde voldoende tot uitdrukking brengt en de rechtbank haar straf baseert op een minder aantal feiten dan de officier van justitie.

De rechtbank is van oordeel dat in verband met een juiste normhandhaving niet kan worden volstaan met het opleggen van een andersoortige of geringere straf dan een gevangenisstraf voor de duur van twee jaar.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 7] . De rechtbank acht de vordering in haar geheel toewijsbaar als onvoldoende gemotiveerd betwist en rechtstreeks door het bewezen verklaarde feit onder 7 toegebrachte schade door de auto-inbraak. Naar het oordeel van de rechtbank komen de kosten voor aanschaf van een nieuwe identiteitskaart en rijbewijs als gevolg van deze inbraak niet voor rekening en risico van de benadeelde. De omstandigheid dat deze documenten zijn teruggevonden, doen immers aan die kosten voor de benadeelde niets af.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Motivering van de hoofdelijkheid.

De rechtbank stelt vast dat verdachte dit strafbare feit samen met een ander heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededader samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.

Schadevergoedingsmaatregel.

De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert.

Aangezien aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij komt te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 15] .De benadeelde partij heeft ter terechtzitting haar vordering verminderd met een bedrag van € 890,= omdat zowel de kachel als het aggregaat die uit de zeecontainer/schaftkeet waren gestolen, zijn teruggegeven aan de benadeelde partij.

De rechtbank acht toewijsbaar, als onvoldoende gemotiveerd betwist en rechtstreeks door het bewezen verklaarde feit onder 11 toegebrachte schade, de volgende onderdelen van de vordering te weten materiële schadevergoeding (de posten: geen lessen kunnen geven en sloten/laswerk reparatie). De hoogte van deze schadeposten komt de rechtbank aannemelijk voor.

De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in de posten zadels, hoofdstellen en bosmaaier, omdat de rechtbank van oordeel is dat behandeling van de vordering op deze punten een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. onder meer aangezien de bewijstukken thans ontbreken. Nader onderzoek naar de juistheid en omvang van de vordering (in zoverre) zou een uitgebreide nadere behandeling vereisen. De benadeelde partij kan deze onderdelen van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Motivering van de hoofdelijkheid.

De rechtbank stelt vast dat verdachte dit strafbare feit samen met anderen heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededaders samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.

Schadevergoedingsmaatregel.

De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert.

Aangezien aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij komt te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 16] . De rechtbank acht de vordering in haar geheel toewijsbaar als rechtstreeks door het bewezen verklaarde feit onder 11 toegebrachte schade door de inbraak in de zeecontainer en/of schaftkeet. Het schadebedrag komt de rechtbank aannemelijk voor.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Motivering van de hoofdelijkheid.

De rechtbank stelt vast dat verdachte dit strafbare feit samen met anderen heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededaders samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.

Schadevergoedingsmaatregel.

De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevorder.

Aangezien aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij komt te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 17] . De rechtbank acht de vordering in haar geheel toewijsbaar als rechtstreeks door het bewezen verklaarde feit onder 11 toegebrachte schade door de inbraak in de zeecontainer en/of schaftkeet. Het schadebedrag komt de rechtbank aannemelijk voor.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Motivering van de hoofdelijkheid.

De rechtbank stelt vast dat verdachte dit strafbare feit samen met anderen heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededaders samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.

Schadevergoedingsmaatregel.

De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert.

Aangezien aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij komt te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 17] . De rechtbank acht de vordering in haar geheel toewijsbaar als rechtstreeks door het bewezen verklaarde feit onder 11 toegebrachte schade door de inbraak in de zeecontainer en/of schaftkeet. Het schadebedrag komt de rechtbank aannemelijk voor.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Motivering van de hoofdelijkheid.

De rechtbank stelt vast dat verdachte dit strafbare feit samen met anderen heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededaders samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.

Schadevergoedingsmaatregel.

De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert.

Aangezien aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij komt te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 11] . De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in de vordering. De vordering ter zake van het bewezen verklaarde onder feit 13 subsidiair is ingediend door de gemachtigde van de benadeelde partij [betrokkene 1] .

Uit het voegingsformulier blijkt echter niet dat [betrokkene 1] is gemachtigd om namens de benadeelde partij op te treden. De benadeelde partij is voorts in kennis gesteld van de zitting, maar niet verschenen, zodat ook ter zitting niet kon worden vastgesteld of [betrokkene 1] gemachtigd was.

Hoewel de Hoge Raad in zijn arrest van 5 februari 2002, NJ 2003, 593 heeft bepaald dat de beginselen van een goede procesorde met zich brengen dat de benadeelde partij eerst niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar vordering, nadat zij door de officier van justitie dan wel door de rechter in de gelegenheid is gesteld dat verzuim te herstellen, is de rechtbank evenwel van oordeel dat het aanhouden van de zaak alleen om de benadeelde partij alsnog in de gelegenheid te stellen het verzuim te herstellen een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.

De benadeelde partij kan deze onderdelen van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

De rechtbank zal de kosten compenseren.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 13] . De rechtbank acht toewijsbaar, als rechtstreeks door het bewezen verklaarde feit onder 16 toegebrachte schade, het volgende onderdeel van de vordering te weten materiële schadevergoeding, de post sloten bus vervangen, tot een bedrag van € 704,56.

De benadeelde partij heeft zowel voornoemde kosten als de daarom betrekking hebbende BTW gevorderd. De rechtbank is echter van oordeel dat, nu verdachte een bedrijf heeft, de BTW kan worden teruggevorderd, zodat deze post voor de benadeelde geen schade oplevert.

De rechtbank zal de benadeelde partij niet ontvankelijk verklaren in (het hierna te noemen onderdeel van) de vordering, omdat de rechtbank van oordeel is dat een nadere behandeling van de vordering op dit punt een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Benadeelde heeft nog opgegeven 2 dagen van 9 uur niet te hebben kunnen werken, zonder verder te motiveren waarom hij niet heeft kunnen werken. Door de verdediging is deze post gemotiveerd betwist.

De benadeelde partij kan deze onderdelen van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Motivering van de hoofdelijkheid.

De rechtbank stelt vast dat verdachte dit strafbare feit samen met een ander heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededader samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.

Schadevergoedingsmaatregel.

De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert.

Aangezien aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat als verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij komt te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt te vervallen.

Beslag.

De rechtbank zal de teruggave gelasten van de in het dictum nader te noemen inbeslaggenomen voorwerpen aan de rechthebbenden nu naar het oordeel van de rechtbank het belang van strafvordering zich niet meer verzet tegen de teruggave van de inbeslaggenomen goederen.

Ten aanzien van de inbeslaggenomen slijptol inclusief acculader, accu en slijpschijf is de rechtbank van oordeel dat hierover in de onderhavige strafzaak geen beslissing kan worden genomen. Blijkens de inhoud van het strafdossier behoren deze voorwerpen niet aan verdachte toe en hebben deze bij het bewezen verklaarde geen rol gespeeld. De rechtbank zal zich ten aanzien van deze inbeslaggenomen voorwerpen derhalve onthouden van een beslissing.

Toepasselijke wetsartikelen.

De beslissing is gegrond op de artikelen:

Wetboek van Strafrecht art. 10, 24c, 27, 36f, 45, 57, 60a, 310, 311.

DE UITSPRAAK

T.a.v. feit 13 primair, feit 17 primair: Vrijspraak

Verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 13 primair en 17 primair ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op de misdrijven:

T.a.v. feit 1: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 2: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 3: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 4: diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak. T.a.v. feit 5: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 6: diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak. T.a.v. feit 7: diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak. T.a.v. feit 8: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 9: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 10: diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak. T.a.v. feit 11: diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak. T.a.v. feit 12: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 13 subsidiair: Poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak. T.a.v. feit 14: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 15: diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak. T.a.v. feit 16: diefstal door twee of meer verenigde personen. T.a.v. feit 17 subsidiair a: diefstal. T.a.v. feit 17 subsidiair b: diefstal. Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Legt op de volgende straf(fen) en/of maatregel(en).

T.a.v. feit 1, feit 2, feit 3, feit 4, feit 5, feit 6, feit 7, feit 8, feit 9, feit 10, feit 11, feit 12, feit 13 subsidiair, feit 14, feit 15, feit 16, feit 17 subsidiair a, feit 17 subsidiair b:

Gevangenisstraf voor de duur van 2 jaar met aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek van Strafrecht

Teruggave inbeslaggenomen goederen.

De rechtbank gelast de teruggave van de inbeslaggenomen voorwerpen, te weten 2 bladblazers merk Husqvarna aan Ergobedrijven, Avignonlaan 67 te 5627 GA Eindhoven.

De rechtbank gelast de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp, te weten een slijpmachine, merk Husqvarna aan [slachtoffer 14] , Buseind 13 te 5685 DE Best.

T.a.v. feit 7: Maatregel van schadevergoeding van EUR 127,00 subsidiair 2 dagen hechtenis

Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 7] , van een bedrag van EUR 127,= (zegge: eenhonderd zevenentwintig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 2 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit materiële schadevergoeding.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door zijn mededader is betaald.

De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor opgelegde

betalingsverplichting niet op.

Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:

Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 7] van een bedrag van EUR 127,= (zegge: eenhonderd zevenentwintig euro), betreffende materiële schadevergoeding.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door zijn mededader is betaald.

Indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat te vervallen.

Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

T.a.v. feit 11: Maatregel van schadevergoeding van EUR 2450,00 subsidiair 34 dagen hechtenis

Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 15] van een bedrag van EUR 2450,= (zegge: tweeduizend vierhonderdenvijftig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 34 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit materiële schade (post geen lessen kunnen geven en sloten/laswerk reparatie).

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.

Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:

Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 15] van een bedrag van EUR 2450,= (zegge: tweeduizend vierhonderdenvijftig euro), te weten materiële schade (post geen lessen kunnen geven en sloten/laswerk reparatie).

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

Indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij,komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat te vervallen.

Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Bepaalt dat de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk is.

T.a.v. feit 11: Maatregel van schadevergoeding van EUR 469,35 subsidiair 9 dagen hechtenis

Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 16] , van een bedrag van EUR 469,35 (zegge: vierhonderdnegenenzestig euro en vijfendertig eurocent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 9 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit materiële schadevergoeding.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.

Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:

Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 16] van een bedrag van EUR 469,35 (zegge: vierhonderdnegenenzestig euro en vijfendertig eurocent), te weten materiële schadevergoeding.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

Indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat te vervallen.

Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

T.a.v. feit 11: Maatregel van schadevergoeding van EUR 373,35 subsidiair 7 dagen hechtenis

Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 17] , van een bedrag van EUR 373,35 (zegge: driehonderd drieënzeventig euro en vijfendertig eurocent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 7 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit materiële schadevergoeding.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor opgelegde

betalingsverplichting niet op.

Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:

Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 17] van een bedrag van EUR 373,35 (zegge: driehonderd drieënzeventig euro en vijfendertig eurocent), te weten materiële schadevergoeding.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

Indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat te vervallen.

Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

T.a.v. feit 11: Maatregel van schadevergoeding van EUR 502,90 subsidiair 10 dagen hechtenis

Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 18] , van een bedrag van EUR 502,90 (zegge: vijfhonderdentwee euro en negentig eurocent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 10 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit materiële schadevergoeding.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor opgelegde

betalingsverplichting niet op.

Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:

Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 18] van een bedrag van EUR 502,90 (zegge: vijfhonderdentwee euro en negentig eurocent), te weten materiële schadevergoeding.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

Indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat te vervallen.

Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

T.a.v. feit 13 subsidiair: Niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij

Compenseert de kosten van partijen aldus, dat elke partij de eigen kosten draagt.

T.a.v. feit 16: Maatregel van schadevergoeding van EUR 704,56 subsidiair 14 dagen hechtenis

Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 13] van een bedrag van EUR 704,56 (zegge: zevenhonderdenvier euro en zesenvijftig eurocent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 14 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit een bedrag materiële schadevergoeding (post sloten bus vervangen).

De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:

Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 13] , van een bedrag van EUR 704,56 (zegge: zevenhonderdenvier euro en zesenvijftig eurocent), te weten materiële schadevergoeding (post sloten bus vervangen).

Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot heden begroot op nihil.

Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van) zijn mededader(s) is betaald.

Bepaalt dat de benadeelde partij in het overige deel van de vordering niet ontvankelijk is.

Indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij te vervallen en andersom, indien verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, komt daarmee zijn verplichting tot betaling aan de Staat te vervallen.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. A.M. Kooijmans-de Kort, voorzitter,

mr. N.I.B.M. Buljevic en mr. P.T. Heblij, leden,

in tegenwoordigheid van J.C. de Steur, griffier,

en is uitgesproken op 20 november 2015.

Mr. Heblij is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.