Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2015:6593

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
18-11-2015
Datum publicatie
19-11-2015
Zaaknummer
C/01/287399 / HA ZA 14-923
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Bodemzaak
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Contradictoir. Zaak gaat over het opzetten van een zogenaamde ‘fuikwebsite’, dit is een website die onafhankelijkheid en deskundigheid suggereert, maar waarachter slechts één marktpartij zit. Opdrachtnemer van een letselschadebureau had een fuikwebsite voor het letselschadebureau opgezet en maakte kort daarop een fuikwebsite voor zichzelf. Vervolgens bood de opdrachtnemer de zogenaamde ‘leads’ (aanvragen) die haar fuikwebsite genereerde tegen betaling aan bij het letselschadebureau. Dit acht de rechtbank onrechtmatige concurrentie. Er volgt geen schadevergoeding omdat het letselschadebureau de daarop ziende vordering niet heeft onderbouwd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Onder redactie van Tina van der Linden – Smit en Kea Kroeks – de Raaij annotatie in UDH:IR/13048
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel Recht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

zaaknummer / rolnummer: C/01/287399 / HA ZA 14-923

Vonnis van 18 november 2015

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WITLOX JURISTEN SINDS 1915 B.V.,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

eiseres,

advocaat mr. C.J.E.A. van Gorp te Breda,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

THE BRANDHOUSE B.V.,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

gedaagde,

advocaat mr. L.P. Schuttelaar te ’s-Hertogenbosch.

Partijen zullen hierna Witlox en Brandhouse genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis van 18 maart 2015

  • -

    het proces-verbaal van comparitie van 29 juni 2015.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

De onderneming van Witlox richt zich op het behandelen van letselschadeclaims van slachtoffers van verkeersongevallen, medische fouten e.d.. De onderneming van Brandhouse richt zich op het adviseren van bedrijven en instellingen op het gebied van marketing en communicatie. In dit verband ontwikkelt zij onder meer websites.

2.2.

In 2012 heeft Witlox aan Brandhouse opdracht gegeven tot het ontwikkelen van een concept en een strategie om meer en kwalitatief betere klanten te krijgen. In dit verband heeft Witlox aan Brandhouse opdracht gegeven tot, onder meer, het vernieuwen van haar al bestaande website met de domeinnaam www.misterclaim.nl en het ontwikkelen van een zogenaamde fuiksite. Partijen verstaan hieronder een website waarop algemene informatie over een bepaald onderwerp wordt gegeven, waarbij het de bedoeling is dat de bezoeker van de site zijn contactgegevens achterlaat zodat een aan de site gelieerde partij met de bezoeker contact kan opnemen. Het gaat er daarbij om dat de site onafhankelijkheid en deskundigheid suggereert, zonder dat kenbaar wordt gemaakt dat er feitelijk maar één marktpartij achter de site zit. In dit geval was de fuiksite bedoeld om via algemene informatie over letselschade de bezoeker van de site te bewegen contact op te nemen met een door Witlox ingeschakeld contactcentrum, die de gegevens van de bezoeker aan Witlox zou doorgeven.

2.3.

Voor deze en nog enkele andere werkzaamheden heeft Brandhouse aan Witlox een totaalbedrag van € 60.080,60 inclusief btw in rekening gebracht, welk bedrag Witlox aan Brandhouse heeft betaald.

2.4.

De vernieuwde website “misterclaim” was gereed en actief op 9 mei 2013. De fuiksite was gereed en actief op 4 september 2013. Omdat, haars inziens, de resultaten tegenvielen heeft Witlox besloten alle activiteiten rond de fuiksite in het voorjaar van 2014 te beëindigen. De werkzaamheden van Brandhouse ten behoeve van Witlox hebben voortgeduurd tot en met april 2014.

2.5.

In de periode maart/april 2014 heeft Brandhouse voor zichzelf een fuiksite gemaakt met vergoeding van letselschade als onderwerp. De domeinnaam daarvan is www.letselschadeadvocaat-nocurenopay.nl. De via deze website opgedane contacten heeft Brandhouse aan Witlox op enig moment aangeboden tegen een vergoeding van € 250,00 per stuk.

3 Het geschil

3.1.

In dit geding stelt Witlox dat Brandhouse tekortgeschoten is in haar contractuele verplichtingen en dat zij jegens haar onrechtmatig heeft gehandeld.

Zij vordert:

– de ontbinding van de overeenkomsten tussen partijen voor zover deze nog mochten bestaan,

– voor recht te verklaren dat Brandhouse onrechtmatig heeft gehandeld door concurrerende activiteiten te ontplooien,

– Brandhouse te veroordelen de door Witlox betaalde bedragen ter ontwikkeling van de beide websites, totaal € 60.080,60, terug te betalen,

– Brandhouse te veroordelen tot vergoeding van door Witlox door de onrechtmatige concurrentie geleden schade, door de rechtbank ex aequo et bono te begroten,

– Brandhouse, dan wel aan haar gelieerde partijen, te verbieden internetleads te genereren op het gebied van letselschade,

– Brandhouse te veroordelen om de fuiksite met de domeinnaam www.letselschadeadvocaat-nocurenopay.nl om niet aan Witlox over te dragen, dan wel deze site off-line te halen en te houden,

– Brandhouse te gebieden zich te onthouden van activiteiten die concurrerend zijn voor Witlox zoals het exploiteren van de website die zich richt op het genereren van internetleads op het gebied van letselschade op verbeurte van een dwangsom,

– Brandhouse te veroordelen tot vergoeding van gemaakte buitengerechtelijke incassokosten

en

– Brandhouse te veroordelen in de kosten van het geding.

3.2.

Brandhouse bestrijdt de vordering van Witlox en de daaraan ten grondslag gelegde stellingen. Zij betwist tekortgeschoten te zijn in de nakoming van haar verplichtingen die voortvloeien uit de overeenkomst tussen partijen en zij betwist onrechtmatig jegens Witlox te hebben gehandeld.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

Websites c.a., tekortkoming

4.1.

De overeenkomst tussen partijen tot het ontwikkelen en onderhouden van de twee websites en het verrichten van daarmee samenhangende werkzaamheden moet gekwalificeerd worden als een overeenkomst van opdracht. Een overeenkomst als deze verplicht in het algemeen niet tot het bereiken van een bepaald resultaat. Witlox heeft niet gesteld en ook is niet gebleken dat tussen partijen het bereiken van een bepaald resultaat is overeengekomen. Het moge zo zijn dat het door Witlox beoogde doel van de opdracht was het creëren van meer en betere zaken, dit betekent niet zonder meer dat het Brandhouse als een tekortkoming is aan te rekenen als dit doel niet wordt bereikt.

4.2.

Uit de bij dagvaarding geformuleerde stellingen van Brandhouse blijkt dat tussen partijen intensief overleg is gevoerd. Witlox heeft de aan haar opgeleverde websites geaccepteerd en de daarvoor aan haar in rekening gebrachte kosten voldaan. De website “misterclaim” heeft Witlox nog steeds in gebruik. Brandhouse heeft dit bij haar conclusie van antwoord gesteld en Witlox heeft dit bij de comparitie niet bestreden. De activiteiten verband houdende met de fuiksite heeft Witlox in het voorjaar van 2014 gestaakt in verband met de kosten daarvan en het uitblijven van resultaat.

4.3.

Witlox stelt ter onderbouwing van haar verwijt dat Brandhouse is tekortgeschoten in de nakoming van haar contractuele verplichtingen slechts dat de site “misterclaim” niet meer nieuwe zaken genereert dan de oude website terwijl de fuiksite niet één nieuwe zaak heeft opgeleverd. Dit echter is niet voldoende grond voor het verwijt van Witlox. Immers, de overeenkomst tussen partijen brengt niet mee dat enig resultaat is gegarandeerd.

4.4.

Witlox heeft bij dagvaarding ook gewezen op de discussie die tussen partijen is gevoerd over het gebruik van de term “no cure no pay” of een variant daarop in de domeinnaam van de fuiksite. Witlox achtte dit gebruik wenselijk aangezien zij ervan overtuigd was dat dit voor vrijwel alle potentiële klanten een essentiële voorwaarde is voor de behandeling van een zaak. Brandhouse heeft hiervan gezegd dat zij aan Witlox heeft meegedeeld dat het niet verstandig was om teveel nadruk te leggen op de manier van werken van Witlox, die zou inhouden dat zij haar kosten zowel in rekening brengt bij de (verzekeraar van de) schadeveroorzakende partij als bij de eigen cliënt, dit laatste in de vorm van een deel van de verkregen schadevergoeding. Bovendien had, volgens Brandhouse, het beginsel “no cure no pay” in die tijd in het juridisch verkeer met betrekking tot letselschadezaken een ronduit slechte naam. Witlox zou hier al enige malen negatief mee in de publiciteit zijn gekomen.

4.5.

De rechtbank stelt vast dat partijen kennelijk een verschillend oordeel hadden over de effectiviteit van het gebruik van de woorden “no cure no pay” of een variant daarop in de domeinnaam van de fuiksite. Kennelijk heeft Witlox zich laten overtuigen en is ermee akkoord gegaan dat deze woorden niet (nadrukkelijk) werden gebruikt. Ook hierin kan daarom geen grond gelegen zijn voor het verwijt van Witlox dat Brandhouse is tekortgeschoten in de nakoming van haar contractuele verplichtingen.

4.6.

Meer of andere gronden dan deze zijn niet gesteld. Dit betekent, dat de vordering tot ontbinding van de overeenkomst en de daarmee samenhangende vordering tot terugbetaling van de door Witlox gedane betalingen van in totaal € 60.080,60 moeten worden afgewezen.

Concurrerende website, onrechtmatige daad

4.7.

Witlox heeft verder gesteld en aan haar vorderingen ten grondslag gelegd, dat Brandhouse in de periode waarin zij in opdracht van Witlox werkzaamheden verrichtte zonder medeweten van Witlox voor zichzelf een fuikwebsite heeft ontwikkeld met de domeinnaam “www.letselschadeadvocaat-nocurenopay.nl” waarbij zij zich heeft bediend van door Witlox aan haar verstrekte kennis over de letselschademarkt. Ook zou sprake zijn van sterke gelijkenis tussen de eigen fuiksite van Brandhouse en de door Brandhouse in opdracht van Witlox ontwikkelde fuiksite. Mede in het licht van de contractuele relatie tussen partijen acht Witlox dit alles onrechtmatig. Brandhouse bleek ineens een concurrent van Witlox op het internet.

4.8.

Brandhouse bestrijdt onrechtmatig jegens Witlox te hebben gehandeld. Zij bestrijdt ook dat Witlox schade zou hebben geleden. Brandhouse bestrijdt bij het opstellen van haar eigen fuiksite gebruik te hebben gemaakt van van Witlox verkregen specifieke kennis en informatie. Zij stelt volledig op eigen risico en voor eigen kosten een onderzoek gedaan te hebben naar de letselschademarkt waarbij zij gekeken heeft naar het opereren van de grootste concurrenten van Witlox. Volgens Brandhouse heeft zij bij het opstellen van haar eigen fuiksite de kracht benut van een goed gebruik van Google adwords.

4.9.

Brandhouse bestrijdt Witlox onrechtmatige concurrentie te hebben aangedaan. De opdrachten van Witlox aan Brandhouse waren per eind februari 2014 geëindigd. Daarna is niet meer gefactureerd. Partijen hebben, aldus Brandhouse, nooit exclusiviteit ter zake van de letselschadebureaus bedongen en evenmin is enig concurrentiebeperkend beding overeengekomen. Brandhouse was dus vrij om zowel tijdens de looptijd van de opdrachten van Witlox als na afloop daarvan voor eigen rekening en voor derden werkzaamheden in de letselschadebranche te verrichten.

4.10.

Naar het oordeel van de rechtbank neemt Brandhouse terecht als uitgangspunt, dat concurrentie in beginsel vrij is. De overeenkomst tussen partijen bevat geen concurrentiebeperkende afspraken. Wel is het zo, dat door bijzondere omstandigheden concurrentie onrechtmatig kan zijn.

4.11.

In dit verband stelt de rechtbank vast, dat de door Brandhouse voor Witlox ontwikkelde fuiksite actief was van 4 september 2013 tot april 2014 (par. 7 dagvaarding en par. 13 conclusie van antwoord). Bij de comparitie heeft de directeur van Brandhouse verklaard dat hij zijn fuiksite heeft gemaakt in de periode maart, april 2014. Het zou om een simpele website gaan die niet te vergelijken was met de fuiksite van Witlox. Brandhouse wilde met haar fuiksite het effect van een adwords campagne testen want de adwords van de fuiksite van Witlox werkten niet goed.

4.12.

Verder staat vast dat Brandhouse - na in maart 2014 de aanvragen die op haar fuiksite binnenkwamen gratis aan Witlox te hebben verstrekt - bij e-mail bericht van 10 april 2014 aan Witlox een voorstel heeft gedaan voor “onze leads samenwerking”. Uit de tekst van dit e-mailbericht (productie 3 dagvaarding) blijkt onomstotelijk, dat Brandhouse met haar eigen fuiksite een eigen commercieel belang voor ogen had, in de kern erop neerkomend dat Witlox aan Brandhouse een bedrag van € 250,00 per aanvraag om informatie zou moeten betalen. In het licht van deze tekst acht de rechtbank niet aannemelijk dat Brandhouse de eigen fuiksite heeft ontwikkeld met alleen het oogmerk het effect van adwords te testen.

4.13.

De kwestie komt dus hierop neer, dat Brandhouse in opdracht van Witlox een fuikwebsite heeft ontwikkeld waarvoor Witlox aan Brandhouse een aanmerkelijk bedrag heeft betaald. Relatief korte tijd daarna en terwijl de relatie tussen partijen nog liep ontwikkelt Brandhouse voor zichzelf een vrijwel gelijke fuiksite en vraagt Witlox een aanmerkelijk bedrag voor elke aanvraag die Brandhouse via haar fuiksite binnenkrijgt en door kan leiden naar Witlox of een andere letselschadespecialist. Brandhouse is zelf geen letselschadespecialist. Zij beoogt uitsluitend financieel gewin door het verkopen van aanvragen. Dat dergelijke aanvragen bij Witlox terecht zouden komen was het oogmerk van de opdracht van Witlox tot het ontwikkelen van een fuiksite voor haar.

4.14.

Deze feiten in onderling verband bezien leiden tot de conclusie dat het gedrag van Brandhouse als onrechtmatig jegens Witlox moet worden beoordeeld. Dat Brandhouse Witlox van te voren op de hoogte zou hebben gesteld van het maken van haar eigen fuiksite, zoals zij heeft gesteld maar Witlox heeft betwist, doet aan dat oordeel niet af, nu Witlox met deze enkele mededeling toen niet heeft (kunnen) inzien dat Brandhouse middels het aan Witlox verkopen van leads, de fuiksite van Witlox zou gaan beconcurreren. Daarmee is Brandhouse immers pas een maand later begonnen. De rechtbank acht derhalve de gevorderde verklaring voor recht dat Brandhouse onrechtmatig heeft gehandeld door deze concurrerende activiteiten te ontplooien toewijsbaar.

Schade

4.15.

Onrechtmatig handelen leidt tot de verplichting schade te vergoeden. Witlox vordert een schadevergoeding die door de rechtbank ex aequo et bono zou moeten worden begroot.

4.16.

Een dergelijke algemeen geformuleerde vordering acht de rechtbank niet toewijsbaar. Het had op de weg van Witlox gelegen tenminste enig aanknopingspunt te bieden op basis waarvan de rechtbank een dergelijke begroting zou kunnen uitvoeren. Bij de comparitie van partijen heeft de directeur van Witlox verklaard dat zijn schade bestaat uit zaken die hij is misgelopen. Dat Witlox als gevolg van het onrechtmatig handelen van Brandhouse zaken is misgelopen en dus inkomsten en daarmee schade heeft geleden is echter op geen enkele wijze onderbouwd. Dit onderdeel van de vorderingen van Witlox behoort dus te worden afgewezen.

Overige vorderingen

4.17.

Witlox heeft voorts gevorderd Brandhouse “dan wel aan haar gelieerde partijen” te verbieden internetleads te genereren op het gebied van letselschade en Brandhouse te gebieden zich te onthouden van activiteiten die concurrerend zijn voor Witlox zoals het exploiteren van een website die zich richt op het genereren van internetleads op het gebied van letselschade.

4.18.

Deze vorderingen zijn naar het oordeel van de rechtbank niet toewijsbaar. Ze zijn te algemeen geformuleerd gaan eraan voorbij, dat onrechtmatige concurrentie zoals in dit geval niet betekent, dat een verbod voor onbepaalde tijd gerechtvaardigd is. Na verloop van enige tijd, als de contractuele relatie tussen partijen (verder) “uitgewerkt” is, moet Brandhouse geacht worden weer de vrijheid te hebben Witlox te beconcurreren. Dit vloeit voort uit het principe dat concurrentie vrij is.

4.19.

Van de vordering van Witlox om de fuiksite van Brandhouse aan haar over te dragen heeft Brandhouse terecht gezegd dat een dergelijke vordering niet op de wet is gegrond. Voor toewijzing van de vordering deze site off line te halen en te houden ziet de rechtbank geen grond meer gezien het tijdsverloop tussen de onrechtmatige gedragingen van Brandhouse en het tijdstip van dagvaarden c.q. het tijdstip van dit vonnis.

Conclusie, proceskosten

Omdat partijen over en weer gedeeltelijk gelijk en gedeeltelijk ongelijk krijgen zal de rechtbank door Witlox gevorderde vergoeding van buitengerechtelijke kosten voor haar rekening laten en de proceskosten compenseren op de hierna vermelde wijze.

5 De beslissing

De rechtbank

5.1.

verklaart voor recht, dat Brandhouse onrechtmatig jegens Witlox heeft gehandeld door de in dit geding aan de orde zijnde concurrerende activiteiten te ontplooien,

5.2.

compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

5.3.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Rietveld en in het openbaar uitgesproken op 18 november 2015.