Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2014:7117

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
21-11-2014
Datum publicatie
21-11-2014
Zaaknummer
01/849978-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verlenging terbeschikkingstelling met twee jaar. Indexdelicten: mishandeling van een ambtenaar meermalen gepleegd en tweemaal bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Strafrecht

Parketnummer: 01/849978-09

Uitspraakdatum: 21 november 2014

Beslissing verlenging terbeschikkingstelling

Beslissing in de zaak van:

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [1986],

verblijvende: [kliniek].

Het onderzoek van de zaak.

Bij vonnis van de rechtbank van 21 juni 2010 is betrokkene ter beschikking gesteld. Deze terbeschikkingstelling is voor het laatst, bij beslissing van deze rechtbank van 13 november 2012, met twee jaar verlengd.

De vordering van de officier van justitie bij deze rechtbank van 3 oktober 2014 strekt tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling voor de duur van twee jaar.

Deze vordering is behandeld ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 7 november 2014. Hierbij zijn de officier van justitie, de deskundige drs. A.G. Miedema en de terbeschikkinggestelde en zijn raadsvrouwe mr. J.H.D. van Onna gehoord.

In het dossier bevinden zich onder andere:

  • -

    het advies van drs. A.G. Miedema, hoofd behandeling, drs. P. Blom, psychiater en H.M. van Bussel, directeur organisatie/plv hoofd van de inrichting waar betrokkene verblijft, d.d. 12 augustus 2014, ingekomen d.d. 14 augustus 2014;

  • -

    de omtrent de terbeschikkinggestelde gehouden wettelijke aantekeningen;

  • -

    het persoonsdossier van terbeschikkinggestelde.

De beoordeling.

De terbeschikkingstelling is toegepast ter zake van diefstal met braak en verbreking, mishandeling van een ambtenaar meermalen gepleegd en tweemaal bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, terwijl de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eiste. De hiervoor genoemde misdrijven, met uitzondering van de diefstal met braak en verbreking, betreffen misdrijven die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.

In voornoemd advies van het hoofd van de inrichting is onder meer het navolgende gesteld:

Betrokkene is een in 1986 geboren kwetsbare man welke functioneert op zwakbegaafd niveau en waarbij er sprake is van een ernstige vorm van ADHD, PDD-NOS en cannabisafhankelijkheid. Vanaf jonge leeftijd is er sprake van ernstige gedragsproblemen en verblijft betrokkene tot zijn 18e in verschillende internaten waarbij er eveneens sprake was van seksueel grensoverschrijdende gedragingen. Gezien de comorbiditeit van problematieken van betrokkene die elkaar in ernstige mate versterken is betrokkene langdurig aangewezen op een hoge mate van externe structuur en controle. Betrokkene werkt naar vermogen mee aan de behandeling echter zijn zijn beperkingen in die mate ernstig dat hij nog geregeld vervalt in oude gedragspatronen waarbij incidenten worden geregistreerd. De incidenten zijn in ernst en frequentie afgenomen door instelling op medicatie, aanbieden van een goede dagstructuur, opbouwen van een werkrelatie en het begeleiden van betrokkene in een zekere ontwikkeling ten aanzien van coping met spanningen. Gezien de gevoeligheid voor verandering, prikkels en structuurloosheid is het van belang het resocialisatie traject gefaseerd en zorgvuldig in te zetten en te plannen. Betrokkene heeft sinds begin dit jaar een begeleid verlofkader dat wegens incidenten en/of een positieve score op THC in de urine controle vertraging heeft opgelopen. De behandeling zal naar verwachting vaker met vallen en opstaan plaats gaan vinden en het is van belang dat er vroegtijdig georiënteerd wordt op een goede vervolgvoorziening die de nodige structuur, begeleiding en forensische scherpte kan bieden.

De komende twee jaar zal het verlofkader worden uitgebreid. Begeleid verlof zal in de tweede helft van dit jaar worden geëvalueerd en al dan niet worden uitgebreid. Vervolgens zal het behandelteam over een jaar de mogelijkheden van onbegeleid verlof overwegen en bepalen binnen welk risicomanagement dit al dan niet gepast is. Gaandeweg zal ook concreter worden wat de minimale eisen zijn waaraan een vervolgsetting moet voldoen. Bij de volgende verlengingszitting zal bijgevolg helder zijn of betrokkene geresocialiseerd kan worden en naar welk type voorziening dit zal zijn en wat betrokkene al dan niet nog dient te leren om dit verder in de praktijk te brengen.

Betrokkene heeft een intensieve dagelijkse begeleiding, structurering en controle nodig op alle onderdelen van zijn functioneren (vroegsignalering, medicatie, ADL, dagstructuur, financiën, netwerk, middelengebruik) om in enige mate stabiel te kunnen functioneren. Door deze externe structuur zijn incidenten in ernst en frequentie afgenomen echter betrokkene heeft nog te weinig interne copingvaardigheden om zich bij enige verandering en/of afname van deze structuur stabiel te handhaven. We kunnen stellen dat in geval van beëindiging dan wel voorwaardelijke beëindiging van de TBS maatregel betrokkene een hoog risico heeft op gewelddadig gedrag op korte termijn. Bijgevolg is het benodigde beveiligingsniveau ter vermijding van delictgedrag nog erg hoog en de behandelintensiteit eveneens nog steeds hoog. Er wordt nog steeds een gestage vooruitgang bij betrokkene geboekt. Het verplichtende karakter van de behandeling is nog absoluut noodzakelijk om een drop out naar aanleiding van incidenten en/of conflicten te vermijden. In geval van een voorwaardelijke beëindiging is er te weinig toezicht en structuur om betrokkene verantwoord te kunnen resocialiseren. Er wordt dan te weinig recht gedaan aan de groeimogelijkheden die betrokkene nog kan doormaken.

Wij adviseren een verlenging van de ter beschikking stelling van 2 jaar en continuering van de verpleging van overheidswege.

De terbeschikkinggestelde heeft verklaard, kort en zakelijk weergegeven:

Het gaat redelijk met mij. Er is sprake van vallen en opstaan. Af en toe maak ik een klein foutje. Het gaat een stuk beter dan twee jaar geleden.

Op dit moment werk ik in de tuin. Vanwege een incident, het wegnemen van cd’s, werk ik niet meer op de montageafdeling.

Ik heb verschillende therapieën en trainingen afgerond. Ook het terugvalpreventieplan is afgerond. Ik denk dat ik dit wel mag presenteren. Ik ben nu bezig met een training om te stoppen met middelengebruik. Een maand geleden heb ik nog een positieve urinecontrole gehad. Het gevolg is dat ik niet op verlof mag en dat ik meer urinecontroles krijg, hetgeen ik niet kan gebruiken.

De voorzitter vraagt mij hoe het gaat met agressief gedrag. Volgens mij is dit de laatste maanden niet meer voorgekomen.

De inname van medicijnen is een beetje fout gegaan. Sinds afgelopen zondag neem ik geen Concerta meer in. Dat heb ik zelf besloten. Ik merk dat ik daardoor een stuk rustiger ben. Ik ben dit nu aan het bespreken met mijn psychiater. Ik begrijp dat ik dit eigenlijk eerst met hem had moeten overleggen. De officier van justitie vraagt mij waarom ik dit niet gedaan heb. Bij mij werken sommige medicijnen omgekeerd. De psychiater geeft mij daar geen gelijk in. Daarom heb ik het zelf uitgeprobeerd. Ik heb daarom geen vertrouwen in de psychiater. Het verlof ligt nu voor twee maanden stil. Op 11 december mag ik weer op begeleid verlof.

Na mijn behandeling wil ik graag weer begeleid wonen, maar dan met een strakkere begeleiding dan voorheen. De voorzitter houdt mij voor dat de kliniek vindt dat sprake is van een hoog recidiverisico als het TBS-kader nu wegvalt. Ik zie dat zelf niet zo. Met de juiste begeleiding zal het goed gaan.

Ik wil in de toekomst wel weer drugs gaan gebruiken, op mijn eigen kamer, zonder anderen erbij en met de deur gesloten. Onder strakke regels wil ik dit voortzetten.

Ik wil graag een verlenging met één jaar. Ik denk dat het wel haalbaar is om over een jaar buiten de TBS te zijn.

De deskundige drs. A.G. Miedema, optredend namens voormelde inrichting, heeft bij de behandeling ter terechtzitting gepersisteerd bij voornoemd advies. Hij heeft voorts het navolgende verklaard, verkort en zakelijk weergegeven:

De belangrijkste zaken zijn naar voren gekomen. Ik ben blij dat [terbeschikkinggestelde] zelf veel heeft verteld. Het ontvreemden van cd’s heeft plaatsgevonden in juli van dit jaar. Er was sprake van een periode waarin [terbeschikkinggestelde] zich niet meer zo liet aanspreken. Wij vonden de afgelopen periode een crisisperiode waar we nu weer uit komen.

De afgelopen periode is [terbeschikkinggestelde] toch weer bezig geweest met softdrugs. Dit belemmert de doorgang van de verloven. [terbeschikkinggestelde] geeft thans aan van de softdrugs af te willen. Hij volgt ook de Liebermann training. Er is wel sprake van vooruitgang. Twee jaar geleden kon er nog nauwelijks met hem over drugs worden gesproken.

[terbeschikkinggestelde] verblijft op een intensieve zorgafdeling. Hij heeft behoorlijk veel structuur nodig. Het is nieuw voor mij dat hij is gestopt met de inname van Concerta. Ik had namelijk deze week vrij. Het is verrassend dat hij zegt daarvan rustiger te worden. Het moet niet zo zijn dat hij softdrugs gebruikt om rustiger te worden. Dat is slecht, ook met het oog op de toekomst.

Een verlenging met één jaar is niet reëel. Volgend jaar zullen we in de situatie zijn dat we kunnen denken aan onbegeleid verlof. Ik wil benadrukken dat sprake is van een behandelplan met als doel om de onrust en problemen onder controle te krijgen. [terbeschikkinggestelde] werkt daar goed aan mee. Een zorgpunt is zijn impulsieve eten. Het heeft niet direct te maken met delictgevaarlijkheid, maar wel met impulsiviteit. Wij maken ons zorgen om zijn gezondheid.

De officier van justitie heeft aangevoerd, verkort en zakelijk weergegeven:

De [terbeschikkinggestelde] heeft stappen vooruit gezet, maar hij is er nog lang niet. Ik verwijs naar hetgeen is opgenomen in het advies van de kliniek ten aanzien van het gevaar op herhaling. Bij beëindiging van de maatregel is dit risico heel hoog. Ook de behandelintensiteit is hoog. Dat is nog nodig. [terbeschikkinggestelde] vertrouwt zijn behandelaars kennelijk niet. Hij volgt weliswaar de Liebermann training, maar wil in de toekomst toch weer softdrugs gaan gebruiken. Een verlenging van de terbeschikkingstelling met één jaar is niet reëel. Ik ben het eens met de deskundige. Ik vorder de terbeschikkingstelling met twee jaar te verlengen.

De raadsvrouwe van de terbeschikkinggestelde heeft aangevoerd, verkort en zakelijk weergegeven:

Mijn cliënt heeft zijn visie duidelijk naar voren gebracht. Het rapport van de kliniek is positief. Een verlenging van de terbeschikkingstelling met één jaar zou een stimulans zijn voor mijn cliënt. Hij kan dan laten zien dat hij hard kan werken. In december mag hij weer starten met verlof. Over een jaar kan hij de rechtbank dan laten zien dat hij stappen kan maken.

Verder heb ik nog een verzoek van juridische aard. Ik verzoek de rechtbank te bezien of ten aanzien van feit 1, het vermogensdelict, sprake is van een gemaximeerde termijn.

Het oordeel van de rechtbank.

De rechtbank verenigt zich met het advies van voornoemde inrichting, met de daarop ter terechtzitting gegeven toelichting door de deskundige.

Gelet op het vorenstaande, gezien artikel 38d en 38e van het Wetboek van Strafrecht, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist.

De rechtbank zal de termijn van de terbeschikkingstelling verlengen met twee jaar. Gelet op het advies van de kliniek en de verklaring van de deskundige afgelegd ter terechtzitting bestaat de verwachting dat de behandeling van de terbeschikkinggestelde nog tenminste twee jaar in beslag zal nemen.

De terbeschikkingstelling is opgelegd ten aanzien van diefstal met braak en verbreking, mishandeling van een ambtenaar meermalen gepleegd en tweemaal bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht. De rechtbank heeft in haar vonnis overwogen dat de genoemde mishandelingen en bedreigingen misdrijven betreffen die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Voor de diefstal met braak en verbreking geldt dat niet en ten aanzien van dit misdrijf is aldus sprake van een gemaximeerde termijn. De rechtbank constateert dat in de vorige verlengingsbeslissing ongelukkigerwijs ook is opgenomen dat voor de diefstal met braak en verbreking geldt dat dit een misdrijf betreft dat is gericht tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.

De rechtbank beslist als na te melden.

DE BESLISSING

De rechtbank verlengt de termijn gedurende welke [terbeschikkinggestelde] ter beschikking is gesteld met twee jaar.

Deze beslissing is gegeven door

mr. E.M.J. Raeijmaekers, voorzitter,

mr. C.P.J. Scheele en mr. J.M.J. Denie, leden,

in tegenwoordigheid van mr. H. Pol-Wildeman, griffier,

en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 21 november 2014.

mr. J.M.J. Denie is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.