Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2014:7030

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
05-11-2014
Datum publicatie
19-11-2014
Zaaknummer
01/025207-99
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Beëindigt de verpleging van overheidswege voorwaardelijk voor de duur van het gegeven bevel tot terbeschikkingstelling. Indexdelict: doodslag en diefstal middels braak gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Strafrecht

Parketnummer: 01/025207-99

Uitspraakdatum: 5 november 2014

Beslissing voorwaardelijk einde verpleging van overheidswege

Beslissing in de zaak van:

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [1974],

verblijvende [kliniek].

Het onderzoek van de zaak.

Bij vonnis van de rechtbank van 25 mei 2000 is betrokkene ter beschikking gesteld. Deze terbeschikkingstelling is voor het laatst, bij beslissing van deze rechtbank van 25 augustus 2014 met een jaar verlengd. Daarbij is de beslissing omtrent de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege voor onbepaalde tijd aangehouden, teneinde de reclassering een rapport te laten opmaken omtrent de vraag of, en zo ja, de wijze waarop en de voorwaarden waaronder, de verpleging van overheidswege van de terbeschikkinggestelde kan worden beëindigd.

Deze zaak is laatstelijk behandeld ter openbare terechtzitting van 5 november 2014 waarvan proces-verbaal is opgemaakt. Hierbij zijn de officier van justitie, de deskundige mw. T Hanneman, GZ-psycholoog, dhr. W. Bouwsma, reclasseringswerker, de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman mr. J.C. de Goeij gehoord.

In het dossier bevinden zich onder andere:

  • -

    het advies van T. Hanneman en H.J. Beintema d.d. 19 mei 2014. T. Hanneman is GZ-psycholoog tevens behandelcoördinator resocialisatieafdeling, H.J. Beintema is psychiater tevens plaatsvervangend hoofd van de inrichting waar betrokkene verblijft;

  • -

    een aanvullend reclasseringsadvies van verslavingszorg Noord Nederland d.d. 7 april 2014 opgemaakt en ondertekend door B. Post en W. Bouwsma, respectievelijk teammanager en reclasseringswerker;

  • -

    een reclasseringsadvies voorbereiding voorwaardelijke beëindiging dwangverpleging van verslavingszorg Noord Nederland d.d. 1 oktober 2014 opgemaakt en ondertekend door B. Post en W. Bouwsma, respectievelijk teammanager en reclasseringswerker;

  • -

    de omtrent de terbeschikkinggestelde gehouden wettelijke aantekeningen;

  • -

    het persoonsdossier van betrokkene.

De beoordeling.

De terbeschikkingstelling is toegepast ter zake doodslag en diefstal middels braak gepleegd door twee of meer verenigde personen, terwijl de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen het opleggen van die maatregel eiste.

In voornoemd reclasseringsadvies van verslavingszorg Noord Nederland d.d. 1 oktober 2014 is onder meer het navolgende gesteld:

(…)

“De verslavingsreclassering heeft onderzoek gedaan naar de op te stellen voorwaarden bij een eventuele voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging betreffende betrokkene.

De behandeling van betrokkene en de doorlopen verloffases zijn het geheel in ogenschouw nemende, relatief goed verlopen. Relatief’ daar betrokkene de aanwijzing van de reclassering met betrekking tot het gebruik van softdrugs en alcohol gedurende het proefverlof bij herhaling niet opvolgde. Goed’ aangezien het gebruik van softdrugs en (in beperkte mate) alcohol niet hebben geleid tot problemen op overige leefgebieden. Feit is echter dat betrokkene zich in de beginperiode van het proefverlof, vanaf 22 mei tot heden, niet heeft gehouden aan de voorwaarden behorende bij het proefverlof. De reclassering heeft hierover telkenmale contact gezocht met de behandelcoördinator vanuit het FPC.

In haar algemeenheid kan met betrekking tot verslaving gesteld worden dat er in de behandeling/begeleiding gericht op herstel rekening gehouden moet worden met een (tijdelijke) terugval in het gebruik van alcohol of een ander middel, dit kan gezien worden als inherent aan verslaving.

Het onderzoek in het kader van het reclasseringsadvies aangaande proefverlof, d.d. 27 januari 2014, laat zien dat het druggebruik in het verleden samenhing met een veelheid aan factoren die toentertijd delict gerelateerd waren. Op het gebied van wonen, dagbesteding, financiën en relaties is er sprake van een positieve wending ten opzichte van de periode van delictpleging alhoewel er met betrekking tot deze leefgebieden (nog) niet gesproken kan worden over een langdurig stabiele ontwikkeling.

De reclassering onderschrijft de prognose vanuit het FPC dat het resocialisatietraject nog geruime tijd in beslag zal nemen. De reclassering begrijpt de wens vanuit het FPC om betrokkene gedurende langere tijd te begeleiden middels proefverlof, dit met het oog op de maatschappelijke kwetsbaarheid van betrokkene. De reclassering onderschrijft de zorg vanuit het FPC. Tegelijkertijd concludeert de reclassering dat er mogelijkheden zijn tot het opstellen van voorwaarden met betrekking tot een eventueel voorwaardelijke beëindiging van de verpleging.

Gezien de ernst van het indexdelict zal de reclassering in haar advies de voorwaarde opnemen dat betrokkene zich geheel dient te onthouden van het gebruik van harddrugs. Het gebruik van harddrugs levert vrijwel direct een verhoogd risico op inzake algemene recidive. Met het oog op alcohol en softdruggebruik zal de reclassering in haar advies de voorwaarde opnemen dat betrokkene zich dient te houden aan de aanwijzingen van de reclassering. Het feit dat er in de onderstaande voorwaarden met betrekking tot het gebruik van alcohol en/of softdrugs geen verbod wordt geadviseerd en de reclassering kiest voor een aanwijzing is nadrukkelijk geen vrijbrief voor betrokkene, echter geeft het de reclasseringswerker de professionele ruimte die nodig is om tijdens het resocialisatietraject in te spelen op zucht en/of drang naar het gebruik van alcohol en/of softdrugs.

Betrokkene geeft aan bereid te zijn de samenwerking met de reclassering aan te gaan en zich te zullen houden aan de gestelde voorwaarden. De reclassering is na uitgebreid onderzoek van mening dat de onderstaande voorwaarden toereikend zijn om het toezicht verantwoord in te vullen en betrokkene te begeleiden bij zijn resocialisatie.”

De terbeschikkinggestelde verklaart:

Ik ben het eens met het advies van verslavingszorg Noord Nederland d.d. 1 oktober 2014 en ik ben bereid om mee te werken aan de gestelde voorwaarden. Ik weet dat ik openheid van zaken moet blijven geven. De contacten met de reclassering en de kliniek zijn goed. Het zal niet makkelijk zijn abstinent te blijven van drugs, maar ik denk dat ik voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege aan kan. Ik wil graag dingen zelf doen, maar ik besef dat ik soms hulp nodig heb. Resocialiseren is moeilijk, maar inmiddels heb ik een netwerk om mij heen opgebouwd.

De deskundige W. Bouwman, optredend namens verslavingszorg Noord Nederland, heeft bij de behandeling ter terechtzitting gepersisteerd bij voornoemd advies. Hij heeft voorts het navolgende, zakelijk weergegeven, verklaard:

De samenwerking met betrokkene is prima, nog niet alles verloopt vlekkeloos, maar het gaat goed. We hebben momenteel wekelijks contact. Dat kan, indien nodig, worden bijgesteld. De bijzondere voorwaarde time-outplaatsing is nodig als het echt niet goed gaat en er tijdelijk onderdak moet worden geregeld voor betrokkene. Voor time-outplaatsing staat geen termijn, maar normaliter duurt een time-outplaatsing tien dagen.

De deskundige T. Hanneman, optredend namens [kliniek], heeft het navolgende, zakelijk weergegeven, verklaard:

Het rapport van verslavingszorg Noord Nederland d.d. 1 oktober 2014 bevat geen aparte voorwaarden. Om het traject van betrokkene op verantwoorde wijze verder vorm te kunnen geven, is voortzetting van het juridisch kader van de terbeschikkingstelling met dwangverpleging vooralsnog gewenst. Als de geleidelijke route wordt gevolgd, zijn de gevolgen ingeval van een ernstige overtreding voor betrokkene beperkt. Betrokkene is van ver gekomen, de kliniek wil dat het op lange termijn goed blijft gaan.

De officier van justitie voert het woord:

Betrokkene heeft een hele ontwikkeling doorgemaakt. Uit hetgeen hij ter terechtzitting heeft aangevoerd, leid ik af dat betrokkene ervan doordrongen is dat bij voorwaardelijke beëindiging van de terbeschikkingstelling de consequenties groot zullen zijn indien het fout gaat. Ik kan mij vinden in de voorwaarden zoals gesteld in het reclasseringsrapport d.d. 1 oktober 2014, maar ik verzoek de rechtbank om bij het vierde gedachtestreepje tussen haakjes te vermelden: onthoudt zich van verdovende middelen, dan kan bij het vijfde gedachtestreepje het woord ‘softdrugs’ worden weggestreept. De huidige tekst vind ik in strijd met het door het openbaar ministerie gevoerde gedoogbeleid ter zake van drugs. Ik verzoek de rechtbank om over te gaan tot voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging van betrokkene.

De raadsman van de ter beschikking gestelde heeft onder meer aangevoerd:

Ik sluit mij aan bij het standpunt van de officier van justitie. Betrokkene is vijftien jaar geleden in de fout gegaan, hoe lang moet het traject duren? Ik verzoek de rechtbank om de terbeschikkingstelling van betrokkene voorwaardelijk te beëindigen onder de voorwaarden zoals genoemd in het reclasseringsrapport d.d. 1 oktober 2014, met daarbij de wijziging zoals voorgesteld door de officier van justitie.

De rechtbank overweegt het volgende.

Uit het rapport van de verslavingszorg Noord Nederland d.d. 1 oktober 2014 en de daarop ter terechtzitting gegeven toelichting door de deskundige Bouwsma blijkt dat de reclassering (op dit moment) adviseert om tot voorwaardelijke beëindiging van de terbeschikkingstelling over te gaan. De voorwaarden zoals beschreven door de verslavingszorg Noord Nederland in voornoemd rapport zijn volgens de rechtbank op dit moment uitvoerbaar en haalbaar. De kliniek stelt zich op een ander standpunt en verzet zich tegen voorwaardelijke beëindiging van de terbeschikkingstelling.

Uit hetgeen ter terechtzitting is aangevoerd en het dossier blijkt dat het goed gaat met betrokkene, dat hij bereid is om mee te werken aan de voorwaarden, alsmede dat betrokkene is doordrongen van de consequenties bij overtreding van de voorwaarden.

Gelet op vorenstaande en gelet op de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit is de rechtbank bij de beraadslaging tot de conclusie gekomen dat de verpleging van overheidswege voorwaardelijk voor de duur van het gegeven bevel tot terbeschikkingstelling kan worden beëindigd.

De officier van justitie heeft ter terechtzitting verzocht om een (tekstuele) aanpassing van de bijzondere voorwaarden bij het vierde en vijfde gedachtestreepje. De rechtbank zal de voorgestelde aanpassing niet overnemen, maar zal aan het vijfde gedachtestreepje toevoegen de volgende tekst: , mits deze aanwijzingen binnen het gedoogbeleid voor softdrugs, zoals door het Openbaar Ministerie bekendgemaakt. Bij het laatste gedachtestreepje streept de rechtbank na het woord nodig de tekst weg en last daar het volgende in: tot een maximum van zeven weken per keer. Gedurende de periode van de voorwaardelijke beëindiging kan maximaal twee keer een time-out worden gegeven.

Gelet op al het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat de verpleging van overheidswege voorwaardelijk dient te worden beëindigd.

De terbeschikkinggestelde heeft zich bereid verklaard tot naleving van na te melden voorwaarden.

Gezien de artikelen: 38, 38a, 38d en 38g van het Wetboek van Strafrecht.

DE BESLISSING.

Beëindigt de verpleging van overheidswege voorwaardelijk voor de duur van het gegeven bevel tot terbeschikkingstelling.

Stelt daarbij als algemene voorwaarden:

  • -

    betrokkene zal zich niet schuldig maken aan strafbare feiten;

  • -

    betrokkene houdt zich aan de aanwijzingen en voorschriften die hem gesteld zijn door of namens de verslavingsreclassering.

Stelt daarbij tevens als bijzondere voorwaarden:

  • -

    Betrokkene onderhoudt bij aanvang wekelijks contact met een reclasseringswerker (indien nodig wordt de frequentie van de gesprekken bijgesteld) en hij stelt zich begeleidbaar op.

  • -

    Betrokkene onderhoudt contact met de medewerkers van Djoeke, nazorg ex-gedetineerden en/of een soortgelijke instelling en hij houdt zich aan het begeleidingsplan.

  • -

    Betrokkene geeft toestemming tot informatieoverdracht tussen trajectrelevante instanties

en personen.

- Betrokkene onthoudt zich van het gebruik van harddrugs.

- Betrokkene houdt zich met betrekking tot het gebruik van alcohol en softdrugs aan de

aanwijzingen van de verslavingsreclassering, mits deze aanwijzingen blijven binnen het

gedoogbeleid voor softdrugs zoals door het Openbaar Ministerie bekendgemaakt.

- Betrokkene verleent zijn medewerking aan controles op het gebied van alcohol- en

overig middelengebruik.

- Betrokkene neemt, daar waar geïndiceerd, deel aan diagnostisch onderzoek op het

gebied van middelengebruik en verslaving. Betrokkene zal, indien geïndiceerd, de

behandeladviezen opvolgen.

- Betrokkene bewoont zelfstandig een huurwoning in de stad Groningen. Betrokkene

bewoont deze woning alleen. Hij zal niet veranderen van woonadres zonder overleg met

en toestemming van de reclassering.

- Betrokkene geeft inzage in zijn financiën en hij houdt zich aan de aanwijzingen vanuit

de reclassering met betrekking tot zijn financiën.

- Betrokkene heeft een dagbesteding voor tenminste 24 uur per week. Hij zal niet

veranderen van werkplek/studie/vrijwilligerswerk zonder overleg met en toestemming

van de reclassering.

- Betrokkene geeft inzicht in zijn vrienden- en kennissenkring. Hij geeft openheid van zaken over zijn partnerrelatie en geeft de reclassering toestemming ook zonder zijn aanwezigheid met haar te spreken.

- Betrokkene meldt zich voor een time-outopname in het [kliniek] wanneer

de reclassering dit noodzakelijk acht. Deze time-outplaatsing duurt zolang als nodig tot

een maximum van zeven weken per keer. Gedurende de periode van de voorwaardelijke

beëindiging kan maximaal twee keer een time-out worden gegeven.

Geeft opdracht aan verslavingszorg Noord Nederland de ter beschikking gestelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Deze beslissing is gegeven door

mr. T. van de Woestijne, voorzitter,

mr. E.C.P.M. Valckx en mr. B. Poelert, leden,

in tegenwoordigheid van J. Kapteijns, griffier,

en is uitgesproken op 05 november 2014.

Mr. B. Poelert is buiten staat deze beslissing (mede) te ondertekenen.