Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2014:6309

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
22-10-2014
Datum publicatie
22-10-2014
Zaaknummer
C/01/258725 / HA ZA 13-99
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

inbreuk eigendomsrecht

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Handelsrecht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

zaaknummer / rolnummer: C/01/258725 / HA ZA 13-99

Vonnis van 22 oktober 2014

in de zaak van

de publiekrechtelijke rechtspersoon

[eiseres] ,

zetelend te [woonplaats],

eiseres,

advocaat mr. R.A.F. Willems te 's-Hertogenbosch,

tegen

1 [gedaagde 1],

wonende te [woonplaats],

2. [gedaagde 2],

wonende te [woonplaats], gedagvaard, maar de zaak is niet aangebracht,

3. [gedaagde 3],

wonende te [woonplaats],

4. [gedaagde 4],

wonende te [woonplaats],

5. [gedaagde 5],

wonende te [woonplaats], gedagvaard, maar de zaak is niet aangebracht,

[cijfer]. [gedaagde 6],

wonende te [woonplaats], gedagvaard, maar de zaak is niet aangebracht,

7. [gedaagde 7],

wonende te [woonplaats],

8. [gedaagde 8],

wonende te [woonplaats],

9. [gedaagde 9],

wonende te [woonplaats],

10. [gedaagde 10],

wonende te [woonplaats],

11. [gedaagde 11],

wonende te [woonplaats],

12. [gedaagde 12],

wonende te [woonplaats],

13. [gedaagde 13],

wonende te [woonplaats],

14. [gedaagde 14],

wonende te [woonplaats],

15. [gedaagde 15],

wonende te [woonplaats],

16. [gedaagde 16],

wonende te [woonplaats],

17. [gedaagde 17],

wonende te [woonplaats],

18. [gedaagde 18],

wonende te [woonplaats],

19. [gedaagde 19],

wonende te [woonplaats],

20. [gedaagde 20],

wonende te [woonplaats],

21. [gedaagde 21],

wonende te [woonplaats],

22. [gedaagde 22],

wonende te [woonplaats],

23. [gedaagde 23],

wonende te [woonplaats],

24. [gedaagde 24],

wonende te [woonplaats], niet verschenen,

25. [gedaagde 25],

wonende te [woonplaats],

26. [gedaagde 26],

wonende te [woonplaats],

27. [gedaagde 27],

wonende te [woonplaats],

28. [gedaagde 28],

wonende te [woonplaats], gedagvaard, maar de vorderingen zijn ingetrokken en de zaak is doorgehaald,

29. [gedaagde 28],

wonende te [woonplaats], gedagvaard, maar de vorderingen zijn ingetrokken en de zaak is doorgehaald,

30. [gedaagde 29],

wonende te [woonplaats],

31. [gedaagde 31],

wonende te [woonplaats],

32. [gedaagde 32],

wonende te [woonplaats],

33. [gedaagde 31],

wonende te [woonplaats],

34. [gedaagde 34],

wonende te [woonplaats], gedagvaard, maar de zaak is niet aangebracht,

35. [gedaagde 35],

wonende te [woonplaats], gedagvaard, maar de zaak is niet aangebracht,

36. [gedaagde 34],

wonende te [woonplaats],

37. [gedaagde 35],

wonende te [woonplaats],

38. [gedaagde 36],

wonende te [woonplaats],

39. [gedaagde 37],

wonende te [woonplaats],

gedaagden,

advocaat mr. A.P. van Knippenbergh te Best.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis van 29 mei 2013,

  • -

    het proces-verbaal van descente en comparitie van 9 oktober 2013,

  • -

    de akte overlegging producties tevens wijziging van eis,

  • -

    het proces-verbaal van descente en comparitie van 12 februari 2014,

- de akte uitlating na descente en comparitie van de gedaagden,

- de antwoordakte van de gemeente,

- de pleidooien en de ter gelegenheid daarvan overgelegde stukken.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

2.1.

De gemeente heeft - na wijziging van eis - gevorderd dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,

a voor recht verklaart dat de gemeente eigenaar is van de grondstrook, zoals met (licht) blauw weergegeven op de als productie 25 overgelegde kaarten, dan wel voor recht verklaart dat de gemeente eigenaar is van de door de rechtbank in goede justitie te bepalen stroken grond,

b de gedaagden veroordeelt de onder a bedoelde grond met al de zijnen te ontruimen, te verlaten, ontruimd te houden en ter vrije beschikking te stellen van de gemeente, op verbeurte van een dwangsom van € 1.000,- voor iedere dag, dat de bewoners hiermee in gebreke blijven, en met machtiging aan de gemeente om, indien de bewoners nalatig blijven aan het voormelde te voldoen, dit zelf te doen uitvoeren op kosten van de bewoners, zo nodig met behulp van de sterke arm van politie en justitie, en desgewenst onder zodanige voorwaarden als de rechtbank zal oordelen,

c de gedaagden hoofdelijk veroordeelt in de kosten van het geding, bij niet betaling vermeerderd met wettelijke rente daarover vanaf de 15e dag na dagtekening van het in deze te wijzen vonnis, alsmede de bewoners hoofdelijk veroordeelt in de nakosten.

2.2.

Gedaagden (uitgezonderd de gedaagden onder de nummers 2, 5, 6, 24, 28, 29, 34 en 35) hebben gemotiveerd verweer gevoerd en geconcludeerd dat de rechtbank de vorderingen van de gemeente afwijst met veroordeling bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, van de gemeente in de proceskosten en de nakosten, bij niet betaling vermeerderd met wettelijke rente daarover vanaf de 10e dag na dagtekening van het in deze te wijzen vonnis.

3 De zaken die worden afgesplitst

2.1.

Zoals bij gelegenheid van de descente en comparitie van partijen aan de partijen is meegedeeld, zal de rechtbank ambtshalve van deze zaak een groot aantal zaken afsplitsen. De partijen hebben daar geen bezwaar tegen gemaakt.

Ingevolge de jurisprudentie (zie bij voorbeeld Hoge Raad 27 oktober 1978, NJ 1980, 102) is het de rechter toegestaan een aanhangig gemaakte procedure te splitsen op de grond dat tussen de vorderingen geen zodanig verband bestaat, dat redenen van doelmatigheid een gezamenlijke behandeling rechtvaardigen. De vorderingen van de gemeente betreffen telkens een strook grond, die grenst aan een erf, dat eigendom is van één of twee van de verschillenden gedaagden. Het verweer van de gedaagden komt er op neer, dat zij stellen inmiddels door verjaring de eigenaar van de strook grond te zijn geworden. De feitelijk situatie van de strook grond en het aangrenzende erf is telkens anders en vraagt een afzonderlijk beoordeling. Het feit dat de gedaagden zich in het verleden als een groep hebben opgesteld maakt dat niet anders. Een andere redenen van doelmatigheid op grond waarvan de vorderingen van de gemeente gezamenlijk behandeld zouden moeten is niet aangevoerd. De gedaagden (uitgezonderd de gedaagden onder de nummers 2, 5, 6, 24, 28, 29, 34 en 35) hebben dan ook ieder met betrekking tot hun eigen erf en strook grond een conclusie van antwoord genomen. Dit alles rechtvaardigt een afsplitsing van de verschillende zaken.

Daar komt nog bij dat een goede procesorde eveneens een afsplitsing van zaken eist. Het maakt de behandeling van de zaak overzichtelijk en om proceseconomische redenen ook wenselijk. Als er geen afsplitsing zou plaatsvinden, zou dat betekenen dat, als één van de gedaagden van het vonnis van de rechtbank in hoger beroep zou gaan, het gerechtshof gedwongen zou zijn - afhankelijk van de voorgedragen grieven - zich over alle stroken grond te buigen.

2.2.

De rechtbank zal de volgende zaken (met vermelding van het nieuwe rolnummer en het nieuwe zaaknummer) van deze zaak afsplitsen en in de afgesplitste zaken afzonderlijk vonnis wijzen:

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 1] (rolnummer 14-647, zaaknummer 283566),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 3] (rolnummer 14-648, zaaknummer 283567),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 4] (rolnummer 14-649, zaaknummer 283568),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 7 en 8] (rolnummer 14-650, zaaknummer 283569),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 7] (rolnummer 14-651, zaaknummer 283570),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 10 en 11] (rolnummer 14-652, zaaknummer 283571),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 12] (rolnummer 14-653, zaaknummer 283572),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 13] (rolnummer 14-654, zaaknummer 283576),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 14, 15 en 16] (rolnummer 14-655, zaaknummer 283579),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 17] (rolnummer 14-656, zaaknummer 283583),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 18] (rolnummer 14-657, zaaknummer 283584),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 19 en 20] (rolnummer 14-658, zaaknummer 283586),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 21 en 22] (rolnummer 14-659, zaaknummer 283587),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 23] (rolnummer 14-660, zaaknummer 283588),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 25] (rolnummer 14-661, zaaknummer 283589),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 26 en 27] (rolnummer 14-662, zaaknummer 283592),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 30 en 31] (rolnummer 14-663, zaaknummer 283593),

- gemeente [woonplaats] -[gedaagde 32] (rolnummer 14-664, zaaknummer 283594),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 33] (rolnummer 14-665, zaaknummer 283595),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 36] (rolnummer 14-666, zaaknummer 283596),

- gemeente [woonplaats] -[gedaagde 37 en 38] (rolnummer 14-667, zaaknummer 283597),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 39] (rolnummer 14-668, zaaknummer 283598).

3 De zaken die geen beoordeling behoeven

3.1.

In de zaken tussen de gemeente en [naam] (gedaagde 2), tussen de gemeente en [naam] (gedaagde 5) en [naam] (gedaagde [cijfer]) en tussen de gemeente en [naam] (gedaagde 34) en [naam] (gedaagde 35) hoeft de rechtbank geen beslissing te nemen. Deze gedaagden zijn gedagvaard, maar hun zaken zijn niet door de gemeente aangebracht.

In de zaak tussen de gemeente en [naam] (gedaagde 28) en [naam] (gedaagde 29) hoeft de rechtbank eveneens geen beslissing te nemen. Deze gedaagden zijn gedagvaard, maar daarna heeft de gemeente haar vorderingen tegen hen ingetrokken en is de zaak doorgehaald.

4 De beoordeling van de zaak tussen de gemeente en mevrouw [gedaagde 24]

4.1.

Nu de onder 2.2 genoemde zaken worden afgesplitst en in de onder 3.1. genoemde zaken geen beslissing door de rechtbank hoeft te worden genomen, blijft van de zaak met rolnummer 13-99 en zaaknummer 258725 slechts de zaak tussen de gemeente en mevrouw [naam] (gedaagde 24) over. [gedaagde 24] is niet verschenen en aan [gedaagde 24] is verstek verleend.

4.2.

[gedaagde 24] is de eigenaar van het erf aan de [straat] [cijfer] te [woonplaats], kadastraal bekend als gemeente [woonplaats], [naam].

4.3.

De gemeente heeft gesteld dat [gedaagde 24] inbreuk maakt op het eigendomsrecht van de gemeente doordat zij de aan haar erf grenzende strook grond (de gemeenteberm), welke eigendom van de gemeente is, onrechtmatig gebruikt. De omvang van deze strook grond is blauw gekleurd aangegeven op de ter gelegenheid van de pleidooien overgelegde tekening van de gemeente met het nummer [naam] en de vermelding ‘situatie met kadastrale grenzen [straat] nr. [cijfer]’. Op de tekening staan de precieze afmetingen van de strook grond vermeld.

4.4.

[gedaagde 24] heeft deze stellingen van de gemeente niet weersproken en nu de vorderingen de rechtbank noch onrechtmatig noch ongegrond voorkomen, zullen de vorderingen - op de wijze als hierna vermeld - worden toegewezen.

4.5.

De rechtbank zal voor recht verklaren dat de gemeente eigenaar is van de onder 4.3. vermelde strook grond. Zij zal eveneens de vordering betreffende de ontruiming toewijzen, De rechtbank zal de gevorderde dwangsom afwijzen, nu de gemeente in het geheel niets heeft gesteld waaruit blijkt dat [gedaagde 24] zich niet aan het veroordelende vonnis zal houden en bovendien niet heeft gevorderd vanaf welke datum de dwangsom kan worden verbeurd. De dwangsom heeft ook minder belang nu de rechtbank de gemeente zal machtigen om, indien [gedaagde 24] nalatig blijft aan de ontruiming te voldoen, dit zelf te doen uitvoeren op kosten van [gedaagde 24], zo nodig met behulp van de sterke arm van politie en justitie.

De rechtbank zal voor die ontruiming aan [gedaagde 24] een termijn van ruim twee maanden gunnen, zodat de strook grond vóór 1 januari 2015 ontruimd zal zijn.

4.6.

[gedaagde 24] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de door de gemeente gemaakte proceskosten, echter slechts voor 1/23 deel. De gemeente heeft 23 afzonderlijke zaken in één dagvaarding ondergebracht, maar kan daardoor niet voor zichzelf het recht scheppen (maximaal) 23 maal de vergoeding van de proceskosten te ontvangen, terwijl zij slechts die proceskosten heeft gemaakt, die zij in een enkele zaak zou hebben gehad.

4.7.

De rechtbank zal verder een hoofdelijke veroordeling van [gedaagde 24] in de proceskosten en de nakosten afwijzen, omdat haar zaak los staat van de 22 andere zaken, zodat [gedaagde 24] ook niet aansprakelijk is voor de eventueel door de andere gedaagden te betalen proceskosten en nakosten.

4.8.

De rechtbank begroot de proceskosten als volgt:

verschotten: € 589,- door de gemeente betaald vastrecht,
€ 92,81 deurwaarderskosten,
-------------- +
€ 681,81

salaris advocaat € 2.712,- ([cijfer] punten x € 452 [tarief II])
--------------- +

totaal € 3.393,81 : 23 = € 147,56, bij niet betaling binnen veertien dagen na

dit vonnis te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de 15e dag na dit vonnis tot aan de dag der voldoening.

4.9.

[gedaagde 24] zal tevens worden veroordeeld in de door de gemeente te maken nakosten, tot op heden begroot op € 131,- of, indien [gedaagde 24] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en betekening nodig is geweest, op € 199,-.

5 De beslissing

De rechtbank

5.1.

splitst van de zaak met rolnummer 13-99 en zaaknummer 258725 de volgende zaken af:

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 1] (rolnummer 14-647, zaaknummer 283566),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 3] (rolnummer 14-648, zaaknummer 283567),

- gemeente [woonplaats] -[gedaagde 4] (rolnummer 14-649, zaaknummer 283568),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 8] (rolnummer 14-650, zaaknummer 283569),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 9] (rolnummer 14-651, zaaknummer 283570),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 11] (rolnummer 14-652, zaaknummer 283571),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 12] (rolnummer 14-653, zaaknummer 283572),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 13] (rolnummer 14-654, zaaknummer 283576),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 14, 15 en 16] (rolnummer 14-655, zaaknummer 283579),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 17] (rolnummer 14-656, zaaknummer 283583),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 18] (rolnummer 14-657, zaaknummer 283584),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 19 en 20] (rolnummer 14-658, zaaknummer 283586),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 21 en 22] (rolnummer 14-659, zaaknummer 283587),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 23] (rolnummer 14-660, zaaknummer 283588),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 25] (rolnummer 14-661, zaaknummer 283589),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 26 en 27] (rolnummer 14-662, zaaknummer 283592),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 30 en 31] (rolnummer 14-663, zaaknummer 283593),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 32] (rolnummer 14-664, zaaknummer 283594),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 33] (rolnummer 14-665, zaaknummer 283595),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 36] (rolnummer 14-666, zaaknummer 283596),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 37 en 38] (rolnummer 14-667, zaaknummer 283597),

- gemeente [woonplaats] - [gedaagde 39] (rolnummer 14-668, zaaknummer 283598),

met betrekking tussen de gemeente en [gedaagde 24]

5.2.

verklaart voor recht verklaart dat de gemeente eigenaar is van de strook grond, zoals blauw gekleurd aangegeven op de ter gelegenheid van de pleidooien overgelegde tekening van de gemeente met het nummer [naam] en de vermelding ‘situatie met kadastrale grenzen [straat] nr. [cijfer]’. Deze tekening wordt aan het vonnis gehecht.

5.3.

veroordeelt [gedaagde 24] de onder 5.2 bedoelde strook grond vóór 1 januari 2015 met al de haren te ontruimen, te verlaten en ontruimd te houden en ter vrije beschikking te stellen van de gemeente met machtiging aan de gemeente om, indien [gedaagde 24] nalatig blijft aan het voormelde te voldoen, dit zelf te doen uitvoeren op kosten van [gedaagde 24], zo nodig met behulp van de sterke arm van politie en justitie,

5.4.

veroordeelt [gedaagde 24] in de door de gemeente gemaakte proceskosten tot op heden begroot op € 147,56, bij niet betaling binnen veertien dagen na dit vonnis te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de 15e dag na dit vonnis tot aan de dag der voldoening,

5.5.

veroordeelt [gedaagde 24] tot de door de gemeente te maken nakosten, tot op heden begroot op € 131,- of, indien [gedaagde 24] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en betekening nodig is geweest, op € 199,-.

5.6

verklaart dit vonnis, voor zover het een veroordeling betreft, uitvoerbaar bij voorraad,

5.7

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J.H. Bruggink en in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2014.