Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2014:3485

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
26-06-2014
Datum publicatie
09-07-2014
Zaaknummer
01/025285-03
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Voorwaardelijke beëindiging verpleging van overheidswege.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Strafrecht

Parketnummer: 01/025285-03

Uitspraakdatum: 26 juni 2014

Beslissing voorwaardelijk einde verpleging van overheidswege

Beslissing in de zaak van:

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [1952],

verblijvende in [kliniek].

Het onderzoek van de zaak.

Bij vonnis van de rechtbank van 15 oktober 2003 is betrokkene ter beschikking gesteld. Deze terbeschikkingstelling is voor het laatst, bij beslissing van deze rechtbank van 23 december 2013 met één jaar verlengd. De rechtbank heeft toen ook het onderzoek ter terechtzitting geschorst om de reclassering een rapport op te laten maken over de mogelijkheden van een voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege en de voorwaarden waaronder dit zou kunnen geschieden.

Ter openbare zitting van 17 maart 2014 is gebleken dat voornoemd rapport van de reclassering nog niet gereed was. De onderhavige zaak is toen aangehouden voor ten hoogste vier maanden om de reclassering alsnog in de gelegenheid te stellen voornoemd rapport op te stellen.

Ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 26 juni 2014 is de vraag behandeld of de verpleging voorwaardelijk dient te worden beëindigd. Hierbij zijn de officier van justitie, de deskundigen mw. A.G. Posthuma ([kliniek]) en[reclasseringswerker] (Reclassering), de ter beschikking gestelde en zijn raadsman, mr. F.P. Holthuis gehoord.

Naast de in de beschikking van 23 december 2013 vermelde stukken die zich in het dossier bevinden is een reclasseringsadvies (voorbereiding voorwaardelijke beëindiging dwangverpleging) van 26 mei 2014 in het dossier gevoegd.

De beoordeling.

In voornoemd advies van de reclassering is onder meer het navolgende gesteld:

Betrokkene is gediagnosticeerd met pedofilie en met een persoonlijkheidsstoornis NAO

met afhankelijke, narcistische en ontwijkende trekken. Hij gebruikte enige tijd

libido-remmende medicatie maar door leverfalen heeft hij dit gebruik op last van zijn

internist moeten staken. Betrokkene gebruikt nu enkel een SSRI (Sertoline) wat

mogelijk een libido-remmende werking heeft.

Bij betrokkene zijn de mogelijkheden van behandeling zo langzamerhand tot een einde

gekomen, op inzicht is er weinig terrein meer te winnen. Het is de bedoeling dat

betrokkene het geleerde in de praktijk gaat laten zien. Idealiter zou dit via de weg van

het proefverlof verlopen. Vanwege het niet langer gebruiken van libido-remmende

medicatie geeft het Ministerie van Veiligheid en Justitie echter geen toestemming voor

uitbreiding van zijn verlofmogelijkheden. De rechtbank in ‘s-Hertogenbosch heeft

daarom aangegeven dat de mogelijkheden tot voorwaardelijke beëindiging van de

dwangverpleging onderzocht dienen te worden. Inmiddels is er door de reclassering

een indicatie aangevraagd bij IFZ ‘s-Hertogenbosch. Daar wordt geconcludeerd dat

betrokkene als vervolg op de huidige klinische behandeling, thans toe is aan een

doorplaatsing naar een (forensische) RIBW, waarbij deze RIBW dient te beschikken

over expertise op het gebied van behandeling en begeleiding van de psychiatrische

problematiek (pedofilie) als persoonlijkheidsproblematiek van betrokkene en waarbij

betrokkene voor een langere periode intensievere begeleiding, structuur en controle

geboden kan worden, die hij ook zal moeten accepteren. Conclusie is dat er een

gemiddelde zorgintensiteit en een laag beveiligingsniveau nodig is. Betrokkene wordt

hiervoor toegeleid naar [kliniek]. De indicatie is voor een van de

woonvoorzieningen buiten het terrein van [kliniek].

Betrokkene is tevens aangemeld en inmiddels geschikt bevonden als kandidaat voor

een COSA-cirkel. Hierbij zullen een aantal hiervoor opgeleide vrijwilligers en

hulpverleners een netwerk om betrokkene vormen om hem te begeleiden bij zijn

resocialisatie. Behalve een versoepeling van de resocialisatie in de samenleving zorgt

een dergelijke aanpak ook voor extra ogen en oren voor de toezichthoudende instantie, Reclassering Nederland in deze. Geadviseerd wordt om betrokkene in aanmerking te laten komen voor voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging.

Hierbij worden de volgende bijzondere voorwaarden geadviseerd:

• Meldplicht

• Behandelverplichting - Ambulante behandeling

• Opname in zorginstelling RIBW van [kliniek]

• Andere voorwaarden het gedrag betreffende

Op verzoek van de rechtbank ‘s-Hertogenbosch heeft rapporteur onderzoek gedaan

naar de haalbaarheid van de mogelijkheid om de dwangverpleging van betrokkene

voorwaardelijk te beëindigen. Onder de hieronder beschreven voorwaarden kan de

reclassering positief adviseren aangaande de uitvoerbaarheid van de Voorwaardelijke

Beëindiging van de dwangverpleging. Daarbij wordt geadviseerd, indien de rechtbank

hiertoe beslist, om de Voorwaardelijke Beëindiging in te laten gaan per 1 augustus

2014 aangezien vanaf dat moment de RIBW daadwerkelijk plek voor hem heeft.

Toelichting bijzondere voorwaarden:

Meldplicht

Betrokkene moet zich binnen twee werkdagen na het ingaan van de Voorwaardelijke

Beëindiging melden bij Reclassering Nederland via telefoonnummer[telefoonnummer]. Hier

zal hem medegedeeld worden wie zijn toezichthouder zal worden en op welk nummer

deze te bereiken is. Hierna moet betrokkene zich voor gesprekken met zijn

toezichthouder blijven melden zo frequent en zolang de reclassering dit noodzakelijk

acht.

Behandelverplichting - Ambulante behandeling

Betrokkene wordt verplicht om zich te laten behandelen voor terugvalpreventie bij de

[kliniek], te weten [kliniek] of

een soortgelijke ambulante forensische zorg, waarbij betrokkene zich zal houden aan

de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens de

instelling/behandelaar zullen worden gegeven, ook als dit inhoudt het gebruik van

medicatie.

De aanmelding hiervoor is eind mei gedaan, waarschijnlijk zal eind juli/begin augustus

een intakegesprek plaatsvinden.

Opname in zorginstelling RIBW van [kliniek]

Betrokkene wordt verplicht om op basis van de door het NIFP-IFZ afgegeven

indicatiestelling zich te laten opnemen in het RIBW van [kliniek] te

[gemeente 1] of een soortgelijke instelling, zulks ter beoordeling van het NIFP-IFZ, waarbij

betrokkene zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die

behandeling door of namens de (geneesheer-) directeur van die instelling zullen

worden gegeven.

Betrokkene is inmiddels positief geïndiceerd voor deze voorziening, hij zal komen te

wonen op het adres [adres]. Het zorgaanbod is beschikbaar vanaf

1 augustus 2014.

Andere voorwaarden het gedrag betreffende:

- Betrokkene geeft toestemming aan de reclassering om te overleggen met de

begeleiding van de woonvoorziening waar hij op dat moment verblijft

- Betrokkene geeft toestemming aan de reclassering om te overleggen met zijn

sociale omgeving

- Betrokkene verhuist niet zonder voorafgaande toestemming van de reclassering

- Betrokkene gaat niet samenwonen met een partnerrelatie of anderszins enig ander

persoon zonder voorafgaande uitdrukkelijke toestemming van de reclassering.

- Betrokkene houdt zich aan de huisregels zoals die gelden bij de woonvoorziening

waar hij verblijft.

- Betrokkene houdt zich aan de aanwijzingen en afspraken die hem namens of door

de reclassering gegeven worden.

- Betrokkene werkt mee aan het vinden van een zinvolle dagbesteding in de vorm van

werk of anderszins.

- Betrokkene zal openheid geven over zijn dagelijkse gang van zaken.

- Betrokkene zal inzage in zijn financiële situatie geven.

- Betrokkene zal zijn medewerking aan de COSA cirkel niet beëindigen zonder

overeenstemming hierover te hebben bereikt met zijn reclasseringswerker.

- Betrokkene zal meewerken aan terugplaatsing in [kliniek] in het

kader van FPT voor een time-out indien de reclassering dit nodig vindt.

De ter beschikking gestelde heeft verklaard, verkort en zakelijk weergegeven:

Ik kan mij helemaal vinden in de voorwaarden zoals die zijn voorgesteld in het rapport van de reclassering. Ik kan per 1 augustus 2014 naar een appartement in het dorp verhuizen en krijg dan een eigen leven. Het gaat zeker de laatste zes maanden erg goed met mij. Ik ben open en eerlijk over alle dingen die spelen in mijn leven. Ik weet dat de grootste valkuil voor mij zal zijn dat ik eenmaal buiten wellicht moeite zal hebben alles te melden en overleggen. Ik ga daar echter hard aan werken dat steeds wel te doen, zoals dat nu ook het geval is. Ik ben zestig jaar geweest en werd ineens verliefd op een man. Ik weet ook niet wat mij is overkomen. Er is wederzijds vertrouwen tussen ons. Als we open en eerlijk blijven, komen we overal uit. Ik zou heel graag een toekomst willen opbouwen, met werk en alles erbij.

Ik gebruik anti-depressiva als libido-remmend middel. Deze medicijnen hebben namelijk geen of nauwelijks bijwerkingen en dat hadden die andere medicijnen wel. Ik kreeg van die medicijnen last van mijn lever.

De deskundige mw. A.G. Posthuma, optredend namens [kliniek], heeft het navolgende, verkort en zakelijk weergegeven, verklaard:

De grootste valkuilen voor de ter beschikking gestelde zullen zijn dat hij keuzes gaat maken die niet handig zijn en zijn eigen gang zal gaan. Hij heeft nu een relatie met iemand die veel jonger is en er moet voor worden gewaakt dat er dingen gebeuren die voor die partij niet prettig zijn. Het recidiverisico is zeker aanvaardbaar als de ter beschikking gestelde zich aan de gestelde voorwaarden houdt. Er zal een goede overdracht naar [kliniek] plaatsvinden. De ter beschikking gestelde zit nu al een beetje zelfstandig. Vanuit het departement is men niet zo enthousiast om zijn verlofmogelijkheden uit te bouwen. Op korte termijn is het recidiverisico echter laag. Het risico zit hem meer in het aangaan van relaties op de langere termijn. De gestelde voorwaarden bieden echter voldoende waarborgen en bescherming van de maatschappij. Het is een traject dat zeker haalbaar is. Het valt en staat natuurlijk altijd met de keuzes die de ter beschikking gestelde zelf maakt. Het is niet nodig dat de ter beschikking gestelde nog langer in een gesloten setting woont. In een RIBW-voorziening kan de ter beschikking gestelde ook goed in de gaten gehouden worden. Binnen de setting van de kliniek wordt hij ook niet 24 uur per dag gevolgd. De ter beschikking gestelde slikt anti-depressiva als libido-remmend middel. De libido-remmende middelen die hij voorheen gebruikte, kon hij niet meer slikken in verband met ernstige bijwerkingen. Er vinden regelmatig controles plaats en dat verloopt prima.

De deskundige [reclasseringswerker], optredend namens de Reclassering Nederland, heeft bij de behandeling ter terechtzitting gepersisteerd bij het advies om de verpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen. Zij heeft voorts het navolgende verklaard, verkort en zakelijk weergegeven:

Het lastigste voor ter beschikking gestelde zal zijn het aangaan van een relatie en het maken van de juiste keuzes daarin. Hij is echter heel open en eerlijk over de relatie en dat is heel prettig. De ter beschikking gestelde is in staat om zelfstandig een huishouden te voeren. De toekomst zal moeten uitwijzen hoe het zich verder gaat ontwikkelen. De reclassering heeft aan de hand van de opdracht van de rechtbank onderzocht of een RIBW-voorziening in aanmerking kwam en dat is het geval gebleken.

De officier van justitie voert het woord, verkort en zakelijk weergegeven:

Ik vraag mij af of de stap naar een RIBW-woning niet te groot is voor de ter beschikking gestelde. Het zou wellicht goed zijn dat hij eerst eens op het terrein van een kliniek gaat wonen. Zeker gelet op het feit dat de ter beschikking gestelde onlangs een facebookaccount heeft aangemaakt en zich heeft voorgedaan als iemand anders en onder meer pornosites heeft bezocht. Ik vraag mij af of het “groomen” wel te controleren is in het vrije kader waar de ter beschikking gestelde zich straks bevindt. Het gebruik van anti-depressiva als libido-remmend middel is nieuw voor het openbaar ministerie en daar wil ik graag eerst nader onderzoek naar hebben gedaan. Ik ben van mening dat de stap naar een RIBW-woning te snel is. De ter beschikking gestelde moet eerst maar eens op het terrein van de kliniek laten zien dat hij deze vrijheden aankan. Voor het overige dienen de voorwaarden zoals gesteld door de reclassering te worden overgenomen.

De raadsman van de ter beschikking gestelde heeft onder meer, verkort en zakelijk weergegeven, aangevoerd:

Het gebruik van SSRI als libido-remmend middel is landelijk geprotocolleerd. Het openbaar ministerie kan niet bepalen dat de ter beschikking gestelde andere libido-remmende middelen moet slikken. Dat dient door een psychiater te gebeuren, hetgeen in casu ook is gebeurd.

Er was een medische noodzaak bij de ter beschikking gestelde om te stoppen met het gebruik van de reguliere libido-remmende middelen. Na tweemaal een aanhouding van deze zaak ligt er nu een helder reclasseringsrapport met duidelijke voorwaarden, waaraan de ter beschikking gestelde zich wil houden. Dit plan is in samenspraak met hem, met de kliniek, met de RIBW-voorziening waar hij terecht kan, en met de reclassering tot stand gekomen. De conclusie die daaruit is gekomen luidt dat het verantwoord is om op deze wijze en onder deze voorwaarden de verpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen. Zowel de kliniek als de reclassering achten het recidiverisico aanvaardbaar. In feite wil de officier van justitie dat de ter beschikking gestelde nog verder intramuraal behandeld wordt, zodat zij ondertussen onderzoek kan doen naar de libido-remmende werking van anti-depressiva. Dat gaat echt te ver. De dwangverpleging dient voorwaardelijk te worden beëindigd, daar zijn alle deskundigen het over eens. Ik verzoek de rechtbank om vandaag nog uitspraak te doen, indien mogelijk.

Na een korte onderbreking wordt de terechtzitting hervat en deelt de voorzitter het navolgende mede.

De officier van justitie verzet zich tegen de voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging omdat – kortweg – het recidiverisico te hoog zou zijn. In het bijzonder is betoogd dat nader onderzoek ingesteld zou moeten worden naar het effect van de antidepressiva op het libido van betrokkene.

De rechtbank overweegt als volgt. Ter terechtzitting zijn alle voorwaarden zoals genoemd in het reclasseringsrapport besproken waaronder het verplichte gebruik van antidepressiva als libidoremmer. Betrokkene heeft zich bereid verklaard aan alle voorwaarden te voldoen. Ook de eventuele valkuilen voor betrokkene zijn ter zitting aan bod geweest. De deskundige Posthuma van [kliniek] heeft desgevraagd expliciet te kennen gegeven dat zij het recidiverisico bij naleving van de voorwaarden door betrokkene voldoende ingeperkt acht. De rechtbank ziet geen aanleiding te twijfelen aan het oordeel van deze deskundige en neemt het advies van de reclassering over.

Gelet op het feit dat er per 1 augustus 2014 een plaats voor betrokkene is bij de RIBW- instelling van [kliniek] zal de rechtbank de verpleging van overheidswege per 1 augustus 2014 beëindigen. Ter bescherming van de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen, stelt de rechtbank de hierna te melden voorwaarden

betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde.

Gezien de artikelen: 38, 38a, 38d en 38g van het Wetboek van Strafrecht.

DE BESLISSING.

Beëindigt voorwaardelijk de verpleging van overheidswege voor de duur van het

bij beslissing van de rechtbank van 23 december 2013 gegeven bevel tot

verlenging van de terbeschikkingstelling.

Stelt daarbij als algemene voorwaarden dat ter beschikking gestelde:

- zich gedurende de terbeschikkingstelling niet schuldig maakt aan een

strafbaar feit en

- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan

het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld

in artikel 1van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt en

- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, als bedoeld in artikel 38

van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder

begrepen.

Stelt daarbij tevens als bijzondere voorwaarden:

- Meldplicht. Ter beschikking gestelde moet zich binnen twee werkdagen na het

ingaan van de voorwaardelijk beëindiging melden bij Reclassering Nederland via

telefoonnummer [telefoonnummer]. Hier zal hem medegedeeld worden wie zijn

toezichthouder zal worden en op welk nummer deze te bereiken is. Hierna moet

betrokkene zich voor gesprekken met zijn toezichthouder blijven melden zo

frequent en zolang de reclassering dit noodzakelijk acht.

- Behandelverplichting-Ambulante behandeling. Ter beschikking gestelde wordt

verplicht om zich te laten behandelen voor terugvalpreventie bij de

[kliniek], te weten [kliniek] in

[gemeente 2] of een soortgelijke ambulante forensische zorg, waarbij betrokkene

zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling

door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven, ook als dit

inhoudt het gebruik van medicatie. De aanmelding hiervoor is eind mei gedaan,

waarschijnlijk zal eind juli/begin augustus een intakegesprek plaatsvinden.

- Opname in zorginstelling RIBW van [kliniek].

Ter beschikking gestelde wordt verplicht om op basis van de door het NIFP-IFZ

afgegeven indicatiestelling zich te laten opnemen in het RIBW van [kliniek]

of een soortgelijke instelling, zulks ter beoordeling

van het NIFP-IFZ, waarbij betrokkene zich zal houden aan de aanwijzingen die

hem in het kader van die behandeling door of namens de (geneesheer-) directeur

van die instelling zullen worden gegeven.

Ter beschikking gestelde is inmiddels positief geïndiceerd voor deze voorziening, hij zal komen te wonen op het adres [adres]. Het zorgaanbod is beschikbaar vanaf 1 augustus 2014.

Andere voorwaarden het gedrag betreffende. Ter beschikking gestelde wordt

verplicht om de volgende bijkomende bijzondere voorwaarden na te leven en

zich te houden aan de opdrachten van de reclasseringsorganisatie die in het

kader van het toezicht op de naleving van deze voorwaarden noodzakelijk zijn:

- Ter beschikking gestelde geeft toestemming aan de reclassering om te

overleggen met de begeleiding van de woonvoorziening waar hij op dat moment

verblijft.

- Ter beschikking gestelde geeft toestemming aan de reclassering om te

overleggen met zijn sociale omgeving.

- Ter beschikking gestelde verhuist niet zonder voorafgaande toestemming van

de reclassering.

- Ter beschikking gestelde gaat niet samenwonen met een partnerrelatie of

anderszins enig ander persoon zonder voorafgaande uitdrukkelijke toestemming

van de reclassering.

- Ter beschikking gestelde houdt zich aan de huisregels zoals die gelden bij

de woonvoorziening waar hij verblijft.

-Ter beschikking gestelde houdt zich aan de aanwijzingen en afspraken die hem

namens of door de reclassering gegeven worden.

- Ter beschikking gestelde werkt mee aan het vinden van een zinvolle

dagbesteding in de vorm werk of anderszins.

- Ter beschikking gestelde zal openheid geven over zijn dagelijkse gang van

zaken.

- Ter beschikking gestelde zal inzage in zijn financiële situatie geven.

- Ter beschikking gestelde zal zijn medewerking aan de COSA cirkel niet

beëindigen zonder overeenstemming hierover te hebben bereikt met zijn

reclasseringswerker.

- Ter beschikking gestelde zal meewerken aan terugplaatsing in [kliniek]

in het kader van FPT voor een time-out indien de

reclassering dit nodig vindt.

Geeft opdracht aan Reclassering Nederland de terbeschikkinggestelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te bieden, als bedoeld in artikel 38 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze beslissing is gegeven door

mr. M.L.W.M. Viering, voorzitter,

mr. M.A. Waals en mr. J. Leyenaar-Holleman, leden,

in tegenwoordigheid van mr. P. van Etteger-Lubbers, griffier,

en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 26 juni 2014.