Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ2126

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
31-01-2013
Datum publicatie
25-02-2013
Zaaknummer
252880 / EX RK 12-184
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Korte samenvatting: Civiele raadkamer. verzoek artikel 35 wet bescherming persoonsgegevens. Beheerder van de website is verantwoordelijke omdat deze gegevens aanvult en deze gegevens toegankelijk maakt door middel van een e-mailservice

Wetsverwijzingen
Wet bescherming persoonsgegevens
Wet bescherming persoonsgegevens 35
Wet bescherming persoonsgegevens 43
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JBP 2014/35 met annotatie van S.H. Katus
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK 'S-HERTOGENBOSCH

Sector civiel recht

zaaknummer / rekestnummer: 252880 / EX RK 12-184

Beschikking van 31 januari 2013

in de zaak van

[eiser],

wonende te [woonplaats] ,

verzoekster,

gemachtigde W.E. van Bentem te Garrelsweer,

tegen

1. vennootschap onder firma

VEILINGDEURWAARDER.NL,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

alsmede haar vennoten:

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ROCAYV B.V.,

gevestigd te Vught,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GERECHTSDEURWAARDERSKANTOOR HERTOGSTAD B.V.,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MERLIJNINCAS B.V.,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TIJMA BEHEER B.V.,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

verweersters,

advocaat mr. S.F. Besselink te Amsterdam.

Partijen zullen hierna respectievelijk [eiser] en Veilingdeurwaarder worden genoemd.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift

- het verweerschrift

- de mondelinge behandelingen van 27 november 2012 en 18 december 2012.

2. De feiten

2.1. Veilingdeurwaarder is houdster van de website www.veilingdeurwaarder.nl (hierna: de website). Op de website kunnen gerechtsdeurwaarders en (gemeentelijke) belastingdeurwaarders advertenties plaatsen ter aankondiging van de executoriale verkopen waarmee zij zijn belast. Geïnteresseerden worden van op de website geplaatste advertenties op de hoogte gesteld door middel van een e-mailservice of een tweet, waarin een link is geplaatst waarmee de advertentie kan worden geopend. Indien de executoriale verkoop een auto betreft, worden door Veilingdeurwaarder RDW-gegevens opgehaald en wordt automatisch een advertentietitel aangemaakt, waarin die RDW-gegevens worden opgenomen.

2.2. Door een gerechtsdeurwaarder verbonden aan het kantoor van Johan van Ras & Joost Hanegraaf gerechtsdeurwaarders en incassospecialisten BV te Helmond (hierna: de deurwaarder) is op 2 april 2012 te laste van [eiser] beslag gelegd op een auto. De deurwaarder heeft van de openbare veiling van die auto melding gemaakt door publicatie daarvan op de website. In de geplaatste advertentie is, naast het kenteken en andere gegevens van de auto, de plaats waar de verkoop zal plaatsvinden en de naam van [eiser] opgenomen.

2.3. Op 3 september 2012 heeft [eiser] Veilingdeurwaarder verzocht om een overzicht en afschrift van alle haar betreffende persoonsgegevens hoe ook genaamd en in welke vorm dan ook door Veilingdeurwaarder verwerkt, alsmede de beschikbare informatie over de herkomst van deze gegevens. Verder verzocht [eiser] om een overzicht van degene aan wie door of namens Veilingdeurwaarder persoonsgegevens zijn verstrekt.

2.4. Bij brief van 5 september 2012 heeft Veilingdeurwaarder [eiser] verwezen naar de deurwaarder omdat deze verantwoordelijk is voor de inhoud van de op de website geplaatste advertentie.

3. Het verzoek

[eiser] verzoekt de rechtbank - samengevat -

1. Veilingdeurwaarder hoofdelijk te veroordelen om binnen vier weken na betekening van deze beschikking aan [eiser] schriftelijk mede te delen of door Veilingdeurwaarder persoonsgegevens van [eiser] zijn verwerkt en/of nog worden verwerkt met bepaling dat

a. de schriftelijke mededeling een volledig overzicht van de [eiser] betreffende gegevens dient te bevatten;

b. de schriftelijke mededeling de doeleinden van de verwerking, de categorieën gegevens waarop de verwerking betrekking heeft, alle ontvangers van deze gegevens, alsmede de beschikbare herkomst van de gegevens dient te vermelden;

2. Veilingdeurwaarder hoofdelijk te veroordelen om binnen vier weken na betekening van deze beschikking aan [eiser] af te geven:

a. een fotokopie van alles stukken waarover Veilingdeurwaarder beschikt en die [eiser] betreffende persoonsgegevens bevatten;

b. een afdruk in begrijpelijke en leesbare vorm van alle elektronisch vastgelegde documenten en gegevens, e-mails daaronder begrepen, die betrekking hebben op [eiser];

3. 1. en 2. onder verbeurte van een dwangsom van € 5.000,- per dag;

4. met veroordeling in de proceskosten.

3.1. [eiser] legt aan haar verzoek ten grondslag dat Veilingdeurwaarder haar betreffende persoonsgegevens verwerkt door deze op de website te plaatsen en vervolgens geïnteresseerden van de op de website geplaatste advertentie op de hoogte te stellen door middel van een e-mailservice of een tweet, waardoor die geïnteresseerden door op een link te klikken direct in de advertentie komen waarin de naam van [eiser] en het kenteken van de auto zijn vermeld.

3.2. [eiser] wenst met name inzage in de lijst met geïnteresseerden die via de e-mailservice, dan wel via een tweet van de haar betreffende advertentie op de hoogte zijn gesteld, naar zij stelt om te kunnen beoordelen of het verstrekken van gegevens door Veilingdeurwaarder rechtmatig is gebeurd.

4. De beoordeling

4.1. Het verzoek van [eiser] is gegrond op artikel 35 van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Op grond van dit artikel heeft de betrokkene het recht zich tot de verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens te wenden met het verzoek om hem mede te delen of hem betreffende persoonsgegevens worden verwerkt. Indien persoonsgegevens worden verwerkt, moet de verantwoordelijke tevens een overzicht geven van het doel van de verwerking, de (categorieën) van gegevens waarop de verwerking betrekking heeft en de (categorieën) van ontvangers, alsmede informatie over de herkomst van de gegevens. Verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens is ingevolge artikel 1 onder d van de Wbp diegene die doel en middelen voor de verwerking van persoonsgegevens vaststelt. Blijkens de door het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) opgestelde artikelsgewijze toelichting is daarbij van belang de vraag wie uiteindelijke bepaalt of er gegevens worden verwerkt en zo ja, welke verwerking van welke persoonsgegevens en voor welk doel. Tevens is van belang wie beslist over de middelen voor verwerking; de vraag op welke wijze de gegevensverwerking zal plaatsvinden.

4.2. [eiser] stelt dat Veilingdeurwaarder verantwoordelijke is in de zin van de Wbp omdat Veilingdeurwaarder persoonsgegevens op de website plaatst, deze aanvult met RDW-gegevens en vervolgens toegankelijk maakt voor het publiek. Ook het verzenden van e-mails waarvan de ontvanger met één muisklik, en tweets waarvan de lezer met twee muisklikken de advertentie kan openen, is het verwerken van persoonsgegevens.

4.3. Veilingdeurwaarder heeft ondermeer als verweer gevoerd dat zij geen verantwoordelijke is in de zin van de Wbp omdat niet zij het doel en de middelen van de publicatie vaststelt, maar de deurwaarder. Veilingdeurwaarder wijst erop dat de deurwaarder de wettelijke plicht heeft om openbare verkopen te publiceren, welke publicatie ten doel heeft kenbaarheid aan de verkoop te geven teneinde een zo groot mogelijke opbrengst te behalen. Het is de deurwaarder die bepaalt of een voorgenomen verkoop op de website of elders wordt gepubliceerd, en het is de deurwaarder die bepaalt welke gegevens in de advertentie worden vermeld. Dat de RDW-gegevens worden opgehaald en in de advertentietitel worden verwerkt heeft enkel als doel die advertentietitels uniform weer te geven.

4.4. De rechtbank stelt voorop dat als uitgangspunt dient te gelden dat degene die persoonsgegevens verwerkt verantwoordelijk is voor de verwerking, tenzij deze aantoont dat dat niet het geval is. Veilingdeurwaarder heeft niet aangegeven welke gegevens zij door de deurwaarder krijgt aangeleverd en welke gegevens zij zelf aanvult vanuit het RDW-register. In de door [eiser] als voorbeeld overgelegde advertentie staan onder RDW-gegevens (die Veilingdeurwaarder volgens haar eigen stellingen dus zelf ophaalt) het kenteken van de auto en de naam van de kentekenhouder vermeldt. De rechtbank gaat er daarom vanuit dat Veilingdeurwaarder deze gegevens zelf in de advertentie plaatst en daarmee als verantwoordelijke voor de verwerking heeft te gelden. Veilingdeurwaarder heeft weliswaar betoogd dat deze gegevens niet als persoonsgegevens moeten worden beschouwd, maar dit verweer wordt verworpen. In het richtsnoer van het CBP is opgenomen dat het bekendste direct identificerend gegeven de combinatie van voor- en achternaam is en als voorbeeld van bekendste indirect identificerende gegevens wordt het kenteken genoemd. Naar het oordeel van de rechtbank levert een combinatie van achternaam met voorletters en het kenteken zeker een persoonsgegeven in de zin van de Wbp op. De rechtbank is van oordeel dat Veilingdeurwaarder als verantwoordelijke in de zin van de Wbp moet worden aangemerkt voor het plaatsen van de persoonsgegevens op de website.

4.5. De rechtbank is tevens van oordeel dat het verzenden van een e-mail of tweet met daarin een directe link naar de advertentie waarin de persoonsgegevens zijn vermeld het verwerken van persoonsgegevens oplevert. Artikel 1 onder d van de Wbp bepaalt immers dat onder verwerking moet worden verstaan: elke handeling of elk geheel van handelingen met betrekking tot persoonsgegevens, waaronder in ieder geval het verzamelen, vastleggen, ordenen, bewaren, bijwerken, wijzigen, opvragen, raadplegen, gebruiken, verstrekken door middel van doorzending, verspreiding of enige andere vorm van terbeschikkingstelling, samenbrengen, met elkaar in verband brengen, alsmede het afschermen, uitwissen of vernietigen van gegevens. De rechtbank is van oordeel dat het verzenden van een hyperlink beschouwd moet worden als een andere vorm van terbeschikkingstelling. Ook voor deze verwerking moet Veilingdeurwaarder als verantwoordelijke worden aangemerkt.

4.6. Het verweer van Veilingdeurwaarder dat haar brief van 5 september 2012 geen weigering inhield om aan het verzoek van [eiser] te voldoen, was gegrond op de veronderstelling dat Veilingdeurwaarder geen verantwoordelijke in de zin van de Wbp is. Gelet op het hiervoor overwogene wordt dit verweer verworpen.

conclusie

4.7. Aangezien Veilingdeurwaarder als verantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens van [eiser] dient te gelden, is Veilingdeurwaarder in beginsel verplicht aan het verzoek op grond van artikel 35 van de Wbp te voldoen. Veilingdeurwaarder heeft echter terecht opgemerkt dat zij op grond van artikel 43 onder e van de Wbp niet hoeft te voldoen aan haar informatieplicht, indien dit noodzakelijk is ter bescherming van de rechten en vrijheden van anderen. De rechtbank is met Veilingdeurwaarder van oordeel dat Veilingdeurwaarder niet gehouden is naam- en adresgegevens te verstrekken van alle ontvangers van de nieuwsbrief omdat daarmee immers een verregaande inbreuk op de privacy van die ontvangers zou worden gemaakt. Naar het oordeel van de rechtbank kan Veilingdeurwaarder volstaan met het verstrekken van categorieën van ontvangers, welke mogelijkheid uitdrukkelijk is toegestaan op grond van artikel 35. Het verzoek van [eiser] zal dan ook met die restrictie worden toegewezen.

dwangsom

4.8. Het verzoek van [eiser] om aan de veroordeling een dwangsom te verbinden zal worden afgewezen. Veilingdeurwaarder heeft gemotiveerd aangegeven dat zij aan een veroordeling zal voldoen, ook zonder dat daar een dwangsom aan verbonden is en [eiser] heeft niet gesteld dat dit anders zal zijn.

(on)rechtmatige verwerking

4.9. [eiser] heeft nog betoogd dat de verwerking van haar persoonsgegevens onrechtmatig is geweest, maar dat staat in het kader van deze procedure niet ter beoordeling aan de rechtbank. De rechtbank merkt daarover ten overvloede nog wel op dat zij niet inziet hoe het doel van de publicatie van de openbare verkoop (het bereiken van een zo hoog mogelijke opbrengst) is gediend met het noemen van naam en kenteken in de advertentie.

proceskosten

4.10. [eiser] heeft ter zitting aangegeven dat zij met name inzage wenst in de lijst van ontvangers van de nieuwsbrief en haar verzoek wordt op dit punt afgewezen. Daarbij komt dat de rechtbank aannemelijk acht dat [eiser] al weet welke persoonsgegevens Veilingdeurwaarder van haar heeft verwerkt (namelijk haar naam en kenteken) en van wie die gegevens afkomstig zijn (RDW en/of de deurwaarder). Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat [eiser] niet als de overwegend in het gelijkgestelde partij is te beschouwen zodat haar verzoek om Veilingdeurwaarder in de proceskosten te veroordelen zal worden afgewezen.

5. De beslissing

De rechtbank

5.1. veroordeelt Veilingdeurwaarder hoofdelijk, om binnen vier weken na betekening van deze beschikking

1. aan [eiser] schriftelijk mede te delen of door Veilingdeurwaarder persoonsgegevens van [eiser] zijn en/of worden verwerkt

en bepaalt dat:

a. de schriftelijke mededeling een volledig overzicht van de [eiser] betreffende persoonsgegevens dient te bevatten,

b. de schriftelijke mededeling de doeleinden van de verwerking de categorieën van de gegevens waarop de verwerking betrekking heeft en de categorieën van ontvangers van deze gegevens, alsmede de beschikbare herkomst van de gegevens dient te vermelden,

2. aan [eiser] af te geven

a. een fotokopie van alles stukken waarover Veilingdeurwaarder beschikt en die [eiser] betreffende persoonsgegevens bevatten;

b. een afdruk in begrijpelijke en leesbare vorm, dan wel een digitale en met gangbare programmatuur benaderbare kopie, van alle elektronisch vastgelegde documenten en gegevens, e-mails daaronder begrepen, die betrekking hebben op [eiser],

5.2. wijst af het meer of anders gevorderde.

Deze beschikking is gegeven door mr. I.L. Rijnbout en in het openbaar uitgesproken op 31 januari 2013.