Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ1198

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
31-01-2013
Datum publicatie
19-02-2013
Zaaknummer
01/845495-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verlenging terbeschikkingstelling met twee jaar.

Index-delicten: verkrachting en wederrechtelijke vrijheidsberoving.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Strafrecht

Parketnummer: 01/845495-09

Uitspraakdatum: 31 januari 2013

Beslissing verlenging terbeschikkingstelling

Beslissing in de zaak van:

[terbeschikkinggestelde]]

geboren te [geboorteplaats, geboortedatum],

verblijvende in [kliniek].

Het onderzoek van de zaak.

Bij vonnis van de rechtbank van 13 juli 2010 is betrokkene ter beschikking gesteld.

De vordering van de officier van justitie bij deze rechtbank van 26 september 2012 strekt tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling voor de duur van twee jaar.

Deze vordering is behandeld ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 31 januari 2013. Hierbij zijn de officier van justitie, de getuige-deskundige, de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman gehoord.

In het dossier bevinden zich onder andere:

- het advies van [kliniek], d.d. 22 augustus 2012 opgemaakt en ondertekend door drs. P.J.C. Bax en drs. K.M. ten Brinck van de inrichting waar betrokkene verblijft;

- omtrent de terbeschikkinggestelde gehouden wettelijke aantekeningen;

- het persoonsdossier van terbeschikkinggestelde.

De beoordeling.

De terbeschikkingstelling is toegepast ter zake van verkrachting, mishandeling en opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid beroven en beroofd houden, terwijl de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eiste. Het hiervoor genoemde misdrijf betreft een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.

In voornoemd advies van het hoofd van de inrichting is onder meer het navolgende gesteld:

"(...) Patiënt is een man die is opgegroeid in een pedagogisch en affectief verwaarlozend milieu met veel agressie waarvan hij slachtoffer was en wat hij ook aanleerde om zich staande te houden. (...) Bij patiënt is verder sprake van zwakbegaafdheid die ertoe leidt dat hij zaken slechter kan overzien en die naast zijn persoonlijkheidsproblematiek mede oorzaak is van een gebrekkige grip op de realiteit. Ook kan gesteld worden dat er geen sprake is van een voldoende ontwikkelde en geïntegreerde identiteit. Dit, gevoegd bij de zeer gebrekkige copingvaardigheden waarover hij beschikt, is de bron van zijn gedragsproblematiek. (...) Alcohol en drugs zijn voor patiënt behalve genotsmiddel ook duidelijk middelen waarin hij probeert zijn problematiek en traumatische ervaringen te ontvluchten. In de behandeling tot nu toe zien wij patiënt dan ook als een man, eigenlijk een jongen, die zich realiseert dat hij veel problemen heeft en weinig vertrouwen in anderen heeft. Hij probeert echter wel om hieraan op een positieve wijze vorm te geven, maar nog niet op consistente en progressieve wijze. Er is dus sprake van nog onvoldoende behandelresultaat. Complicerend aspect is dat hij de verantwoordelijkheid met betrekking tot het delict ook nog niet in voldoende mate neemt. (...) De kans op herhaling van gewelddadig gedrag wordt (onverminderd) groot geacht bij opheffing van de terbeschikkingstelling. (...) Tevens blijft staan dat de kans op gewelddadig gedrag nog groot wordt geacht en dat binnen een relatie patiënt ook nog gewelddadig kan reageren, waarbij de kans op seksueel agressief gedrag niet te verwaarlozen is omdat in de behandeling nog onvoldoende resultaten zijn behaald. Op grond van bovenstaande wordt om de kans op herhaling van gewelddadig gedrag zo gering mogelijk te doen zijn dan ook geadviseerd de TBS met 2 jaar te verlengen. (...)"

De terbeschikkinggestelde heeft verklaard, verkort en zakelijk weergegeven:

In het begin had ik wel last door het volgen van EDMR. Ik heb nu nog nagesprekken. Ik werk bij de ICT. Het gaat deze maand redelijk goed om van de drugs af te blijven. De urinecontroles zijn schoon. Ik ben al bijna 10 tot 12 jaar bezig met cocaïne. Dat krijg je er niet zomaar uit. Het is de aard van het beestje. Het heeft geen zin om mij tegen een verlenging van de terbeschikkingstelling te verzetten.

De getuige-deskundige J.G.M. de Natris, optredend namens voormelde inrichting, heeft bij de behandeling ter terechtzitting gepersisteerd bij voornoemd advies. Hij heeft voorts het navolgende verklaard, verkort en zakelijk weergegeven:

Het gaat met kleine stapjes. Na augustus 2012 is het een roerige periode geweest met de heer [terbeschikkinggestelde]. Hij is betrapt op het handelen in cocaïne. Hij heeft diverse time-outs gehad en hij heeft 2x een separatie gekregen. Hij zoekt wel steeds contact met zijn behandelaars. Er is een lange tijd nodig om een stabiele omgeving voor de heer [terbeschikkinggestelde] te maken.

De officier van justitie heeft aangevoerd, verkort en zakelijk weergegeven:

Ik persisteer bij de vordering. De heer [terbeschikkinggestelde] zit echt in de beginfase.

De raadsman van de terbeschikkinggestelde heeft aangevoerd, verkort en zakelijk weergegeven:

Er moet nog even in de heer [terbeschikkinggestelde] geïnvesteerd worden. Het is ook voor hem een kans om aan zijn persoonlijkheid te werken. Hij zoekt contact met de behandelaars. Hij heeft inmiddels weer contact met zijn moeder en zus. De heer [terbeschikkinggestelde] verzet zich niet tegen een verlenging van de terbeschikkingstelling.

De rechtbank verenigt zich met het advies van voornoemde inrichting, met de daarop ter terechtzitting gegeven toelichting door de deskundige.

Gelet op het vorenstaande, gezien artikel 38d en 38e van het Wetboek van Strafrecht is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist.

DE BESLISSING

De rechtbank:

- verlengt de termijn gedurende welke [terbeschikkinggestelde] ter beschikking is gesteld met twee jaar.

Deze beslissing is gegeven door

mr. E.W. van den Heuvel, voorzitter,

mr. M.L.W.M. Viering en mr. W.T.A.M. Verheggen, leden,

in tegenwoordigheid van mr. B.J. van Vugt-Jansen, griffier,

en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 31 januari 2013.

mr. W.T.A.M. Verheggen is buiten staat deze uitspraak mede te ondertekenen.