Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2013:6488

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
07-11-2013
Datum publicatie
22-11-2013
Zaaknummer
01/045089-04
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verlenging terbeschikkingstelling met één jaar en voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege. Indexdelict: Diefstal met geweld.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Strafrecht

Parketnummer: 01/045089-04

Uitspraakdatum: 07 november 2013

Beslissing verlenging terbeschikkingstelling en voorwaardelijk einde verpleging van overheidswege

Beslissing in de zaak van:

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [1975],

verblijvende [adres] in [plaats].

Het onderzoek van de zaak.

Bij arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 3 juni 2005 is betrokkene ter beschikking gesteld. Deze terbeschikkingstelling is voor het laatst bij beslissing van deze rechtbank te ’s-Hertogenbosch van 30 november 2012 met één jaar verlengd. De gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden heeft deze beslissing bevestigd bij beslissing van 28 maart 2013.

De vordering van de officier van justitie bij deze rechtbank d.d. 18 september 2013 strekt tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling voor de duur van één jaar.

Deze vordering is behandeld ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 7 november 2013. Hierbij zijn de officier van justitie, de deskundige, de terbeschikkinggestelde en zijn raadsvrouwe gehoord.

In het dossier bevinden zich onder andere:

  • -

    het advies van [kliniek] d.d. 2 augustus 2013, opgemaakt en ondertekend door M. Hanoeman, psychiater, en J.H.M. Nijhuis, directeur/hoofd van de inrichting;

  • -

    de omtrent de terbeschikkinggestelde gehouden wettelijke aantekeningen;

  • -

    het persoonsdossier van terbeschikkinggestelde;

  • -

    het reclasseringsadvies d.d. 31 oktober 2013, opgemaakt en ondertekend door I.H.M. Huistede, reclasseringswerker, en M. Wissink, leidinggevende.

De beoordeling.

De terbeschikkingstelling is toegepast terzake diefstal, voorafgegaan en vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen en mishandeling, terwijl de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eiste.

In voornoemd advies van [kliniek] is onder meer het navolgende gesteld:

“(…)Patiënt is een 38-jarige man met een bovengemiddelde intelligentie. Hij is gediagnosticeerd met een antisociale persoonlijkheidsstoornis, alsmede met afhankelijkheid van cocaïne (onder toezicht in langdurige remissie) en een aandachttekortstoornis met hyperactiviteit, gecombineerde type. Patiënt is gemotiveerd voor behandeling en er is sprake van een goede samenwerking. (…) Gelet op zijn vooruitgang voor wat betreft zijn houding ten opzichte van de behandeling is transmuraal verlof aangevraagd en toegekend voor verblijf aan de [plaats], een dependance van [behandelafdeling kliniek] in [plaats]. Begin 2013 is patiënt overgeplaatst naar de [plaats]. In deze periode, waarin er een groter beroep op de eigen zelfstandigheid en verantwoordelijkheid is gedaan, heeft hij de positieve lijn in zijn behandeling weten vast te houden. (…) Het einddoel van de behandeling is dat patiënt een zelfstandige woning in [plaats] bewoont en daarbij begeleiding ontvangt van het Forensisch Psychiatrisch Toezichtteam en de reclassering. (…) Wij achten voortzetting van de terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege niet langer aangewezen. Wij adviseren u de terbeschikkingstelling te verlengen met een jaar en de gedwongen verpleging van overheidswege te beëindigen. De verdere tenuitvoerlegging van de terbeschikkingstelling kan plaatsvinden onder de verantwoordelijkheid van de reclassering (…)”

In voornoemd advies van de reclassering is onder meer het navolgende gesteld:

“(…)Betrokkene heeft binnen [kliniek] redelijk snel de verschillende fases doorlopen. (…) Betrokkene heeft zich altijd ingezet en meegewerkt aan zijn behandeling. Sinds kort heeft het Ministerie van Justitie transmuraal verlof in een eigen woning toegekend en zal betrokkene op korte termijn over gaan naar een eigen woning. Betrokkene heeft zijn resocialisatie vorm gegeven in [plaats] middels een opleiding en werk. (…) Betrokkene onderkent zijn verslavingsprobleem en volgt hiervoor een behandeling bij Justact. (…) Gezien het feit dat betrokkene redelijk snel door het traject gaat en op korte termijn zelfstandig gaat wonen achten wij het van belang dat betrokkene begeleiding krijgt vanuit het FPT-team om hem te ondersteunen in praktische zin en mee te kijken in zijn ontwikkeling. Bij ingang van de voorwaardelijke beëindiging zal er veel geregeld moeten worden en zal er een groot beroep gedaan worden op de zelfstandigheid van betrokkene. (…) Wij adviseren de TBS met dwangverpleging van betrokkene voorwaardelijk te beëindigen met(…) voorwaarden (…)”

De terbeschikkinggestelde verklaart:

Het gaat wel goed. Ik heb de sleutels gekregen van mijn nieuwe woning. Ik heb een vrijwillige baan bij een manege. Ik ga daar klussen en schilderen. Ik ben nu ook al best vaak alleen. Ik heb veel vrienden en ik kan ook bij hen terecht. Ik weet dat ik met drugs moet oppassen.

De deskundige S. Postma, optredend namens [kliniek], heeft bij de behandeling ter terechtzitting gepersisteerd bij voornoemd advies.

Zij heeft voorts het navolgende, zakelijk weergegeven, verklaard:

Patiënt functioneert zelfstandig en dat gaat goed. Hij heeft een goed probleeminzicht. In de door de reclassering geformuleerde voorwaarden bij een voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege zijn alle risicofactoren goed gewaarborgd.

De deskundige I.H.M. Huisstede, optredend namens de reclassering, heeft bij de behandeling ter terechtzitting gepersisteerd bij voornoemd advies.

Zij heeft voorts het navolgende, zakelijk weergegeven, verklaard:

De overgang moet geleidelijk gaan en dat is de reden waarom er zoveel voorwaarden door ons zijn geformuleerd. De heer [terbeschikkinggestelde] heeft een duidelijk kader nodig. De heer [terbeschikkinggestelde] heeft met de voorwaarden ingestemd. Alles is aanwezig om het te laten slagen. Komend jaar zullen wij moeten zien of de ambulante begeleiding van de heer [terbeschikkinggestelde] goed gaat. Over een jaar moeten wij de situatie nader bezien.

De officier van justitie voert het woord:

Ik persisteer bij de vordering om de terbeschikkingstelling met een jaar te verlengen, maar ik vorder de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege met de voorwaarden zoals deze zijn geformuleerd in het rapport van de reclassering. Het gaat goed met de heer [terbeschikkinggestelde].

De raadsvrouwe van de terbeschikkinggestelde heeft onder meer aangevoerd:

Alle neuzen staan dezelfde kant op. Het gaat goed met de heer [terbeschikkinggestelde]. Ik verzoek de rechtbank om de terbeschikkingstelling met een jaar te verlengen en ik verzoek de rechtbank om voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege met de voorwaarden zoals deze in het reclasseringsrapport zijn opgenomen.

De rechtbank verenigt zich met het advies van voornoemde inrichting en de reclassering, met de daarop ter terechtzitting gegeven toelichting door de deskundigen.

Gelet op het vorenstaande, gezien artikel 38d van het Wetboek van Strafrecht, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemenen veiligheid van personen of goederen de verlenging van de ter beschikkingstelling eist.

Gelet op al het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat de verpleging van overheidswege voorwaardelijk dient te worden beëindigd.

De terbeschikkinggestelde heeft zich bereid verklaard tot naleving van na te melden voorwaarden.

Gezien de artikelen: 38, 38a, 38d, 38g van het Wetboek van Strafrecht.

DE BESLISSING

- Verlengt de termijn gedurende welke [terbeschikkinggestelde] ter beschikking is gesteld met één jaar.

- Beëindigt voorwaardelijk de verpleging van overheidswege.

- Stelt daarbij als algemene voorwaarde, dat de ter beschikking gestelde ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt.

Stelt daarbij tevens als bijzondere voorwaarden zoals besproken en ter terechtzitting uitgereikt:

  • -

    dat de terbeschikkinggestelde zich gedurende de terbeschikkingstelling zal gedragen naar de aanwijzingen hem te geven door of namens de Reclassering Nederland, in casu GGZ Tactus verslavingszorg in Almelo, Schouwburgplein 15, zolang deze instelling zulks noodzakelijk acht;

  • -

    Verleent aan de Reclassering voornoemd de opdracht als bedoeld in artikel 38 van het Wetboek van Strafrecht;

  • -

    Betrokkene verblijft in een zelfstandige woning te [plaats] en betrokkene

verandert niet van adres zonder toestemming van Tactus reclassering;

- Betrokkene dient inzicht te geven in zijn financiële huishouding aan Tactus Reclassering. Indien Tactus Reclassering het noodzakelijk acht zal betrokkene

zijn medewerking verlenen aan budgetteringshulpverlening en/of financiële bewindvoering;

- Betrokkene werkt mee aan een zinvolle dagbesteding. Indien passend werk

niet direct voorhanden is, zal betrokkene meewerken aan een andere daginvulling (te denken valt aan scholing of vrijwilligerswerk);

  • -

    Betrokkene gebruikt geen alcohol, drugs of andere middelen. Betrokkene meldt een terugval in gebruik direct bij Tactus reclassering. Mocht betrokkene een terugval hebben in gebruik dan zullen alle betrokken partijen overleggen wat de gevolgen zijn voor de voortzetting van het toezicht;

  • -

    Betrokkene zal meewerken aan urineonderzoeken of blaasproeven in verband met middelen/alcoholgebruik. Deze controles zullen onderdeel uitmaken van de behandeling, of op zijn minst een terugval-preventie-behandeling, door Tactus;

  • -

    Betrokkene stelt zich bereid en meewerkend op voor hulpverlening van de forensische polikliniek JusTact van Tactus zolang de reclassering dit nodig acht. Hij houdt zich aan de afspraken die JusTact met hem maakt;

  • -

    Betrokkene dient zijn medewerking te verlenen aan eventuele medicamenteuze therapie, voorgeschreven door de behandeld arts/psychiater. Deze medicatie zal zo nodig onder controle ingenomen worden;

  • -

    Betrokkene wordt bij de voorwaardelijke beëindiging naast de reclassering begeleid door FPT-team van de Tender zolang de reclassering dit nodig acht. Hij houdt zich aan de afspraken die het FPT-team met hem maakt;

  • -

    Betrokkene licht de reclassering in wanneer hij een relatie aangaat. Betrokkene werkt mee aan relatiebegeleiding/-therapie indien de reclassering dit nodig acht;

  • -

    Betrokkene geeft toestemming aan alle betrokken partijen, te weten De Tender, Justact en Tactus Reclassering om informatie uit te wisselen met elkaar;

  • -

    Betrokkene houdt zich aan eventuele andere of aanvullende aanwijzingen en/of

voorwaarden te geven door Tactus reclassering;

  • -

    Betrokkene zal, in beginsel, eenmaal per week contact met Tactus reclassering hebben. Daarnaast zal betrokkene huisbezoeken krijgen. In de loop van de tijd kan gekeken worden of de contactfrequentie verminderd kan worden;

  • -

    Indien noodzakelijk werkt betrokkene mee aan een time-outplaatsing bij FPC

Oldenkotte of een soortgelijke instelling. Deze time-outplaatsing duurt in ieder geval zolang als nodig is om betrokkene op verantwoorde en veilige wijze terug te laten keren naar de omstandigheden voorafgaand aan de time-out (zelfstandig wonen), maar maximaal 7 weken. Deze periode kan eenmaal met 7 weken verlengd worden.

Deze beslissing is gegeven door

mr. M.M. Klinkenbijl, voorzitter,

mr. S. van Lokven en mr. M.M.J. Nuijten, leden,

in tegenwoordigheid van mr. B.J. van Vugt-Jansen, griffier,

en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 7 november 2013.

mr. M.M.J. Nuijten is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.