Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBOBR:2013:5355

Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak
18-09-2013
Datum publicatie
25-09-2013
Zaaknummer
243531 / HA ZA 12-180
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Bodemzaak
Eerste aanleg - enkelvoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Korte samenvatting: Verzoek om aanvullend vonnis art. 32 Rv. Door een administratieve fout bij de rechtbank is het recht van hoor en wederhoor geschonden. Die fout valt niet te repareren via een aanvullend vonnis. De eisen van een goede procesorde brengen echter mee dat de rechter in een dergelijk geval zijn beslissing heroverweegt, ook als sprake is van een bindende eindbeslissing.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJF 2013/436
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Handelsrecht

Zittingsplaats 's-Hertogenbosch

zaaknummer / rolnummer: C/01/243531 / HA ZA 12-180

Herstelvonnis van 18 september 2013

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WOPEREIS PROJECTEN B.V.,

gevestigd te Doetinchem,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WOPEREIS STAALBOUW B.V.,

gevestigd te Doetinchem,

eiseressen,

advocaat mr. A.M. Ubink te Zwolle,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SMICON B.V.,

gevestigd te Wanroij,

gedaagde,

advocaat mr. Ph.C.M. van der Ven te 's‑Hertogenbosch.

Partijen zullen hierna Wopereis en Smicon genoemd worden.

1 Het verzoek tot verbetering

1.1.

Bij brief van 5 september 2013 is namens Smicon de rechtbank verzocht om:

1) verbetering van het op 28 augustus 2013 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat de door Smicon op 3 april 2013 genomen akte wordt toegevoegd aan de beschrijving van de procedure;

2) aanvulling van dat vonnis, in die zin dat de rechtbank alsnog een beslissing neemt over de inhoud van de akte van Smicon.

1.2.

De rechtbank heeft Wopereis in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij brief van 9 september 2013 is namens Wopereis aan de rechtbank bericht dat Wopereis geen bezwaar heeft tegen inwilliging van de verzoeken om verbetering en aanvulling.

2. De beoordeling

2.1.

In het onderhavige geval blijkt sprake te zijn geweest van een administratieve fout bij de rechtbank. De akte van Smicon is tijdig bij de rechtbank ingediend, maar bevond zich niet in het griffiedossier op basis waarvan de rechtbank het vonnis van 28 augustus 2013 heeft gewezen. In dat vonnis is een deskundigenbericht bevolen door de deskundige waarover partijen het blijkens de akte van Wopereis eens waren.

2.2.

De gemaakte fout heeft ten eerste tot gevolg gehad dat de akte van Smicon in het vonnis van 28 augustus 2013 niet onder de procedure is vermeld. Die kennelijke fout leent zich voor eenvoudig herstel. De rechtbank zal het verzoek om verbetering van dit vonnis dan ook toewijzen als volgt.

2.3.

De fout heeft ten tweede tot gevolg gehad dat de rechtbank in het vonnis van 28 augustus 2013 bij de formulering van de aan de deskundige voor te leggen vragen geen rekening heeft gehouden met het standpunt van Smicon over die vragen, waardoor alleen een door Wopereis voorgestelde vraag en een door de rechtbank zelf daaraan toegevoegde vraag is opgenomen.

2.4.

De rechtbank is van oordeel dat deze fout niet te repareren valt via het aanvullend vonnis van art. 32 Rv. Dit artikel is bedoeld voor eindvonnissen, waarin is verzuimd om te beslissen over alle onderdelen van de vordering. In het onderhavige geval gaat het om een tussenvonnis, terwijl bovendien de rechtbank heeft beslist over alle details waarover bij een deskundigenbericht moet worden beslist, waaronder de formulering van de aan de deskundige voor te leggen vragen.

2.5.

Dat betekent echter niet dat de rechtbank de gemaakte fout niet zou kunnen herstellen. Door bij haar beslissing over de formulering van de aan de deskundige voor te leggen vragen geen rekening te houden met hetgeen Smicon daarover in haar akte had aangevoerd, heeft de rechtbank het recht van hoor en wederhoor geschonden. Ingevolge vaste jurisprudentie van de Hoge Raad staat het de rechter vrij terug te komen op de beslissing om een deskundigenrapport te bevelen. Dat betekent dat het de rechter ook vrij staat om al aan een deskundige voorgelegde vragen later nog te wijzigen. Bovendien, zelfs al zou die vraagstelling wel als een zgn. bindende eindbeslissing moeten worden aangemerkt, dan nog brengen de eisen van een goede procesorde mee dat de rechter die bij het nemen van een beslissing het recht op hoor en wederhoor heeft geschonden en nog geen eindvonnis heeft gewezen, zijn beslissing heroverweegt. De rechtbank zal daarom opnieuw oordelen over de formulering van de aan de deskundige voor te leggen vragen en bij dat oordeel alsnog het standpunt van Smicon betrekken.

2.6.

Zoals al overwogen in het tussenvonnis van 28 augustus 2013 neemt de rechtbank vraag 2 van Wopereis niet over, omdat het vanzelfsprekend is dat de deskundige zijn antwoorden motiveert. De rechtbank neemt de door Smicon voorgestelde vraag A niet over, omdat het vanzelfsprekend is dat de deskundige kennis neemt van het dossier. De rechtbank neemt de door Smicon voorgestelde vraag B over. De rechtbank voegt de door Wopereis voorgestelde vraag 1 en de door Smicon voorgestelde vraag C samen. De rechtbank neemt ook een eigen vraag op, voor het geval de deskundige de kernvraag niet met voldoende mate van zekerheid kan beantwoorden.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

bepaalt dat nr. 1.1. van het op 28 augustus 2013 tussen Wopereis en Smicon gewezen vonnis wordt aangevuld met:

“- de akte na tussenvonnis van Smicon”,

3.2.

bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 18 september 2013 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 28 augustus 2013,

3.3.

gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 28 augustus 2013 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren,

3.4.

bepaalt dat het in het vonnis van 28 augustus 2013 bevolen deskundigenonderzoek niet zal strekken tot beantwoording van de onder 3.1. van dat vonnis geformuleerde vragen, maar ter beantwoording van de navolgende vragen:

  1. Kunt u een constructieve beschrijving geven van de op 18 december 2009 bezweken silo 3 op het silopark aan de Haatland H22 te Kampen?

  2. Wat is de oorzaak geweest van de calamiteit op 18 december 2009 met betrekking tot deze silo 3? Kan deze oorzaak (mede) zijn gelegen in het onjuist monteren van de ten processe bedoelde mixer?

  3. Indien u vraag 2 niet met zekerheid kunt beantwoorden, wat zijn de door u mogelijk geachte oorzaken en welke van die oorzaken is in uw visie het meest waarschijnlijk, met welke mate van waarschijnlijkheid?

  4. Zijn er nog andere punten die u naar voren wilt brengen waarvan de rechter volgens u kennis dient te nemen bij de verdere beoordeling?

Dit vonnis is gewezen door mr. J.A. Bik en in het openbaar uitgesproken op 18 september 2013.