Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2021:3825

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
31-08-2021
Datum publicatie
08-09-2021
Zaaknummer
18/293319-20
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Verdachte (destijds 23 jaar) heeft zich schuldig gemaakt aan seksueel misbruik van een veertienjarig meisje. Verdachte heeft niet alleen ontuchtige handelingen gepleegd maar is ook meerdere malen oraal en vaginaal bij haar binnengedrongen. Verdachte heeft daarvan bovendien stiekem een filmopname gemaakt en heeft die opname gedeeld via social media en internet. Daarnaast heeft verdachte heimelijk opnames gemaakt van seksuele handelingen die minderjarige meisjes op zijn verzoek tijdens internet chatsessies hebben verricht voor de webcam. Uit het pro Justitia rapport komt naar voren dat verdachte een zogenoemde ‘andere neurobiologische ontwikkelingsstoornis’ heeft waarin een beperkt vermogen tot inhibitie (afremmen van eigen impulsen), planningsproblemen en een verminderd vermogen tot een adequate sociale afstemming centraal staan. Daarnaast is bij verdachte sprake van een pedofiele stoornis van het niet-exclusieve type. Alles afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf van vierentwintig maanden waarvan tien maanden voorwaardelijk, passend en geboden. Aan het voorwaardelijk strafdeel zal de rechtbank de bijzondere voorwaarden verbinden zoals geadviseerd door de reclassering in haar rapport van 14 juni 2021. Deze voorwaarden betreffen kort gezegd een meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling, een contactverbod met het slachtoffer en het vermijden van kinderporno. Hiervoor geldt een proeftijd van vijf jaar omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meerdere personen. Dat de rechtbank de bijzondere voorwaarde die ziet op het toezicht op het vermijden van kinderporno anders zal formuleren dan door de reclassering is geadviseerd, vloeit voort uit het arrest van de Hoge Raad van 7 juli 2020 (ECLI:NL:HR:2020:1215).

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht 57
Wetboek van Strafrecht 240b
Wetboek van Strafrecht 245
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Locatie Leeuwarden

parketnummer 18/293319-20

vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 31 augustus 2021 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1996 te [geboorteplaats],

wonende te [straatnaam], [woonplaats],

thans gedetineerd in [instelling].

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 17 augustus 2021.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. A.A. Scholtmeijer, advocaat te Heerenveen.

Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. R. de Graaf.

Tenlastelegging

Aan verdachte is, na nadere omschrijving van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:

1

hij in of omstreeks het jaar 2019 en/of het jaar 2020 (tot en met 17 november 2020) te [pleegplaats] en/of te [pleegplaats], in elk geval in de gemeente Súdwest-Fryslân, en/of (elders) in Nederland, met [slachtoffer], geboren op [geboortedatum] 2005, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, meermalen, althans eenmaal, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die (telkens) bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], immers heeft verdachte in voornoemde periode meermalen, althans eenmaal, zijn,

- verdachtes penis in de vagina van die [slachtoffer] gebracht en/of gehouden en/of/zodoende (telkens) die [slachtoffer] zogenoemd in de vagina geneukt en/of

- verdachtes penis in de mond van die [slachtoffer] gebracht en/of gehouden en/of/zodoende (telkens) zich zogenoemd door die [slachtoffer] doen of laten pijpen en/of

- de vagina en/of borsten en/of billen van die [slachtoffer] aangeraakt/betast;

2

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks het jaar 2019 en/of het jaar 2020 (tot en met 17 november 202) te [pleegplaats], in elk geval in de gemeente Súdwest-Fryslân, en/of een of meer (andere) plaats(en) in Nederland, meermalen, althans eenmaal, telkens een of meer (digitale) afbeeldingen (te weten (digitale) filmopnamen en/of foto's) van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken op en/of via een of meer gegevensdragers, te weten een telefoontoestel en/of een of meer (harde schijven van) (een of meer) computer(s) en/of een harddisk/computer (van het merk Seagate, type Barracuda), heeft verspreid, vervaardigd, ingevoerd, doorgevoerd, uitgevoerd, verworven, in bezit en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft, welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een vinger/hand vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt bij zichzelf

Bestandsna(a)m(en):

[bestandsnaam]

"

en/of

het met de/een vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en/of borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt bij zichzelf

Bestandsna(a)m(en):

[bestandsnaam]

"

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of in een erotisch getinte houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's /film(s) nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van deze persoon in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

Bestandsna(a)m(en):

[bestandsnaam]"

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf al dan niet een gewoonte heeft gemaakt.

Beoordeling van het bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft veroordeling gevorderd voor de feiten 1. en 2.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft erkend dat een veroordeling kan volgen voor de feiten 1. en 2.

Oordeel van de rechtbank

Partiële vrijspraak ten aanzien van feit 2.

Ten aanzien van feit 2. is verdachte ten laste gelegd dat hij van dit feit een gewoonte heeft gemaakt. De rechtbank acht dit onderdeel van de tenlastelegging gelet op de relatief geringe hoeveelheid kinderporno die op de gegevensdrager is aangetroffen niet wettig en overtuigend bewezen. De rechtbank zal verdachte dan ook van dit deel van de tenlastelegging vrijspreken.

Bewezenverklaring feiten 1. en 2.

De rechtbank acht de feiten 1. en 2. wettig en overtuigend bewezen, zoals hierna opgenomen in de bewezenverklaring. Nu verdachte deze feiten duidelijk en ondubbelzinnig heeft bekend, volstaat de rechtbank met een opgave van de bewijsmiddelen overeenkomstig artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering.

Ieder bewijsmiddel is -ook in onderdelen- slechts gebruikt voor het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

Deze opgave luidt als volgt:

1. de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 17 augustus 2021;

2. een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen informatief gesprek zeden van 20 november 2020, opgenomen op pagina 72 e.v. van het dossier van Politie Noord-Nederland met nummer NNRBC20200 van 11 februari 2020 (de rechtbank begrijpt: 2021), inhoudend het relaas van verbalisanten;

3. een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal van 19 december 2020, opgenomen op pagina 169 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisanten;

4. een geschrift, inhoudende een collectiescan, opgenomen op pagina 192 van voornoemd dossier;

5. een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor verdachte van 18 november 2020, opgenomen op pagina 240 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend de verklaring van verdachte;

6. een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor verdachte van 9 februari 2021, opgenomen op pagina 267 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend de verklaring van verdachte.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht de feiten 1. en 2. wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat:

1.

hij in of omstreeks het jaar 2019 in de gemeente Súdwest-Fryslân, met [slachtoffer], geboren op [geboortedatum] 2005, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, meermalen, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], immers heeft verdachte in voornoemde periode meermalen, zijn,

- verdachtes penis in de vagina van die [slachtoffer] gebracht en [slachtoffer] zogenoemd in de vagina geneukt en/of

- verdachtes penis in de mond van die [slachtoffer] gebracht en zich zogenoemd door [slachtoffer] laten pijpen en/of

- de vagina en borsten en billen van die [slachtoffer] aangeraakt/betast.

2.

hij op tijdstippen in of omstreeks het jaar 2019 en het jaar 2020, tot en met 17 november 2020, in de gemeente Súdwest-Fryslân, meermalen, digitale afbeeldingen, te weten digitale filmopnamen van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken, op en/of via een gegevensdrager, te weten een harddisk/computer van het merk Seagate, type Barracuda, heeft vervaardigd en/of in bezit heeft gehad, welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met een vinger/hand vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt bij zichzelf

Bestandsnamen:

[bestandsnaam]

"

en

het met een vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en/of borsten van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt bij zichzelf

Bestandsnamen:

[bestandsnaam]

"

en

het geheel of gedeeltelijk naakt poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of in een erotisch getinte houding op een wijze die niet bij haar leeftijd past en/of door het camerastandpunt en/of de onnatuurlijke pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/films nadrukkelijk het geslachtsdeel, de borsten en/of billen van deze persoon in beeld gebracht worden,

waarbij de afbeelding een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

Bestandsnamen:

[bestandsnaam]".

Verdachte zal van het meer of anders ten laste gelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde levert op:

1. Met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd.

2. Een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, vervaardigen en in bezit hebben, meermalen gepleegd.

Deze feiten zijn strafbaar nu geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid uitsluiten.

Strafbaarheid van verdachte

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken.

Strafmotivering

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van de feiten 1. en 2. wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan tien maanden voorwaardelijk met een proeftijd van vijf jaren, met daarbij als bijzondere voorwaarden een meldplicht, een ambulante behandeling, een contactverbod met [slachtoffer], het vermijden van contact met minderjarigen en het vermijden van kinderporno.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft aangevoerd dat op grond van artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht dit vonnis met het vonnis in de zaak met parketnummer 18/194956-21, waarin gelijktijdig uitspraak wordt gedaan, samen beschouwd kunnen worden en heeft gepleit in onderhavige zaak een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest op te leggen. Daarnaast kan de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen met daarbij de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd. De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat de psycholoog nadrukkelijk heeft overwogen dat een spoedige re-integratie in de samenleving van belang is om het recidiverisico te beperken, alsook dat het van belang is dat er een voldoende toereikend strafdeel zal zijn om een voorwaardelijk strafdeel op te leggen.

Oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek ter terechtzitting, het pro Justitia rapport van klinisch psycholoog drs. T. van den Hazel van 9 juni 2021 en het reclasseringsrapport van 14 juni 2021, het uittreksel uit de justitiële documentatie van 28 juli 2021, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de verdediging.

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte (destijds 23 jaar) heeft zich schuldig gemaakt aan seksueel misbruik van een veertienjarig meisje, [slachtoffer]. Verdachte heeft haar leren kennen in de periode dat hij haar turnleraar was. Nadien heeft verdachte het meisje benaderd om af te spreken. Ondanks dat verdachte wist dat [slachtoffer] nog maar veertien jaar oud was, heeft hij direct aangestuurd op seksueel contact. Verdachte heeft niet alleen ontuchtige handelingen gepleegd met [slachtoffer] maar is ook meerdere malen oraal en vaginaal bij haar binnengedrongen. Verdachte heeft daarvan bovendien stiekem, zonder dat [slachtoffer] dat wist, een filmopname gemaakt en heeft die opname gedeeld via social media en internet. De confrontatie met deze beelden via een pedo-hunter en de wetenschap dat verdachte deze beelden van haar heeft gemaakt en gedeeld, hebben [slachtoffer] ernstig gekwetst en beschadigd.

Het plegen van ontuchtige handelingen met een minderjarige tussen de twaalf en zestien jaar is strafbaar gesteld, omdat iemand op die leeftijd nog volop in ontwikkeling is, ook op seksueel gebied. Om deze ontwikkeling normaal te laten verlopen, moet een minderjarige beschermd worden tegen seksueel contact met volwassenen, ook bij eventuele instemming door de minderjarige zelf. Minderjarigen bevinden zich namelijk in een kwetsbare ontwikkelingsfase en moeten gelet op hun jeugdige leeftijd in het algemeen niet of in onvoldoende mate in staat worden geacht zelf hun seksuele integriteit te bewaken en/of zelfstandig de (emotionele) gevolgen van seksueel contact in te schatten.

Zij dienen zowel tegen zichzelf te worden beschermd als tegen personen die op seksueel gebied misbruik van hen willen maken. Verdachte heeft door zijn handelen een grove inbreuk gemaakt op de lichamelijke en geestelijke integriteit van het jeugdige slachtoffer [slachtoffer].

Daarnaast heeft verdachte heimelijk opnames gemaakt van seksuele handelingen die minderjarige meisjes op zijn verzoek tijdens internet chatsessies hebben verricht voor de webcam. Ook dit neemt de rechtbank verdachte kwalijk. Naast de bewezen verklaarde feiten is gebleken dat verdachte vaker stiekem filmopnames van meisjes heeft gemaakt, waaronder opnames met een mini-spy camera in een dameskleedkamer.

De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij zijn eigen lustbehoefte voorop heeft gesteld, zonder oog te hebben voor de gevolgen van zijn handelen voor zijn slachtoffers.

De persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte

Uit het uittreksel van de justitiële documentatie van verdachte blijkt dat hij niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten.

Uit het pro Justitia rapport van klinisch psycholoog drs. T. van den Hazel komt naar voren dat verdachte een zogenoemde ‘andere neurobiologische ontwikkelingsstoornis’ heeft waarin een beperkt vermogen tot inhibitie (afremmen van eigen impulsen), planningsproblemen en een verminderd vermogen tot een adequate sociale afstemming centraal staan. Daarnaast is bij verdachte sprake van een pedofiele stoornis van het niet-exclusieve type. De andere gespecificeerde neurobiologische ontwikkelingsstoornis en de pedofiele stoornis betreffen duurzaam aanwezige stoornissen.

Van beide stoornissen was volgens Van den Hazel sprake ten tijde van het plegen van het ten laste gelegde. Deze stoornissen hebben de gedragskeuzes en gedragingen van verdachte ten tijde van het ten laste gelegde in enige mate beïnvloed, echter niet zodanig dat sprake is van verminderde toerekeningsvatbaarheid. Van den Hazel schat het risico op recidive, zonder begeleiding, behandeling en toezicht als hoog in. Hij adviseert de rechtbank om een ambulante behandeling in het kader van bijzondere voorwaarden bij een voorwaardelijk strafdeel op te leggen. Ambulante psychologische, individuele en groepsgerichte behandeling, een voortzetting van de diagnostiek naar zowel pedofilie als parafilie, in een systeemgerichte benadering zijn volgens hem geïndiceerd. Een Forensische Fact benadering, of vergelijkbare outreachende en contextgerichte benadering, wordt aanbevolen. Van den Hazel vindt een spoedige re-integratie in de samenleving van belang om het recidiverisico te beperken. Hij acht het van belang dat er een voldoende toereikend strafdeel zal zijn om een voorwaardelijk strafdeel op te leggen. Op basis hiervan kan dan begeleiding en toezicht gerealiseerd worden, met een zo lang als mogelijke duur, aldus Van den Hazel.

Ook de reclassering schat het recidiverisico in als hoog als verdachte niet zal worden begeleid of behandeld. De reclassering kan zich vinden in het advies van de klinisch psycholoog. Bij een veroordeling adviseert de reclassering een (deels) voorwaardelijke straf met de onderstaande bijzondere voorwaarden, en daarbij een langere proeftijd van drie tot vijf jaar op te leggen:

  • -

    Meldplicht bij reclassering

  • -

    Ambulante behandeling

  • -

    Contactverbod

  • -

    Vermijden contact met minderjarigen

  • -

    Vermijden kinderporno

De straf

De rechtbank neemt de adviezen van de klinisch psycholoog en de reclassering over en maakt hun conclusies tot de hare, zulks met inachtneming van het volgende.

De rechtbank acht de bewezen verklaarde feiten dermate ernstig dat een langdurige gevangenisstraf op zijn plaats is. Spoedige re-integratie in de samenleving is dan ook niet direct aan de orde. Wel dient echter gelet op hetgeen de psycholoog en de reclassering hebben geadviseerd in de strafoplegging nog ruimte te zijn voor de re-integratiedoelen. De rechtbank acht het namelijk van belang dat verdachte behandeld wordt voor de bij hem vastgestelde stoornissen zodat het risico op herhaling zoveel mogelijk wordt beperkt. Daarom zal de rechtbank de bijzondere voorwaarden die de reclassering heeft geadviseerd opleggen op de hierna te noemen wijze. Dit met uitzondering van het algemeen verbod op contact met alle minderjarigen, omdat een dergelijk verbod naar het oordeel van de rechtbank de persoonlijke levenssfeer van verdachte te ingrijpend zou aantasten.

Alles afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf van vierentwintig maanden waarvan tien maanden voorwaardelijk, passend en geboden. Aan het voorwaardelijk strafdeel zal de rechtbank de bijzondere voorwaarden verbinden zoals geadviseerd door de reclassering in haar rapport van 14 juni 2021. Deze voorwaarden betreffen kort gezegd een meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling, een contactverbod met [slachtoffer] en het vermijden van kinderporno. Hiervoor geldt een proeftijd van vijf jaar omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meerdere personen.

Dat de rechtbank de bijzondere voorwaarde die ziet op het toezicht op het vermijden van kinderporno anders zal formuleren dan door de reclassering is geadviseerd, vloeit voort uit het arrest van de Hoge Raad van 7 juli 2020 (ECLI:NL:HR:2020:1215).

Inbeslaggenomen goederen

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd de iPhone met beslagcode 1331782-007 en de computer met beslagcode 1332213-001 te onttrekken aan het verkeer omdat op deze gegevensdragers kinderporno is aangetroffen en de filmcamera (mini spy) te onttrekken aan het verkeer omdat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet. De officier van justitie heeft gevorderd dat de overige inbeslaggenomen gegevensdragers kunnen worden teruggegeven.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft ten aanzien van de filmcamera (mini spy) aangevoerd dat er geen sprake van is dat het ongecontroleerd bezit daarvan in strijd is met de wet. Ten aanzien van de overige inbeslaggenomen goederen refereert de raadsman zich aan het oordeel van de rechtbank.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank acht de aan verdachte toebehorende filmcamera (mini spy) vatbaar voor onttrekking aan het verkeer nu deze camera bij gelegenheid van het onderzoek naar de door hem begane feiten is aangetroffen en kan dienen tot het begaan van soortgelijke feiten terwijl het ongecontroleerde bezit daarvan door verdachte in strijd is met de wet of het algemeen belang.

De rechtbank acht de inbeslaggenomen computer van het merk Seagate Barracuda, vatbaar voor onttrekking aan het verkeer nu feit 2. met behulp van deze computer is begaan en de computer -door de opgeslagen kinderpornografische video’s- van zodanige aard is dat het ongecontroleerde bezit daarvan door verdachte in strijd is met de wet.

De rechtbank is van oordeel dat het inbeslaggenomen voorwerp, te weten de iPhone, moet worden teruggegeven aan verdachte nu het belang van strafvordering zich daartegen niet verzet. De rechtbank overweegt daartoe dat, anders dan de officier van justitie heeft aangevoerd, uit het dossier niet blijkt dat op deze telefoon kinderpornografisch materiaal is aangetroffen.

Toepassing van wetsartikelen

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36b, 36c, 36d, 57, 240b en 245 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.

Uitspraak

De rechtbank

Verklaart het onder 1. en 2. ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt verdachte tot:

Een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.

Beveelt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

Bepaalt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte, groot tien maanden niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op vijf jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.

Voorwaarde is, dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit.

Stelt als bijzondere voorwaarden:

1. dat de veroordeelde zich binnen vijf dagen volgend op zijn ontslagdatum uit detentie meldt bij Reclassering Nederland, op het adres [straatnaam] te Leeuwarden en zich daarna gedurende een door de reclassering te bepalen periode, die loopt tot maximaal het einde van de proeftijd en op door de reclassering te bepalen plaatsen en tijdstippen dient te blijven melden bij deze instelling, zo frequent en zolang die instelling dat noodzakelijk acht;

2. dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd of zoveel korter als de reclassering dat nodig acht, zal meewerken aan diagnostiek en zich onder behandeling zal stellen van het team van ForFACT op het adres [straatnaam] te Leeuwarden of een soortgelijke zorgverlener, zulks ter bepaling door de reclassering, teneinde zich te laten behandelen, waarbij veroordeelde zal meewerken aan groepsbehandeling en/of individuele behandeling gericht op zedendaders, dan wel gericht op zijn pedoseksueel gedrag en waarbij veroordeelde zich zal houden aan de huisregels en de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling zullen worden gegeven;

3. dat de veroordeelde gedurende de proeftijd op geen enkele wijze -direct of indirect- contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer], geboren op [geboortedatum] 2005, zo lang het openbaar ministerie dit verbod nodig acht;

4. dat de veroordeelde zich onthoudt van op welke wijze dan ook van:

• het seksueel getint communiceren met minderjarigen;

• gedrag dat is gericht op een digitale omgeving waarin kinderpornografisch materiaal kan worden verkregen;

• gedrag dat is gericht op een digitale omgeving waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt gecommuniceerd.

Bij de controles op gedragsvoorwaarde 4, die gedurende de proeftijd maximaal twee maal per jaar mogen plaatsvinden, kan de reclassering zich bij huisbezoeken (technisch) laten ondersteunen door een ICT-deskundige, ook als dit een opsporingsambtenaar is die deskundig is op digitaal gebied. Na digitaal onderzoek ter plaatse deelt de deskundige zijn bevindingen mee aan de aanwezige reclasseringswerker. Bij aantreffen van verborgen of versleutelde bestanden kan de reclassering veroordeelde de aanwijzing geven dat hij deze zichtbaar maakt of ontsleutelt. Voldoet veroordeelde niet aan die aanwijzing, dan kan de reclassering dit opvatten als een schending van gedragsvoorwaarde 4 en hieraan de gevolgen verbinden die uit reclasseringsoogpunt wenselijk zijn. Kan het digitaal onderzoek ter plaatse onvoldoende plaatsvinden, dan kan de deskundige na goedkeuring van de reclassering een digitale kopie maken van de geautomatiseerde werken en gegevensdragers. De kopie wordt zo spoedig mogelijk elders onderzocht, waarna de deskundige het onderzoeksresultaat uitsluitend rapporteert aan de reclassering. Over de vraag of sprake is van strafbare kinderpornografie, kan de reclassering een zedenrechercheur raadplegen die gecertificeerd is voor het beoordelen van beeldmateriaal op kinderporno. De zedenrechercheur rapporteert uitsluitend aan de reclassering.

Geeft aan voornoemde reclasseringsinstelling de opdracht als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden, met uitzondering van de onder 3. genoemde voorwaarde waarop de politie toezicht houdt, en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden.

Voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:

- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen.

Inbeslaggenomen goederen

Verklaart onttrokken aan het verkeer de in beslag genomen:

  • -

    filmcamera (mini spy);

  • -

    computer van het merk Seagate Barracuda.

Gelast de teruggave aan verdachte van de in beslag genomen en nog niet teruggegeven iPhone, kleur zwart.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. van Gessel, voorzitter, mr. N.A. Vlietstra en mr. M.M. Spooren, rechters, bijgestaan door mr. C.G. Velvis, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 31 augustus 2021.