Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2019:729

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
26-02-2019
Datum publicatie
27-02-2019
Zaaknummer
18/730498-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Veroordeling tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 12 maanden wegens het voorhanden hebben van een grote hoeveelheid (automatische) vuurwapens, waaronder een Stengun en een Skorpion en munitie.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht 57
Wetboek van Strafrecht 63
Wet wapens en munitie 26
Wet wapens en munitie 55
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Locatie Leeuwarden

parketnummer 18/730498-16

Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 26 februari 2019 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1983 te [geboorteplaats] ,

wonende te [straatnaam] , [woonplaats] .

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 12 februari 2019.

Verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. M. van Stratum, advocaat te Nootdorp. Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. R.G. de Graaf.

Tenlastelegging

Aan verdachte is, na wijziging van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:

1.

hij in de periode van 1 mei 2014 tot en met 10 december 2015 te Leeuwarden in een woning (gelegen aan of bij de [straatnaam] ) een of meerdere wapens van categorie II,

te weten een of meerdere vuurwapens, te weten
- een pistoolmitrailleur, van het merk stengun (MkII) (wapennummer Q 26123), kaliber 9 x 19 mm, en/of
- een pistoolmitrailleur, van het merk Cz (Vz61 (Skorpion)), kaliber 7,65 mm,
voorhanden heeft gehad;

2.

hij in de periode van 1 mei 2014 tot en met 10 december 2015 te Leeuwarden in een woning (gelegen aan of bij de [straatnaam] )
A.
een of meerdere wapens van categorie III, te weten een of meerdere vuurwapens, te weten - een pistool, van het merk Cz (Z) (wapennummer B259920), kaliber 6,35 mm, en/of
- een pistool, van het merk Cz (Z) (met een verwijderd wapennummer), kaliber 6,35 mm, en/of
- een pistool, van het merk Mauser (1914) (wapennummer 246457), kaliber 7,65 mm, en/of
- een pistool, van het merk Walther (P99), kaliber .380 (synoniem 9 mm kort) en/of
- een revolver, van het merk Nagant (M1895) (wapennummer 52194), kaliber .22 LR,
voorhanden heeft gehad en/of
B.
munitie van categorie III, te weten
- 1 patroon van het kaliber 357 magnum en/of
- 339 patronen van het kaliber .22 LR en/of
- 6 patronen van het kaliber 6,35 mm
- 19 patronen van het kaliber 7,65 mm en/of
- 13 patronen van het kaliber 9 mm Browning kort,
voorhanden heeft gehad.

Beoordeling van het bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft veroordeling gevorderd voor feiten 1. en 2. Hij heeft daartoe – samengevat – het volgende aangevoerd. De vuurwapens en de munitie zijn op 10 december 2015 in de woning van verdachte aangetroffen. Verdachte is de huurder en de bewoner van de woning. Uit het dossier is niet gebleken dat anderen dan verdachte in de periode van 1 mei 2014 tot zijn aanhouding op 8 december 2014 in zijn woning verbleven. Bij de vuurwapens en munitie is tevens administratie van verdachte aangetroffen. Verdachte had als bewoner van de woning de vuurwapens en munitie voorhanden. De verklaring van verdachte dat de wapens en munitie door anderen en zonder wetenschap van verdachte in de woning zijn verborgen is onwaarschijnlijk.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft betoogd dat verdachte moet worden vrijgesproken van feit 1. en 2. Hij heeft daartoe het volgende aangevoerd. De enkele aanwezigheid van de vuurwapens en munitie in de woning van verdachte betekent niet zonder meer dat verdachte de wapens voorhanden heeft gehad. Daarvoor is ook noodzakelijk dat hij zich ervan bewust was dat de wapens en munitie zich in zijn woning bevonden. Daarvan was echter geen sprake. Hij was niet bekend met de aanwezigheid van de wapens. Daarnaast had hij geen feitelijke beschikkingsmacht over de wapens. Verdachte was op papier de huurder van de woning, maar hij verbleef niet feitelijk in de woning. De wapens waren uit het zicht opgeborgen. De bij de wapens aangetroffen administratie was niet van verdachte. Meerdere mensen hadden een sleutel van de woning en in de ten laste gelegde periode verbleven anderen in de woning. Het kan niet anders dan dat een andere persoon of andere personen, bijvoorbeeld [naam 1] , de wapens in de woning van verdachte heeft opgeborgen en de administratie kan erbij zijn gelegd om verdachte te belasten.

Verdachte heeft ter terechtzitting aangevoerd dat [naam 1] de woning in de zomer van 2014 voor hem onderverhuurde aan Zuid-Amerikanen.

Oordeel van de rechtbank

De bewijsmiddelen

De rechtbank past de volgende bewijsmiddelen toe die de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden bevatten zoals hieronder zakelijk weergegeven.

Ieder bewijsmiddel is -ook in onderdelen- slechts gebruikt voor het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

1. De door verdachte ter zitting van 12 februari 2019 afgelegde verklaring, voor zover inhoudend:

Ik ben sinds 2002 de huurder van de woning gelegen aan de [straatnaam] te Leeuwarden. Ik ben nog steeds de huurder. Na mijn detentie in Frankrijk ben ik weer naar mijn huis in Leeuwarden gegaan. Ik heb toen ook een paar maanden bij mijn vader gewoond. In de periode voorafgaand aan mijn aanhouding in december 2014 kwam ik regelmatig in de woning om te wassen of kleding op te halen. Ik woon nu ook weer in dezelfde woning in Leeuwarden. Mijn oudste zoon woont bij mij in. Het zou kunnen dat ik in 2014 de huur heb betaald voor een woning in Diemen, maar ik heb voor meer woningen de huur betaald. Ik gaf geld aan andere mensen. Daar werd ik voor betaald. Ik leidde toen een heel ander leven.

2. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 10 december 2015, opgenomen op pagina 33 e.v. van het dossier van Politie Noord-Nederland met nummer 2015361420 d.d. 18 oktober 2016, inhoudend als relaas van verbalisant:

Op donderdag 10 december 2015 omstreeks 10:45 uur, werd door mij verbalisant als forensisch onderzoeker op verzoek van de politie, Eenheid Noord-Nederland een forensisch onderzoek naar sporen verricht in verband met de vondst van vuurwapens, op donderdag 10 december 2015 omstreeks 09:39 uur. Tijdens het ingestelde onderzoek werden foto's gemaakt waarvan een selectie is weergegeven in een fotomap, die als bijlage deel uitmaakt van dit proces-verbaal. Het onderzoek is verricht in een woning op het adres: [straatnaam] Leeuwarden. Tijdens het ingestelde onderzoek werd door mij het navolgende bevonden en waargenomen. Tegen het plafond, van het toilet was een houten plaat geschroefd, waarin een lamp was opgehangen. Boven deze plaat was een ruimte waar de centrale afzuiging, van meerdere ruimten, in de woning, was opgehangen. Bij mijn komst stond de houten plaat deels op de toiletpot en hing aan een elektriciteitssnoer. Op de toiletpot lagen enkele, met krimpfolie omwikkelde, pakketten. In de ruimte, boven het plafond, vond ik nog enkele, met krimpfolie omwikkelde, pakketten, twee plastic zakjes met wit poeder en een weegschaaltje. De goederen heb ik voor nader onderzoek veilig gesteld. Op 10 december 2015 heb ik in samenwerking met collega de goederen nader onderzocht. Bij het onderzoek heb ik het navolgende waargenomen en verricht:

1. Het, met krimpfolie omwikkelde, pakket, sin: AAJG2403NL, bevatte een doosje, van een telefoontoestel, merk Alcatel, gevuld met 339 patronen, kaliber .22 (sin AAJG2407NL en AAGOD658NL) en één patroon kaliber 357 (sin AAJG2406NL).

2. Het, met krimpfolie omwikkelde, pakket, sin: AAJG2411NL, bevatte een stoffen zak. In de stoffen zak zaten meerdere papieren, zoals een zwart schrift, een agenda, een notitieblokje, een, in de Spaanse taal, geschreven brief en enkele papieren met vluchtgegevens.

3. Het, met krimpfolie omwikkelde pakket, sin: AAJG2409NL, bevatte een vel krantenpapier, Telegraaf, met hierin een pistoolmitrailleur, merk Stengun (sin: AAJG1897NL).

4. Het, met krimpfolie omwikkelde, pakket, sin: AAJG2408NL, bevatte een vel krantenpapier, Telegraaf met hierin drie pistolen, namelijk: één pistool, merk CZ, nummer: B259920 (sin:AAJG2382NL), één pistool, merk CZ, zonder nummer (sin: AAJG2383NL) en één pistool, merk Mauser, nummer: 246457 (sin: AAJG1898NL). In het pistool, merk CZ, nummer: B259920 (sin:AAJG2382NL) zat een magazijn, gevuld met drie patronen (sin:AAJG2381NL). In het pistool, merk CZ, zonder nummer (sin: AAJG2383NL) zat een magazijn, gevuld met drie patronen (sin: AAJG2380NL). In het pistool, merk Mauser, nummer: 246457 (sinAAJG1898NL) zat een magazijn, gevuld met zeven patronen (sin: AAJG2379NL).

5. Het, met krimpfolie omwikkelde, pakket, sin: AAJG2410NL, bevatte een pistoolmitrailleur, merk CZ, model Vz61 (Skorpion), nummer: SHE 79 Z3403, (sin: AAJG2378NL) en een pakketje van zeven patronen, omwikkeld met tape (sin: AAJG2376NL. Bij de pistoolmitrailleur was een magazijn, gevuld met 5 patronen (sin:AAJG2377NL)

6. Het, met krimpfolie omwikkelde, pakket, sin: AAJG2401NL, bevatte een vel krantenpapier, Telegraaf, (sin: AAJG2374NL) inhoudende één pistool, merk Walther, model P99, zonder nummer (sin:AAJG2384NL) en één revolver, merk Nagant, model: Ml895, nummer: 52194(sin: AJG2385NL).

In het magazijn, behorende bij het pistool, merk Walther (sin: AAJG2384NL), zaten dertien patronen (sin:AAJG2375NL).

De volgende sporen/stukken van overtuiging werden in het belang van de bewijsvoering en/of nader onderzoek veiliggesteld:

Goednummer : PL0100-2015361420-647223

SIN : AAJG2406NL

Object : Munitie (Patroon)

Aantal/eenheid : l Stuks

Land : Nederland

Kaliber : 357 magnum

Bijzonderheden : In doosje aajg2403nl met .22 patroontjes

Goednummer : PL0100-2015361420-647227

SIN : AAJG2407NL

Object : Munitie (Patroon)

Aantal/eenheid : 339 Stuks

Land : Nederland

Kaliber : .22

Bijzonderheden : Uit doosjes aajg2403nl

Goednummer : PL0100-2015361420-647228

SIN : AAJG2403NL

Object : Doos

Aantal/eenheid : l Stuks

Merk/type : Alcatel

Land : Nederland

Inhoud : 339 .22 patroontjes en l 357 magnum patroon

Bijzonderheden : Op plafond in wc-ruimte

Goednummer : PL0100-2015361420-647249

SIN : AAJG2405NL

Object : Zak

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Replay Blue

Land : Nederland

Bijzonderheden : In krimpfolie, gevuld met papieren bescheiden

Goednummer : PL0100-2015361420-647251

SIN : AAJG1900NL

Object : Handschriften

Aantal/eenheid : 1 Zak

Land : Nederland

Bijzonderheden : Schrift, agenda, notieblok en losse papieren uit stoffen zak

Goednummer : PL0100-2015361420-647267

SIN : AAJG1897NL

Object : Vuurwapen (Mitrailleur)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Stengun

Land : Nederland

Inhoud : Met magazijn en opschroefloop

Bijzonderheden : Uit telegraafblad

Goednummer : PL0100-2015361420-647411

SIN : AAJG2382NL

Object : Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Cz Z

Land : Nederland

Wapennummer : B259920

Kaliber : 6,35 mm

Inhoud : Met magazijn en drie patronen (aajg2381nl)

Bijzonderheden : Uit aajg2408nl, van plafond wc-ruimte

Goednummer : PL0100-2015361420-647413

SIN : AAJG2381NL

Object : Munitie (Patroon)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Land : Nederland

Kaliber : 6,35 mm

Bijzonderheden : Uit magazijn, van pistool aajg2408nl

Goednummer : PL0100-2015361420-647414

SIN : AAJG2383NL

Object : Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Cz Z

Land : Nederland

Kaliber : 6,35 mm

Bijzonderheden : Uit aajg2408nl van plafond wc-ruimte

Goednummer : PL0100-2015361420-647420

SIN : AAJG2380NL

Object : Munitie (Patroon)

Aantal/eenheid : 3 Stuks

Land : Nederland

Kaliber : 6,35 mm

Bijzonderheden : Uit magazijn van pistool aajg2408nl

Goednummer : PL0100-2015361420-647425

SIN : AAJG1898NL

Object : Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Mauser 1914

Land : Nederland

Kaliber : 7,65 browning

Inhoud : Magazijn met 7 patronen(aajg2379nl)

Bijzonderheden : Uit aajg2408, van plafond wc-ruimte

Goednummer : PL01l00-2015361420-647436

SIN : AAJG2379NL

Object : Munitie (Patroon)

Aantal/eenheid : 7 Stuks

Land : Nederland

Kaliber : 7,65 mm

Bijzonderheden : Uit magazijn, pistool mauser, aajg1898nl

Goednummer : PL01l00-2015361420-647445

SIN : AAJG237BNL

Object : Vuurwapen (Pistoolmitrailleur)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Cz Vz61 Scorpion)

Land : Nederland

Wapennummer : SHE 79 Z3403

Kaliber : 7,65 mm

Bijzonderheden : Omwikkeld met krimpfolie

Goednummer : PL0100-2015361420-647448

SIN : AAJG2377NL

Object : Munitie (Patroon)

Aantal/eenheid : 5 Stuks

Land : Nederland

Kaliber : 7,65 mm

Bijzonderheden : Patronen uit houder bij pistoolmitrailleur, aajg2378nl

Goednummer : PL0100-2015361420-647451

SIN : AAJG2376NL

Object : Munitie (Patroon)

Aantal/eenheid : 7 Stuks

Land : Nederland

Kaliber : 7,65 mm

Bijzonderheden : Met tape omwikkeld, uit krimpfolie

Goednummer : PL0100-2015361420-647465

SIN : AAJG2384NL

Object : Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Walther P99

Land : Nederland

Kaliber : 9 mm

Bijzonderheden : Uit krimpfolie

Goednummer : PL0100-2015361420-647468

SIN : AAJG2375NL

Object : Munitie (Patroon)13 Stuks

Aantal/eenheid : Sellier & Bellot

Land : Nederland

Kaliber : 9 mm

Bijzonderheden : Uit magazijn van pistool (aajg2375nl)

Goednummer : PL0100-2015361420-647476

SIN : AAJG2385NL

Object : Vuurwapen (Revolver)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Nagant Ml895

Land : Nederland

Wapennummer : 52194

Kaliber : 7,62 mm

Bijzonderheden : Omwonden met krant en krimpfolie

De vuurwapens worden onderzocht en omschreven door collega Benne van de afdeling: Wapens Munitie en Explosieven.

Bijlage fotomap, pagina 48:

Foto 14: Deelopname van het krantenpapier, wat om het wapen in het pakket (AAJG2409NL) was gewikkeld. Rechtsboven is zichtbaar de datum 25 juli 2014 (de rechtbank begrijpt: de datum van uitgave van de krant).

3. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal onderzoek wapen d.d. 31 mei 2016, opgenomen op pagina 214 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisant.

Ik, verbalisant, [verbalisant 1] , brigadier van politie Eenheid Noord-Nederland, verklaar het volgende:

Na onderzoek van de goederen is het volgende naar voren gekomen:

Wapenomschrijving 1:

Goednummer : PL0100-2015361420-647267

Object : Vuurwapen (Pistoolmitrailleur)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Stengun Mk II

Wapennummer : Q 26123

Kaliber : 9 X 19 mm.

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistoolmitrailleur geschikt om projectielen door een loop af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Het inbeslaggenomen vuurwapen is geschikt om automatisch te vuren. Derhalve is dit een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3 gelet op artikel 2, lid 1, categorie II, onder 2 van de Wet wapens en munitie. Bij het wapen was een passend patroonmagazijn aanwezig.

Wapenomschrijving 2:

Goednummer : PL0100-2015361420-647411

Object : Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Cz Z,

Wapennummer : B259920

Kaliber : 6,35 mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een semiautomatisch pistool geschikt om projectielen door een loop af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM. Bij het wapen was een passend patroonmagazijn aanwezig.

Wapenomschrijving 3:

Goednummer : PL0100-2015361420-647414

Object : Wapens/munitie/springstof, Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Cz Z

Land : Nederland

Wapennummer : Verwijderd

Kaliber : 6,35 mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een semiautomatisch pistool geschikt om projectielen door een loop af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM. Bij het wapen was een passend patroonmagazijn aanwezig.

Wapenomschrijving 4:

Goednummer : PL0100-2015361420-647425

Object : Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Mauser 1914

Wapennummer : 246457

Kaliber : 7,65 mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een semiautomatisch pistool geschikt om projectielen door een loop af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen

van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM. Bij het wapen was een passend patroonmagazijn aanwezig.

Wapenomschrijving 5:

Goednummer : PL0100-2015361420-647445

Object : Vuurwapen (Pistoolmitrailleur)

Aantal/eenheid : l Stuks

Merk/type : Cz Vz61 (Skorpion)

Wapennummer : SHE 79 Z3403

Kaliber : 7,65 mm

Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool geschikt om projectielen door een loop af

te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige

ontploffing of een andere scheikundige reactie. Het inbeslaggenomen vuurwapen geschikt is om automatisch te vuren. Derhalve is dit een vuurwapen in de zin van artikel l onder 3 gelet op artikel 2, lid 1, categorie II, onder 2 van de Wet wapens en munitie. Bij het wapen was een passend patroonmagazijn aanwezig.

Wapenomschrijving 6:

Goednummer : PL0100-2015361420-647465

Object : Vuurwapen (Pistool)

Aantal/eenheid : l Stuks

Merk/type : Walther P99

Kaliber : .380 auto (synoniem 9 mm kort)

Het voorwerp betreft van origine een gaspistool met een gesperde loop, geschikt voor

het afvuren van traanverwekkende of weerloos makende stoffen. Het wapen is gewijzigd

door het plaatsen van een andere loop geschikt gemaakt voor het kaliber .380 auto

(synoniem 9 mm Browning kort.) Het inbeslaggenomen voorwerp is een pistool geschikt om projectielen door een loop af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie.

Derhalve is dit pistool een vuurwapen in de zin van artikel l onder 3, gelet op artikel 2, lid l categorie III onder l van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM. Bij het wapen was een passend patroonmagazijn aanwezig.

Wapenomschrijving 7:

Goednummer : PL0100-2015361420-647476

Object : Vuurwapen (Revolver)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Merk/type : Nagant M1895

Land : Nederland

Wapennummer : 52194

Kaliber : .22 LR

Het inbeslaggenomen voorwerp is een revolver geschikt om projectielen door een loop

af te schieten. De werking van het voorwerp berust op het teweegbrengen van een scheikundige ontploffing of een andere scheikundige reactie. Derhalve is deze revolver een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3, gelet op artikel 2, lid 1 categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie. Het vuurwapen valt niet onder categorie II, sub 2, 3 of 6 van de WWM.

Munitieomschrijving 1:

Goednummer : PL0100-2015361420-647223

Object : Munitie (Patroon)

Aantal/eenheid : 1 Stuks

Kaliber : 357 magnum

Het betreft een centraalvuur kogelpatroon van het kaliber 357 magnum. Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de WWM.

Munitieomschrijving 2:

Goednummer : PL0100-2015361420-647227

: PL0100-2015361420-647228

: PL0100-2015361420-647227

Object : Munitie (Patronen)

Aantal/eenheid : 339 Stuks

Kaliber : .22 LR

Het betreffen kogelpatronen van het kaliber .22 LR (Long Rifle). Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de WWM. De patronen zijn geschikt om een projectiel met een vuurwapen ( wapenomschrijving 7) af te schieten.

Munitieomschrijving 3:

Goednummer : PL0100-2015361420-647413

: PL0100-2015361420-647420

Object : Munitie (Patronen)

Aantal/eenheid : 6 Stuks

Kaliber : 6,35 mm

Het betreffen kogelpatronen van het kaliber 6,35 mm. Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de WWM. De patronen zijn geschikt om een projectiel met een vuurwapen (wapenomschrijving 2 en 3) af te schieten.

Munitieomschrijving 4:

Goednummer : PL0100-2015361420-647436

: PL0100-2015361420-647451

: PL0100-2015361420-647448

Object : Munitie (Patronen)

Aantal/merk : 19 (3 x Geco , 2 x Prvi Partizan, 4 x Sellier & Bellot,

5 x FN, 1 x RWS, en 4 x Prvi Partizan)

Kaliber : 7,65 mm

Het betreffen centraalvuur kogelpatronen van het kaliber 7,65 mm. Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de WWM. De patronen zijn geschikt om een projectiel met een vuurwapen (wapenomschrijving 4 en 5) af te schieten.

Munitieomschrijving 5:

Goednummer : PL0100-2015361420-647468

Object : Munitie (Patronen)

Aantal/eenheid : 13 Stuks

Merk/type : Sellier & Bellot

Land : Nederland

Kaliber : 9 mm Browning kort

Het betreffen kogelpatronen van het kaliber 9 mm Browning Kort (synoniem 9 x 17 mm).

Dit is munitie in de zin van artikel 1 onder 4 gelet op artikel 2 lid 2 categorie III van de WWM. De patronen zijn geschikt om een projectiel met een vuurwapen (wapenomschrijving 6) af te schieten.

4. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van onderzoek bewoners [straatnaam] d.d. 27 juni 2016, opgenomen op pagina 227 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisanten:

Uit de huurovereenkomst van perceel [straatnaam] te Leeuwarden is gebleken dat deze woning met ingang van 1 november 2002 door verdachte [verdachte] is gehuurd. Deze overeenkomst was op de datum van de inbeslagname niet beëindigd. Zie hiervoor de huurovereenkomst, die als bijlage bij dit proces-verbaal is gevoegd.

Uit de bevolkingsadministratie is gebleken dat er naast verdachte [verdachte] , geen andere personen ingeschreven hebben gestaan op genoemd adres tussen juni 2014 en 10 december 2015.

5a. Een geschrift, zijnde een pagina uit een notitieboek, onderdeel uitmakend van de inbeslaggenomen administratie, opgenomen op pagina 149 van voornoemd dossier, inhoudende:

Plata de [naam 6]

423700 – 170000 = 253700

5b. Een geschrift, zijnde een vertaling van pagina 149 van voornoemd dossier, opgenomen op pagina 189 van voornoemd dossier, inhoudende:

Geld van [naam 6]

423700 – 170000 = 253700

6. Een geschrift, zijnde een pagina uit een notitieboek, onderdeel uitmakend van de inbeslaggenomen administratie, opgenomen op pagina 154 van voornoemd dossier, inhoudende:

[naam 6]

28-01-2014 => 95 000

7a. Een geschrift, zijnde een pagina uit een notitieboek, onderdeel uitmakend van de inbeslaggenomen administratie, opgenomen op pagina 156 van voornoemd dossier, inhoudende:

18 [naam 2] – debe 10.

7b. Een geschrift, zijnde een vertaling van pagina 156 van voornoemd dossier, opgenomen op pagina 189 van voornoemd dossier, inhoudende:

18 [naam 2] – is verschuldigd 10

8. Een geschrift, zijnde een pagina uit een notitieboek, onderdeel uitmakend van de inbeslaggenomen administratie, opgenomen op pagina 171 van voornoemd dossier, inhoudende:

casa ariendo [naam 3] 2500

costo por [naam 2] 850

arienda mujer [naam 2] 1050

8b. Een geschrift, zijnde een vertaling van pagina 171 van voornoemd dossier, opgenomen op pagina 196 van voornoemd dossier, inhoudende:

Woning huur [naam 3] 2500

Kosten voor [naam 2] 850

Huur vrouw [van] [naam 2] 1050

9. Een geschrift, zijnde een bon van [bedrijf] Lelystad d.d. 19 juni 2014 met factuurnummer 2109, onderdeel uitmakend van de inbeslaggenomen administratie, opgenomen op pagina 169 van voornoemd dossier.

10. Een geschrift, zijnde een pagina uit een notitieboek, onderdeel uitmakend van de inbeslaggenomen administratie, opgenomen op pagina 182 van voornoemd dossier, inhoudende:

[naam 4]

[telefoonnummer]

11. Een geschrift, zijnde een vertaling Spaans/Nederlands van een inbeslaggenomen brief, onderdeel uitmakend van de inbeslaggenomen administratie, pagina 21 van pdf, pagina 194 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend:

21 mei 2014

Dag vriend,

Dit is wat ik jou wil vragen of je mij aan een vals paspoort kunt helpen. Zodat ik kan reizen van Nederland naar Bolivia.

Ik heb nog 3 jaar te gaan en het is niet zeker dat ze mij een voorwaardelijke [straf] opleggen. Om deze reden zal jij begrijpen dat ik gebruik moet maken van deze grote kans om hier weg te gaan.

Tot slot, beste [verdachte] , moge God willen dat je mij kunt helpen en ik zal vol spanning op jouw berichtgeving per e-mail wachten.

12. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 11 juni 2016, opgenomen op pagina 203 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant:

Op donderdag 10 december 2015 werden in de woning [straatnaam] te Leeuwarden, boven het plafond van het toilet, diverse ingesealde verpakkingen aangetroffen. Dit betroffen diverse vuurwapens en administratie. De aangetroffen administratie werd door de afdeling Forensische Onderzoeken gefotografeerd en per pagina in de rechter bovenhoek genummerd. Deze documenten werden voor zover noodzakelijk vanuit de Spaanse taal vertaald door een erkende tolk.

Reparatiebon

Op pagina 28 van deze documenten werd een werkbon met factuurnummer 2109 aangetroffen van [bedrijf] te Lelystad. In de maand december 2015 heb ik diverse malen telefonisch contact gehad met [naam 5] van [bedrijf] te Lelystad, met het telefoonnummer dat op de werkbon stond. Aan de hand van het factuurnummer werd door hem achterhaald dat de werkzaamheden bestonden uit het vervangen van een slot op de voordeur van perceel [straatnaam] te Diemen, op 19 juni 2014.

13. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 8 december 2014 opgenomen op pagina 206 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant:

In het kader van het onderzoek naar de import van cocaïne uit Zuid Amerikaanse landen, is op 8 december 2014 aangehouden;

[verdachte]

Na de aanhouding werden diverse goederen inbeslaggenomen, waaronder diverse telefoontoestellen en gegevensdragers. De inbeslaggenomen telefoontoestellen werden uitgelezen. Tevens werden historische gegevens opgevraagd van diverse telefoonnummers uit de inbeslaggenomen toestellen. Hieruit is gebleken dat [verdachte] gebruik heeft gemaakt van het telefoonnummer [telefoonnummer] .

In de periode tussen 20 juni 2014 en 1 oktober 2014 is met het telefoonnummer [telefoonnummer] diverse malen contact geweest met het nummer [telefoonnummer] . Dit telefoonnummer is afgegeven aan [naam 4] , geboren op [geboortedatum] 1967 te Heemskerk. [naam 4] straat ingeschreven op het adres [straatnaam] te Diemen. Het is gebleken dat [naam 4] deze woning heeft onderverhuurd. De woning [straatnaam] te Diemen werd tot zijn aanhouding op 15 juni 2014 gebruikt door [naam 6] , geboren op [geboortedatum] 1963 te Colombia. [naam 6] werd

aangehouden in het kader van een verdovende middelen onderzoek.

Uit de telefonische contacten tussen [naam 4] en [verdachte] zijn de volgende sms-berichten opgeslagen in de telefoon van [verdachte] :

29-9-2014 te 14:22 uur: Dag [verdachte] , wat/waar spreken we af voor de komende maand huur?

1-10-2015 te 17:53 uur: [verdachte] wil je mij bellen?

14. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 12 maart 2015 opgenomen op pagina 210 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant:

Op 13 maart 2014 werd [verdachte] samen met de verdachte [naam 2] in één auto

waargenomen waarbij zij samen naar Antwerpen rijden.

[naam 2] (Bijnamen [naam 2] / [naam 2] )

Op 03 april 2014 werd waargenomen dat [naam 6] bij zijn op dat moment woning, [straatnaam] te Amsterdam, wordt afgezet door een Volkswagen Golf, voorzien van het kenteken [kenteken] , ten name van de vader van [verdachte] , namelijk [naam 7] , geboren [geboortedatum] -1944, wonende Hagedoornplein 22-1 te Leeuwarden.

Registraties in het kasboek met naam [verdachte]

Bij de verdachte [naam 6] , met onder andere de bijnamen [naam 6] / [naam 6] / [naam 6] / [naam 6] / [naam 6] etc, die veelvuldig de coördinatie van transporten en de financiën van de organisatie beheerde werd een geschreven kasboek aangetroffen in de woning, [straatnaam] te Diemen. In het kasboek werd in 2,5 maanden tijd 20 miljoen euro bij- en afgeschreven.

Opvallend is de vermelding bij 18 maart 2014 waarbij kennelijk 30.000 euro wordt gegeven aan [naam 2] , zijnde [naam 2] voor [verdachte] . Het totale bedrag dat vanuit het kasboek werd afgeschreven naar [verdachte] toe is € 92.800,-.

Nadere bewijsoverweging

Met betrekking tot de hiervoor weergegeven standpunten overweegt de rechtbank het volgende.

Voor het bewijs van het voorhanden hebben als bedoeld in art. 13 en 26 WWM stelt de Hoge Raad als vereiste dat de verdachte zich in meerdere of mindere mate bewust is geweest van de aanwezigheid van een wapen of munitie. De gedraging 'voorhanden hebben' veronderstelt dat een zekere vorm van machtsuitoefening over voorwerpen bestaat, waarvan eigenlijk al sprake is wanneer de verdachte er feitelijk over kan beschikken. De aanwezigheid van een wapen in de woning die door de verdachte zelf wordt bewoond, vormt in de regel een objectief aanknopingspunt voor de vaststelling dat de verdachte dat wapen of die munitie voorhanden heeft.

Aan de hand van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting stelt de rechtbank de volgende feiten en omstandigheden vast.

Op 10 december 2015 zijn in de woning van verdachte aan de [straatnaam] te Leeuwarden de inbeslaggenomen vuurwapens, munitie en de schriftelijke stukken aangetroffen. De spullen waren verborgen boven het plafond van de toiletruimte en alles was op dezelfde wijze verpakt en gesealed. Een deel van de vuurwapens was verpakt in een krant van 25 juli 2014. De rechtbank maakt daaruit op dat deze vuurwapens daar op of na 25 juli 2014 neergelegd moeten zijn. Gelet op de overeenkomstige wijze van verpakking en het feit dat alles op dezelfde plek was verborgen, gaat de rechtbank er voorts vanuit dat dit geldt voor alle aangetroffen spullen en dat de aangetroffen pakketten bij elkaar horen.

Verdachte was in de periode van 25 juli 2014 tot 10 december 2015 huurder van de woning aan de [straatnaam] te Leeuwarden en stond als enige ingeschreven op dit adres. Verdachte heeft weliswaar niet telkens feitelijk verbleven op het adres. Hij is in december 2014 aangehouden en voor langere tijd gedetineerd geraakt. Voorafgaand aan zijn detentie heeft verdachte naar eigen zeggen veel in Amsterdam verbleven en meerdere personen beschikten over een sleutel van de woning. Het door de verdediging aangedragen scenario dat iemand anders, buiten medeweten van verdachte, zich toegang tot zijn woning heeft verschaft, het plafond in het toiletruimte open heeft gebroken, daar een partij moeilijk te verkrijgen en redelijk kostbare vuurwapens en munitie heeft neergelegd en daarna het plafond weer heeft dichtgemaakt, acht de rechtbank echter onwaarschijnlijk. De rechtbank leidt uit de verklaringen van de moeder, de broer van verdachte, de vriendin van verdachte en [naam 1] af dat zij toegang hadden tot de woning, maar dit was om de belangen van verdachte te behartigen, met toestemming van verdachte en van tijdelijke aard. Dit laatste geldt ook voor de schoonmaakster en eveneens voor de Zuid-Amerikanen die enige tijd via [naam 1] als onderhuurders in de woning zouden hebben verbleven. Niet waarschijnlijk is dat iemand dergelijke spullen zou verstoppen in de woning van een ander buiten diens medeweten en daar zou laten met het risico dat die spullen voor hem of haar op een later moment niet meer vrij toegankelijk zouden zijn en buiten de eigen beschikkingsmacht zouden zijn geplaatst.

Uit de inhoud van diverse schriftelijke stukken die bij de wapens en munitie zijn aangetroffen blijkt bovendien een verband met verdachte.

Dit geldt met name voor de brief gericht aan “ [verdachte] ”. Verdachtes voornaam is immers “ [verdachte] ” en dit is een in Nederland weinig voorkomende naam. Het aantreffen van een brief gericht aan “ [verdachte] ” in de woning van verdachte die deze naam heeft, acht de rechtbank zeer belastend. Dat deze brief door een ander bij de spullen gestopt is om verdachte te belasten is door de verdediging expliciet als ander alternatief scenario voorgesteld maar is op geen enkele wijze geconcretiseerd en wordt door de rechtbank, mede gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, als hoogst onwaarschijnlijk terzijde geschoven.

De rechtbank neemt voorts het volgende in aanmerking. Bij de schriftelijke stukken bevindt zich een bon van een sleutelservice betreffende een reparatie aan een woning in Diemen, [straatnaam] . Bij de schriftelijke stukken is ook een notitie aangetroffen met een telefoonnummer met daarbij de naam ‘ [naam 4] ’. Uit onderzoek is gebleken dat verdachte telefonisch contact heeft gehad met [naam 4] , die ingeschreven stond op dit adres en deze woning heeft onderverhuurd. [naam 4] heeft in een sms-bericht van september 2014 met het telefoonnummer dat in de hiervoor genoemde notitie werd vermeld bij de naam ‘ [naam 4] ’, contact gezocht met verdachte om afspraken te maken over de huur.

Uit onderzoek is voorts gebleken dat de woning aan de [straatnaam] te Diemen in 2014 werd gebruikt door [naam 6] die werd aangehouden in het kader van een verdovende middelen onderzoek. Op 3 april 2014 werd waargenomen dat [naam 6] werd afgezet in Amsterdam door een Volkswagen Golf ten name van de vader van verdachte.

Bij [naam 6] is een kasboek aangetroffen met bij- en afschrijvingen waarbij “ [verdachte] ” staat vermeld en waarin eveneens de namen [naam 6] en [naam 2] voorkomen.

De namen [naam 6] en [naam 2] komen beide ook voor in de schriftelijke stukken die in de woning van verdachte bij de wapens en muntie zijn aangetroffen. Eén van de bijnamen van [naam 6] is [naam 6] / [naam 6] . [naam 2] is een bijnaam van [naam 2] . Op 13 maart 2014 is verdachte samen met hem in een auto waargenomen.

Gelet op het voorgaande in onderling verband en samenhang bezien acht de rechtbank de door verdachte gestelde mogelijke toedracht omtrent de aanwezigheid van genoemde wapens en munitie niet aannemelijk geworden, nu die toedracht niet meer inhoudt dan een niet nadere gespecificeerde bewering en voorts door voormelde feiten en omstandigheden voldoende wordt weerlegd. Aldus staat voor de rechtbank genoegzaam vast dat de verdachte zich in meerdere of mindere mate van die aanwezigheid bewust is geweest en hij die wapens en munitie voorhanden heeft gehad.

Daarmee komt de rechtbank tot een bewezenverklaring van het onder 1 en 2 ten laste gelegde.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht feiten 1. en 2. wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat:

1.

hij in de periode van 1 mei 2014 tot en met 10 december 2015 te Leeuwarden in een woning, gelegen aan of bij de [straatnaam] , wapens van categorie II,

te weten vuurwapens, te weten:

- een pistoolmitrailleur, van het merk stengun, MkII, wapennummer Q 26123, kaliber 9 x 19 mm, en

- een pistoolmitrailleur, van het merk Cz,Vz61, Skorpion, kaliber 7,65 mm, voorhanden heeft gehad;

2.

hij in de periode van 1 mei 2014 tot en met 10 december 2015 te Leeuwarden in een woning, gelegen aan of bij de [straatnaam]

A. wapens van categorie III, te weten vuurwapens, te weten - een pistool, van het merk Cz, Z, wapennummer B259920, kaliber 6,35 mm, en

- een pistool, van het merk Cz, Z, met een verwijderd wapennummer, kaliber 6,35 mm, en

- een pistool, van het merk Mauser, 1914, wapennummer 246457, kaliber 7,65 mm, en

- een pistool, van het merk Walther, P99, kaliber .380, synoniem 9 mm kort, en

- een revolver, van het merk Nagant, M1895) (wapennummer 52194), kaliber .22 LR,

voorhanden heeft gehad en

B. munitie van categorie III, te weten

- 1 patroon van het kaliber 357 magnum en

- 339 patronen van het kaliber .22 LR en

- 6 patronen van het kaliber 6,35 mm

- 19 patronen van het kaliber 7,65 mm en

- 13 patronen van het kaliber 9 mm Browning kort,

voorhanden heeft gehad.

Verdachte zal van het meer of anders ten laste gelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde levert op:

1. handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het

feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, meermalen gepleegd;

2. handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd

en

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie;

Deze feiten zijn strafbaar nu geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid uitsluiten.

Strafbaarheid van verdachte

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken.

Strafmotivering

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van feit 1. en 2. wordt veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 15 maanden en onttrekking aan het verkeer van de inbeslaggenomen wapens, munitie en administratieve bescheiden. De officier van justitie heeft daarbij gelet op het tijdsverloop en artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht. De officier heeft zich op het standpunt gesteld dat geen sprake is van schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM en er op gewezen dat de zaak op 18 september 2017 al op zitting is geweest en dat de zaak toen is aangehouden voor nader onderzoek op verzoek van de verdediging.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft primair gepleit voor vrijspraak. Subsidiair bij een bewezenverklaring heeft de raadsman gepleit voor een lagere straf dan door de officier van justitie gevorderd. De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat er sprake is van een schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM. Voorts is artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing, heeft verdachte zijn leven op orde en draagt hij zorg voor een inwonende zoon.

Oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van de bewezen en strafbaar verklaarde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek ter terechtzitting, de rapportage van de reclassering van 11 april 2017 en het uittreksel uit de justitiële documentatie, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de verdediging.

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van een grote hoeveelheid (automatische) vuurwapens, waaronder een Stengun en een Skorpion en munitie. Het voorhanden hebben van vuurwapens en bijbehorende munitie brengt grote veiligheidsrisico’s met zich mee. Het ongecontroleerde bezit van (vuur)wapens met munitie verhoogt het risico op levensbedreigende geweldsdelicten. De rechtbank wijst er in dat verband op dat verdachte in 2016 veroordeeld is voor deelname aan een criminele organisatie die tot doel had het invoeren van cocaïne uit het buitenland. Van de handel in verdovende middelen is algemeen bekend dat dit steeds meer gepaard gaat met andere, ook zwaardere vormen van criminaliteit. Het bezit van dergelijke vuurwapens en munitie rechtvaardigt de oplegging van een forse gevangenisstraf.

De rechtbank heeft voor de bepaling van de hoogte van de op te leggen straf gekeken naar de landelijke oriëntatiepunten van het LOVS. Als uitgangspunt wordt daar een gevangenisstraf van 33 maanden gehanteerd voor het bezit van dit aantal (automatische) vuurwapens.

Uit zijn justitiële documentatie blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor vuurwapenbezit. In 2016, na de periode waarin onderhavige feiten zijn gepleegd, is verdachte onherroepelijk veroordeeld tot een gevangenisstraf van 5 jaar. Verdachte is inmiddels voorwaardelijk in vrijheid gesteld.

De raadsman heeft betoogd dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) is overschreden en dat deze overschrijding moet worden verdisconteerd in de strafoplegging.

De rechtbank stelt voorop dat in art. 6, eerste lid, EVRM het recht van iedere verdachte is gewaarborgd om binnen een redelijke termijn te worden berecht. Die termijn vangt aan op het moment dat vanwege de Nederlandse Staat jegens de betrokkene een handeling is verricht waaraan deze in redelijkheid de verwachting kan ontlenen dat tegen hem ter zake van een bepaald strafbaar feit door het openbaar ministerie een strafvervolging zal worden ingesteld.

Als uitgangspunt heeft in deze zaak te gelden dat de behandeling ter terechtzitting dient te zijn afgerond met een eindvonnis binnen twee jaar nadat de redelijke termijn is aangevangen, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden, zoals de ingewikkeldheid van een zaak, de invloed van de verdachte en/of zijn raadsman op het procesverloop en de wijze waarop de zaak door de bevoegde autoriteiten is behandeld.

De rechtbank overweegt met betrekking tot de aanvang van de redelijke termijn en het procesverloop in deze zaak het volgende. De officier van justitie heeft ter terechtzitting aangegeven dat de wapens zijn gevonden tijdens de voorlopige hechtenis en dat hij verdachte daarmee destijds heeft geconfronteerd op een pro forma zitting en hem toen heeft gezegd dat hij daarvoor vervolgd ging worden. De rechtbank begrijpt dat dit ging om de voorlopige hechtenis en een pro forma zitting voorafgaand aan de uitspraak van 24 maart 2016, waarbij verdachte tot vijf jaren gevangenisstraf werd veroordeeld. De rechtbank is van oordeel dat deze mededeling van de officier niet anders gezien kan worden dan een handeling waaraan de verdachte in redelijkheid de verwachting kon ontlenen dat een strafvervolging zou worden ingesteld. De redelijke termijn heeft op dat moment een aanvang genomen en de behandeling ter terechtzitting had binnen twee jaar nadien afgerond moeten zijn met een eindvonnis. Van bijzondere omstandigheden, zoals hiervoor bedoeld, op grond waarvan een langere termijn van de duur van de behandeling van de zaak dan twee jaar gerechtvaardigd zou zijn, is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake. Onderhavig eindvonnis wordt gewezen op 26 februari 2019. Daarmee is de redelijke termijn in ernstige mate, te weten met meer dan een jaar, overschreden.
De rechtbank is van oordeel dat deze overschrijding matiging van de hierna te vermelden op te leggen straf tot gevolg moet hebben.

De rechtbank acht, alles afwegende, in beginsel een gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden, zoals geëist door de officier van justitie passend en geboden, maar zal deze, gelet op de geconstateerde overschrijding van de redelijke termijn matigen tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden.

Inbeslaggenomen goederen

Standpunt van de officier van justitie

Ten aanzien van de in beslag genomen voorwerpen op de beslaglijst d.d. 29 januari 2019 heeft de officier van justitie gevorderd deze te onttrekken aan het verkeer.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft ten aanzien van het beslag geen standpunt ingenomen.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank acht alle in beslag genomen voorwerpen op de beslaglijst d.d. 29 januari 2019 vatbaar voor onttrekking aan het verkeer. Het ongecontroleerde bezit van deze voorwerpen is in strijd met de wet en het algemeen belang.

Toepassing van wetsartikelen

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 36b, 36c, 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26 en 55 van de Wet wapens en munitie, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

Uitspraak

De rechtbank

Verklaart het onder 1. en 2. ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden.

Verklaart onttrokken aan het verkeer de in beslag genomen voorwerpen van de beslaglijst d.d. 29 januari 2019, zijnde:

1. STK Patroon Sellier&Bellot, G647468 / Kaliber: 9 mm

2. 7.00 STK Patroon, G647451 / Kaliber: 7,65 mm

3. 5.00 STK Patroon, G647448 / Kaliber 7,65 mm

4. 7.00 STK Patroon, G647436 / Kaliber 7,65 mm

5. 3.00 STK Patroon, G647420 / Kaliber: 6,3Smm

6. 1.00 STK Patroon, G647413 / Kaliber: 6,35mmm

7. 339.00 STK Patroon, G647227 / Kaliber .22

8. 1.00 STK Patroon, G647223 / Kaliber: 357 magnum

9. 1.00 STK Revolver, NAGANT M1895, G647476 / Kaliber: 7,62 mm

10. 1.00 STK Pistool, WALTHER P99, G647465 /Kaliber: 9mm

11. 1.00 STK Wapen, SKORPION Cz Vz61, G647445 /Pistoolmitrailleur

12. 1.00 STK Pistool 0.00, MAUSER 1914, G647425

13. 1.00 STK Pistool 0.00, CZ Z, G647411 / Kaliber; 6,35mm

14. 1.00 STK Mitrailleur 0.00, STENGUN, G647267

15. 1.00 STK Pistool 0.00, CZ Z, G647414

16. 229.00 STK Munitie, G651246

17. 1.00 STK Schrift, G647251 / Zak met: schrift, agenda, notieblok, papieren

Dit vonnis is gewezen door, mr. G.W.G. Wijnands, voorzitter, mr. M.B. de Wit en mr. H.G. Punt, rechters, bijgestaan door K. de Ruiter, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 26 februari 2019.

Mr. H.G. Punt is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.