Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2019:539

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
15-02-2019
Datum publicatie
15-02-2019
Zaaknummer
7480167 \ CV EXPL 19-510
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Kort geding
Verstek
Inhoudsindicatie

Toewijzing vordering tot ontruiming wegens huurachterstand

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht

Locatie Leeuwarden

zaak-/rolnummer: 7480167 \ CV EXPL 19-510

vonnis van de kantonrechter ex art. 254 lid 5 Rv d.d. 15 februari 2019

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SCHROOR BEHEER BV,

gevestigd te De Wilgen,

eiseres,

gemachtigde: mr. J. Plat, kantoorhoudende te Drachten,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PI-GROEP ZORG BV,

gevestigd te Drachten,

gedaagde,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna Schroor Beheer en Pi-Groep worden genoemd.

1 Procesverloop

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;

- de mondelinge behandeling.

1.2

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Op 9 november 2012 hebben partijen een huurovereenkomst gesloten op grond waarvan Pi-Groep met ingang van 1 januari 2013 het bedrijfspand, gelegen aan Bakboord 1 te Drachten (hierna ook te noemen: het gehuurde) huurt van Schroor Beheer voor een huurprijs van € 2.100,- per maand. Op deze huurovereenkomst zijn de Algemene bepalingen huurovereenkomst kantoorruimte en andere bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:230a BW (hierna: de Algemene bepalingen) van toepassing verklaard.

2.2.

Op grond van artikel 4.10 van de huurovereenkomst dient Pi-Groep de huur bij vooruitbetaling op of vóór de eerste dag van elke maand te voldoen.

2.3.

Sinds oktober 2018 voldoet Pi-Groep niet meer aan haar betalingsverplichtingen uit hoofde van deze huurovereenkomst.

3 Het geschil

3.1.

Schroor Beheer vordert dat de kantonrechter, oordelend in kort geding, bij vonnis voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,

I. Pi-Groep zal veroordelen om binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis, althans binnen een in goede justitie te bepalen andere termijn, het bedrijfspand gelegen aan Bakboord 1 te Drachten met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van Schroor Beheer zijn, zodoende alles wat aard- en nagelvast is, volledig en behoorlijk te verlaten en te ontruimen en met afgifte van de sleutels in lege en behoorlijke staat ter vrije beschikking van Schroor Beheer te stellen en vervolgens verlaten en ontruimd te houden, op straffe van verbeurte van een dwangsom ad € 1.000,00 (zegge: duizend euro) voor iedere dag dat Pi-Groep met deze plicht in gebreke is, alsmede met machtiging van Schroor Beheer om zo nodig de ontruiming op kosten van Pi-Groep te laten uitvoeren;

II. in ieder geval zodanige voorzieningen zal treffen die de kantonrechter mocht vermenen te behoren;

III. Pi-Groep zal veroordelen om aan Schroor Beheer te betalen een bedrag ad € 8.542,35 wegens achterstallige huur tot en met 1 januari 2019, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de respectieve data van verzuim tot aan de dag der algehele voldoening;

IV. Pi-Groep zal veroordelen tot betaling van een bedrag ad € 2.100,00 voor iedere maand dat zij vanaf januari 2019 in gebreke blijft het gehuurde te ontruimen;

V. Pi-Groep te veroordelen om aan Schroor Beheer te betalen een bedrag ad € 802,12 aan buitengerechtelijke incassokosten, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de

respectieve data van verzuim tot aan de dag der algehele voldoening;

VI. Pi-Groep te veroordelen in de kosten van dit geding, waaronder begrepen het verschuldigde griffierecht en het tot aan deze uitspraak begrote bedrag aan salaris

advocaat, te voldoen binnen drie dagen na betekening van het vonnis, en indien

voldoening niet binnen deze termijn plaatsvindt, te vermeerderen met de wettelijke

rente, te rekenen vanaf de datum van het vonnis, althans van de derde dag na de

betekening van het vonnis tot aan de dag van de algehele voldoening;

VII. Pi-Groep te veroordelen in de na de uitspraak vallende kosten (nakosten), voor wat

betreft het salaris van de advocaat (nasalaris) forfaitair berekend op € 131,00 zonder

betekening en verhoogd met € 68,00 in geval van betekening, te voldoen binnen drie

dagen na betekening van het vonnis en indien voldoening niet binnen deze termijn

plaatsvindt, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf de datum van het in deze te wijzen vonnis, althans vanaf de derde dag na betekening van het in deze te wijzen vonnis tot aan de dag van de algehele voldoening.

3.2.

Schroor Beheer heeft -zakelijk weergegeven - het volgende aan haar vordering ten grondslag gelegd. Ondanks daartoe te zijn gesommeerd, heeft Pi-Groep de huur over de maanden oktober 2018 tot en met januari 2019 ad € 8.400,- niet voldaan. Ook heeft zij de gemeentelijke belastingen ad € 142,35 niet voldaan. De totale betalingsachterstand bedraagt derhalve € 8.542,35. Deze achterstand rechtvaardigt ontruiming van het gehuurde. Voorts is Pi-Groep op grond van de Algemene Bepalingen buitengerechtelijke kosten verschuldigd.

4 De beoordeling

4.1.

Bij de dagvaarding zijn de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht genomen, zodat het gevraagde verstek zal worden verleend.

4.2.

Naar het oordeel van de kantonrechter is het spoedeisend belang bij de gevraagde voorzieningen gelet op de onbetwiste stellingen van Schroor Beheer voldoende aannemelijk gemaakt.

4.3.

De onder I gevorderde ontruiming komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal derhalve worden toegewezen. Ten aanzien van de gevorderde dwangsom overweegt de kantonrechter dat een dwangsom ten doel heeft daadwerkelijke nakoming van een veroordeling te verzekeren. De kantonrechter merkt in dit kader op dat Schroor Beheer heeft gesteld dat Pi-Groep in een zeer slechte financiële situatie verkeert.

Gelet hierop lijkt het de kantonrechter voorshands niet zinvol aan Pi-Groep een financiële prikkel tot nakoming op te leggen. De gevorderde dwangsom wordt daarom afgewezen. Ook de gevorderde machtiging van Schroor Beheer om zo nodig de ontruiming op kosten van Pi-Groep te laten uitvoeren, zal worden afgewezen. Deze wijze van ontruiming berust niet op de wet. Artikel 556 lid 1 Rv schrijft voor dat de gedwongen ontruiming geschiedt door een deurwaarder. Onverenigbaar met die regel is dat de rechter Schroor Beheer niettemin zou machtigen om zelf de ontruiming te bewerkstelligen; in zoverre derogeert artikel 556 lid 1 Rv bij ontruimingsbeslissingen aan artikel 3:299 van het Burgerlijk Wetboek (BW).

4.4.

De kantonrechter begrijpt uit de formulering van de vordering onder II dat deze vordering is ingesteld voor het geval de onder I gevorderde ontruiming zou worden afgewezen. Nu de gevorderde ontruiming wordt toegewezen, komt de kantonrechter daarom niet meer toe aan beoordeling van de vordering onder II.

4.5.

De vordering onder III komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal derhalve worden toegewezen. De kantonrechter zal de gevorderde wettelijke rente over de gemeentelijke belastingen toewijzen vanaf de datum van dagvaarding, nu niet gesteld is dat Pi-Groep reeds vanaf een eerdere datum in verzuim zou zijn met de betaling van de gemeentelijke belastingen.

4.6.

De kantonrechter begrijpt de vordering onder IV aldus dat wordt gevorderd Pi-Groep te veroordelen de huurtermijnen vanaf januari 2019 te voldoen tot aan de datum van ontruiming. Deze vordering komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor, zij het dat de vordering niet toewijsbaar is over de periode vanaf januari 2019 maar over de periode na januari 2019, nu in de vordering onder III ook reeds de huur over de maand januari 2019 begrepen is.

4.7.

Ten aanzien van de vordering onder V overweegt de kantonrechter dat deze vordering hem evenmin onrechtmatig of ongegrond voorkomt, zij het dat hem niet duidelijk is wat in die vordering wordt bedoeld met "de respectieve data van verzuim". Het gaat immers om één forfaitair bedrag aan buitengerechtelijke kosten ter zake waarvan Pi-Groep derhalve maar op één datum in verzuim kan raken. Nu geen eerdere datum van verzuim is gesteld, zal de kantonrechter de wettelijke rente toewijzen vanaf de datum van dagvaarding.

4.8.

Pi-Groep zal als de (grotendeels) in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de proceskosten. De proceskosten aan de zijde van Schroor Beheer worden vastgesteld op:

- explootkosten € 81,83

- griffierecht € 121,00

- salaris gemachtigde € 400,00

totaal € 602,83

4.9.

De gevorderde nakosten zijn eveneens toewijsbaar. Deze zullen conform de "Aanbeveling tarieven kort gedingen kantonzaken en handelszaken per 1 januari 2019" van het Landelijk Overleg Voorzitters Civiele sectoren en Kantonsectoren worden begroot op een bedrag van € 100,00 zijnde een half salarispunt van het toe te wijzen salaris van de gemachtigde met een maximum van € 100,00.

4.10.

De vordering om te bepalen dat de proces- en nakosten binnen drie dagen na betekening voldaan moeten worden, zal de kantonrechter eveneens toewijzen. De primair gevorderde wettelijke rente over de proces- en nakosten vanaf de datum van het vonnis is gelet hierop niet toewijsbaar, nu Pi-Groep bij niet-betaling van deze kosten niet reeds vanaf vonnisdatum in verzuim is, maar pas op de vierde dag na betekening van dat vonnis. De subsidiair gevorderde wettelijke rente vanaf de vierde dag na betekening van het vonnis is derhalve wel toewijsbaar.

5 De beslissing

De kantonrechter:

Rechtdoende in kort geding

5.1.

verleent verstek tegen Pi-Groep;

5.2.

veroordeelt Pi-Groep om binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis het bedrijfspand gelegen aan het Bakboord 1 te Drachten met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van Schroor Beheer zijn, zodoende alles wat aard- en nagelvast is, volledig en behoorlijk te verlaten en te ontruimen en met afgifte van de sleutels in lege en behoorlijke staat ter vrije beschikking van Schroor Beheer te stellen en vervolgens verlaten en ontruimd te houden;

5.3.

veroordeelt Pi-Groep om aan Schroor Beheer te betalen een bedrag ad € 8.400,-wegens achterstallige huur over de periode oktober 2018 tot en met 1 januari 2019, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de respectieve data van verzuim tot aan de dag der algehele voldoening;

5.4.

veroordeelt Pi-Groep om aan Schroor Beheer te betalen een bedrag ad € 142,35 wegens achterstallige gemeentelijke belastingen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 januari 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;

5.5.

veroordeelt Pi-Groep tot betaling aan Schroor Beheer van een bedrag van € 2.100,- voor elke maand of gedeelte van een maand dat Pi-Groep na januari 2019 nog gebruik maakt van het in gehuurde tot aan de datum van ontruiming;

5.6.

veroordeelt Pi-Groep om aan Schroor Beheer te betalen een bedrag ad € 802,12 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 januari 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;

5.7.

veroordeelt Pi-Groep in de nakosten ad € 100,-, te betalen binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, bij gebreke waarvan dit bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de vierde dag na de datum van betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;

5.8.

veroordeelt Pi-Groep in de proceskosten, aan de zijde van Schroor Beheer tot op heden vastgesteld op € 602,83, te betalen binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, bij gebreke waarvan dit bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de vierde dag na de datum van betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;

5.9.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

5.10.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Aldus gewezen door mr. R. Giltay, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 februari 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.

c 542