Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2019:2624

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
19-06-2019
Datum publicatie
20-06-2019
Zaaknummer
7830183
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Bij de aanvraag van dit kort geding heeft Wokpaleis Vastgoed niet de verhinderdagen van de wederpartij vermeld. Op de geplande datum was wederpartij verhinderd. Wederpartij heeft om uitstel van de zitting gevraagd om de zitting met zijn advocaat bij te kunnen wonen. Dit uitstel is niet verleend omdat de zaak volgens Wokpaleis vanwege het gevaar voor omwonenden geen uitstel kon dulden. Wat Wokpaleis Vastgoed ten grondslag heeft gelegd aan haar bezwaar tegen uitstel van de zitting en wat de reden is geweest om uitstel te weigeren, blijkt feitelijk onjuist te zijn. Ten tijde van de werkzaamheden van Rodenhuis is de nooduitgang niet geblokkeerd geweest en Wokpaleis Vastgoed heeft niet aannemelijk weten te maken dat wederpartij voor een brandonveilige situatie heeft gezorgd. De kantonrechter bepaalt een datum waarop de behandeling in kort geding kan worden voortgezet in aanwezigheid van wederpartij in persoon.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht

Locatie Leeuwarden

zaak-/rolnummer: 7830183 \ CV EXPL 19-4468

vonnis van de kantonrechter ex artikel 254 lid 5 Rv van 19 juni 2019

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WOKPALEIS VASTGOED B.V.,

gevestigd te Ryptsjerk,

eiseres,

gemachtigde: mr. P.J. Jans,

tegen

1 [gedaagde 1]

wonende te [woonplaats] ,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid RODENA B.V.,

gevestigd te Leeuwarden,

gedaagden,

gemachtigde: mr. T. Binnema.

Eiseres zal hierna Wokpaleis Vastgoed worden genoemd en gedaagden zullen hierna (in enkelvoud mannelijk) [gedaagden] worden genoemd.

1 De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties 1 t/m 10

- de op voorhand door Wokpaleis Vastgoed aan de kantonrechter en de wederpartij toegezonden producties 11a t/m 26

- de op voorhand door [gedaagden] aan de kantonrechter en de wederpartij toegezonden producties 1 t/m 10

- de mondelinge behandeling van 13 juni 2019, ter gelegenheid waarvan Wokpaleis Vastgoed een door haar verstrekte volmacht aan de ter zitting namens haar verschenen [naam gevolmachtigde] in het geding heeft gebracht en ter gelegenheid waarvan (de advocaat van) [gedaagden] een tweetal originele bouwtekeningen heeft getoond en drie producties in het geding heeft gebracht

- de pleitaantekeningen van Wokpaleis Vastgoed

- de pleitaantekeningen van [gedaagden]

1.2

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

2.1.

Wokpaleis Vastgoed vordert, zakelijk weergegeven, dat de kantonrechter bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagden] veroordeelt om tot ontruiming van de onroerende zaak staande en gelegen aan de [adresgegevens] over te gaan met de zijnen en het zijne en om deze onroerende zaak in de oude toestand te (doen) herstellen, een en ander op straffe van het verbeuren van dwangsommen.

2.2.

[gedaagden] voert verweer met conclusie tot niet-ontvankelijkverklaring van Wokpaleis Vastgoed in haar vordering, althans tot afwijzing van die vordering met veroordeling van Wokpaleis Vastgoed in de proceskosten, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

2.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

3 De feiten

3.1.

Wokpaleis Vastgoed is eigenaresse van de onroerende zaak aan de [adresgegevens] (hierna: het pand). Wokpaleis Vastgoed heeft het pand verhuurd aan de vennootschap Wereldrestaurant De Valk B.V. (hierna: Wereldrestaurant De Valk) om te worden gebruikt als restaurant en hotel.

3.2.

In maart 2019 werd het gedeelte van het (door Wereldrestaurant De Valk gehuurde) pand waarin voorheen een hotel was gevestigd niet gebruikt en dat gedeelte stond leeg. Vanaf 28 maart 2019 heeft [gedaagden] aan dit gedeelte van het pand verbouwingswerkzaamheden verricht en/of laten verrichten.

3.3.

Op 29 mei 2019 heeft Wokpaleis Vastgoed bij deze rechtbank een aanvraag gedaan voor een behandeling van een tegen [gedaagden] te voeren kort geding ten overstaan van de kantonrechter.

3.4.

Op 31 mei 2019 hebben medewerkers van Wokpaleis Vastgoed en/of Wereldrestaurant De Valk er zorg voor gedragen dat door [gedaagden] in het pand geplaatste spullen in een buiten gelegen container zijn beland. Ook hebben zij door [gedaagden] in deuren van het pand aangebrachte sloten verwijderd. Nadien heeft [gedaagden] geen verbouwingswerkzaamheden aan het pand meer laten verrichten.

3.5.

Op 3 juni 2019 is aan Wokpaleis Vastgoed bericht dat de datum van het kort geding op 13 juni 2019 is bepaald.

3.6.

Op 5 juni 2019 is de (kortgeding)dagvaarding aan [gedaagden] betekend.

3.7.

Bij faxbericht van 5 juni 2019 heeft de advocaat van [gedaagden] de kantonrechter verzocht om de datum van het kort geding te verplaatsen omdat hem noch [gedaagden] om verhinderdagen is gevraagd en [gedaagden] op 13 juni 2019 is verhinderd.

3.8.

De advocaat van Wokpaleis Vastgoed heeft de kantonrechter bij faxbericht klemmend verzocht om het kort geding op 13 juni 2019 te laten doorgaan. Het faxbericht luidt, voor zover hier van belang:

"Het belang van cliënte, zeker nu gedaagde de onroerende zaak is gaan slopen waarbij:

- vluchtwegen in de onroerende zaak die ook gebruikt worden door het nabijgelegen bejaardentehuis daardoor zijn afgesneden

- de brandmeldinstallatie onklaar is gemaakt door de activiteiten van gedaagde

Het is niet alleen een spoedeisend belang van cliënte maar ook een spoedeisend belang van openbare orde geworden. Ook de veiligheid van derden is in gevaar met name bejaarde mensen en bezoekers van het restaurant dat in de onroerende zaak wordt gedreven."

3.9.

De griffier van deze rechtbank heeft partijen bij brief van 5 juni 2019 laten weten dat het verzoek van (de advocaat van) [gedaagden] wordt afgewezen omdat gelet op de opgegeven verhinderdagen het kort geding niet eerder dan na 24 juni 2019 zou kunnen worden gehouden wat te risicovol wordt geacht gelet op hetgeen door (de advocaat van) Wokpaleis Vastgoed in het bezwaar tegen het verzoek is aangevoerd, zoals hiervoor is geciteerd.

4 De beoordeling

4.1.

Wokpaleis Vastgoed legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagden] zonder recht of titel en daarmee op onrechtmatige wijze verbouwingswerkzaamheden heeft laten verrichten aan het haar in eigendom toebehorende pand aan de [adresgegevens] . [gedaagden] voert tot zijn verweer aan dat hij tot het verrichten van die werkzaamheden gerechtigd was op grond van een met Wokpaleis Vastgoed, althans Wereldrestaurant De Valk gesloten huurovereenkomst.

4.2.

De kantonrechter verwerpt het door [gedaagden] gevoerde verweer dat niet de kantonrechter maar de voorzieningenrechter degene is waarvoor een procedure in kort geding moet worden gevoerd. Omdat [gedaagden] zich op het bestaan van een huurovereenkomst beroept, heeft [gedaagden] naar het oordeel van de kantonrechter geen belang bij dat verweer.

4.3.

De kantonrechter zal eerst bespreken of de zaak inderdaad vanwege het gevaar voor omwonenden geen uitstel kon dulden om [gedaagden] in de gelegenheid te stellen in persoon de zitting bij te wonen.

4.4.

Wokpaleis Vastgoed stelt dat [gedaagden] de hoofdnooduitgang van het pand heeft geblokkeerd door recht voor de deur een afvalcontainer te plaatsen en zand te storten. Ook heeft [gedaagden] de brandmeldinstallatie onklaar gemaakt, aldus Wokpaleis Vastgoed.

[gedaagden] heeft aangevoerd dat hij het hotelgedeelte van het pand heeft opgeknapt en verbeterd ten behoeve van exploitatie. Hij heeft betwist dat in het pand vluchtwegen zijn afgesneden als gevolg van de werkzaamheden. Verder heeft [gedaagden] betwist dat hij en/of degenen die in zijn opdracht werkzaamheden in het pand hebben verricht, de brandmeldinstallatie onklaar hebben gemaakt.

4.5.

Op de zitting zijn foto's getoond, waarop zowel een afvalcontainer als een bult zand is te zien. Beide bevinden zich op zodanige afstand van een uitgang dat van enige blokkade van die uitgang geen sprake is. Het staat niet ter discussie dat de uitgang zoals die op de foto is waar te nemen, de nooduitgang is waarop Wokpaleis Vastgoed doelt. Uit niets blijkt dat er sprake is geweest van meer of andere afvalcontainers en/of bulten zand. Er moet dan ook van worden uitgegaan dat ten tijde van de werkzaamheden van [gedaagden] van enige blokkade van de nooduitgang nooit sprake is geweest. Wat Wokpaleis Vastgoed ten grondslag heeft gelegd aan haar bezwaar tegen uitstel van de zitting en wat de reden is geweest om uitstel te weigeren, blijkt dus feitelijk onjuist te zijn.

4.6.

Wokpaleis Vastgoed heeft daarnaast op de zitting niet aannemelijk weten te maken dat de brandmeldinstallatie onklaar is gemaakt door [gedaagden] en/of personen die in zijn opdracht in het pand werkten. Ter zitting heeft [gedaagden] aangevoerd dat hij de brandinstallatie juist heeft laten controleren en dat hij brandwering heeft aangebracht. Dat is ook aannemelijk, gelet op zijn voornemen om het desbetreffende deel van het pand te gaan exploiteren. Het lag, gelet op de betwisting van [gedaagden] , op de weg van Wokpaleis Vastgoed om aannemelijk te maken dat [gedaagden] desondanks voor een brandonveilige situatie heeft gezorgd. Wokpaleis Vastgoed heeft (als onderdeel van productie 6) een foto in het geding heeft gebracht waarop is te zien dat platen van het systeemplafond zijn verwijderd. Daar blijkt naar het oordeel van de kantonrechter niet uit dat [gedaagden] en/of door hem voor de verbouwing ingeschakelde personen de brandmeldinstallatie onklaar hebben gemaakt. [gedaagden] heeft bovendien in zijn pleitnota een foto afgebeeld waarop een plafond met systeemplafondplaten is te zien. [gedaagden] heeft onbetwist gesteld dat deze foto dateert van 31 mei 2019. Nadien zijn door [gedaagden] geen verbouwingswerkzaamheden meer aan het pand verricht.

4.7.

Nu er, anders dan Wokpaleis Vastgoed heeft voorgewend, geen dringende reden was die zich tegen uitstel van de zitting verzette, zal de kantonrechter een datum bepalen waarop de behandeling in kort geding kan worden voortgezet in aanwezigheid van [gedaagden] in persoon.

4.8.

Aan de omstandigheid dat Wokpaleis in strijd handelde met de op haar rustende, in artikel 21 Rv vastgelegde, waarheidsplicht, verbindt de kantonrechter het gevolg dat Wokpaleis Vastgoed gehouden is om aan [gedaagden] diens volledige kosten te vergoeden voor de behandeling in kort geding tot heden, voor zover die kosten redelijk zijn wat betreft uren en tarief. [gedaagden] kan van die kosten opgave doen ter gelegenheid van de zitting zoals die hierna zal worden bepaald. [gedaagden] dient een afschrift daarvan minstens 24 uur te voren aan de kantonrechter en Wokpaleis Vastgoed te doen toekomen.

4.9.

Aan de hand van de opgegeven verhinderdagen bepaalt de kantonrechter dat dit kort geding zal worden voortgezet op woensdag 26 juni 2019 om 09.15 uur in een van de zittingszalen van deze rechtbank.

4.10.

De kantonrechter houdt iedere verdere beslissing aan.

5 De beslissing

De kantonrechter

5.1.

bepaalt dat de zitting van dit kort geding zal worden voortgezet op

woensdag 26 juni 2019 om 09.15 uur

in een van de zittingszalen van deze rechtbank,

5.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Aldus gewezen door mr. W.J.J. Los, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 juni 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.

fn 100