Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBNNE:2018:855

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
13-03-2018
Datum publicatie
13-03-2018
Zaaknummer
182933 KG ZA 18-71
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Handelen gedaagden onrechtmatig door eisers niet in staat te stellen afscheid te nemen van hun overleden (schoon)moeder? Processuele houding gedaagden noopt tot het geven van verstrekkende voorzieningen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling privaatrecht

Locatie Groningen

zaaknummer / rolnummer: C/18/182933 / KG ZA 18-71

Vonnis in kort geding van 13 maart 2018

in de zaak van

1 [eiseres sub 1] ,

2. [eiser sub 2],

die wonen in [naam plaats] ,

eisers,

advocaat mr. J.L. Noordhof, die kantoor houdt in Groningen,

tegen

1 [gedaagde sub 1] ,

2. [gedaagde sub 2],

die wonen in [naam plaats] ,

gedaagden,

die in persoon zijn verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 12 maart 2018;

  • -

    de mondelinge behandeling van 13 maart 2018.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

De voorzieningenrechter gaat bij de beoordeling van het geschil uit van de volgende feiten.

2.2.

Op 9 maart 2018 is in Groningen mevrouw [naam overledene] overleden. Zij is de moeder van [eiseres sub 1] en [gedaagde sub 1] en de schoonmoeder van [eiser sub 2] en [gedaagde sub 2] , de partijen in dit kort geding.

2.3.

De moeder heeft bij testament verleden op 5 januari 2018, over haar nalatenschap beschikt, maar in haar testament niet haar wil tot uitdrukking gebracht met betrekking tot haar uitvaart en de kring van personen die daar bij al dan niet aanwezig mogen zijn. De moeder heeft nadat zij bij testament over haar nalatenschap heeft beschikt niet meer bij codicil vorenbedoelde wil tot uitdrukking gebracht.

2.4.

Gedaagden hebben eisers schriftelijk geïnformeerd over het overlijden van de moeder. Gedaagden hebben een uitvaartverzorger - Yarden - opdracht gegeven tot het verzorgen van de uitvaart en crematie van de moeder.

2.5.

Gedaagden hebben aan eisers geen informatie willen geven over de uitvaart, de datum en tijd van de crematie. Zij hebben aan Yarden opdracht gegeven daarover geen informatie te verstrekken en aan eisers de toegang tot de uitvaart en crematie te weigeren. Tijdens de behandeling van het kort geding zijn gedaagden weigerachtig gebleken om hierover enige informatie aan de voorzieningenrechter te geven.

3 Het geschil

3.1.

Eisers vorderen, verkort weergegeven, een met dwangsommen versterkte veroordeling van gedaagden om informatie te verstrekken over het tijdstip en de plaats van de uitvaart, om gedaagden toegang en gelegenheid te geven om de uitvaart bij te wonen en aan hen de mogelijkheid te geven om afscheid van de moeder te nemen, één en ander zoals nader in de dagvaarding nader is omschreven. Eisers vorderen verder dat aan hen toestemming wordt gegeven de hulp van de sterke arm in te schakelen ten tijde van het nemen van afscheid en de uitvaart, als blijkt dat gedaagden zich niet houden aan de in dit kort geding te geven voorzieningen.

3.2.

Gedaagden voeren een verweer dat strekt tot afwijzing van de vorderingen.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

In dit kort geding zijn geen feiten gesteld of overigens gebleken die kunnen rechtvaardigen dat eisers de mogelijkheid mag worden ontnomen om afscheid te nemen van de (schoon)moeder. Voor zover gedaagden hen die mogelijkheid wel ontnemen, handelen zij onrechtmatig. Gelet op de onomkeerbare gevolgen die het heeft wanneer eisers de mogelijkheid wordt ontnomen om afscheid te nemen, zijn de voorzieningen zoals die in het dictum worden gegeven, passend en noodzakelijk om te borgen dat afscheid kan worden genomen.

4.2.

Gedaagden hebben ieder voor zich volhardt in hun weigering om aan de voorzieningenrechter informatie te geven over de plaats waar de moeder is opgebaard, haar uitvaart en de mogelijkheid voor de eisers om afscheid van de moeder te kunnen nemen. De voorzieningenrechter verbindt hieraan de gevolgen die hem geraden voorkomen. Die gevolgen zijn dat om eisers in de gelegenheid te stellen om afscheid te nemen van de (schoon)moeder ook een met aanzienlijke dwangsommen verstrekte veroordeling noodzakelijk is om het hiervoor bedoelde afscheid mogelijk te maken. Gelet op de houding die gedaagden ter zitting tegenover de voorzieningenrechter hebben ingenomen en die hem hebben belet om kennis te nemen van de voor de te nemen beslissing relevante feiten, is het passend en geboden dat ook een aanzienlijke dwangsom wordt opgelegd om te borgen dat vorenbedoelde informatie wordt gegeven en zal bovendien de verzochte toestemming om de hulp van de sterke arm in te schakelen worden verleend.

4.3.

Voor zover voorzieningen worden gevorderd die ertoe strekken dat eisers ook bij de uitvaart en/of crematie aanwezig zullen zijn, worden de voorzieningen geweigerd. Daarvoor is redengevend dat de verstandhouding tussen partijen ernstig is verstoord en zich te zeer de mogelijkheid opdringt dat de gelijktijdige aanwezigheid van alle kinderen en hun echtgenoten aan een waardige uitvaart in de weg staan. De voorzieningenrechter laat hierbij in het midden of en zo ja aan wie van partijen in overwegende mate een verwijt kan worden gemaakt van de verstoorde verstandhouding.

4.4.

Gedaagden zullen als de in overwegende mate in het ongelijk te stellen partijen worden veroordeeld in de op de gebruikelijke wijze te begroten kosten van deze procedure.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

1. veroordeelt ieder van de gedaagden om binnen een half uur na betekening van dit vonnis aan mr. Noordhof (bezoekadres: Zuiderkuipen 8, (9711 HR) Groningen, e-mail: info@noordhofadvocatuur.nl, telefoon: 050-5005000) in kennis te stellen van de plaats en het adres waar eisers afscheid kunnen nemen van de moeder,

2. veroordeelt ieder van de gedaagden om hedenmiddag van 13:00 tot 14:00 uur, eisers
zonder aanwezigheid van familie of anderen afscheid te laten nemen van de moeder,

3. veroordeelt ieder van de gedaagden om morgenochtend van 9:00 tot 10:00 uur, eisers
zonder aanwezigheid van familie of anderen afscheid te laten nemen van de moeder,

4. veroordeelt ieder van de gedaagden tot betaling van een dwangsom van
€ 50.000,00 (zegge: vijftigduizend euro) aan eisers, voor iedere overtreding van de onder 1,2 en 3 gegeven veroordelingen,

5. machtigt eisers om de hulp van de sterke arm in te schakelen wanneer zij op welke
wijze dan ook worden gehinderd in de mogelijkheid om afscheid te nemen,

6. veroordeelt gedaagden in de proceskosten die aan de zijde van eisers tot op heden
worden begroot op € 98,01 aan explootkosten, € 291,00 aan verschotten en
€ 816,00 aan salaris advocaat,

6. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

7. wijst af wat meer of anders is gevorderd.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.R. Tromp en in het openbaar uitgesproken op 13 maart 2018